Regeling vervallen per 15-04-2026

Subsidieregeling voor vrijwilligersorganisaties Pijnacker-Nootdorp 2026

Geldend van 08-04-2026 t/m 14-04-2026

Intitulé

Subsidieregeling voor vrijwilligersorganisaties Pijnacker-Nootdorp 2026

Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp;

gezien het advies van het domein Samenleving d.d. 24 maart 2026;

gelet op artikel 3, eerste lid van de Algemene Subsidieverordening gemeente Pijnacker-Nootdorp 2026;

besluit vast te stellen de volgende regeling:

Subsidieregeling voor vrijwilligersorganisaties Pijnacker-Nootdorp 2026

Artikel 1 – Definities

  • evenement: tijdelijke gebeurtenis die verplaatsbaar is en waarbij muziek, kunst, cultuur, sport of een combinatie van deze centraal staat. Een evenement is publiek toegankelijk;

  • incidentele activiteit: activiteit die eenmalig is of sporadisch, bijvoorbeeld eenmaal per jaar, wordt georganiseerd;

  • structurele activiteit: activiteit die op regelmatige basis, bijvoorbeeld wekelijks of maandelijks, wordt georganiseerd;

  • kwetsbare inwoners: inwoners van Pijnacker-Nootdorp die (tijdelijk) niet zelfstandig (niet op eigen kracht) of niet met behulp van hun omgeving (eigen sociale netwerk) actief kunnen meedoen in de samenleving;

  • contributiebijdrage: geldelijke bijdrage van een lid voor een vereniging.

Artikel 2 – Doelstelling en doelgroepen subsidieregeling

  • a.

    Het stimuleren en faciliteren van evenementen die bijdragen aan de versterking van de sociale samenhang in de gemeente.

  • b.

    Het stimuleren en faciliteren van incidentele https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR601326/2 en structurele activiteiten die bijdragen aan het deelnemen aan, versterken of opbouwen van sociale netwerken rondom de volgende doelgroepen:

    • jeugd van 0 tot en met 23 jaar;

    • mensen met een beperking;

    • kwetsbare inwoners.

Artikel 3 – Aanvrager

Subsidie kan worden aangevraagd door vrijwilligersorganisaties met rechtspersoonlijkheid die lokaal actief zijn en activiteiten en/of evenementen organiseren en aanbieden voor inwoners van Pijnacker-Nootdorp.

Artikel 4 – Indieningdatum en inhoud subsidieaanvraag voor structurele activiteiten

Een subsidieaanvraag voor structurele activiteiten (dat wil zeggen: per kalender- of boekjaar) dient uiterlijk 1 april van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd, volledig te worden ingediend bij het college van Burgemeester en Wethouders van Pijnacker-Nootdorp, ter attentie van het team Maatschappelijk Beleid, Postbus 1, 2640 AA te Pijnacker. De aanvraag van de subsidie omvat in elk geval:

  • a.

    Een activiteitenplan, waarin opgenomen is:

    • een omschrijving van de activiteiten;

    • de doelgroep(en) waarop de activiteiten gericht zijn.

  • b.

    De volgende, door de Algemene Ledenvergadering goedgekeurde, financiële gegevens;

    • een begroting voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

    • een jaarrekening van het jaar, voorafgaande aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd, inclusief een balans van schulden en bezittingen;

    • een opgave van aangevraagde subsidies bij andere organisaties en stand van zaken daarvan;

    • een overzicht van de contributies, eigen bijdragen of tarieven voor het jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

    • een overzicht van het aantal leden / deelnemers (dat voor subsidie in aanmerking komt) per 31 december van het jaar voorafgaande aan het jaar waarin subsidie wordt aangevraagd.

  • c.

    Een communicatieplan, waarin opgenomen is;

    • op welke wijze de activiteit breed onder de aandacht wordt gebracht bij de doelgroep(en) onder alle inwoners van de gemeente Pijnacker-Nootdorp;

    • een beschrijving van de manier waarop deelnemers/bezoekers worden geworven.

  • d.

    Het onder sub b genoemde vereiste van de door de Algemene Ledenvergadering goedgekeurde, financiële gegevens is slechts van toepassing, wanneer dit in de statuten van de aanvragende organisatie is geregeld. Het indienen van de onder sub b gevraagde financiële gegevens blijft onverminderd van toepassing.

Uit de financiële gegevens moet blijken welke inkomsten en uitgaven toe te rekenen zijn aan de doelgroep(en) waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

Artikel 5 – Indieningdatum en inhoud subsidieaanvraag voor incidentele activiteiten en evenementen

Een subsidieaanvraag voor incidentele activiteiten en evenementen dient minimaal acht weken voorafgaand aan de activiteit(en) te worden ingediend bij het college van Burgemeester en Wethouders van Pijnacker-Nootdorp, ter attentie van het team Maatschappelijk Beleid, Postbus 1, 2640 AA te Pijnacker. De aanvraag van de subsidie omvat in elk geval:

  • a.

    Een activiteitenplan, waarin opgenomen is:

    • een omschrijving van de activiteiten en de eventuele doelgroep(en) waarop de activiteiten gericht zijn;

    • de start- en de einddatum van de activiteiten;

    • het verwachte aantal deelnemers aan / bezoekers van de activiteiten;

    • een beschrijving van de wijze waarop de activiteiten bijdragen aan de doelstelling van deze regeling.

  • b.

    Een begroting, waarin opgenomen is;

    • een specificatie van de inkomsten en uitgaven, inclusief de bijdragen van derden, deelnemers en bezoekers. Wanneer de activiteiten gericht zijn op (één van) de genoemde doelgroepen, moet uit de financiële gegevens blijken welke inkomsten en uitgaven aan deze doelgroepen toe te rekenen zijn.

  • c.

    Een promotieplan, waarin opgenomen is;

    • op welke wijze de activiteit onder de aandacht wordt gebracht;

    • een beschrijving van de manier waarop deelnemers / bezoekers worden geworven.

Artikel 6 – Toetsingscriteria bij zowel structurele als incidentele activiteiten en evenementen

De aanvragen worden getoetst aan onderstaande criteria:

  • 1.

    De activiteiten passen binnen de doelstelling van de regeling zoals genoemd in artikel 2;

  • 2.

    De activiteiten worden voornamelijk georganiseerd door vrijwilligers;

  • 3.

    Minimaal 50% van de kosten wordt gedekt door cofinanciering of eigen inkomsten;

  • 4.

    Met de activiteiten wordt bijgedragen aan:

    • a.

      het versterken van de algemene (gemeenschappelijke) sociale basis, zoals genoemd in de Visie op een veerkrachtig sociaal domein 2024; en/of

    • b.

      het bereiken van de doelstelling, zoals opgenomen in programma 6 ‘Collectieve voorzieningen’ van de programmabegroting van de gemeente Pijnacker-Nootdorp.

Artikel 7 – Wijze van toekenning, verantwoording en vaststelling

  • 1. Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om subsidie als bedoeld in artikel 4 uiterlijk op 1 juli van het jaar waarin de aanvraag is ingediend.

  • 2. Burgemeester en wethouders beslissen op een aanvraag om subsidie als bedoeld in artikel 5 binnen acht weken nadat de volledige aanvraag is ingediend.

  • 3. Subsidies tot en met € 10.000 worden door burgemeester en wethouders direct vastgesteld.

  • 4. De subsidieontvanger dient uiterlijk twaalf weken nadat de activiteiten zijn verricht een verantwoording in waaruit blijkt dat de activiteiten zijn uitgevoerd. Afspraken over de wijze van verantwoording kunnen worden opgenomen in de verleningsbeschikking.

  • 5. In geval van verlening van een subsidie van ten hoogste € 10.000 wordt een voorschot verstrekt ter hoogte van de verleende subsidie.

  • 6. Bij subsidies van meer dan € 10.000, maar ten hoogste € 50.000 dient de subsidieontvanger uiterlijk twaalf weken nadat de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht, een aanvraag tot vaststelling in. De aanvraag bevat:

    • a.

      een inhoudelijk verslag waaruit blijkt in hoeverre de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht;

    • b.

      een overzicht van de gesubsidieerde activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening);

    • c.

      een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop.

  • 7. Burgemeester en wethouders stellen de subsidie als bedoeld in lid 6 vast binnen dertien weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling. Deze termijn kan eenmaal voor ten hoogste vijf weken worden verdaagd.

Artikel 8 – Maximale subsidiebijdrage

  • 1. De subsidiebijdrage voor een incidentele activiteit of evenement kan nooit hoger zijn dan € 10.000;

  • 2. Het te subsidiëren bedrag per lid van de aanvragende organisatie kan nooit hoger zijn dan 50% van de eigen contributiebijdrage per lid aan de activiteiten;

  • 3. Wanneer geen sprake is van leden en daarom ook niet van een eigen contributiebijdrage, kan het te subsidiëren bedrag nooit hoger zijn dan 50% van de totale inkomsten (exclusief subsidie) van de activiteit of het evenement waarvoor subsidie wordt aangevraagd;

  • 4. Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het eerste, tweede en derde lid besluiten een andere subsidiebijdrage toe te kennen.

Artikel 9 – Verdeelwijze

  • 1. Wanneer op 1 juli, na beoordeling van alle compleet ingediende subsidieaanvragen voor structurele activiteiten, blijkt dat het verdeelplafond voor structurele activiteiten ontoereikend is, dan wordt het verdeelplafond evenredig verdeeld onder de aanvragers;

  • 2. Een overschot van het onder lid 1 genoemde verdeelplafond dat na beoordeling en toekenning van alle aanvragen overblijft, wordt toegevoegd aan het verdeelplafond voor incidentele activiteiten en evenementen;

  • 3. Aanvragen voor incidentele activiteiten en evenementen worden op volgorde van binnenkomst in behandeling genomen;

  • 4. Dreigt het verdeelplafond voor incidentele activiteiten en evenementen op enige dag te worden overschreden en er is meer dan één aanvraag, dan vindt rangschikking van de op die dag binnengekomen volledige subsidieaanvragen plaats door middel van loting;

  • 5. De onder lid 4 genoemde loting wordt uitgevoerd door één van de domeindirecteuren van de gemeente Pijnacker-Nootdorp in aanwezigheid van de betreffende aanvragers en schriftelijk vastgelegd, waarbij de aanvragen worden gerangschikt op volgorde van trekking en de eerst getrokken aanvraag als eerste in aanmerking komt voor subsidie en de laatst getrokken aanvraag als laatste;

  • 6. De subsidie wordt verdeeld over de aanvragen die opeenvolgend zijn in de rangschikking.

Artikel 10 – Overgangsbepalingen

Besluiten op aanvragen voor subsidies die zijn ingediend voor de inwerkingtreding van deze subsidieregeling worden aangehouden totdat de regeling in werking is getreden.

Artikel 11 – Inwerkingtreding

Deze subsidieregeling treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Artikel 12 – Slotbepalingen

Op onderwerpen waarin deze regeling niet voorziet, zijn de bepalingen van de Algemene Subsidieverordening gemeente Pijnacker-Nootdorp 2026 van toepassing.

Artikel 13 – Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling voor vrijwilligersorganisaties Pijnacker-Nootdorp 2026.

Ondertekening

Vastgesteld in de vergadering van 24 maart 2026.

het college van Pijnacker-Nootdorp,

Annelies Kroeskamp

Björn Lugthart

Secretaris

Burgemeester

Toelichting

Volgens artikel 6, het vierde lid, moet met de gesubsidieerde activiteiten worden bijdragen aan:

  • het versterken van de algemene (gemeenschappelijke) sociale basis, zoals genoemd in de Visie op een veerkrachtig sociaal domein 2024 en/of

  • het bereiken van de doelstelling, zoals opgenomen in programma 6 ‘Collectieve voorzieningen’ van de programmabegroting van de gemeente Pijnacker-Nootdorp.

Het gaat om het volgende:

Visie op een veerkrachtig sociaal domein 2024 ‘Samen gereed voor de toekomst’.

In deze visie gaat het onder andere om het versterken van de algemene (gemeenschappelijke) sociale basis. De algemene (gemeenschappelijke) sociale basis gaat over de meer informele netwerken. Denk hierbij aan sportclubs, culturele organisaties, jeugdverenigingen, ouderensociëteiten of kaart- en biljartclubs. Maar ook over bewonersverenigingen of wijk- en buurtcomités. Vrijwillige inzet van inwoners voor verenigingen en organisaties valt hier ook onder. Met het financieel ondersteunen (lees = subsidiëren) van activiteiten, wordt bijgedragen aan het versterken van de algemene sociale basis.

Programma 6 – Collectieve voorzieningen

Doelstelling:

‘Vrij toegankelijke voorzieningen voor iedereen die bijdragen aan de ontwikkeling, participatie en zelfredzaamheid van inwoners’.

Waar gaat het om?

  • Het gaat om algemene activiteiten en diensten, waarmee we zoveel mogelijk willen voorkomen dat onze inwoners een beroep moeten doen op individuele voorzieningen. Of die daarop juist een aanvulling zijn. Collectieve voorzieningen zijn van belang voor preventie, het vroeg signaleren van problemen en het benutten van de eigen mogelijkheden van inwoners.

  • We willen bereiken dat inwoners zo zelfstandig mogelijk kunnen meedoen in de samenleving, zich daarin kunnen ontwikkelen en zich inzetten voor de medemens en de maatschappij.

  • Met het faciliteren van culturele- en sportieve voorzieningen en activiteiten en het investeren daarin, dragen we bij aan ontmoeting en verbinding, waardoor inwoners kunnen meedoen aan de samenleving en daaraan ook een bijdrage kunnen leveren.