Subsidieregeling instandhouding gemeentelijke monumenten

Geldend van 08-01-2026 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling instandhouding gemeentelijke monumenten

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijkerk;

gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening 2014 en titel 4.2 van Algemene wet bestuursrecht;

besluit vast te stellen:

Subsidieregeling instandhouding gemeentelijke monumenten

Artikel 1: Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • -

    Aanvrager: de particuliere eigenaar van een gemeentelijk monument in de gemeente Nijkerk;

  • -

    Asv: Algemene Subsidieverordening gemeente Nijkerk;

  • -

    Awb: Algemene wet bestuursrecht;

  • -

    college: het college van burgemeester en wethouders van Nijkerk;

  • -

    eigenaar: in de zin van Boek 5 Burgerlijk Wetboek die het recht van eigendom bezit;

  • -

    gemeentelijk monument: een object dat - op het moment dat met de te subsidiëren activiteiten een aanvang wordt gemaakt - door burgemeester en wethouders is aangewezen als gemeentelijk monument en in geschreven staat in het gemeentelijk monumentenregister.

  • -

    in stand houden: werkzaamheden, die noodzakelijk zijn om een monument wind- en waterdicht, alsmede in goede staat te houden en die gericht zijn op het handhaven en herstellen van een bouw- en cultuurhistorisch verantwoorde staat van een monument;

  • -

    haalbaarheidsonderzoek: onderzoek om inzicht te krijgen in de kosten van herstel, verbetering, al of niet in combinatie met het nagaan van de mogelijkheden van een sluitende exploitatie na restauratie; een en ander mede met het oog op beoordeling of een restauratie zinvol is;

  • -

    monumentenglas: vensterglas met als voornaamste functie een isolerende werking, zonder de uitstraling van een monument aan te tasten.

  • -

    na-isoleren: het aanbrengen van vloerisolatie, dakisolatie, muurisolatie of het vervangen van bestaand glas door warmte-isolerend monumentenglas.

  • -

    onderhoud: werkzaamheden noodzakelijk om een monument in goede staat te houden c.q. als zodanig in stand te houden en/of om toekomstig groot onderhoud en kostbare restauraties te voorkomen of te verminderen.

  • -

    onderzoek: haalbaarheidsonderzoek, bouwhistorisch onderzoek, bouwtechnisch onderzoek, kleurhistorisch onderzoek of verduurzamingsonderzoek.

  • -

    Particuliere eigenaar: een natuurlijke persoon die een (gedeelte van een) gemeentelijk monument in eigendom heeft, of ten aanzien waarvan hij een ander zakelijk recht heeft. Wanneer sprake is van een gedeeld zakelijk recht (zoals gedeelde eigendom of een gedeeld appartementsrecht), dan worden die eigenaren of rechthebbenden tezamen als de particuliere eigenaar aangemerkt;

  • -

    restaureren: conform de uitvoeringsrichtlijnen van de Stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg (ERM) uitvoeren van werkzaamheden tot opheffing van bouwtechnische gebreken noodzakelijk voor de instandhouding van de cultuurhistorische waarden van een monument en/of specialistische werkzaamheden die normaal onderhoud overstijgen;

Artikel 1A: Doel

Deze subsidieregeling heeft als doel om particuliere eigenaren te ondersteunen bij de instandhouding en na-isolatie van hun gemeentelijk monument.

Artikel 2: Subsidiabele activiteiten

Het college verstrekt uitsluitend subsidie voor de volgende activiteiten:

  • 1.

    het in stand houden van een gemeentelijk monument in de gemeente Nijkerk;

  • 2.

    het treffen van de volgende na-isolerende maatregelen ten aanzien van een gemeentelijk monument in de gemeente Nijkerk;

    • a.

      het aanbrengen van vloerisolatie;

    • b.

      het aanbrengen van dakisolatie, waarbij isolatie van de vloer van niet-verwarmde vliering wordt beschouwd als dakisolatie;

    • c.

      het aanbrengen van muurisolatie;

    • d.

      het vervangen van bestaand glas door warmte-isolerend monumentenglas.

  • 3.

    het uitvoeren van één of meer relevante onderzoeken, te weten een haalbaarheidsonderzoek, een bouwhistorisch onderzoek, kleurhistorisch onderzoek, bouwtechnisch onderzoek of verduurzamingsonderzoek.

Artikel 3: Subsidiabele kosten

  • 1. Voor artikel 2 wordt subsidie uitsluitend verstrekt in verband met kosten die:

    • a.

      directe materiaal- en uitvoeringskosten alsmede de daarover verschuldigde BTW voor zover deze niet terugvorderbaar is;

    • b.

      redelijkerwijs nodig zijn voor het uitvoeren van de subsidiabele activiteiten.

  • 2. Niet voor subsidie in aanmerking komende kosten zijn:

    • a.

      leges voor aanvragen van een omgevingsvergunning.

Artikel 4: Subsidiebedrag

  • 1. Subsidie in de kosten van in stand houden van cultuurhistorische waarden en na-isolatie bedraagt ten hoogste 20% van het totaal van de door het college subsidiabel geachte kosten tot een maximumsubsidie van € 5.000,--. Dit op basis van de gegevens zoals genoemd in art. 7, lid 2 onder a.

  • 2. Subsidie in de kosten van een haalbaarheidsonderzoek, bouwhistorisch onderzoek, kleurhistorisch onderzoek, bouwtechnisch onderzoek of verduurzamingsonderzoek bedraagt maximaal 50% van de door het college subsidiabel geachte kosten, tot een maximum van € 750,--.

  • 3. Wanneer een aanvraag gedaan wordt door een Vereniging van Eigenaren kan maximaal € 5.000 vermenigvuldigd met de hoeveelheid aangesloten adressen aangevraagd worden, met een maximum van het totaal toe te kennen subsidiebedrag van € 20.000.

Artikel 5: Subsidieplafond

  • 1. Het college stelt het subsidieplafond vast op € 50.000,- per kalenderjaar.

  • 2. Het college kan bij afzonderlijk besluit vastleggen dat het subsidieplafond voor een jaar verhoogd wordt.

  • 3. Als het totaal van de te verlenen subsidie lager is dan het voor deze subsidieregeling beschikbare subsidieplafond in een kalenderjaar, dan kan het ontstane overschot worden toegevoegd aan het subsidieplafond voor het daaropvolgende kalenderjaar. Het college stelt dit bij afzonderlijk besluit vast.

  • 4. De subsidieaanvragen worden behandeld op volgorde van ontvangst, waarbij alleen volledige subsidieaanvragen in behandeling worden genomen.

  • 5. Als de aanvrager volgens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van ontvangst van de aanvraag de datum waarop de aangevulde aanvraag is ontvangen.

  • 6. Als het vastgestelde subsidieplafond dreigt te worden overschreden of wordt overschreden als gevolg van het aantal aanvragen dat op dezelfde dag wordt ontvangen, worden de aanvragen die op die dag ontvangen zijn, op volgorde van binnenkomst behandeld.

  • 7. De provincie Gelderland kan jaarlijks budget beschikbaar stellen voor de instandhouding van gemeentelijke monumenten (de zogenoemde koppelsubsidie). In dat geval wordt het subsidiebedrag dat vanuit de gemeente is toegekend, verhoogd door de provincie met een jaarlijks vastgesteld percentage.

Artikel 6: Subsidieontvanger

  • 1. Een particuliere eigenaar kan per kalenderjaar maximaal één subsidieaanvraag indienen, voor één monument of ensemble op één adres.

  • 2. Indien particuliere eigenaren zijn verenigd in een Vereniging van Eigenaren (VvE), kan de VvE namens hen een gezamenlijke aanvraag indienen voor het gehele pand.

Artikel 7: Aanvraag

  • 1. Een aanvraag wordt ingediend via het daarvoor bestemde digitale aanvraagformulier.

  • 2. In aanvulling op artikel 6, tweede lid, van de ASV 2014 worden bij de subsidieaanvraag tenminste de volgende gegevens en stukken overlegd:

    • a.

      een gespecificeerde begroting/prijsopgave van de kosten, met daarbij een specificatie van de uren en de materialen;

    • b.

      een (technische) werkomschrijving of een bestek (hoe ingrijpender de werkzaamheden, hoe specifieker de werkomschrijving) waarbij duidelijk is wat de bestaande situatie en de nieuw toestand is;

    • c.

      de naam en het adres van de aannemer of diegene, die met het uitvoeren van de werkzaamheden is belast. Indien werkzaamheden zelf worden uitgevoerd, dient dit ook vermeld te worden;

    • d.

      Indien een omgevingsvergunning noodzakelijk is voor het verrichten van de werkzaamheden dient de aanvrager in het bezit te zijn van de noodzakelijke omgevingsvergunning op het moment van aanvragen van de subsidie.

Artikel 8: Aanvraagtermijn

Een aanvraag kan, in afwijking van artikel 7 ASV, gedurende het gehele kalenderjaar worden ingediend.

Artikel 9: Beslistermijn

  • 1. In afwijking van artikel 8, derde lid ASV, wordt binnen 12 weken besloten op een volledige aanvraag.

  • 2. Deze termijn kan eenmaal met twee weken worden verlengd.

Artikel 10: Weigeringsgronden

In aanvulling op artikel 9, eerste lid, van de ASV 2014, weigert het college een subsidie te verlenen voor de activiteit zoals in genoemd in artikel 3 als:

  • 1.

    reeds begonnen is met de activiteiten waarvoor subsidie is gevraagd voordat een aanvraag tot subsidieverlening is ingediend;

  • 2.

    wanneer het subsidieplafond nadert en de laatste aanvraag het budget overschrijdt, kan niet het gehele subsidiebedrag worden toegekend, maar slechts het bedrag dat resteert van het subsidieplafond. Dit betekent dat niet het gehele subsidiebedrag wordt toegekend.

  • 3.

    voor zover de te subsidiëren werkzaamheden op grond van een verzekeringsovereenkomst zijn gedekt;

  • 4.

    als het gemeentelijk monument in het bezit is van een rechtspersoon, de staat, gemeenten of provincies;

  • 5.

    de aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds subsidie is verleend onder deze subsidieregeling;

  • 6.

    als een benodigde omgevingsvergunning niet verleend is;

  • 7.

    als de aanvrager activiteiten zal ontplooien waarbij erfgoedwaarden verloren kunnen gaan.

Artikel 11: Bijzondere verplichtingen

  • 1. In aanvulling op artikel 11 en 12 van de ASV 2014 zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden:

    • a.

      De uitvoering van de werkzaamheden dient conform de nadere regels te zijn voltooid binnen 24 maanden na dagtekening van de beschikking tot subsidieverlening, tenzij een verzoek om uitstel is ingediend.

    • b.

      De subsidieontvanger dient het object met cultuurhistorische waarde in goede staat van onderhoud te houden en dient deze voldoende te verzekeren en verzekerd te houden tegen water-, brand-, storm- en bliksemschade.

    • c.

      De werkzaamheden worden uitgevoerd conform de “Uitvoeringsrichtlijnen stichting Erkende Restauratiekwaliteit Monumentenzorg en de Provinciale Uitvoeringsvoorschriften Duurzame Instandhouding Cultuurhistorische Waarden”.

    • d.

      De werkzaamheden worden uitgevoerd overeenkomstig de aanvraag. Het college kan tussentijds toestemming verlenen van de aanvraag af te wijken, mits nog niet met de werkzaamheden overeenkomstig de gewijzigde aanvraag is begonnen.

  • 2. De termijn zoals genoemd in het eerste lid, onder a, kan door het college op verzoek worden verlengd indien het college dit uitstelverzoek binnen de genoemde termijn ontvangt.

Artikel 12: Voorschot

In afwijking van artikel 13, derde lid ASV, wordt bij subsidieverlening geen voorschot verstrekt.

Artikel 13: Subsidievaststelling

  • 1. In aanvulling op artikel 13, tweede lid van de ASV worden binnen 4 weken nadat de activiteiten waarvoor de subsidie is verstrekt zijn afgerond de volgende inlichtingen overlegd:

    • a.

      een factuur of facturen die verband houden met de uitgevoerde activiteit of activiteiten uit Artikel 2 inclusief betaalbewijzen;

    • b.

      een fotoverslag.

  • 2. Subsidies die zijn verleend worden vastgesteld 8 weken nadat de gevraagde inlichtingen zijn verstrekt.

  • 3. Na vaststelling van de subsidie vindt de betaling plaats op een bankrekening die op naam staat van de aanvrager.

Artikel 14. Hardheidsclausule

  • 1. Het college kan, in bijzondere gevallen, een of meerdere artikelen van deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

  • 2. Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit.

Artikel 15: Inwerkingtreding

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het elektronisch gemeenteblad en treedt met ingang van 1 september 2025 in werking.

Artikel 16: Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: “Subsidie instandhouding gemeentelijke monumenten Nijkerk”.

Ondertekening

Aldus besloten in de collegevergadering van 16 juni 2025

Burgemeester en wethouders van Nijkerk,

de secretaris,

de heer drs. J.G. de Jager

de burgemeester,

mevrouw T.T.E. de Jonge-Ruitenbeek

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 4

In een aanvraag kunnen meerdere subsidiabele activiteiten tezamen worden genomen. Zo kan in een aanvraag subsidie worden aangevraagd voor zowel het plaatsen van monumentenglas als het schilderen van het houtwerk. Wanneer deze activiteiten respectievelijk € 20.000 en € 10.000 kosten, zijn de totale subsidiabele kosten € 30.000. Het toe te kennen bedrag is 20% van € 30.000 met een maximum van € 5.000. De 20% overschrijdt het maximum toe te kennen subsidiedrag waardoor het toe te kennen bedrag uitkomt op € 5.000.

Bij een aanvraag door een Verenging van Eigenaren, die meerdere eigenaren en adressen vertegenwoordigt in een monumentaal pand, is het maximale toe te kennen subsidiebedrag € 5.000 vermenigvuldigd met het aantal vertegenwoordigde adressen in het monumentale pand, met een maximum van € 20.000. Dit maximum is ingesteld om te voorkomen dat meer dan de helft van het beschikbare budget in één kalenderjaar naar één pand in de gemeente gaat.

In het geval een VvE met 3 adressen een subsidie aanvraagt voor de restauratie van het gezamenlijke dak waarvan de subsidiabele kosten € 50.000 bedragen, dan wordt 20% van € 50.000 = € 10.000 toegekend. Het maximale toe kennen bedrag voor deze VvE is 3 x € 5.000 = € 15.000 bij een activiteit waarvan de kosten € 75.000 of meer bedragen.

In het geval dezelfde VvE een subsidie aanvraagt waarbij de subsidiabele kosten € 150.000 bedragen, dan wordt het toe te kennen bedrag € 15.000 (3 x € 5.000).

In het geval een VvE met 10 adressen een subsidie aanvraagt waarbij de subsidiabele kosten € 150.000 bedragen, dan wordt het toe te kennen bedrag € 20.000 (het maximale dat toegekend wordt).

Artikel 6 Subsidieontvanger

In het geval een aanvrager meerdere gemeentelijke monumenten in bezit heeft, kan hij per jaar één aanvraag indienen. Een aanvraag heeft betrekking op één monument of ensemble (zoals beschreven in het gemeentelijk monumentenregister) op één adres. 

In het geval het monument een complex vormt van meerdere adressen met meerdere particuliere eigenaren (bijvoorbeeld een twee-onder-een-kap woning) en de subsidiabele activiteiten hebben betrekking op meerdere adressen gezamenlijk (bijvoorbeeld schilderwerk aan een dakgoot die meerdere adressen toebehoort) dient per adres één aanvraag ingediend te worden. De bijbehorende kostenraming dient gespecificeerd te zijn per adres. Dit ook vanwege het feit dat een omgevingsvergunning voor vergunningsplichtige activiteiten per adres aangevraagd wordt.

In het geval particuliere eigenaren zich hebben verenigd in een Vereniging van Eigenaren (VvE) kan een VvE namens deze particuliere eigenaren een aanvraag indienen. Het maximum uitgekeerde subsidiebedrag is € 5.000,- vermenigvuldigd met het aantal vertegenwoordigde adressen, met een maximum van € 20.000,-. De subsidiabele kosten hoeven niet uitgesplitst te worden per adres. Wel dient aangetoond te worden dat de subsidiabele activiteiten de instandhouding of na-isolatie van het pand als geheel betreffen of ten goede komen aan het gehele pand of alle eigenaren.