Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR767777
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR767777/1
Participatieverordening (inwonersbetrokkenheid) 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 14-10-2026
Intitulé
Participatieverordening (inwonersbetrokkenheid) 2026De raad van de gemeente Scherpenzeel;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 17/24 maart 2026
gelet op,
het Beleidskader Inwonersbetrokkenheid (inwonersparticipatie), de artikelen 149 en 150 van de Gemeentewet, de artikelen 3.1, 2.4 en 3.4 van de Omgevingswet en de artikelen 10.7, 10.2 en 10.8 van het Omgevingsbesluit
besluit:
vast te stellen de Participatieverordening (inwonersbetrokkenheid) 2026
1. Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsbepalingen
Deze verordening verstaat onder:
- -
beleid: gedragslijn, project, programma, visie, regeling of (beleids-)plan van de gemeente om een bepaald doel te realiseren;
- -
initiatief: plannen in de leefomgeving met een fysieke locatie in het dorp;
- -
bestuursorgaan: het bestuursorgaan dat bevoegd is, afhankelijk van de inhoud van het beleid, initiatief of de taak is dat de gemeenteraad, het college of de burgemeester;
- -
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Scherpenzeel;
- -
inspraak: de mogelijkheid die een bestuursorgaan inwoners en belanghebbenden biedt om hun mening te geven als bedoeld in artikel 150, tweede lid, van de Gemeentewet;
- -
inwoners: ingezetenen als bedoeld in artikel 2 van de Gemeentewet;
- -
impactmeter: een Scherpenzeels instrument waarbij door middel van vragen een score wordt berekend met bijbehorend advies over de zin en of mate van inwonersbetrokkenheid bij een bepaald voorgenomen beleid of initiatief.
- -
inwonersparticipatie (inwonersbetrokkenheid): op initiatief van de gemeente of andersoortige initiatiefnemers betrekken, door het delen van belangen, kennis, ervaringen en emoties, van inwoners en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van beleid of initiatieven. En het actief bieden van die mogelijkheid door diegene met een plan of verandering.
- -
belanghebbenden: maatschappelijke partijen, ondernemers of andere personen die direct geraakt worden door besluitvorming.
- -
maatschappelijke partijen: verenigingen, stichtingen, buurtcomités, ondernemingen zonder winstoogmerk en andere organisaties die een collectief vormen en die tot doel hebben een actieve bijdrage te leveren aan de samenleving binnen de gemeente;
- -
ondernemers: bedrijven en instellingen die statutair binnen de gemeente zijn gevestigd of in hoofdzaak binnen de gemeente hun activiteiten verrichten;
- -
uitdaagrecht: het recht van inwoners en maatschappelijke partijen om de feitelijke uitvoering van een gemeentelijke taak over te nemen als bedoeld in artikel 150, derde lid, van de Gemeentewet.
Artikel 2 Reikwijdte
-
1. Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen beleid en initiatieven of inwonersbetrokkenheid plaatsvindt en ten aanzien van zijn eigen taken of om toepassing van het uitdaagrecht kan worden verzocht.
-
2. Het bestuursorgaan past bij inwonersbetrokkenheid bij het vaststellen of wijzigen van de omgevingsvisie als bedoeld in artikel 3.1 van de Omgevingswet, het omgevingsplan als bedoeld in artikel 2.4 van de Omgevingswet of een programma als bedoeld in artikel 3.4 van de Omgevingswet, zoveel mogelijk deze verordening toe. Daarbij neemt het bestuursorgaan de motiveringsplicht als bedoeld in de artikelen 10.7, 10.2 en 10.8 van het Omgevingsbesluit in acht.
-
3. Er vindt geen inwonersbetrokkenheid of toepassing van het uitdaagrecht plaats als:
- a.
het om een lopend uitvoerings- of evaluatietraject of een ondergeschikte herziening van die trajecten of het beleid gaat;
- b.
inwonersbetrokkenheid of toepassing van het uitdaagrecht bij of krachtens wettelijk voorschrift uitgesloten is;
- c.
de uitkomst van de inwonersbetrokkenheid of de toepassing van het uitdaagrecht vanwege de spoedeisendheid niet kan worden afgewacht;
- d.
de verantwoordelijkheid van het betrokken bestuursorgaan voor kwetsbare groepen in de samenleving zwaarder moet wegen;
- e.
sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;
- f.
er onvoldoende middelen zijn of beschikbaar worden gesteld om inwonersbetrokkenheid op een zinvolle manier te organiseren.
- g.
het om interne aangelegenheden van de gemeente gaat;
- h.
het om de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet gaat.
- a.
2. Inwonersbetrokkenheid
Artikel 3a Plan voor inwonersbetrokkenheid bij beleid
-
1. Het bestuursorgaan stelt voorafgaand aan de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van beleid, aan de hand van het door de gemeenteraad vastgestelde participatiebeleid (Beleidsplan Inwonersbetrokkenheid (inwonersparticipatie), een plan met het proces en de planning van de inwonersbetrokkenheid op en maakt dit openbaar.
-
2. Als het college de besluitvorming over beleid voor de gemeenteraad voorbereidt, stelt het college het plan op en informeert de gemeenteraad over de inhoud.
Artikel 3b Plan voor inwonersbetrokkenheid bij gemeentelijke initiatieven
-
1. Het bestuursorgaan stelt voorafgaand aan de voorbereiding, uitvoering of evaluatie van initiatieven, aan de hand van het door de gemeenteraad vastgestelde participatiebeleid (Beleidskader Inwonersbetrokkenheid (inwonersparticipatie), een plan met het proces en de planning van de inwonersbetrokkenheid op en maakt dit openbaar.
-
2. Als het college de besluitvorming over een ruimtelijk initiatief voor de gemeenteraad voorbereidt, stelt het college het plan op en informeert de gemeenteraad over de inhoud.
Artikel 4 Inspraak
-
1. Als een bestuursorgaan in het kader van inwonersbetrokkenheid voor inspraak kiest of als inspraak wettelijk verplicht is, is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing, tenzij het bestuursorgaan een ander proces vaststelt.
Artikel 5 Eindverslag inwonersbetrokkenheid
-
1. Nadat inwonersbetrokkenheid heeft plaatsgevonden stelt het bestuursorgaan een eindverslag van de inwonersbetrokkenheid op en maakt dit openbaar.
-
2. Het eindverslag bevat in elk geval:
- a.
een beschrijving van het proces dat is gevolgd;
- b.
de uitkomsten van het proces en de argumenten die naar voren zijn gebracht;
- c.
een onderbouwde reactie op die uitkomsten en argumenten waarbij is aangegeven hoe het beleid indien het geval naar aanleiding daarvan is aangepast; en
- d.
een evaluatie van het proces dat is gevolgd.
- a.
-
3. Als het college op grond van artikel 3a of 3b, derde lid het plan voor de inwonersbetrokkenheid heeft opgesteld, stelt het college ook het eindverslag op en informeert de gemeenteraad over de inhoud.
3. Uitdaagrecht
Artikel 6 Verzoek om toepassing uitdaagrecht
-
1. Inwoners en maatschappelijke partijen kunnen bij het college een verzoek om toepassing van het uitdaagrecht indienen.
-
2. Het verzoek bevat een omschrijving van de taak die de indiener voor ogen heeft, de reden dat de indiener het verzoek indient en het resultaat dat de indiener beoogt.
-
3. De indiener van het verzoek geeft daarnaast in elk geval aan:
- a.
wat de betrokkenheid, kennis en ervaring van de indiener met de taak is;
- b.
welke kosten of middelen er volgens de indiener aan de uitvoering van de taak verbonden zijn;
- c.
hoe de indiener de kwaliteit en de uitvoering van de taak wil waarborgen;
- a.
-
4. De indiener maakt voor het verzoek gebruik van het door het college vastgestelde formulier.
-
5. Het college kan naar aanleiding van het verzoek aanvullende informatie opvragen.
Artikel 7 Beoordeling verzoek toepassing uitdaagrecht
-
1. Het college zendt een ingediend verzoek door aan het bestuursorgaan dat bevoegd is om op het verzoek te reageren en informeert de indiener hierover.
-
2. Als de gemeenteraad op het verzoek om toepassing van het uitdaagrecht moet reageren, bereidt het college de reactie op het verzoek voor.
-
3. Onverminderd artikel 2, derde lid, wijst het bestuursorgaan een verzoek af als:
- a.
het verzoek ziet op een taak waarvan de aard zich tegen toepassing van het uitdaagrecht verzet;
- b.
het verzoek in strijd is met door de gemeente vastgesteld beleid;
- c.
het verzoek niet voldoet aan de in artikel 6, derde lid gestelde eisen;
- a.
-
4. Het bestuursorgaan kan een verzoek afwijzen als:
- a.
het bestuursorgaan van oordeel is dat de taak met de toepassing van het uitdaagrecht niet beter wordt uitgevoerd of de kosten hoger zijn;
- b.
als de opdrachtwaarde boven de Europese drempelwaarde als bedoeld in paragraaf 2.1.1.1 van de Aanbestedingswet 2012 uitkomt;
- a.
-
5. Het bestuursorgaan reageert binnen zes weken op het verzoek. Het bestuursorgaan kan deze termijn met zes weken verdagen.
-
6. Het bestuursorgaan onderbouwt de reactie op het verzoek en maakt de reactie en de onderbouwing openbaar.
Artikel 8 Uitvoering taak
-
1. Als het bestuursorgaan het verzoek om toepassing van het uitdaagrecht toewijst, maakt het met de indiener afspraken, middels overeenkomst, over:
- a.
het proces, het resultaat en de looptijd van de uitvoering van de taak;
- b.
het budget en de financieringswijze van de uitvoering van de taak;
- c.
het contact met het bestuursorgaan gedurende de uitvoering van de taak;
- d.
de stappen bij het niet nakomen van de gemaakte afspraken en het tussentijds beëindigen van de uitvoering van de taak; en
- e.
de evaluatie van de uitvoering van de taak.
- a.
4. Slotbepalingen
Artikel 9 Jaarverslag
-
1. Het college neemt elk jaar een paragraaf in het jaarverslag op waarin het college verslag doet van de uitvoering van deze verordening.
Artikel 10 Nadere regels college
-
1. Het college kan over inwonersbetrokkenheid of het uitdaagrecht nadere regels vaststellen.
Artikel 11 Hardheidsclausule
-
1. Het bestuursorgaan kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening. Het bestuursorgaan onderbouwt waarom het afwijkt.
Artikel 12 Intrekking oude verordening en overgangsrecht
-
1. De Inspraakverordening wordt ingetrokken.
-
2. De Inspraakverordening blijft van toepassing op beleid waarvoor ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening reeds een inspraakprocedure op grond van die verordening was gestart.
Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op 1 oktober 2026.
-
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Participatieverordening (inwonersbetrokkenheid) 2026.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 24 september 2026.
B.S. van Ginkel–Schuur
griffier
M.J. Zwankhuizen
voorzitter
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl