Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR767533
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR767533/1
Marktverordening Hoeksche Waard 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 09-10-2026
Intitulé
Marktverordening Hoeksche Waard 2026De raad van de gemeente Hoeksche Waard;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 7 juli 2026
overwegende dat het wenselijk is de Marktverordening gemeente Hoeksche Waard 2020 te actualiseren, gelet op artikel 147 en 149 van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Marktverordening Hoeksche Waard 2026
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1. Toepassingsgebied
Deze verordening is van toepassing op alle door het college ingestelde reguliere warenmarkten in de gemeente Hoeksche Waard, met uitzondering van de verzelfstandigde markt in Oud-Beijerland.
Artikel 2. Definities
In deze verordening wordt verstaan onder:
- -
bedienvergunning: vergunning voor het op de markt tegen betaling en voor consumptie ter plaatse verstrekken van voedsel of drank aan marktvergunninghouders, hun vervangers of degenen die hen bijstaan;
- -
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hoeksche Waard;
- -
dagplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een dagplaatsvergunning;
- -
dagplaatsvergunning: vergunning voor de duur van een dag voor het op de reguliere warenmarkt bedrijven van handel;
- -
markt: door het college ingestelde reguliere warenmarkt;
- -
marktvergunning: vaste standplaats-, dagplaats of standwerkvergunning;
- -
standplaats: ruimte die voor de duur van de markt beschikbaar is voor houders van een marktvergunning;
- -
standwerkplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een standwerkvergunning;
- -
standwerkvergunning: vergunning voor de duur van een dag voor het op de reguliere warenmarkt om zich heen verzamelen van publiek, om door een aansprekende uiteenzetting te proberen het publiek over te halen om artikelen te kopen;
- -
vaste standplaats: standplaats op een reguliere warenmarkt die beschikbaar is voor houders van een vaste- standplaatsvergunning;
- -
vaste-standplaatsvergunning: vergunning voor de duur van 20 jaar voor het op een reguliere warenmarkt bedrijven van handel.
- -
vergunninghouder: de natuurlijke persoon aan wie door het college officieel een vergunning is verleend om een standplaats op een specifieke markt in te nemen in de gemeente Hoeksche Waard
Artikel 3. Inrichtingsplan en nadere regels
-
1. Het college stelt een inrichtingsplan voor elke markt vast, met daarin in ieder geval:
- a.
de dagen en uren waarop de markt wordt gehouden;
- b.
een kaart van de markt;
- c.
de verdeelprocedure die zij toepassen bij de verlening van vaste-standplaatsvergunningen.
- a.
-
2. Op de kaart van de markt zijn aangegeven:
- a.
de grenzen van de markt;
- b.
de vaste standplaatsen.
- a.
-
3. Op de kaart van de markt kunnen zijn aangegeven:
- a.
de standplaatsen die bij voorrang zijn bestemd voor een of meer branches of artikelgroepen;
- b.
het maximumaantal vaste-standplaatsvergunningen dat voor een of meer branches of artikelgroepen of combinaties daarvan kan worden afgegeven;
- c.
de dagplaatsen;
- d.
de standwerkplaatsen.
- a.
-
4. Het college kan nadere regels vaststellen omtrent reguliere warenmarkten.
Artikel 4. Vergunningplicht
-
1. Het is verboden op een markt een standplaats in te nemen zonder marktvergunning van het college.
-
2. Het is verboden op een markt zonder bedienvergunning van het college marktvergunninghouders, hun vervangers of degenen die hen bijstaan tegen betaling te voorzien van voedsel of drank voor consumptie ter plaatse.
-
3. Het college verleent alleen een vergunning aan een handelingsbekwame natuurlijke persoon die gerechtigd is in Nederland arbeid te verrichten.
-
4. Het college beslist op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag. Het college kan de termijn voor ten hoogste acht weken verdagen.
-
5. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 5. Voorschriften en beperkingen
-
1. Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een marktvergunning en bedienvergunning.
-
2. De vergunninghouder is verplicht de aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen na te leven.
Artikel 6. Mandaatverboden
-
1. De bevoegdheid van het college tot het vaststellen of wijzigen van een inrichtingsplan wordt niet gemandateerd.
-
2. De bevoegdheid van het college tot het verlenen of intrekken van een vaste standplaatsvergunning en bedienvergunning wordt niet gemandateerd aan de marktmeester of een andere toezichthouder.
Paragraaf 2. Verdeelprocedures beschikbare marktvergunningen en bedienvergunning
Artikel 7. Verdeling beschikbare vaste-standplaatsvergunning
-
1. Het college legt in het inrichtingsplan vast of zij de verdeelprocedure van artikel 9 dan wel artikel 10 toepassen bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning.
-
2. Het college kan in het inrichtingsplan vastleggen of zij de verlengingsprocedure van artikel 8 toepassen bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning.
Artikel 8. Verlenging na afroep
-
1. Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning vanwege het einde van de vergunningsduur kan het college de procedure van verlenging na afroep toepassen, als voldoende aannemelijk is dat er naast de betreffende vergunninghouder geen andere gegadigden voor deze vergunning zijn.
-
2. Bij de verlenging na afroep maakt het college 8 weken voor het einde van de duur van de vastestandplaatsvergunning door een openbare kennisgeving in het Gemeenteblad en in het huis-aan huisblad Kompas bekend dat deze vergunning beschikbaar komt voor de duur van 20 jaar.
-
3. Bij deze openbare kennisgeving worden gegadigden uitgenodigd om hun belangstelling voor de vaste-standplaatsvergunning binnen 4 weken na de kennisgeving als bedoeld in lid 2 van dit artikel kenbaar te maken op de door het college aangegeven wijze.
-
4. Als binnen de gestelde termijn alleen de betreffende vergunninghouder belangstelling kenbaar heeft gemaakt en is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, verlengt het college zijn vaste-standplaatsvergunning met de in het tweede lid genoemde duur.
-
5. Als binnen de gestelde termijn naast de betreffende vergunninghouder ook een of meer andere gegadigden belangstelling kenbaar hebben gemaakt, wordt de vergunning niet verlengd. In dat geval past het college de in het inrichtingsplan vastgelegde procedure van de artikelen 9 of 10 toe, met uitzondering van het tweede lid van deze artikelen.
-
6. In het in het vijfde lid bedoelde geval stelt het college de gegadigden ervan in kennis dat de procedure van de artikelen 9 of 10 wordt toegepast en dat zij vóór de door het college genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.
Artikel 9. Verdeling vaste-standplaatsvergunning via selectie
-
1. Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning kan het college deze verdelen via selectie.
-
2. Bij de verdeling via selectie maakt het college door een openbare kennisgeving in het Gemeenteblad en in het huis-aan-huisblad 'Het Kompas’ bekend dat de vastestandplaatsvergunning voor de duur van 20 jaar beschikbaar komt, voor welke branche of artikelgroep deze vergunning wordt verleend en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.
-
3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van 2 weken om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen.
-
4. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, komen voor beoordeling als bedoeld in het vijfde lid in aanmerking.
-
5. Bij de beoordeling van de aanvragen kent het college punten toe aan de hand van de volgende criteria en tot het daarbij vermelde maximumaantal:
- a.
het assortiment van de gegadigde vormt een gewenste toevoeging aan het marktassortiment (20 punten);
- b.
de kwaliteit van de uitstraling van de uitstalling van de gegadigde (20 punten);
- c.
de kennis, ervaring en eventuele opleiding van de gegadigde met betrekking tot het marktassortiment (20 punten);
- d.
het maatschappelijk verantwoord ondernemen door de gegadigde (20 punten);
- a.
-
6. Het college verleent de vaste-standplaatsvergunning aan de gegadigde met het op basis van de beoordeling hoogste aantal punten.
-
7. Als meer gegadigden hetzelfde aantal punten krijgen toegekend, vindt de verdeling van de vergunning tussen hen plaats via loting door middel van een trekking, waarvoor zij worden uitgenodigd.
Artikel 10. Verdeling vaste-standplaatsvergunning via loting
-
1. Bij het beschikbaar komen van een vaste-standplaatsvergunning kan het college deze verdelen via loting.
-
2. Bij de verdeling via loting maakt het college door een openbare kennisgeving in het Gemeenteblad en het huis-aan-huisblad 'Het Kompas’ bekend dat de vaste-standplaatsvergunning voor de duur van 20 jaar beschikbaar komt, voor welke branche of artikelgroep deze vergunning wordt verleend en dat gegadigden vóór de in de kennisgeving genoemde datum een aanvraag kunnen indienen.
-
3. Als een aanvraag vóór de indieningsdatum is ingediend maar onvolledig is, krijgt de aanvrager een termijn van 2 weken om zijn aanvraag aan te vullen. Als er meer onvolledige aanvragen zijn, wordt de betreffende aanvragers op dezelfde dag mededeling gedaan van de gelegenheid om hun aanvraag aan te vullen.
-
4. Uitsluitend volledige aanvragen die tijdig zijn ingediend en waarbij is voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde, krijgen een lotnummer.
-
5. De loting vindt plaats door middel van een trekking, waarvoor de aanvragers met een lotnummer worden uitgenodigd.
-
6. Het college verleent de vaste-standplaatsvergunning op basis van de rangschikking die volgt uit de trekking.
Artikel 11. Verdeling beschikbare dagplaatsvergunningen
-
1. Een dagplaatsvergunning kan worden verleend voor het innemen van een standplaats voor het uitoefenen van markthandel op een reguliere warenmarkt op plaatsen die daarvoor ingevolge het inrichtingsplan in aanmerking komen en op plaatsen die niet zullen worden ingenomen door de houder van een vaste standplaatsvergunning omdat voor de plaats geen vergunning geldt, de vergunning is vervallen of omdat de vergunninghouder niet in staat is de plaats in te nemen en niet is voorzien in vervanging overeenkomstig artikel 16.
-
2. Voor een dagplaatsvergunning komen in aanmerking degenen die daarvoor die dag vóór de aanvang van de markttijd bij de marktmeester een aanvraag hebben ingediend, voldoen aan een eventueel van toepassing zijnde branche- of artikelgroep vereiste, aan wie gedurende de voorafgaande 2 maanden niet vaker dan 2 keer een dagplaatsvergunning is verleend en die niet zijn uitgesloten omdat zij gedurende een of meer van de voorafgaande 2marktdagen:
- a.
zich op de markt schuldig hebben gemaakt aan wangedrag of aan bedrog of een bij of krachtens deze verordening gestelde bepaling hebben overtreden, of
- b.
niet tijdig het verschuldigde marktgeld hebben voldaan dat wordt geheven op de grondslag van artikel 229 van de Gemeentewet.
- a.
-
3. Het college kan ten aanzien van een gegadigde bepalen dat een uitsluitingsgrond niet geldt of dat voor de toepassing van het vorige lid een langere termijn in aanmerking wordt genomen.
-
4. Een dagplaatsvergunning wordt verstrekt aan de in aanmerking komende gegadigden op volgorde van ontvangst van de aanvragen.
-
5. Een dagplaatsvergunning kan niet worden overgedragen. De vergunninghouder kan zich niet laten vervangen. De vergunninghouder kan zich laten bijstaan door een of meer personen.
Artikel 12. Weigeringsgronden
Het college kan de standplaatsvergunning weigeren, indien:
- a.
de aanvrager bij de aanvraag onjuiste gegevens heeft verstrekt;
- b.
de aanvraag is ingediend buiten de termijn waarbinnen de standplaatsvergunning kon worden aangevraagd;
- c.
voor alle standplaatsen reeds een standplaatsvergunning is verleend;
- d.
het assortiment van aanvrager niet binnen één branche valt;
- e.
het maximale aantal standplaatsvergunningen is verleend voor de branche waarvoor de vergunning wordt aangevraagd;
- f.
er meerdere aanvragen zijn en de aanvrager als gevolg van de toegepaste verdelingssystematiek van artikel 9 of 10 niet in aanmerking komt voor de vergunning.
Paragraaf 3. Vaste-standplaatsvergunning
Artikel 13. Algemene bepalingen vaste-standplaatsvergunning
-
1. Het college kan een vaste-standplaatsvergunning verlenen voor de duur van 20 jaar en voor de op de vergunning vermelde standplaats.
-
2. Het college kan in bijzondere gevallen een vaste-standplaatsvergunning verlenen voor een kortere periode dan genoemd in het eerste lid.
-
3. Het college kan tijdelijk een andere standplaats aanwijzen.
-
4. Een vaste-standplaatsvergunning is persoonsgebonden en niet overdraagbaar.
-
5. De vergunninghouder kan zich laten bijstaan door een of meer personen.
Artikel 14. Overschrijven vaste-standplaatsvergunning
-
1. Als de vergunninghouder niet langer zelf van de vaste-standplaatsvergunning wil gebruikmaken, overleden is of onder curatele gesteld is, kan het college op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator de vergunning overschrijven op naam van zijn echtgenoot, geregistreerde partner of andere persoon met wie hij duurzaam samenwoont of samenwoonde, of zijn kind. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria, genoemd in artikel 9, vijfde lid. Als de over te schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.
-
2. Als de in het eerste lid bedoelde overschrijving niet kan worden gedaan, kan het college de vastestandplaatsvergunning op aanvraag van de vergunninghouder, zijn erven of curator overschrijven op naam van een medewerker van de vergunninghouder of een mede-eigenaar van diens bedrijf als deze ten minste 2 jaren in loondienst heeft gewerkt bij de vergunninghouder of heeft gefunctioneerd als mede-eigenaar. Als de over te schrijven vergunning is verleend met inachtneming van de verdeelprocedure van artikel 9, kan overschrijving alleen gebeuren als in dezelfde mate wordt voldaan aan de criteria genoemd in artikel 9, vijfde lid. Als de over te schrijven vergunning is verleend voor een branche of artikelgroep, kan overschrijving alleen gebeuren voor die branche of artikelgroep.
-
3. De overschrijving van de vaste-standplaatsvergunning geldt voor de resterende vergunningsduur. Indien het een vergunning betreft die geldt voor onbepaalde tijd, dan wordt de vergunning verleend na overschrijving voor maximaal 20 jaar.
Na het einde van de duur van de vergunning komt deze beschikbaar voor verdeling volgens de in het inrichtingsplan vastgelegde verdeelprocedure van de artikelen 9 of 10.
-
4. In geval van overlijden of ondercuratelestelling van de vergunninghouder wordt de aanvraag tot overschrijving binnen 2 maanden nadien ingediend.
-
5. Het college wijst de aanvraag tot overschrijving af als niet wordt voldaan aan het bij of krachtens deze verordening bepaalde.
-
6. Als de nieuwe vergunninghouder al over een vaste-standplaatsvergunning voor de betrokken reguliere warenmarkt beschikt, kan het college deze intrekken.
Artikel 15. Intrekking en vervallen vaste-standplaatsvergunning
-
1. Het college trekt de vaste-standplaatsvergunning in:
- a.
op schriftelijke aanvraag van de vergunninghouder; of
- b.
2 maanden na diens overlijden of ondercuratelestelling, tenzij overeenkomstig artikel 14 een aanvraag tot overschrijving is ingediend.
- a.
-
2. Het college kan de vaste-standplaatsvergunning intrekken als:
- a.
de vergunninghouder ter verkrijging van de vergunning onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt;
- b.
de vergunninghouder, degene die hem vervangt of een persoon die hem bijstaat zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog of het bij of krachtens deze verordening bepaalde heeft overtreden;
- c.
van de vergunning gedurende ten minste 2 maanden geen gebruik is gemaakt;
- d.
de vergunninghouder niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet; of
- e.
de aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen niet zijn of worden nageleefd.
- a.
-
3. Als de in het tweede lid bedoelde intrekking voor bepaalde tijd is, kan het college bepalen dat de op de vaste-standplaatsvergunning vermelde vaste standplaats tijdelijk vervalt.
-
4. Als de vergunninghouder of zijn rechtmatige vervanger de standplaats niet uiterlijk een uur na aanvang van de markttijd heeft ingenomen, vervalt de vaste-standplaatsvergunning voor de rest van de dag.
Artikel 16. Persoonlijk innemen vaste standplaats; vervanging
-
1. De vergunninghouder neemt de op de vaste-standplaatsvergunning vermelde standplaats persoonlijk in.
-
2. De vergunninghouder van een vaste standplaatsvergunning kan de hem toegewezen standplaats, met toestemming van het college, ook laten innemen door een vervanger. Elke vergunninghouder kan maximaal 2 vervangers laten registreren bij het college. Een aanvraag om toestemming vermeldt de reden en verwachte duur van de afwezigheid van de vergunninghouder, de naam van de beoogde vervanger en de binding van de vervanger(s) met de vergunninghouder.
-
3. Het college behoudt zich het recht voor om, naar eigen inzicht en bij veronderstelde excessen, vervangers niet toe te staan. Het college kan hiervoor nadere regels vaststellen.
-
4. De vervanger treedt op namens de vergunninghouder. De rechten – behalve die tot vervanging ingevolge het vorige lid – en verplichtingen die bij of krachtens deze verordening gelden voor de vergunninghouder, zijn van overeenkomstige toepassing op de vervanger.
Artikel 17. Vrijgekomen standplaats; plaats verbetering volgens anciënniteitslijst
-
1. Als op grond van het inrichtingsplan voor een markt het anciënniteitsstelsel wordt gehanteerd, geldt het volgende.
-
2. Het college houdt een lijst bij van de houders van een vaste-standplaatsvergunning, met vermelding van de datum waarop de betrokkenen voor het eerst een vaste-standplaatsvergunning werd verleend en met vermelding van de branche waartoe zij behoren of de artikelen die zij verhandelen (anciënniteitslijst).
-
3. Als een standplaats vrijkomt, die werd ingenomen door de houder van een vaste-standplaats vergunning, kan deze op aanvraag worden toegewezen aan de hoogstgeplaatste aanvrager op de anciënniteitslijst in volgorde van de datum waarop hem voor het eerst een vastestandplaatsvergunning werd verleend. Als de plaats bestemd is voor een specifieke branche of artikelgroep, komt alleen iemand in aanmerking die aan dat vereiste voldoet.
Paragraaf 4. Standwerkvergunning en bedienvergunning
Artikel 18. Verdeling beschikbare stand werkvergunningen
-
1. Een standwerkvergunning kan worden verleend met overeenkomstige toepassing van artikel 11, tweede tot en met vijfde lid.
-
2. Een standwerkvergunning geldt voor de in de vergunning vermelde dag en plaats en voor de in de vergunning omschreven artikelen.
Artikel 19. Bedienvergunning
-
1. Het college kan een bedienvergunning verlenen voor de duur van maximaal 20 jaar en voor op de vergunning vermelde consumpties.
-
2. Artikel 15, eerste en tweede lid, is van toepassing.
Paragraaf 5. Algemene bepalingen voor vergunninghouders
Artikel 20. Toonplicht vergunning of toestemming
Degene die een standplaats inneemt of wil innemen of handelt met een bedienvergunning, is op eerste verzoek van een toezichthouder verplicht aan te tonen dat hij daartoe gerechtigd is.
Artikel 21. Markttijden in acht nemen
-
1. Het is verboden meer dan 2 uur voor de aanvang en meer dan 1 uur na afloop van de reguliere warenmarkt op welke wijze dan ook ruimte in te (doen) nemen op het marktterrein, of goederen aan of af te (laten) voeren.
-
2. De vergunninghouder neemt zijn standplaats in tot de sluitingstijd van de reguliere warenmarkt, behoudens door het college verleende ontheffing.
-
3. Het college kan aan de ontheffing voorschriften en beperkingen verbinden ter bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de ontheffing is vereist. De houder van de ontheffing is verplicht de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen na te leven.
-
4. Een vergunninghouder zorgt ervoor dat de standplaats bij aanvang van de reguliere warenmarkt volledig is ingericht en gereed is voor de verkoop van de producten.
Artikel 22. Marktterrein schoonhouden
-
1. De vergunninghouder is verplicht afval, waaronder verpakkingsmateriaal, dat op zijn standplaats vrijkomt tijdens de door hem bedreven handel zodanig te bewaren dat het marktterrein daardoor niet wordt verontreinigd en het afval niet door onbevoegden kan worden verwijderd. De vergunninghouder voert het afval onmiddellijk na afloop van de markt af, of laat het afvoeren.
-
2. De vergunninghouder is verplicht de door hem ingenomen standplaats en de naaste omgeving daarvan na afloop van de markt veegschoon achter te laten.
Artikel 23. Reguliere warenmarkt verplaatsen of annuleren
-
1. Het college kan in bijzondere gevallen de reguliere warenmarkt geheel of gedeeltelijk verplaatsen, gewijzigd inrichten of afgelasten.
-
2. Van een bijzonder geval, zoals bedoeld in het eerste lid, is in elk geval sprake bij noodzakelijke (civieltechnische) werkzaamheden aan het marktterrein , bij bepaalde evenementen of in verband met bepaalde (verwachte) weersomstandigheden.
-
3. Als sprake is van geheel of gedeeltelijke verplaatsing, gewijzigde inrichting of afgelasting van de reguliere warenmarkt, wordt dit tijdig door of namens het college aan de vergunninghouders van de markt meegedeeld.
-
4. Bij onvoorziene omstandigheden beslist de marktmeester over geheel of gedeeltelijke verplaatsing, gewijzigde inrichting of afgelasting van de reguliere warenmarkt.
Paragraaf 6. Handhaving
Artikel 24. Toezichthouders
Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze verordening bepaalde zijn belast de door het college aangewezen marktmeester en de overige door hem aangewezen toezichthouders.
Artikel 25. Onmiddellijke verwijdering
Het college kan een vergunninghouder of degene die hem bijstaat of vervangt gelasten zich onmiddellijk van de reguliere warenmarkt te verwijderen als deze zich op de markt schuldig heeft gemaakt aan wangedrag of bedrog of het bij of krachtens deze verordening bepaalde heeft overtreden.
Artikel 26. Strafbepaling
Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste drie maanden.
Paragraaf 7. Slotbepalingen
Artikel 27. Overgangsrecht
-
1. Vergunningen en ontheffingen die zijn verleend op grond van de Marktverordening Hoeksche Waard 2020, de Marktverordening gemeente Binnenmaas 2015, de Marktverordening gemeente Strijen 2008 en de Verordening regelende het marktwezen in de gemeente Cromstrijen 2014 en die van kracht zijn op het moment van inwerkingtreding van deze verordening, gelden als een vergunning dan wel ontheffing krachtens deze verordening. Voor zover het vergunningen of ontheffingen betreft die zijn verleend voor onbepaalde tijd, blijven deze ongewijzigd van kracht.
-
2. Overige besluiten die zijn genomen op grond van de hiervoor genoemde marktverordeningen blijven na de inwerkingtreding van deze verordening gelden, totdat burgemeester en wethouders deze hebben gewijzigd of ingetrokken.
-
3. De op grond van de Marktverordening Hoeksche Waard 2020 vastgestelde wachtlijsten komen te vervallen op het moment van inwerkingtreding van de Marktverordening Hoeksche Waard 2026.
-
4. Op bezwaarschriften tegen besluiten op grond van de Marktverordening Hoeksche Waard 2020, waarop bij de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist, wordt met toepassing van de Marktverordening Hoeksche Waard 2026 beslist.
Artikel 28 Hardheidsclausule
Het college handelt overeenkomstig de verordening, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de verordening te dienen doelen.
Artikel 29. Intrekking oude regeling
De Marktverordening Hoeksche Waard 2020 wordt ingetrokken.
Artikel 30. Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.
-
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening Hoeksche Waard 2026.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 september 2026
De voorzitter, M. Witte
De griffier, I.M. Odinot
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl