Evenementenbeleid

Geldend van 01-01-2000 t/m 24-04-2018

Intitulé

Evenementenbeleid

Hoofdstuk 1, Doel van het beleid

Evenementen zijn van belang voor de bezoekers, de organisatoren, de gemeente en de politie.

Ten eerste biedt een evenement het publiek de mogelijkheid om de vrije tijd aangenaam door te brengen. Er is gelegenheid om op informatieve wijze anderen te ontmoeten en gezamenlijk te genieten van georganiseerde gebeurtenissen met amusementswaarde. Die recreatieve functie heeft het evenement voor alle bezoekers. Zowel voor de eigen inwoners als voor de mensen van buiten de gemeente.

Ten tweede kan een evenement voor bewoners de leefbaarheid onderstrepen. De ontmoetingsmogelijkheid en de gezamenlijke ervaring dragen bij aan het gemeenschapsgevoel van het individu en aan zijn betrokkenheid bij de gemeente. Ook het gezamenlijk beleven van een evenement behoort hiertoe. Voorbeelden hiervan zijn de Sinterklaasoptocht, de jaarmarkt en Mixtream.

De organisatoren zijn globaal te verdelen in twee groepen. Er zijn organisatoren die een commercieel evenement organiseren en er zijn organisatoren die een niet-commercieel evenement organiseren. Organisatoren van een niet-commercieel evenement hopen door middel van hun evenement onder andere naamsbekendheid te genereren voor een goed doel. Organisatoren die een commercieel evenement organiseren hebben een commercieel doel.

Voor de gemeente zijn evenementen van belang omdat zij van betekenis kunnen zijn voor de promotie van de gemeente en het imago van de gemeente. Enerzijds kan een evenement publiciteit genereren in de media, hetgeen positief kan werken op de naamsbekendheid van de gemeente en een bijdrage levert aan het imago onder een brede bevolkingsgroep. Anderzijds zullen bezoekers door hun directe ervaringen tijdens een evenement zich ook een beeld vormen van de gemeente. Tenslotte dient de gemeente als bevoegd gezag op grond van de relevante wet-en regelgeving voor evenementen een besluit te nemen.

De politie heeft dan wel geen rechtstreeks belang bij een evenement maar heeft een belangrijke rol op het moment dat een evenement plaatsvindt. De politie dient er onder andere op toe te zien dat regels worden nageleefd en dat de openbare orde niet wordt verstoord. Zij kan op grond van haar wettelijke bevoegdheden, indien dat nodig is handhavend optreden. Tenslotte heeft de politie een belangrijke adviserende rol bij de vergunningverlening.

Omdat de gang van zaken rond evenementen voor zowel de gemeente, de bezoekers als de organisatoren onvoldoende op elkaar zijn afgestemd, is er voor gekozen om een evenementenbeleid tot stand te brengen. De primaire doelstellingen van het evenementenbeleid zijn:

  • 1

    Het formuleren van een beleid ten aanzien van evenementen welke vanuit een particulier initiatief binnen de gemeente Heerhugowaard gehouden worden;

  • 2

    Het verbeteren van de relatie tussen de gemeente enerzijds en de evenementenorganisatoren en andere externe organisaties op het gebied van evenementen anderzijds, opdat de kwaliteit van evenementen gewaarborgd is c.q verbeterd wordt, maar ook rekening gehouden wordt met de leefomgeving;

  • 3

    Het verbeteren van de dienstverlening en advisering op het gebied van regelgeving en vergunningverlening;

  • 4

    De zorg voor openbare orde en veiligheid

  • 5

    Een consequente handhaving van regelgeving en beleid ten aanzien van evenementen.

Hoofdstuk 2, Wettelijk kader

2 Wettelijk kader evenementen

Als wordt gekeken naar de invloed van evenementen op de woon-en leefomgeving, kunnen evenementen in twee soorten onderverdeeld worden: grote en kleine evenementen.

2.1 Begripsomschrijving

2.1.1 Evenement

In artikel 2.2.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening is bepaald dat onder een evenement wordt verstaan:

Elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van:

  • a.

    Bioscoopvoorstellingen;

  • b.

    markten, als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h van de Gemeentewet en artikel

5.2.4 van de Algemene Plaatselijke Verordening;

  • c.

    kansspelen als bedoeld in de Wet op de Kansspelen;

  • d.

    het in een inrichting in de zin van de Drank-en Horecawet gelegenheid geven tot dansen;

  • e.

    betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

  • f.

    activiteiten als bedoeld in artikel 2.1.2.1, 2.1.4.1, 2.1.4.2, 2.1.4.3 en 2.3.3.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening.

Onder evenement wordt mede verstaan: een herdenkingsplechtigheid.

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft een voorstel gedaan voor deregulering van een aantal vergunningen die verleend worden op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening. Er wordt onderzocht hoe binnen Heerhugowaard omgegaan kan worden met dit voorstel. Dit zal echter niet betekenen dat alle evenementen vergunningvrij worden. Het is wel mogelijk dat bepaalde categorieën evenementen onder bepaalde voorwaarden vergunningsvrij worden, zoals buurtbarbeques. Tevens is in het voorstel opgenomen dat bepaalde activiteiten waarvoor in de Algemene Plaatselijke Verordening een aparte vergunningplicht geldt onder de noemer van evenement worden geschaard. Hierbij moet bijvoorbeeld gedacht worden aan braderieën en buurtfeesten.

2.1.2 Grote evenementen

Onder grote evenementen wordt verstaan evenementen waarvan de gemeente op basis van de aanvraag + draaiboek van de organisator voorziet dat ze een belasting zullen vormen voor de leefomgeving van de evenementenlocatie. Een groot evenement is in ieder geval een evenement waar de burgemeester meer dan 500 bezoekers en/of deelnemers verwacht en/of waarbij voor de uitvoering van het evenement een weg afgesloten moet worden of waarbij een parkeerverbod moet worden ingesteld. Wanneer op een evenement minder dan 500 bezoekers en/of deelnemers worden verwacht en geen verkeersbesluit genomen hoeft te worden, dient gekeken te worden naar de onderstaande overwegingspunten:

  • -

    aard van het evenement (open lucht popconcert) -locatie (bijv. strand, openbare weg, park) -beslag openbare ruimte -begin-en eindtijd van het evenement

  • -

    mate van geluidsproductie -leeftijd van de bezoekers -aard van het publiek (bijv. voetbal supporters) -globale weersverwachting(seizoen) -soorten dranken (bijv. alcoholisch) -aanwezigheid van openbaar vervoer -aanwezigheid van parkeervoorzieningen

De genoemde punten zijn aandachtspunten waarnaar gekeken zal worden bij de beoordeling of de aanvraag een groot of een klein evenement betreft.

Het gaat dan vooral om de omvang van een evenement. De organisator wil een of meer verkeersintensieve wegen of wateren gebruiken, de geluidsproductie: de gemeente voorziet dat de wettelijke geluidsnormen overschreden gaan worden, de eindtijd: de organisator wil afwijken van de in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en het beleid genoemde eindtijden, het evenement heeft een grote invloed op de woon-en leefomgeving en de volksgezondheid: het evenement kan een gevaar voor de volksgezondheid zijn.

Voorbeelden van grote evenementen zijn: -muziekevenementen/festiviteiten met (live)muziek -circussen -braderieën op de openbare weg -kermis -sportevenementen waarbij versterkte muziek ten gehore wordt gebracht

Grote evenementen zijn evenementen waarbij niet alleen het geluidsniveau en de mate van belasting (beslag openbare ruimte, openbare orde) bepalend zijn voor de mate van mogelijke overlast, maar ook de frequentie van dit soort evenementen. Door de gemeente Heerhugowaard zijn maximum aantallen per locatie gesteld.

Het maximum aantal grote evenementen per locatie wordt bepaald door o.a.de omvang van de locatie, de ligging van de woningen en de mogelijkheden voor aan-en afvoer van materialen.

Afhankelijk van de omstandigheden wordt bekeken aan welke van de bovenstaande criteria een evenement voldoet. Indien niet duidelijk is of een evenement als groot kan worden aangemerkt bepaalt de burgemeester na een zorgvuldige afweging, of het een groot of een klein evenement betreft. De burgemeester kan tevens besluiten af te wijken van de definitie van een groot evenement wanneer het evenement qua uitstraling en risico aspecten redelijkerwijs als klein dient te worden aangemerkt.

2.1.3 Kleine evenementen

De overige evenementen worden kleine evenementen genoemd. Dit betekent dat kleine evenementen activiteiten zijn die gering van omvang en geluidsproductie zijn.

Kleine evenementen zijn dus activiteiten met minder dan 500 bezoekers en waarbij geen verkeersbesluiten genomen hoeven te worden voor wegafsluitingen of parkeerverboden.

Hierbij moet gedacht worden aan een buurtbarbeque, wijkfeest, kleinschalige rommelmarkten op een plein waarvoor geen verkeersbesluit nodig is.

2.2 Toetscriteria

De aanvraag voor een evenementenvergunning wordt door de burgemeester in eerste instantie getoetst aan de APV en aan dit beleid.

De toetscriteria voor vergunningverlening staan genoemd in artikel 2.2.2, lid 2 van de Algemene Plaatselijke Verordening:

De vergunning kan worden geweigerd in het belang van:

  • a.

    de openbare orde;

  • b.

    het voorkomen of beperken van overlast;

  • c.

    de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of goederen;

  • d.

    de zedelijkheid of gezondheid.

Over de onder a t/m d genoemde zaken wordt de burgemeester geadviseerd door diverse gemeentelijke en buiten gemeentelijke instanties. In de meeste gevallen wordt in ieder geval advies gevraagd van de politie en brandweer.

Voor een evenement kunnen tevens andere artikelen van de Algemene Plaatselijke Verordening of andere regelgeving van toepassing zijn. Dit kan bijvoorbeeld de Drank-en Horecawet, Zondagswet zijn of de Wet Milieubeheer. Uitgegaan moet worden dat hogere wetgeving voor bepalingen in de Algemene Plaatselijke Verordening of dit beleid gaan. Dit betekent bijvoorbeeld dat voor een evenement die op een locatie plaatsvindt waar een milieuvergunning is afgegeven de voorschriften van de milieuvergunning gevolgd moeten worden.

Het is tevens mogelijk dat ontheffingen of vergunningen nodig zijn op basis van andere regelgeving. Deze worden los van de evenementenvergunning vergund.

2.2.1 Weigeringsgronden

Hieronder is aangegeven wat op basis van de in artikel 2.2.2, lid 2 van de Algemene Plaatselijke Verordening is toegestaan in de Gemeente Heerhugowaard. Dit zijn weigeringsgronden die voortkomen uit huidige werkwijze, evaluaties, visie op het gebruik van de openbare ruimte en inspraak op dit beleid. Als bijlage zijn standaard voorschriften opgenomen die opgesteld zijn op basis van dit beleid en hiermee bij elk evenement van toepassing zijn. De voorschriften zijn niet uitputtend. Het is mogelijk dat voor bepaalde evenementen extra voorschriften worden opgelegd of bepaalde voorschriften worden aangepast. In een dergelijk geval zal de aanvrager hierover gehoord worden.

Eindtijden

Naast beperkingen die genoemd worden in de Zondagswet en de bepalingen in dit beleid die gelden voor de diverse evenemententerreinen worden geen evenementen toegestaan tussen

01.00 en 07.00 uur.

Wanneer op-of afbouwwerkzaamheden plaatsvinden is het tevens niet toestaan deze tussen de genoemde tijden te laten plaatsvinden.

Het gebruik van het marktterrein voor evenementen

In de gemeente Heerhugowaard wordt op het Raadhuisplein op maandag een markt gehouden op dit moment wordt tevens aan een voorstel gewerkt om een markt op het Stadsplein te realiseren. Het is mogelijk dat men een evenement wil organiseren op een van deze pleinen tijdens een marktdag. De marktverordening Heerhugowaard geeft regels voor het bepalen van de plaats en tijd van markten. Op grond van die verordening kan het college tijdelijk een andere plaats, dag of tijd bepalen. Dit is echter geen wenselijke situatie. Alleen indien er overleg is geweest met de marktmeester en de marktkooplieden en de martkmeester geen bezwaar heeft, behoort het verplaatsen van de weekmarkt tot de mogelijkheid.

Voorwerpen die geplaatst worden in het kader van evenementen die meerdere dagen duren en plaatsvinden op het Raadhuisplein dienen op marktdagen verwijderd te worden voor 07.00 uur en kunnen teruggeplaatst worden indien de marktmeester het Raadhuisplein heeft vrijgegeven.

De voorwerpen hoeven niet verwijderd te worden indien de marktmeester heeft bepaald dat voorwerpen kunnen blijven staan tijdens de markt op de door hem aan te wijzen plaatsen. Dit zal in de vergunning voor het evenement worden opgenomen.

2.2.2 Maximumstelsel evenemententerreinen

Strand van Luna/Dagcamping, gebied in de hoek Westerweg / Middenweg

Het gebied leent zich om evenementen te organiseren die niet op een andere locatie in de gemeente mogelijk zijn vanwege de aanwezigheid van een strand, de dagcamping en een goede verkeersverbinding naar en vanuit Heerhugowaard. Het is daarom wenselijk om dit terrein beschikbaar te stellen voor diverse organisatoren.

Het betreft een ontwikkelingsgebied waarbij onduidelijk is wat de gevolgen kunnen zijn van het laten plaatsvinden van evenementen met muziek en grotere aantallen bezoekers, alsmede de woonbebouwing op korte afstand. De aanwezigheid van de Waerdse Tempel in dit gebied kan een grote invloed op het woon-en leefklimaat van de omgeving hebben.

Het organiseren van buitenevenementen rondom de Waerdse Tempel zal dit versterken. Het aantal buitenevenementen dat de Waerdse Tempel zal organiseren is mede afhankelijk van de geldende milieuvergunning. De Wet milieubeheer gaat voor de APV. De milieuvergunning kent een maximum toe aan het aantal buitenevenementen. Dit laat onverlet dat de Waerdse tempel ook een evenementenvergunning dient te hebben. Het maximum aantal te verlenen evenementenvergunningen volgt uit het evenementenbeleid. Tevens wordt onderzocht of in het kader van een proef één grootschalig muziekoptreden per jaar toegestaan kan worden. Dit om te kunnen onderzoeken of de opgelegde geluidsnormen redelijk zijn.

Het gebied leent zich echter ook voor evenementen die geen relatie hebben met de Waerdse Tempel. In het kader van dit evenementenbeleid worden zes grote evenementen toegestaan in dit gebied. Dit betekent dat voor het gehele gebied zes grote evenementen zijn toegestaan met een eindtijd van 22.00 uur op werkdagen en op vrijdag en zaterdag een eindtijd van 23.00 uur. Het uitgangspunt is hierbij dat aan de Waerdse Tempel maximaal drie evenementenvergunningen per jaar kunnen worden verleend. Dit om ook andere organisatoren de mogelijkheid te bieden evenementen in dit gebied te organiseren. Wanneer geen andere organisatoren zich melden voor het organiseren van een evenement in dit gebied, heeft de Waerdse Tempel de mogelijkheid om meer dan de genoemde drie evenementen te organiseren.

In de evaluatie van dit beleid over 2 jaar zal besluitvorming plaatsvinden of het aantal toegestane grote evenementen aangepast wordt voor dit gebied.

Overige evenemententerreinen

Naast het bovengenoemde gebied worden de volgende terreinen aangemerkt als evenemententerreinen. Dit zijn terreinen waarop grote evenementen zijn toegestaan.

− IJsbaan Het Kruis, maximum 3 grote evenementen − Stadspark, aan de Diamant, maximum 3 grote evenementen − Stadsplein, maximum 3 grote evenementen − Raadhuisplein, maximum 3 grote evenementen − Sint Annaplein / Berckheideplein, maximum 3 grote evenementen − Rosarium, maximum 3 grote evenementen

Op de genoemde evenemententerrein zijn drie grote evenementen per jaar toegestaan. Dit om mogelijke overbelasting van de verschillende gebieden te voorkomen. Aangezien voor de aanwijzing van circussen en kermissen een apart beleid is en wordt ontwikkeld valt de verdeling van het aantal circussen op locaties niet onder de werking van dit evenementenbeleid.

Grote evenementen op andere locaties

Aanvragen voor grote evenementen op andere locaties worden geweigerd, tenzij de locatie en het evenement zodanig aan elkaar gerelateerd zijn dat het evenement op de locatie moet plaatsvinden. Voorbeelden hiervan zijn de viering van een jubileum van een sportclub op een sportveld, een buurtfeest en/of wijkfeest.

Ontheffingsmogelijkheid voor andere locaties

De burgemeester heeft de mogelijkheid om 2 maal per jaar ontheffing te verlenen van het hierboven genoemde beleid ten aanzien van grote evenementen op evenementenlocaties en de uitzondering ten aanzien van aan een locatie gerelateerde grote evenementen. De burgemeester kan een ontheffing weigeren indien in de directe omgeving in de afgelopen 2 maanden andere evenementen hebben plaatsgevonden, indien het houden van het evenement op de gevraagde locatie ontoelaatbare overlast zal veroorzaken op het gebied van geluid en verkeer en indien de openbare orde en veiligheid het niet toelaat dat op de gevraagde locatie het gevraagde evenement te organiseren. Deze ontheffing staat los van de beoordeling of een vergunning op grond van artikel 2.2.2 van de Algemene Plaatselijke Verordening afgegeven wordt.

2.2.3 Evenementenkalender

Een evenementenkalender geeft voor een heel kalenderjaar aan welke grote evenementen in de gemeente plaatsvinden. Gelet op de benoeming van evenemententerreinen met daarbij een maximum aan grote evenementen die plaats mogen vinden, is een duidelijk overzicht noodzakelijk. Vanuit de Afdeling Milieu en Economie wordt nu regelmatig een lijst met verwachte evenementen verzonden naar diverse actoren op het gebied van evenementen. Op deze lijst staan een aantal evenementen die elk jaar in dezelfde periode plaatsvinden. Deze werkwijze zal worden voortgezet met dien verstande dat de evenementenkalender aangeeft welke evenementen mogen plaatsvinden op een terrein. Om een plek op de evenementenkalender te verkrijgen dient een organisator van een groot evenement zich te melden bij de Afdeling Milieu en Economie. In overleg wordt gekeken of er ruimte bestaat op de kalender voor de gewenste locatie en dag. Evenementen die meer dan twee jaar achtereenvolgens op het terrein georganiseerd zijn, worden automatisch op de kalender geplaatst. De onderstaande zaken moeten in ogenschouw worden genomen wanneer een verzoek wordt ingediend voor een plaats op de kalender:

  • 1.

    het aantal grote evenementen mag niet het maximum aantal overschrijden.

  • 2.

    de organisator dient daadwerkelijk voornemens te zijn het evenement te organiseren.

  • 3.

    het verzoek om op de evenementenkalender geplaatst te worden, is geen garantie dat een evenementenvergunning verleend wordt.

  • 4.

    Er dient een waarborgsom te worden betaald wanneer een plaats op de kalender wordt toegewezen. Deze waarborgsom wordt verrekend met eventuele schade die het evenement veroorzaakt op het terrein of aan gemeente eigendommen. Indien het op de evenementenkalender aangegeven evenement niet door gaat, wordt 50% van de waarborgsom aan de betaler geretourneerd.

Er wordt naar gestreefd om de evenementenkalender jaarlijks voor januari grotendeels bekend te maken.

3. Procedure met betrekking tot vergunningverlening

3.1 Eén loket

Op dit moment is het uitgangspunt dat een organisator van een evenement terecht kan bij de

Afdeling Milieu en Economie voor het verkrijgen van informatie en het indienen van een

aanvraag. Vanuit deze afdeling worden vragen verder uitgezet in de organisatie. Het

aanspreekpunt voor de organisator blijft echter de Afdeling Milieu en Economie. De één-loketgedachte

zorgt voor een goede service richting de organisator en voor een goede

informatievoorziening en dossierbewaking binnen de gemeentelijke organisatie. De aanvraagvriendelijkheid

van deze werkwijze wordt onderschreven en zal verder worden versterkt waar dat

nodig mocht blijken.

3.2 Proces vergunningverlening

3.2.1 Termijnen

Op grond van artikel 1.2 APV beslist de burgemeester op een aanvraag voor een vergunning

binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag is ontvangen. De burgemeester kan deze

beslissing voor ten hoogste acht weken verdagen. De behandeling van een aanvraag voor een

klein evenement moet beperkt blijven tot ongeveer acht weken. De korte behandeltermijn is van

belang, omdat het op deze manier mogelijk blijft om op relatief korte termijn iets in

Heerhugowaard te organiseren.

In het proces van gemeentelijke vergunningverlening zijn drie fasen te onderscheiden:

  • 1.

    een intakefase,

  • 2.

    een behandelingsfase

  • 3.

    een afhandelingfase.

De intakefase bestaat uit de informatieuitwisseling tussen de gemeente en de organisatoren ten

behoeve van een goede aanvraag. Om de informatie- uitwisseling efficiënt te laten verlopen,

dient de gemeente de organisator een helder overzicht te geven van:

-De informatie die de gemeente nodig heeft voor de besluitvorming over de aanvraag en de

criteria die gelden voor dit besluit.

-De plichten van de organisatoren en de daaraan verbonden kosten.

Op grond van artikel 4:4 Algemene Wet Bestuursrecht (Awb) kan een bestuursorgaan, voor het

indienen van aanvragen en verstrekken van gegevens een formulier vaststellen. In het kader van

een goede informatieuitwisseling wordt op grond van het dit beleid gebruik gemaakt van een

aanvraagformulier (zie bijlage).

Van de organisatoren wordt verwacht dat zij dit aanvraagformulier volledig en naar waarheid

invullen.

Op grond van artikel 4:2 Awb dient een aanvraag voor een evenement tenminste te bevatten;

  • a.

    de naam en adres van de aanvrager;

  • b.

    de dagtekening;

  • c.

    een aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd.

Een ieder die een feest of evenement wil organiseren in de gemeente Heerhugowaard dient

op grond van het bepaalde in artikel 2.2.2 respectievelijk artikel 2.1.4.1 van de APV een

evenementenvergunning aan te vragen bij de burgemeester.

De aanvraag voor een klein evenement dient minimaal 8 weken voorafgaand aan het feest of

evenement bij de gemeente te zijn ontvangen. Een aanvraag voor een groot evenement

dient minimaal 12 weken voorafgaand aan het feest te zijn ontvangen vanwege de

uitgebreidere procedure.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 13

3.2.2 Advisering

De aanvraag wordt ter advies gezonden aan de volgende afdelingen/ instanties:

  • -

    Regio Politie

  • -

    Afdeling Wijkbeheer

  • -

    Sector Brandweer en Rampenbestrijding

Indien nodig kan besloten worden de aanvraag ter advies voor te leggen aan meerdere

instanties en/ of afdelingen.

Het versturen van de adviesaanvragen gebeurt vanuit de Afdeling Milieu en Economie.

De adviezen worden op deze afdeling beoordeeld. Bij vragen of de wens om een aanvullend

advies wordt contact opgenomen met de adviserende instantie.

3.2.3 Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure bij grote evenementen

Voor grote evenementen wordt op grond van artikel 3:10 van de Algemene wet

bestuursrecht de Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure van toepassing verklaard.

Dit betekent dat een aanvraag voor een groot evenement 12 weken voor het evenement

plaatsvindt dient te worden ingediend. De aanvraag met concept besluit en adviezen worden

twee weken ter inzage ingelegd waarbij de ter inzage legging bekend wordt gemaakt via het

Stadsnieuws en de website van de Gemeente Heerhugowaard. Belanghebbenden kunnen

zienswijzen indienen over de aanvraag en het conceptbesluit.

3.2.4 Besluitvorming

Bij de besluitvorming worden in eerste instantie de adviezen meegewogen. Indien de

burgemeester het voornemen heeft een aanvraag gedeeltelijk of geheel te weigeren of extra

voorschriften op te leggen wordt op basis van artikel 4:7 Algemene wet bestuursrecht de

aanvrager gehoord over dit voornemen. Eventuele zienswijze vanuit het horen of de

Openbare Voorbereidingsprocedure wegen mee in de definitieve besluitvorming. Het

definitieve besluit wordt gepubliceerd in het Stadsnieuws en de website van de Gemeente

Heerhugowaard.

3.3 Voorschriften

3.3.1 Opneming van standaard voorschriften

In een evenementenvergunning worden een aantal standaard voorschriften opgenomen.

Deze voorschriften zijn opgenomen als bijlage bij dit beleid. Het is afhankelijk van de

elementen van het evenement welke van deze standaard voorschriften in de vergunning

worden opgenomen.

3.3.2 Geluidvoorschriften

Een belangrijk onderdeel van dit beleid is het vastleggen van standaard geluidsnormen voor

evenementen. Dit onderdeel van de voorschriften wordt dan ook hierbij verder toegelicht:

Opnemen van de geluidsnormen in de evenementenvergunning

Voor wat betreft de geluidsnormen die gehanteerd kunnen of moeten worden bij

evenementen is in principe niet relevant welk regime van regelgeving van toepassing is.

Bij beide hiervoor beschreven mogelijkheden is de doelstelling het voorkomen van (te veel)

geluidshinder. In beide gevallen bestaat de mogelijkheid om - in de vorm van ontheffingen -

wel een bepaalde mate van geluidshinder toe te staan.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 14

Voor het verlenen van een ontheffing op grond van de APV is niets bepaald ten aanzien van

normen of voorwaarden. Het staat het college van burgemeester en wethouders vrij aan de

ontheffing de voorschriften te verbinden die het - op basis van een belangenafweging -

noodzakelijk acht.

De vraag is daarbij aan de orde hoeveel (geluids)hinder omwonenden in redelijkheid - gezien

het algemeen belang van een evenement - dienen te accepteren.

De grens van wat in redelijkheid van omwonenden gevraagd kan worden te accepteren ligt in

het algemeen bij het vaak in dit soort situaties gehanteerde begrip “onduldbaar”.

Indien dit begrip in de vergunning c.q. ontheffing wèl wordt gehanteerd, maar niet wordt

gedefinieerd als “norm” voor wat (niet) is toegestaan, is sprake van een niet-handhaafbare

vergunning c.q. ontheffing. Ook is daarmee een situatie geschapen van rechtsonzekerheid.

De organisator van het evenement weet niet bij welk geluidsniveau hij “onduldbare” hinder

veroorzaakt en omwonenden weten niet wanneer zij terecht een beroep mogen doen op

handhavende instanties. Discussie tijdens maar vooral ook na afloop van het evenement kan

worden voorkomen door een voor alle betrokken partijen volstrekt heldere normstelling.

Gezien bovenstaande is het dan ook noodzaak in een vergunning c.q. ontheffing de

geluidsniveaus aan te geven die niet mogen worden overschreden. Daarnaast is het van

belang duidelijk aan te geven op welke plaats de normen van toepassing zijn en welke meetc.

q.controlemethode dient te worden toegepast. Als laatste moeten ook de tijdstippen

waarbinnen het betreffende geluidsniveau mag worden gemaakt duidelijk zijn. Een duidelijke

afspraak of voorschrift over beëindiging van het evenement dan wel het geluid is voor de

omwonenden zeer bepalend voor het acceptatieniveau van overlast door geluid.

Om een handvat te bieden bij de in dit soort situaties moeilijke belangenafweging, zal in het

navolgende worden ingegaan op het begrip “onduldbaar”, in relatie tot de mate van

overschrijding van de geluidsnorm en de daarmee gepaard gaande hinder.

Volgens de eerdergenoemde nota “evenementen met een luidruchtig karakter”, opgemaakt

door het ministerie van VROM / Inspectie milieuhygiëne Limburg hebben geluiden van een

evenement die in een woning doordringen tot gevolg dat het “achtergrondgeluid” in de

woning toeneemt. Het geluidsniveau in veel woningen varieert overdag van 25 tot 35 dB(A).

Een toename van 25 à 35 dB(A) tot 40 dB(A) binnen is goed hoorbaar en zal leiden tot het

ondervinden van hinder c.q. het toenemen van hinder. Indien het geluidsniveau in de woning

stijgt bóven de 40 dB(A) zal dat tot gevolg hebben dat de bewoners van die woning daardoor

“luider” moeten gaan spreken om verstaanbaar te zijn. Dat zal als zéér hinderlijk worden

ervaren.

Hoe meer het geluidsniveau in de woning toeneemt, hoe meer de bewoners met

stemverheffing moeten spreken om zich verstaanbaar te maken en hoe groter de mate van

hinder is die wordt ondervonden.

Bij een “stoor”geluid van 50 dB(A) zal daarom het normale spraakniveau van ca. 50 dB(A)

naar ca. 53 dB(A) moeten worden verhoogd om verstaanbaar te blijven. (Fysisch is dit een

verdubbeling van het geluidsniveau. Dit betekent dat men (voor het gehoor) dubbel zo luid

zou moeten spreken om nog goed verstaanbaar te zijn.)

Dit wordt ervaren als een zodanige ernstige aantasting van de persoonlijke levenssfeer, dat

in de praktijk hier de grens zou moeten liggen van wat in redelijkheid van een omwonende

kan worden gevraagd te accepteren in het kader van een maatschappelijk belangrijk

evenement en wat daarom kan worden gezien als de grens waarboven een geluid als

“onduldbaar” kan worden gekwalificeerd.

Gezien bovenstaande kan - voor wat betreft een geringe overschrijding van het

achtergrondniveau - de mate van hinder worden gerelateerd aan de mate van overschrijding

van het achtergrondniveau en - indien het “stoorlawaai” toeneemt tot 50 dB(A) - tevens aan

de absolute hoogte van het “stoorlawaai” in de woning. Deze benadering zou in een tabel als

volgt kunnen worden weergegeven.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 15

Hinderkwalificatietabel

Overschrijding ref. niveau

binnen de woning

Overschrijding absolute

waarde

Overlast

0 - 5 dB(A) Enige

5 - 10 dB(A) Veel

10 - 15 dB(A) Ernstige

15 - 20 dB(A Zeer ernstige

20 dB(A) of hoger 50 dB(A) Onduldbare

Voor het beoordelen van de belastbaarheidgrens van omwonenden zijn factoren zoals het

aantal evenementen per jaar, het aantal dagen per evenement, de mate van geluidshinder,

de duur van de geluidsoverlast, het sluitingstijdstip e.d. belangrijke elementen. De

hinderbeleving zal lager, en de belastbaarheid hoger zijn, indien omwonenden over een te

houden evenement tijdig en goed geïnformeerd zijn en weten waar ze aan toe zijn. Vooral

het handhaven van de gemaakte afspraken en de gedane toezeggingen is daarbij een

belangrijke factor.

Bij het maken van een afweging of een bepaalde activiteit toelaatbaar is dient daarom niet

alleen naar de hinder van het te beoordelen evenement te worden gekeken, maar dient ook

aandacht te worden geschonken aan de totale hinderbelasting die reeds is ondervonden en

nog zal worden ondervonden in bijvoorbeeld een heel jaar.

Te stellen geluidsnormen / grenswaarde

Hoewel de achtergrondniveaus in woningen - afhankelijk van de ligging - nogal variëren,

wordt in het algemeen toch steeds uitgegaan van een vaste waarde van 35 dB(A)

etmaalwaarde, zoals onderstaand aangegeven.

Tabel 1.

Dagperiode 07.00 – 19.00 uur 35 dB(A)

Avondperiode 19.00 – 23.00 uur 30 dB(A)

Om de grens van het optreden van “onduldbare hinder” niet te overschrijden, dient als

maximaal toelaatbaar geluidsniveau binnen te worden aangehouden de laagste waarde van:

a: het referentieniveau + 20 dB(A) en

b: het absolute geluidsniveau (in de woning) van 50 dB(A)

Rekening houdend met een gemiddelde gevelisolatie van 20 à 25 dB(A) leidt deze

benadering tot maximaal toelaatbare gevelbelastingen (een-minuut LAeq ) zoals in

onderstaande tabel zijn aangegeven.

Tabel 2 (normering op basis van hinder / spraakverstaanbaarheid (één-minuut LAeq))

Periode Basisnorm Max. niveau

binnen

gevelisolatie Maximale gevelbelasting

Dag 35 dB(A) 50 dB(A) 20 a 25 dB(A) 70 a 75 dB(A)

Avond 30 dB(A) 50 dB(A) 20 a 25 dB(A) 70 a 75 dB(A)

Op het moment na de avondperiode (23.00 uur) is voorgaande beoordelingsmethode

op basis van o.a. spraakverstaanbaarheid onvoldoende. ‘s Nachts dient naast het

hindercriterium, ook het wèl of nièt kunnen slapen als toetsingscriterium te worden

gehanteerd.

Gezien de aard van het geluid (bij muziek de herkenbaarheid tekst en/of ritme) bestaat de

ervaring dat veel mensen reeds bij een geringe overschrijding van de voorkeursgrenswaarde

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 16

slaapproblemen ondervinden. Om deze reden verdient het aanbeveling om in de periode na

23.00 uur slechts “achtergrondmuziek” toe te staan.

Uitvoering

Van de eerder genoemde evenementenlocaties kan eenvoudig de afstand worden bepaald

tot de meest nabijgelegen “gevoelige” bebouwing (in het algemeen de dichtstbij gelegen

woningen).

Indien deze afstand bekend is, is het eenvoudig rekenkundig te bepalen hoe groot het

maximaal te produceren geluid van een orkest, band of luidspreker (bronvermogen) mag zijn

om de van toepassing te verklaren norm op de dichtstbij gelegen woning niet te

overschrijden. Omdat van de meeste soorten orkesten, bands bekend is hoe groot het

geproduceerde bronvermogen is, is het mogelijk om bij een vergunningaanvraag - vooraf - te

toetsen of aan de te stellen geluidsnorm kan worden voldaan en is er in geval van een vooraf

te voorziene overschrijding van de te stellen geluidsnormen nog tijd om te zoeken naar

maatregelen, oplossingen en alternatieven. Denk hierbij aan maatregelen die kunnen liggen

in het treffen van geluidsafschermende voorzieningen rond het orkest, band of luidspreker,

het hanteren van een ander luidsprekersysteem (meer kleine luidsprekers i.p.v. enkele grote)

waardoor met een lager bronvermogen hetzelfde effect wordt bereikt of tenslotte het zoeken

naar een minder luidruchtig orkest, of zelfs een andere opzet van het feest.

Het zonder meer afgeven van een vergunning of ontheffing voor het houden van een

evenement waarbij harde muziek de boventoon voert op een locatie in de nabijheid van

woningen, is niet meer van deze tijd. Zelfs indien aan de vergunning een voorschrift is

verbonden (zonder haalbaarheidstoets) waarbij net geen “onduldbare” hinder optreedt,

bijvoorbeeld 70- 75 dB(A), zal in de praktijk veelal toch onduldbare overlast optreden. De

politie zal - bij constatering van een ernstige overschrijding van de gestelde norm - in ‘t

algemeen de muziek niet beëindigen. Het risico van het - daardoor - optreden van ernstige

verstoring van de openbare orde, zal voor de politie (bijna) altijd zwaarder wegen dan het

laten voortduren van de (onduldbare) hinder voor de omwonenden. Als een evenement op

voldoende afstand van woningen plaatsvindt kan ook de normstelling voor het bronvermogen

van de muziek op een voor alle partijen acceptabel niveau worden vergund. Ter indicatie,

een poporkest heeft in het algemeen een bronvermogen van 115 tot 120 dB(A). Dit geeft op

een afstand van 50 meter tot de gevel nog een geluidsniveau van 75 tot 85 dB(A). Pas op

een afstand van 100 meter neemt het geluid af tot 65 tot 75 dB(A). Dit is de eerder

beschreven acceptabele grens.

De geluidvoorschriften

Bij de aanvraag om vergunning of ontheffing van geluidsnormen reeds toetsen of aan de te

stellen normen kan worden voldaan.

Indien nee: kiezen voor alternatief; andere locatie, ander orkest - band, andere opzet feest.

Indien ja: In vergunningen en/of ontheffingen de uitgangspunten en de maximaal toelaatbare

geluidsniveau’s vastleggen; de doelvoorschriften zonodig ondersteunen met

middelvoorschriften om overtreding van de doelvoorschriften zoveel mogelijk te voorkomen.

Omwonenden van een “evenement” tijdig informeren omtrent de toegestane duur,

sluitingstijden e.d. en deze afspraken ook handhaven. Al vroeg in het jaar bekend maken

welke evenementen gaan plaatsvinden ( door middel van de evenementen kalender ). De

acceptatiegrens kan op deze wijze worden verhoogd. Daarnaast, achteraf, bij voorbeeld door

middel van een enquête, inwinnen van informatie bij de omwonenden kan voor de toekomst

een betere afstemming tussen wensen, mogelijkheden en de inhoud van de vergunning of

ontheffing mogelijk maken.

Voor wat betreft de te stellen geluidsnormen op de gevel van woningen is onderstaande

tabel het uitgangspunt.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 17

Periode Max niveau

binnen

Maximale gevelbelasting

Dag (07.00 uur tot

19.00uur)

50 dB(A) 70 à 75 dB(A) (afh. van het soort

evenement)

Avond (19.00 uur tot

23.00 uur)

50 dB(A) 70 à 75 dB(A)

Avond bij uitzondering,

slechts mogelijk als

volgende dag een

reguliere vrije dag

betreft (19.00 uur tot

01.00 uur)

50 dB(A) 70 à 75 dB(A)

Extra voorschrift met betrekking tot geluid bij commercieel evenementen

Bij evenementen met een commercieel doel zal als voorschrift opgenomen worden dat de

organisator een onafhankelijk daartoe erkend bedrijf tijdens het evenement een akoestisch

onderzoek dient te verrichten. Dit akoestisch onderzoek dient drie weken na afloop van het

evenement ingediend te worden bij de gemeente.

3.3.3 Wegafzetting

Indien een evenement plaatsvindt op of zeer nabij een rijweg dan kan het voorkomen dat de

rijweg moet worden afgezet of een straat tijdelijk voor het verkeer moet worden afgesloten.

De zorg voor de realisatie van wegafzettingen ligt bij de organisator van het evenement zelf.

Indien de organisator dranghekken en/of verkeersborden nodig heeft ten behoeve van zijn

evenement, dan dient men hier zelf zorg voor te dragen. Hiervoor kan contact worden

opgenomen met een gespecialiseerd verhuurbedrijf.

De aanvraag voor een evenement, dat op of zeer nabij een rijweg gaat plaatsvinden, wordt door

de medewerker APV en Bijzondere wetten voor advies gestuurd aan de afdeling Wijkbeheer. De

juridisch medewerker Wijkbeheer beoordeelt op grond van de aanvraag en de ingediende

situatieschets of de weg mag worden afgezet en of voldoende parkeerruimte overblijft voor de

bezoekers en de omwonenden.

Naast de toetsing van de aanvraag van een evenementenvergunning, kan de juridisch

medewerker Wijkbeheer het college adviseren om een tijdelijke verkeersmaatregel te nemen. Dit

besluit staat los van het besluit om een vergunning voor een evenement te verlenen.

De organisator dient de omwonenden van het evenement een week van te voren schriftelijk in

kennis te stellen van de wegafzetting en aan de omwonenden te verzoeken hun voertuigen

tijdelijk elders te plaatsen.

Indien een weg moet worden afgezet voor een evenement dient er contact te worden opgenomen

met Connexxion. Het kan zijn dat Connexxion door de wegafzetting haar dienstregeling moet

aanpassen. Daar kunnen voor de organisatoren extra kosten uit voortvloeien. De organisator of

de gemeente dient met Connexxion tot een regeling te komen waarbij het openbaar vervoer zo

min mogelijk wordt gehinderd. Kan geen overeenkomst worden bereikt of zijn de kosten te hoog

voor de organisator, dan kan het evenement op die locatie niet plaatsvinden.

3.3.4 Het voorkomen, beperken en bestrijden van brand

Diverse typen evenementen of bij evenementen voorkomende handelingen kunnen leiden tot

brand. Om een brand en de daarbij komende gevolgen tijdens evenementen zoveel mogelijk te

voorkomen, te beperken en te bestrijden en om ongevallen zoveel mogelijk te voorkomen en

beperken, is deze paragraaf in het Evenementenbeleid 2006 opgenomen.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 18

Bij de beoordeling van een evenement wordt in kader van de brandveiligheid aan een aantal

punten aandacht besteed. Het geven van standaardvoorschriften is niet mogelijk omdat het

opleggen van de voorschriften geheel afhankelijk is van de omstandigheden waaronder het

evenement plaatsvindt.

In het kader van de vergunningverlening wordt in principe aan de volgende punten aandacht

besteed:

  • -

    De plaatsing van de voorwerpen ten opzichte van de omliggende bebouwing en beplanting;

  • -

    Het vrijhouden van aanrijroutes voor brandweervoertuigen in de omgeving van het evenement;

  • -

    Het bereikbaar houden van bluswatervoorzieningen voor de brandweer;

  • -

    Het soort materiaal waaruit tijdelijke bouwsels worden opgetrokken;

  • -

    Het gebruik van bak- en braadapparatuur en verwarmingsapparatuur;

  • -

    Het gebruik maken van brandweerbewaking;

  • -

    In de tijdelijke bouwsels, het aanbrengen van brandpreventieve voorzieningen, zoals

blusapparatuur, noodverlichting, nooduitgangen en dergelijke.

3.3.5 Volksgezondheid

Tijdens een evenement kunnen de bezoekers/deelnemers ten alle tijden lichamelijk of psychisch

letsel oplopen. Om letsel zo veel mogelijk te voorkomen, wordt bij de beoordeling van een

vergunning aandacht besteed aan:

-Het vrijhouden van aan- en afvoerroutes voor ambulances in de directe omgeving van het

evenement;

-Het aantal bezoekers/deelnemers en de aard van het evenement bepalen of er EHBOpersoneel

en voorzieningen dienen te worden ingezet;

-Indien er duidelijke risico’s voor gezondheidsproblemen aanwezig zijn kan er besloten worden

om preventief medische bijstand gedurende het evenement in te zetten;

-Indien van toepassing moeten voldoende sanitaire voorzieningen aanwezig zijn.

Een aanvraag voor een groot evenement dient altijd voor advies voorgelegd te worden aan de

GGD Noord Holland Noord. Soms dient een aanvraag voor een evenement ook voor advies

worden voorgelegd aan de GHOR (Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en Rampen).

Aan de hand van een checklist kan beoordeeld worden of voor de vergunningverlening advies

van de GHOR is vereist. Naar aanleiding van het advies van de GHOR kunnen nadere

voorschriften aan een evenementenvergunning verbonden worden.

3.3.6 Calamiteitenparagraaf

Motivatie

Het organiseren van een evenement, van welke aard of omvang ook, brengt in meer of mindere

mate risico’s met zich mee. Dit kunnen risico’s zijn op het gebied van openbare orde,

brandveiligheid, verkeer en vervoer en volksgezondheid. Om te zorgen dat een evenement ook

daadwerkelijk een feestelijke gebeurtenis blijft is aandacht voor de veiligheid noodzakelijk.

Daarnaast vragen grootschalige evenementen en/of evenementen met (verhoogde)

veiligheidsaandacht om de inzet van extra capaciteit van de hulpverleningsdiensten.

Kenmerk

Gecoördineerde aanpak en onderlinge afstemming van politie, GHOR, brandweer, gemeente en

organisator is noodzakelijk

Samenhang met het rampenplan

Koppeling tussen rampenplan en evenementenbeleid (annex evenementenveiligheid) biedt

aansluiting op de uitgewerkte deelplannen en draaiboeken van de operationele en gemeentelijke

diensten.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 19

Quick scan

Naast de standaard advisering van brandweer, politie en GHOR bij aanvragen van evenementen

is er dus ook een extra beoordeling van het risico op calamiteiten nodig. De beoordeling van het

risicogehalte vindt plaats aan de hand van een quick scan. Deze quick scan wordt uitgevoerd

door de gemeente, indien een evenement in aanmerking komt voor een advies van de GHOR

(zie checklist GHOR) en/of meer dan 2000 bezoekers worden verwacht. De quick scan wordt

uitgevoerd door de sector Brandweer en Rampenbestrijding (in casu coördinator Openbare orde

en Veligheid en/of de coördinator Rampenbestrijding). Dit laat onverlet dat één van de

adviserende partijen of de organisator van het evenement de quick scan zelf kan uitvoeren en

daarmee het risicogehalte kan aangeven. Bij de uitvoering van de quick scan wordt gekeken naar

de aard van het evenement, de aard van het verwachte publiek en de plaats van het evenement.

Zie hiervoor de bijlage. Aan de hand van deze categorieën wordt het risicogehalte (laag,

gemiddeld, hoog) bepaald. Afhankelijk daarvan wordt bepaald welke verdere stappen moeten

worden doorlopen. Wanneer één van de betrokken partijen van oordeel is dat op basis van quick

scan een gecoördineerde aanpak nodig is van het risico op calamiteiten, dan moeten de partijen

nader in overleg om tot een gezamenlijke risicoanalyse te komen. De coördinatie hiervoor ligt bij

de sector Brandweer en Rampenbestrijding (in casu coördinator Openbare orde en Veligheid

en/of de coördinator Rampenbestrijding).

Gezamenlijke risicoanalyse

Om de operationele preparatie zo optimaal mogelijk te laten verlopen voeren de hulpdiensten in

multidisciplinair verband een (gedetailleerde) analyse uit van de mogelijke risico’s die met het

evenement gepaard gaan. Deze risicoanalyse wordt tevens gebruikt bij de toetsing van de

aanvraag. Indien door deze risicoanalyse zaken aan de orde komen, die naar het oordeel van de

hulpverleningsdiensten niet of nauwelijks de aandacht krijgen in de plannen die door de

organisatie zijn opgesteld, kan de organisator van het evenement verplicht worden om alsnog

met de desbetreffende zaken rekening te houden in de planvorming door het aanvullen van de

aanvraag. In de bijlage is een voorbeeld opgenomen voor de aandachtspunten van de

risicoanalyse.

Uitwerking

Indien uit de risicoanalyse blijkt dat er een nadere uitwerking door middel van een

calamiteitenplan / incidentenplan moet plaatsvinden, kan dat gebeuren hetzij door toetsing en

goedkeuring van het calamiteitenplan van de organisatie waarin de resultaten van de

risicoanalyse (scenario’s) en de op grond daarvan gestelde voorwaarden zijn opgenomen, hetzij

door middel van een door de gemeente in samenwerking met de hulpdiensten en de organisator

op te stellen incidentenplan voor het desbetreffende evenement.

3.3.7 Evenementen op openbaar groen en sierbestrating

Naast het algemeen belang voor het ordelijk verloop van evenementen heeft de gemeente als

eigenaar/beheerder van gronden en de daarop aangebrachte voorzieningen, zoals groen en

bestrating, de taak er zorg voor te dragen dat deze voorzieningen in een goede staat worden

gehouden. Door het plaatsen van voorwerpen voor evenementen dan wel het houden van

evenementen kunnen deze voorzieningen beschadigen.

In het kader van de vergunningverlening wordt aan de volgende punten aandacht besteed:

-Het afdekken van de bestrating om vervuiling en vervuiling van het afvalwater via de riolen te

voorkomen;

-Het aanbrengen van rijplaten voor zwaardere voertuigen om beschadiging aan groenstroken

en/of bestrating tegen te gaan.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 20

3.3.8 Waarborgsom

De gemeente zal, indien zij gegronde vrees heeft dat door het evenement haar voorzieningen

beschadigd worden, een waarborgsom opleggen aan de organisator.

4 Handhaving

De basis voor preventieve handhaving zou moeten liggen in de vergunning of ontheffing zelf:

de voorschriften in de vergunning of ontheffing dienen op handhaving ervan te zijn

afgestemd en dienen bij dit soort activiteiten sterk te zijn gebaseerd op preventie van

overtreding van de vergunning of ontheffing. Dat lijkt een open deur maar is het zeker niet.

Vaak worden in de vergunning alleen geluidsnormen (doelvoorschriften) opgenomen zonder

ondersteuning van deze doelen met middelvoorschriften. Het verdient aanbeveling om de

gestelde doelvoorschriften te ondersteunen met middelvoorschriften, zoals het installeren

van geluidsbegrenzers, aangeven van de opstelling van luidsprekers, aangeven van plaats,

opstelling en materiaal van afscherming voor luidsprekers eventueel in combinatie met

afscherming van geluidsgevoelige objecten.

Daarnaast is het essentieel dat bij het verlenen van een vergunning of ontheffing reeds een

toets plaatsvindt of het - gezien de aard van het feest en de locatie - in principe wel mogelijk

is om bij normaal functioneren aan de te stellen normen te voldoen.

In individuele gevallen kan worden besloten geluidsmetingen te laten verrichten om op die

wijze het maximale geluidsniveau te bepalen. Ook kan opdracht worden gegeven om

controlemetingen uit te voeren om te bezien of aan de gestelde voorwaarden wordt voldaan.

Bij het constateren van een overschrijding van de voorschriften in een vergunning of een

ontheffing kan daartegen op twee wijzen worden opgetreden, namelijk bestuursrechtelijk en

strafrechtelijk.

4.1 Bestuursrechtelijk

Bestuursrechtelijk optreden kan plaatsvinden op grond van artikel 125 Gemeentewet:

toepassen van bestuursdwang. Bij het constateren van een overtreding kan het college van

burgemeester en wethouders een einde aan de overtreding maken. Zo mogelijk moet de

overtreder eerst schriftelijk worden gewaarschuwd, maar bij ernstige overtredingen van

geluidsvoorschriften bij evenementen waarbij uitstel niet kan worden getolereerd is dit niet

noodzakelijk.

Een dwangsomprocedure is bij kortdurende activiteiten hoe dan ook niet aan de orde omdat

het een schriftelijke procedure betreft welke dus per definitie achter de feiten aanloopt.

Ten aanzien van vergunningen die op basis van APV en dit beleid worden verleend is het

volgende sanctiebeleid van toepassing:

Ten eerste wordt een aanvraag voor een evenement getoetst aan de relevante wet- en

regelgeving. Over het algemeen wordt een evenementenvergunning getoetst aan artikel

2.2.2. APV. Hierin staat dat een vergunning door de burgemeester geweigerd kan worden in

het belang van:

  • a.

    de openbare orde;

  • b.

    het voorkomen of beperken van overlast;

  • c.

    de verkeersveiligheid of de veiligheid van personen of goederen;

  • d.

    de zedelijkheid of gezondheid.

Dan kan er nog ten tijde van het evenement het volgende geconstateerd worden:

  • -

    de openbare orde wordt ernstig verstoord;

  • -

    het evenement zorgt voor teveel overlast;

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 22

  • -

    de veiligheid van personen of goederen komt in gevaar;

  • -

    de verkeersveiligheid komt in gevaar.

Op dat moment dient het evenement onmiddellijk beëindigd te worden.

Er zijn echter gevallen denkbaar waarbij het onmiddellijk beëindigen van de overtreding op

gespannen voet kan staan met de handhaving van de openbare orde of onevenredig zwaar

is in verhouding tot de schade die door belanghebbenden wordt ondervonden. In die

gevallen kan proces-verbaal worden opgemaakt door de politie.

Indien sprake is van een overtreding van de voorschriften van de vergunning kunnen

afhankelijk van de aard en het soort overtreding de volgende maatregelen genomen worden:

  • 1.

    de evenementenorganisatoren worden uitgenodigd voor een gesprek;

  • 2.

    er volgt een schriftelijke waarschuwing;

  • 3.

    de burgemeester verbindt strengere voorschriften aan de vergunning voor het komende

jaar;

4.het evenement wordt niet meer toegestaan.

4.2 Strafrechtelijk

Strafrechtelijk gezien is de overschrijding van de voorwaarden van een vergunning of

ontheffing die is gebaseerd op de Algemene plaatselijke verordening, strafbaar gesteld in

dezelfde verordening. Politieambtenaren of onze Boa’s zijn bevoegd te bevelen of te

vorderen dat de overtreding wordt beëindigd. Hierbij geldt wel de toets dat het politiebevel

naar redelijk inzicht - gezien de omstandigheden - noodzakelijk is en het een gepast middel

is ten opzichte van de overtreding. Hierbij moet worden aangenomen dat een politiebevel ten

behoeve van het handhaven van voorgeschreven voorschriften een gepast middel is.

Indien de politie op grond van overwegingen zoals ‘handhaving van de openbare orde’ naar

redelijk inzicht vindt dat het politiebevel niet kan worden gegeven blijft alleen het opmaken

van een proces-verbaal over. Dit middel draagt niet bij aan een onmiddellijke beëindiging van

de overtreding maar er kan bij een zogenaamd ‘lik-op-stuk-beleid’ van het openbaar

ministerie wel een preventieve werking voor een volgende keer respectievelijk voor andere

evenementen van uitgaan.

Het lijkt daarmee wenselijk een grote inspanning te richten op preventieve handhaving om de

noodzaak van repressieve handhaving te voorkomen.

4.3 Klachtenregistratie

Indien men een klacht heeft tijdens de openingstijden van het gemeentehuis kan degene

contact opnemen met de Gemeente Heerhugowaard. Buiten de openingstijden kan contact

opgenomen worden met de Regio Politie. De Afdeling Milieu en Economie draagt zorg voor

de afhandeling van deze klachten. Deze klachten zullen als input gebruikt voor de

vergunningverlening van soortgelijke evenementen. De Regio Politie en de

evenementencoördinator dienen elkaar goed te informeren over de ingediende klachten en

proberen deze klachten zo goed mogelijk af te handelen.

Aan de klager wordt verzocht om uiterlijk één week na het evenement een klacht schriftelijk

in te dienen. De evenementencoördinator kan de klachten dan zorgvuldig registreren en

evalueren. Deze evaluatie van klachten wordt mede gebruikt voor de vaststelling van de

evenementenkalender.

Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie, vastgesteld 30 oktober 2007 23

4.4 Toezicht strategie

De invulling en daadwerkelijk uitvoering van de handhaving wordt opgenomen in het integrale

handhavingsbeleid. De praktische uitvoering van de handhaving zal onderdeel uitmaken van de

jaarplannen van de diverse betrokken afdelingen.

5 Beleidscyclus

Dit beleid zal de eerste drie jaar jaarlijks worden geëvalueerd. Na de eerste drie jaar zal er een

drie jaarlijkse evaluatie plaatsvinden. Indien veranderde inzichten er toe leiden dat het

noodzakelijk is kan er binnen de periode van drie jaar een tussentijdse evaluatie plaats vinden.

Bij het opstellen van dit evaluatieschema is geen rekening gehouden met een raadsperiode en er

is ook geen wettelijke bepaling welke de evaluatiefrequentie aangeeft.

Er wordt jaarlijks bijgehouden hoeveel verleende en geweigerde vergunningen er zijn. Na ieder

evenement vindt een afzonderlijke evaluatie plaats. Aan het eind van het jaar in de maand

december worden deze evaluaties samengevat in een verzamelstaat. De evaluaties zijn voor de

beoordelen van aanvragen voor vergunningen en vermelding op de evenementenkalender. De

evaluaties worden ook worden de evaluaties gebruikt voor de evaluatie voor het gehele beleid.

Het verzamelen van de informatie ten behoeve van de evaluatie ligt in handen van de Afdeling

Milieu en Economie. De coördinatie en het beleidsmatige aspect ligt echter in handen van de

beleidsmedewerker Openbare Orde en Veiligheid.

Bijlage A

Voorwaarden behorende bij de vergunning voor het organiseren van een

evenement op het ……..terrein op …dag …. 2006

Algemeen

  • 1.

    De vergunning is op naam gesteld en niet overdraagbaar.

  • 2.

    De houder van de vergunning heeft schriftelijk toestemming nodig van de beheerder van het

ijsbaanterrein.

3.De indeling van het terrein is aangegeven op de bijgaande situatietekening en maakt deel uit

van deze vergunning tenzij bij deze vergunning anders is bepaald.

4.De houder van de vergunning doet bij voorbaat afstand van alle aanspraken die hij tegenover

de gemeente zou kunnen doen gelden wegens schade aan de krachtens deze vergunning

aanwezige werken, door welke oorzaak ook ontstaan en vrijwaart de gemeente voor alle

vorderingen die derden mochten doen gelden tot vergoeding van schade die met

gebruikmaken van deze vergunning in enigerlei verband staat, tenzij de schade is ontstaan

door of de vordering voortspruit uit schuld aan de zijde van de gemeente.

5.Alle werken of eigendommen van de gemeente die tengevolge van gebruik maken van deze

vergunning mochten worden beschadigd zullen door de gemeente op kosten van de houder

van de vergunning worden hersteld.

  • 6.

    De waterwinplaatsen en/of de ondergrondse brandkranen dienen vrijgehouden te worden.

  • 7.

    De eventueel door de gemeente, politie en/of brandweer te geven aanwijzingen dienen stipt

en onmiddellijk te worden opgevolgd.

Plaatsen van een tent voor meer dan 50 personen.

8.De plaatsbepaling van de tent dient in overleg met de afdeling Wijkbeheer te geschieden,

hiervoor dient u een week voor het opstellen van de tent contact op te nemen met de afdeling

Stadsbedrijf, de heer H. Schouten, telefoonnummer: 072-57 61 321.

9.Na het opbouwen van de tent vindt een controle plaats door de brandweer. U dient een

gebruiksvergunning te hebben van de brandweer. U dient de heer R. Simonis,

telefoonnummer 072-57 60 960, te verwittigen als de opbouw van de tenten gereed is.

  • 10.

    Het evenemententerrein is gedraineerd.

  • 11.

    De afstand tussen de grondpiketten van eventueel verschillende tenten dient tenminste 6

meter te zijn.

  • 12.

    De afstand tussen de tent en eventuele woon- en pakwagens dient tenminste 6 meter te zijn.

  • 13.

    Trappen en tribunes dienen voldoende stevig te zijn geconstrueerd en te zijn voorzien van

leuningen.

14.De lampen, herzen en schijnwerpers mogen niet in aanraking komen met brandbare stoffen

of met het tentdoek. De afstand tot het tentdoek dient 1 meter te zijn.

  • 15.

    Matten en lopers dienen vast te liggen op de vloer.

  • 16.

    Papier en afval onder de tribune dient voor de aanvang van de voorstelling te zijn verwijderd.

  • 17.

    Omtrent de levering van drinkwater en de aansluiting daartoe op het waterleidingnet en

elektriciteitsaansluiting dient u uiterlijk één week van te voren contact op te nemen met de

heer H. Schouten (telefoonnummer 072-57 61 321)

18.Een eventuele noodaggregaat dient aan de parkkant, zover mogelijk van de bestaande

woonbebouwing af, te worden geplaatst.

Beveiliging

  • 19.

    De leden van de organisatie dienen met elkaar in verbinding te staan.

  • 20.

    Er zullen circa 25 personen worden ingezet waarvan 20 personen voor de beveiliging en 5

begeleiders.

21.Er moeten minimaal .. beveiligingsmensen (te weten minimaal 1 beveiliger op 150 bezoekers)

aanwezig zijn van 14.00 uur tot 19.00 uur en ten minste .. beveiligingsmensen van 19.00 tot

en met de afloop van het evenement.

22.De beveiligingsmensen moeten afkomstig zijn van een erkend beveiligingsbedrijf dat wil

zeggen een bedrijf dat in het bezit is van een vergunning van het Ministerie van Justitie en

waarvan de beveiligingsmensen zijn gescreend en in het bezit zijn van een legitimatiebewijs.

23.Het beveiligingsbedrijf dient de werkzaamheden en degenen die dit uitvoeren inclusief

legitimatiebewijsnummers uiterlijk 1 week voor het evenement te melden bij het District

Noord-Kennemerland van de Politie Noord-Holland Noord, Mallegatsplein 2, 1815 NG

Alkmaar (Postbus 186, 1800 AD Alkmaar).

24.De beveiligingsmensen dienen aanwezig te blijven tot de bezoekers het terrein en de naaste

omgeving hebben verlaten.

25.De beveiliging dient zich mede te richten op het voorkomen van de handel in drugs en op het

voorkomen van het nuttigen van zelf meegebrachte alcoholische drank op het

evenemententerrein.

Verstrekking eten en (alcoholische) drank

26.Er dienen voldoende gelegenheden te zijn op het terrein om het aantal te verwachten

bezoekers van eten en drinken te kunnen voorzien.

27.Naast niet-alcoholische dranken mag zwak alcoholhoudende drank worden geschonken. Het

verstrekken van “breezers” of flesjes en blikjes bier is niet toegestaan. De zwak

alcoholhoudende drank mag slechts verstrekt worden door de houder van een ontheffing

ingevolge artikel 35 van de Drank- en horecawet.

  • 28.

    Het tapeiland mag vanaf ...00 uur tot ….00 uur geopend zijn.

  • 29.

    Dranken mogen alleen geschonken worden in plastic bekers.

  • 30.

    De houders van de standplaatsvergunningen mogen geen alcoholhoudende drank verkopen.

Terrein, parkeren en voorzieningen

31.Uiterlijk …….. 2007 dient een waarborgsom ter hoogte van € 750,00 te zijn betaald aan de

gemeente. Binnenkort ontvangt u een acceptgiro voor het betalen van de waarborgsom.

Met de opbouw van het evenement mag niet worden begonnen voordat de waarborgsom is

ontvangen.

32.Voor de opbouw zal een voorschouw worden gehouden met een door u aan te wijzen

vertegenwoordiger samen met de vertegenwoordiger van onze gemeente, de heer H.

Schouten (tel. 072 – 5761321)

  • 33.

    De opbouw van het terrein zal plaatsvinden op ……….. 2007 van ...00 uur tot ...00 uur.

  • 34.

    Het afbreken van het terrein zal plaatsvinden op ……….2007 van ...00 uur tot ...00 uur.

  • 35.

    De houder van deze vergunning is verantwoordelijk voor het terrein van het moment van

opbouw tot het moment dat alles is afgebroken en opgeruimd.

36.Er mag geen gebruik worden gemaakt van tenten of andere bouwsels waar meer dan 50

personen tegelijkertijd in kunnen verblijven. Dit geldt ook voor het podium.

  • 37.

    Alle activiteiten dienen plaats te vinden in de open lucht.

  • 38.

    Er zal een podiumtrailer worden geplaatst van circa 75 m².

  • 39.

    De stroomvoorziening wordt voorzien door een aggregaat.

  • 40.

    Nabij de podiumtrailer moet een brandblusser worden geplaatst met een minimale inhoud van

6 kg poeder;

41.Er dienen voldoende brandblussers, te weten brandblussers met 6 kilo poeder, aanwezig te

zijn op het terrein om een eerste begin van brand te blussen.

42.Er dienen voldoende chemische toiletten (minimaal .. toiletcabines en ..urinoirs) en

afvalbakken aanwezig te zijn.

43.De organisatie dient zorg te dragen voor verwijzingen van bezoekers naar beschikbare

parkeervoorzieningen door middel van verkeersregelaars.

  • 44.

    De organisatie dient te zorgen voor voldoende gelegenheid voor het stallen van fietsen.

  • 45.

    Gedurende het gehele evenement dient een EHBO-post aanwezig en bemenst te zijn.

  • 46.

    Er dienen maatregelen te worden getroffen om vervuiling van de bodem tegen te gaan door

het afdekken van de bodem met plastic daar waar kans op verontreiniging bestaat .

  • 47.

    Beschadiging van (de toegangswegen naar) het terrein dient voorkomen te worden.

  • 48.

    Bij aan- en afvoer van materiaal met wagens dienen de toegangswegen naar het terrein te

worden afgedekt met rijplaten.

  • 49.

    Er mag niet worden gereden over de aanwezige bruggen (ook niet met rijplaten).

  • 50.

    Hulpdiensten zoals ambulance, politie en brandweer moeten het terrein altijd onbelemmerd

kunnen bereiken.

Voorwaarden behorende bij de toestemming voor het plaatsen van tijdelijke

reclameborden

  • 51.

    De reclameborden dienen uiterlijk één dag na de voorstellingen te zijn verwijderd.

  • 52.

    De reclameborden mogen een maximale afmeting hebben van 85 cm bij 128 cm.

  • 53.

    De reclameborden mogen niet worden aangebracht aan of direct bij verkeersborden

  • 54.

    De reclameborden mogen niet worden aangebracht binnen een straal van 50 meter van het

kruispunt.

55.De reclameborden mogen niet worden aangebracht ter hoogte van scholen, bij of ter hoogte

van voetgangers oversteekplaatsen en op plaatsen waar de borden het uitzicht kunnen

belemmeren.

56.Alle werken of eigendommen van de gemeente die tengevolge van gebruikmaken van deze

toestemming mochten worden beschadigd zullen door de gemeente op kosten van de houder

van de toestemming worden hersteld.Dit geldt ook voor de kosten voor herstel van het

schilderwerk aan de lichtmasten.

57.Alle reclameborden, die niet geplaatst zijn volgens de gestelde voorwaarden in de

toestemming en de bijgevoegde situatietekening zullen door de gemeente, op kosten van de

houder van de toestemming, worden verwijderd.

Geluid

  • 58.

    De geluidsinstallatie(s) mag (mogen) de omwonenden niet hinderen.

  • 59.

    De elektrische installatie moet voldoen aan de NEN1010;

  • 60.

    Het muziekgeluid ten gevolge van de festiviteiten mag ter plaatse van geluidsgevoelige

bestemmingen, gemeten vanaf de gevel van de dichtstbijzijnde woning, geen ernstige hinder

veroorzaken. Hiertoe mag het geluid immissieniveau (Li) de volgende waarden niet

overschrijden:

  • -

    70 dB (A) voor de dagperiode tussen 12.00 uur en 19.00 uur;

  • -

    65 dB (A) voor de avondperiode tussen 19.00 uur en 22.00 uur.

Controle op of berekening van de hierboven genoemde geluidsniveaus moet geschieden

overeenkomstig de Handleiding meten en rekenen industrielawaai (uitgave 1999), uitgegeven

door het Ministerie van Volkshuisvesting en Milieubeheer. Ook de beoordeling van de

meetresultaten moet overeenkomstig deze handleiding plaatsvinden.

61.De houder van deze vergunning dient een meting, een akoestisch onderzoek, te laten

uitvoeren door een daartoe erkend bedrijf. De resultaten van deze meting dienen binnen 3

weken na afloop van het evenement bij de gemeente te worden aangeleverd.

62.Tussen het optreden van de diverse bands dienen pauzes te worden ingelast, ongeveer een

kwartier. De muziek die in de pauzes tussen de optredende bands ten gehore wordt

gebracht, dient het geluidsniveau van achtergrond muziek te hebben.

Het evenement moet om 22.00 uur zijn beëindigd. Bij het inregelen moet de geluidsinstallatie

zonodig zijn afgesteld dat mogelijke hinder van het geluid in de lagere frequenties wordt

voorkomen.

63.Bij gebleken geluidsoverlast aan derden dient op de eerste aanmaning van de politie de

muziek onmiddellijk te worden gestaakt.

Afloop evenement en opruimen

64.Na afloop van het evenement dient er op te worden toegezien dat het publiek het terrein

daadwerkelijk en ordelijk verlaat.

65.Direct na afloop van het evenement en uiterlijk ….dag ……. 2007 moet het ijsbaanterrein en

de onmiddellijke omgeving daarvan in dezelfde staat worden achtergelaten als waarin het is

aangetroffen (verwijderen evenementelementen, verwijderen afval e.d.)

  • 66.

    Het opruimen moet goed en deugdelijk gebeuren.

  • 67.

    De afvalbakken/containers dienen uiterlijk 1 dag na het evenement van het terrein te zijn

verwijderd.

68.Na het opruimen zal een naschouw worden gehouden met een door u aan te wijzen

vertegenwoordiger samen met de vertegenwoordiger van onze gemeente, de heer H.

Schouten (tel. 072 – 5761321)

Overigen

69.Omwonenden dienen uiterlijk een week voor aanvang van het muziekevenement schriftelijk

op de hoogte te worden gesteld van de aard en duur van het evenement.

Bijlage B

Checklist ter beoordeling van de noodzaak voor het inwinnen van advies van de GHOR/ gezondheidszorg

  • 1

    Is er sprake van een evenement in een van de volgende rubrieken: Popconcert, tentfeest, meerdaagse wandelmarsen, toerritten, corso/optochten, sportevenementen buiten een stadion, (house)party’s, demonstraties, vliegshows, auto/motorsportevenementen, vuurwerk? Nee /Ja

  • 2

    Worden er meer dan 10.000 bezoekers en/of deelnemers verwacht? Nee /Ja

  • 3

    Is de verwachting, dat er sprake is van excessief drank en/of drugsgebruik? Nee /Ja

  • 4

    Betreft het een meerdaags evenement, waarbij gebruik gemaakt wordt van tijdelijke huisvesting? Nee /Ja

  • 5

    Zijn bij het evenement in belangrijke mate dieren betrokken? Nee /Ja

  • 6

    Is er sprake van een of meer van de volgende voorzieningen? -kinderopvang Nee /Ja -attractie-of speeltoestellen Nee/ Ja -zandbakken Nee /Ja -tatoeage/piercing Nee /Ja

  • 7

    Is de ondergrond niet verhard (zoals een weiland)? Nee /Ja

  • 8

    Zijn er beperkingen voor de locatie? -bereikbaarheid Nee /Ja -ligging t.o.v. bedrijven Nee /Ja -ligging t.o.v. andere risico opleverende objecten Nee /Ja -beperking van hulpverleningsmogelijkheden aan omwonenden Nee /Ja Indien op deze vragen “ja” gescoord wordt, dan is een adviesaanvraag aan de GHOR aan de orde. Indien ze allemaal met “nee” beantwoord worden, maar als op de onderstaande vraag met “ja” geantwoord wordt, dan dient contact opgenomen te worden met de GGD Noord Kennermerland voor een technisch hygiëne advies.

Is er sprake van tijdelijke voorzieningen, op het gebied van Water Nee /Ja Sanitair Nee /Ja Horeca Nee /Ja

Bijlage C

Klachtenregistratieformulier

(een formulier per klacht) Dit formulier sturen naar: De burgemeester van de gemeente Heerhugowaard

p.a. Evenementencoördinator, afdeling Milieu en Economie Postbus 390 1700 AJ HEERHUGOWAARD

of in te vullen op de website www.heerhugowaard.nl

Nadere inlichtingen kunt u krijgen bij de evenementencoördinator; telefoon 072 – 576 14 71.

1. Gegevens van de klager

Naam: ……………………………………………………………………………

Adres ………………………….………………………………………………..

Postcode en Woonplaats ……………………………………………………..

Telefoonnummer ……………………………………………………………….

2. Op welk evenement heeft de klacht betrekking

……………………………………………………………………………………………………………………

3. De klacht

……………………………………………………………………………………………………………………

…………………………………………………………………………………… ……………………………….…………………………………………………… …. …………………………………………………………………………………… ……………………………….…………………………………………………… …. …………………………………………………………………………………… ……………………………….…………………………………………………… ……

…………………………………………………………………………………… …………………………………………………………………………………… …………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………

4. Overige opmerkingen

…………………………………………………………………………………… ……………………………….…………………………………………………… …………………………………………………………………………………… ……………………………….……………………………………

Bijlage D

Quick scan voor beoordeling van het risico op calamiteiten

Aan de hand van deze categorieën wordt het risicogehalte (laag, gemiddeld, hoog) bepaald.

Voorbeeld risicoanalyse

Bijlage E

Overzicht grote evenementen en opzet evenementenkalender 2007

Bijlage F

Formulier en toelichting

BIJLAGE E

Overzicht grote evenementen die in 2006 hebben plaatsgevonden en in de afgelopen jaren meerdere keren zijn georganiseerd

(Circus en Kermis): worden wel genoemd ter indicatie, maar maken geen onderdeel uit van de verdeling, zie paragraaf 2.2.2

Evenementenkalender 2007, zoals bekend op 8 november 2006

  • Agendanr.

    : 9

  • Voorstelnr.

    : 2007-020

Onderwerp : Evenementenbeleid

Aan de Raad,

Heerhugowaard, 19 december 2006

Beknopt voorstel

In te stemmen met het principe besluit van het College van Burgemeester en Wethouders voor de vaststelling van het Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie

Toelichting

Het evenementenbeleid, zoals dat nu bij u voorligt, valt onder het begrip beleidsregels. In dit beleid wordt aangegeven op welke wijze de burgemeester en het college, elk op het gebied van hun eigen bevoegdheden, uitvoering geven aan de vergunningplicht uit de Algemene Plaatselijke Verordening op het gebied van evenementen. Het evenementenbeleid krijgt pas rechtskracht wanneer deze vastgesteld wordt door het college. Er is echter aangegeven door de portefeuillehouder dat het wenselijk is om het evenementenbeleid voor te leggen aan de Gemeenteraad en deze in de commissie Stadsontwikkeling te bespreken.

Het concept evenementenbeleid, vastgesteld door het college op 22 augustus 2006, is na een inspraakperiode aangepast en herzien. Conform de Inspraakverordening dient het eindverslag van de inspraakperiode vastgesteld en openbaar te worden gemaakt.

Naast de aanpassingen die voort gekomen zijn uit de inspraakperiode, is het stuk qua opzet en structuur gewijzigd en zijn een aantal ontbrekende verduidelijkingen aangebracht.

In het hoofdstuk Handhaving wordt verwezen naar het integraal Handhavingsbeleid. Het is niet mogelijk gebleken in het kader van dit evenementenbeleid om de daadwerkelijk inzet op het gebied van handhaving van de diverse betrokken afdelingen en politie in kaart te brengen. Geadviseerd wordt dan ook om de personele inzet qua handhaving en toezicht bij evenementen op te nemen in het Handhavingsprogramma en de jaarplannen van de betrokken afdelingen.

De toepassing van een uitgebreidere procedure voor grote evenementen betekent dat voor het verlenen van een dergelijke vergunning meer uren besteed moeten worden. In de reeds vastgestelde Legesverordening 2007 is hiermee rekening gehouden door een onderscheid te maken in grote en kleine evenementen. Waarbij de leges voor de grote evenementen hoger zijn dan voor de kleine evenementen.

Zodra het evenementenbeleid is vastgesteld treedt de evenementenkalender in werking. Het daadwerkelijk plaatsen van evenementen op de kalender zal in overleg met de burgemeester plaatsvinden.

Bij dit evenementenbeleid is tevens een aanvraagformulier gevoegd die gelijktijdig wordt vastgesteld.

Burgemeester en wethouders van Heerhugowaard,

De secretaris, de burgemeester,

Advies commissie SO d.d. 6 februari 2007

Akkoordstuk

Nr.2007-020

de Raad van de gemeente Heerhugowaard;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 19 december 2006

b e s l u i t

In te stemmen met het principe besluit van het College van Burgemeester en Wethouders voor de vaststelling van het Evenementenbeleid, Evenementen in goede harmonie.

Heerhugowaard, 20 februari 2007

De Raad voornoemd,

de griffier, de voorzitter,

Gepubliceerd in Heerhugowaards Nieuwsblad jrg.23 nr.45, d.d. 06 november 2007, pag.4.