Beleidsregel en mandaatbesluit gebiedsontzeggingen gemeente Westerwolde 2026

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 06-10-2026

Intitulé

Beleidsregel en mandaatbesluit gebiedsontzeggingen gemeente Westerwolde 2026

De burgemeester van de gemeente Westerwolde,

Gelet op:

artikel 2:78 van de Algemene Plaatselijke Verordening Westerwolde(APV);

Overwegende dat:

  • •

    De burgemeester in het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid of de zedelijkheid aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een bevel kan geven zich gedurende maximaal 12 weken niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats op te houden;

  • •

    De burgemeester het bovenstaande bevel beperkt, als hij dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk oordeelt;

  • •

    De burgemeester op aanvraag tijdelijk ontheffing kan verlenen van een bevel;

  • •

    Het opleggen van een gebiedsontzegging op basis van artikel 2:78 APV kan worden gemandateerd;

  • •

    Voor de efficiëntie het gewenst is om deze bevoegdheid te mandateren aan politiefunctionarissen, aan militairen in dienst van de Koninklijke Marechaussee en aan de medewerkers toezicht en handhaving van de gemeente Westerwolde;

  • •

    Dit mandaat geldt voor het opleggen van gebiedsontzeggingen op basis van artikel 2:78 APV;

  • •

    Deze beleidsregel niet van toepassing is op artikel 151d en artikel 172a van de Gemeentewet;

  • •

    In deze beleidsregel en mandaatbesluit de werkwijze en voorwaarden staan vermeld die van toepassing zijn op de uitoefening van de met dit besluit gemandateerde bevoegdheden;

  • •

    Het opleggen van een gebiedsontzegging kan plaatsvinden naast een strafrechtelijke of bestuursrechtelijke afhandeling van de gepleegde strafbare feit(en).

Besluit het volgende:

  • •

    De beleidsregel en mandaatbesluit gebiedsontzeggingen gemeente Westerwolde in te trekken;

  • •

    De politieambtenaren die belast zijn met de uitvoering van de politietaak in de gemeente Westerwolde, militairen in dienst van de Koninklijke Marechaussee die belast zijn met de uitvoering van politietaken in de gemeente Westerwolde en de medewerkers toezicht en handhaving van de gemeente Westerwolde de bevoegdheid te verlenen tot het opleggen van een gebiedsontzegging zoals bedoeld in artikel 2.78 van de APV;

  • •

    De beleidsregel en mandaatbesluit gebiedsontzeggingen gemeente Westerwolde 2026 vast te stellen onder de navolgende voorwaarden.

Beleidsregel en mandaatbesluit gebiedsontzeggingen gemeente Westerwolde 2026

Opleggen gebiedsontzegging

  • 1. De gedragingen waarop dit mandaatbesluit van toepassing is en waarvoor een gebiedsontzegging kan worden opgelegd staan vermeld bij 10.

  • 2. Een gebiedsontzegging geldt voor een gebied dat niet groter is dan noodzakelijk.

  • 3. De duur van de opgelegde gebiedsontzegging is niet langer dan noodzakelijk. Voor de duur wordt verwezen naar 11.

Zienswijze

  • 4. Bij een voornemen tot het opleggen van een gebiedsontzegging wordt betrokkene voorafgaand mondeling in de gelegenheid gesteld een zienswijze kenbaar te maken. Indien betrokkene van die gelegenheid gebruik maakt, wordt de afgelegde verklaring opgenomen in de ontzegging en voorzien van een inhoudelijke reactie waarin de afweging om wel of geen gebiedsontzegging op te leggen wordt uitgelegd.

    De mogelijkheid om een zienswijze in te dienen wordt achterwege gelaten voor zover:

    • •

      de vereiste spoed zich daartegen verzet;

    • •

      de belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan, of

    • •

      het met de beschikking beoogde doel slechts kan worden bereikt indien de belanghebbende daarvan niet reeds tevoren in kennis is gesteld.

Uitreiking gebiedsontzegging en zwaarwegende belangen

  • 5. Het besluit tot het opleggen van een gebiedsontzegging wordt in persoon aan de betrokkene uitgereikt. Bij het ter plekke opleggen worden de gedragingen waarop de gebiedsontzegging is gebaseerd medegedeeld, alsmede voor welk tijdvak en gebied de ontzegging geldt. Het bij het besluit behorende dossier wordt na uitreiking verstuurd naar de gemeente Westerwolde, t.a.v. de medewerker openbare orde en veiligheid.

  • 6. Indien de betrokkene op het moment van opleggen kan aantonen dat hij een zwaarwegend belang heeft om zich op een bepaalde plaats of op een bepaald moment in het gebied op te houden, wordt in het besluit tot oplegging van een gebiedsontzegging een looproute opgenomen. Het is de betrokkene in dat geval slechts toegestaan om de desbetreffende locatie via de aangegeven looproute te bereiken zonder oponthoud. Of iemand een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden, zal door betrokkene zelf moeten worden aangetoond in de zienswijze zoals beschreven bij 4. Doorgaans zal het daarbij gaan om belangen in de persoonlijke sfeer, zoals wonen, werken, het bezoek aan een huisarts of hulpverleningsinstantie.

  • 7. De burgemeester kan nadat de gebiedsontzegging is uitgereikt op aanvraag tijdelijk ontheffing verlenen. Of iemand een zwaarwegend belang heeft om hiervoor in aanmerking te komen, moet door betrokkene zelf worden aangetoond bij de gemeente Westerwolde.

Inwerkingtreding en cumulatie

  • 8. Een gebiedsontzegging treedt in werking op het moment dat het besluit aan de betrokkene bekend is gemaakt.

Dossiervorming en verslaglegging

  • 9. Inzake het opleggen van een gebiedsontzegging levert de politie, de Koninklijke Marechaussee of de medewerker toezicht en handhaving binnen een week het dossier aan bij de gemeente Westerwolde, t.a.v. openbare orde en veiligheid. Dit dossier dient in ieder geval te bevatten:

    • o

      Een kopie van de opgelegde gebiedsontzegging;

    • o

      Het gebied waarvoor een gebiedsontzegging is opgelegd;

    • o

      Persoonsgegevens van de betrokkene;

    • o

      Met toestemming van verdachte, een foto van verdachte;

    • o

      Overige (strafrechtelijke) achtergrondgegevens met betrekking tot eerdere openbare orde verstoringen (bijvoorbeeld eerdere processen-verbaal, meldingen, mutaties, etc.). Dit met als doel om een totaalbeeld van de gedragingen van de overtreder te schetsen en daardoor in juridische procedures inzicht te geven in de wijze van totstandkoming van de gebiedsontzegging;

    • o

      Contactgegevens van de betrokken politieambtenaar die de gebiedsontzegging heeft opgelegd.

Strafbare feiten en openbare orde verstorende handelingen

  • 10. Bij strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen wordt een gebiedsontzegging opgelegd.

    De strafbare feiten of de openbare orde verstorende handelingen hoeven niet per se in het openbare gebied plaats te hebben gevonden maar er moet wel een relatie zijn met de openbare ruimte.

Duur van de gebiedsontzegging

  • 11. De duur van de op te leggen gebiedsontzegging, naast de gebruikelijke strafrechtelijke of bestuurlijke afhandeling, wordt in onderstaand overzicht aangegeven. Afhankelijk van de ernst of de combinatie van strafbare feiten kan van onderstaand schema worden afgeweken.

    Eerste constatering: 7 dagen (1 week)

    Tweede constatering en vaker* binnen 12 weken na het opleggen van een vorige gebiedsontzegging: 84 dagen (12 weken)

    *Een gebiedsontzegging kan worden opgelegd aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen (heeft) verricht. Het hoeft niet om dezelfde strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen te gaan.

  • 12. De tweede constatering moet in hetzelfde gebied zijn of er moet een duidelijk verband zijn.

  • 13. Indien nadat een gebiedsontzegging is opgelegd een periode van 12 weken is verstreken zonder een strafbaar feit of openbare orde verstorende handeling, dan begint de procedure weer van voor af aan.

Toezicht en handhaving

  • 14. De politieambtenaren die belast zijn met de uitvoering van de politietaak in de gemeente Westerwolde, militairen in dienst van de Koninklijke Marechaussee die belast zijn met de uitvoering van politietaken in de gemeente Westerwolde en de medewerkers toezicht en handhaving van de gemeente Westerwolde houden toezicht op naleving van de gebiedsontzegging. Ook anderen die belast zijn met toezicht en handhaving in de gemeente Westerwolde kunnen toezien op naleving.

    Het niet voldoen aan het bevel om het gebied te verlaten is een overtreding van de APV en wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie. Een verdachte kan worden aangehouden op grond van artikel 2:78 APV in combinatie met artikel 6.1 APV. Verdere stappen:

    • o

      Er dient een ‘typeverbaal’ opgemaakt te worden met:

      • ▪︎

        PV v. bevindingen

      • ▪︎

        PV v. verhoor verdachte

      • ▪︎

        ID staat

      • ▪︎

        Summier dossier

Bijzondere omstandigheden

  • 15. Gemotiveerd kan worden afgeweken van deze beleidsregel. Indien besloten wordt hiervan af te wijken dan dient dit te worden gemotiveerd in het besluit.

Inwerkingtreding

  • 16. Deze beleidsregel en mandaatbesluit treedt in werking op de dag na publicatie.

Citeertitel

  • 17. Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel en mandaatbesluit gebiedsontzeggingen gemeente Westerwolde 2026.

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 23-09-2026

Burgemeester van de gemeente Westerwolde,

Jaap Velema

burgemeester

Bijlage 1 Werkinstructie

Strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen*:

  • 1.

    Eerste constatering: afhandelen zoals gebruikelijk en gebiedsontzegging opleggen voor 7 dagen (1 week).

  • 2.

    Persoon uit het gebied brengen of voldoende tijd geven om het gebied te verlaten.

  • 3.

    Tweede constatering en vaker binnen 12 weken na het opleggen van een vorige gebiedsontzegging: afhandelen zoals gebruikelijk en (opnieuw) gebiedsontzegging opleggen voor 84 dagen (12 weken).

  • 4.

    Persoon uit het gebied brengen of voldoende tijd geven om het gebied te verlaten.

Overtreding gebiedsontzegging:

Het niet voldoen aan het bevel om het gebied te verlaten is een overtreding van de APV en wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.

  • 1.

    Verdachte aanhouden op grond van artikel 2:78 APV in combinatie met artikel 6.1 APV. Verdere stappen:

    • o

      Er dient een ‘typeverbaal’ opgemaakt te worden met:

      • ▪︎

        PV v. bevindingen

      • ▪︎

        PV v. verhoor verdachte

      • ▪︎

        ID staat

      • ▪︎

        Summier dossier

  • 2.

    Gebiedsontzegging (opnieuw) opleggen voor 84 dagen (12 weken).

  • 3.

    Persoon uit het gebied brengen of voldoende tijd geven om het gebied te verlaten.

*Een gebiedsontzegging kan worden opgelegd aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen (heeft) verricht. Het hoeft niet om dezelfde strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen te gaan.