Regeling vervallen per 01-01-2011

Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden

Geldend van 13-10-1992 t/m 31-12-2010

Intitulé

Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden

Nr. 287

Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden

Artikel 1

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    raadsleden: de leden van de raad, die geen lid zijn van het college van burgemeester en wethouders;

  • b.

    commissie: een commissie als vermeld op de bij deze verordening behorende door de raad vastgestelde lijst;

  • c.

    A.M.v.B.: het Koninklijk Besluit van 23 november 1976, Stb. 621, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 12 mei 1980, Stb. 289, strekkende tot uitvoering van de artikelen 64f en 64g van de gemeentewet.

Artikel 2

  • 1. De raadsleden ontvangen per kalenderjaar een vergoeding voor de werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten van 100% van de voor dat jaar door de minister van binnenlandse zaken op grond van de A.M.v.B. vastgestelde maximumbedragen voor de vergoeding voor hun werkzaamheden en tegemoetkoming in de kosten.

  • 2. Degene, die gedurende een gedeelte van het kalenderjaar raadslid is geweest, ontvangt de vergoeding voor de werkzaamheden en de tegemoetkoming in de kosten naar evenredigheid van het aantal dagen, dat hij of zij het raadslidmaatschap heeft bekleed.

Artikel 3

De leden van een commissie, die geen raadslid zijn of ambtenaar als zodanig benoemd, ontvangen voor het bijwonen van de vergaderingen van de commmissie per vergadering een vergoeding ten bedrage van 100% van het voor het betreffende kalenderjaar door de minister van binnenlandse zaken op grond van de A.M.v.B. vastgestelde maximumbedrag.

Artikel 4

  • 1. Na afloop van elke maand wordt aan het rechthebbende raadslid een twaalfde gedeelte van de in artikel 2, eerste lid, bedoelde vergoeding en tegemoetkoming uitbetaald.

  • 2. Na afloop van elk kwartaal wordt de in artikel 3 bedoelde vergoeding aan het rechthebbende commissielid uitbetaald.

Artikel 5

  • 1. Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden”.

  • 2. Deze verordening treedt, voor zover het betreft artikel 1 onder b en artikel 3, in werking op 1 januari 1986 en voor zover het betreft de overige artikelen op 29 april 1986, op welke datum de bij raadsbesluit van 2 december 1985 vastgestelde “Verordening geldelijke voorzieningen raadsleden” vervalt.

Nota van toelichting

Lijst van commissies, behorende bij de Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden, vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van 5 oktober 1992.

  • -

    commissie voor de bezwaarschriften Algemene Bijstandswet;

  • -

    commissie werkloze werknemers;

  • -

    gemeentelijke monumentencommissie;

  • -

    indicatiecommissie ouderenvoorzieningen Zeist;

  • -

    adviescommissie beeldende kunsten;

  • -

    bestuurscommissie openbare basisschool “Pirapoleon” Austerlitz;

  • -

    rekenkamercommissie