Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR767927
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR767927/1
Beleidsregels vuurwerkontheffingen jaarwisseling gemeente Wassenaar 2026-2027
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 16-10-2026
Intitulé
Beleidsregels vuurwerkontheffingen jaarwisseling gemeente Wassenaar 2026-2027De burgemeester van de gemeente Wassenaar.
gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;
gelet op artikel 9.2.2.1a van de Wet milieubeheer en de artikelen 2.3.2, 2.3.2a en 2.3.2b van het Vuurwerkbesluit;
overwegende dat met de Wet veilige jaarwisseling het afsteken van consumentenvuurwerk verder is beperkt;
overwegende dat de wetgever aan de burgemeester de bevoegdheid heeft toegekend om, onder voorwaarden, ontheffing te verlenen voor het tijdens de jaarwisseling tot ontbranding brengen van aangewezen vuurwerk van categorie F2; overwegende dat de burgemeester het wenselijk vindt om beperkte, georganiseerde en controleerbare vormen van vuurwerk mogelijk te maken voor lokale verenigingen en stichtingen;
overwegende dat veiligheid, openbare orde, bescherming van kwetsbare locaties en uitvoerbaarheid daarbij centraal staan;
besluit vast te stellen de volgende beleidsregels: Beleidsregels vuurwerkontheffingen jaarwisseling gemeente Wassenaar 2026-2027.
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
- a.
burgemeester: de burgemeester van de gemeente Wassenaar;
- b.
gemeente: de gemeente Wassenaar;
- c.
Algemene Plaatselijke Verordening: de geldende Algemene Plaatselijke Verordening 2024 van de gemeente Wassenaar;
- d.
ontheffing: een ontheffing als bedoeld in artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer;
- e.
aanvrager: een vereniging of stichting die een aanvraag indient voor een ontheffing;
- f.
jaarwisseling: de periode van 31 december 18.00 uur tot 1 januari 02.00 uur van het daaropvolgende jaar;
- g.
Vuurwerkbesluit: het Vuurwerkbesluit zoals gewijzigd door het Besluit veilige jaarwisseling.
Voor zover begrippen niet in deze beleidsregels zijn gedefinieerd, wordt aangesloten bij de betekenis die daaraan is gegeven in de Wet milieubeheer en het Vuurwerkbesluit.
Artikel 2. Doel van de beleidsregels
-
1. Deze beleidsregels geven invulling aan de wijze waarop de burgemeester gebruik maakt van zijn bevoegdheid om ontheffing te verlenen voor het tijdens de jaarwisseling tot ontbranding brengen van aangewezen vuurwerk van categorie F2.
-
2. De beleidsregels hebben tot doel om aanvragen op een consistente, transparante en juridisch houdbare wijze te beoordelen.
-
3. De beleidsregels voorzien niet in een herhaling van de wettelijke voorwaarden en voorschriften die rechtstreeks volgen uit de Wet milieubeheer, het Vuurwerkbesluit of andere regelgeving.
Artikel 3. Uitgangspunten
-
1. De burgemeester staat in beginsel open voor aanvragen van lokale verenigingen en stichtingen die zijn gericht op een georganiseerde, controleerbare en veilige vorm van vuurwerk tijdens de jaarwisseling.
-
2. Het verlenen van een ontheffing is geen recht. Iedere aanvraag wordt afzonderlijk beoordeeld aan de hand van de wettelijke voorwaarden, deze beleidsregels en de concrete omstandigheden van het geval.
-
3. De burgemeester weegt bij de beoordeling van een aanvraag in ieder geval de volgende belangen mee:
- a.
openbare orde;
- b.
openbare veiligheid;
- c.
bescherming van personen en goederen;
- d.
bescherming van kwetsbare gebouwen, natuurgebieden en locaties;
- e.
bereikbaarheid voor hulpdiensten;
- f.
bescherming van dieren;
- g.
uitvoerbaarheid van toezicht en handhaving.
- a.
-
4. De burgemeester kiest niet voor een algemene verruiming van vuurwerkgebruik, maar voor een beperkte en gereguleerde mogelijkheid voor georganiseerd vuurwerk onder strikte voorwaarden.
Artikel 4. Lokale binding
-
1. Gelet op artikel 2.3.2, onderdeel a, van het Vuurwerkbesluit, wordt een ontheffing uitsluitend verleend aan een vereniging of stichting met lokale binding.
-
2. Van lokale binding kan in ieder geval sprake zijn indien:
- a.
de vereniging of stichting statutair is gevestigd in de gemeente Wassenaar;
- b.
ten minste één bestuurder van de vereniging of stichting woonachtig is in de gemeente Wassenaar; en
- c.
de activiteiten van de vereniging of stichting in overwegende mate zijn gericht op inwoners, wijken, buurten of gemeenschappen binnen de gemeente Wassenaar.
- a.
-
3. Indien een aanvrager niet (volledig) voldoet aan de vereisten uit het tweede lid van dit artikel, dan kan de burgemeester het bestaan van lokale binding aannemen indien uit de statutaire doelstelling, de feitelijke activiteiten, de doelgroep, de historie van de organisatie of andere concrete omstandigheden blijkt dat de vereniging of stichting aantoonbaar en duurzaam verbonden is met de gemeente Wassenaar.
Toelichting
De eis van lokale binding sluit aan bij artikel 2.3.2, onderdeel a, van het Vuurwerkbesluit en bij de bedoeling van de ontheffingsregeling om georganiseerde lokale initiatieven mogelijk te maken. De burgemeester vindt het van belang dat de aanvrager niet alleen formeel, maar ook feitelijk verbonden is met de gemeente. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de statutaire vestiging, de feitelijke activiteiten, de doelgroep en de bestuurlijke verankering van de vereniging of stichting. Het uitgangspunt is dat ten minste één bestuurder woonachtig is in de gemeente. Daarmee wordt geborgd dat de organisatie lokaal aanspreekbaar en betrokken is. Tegelijkertijd kan niet worden uitgesloten dat ook sprake kan zijn van voldoende lokale binding indien niet aan alle genoemde omstandigheden wordt voldaan. Daarom behoudt de burgemeester ruimte om in bijzondere gevallen, op basis van de concrete feiten en omstandigheden, alsnog lokale binding aan te nemen.
Artikel 5. Indiening van de aanvraag
-
1. De aanvraag bevat de gegevens en bescheiden die nodig zijn om te beoordelen of wordt voldaan aan de voorwaarden uit het Vuurwerkbesluit en aan deze beleidsregels. Daartoe verstrekt de aanvrager in ieder geval:
- a.
een uittreksel van het handelsregister;
- b.
een motivering waaruit de lokale binding blijkt;
- c.
een veiligheidsplan waarin in ieder geval het volgende is opgenomen:
- i.
een situatietekening waarin de afsteekplaats, het afsteekterrein, de veiligheidsafstand en de veiligheidszone zijn opgenomen;
- ii.
een exact overzicht van het af te steken vuurwerk;
- iii.
een beschrijving van hoe de ingevolge artikel 2.3.2a, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit aan de ontheffing te verbinden voorschriften zullen worden nageleefd;
- iv.
een of twee supervisors die ter plaatse verantwoordelijk zijn voor een goede gang van zaken alsmede ten hoogste acht ontbranders die vuurwerk tot ontbranding mogen brengen;
- v.
een telefoonnummer waarop de supervisor of supervisors bereikbaar zijn;
- i.
- d.
een toelichting, waar nodig onderbouwd met foto's, kaarten of andere gegevens, waaruit blijkt dat het afsteekterrein:
- i.
niet de binnenruimte is van een gebouw;
- ii.
goed bereikbaar is voor hulpdiensten;
- iii.
zodanig is gelegen dat voldoende ruimte bestaat voor de voorgeschreven veiligheidszone waarin zich geen zeer kwetsbare gebouwen en locaties bevinden, bedrijfsmatig dieren worden gehouden, brandbare objecten of voer- of vaartuigen bevinden en naar het oordeel van de burgemeester geschikt is voor het op veilige wijze tot ontbranding brengen en het daaraan voorafgaand bewaren van het aangevraagde vuurwerk;
- i.
- e.
een beschrijving van de aard en omvang van de activiteit;
- f.
een beschrijving van de wijze waarop omwonenden en andere belanghebbenden worden geïnformeerd;
- g.
indien van toepassing een toelichting op samenloop met een evenement of andere activiteit;
- h.
indien van toepassing gegevens over getroffen of te treffen maatregelen voor aansprakelijkheid en verzekering.
- a.
Artikel 6. Te laat ingediende aanvragen
-
1. Een aanvraag voor een ontheffing wordt uiterlijk op 1 november voorafgaand aan de betreffende jaarwisseling ingediend.
-
2. Aanvragen die na deze datum worden ingediend kunnen worden geweigerd indien een zorgvuldige beoordeling redelijkerwijs niet meer mogelijk is.
-
3. Bij de beoordeling als bedoeld in het tweede lid betrekt de burgemeester in ieder geval:
- a.
de resterende tijd tot de jaarwisseling;
- b.
de complexiteit van de aanvraag;
- c.
de benodigde advisering door politie, brandweer, veiligheidsregio of andere betrokken partijen;
- d.
de mogelijkheid om de locatie zorgvuldig te beoordelen; en
- e.
de beschikbare ambtelijke, toezichts- en handhavingscapaciteit.
- a.
Toelichting: Deze bepaling creëert geen automatische weigering. De burgemeester beoordeelt concreet of de aanvraag nog zorgvuldig kan worden behandeld. Daarmee blijft ruimte voor maatwerk en wordt voorkomen dat de beleidsregel feitelijk een harde wettelijke vervaltermijn introduceert. Indien als gevolg van de late indiening een zorgvuldige voorbereiding, beoordeling of uitvoering redelijkerwijs niet meer mogelijk is, kan de burgemeester de aanvraag weigeren. De indieningstermijn van 1 november biedt voldoende gelegenheid voor een zorgvuldige behandeling van aanvragen. Indien een aanvraag na deze datum wordt ingediend, beoordeelt de burgemeester of behandeling nog mogelijk is.
Artikel 7. Beoordeling van de locatie
-
1. Een ontheffing wordt uitsluitend verleend indien de aangevraagde locatie naar het oordeel van de burgemeester geschikt is voor het veilig tot ontbranding brengen van het aangevraagde vuurwerk.
-
2. De burgemeester betrekt bij de beoordeling van de locatie in ieder geval:
- a.
de bereikbaarheid voor hulpdiensten;
- b.
de aanwezigheid van voldoende ruimte voor het afsteekterrein en de veiligheidszone;
- c.
de afstand tot woningen, gebouwen en publiek toegankelijke locaties;
- d.
de afstand tot kwetsbare gebouwen en locaties;
- e.
de aanwezigheid van brandbare objecten, rieten daken, voer- of vaartuigen;
- f.
de nabijheid van locaties waar bedrijfsmatig dieren worden gehouden;
- g.
de ligging ten opzichte van de openbare weg;
- h.
eerdere incidenten of verstoringen van de openbare orde op of nabij de locatie.
- a.
-
3. De burgemeester kan gebieden of locaties aanwijzen waar geen ontheffing wordt verleend indien dat noodzakelijk wordt geacht in het belang van openbare orde, veiligheid, bereikbaarheid, bescherming van kwetsbare locaties of handhaafbaarheid.
-
4. De burgemeester kan een aanvraag weigeren indien vanwege droogte, een verhoogd natuurbrandrisico, een afgegeven natuurbrandwaarschuwing of andere omstandigheden onvoldoende kan worden gewaarborgd dat het vuurwerk veilig tot ontbranding kan worden gebracht.
Toelichting: Het Vuurwerkbesluit schrijft al voor dat het afsteekterrein geschikt moet zijn, voldoende ruimte moet bieden voor de veiligheidszone en goed bereikbaar moet zijn voor hulpdiensten. Dit artikel geeft aan hoe de burgemeester deze lokale beoordelingsruimte toepast.
Artikel 8. Kwetsbare objecten en risicogebieden
-
1. De burgemeester verleent geen ontheffing indien de veiligheidszone geheel of gedeeltelijk is gelegen binnen of nabij een locatie waar dit, gelet op de aard van die locatie, onaanvaardbare risico's oplevert.
-
2. Als kwetsbare objecten of locaties worden in ieder geval aangemerkt:
- a.
ziekenhuizen, hospices en vergelijkbare locaties;
- b.
locaties waar bedrijfsmatig dieren worden gehouden;
- c.
gebouwen met rieten daken of andere verhoogde brandbaarheidsrisico's;
- d.
locaties waar gevaarlijke stoffen aanwezig zijn;
- e.
eerdere incidenten of verstoringen van de openbare orde op of nabij de locatie;
- f.
natuurgebieden, duingebieden, Natura 2000-gebieden, landgoederen, bosgebieden, ecologische verbindingszones, stiltegebieden en andere ecologisch kwetsbare locaties;
- g.
gebieden waarvoor een verhoogd natuurbrandrisico is vastgesteld.
- a.
-
3. De burgemeester kan gemotiveerd bepalen dat ook andere locaties als kwetsbaar of risicovol worden aangemerkt.
Artikel 9. Openbare orde en veiligheid
-
1. De burgemeester betrekt bij de beoordeling van een aanvraag advies van de politie, brandweer, veiligheidsregio of andere betrokken partners indien de aard van de aanvraag daartoe aanleiding geeft.
-
2. De burgemeester kan een aanvraag weigeren indien:
- a.
sprake is van een verhoogd risico op verstoring van de openbare orde;
- b.
de activiteit naar verwachting leidt tot een onevenredige belasting van politie, brandweer, boa's of andere hulpdiensten;
- c.
onvoldoende toezicht op het afsteekterrein of de veiligheidszone kan worden geborgd;
- d.
onvoldoende duidelijk is hoe wordt voorkomen dat derden buiten de ontheffing om vuurwerk afsteken;
- e.
de aanvraag samenvalt met andere activiteiten of omstandigheden waardoor de veiligheid of handhaafbaarheid onvoldoende kan worden gewaarborgd.
- a.
-
3. Een negatief advies van een betrokken partner kan aanleiding zijn om de aanvraag te weigeren of aanvullende voorschriften aan de ontheffing te verbinden.
Artikel 10. Samenloop met evenementen
-
1. Indien het afsteken van vuurwerk onderdeel uitmaakt van of samenhangt met een evenement, beoordeelt de burgemeester of naast de ontheffing ook een evenementenvergunning of melding op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening vereist is.
-
2. Een ontheffing voor vuurwerk laat onverlet dat de aanvrager verantwoordelijk is voor het verkrijgen van andere benodigde toestemmingen, vergunningen of meldingen.
-
3. Indien een vereiste evenementenvergunning wordt geweigerd of niet tijdig kan worden verleend, kan dit aanleiding zijn om de ontheffing te weigeren.
Toelichting De Wet veilige jaarwisseling en het Vuurwerkbesluit laten de gemeentelijke regels over evenementen onverlet. Als het vuurwerk onderdeel is van een evenement, kan dus naast de ontheffing ook een evenementenvergunning of melding nodig zijn.
Artikel 11. Aansprakelijkheid en verzekering
-
1. De aanvrager is verantwoordelijk voor de naleving van de ontheffing en de daaraan verbonden voorschriften.
-
2. De aanvrager is verantwoordelijk voor schade of letsel die voortvloeit uit het gebruik van de ontheffing, voor zover deze schade of dit letsel aan de aanvrager kan worden toegerekend.
-
3. De burgemeester kan verlangen dat de aanvrager aantoont dat een passende aansprakelijkheidsverzekering is afgesloten, of dat op andere wijze voldoende is gewaarborgd dat eventuele schade kan worden gedekt.
-
4. Indien onvoldoende aannemelijk is dat de aanvrager de financiële risico's van de activiteit kan dragen, kan de burgemeester aanvullende voorschriften stellen of de aanvraag weigeren.
Toelichting: Het Vuurwerkbesluit verplicht niet tot een verzekering, maar laat ruimte aan de burgemeester om dit in een concreet geval te adviseren of voor te schrijven. Om die reden is de verzekeringseis niet absoluut geformuleerd, maar als beoordelings- en voorschriftenruimte.
Artikel 12. Meerdere aanvragen
-
1. Indien meerdere aanvragen betrekking hebben op dezelfde locatie, nabijgelegen locaties of hetzelfde tijdvak, beoordeelt de burgemeester of deze aanvragen naast elkaar kunnen worden toegestaan.
-
2. De burgemeester kan een aanvraag weigeren indien verlening zou leiden tot een onaanvaardbare cumulatie van risico's voor openbare orde, veiligheid, toezicht, handhaving of bereikbaarheid.
-
3. Indien meerdere aanvragen niet naast elkaar kunnen worden toegestaan, betrekt de burgemeester bij de beoordeling in ieder geval:
- a.
de volledigheid en tijdigheid van de aanvraag;
- b.
de mate van lokale binding
- c.
de geschiktheid van de locatie;
- d.
de gevolgen voor omwonenden en de omgeving;
- e.
de mate waarin de aanvraag bijdraagt aan een georganiseerd, veilig en controleerbaar alternatief voor ongecontroleerd vuurwerkgebruik.
- a.
-
4. De burgemeester stelt geen maximumaantal ontheffingen vast.
-
5. Iedere aanvraag wordt afzonderlijk beoordeeld aan de hand van de wettelijke voorschriften, deze beleidsregels en de concrete omstandigheden van het geval.
Toelichting: De burgemeester stelt geen maximumaantal ontheffingen vast, noch voor de gemeente als geheel noch per vereniging of stichting. Iedere aanvraag wordt afzonderlijk beoordeeld aan de hand van de wettelijke voorschriften, de omstandigheden van het geval en de belangen die met deze beleidsregels worden beschermd. Daarbij kunnen openbare orde, veiligheid, bereikbaarheid, toezicht en handhaving aanleiding geven om een aanvraag te weigeren of aanvullende voorschriften te verbinden.
Artikel 13. Aanvullende voorschriften
-
1. De burgemeester verbindt aan een ontheffing in ieder geval de voorschriften die op grond van het Vuurwerkbesluit verplicht zijn.
-
2. De burgemeester kan daarnaast aanvullende voorschriften verbinden indien dat nodig is in het belang van openbare orde, veiligheid, gezondheid, bescherming van dieren, bescherming van goederen, bereikbaarheid of handhaafbaarheid.
-
3. Aanvullende voorschriften kunnen onder meer betrekking hebben op:
- a.
communicatie met omwonenden;
- b.
afzettingen en publieksbegeleiding;
- c.
aanwezigheid van EHBO of BHV;
- d.
bereikbaarheid van de supervisor;
- e.
toezicht door de aanvrager;
- f.
beperking van het tijdvak waarbinnen vuurwerk mag worden afgestoken;
- g.
het informeren van politie, brandweer of gemeentelijke toezichthouders;
- h.
aanvullende maatregelen ter bescherming van kwetsbare locaties;
- i.
aanvullende maatregelen ter voorkoming van natuurbrand of schade aan natuur-, duin- en landgoederengebieden.
- a.
Artikel 14. Intrekking of wijziging van de ontheffing
-
1. De burgemeester trekt een ontheffing in de gevallen waarin het Vuurwerkbesluit daartoe verplicht.
-
2. De burgemeester kan een ontheffing intrekken of wijzigen indien:
- a.
voorschriften niet worden nageleefd;
- b.
onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
- c.
de feitelijke situatie afwijkt van de aanvraag of het veiligheidsplan;
- d.
gewijzigde omstandigheden maken dat veilig afsteken niet langer is gewaarborgd;
- e.
sprake is van ernstige verstoring van de openbare orde of een concreet risico daarop;
- f.
toezicht of handhaving redelijkerwijs niet langer uitvoerbaar is.
- a.
-
3. Indien mogelijk neemt de burgemeester een besluit tot intrekking of wijziging uiterlijk op 30 december voorafgaand aan de jaarwisseling.
-
4. Indien intrekking of wijziging pas op of na 31 december noodzakelijk blijkt, kan de burgemeester bepalen welke maatregelen nodig zijn met betrekking tot reeds ter beschikking gesteld vuurwerk.
Toelichting
Het Vuurwerkbesluit bevat verplichte en facultatieve intrekkingsgronden. Dit artikel geeft richting aan de lokale toepassing daarvan, zonder de wettelijke intrekkingsgronden te vervangen of te beperken.
Artikel 15. Toezicht en handhaving
-
1. Gelet op de beperkte beschikbare toezicht- en handhavingscapaciteit tijdens de jaarwisseling ligt het zwaartepunt van de gemeentelijke beoordeling bij de voorbereiding en toetsing van aanvragen voorafgaand aan de jaarwisseling.
-
2. De organisator is primair verantwoordelijk voor een veilige uitvoering van de activiteit en voor de naleving van de aan de ontheffing verbonden voorschriften.
-
3. Strafrechtelijke handhaving van verboden bezit of gebruik van vuurwerk vindt plaats door de daartoe bevoegde opsporingsinstanties.
Toelichting: De gemeente beschikt tijdens de jaarwisseling over beperkte capaciteit voor toezicht en handhaving. Daarom wordt bij de beoordeling van aanvragen nadrukkelijk gekeken naar de mate waarin een initiatief zelfstandig veilig en verantwoord kan worden georganiseerd. Van organisatoren wordt verwacht dat zij verantwoordelijkheid nemen voor de naleving van de aan de ontheffing verbonden voorschriften en maatregelen treffen om risico's voor de openbare orde en veiligheid zoveel mogelijk te beperken.
Artikel 16. Evaluatie
-
1. De toepassing van deze beleidsregels wordt na de eerste jaarwisseling geëvalueerd.
-
2. Bij de evaluatie wordt in ieder geval gekeken naar:
- a.
het aantal ingediende aanvragen;
- b.
het aantal verleende en geweigerde ontheffingen;
- c.
de uitvoerbaarheid van de procedure;
- d.
de ervaringen van politie, brandweer, toezicht en handhaving;
- e.
incidenten of overtredingen;
- f.
reacties van inwoners en belanghebbenden;
- g.
de financiële en personele gevolgen.
- a.
-
3. De uitkomsten van de evaluatie kunnen aanleiding geven tot wijziging van deze beleidsregels.
Artikel 17. Afwijking van de beleidsregels
De burgemeester handelt overeenkomstig deze beleidsregels, tenzij toepassing daarvan voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met deze beleidsregels te dienen doelen.
Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze beleidsregels treden in werking op 6 oktober 2026.
-
2. Deze beleidsregels worden aangehaald als: beleidsregels vuurwerkontheffingen jaarwisseling gemeente Wassenaar 2026
-
3. Deze beleidsregels worden gepubliceerd in het Gemeenteblad en treden in werking op de dag na publicatie van het Gemeenteblad.
Ondertekening
Aldus besloten door de burgemeester op 6 oktober 2026.
De burgemeester van Wassenaar
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl