Beleidsregel geen ontheffingen vuurwerkverbod Rotterdam

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 02-10-2026

Intitulé

Beleidsregel geen ontheffingen vuurwerkverbod Rotterdam

De burgemeester van de gemeente Rotterdam,

gelezen het voorstel van directeur Veiligheid van 21 september 2026;

gelet op artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

overwegende, dat:

  • -

    op 1 augustus 2026 de Wet veilige jaarwisseling (hierna: de wet) in werking getreden is;

  • -

    deze wet voorziet in een landelijk verbod voor consumenten op het bezit, het gebruik en de verkoop van aangewezen consumentenvuurwerk;

  • -

    de burgemeester op grond van artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer de bevoegdheid heeft om op verzoek ontheffing te verlenen van het verbod op het voorhanden hebben en tot ontbranding brengen van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling;

  • -

    de burgemeester ontheffingen kan verlenen, maar dit niet hoeft te doen;

  • -

    op grond van artikel 2:73 van de APV Rotterdam 2012 in Rotterdam reeds sinds 2020 een algeheel lokaal afsteekverbod voor consumentenvuurwerk geldt;

  • -

    de burgemeester op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht een beleidsregel kan vaststellen met betrekking tot een hem toekomende bevoegdheid;

besluit:

Artikel 1

De burgemeester verleent geen ontheffing als bedoeld in artikel 9.2.2.1a, vierde lid, van de Wet milieubeheer.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel 3

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregel geen ontheffingen vuurwerkverbod Rotterdam.

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 1 oktober 2026.

De burgemeester,

C.J. Schouten

Toelichting op de Beleidsregel geen ontheffingen vuurwerkverbod Rotterdam

Algemeen

Op 1 augustus 2026 is de Wet veilige jaarwisseling in werking getreden, waarmee een landelijk verbod voor consumentenvuurwerk in categorie F2 geldt. Deze wet beoogt de risico’s op het gebied van openbare orde, veiligheid en leefbaarheid te beperken en ordeverstoringen te voorkomen door het instellen van een vuurwerkverbod voor consumenten (met uitzondering van F1-vuurwerk).

In de wet is een bevoegdheid voor de burgemeester opgenomen om ontheffingen van het landelijke verbod te verlenen aan verenigingen en stichtingen ten behoeve van het tot ontbranding brengen van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling.

Met de ontheffingsbevoegdheid voor de burgemeester is getracht het voor georganiseerde groepen burgers met lokale binding, zoals dorps- of buurtverenigingen, mogelijk te maken om tijdens de jaarwisseling op een verantwoorde en veilige manier consumentenvuurwerk (F2) af te steken op een daartoe aangewezen, geschikte plek. De wet biedt de burgemeester ruimte om binnen de landelijke kaders, op basis van de lokale omstandigheden en in overleg met de lokale driehoek, te besluiten of een ontheffing wordt verleend en, zo ja, voor welke locatie.

De burgemeester kan ook besluiten geen ontheffingen te verlenen. De ontheffingsbevoegdheid van de burgemeester betreft een discretionaire bevoegdheid waardoor de burgemeester niet verplicht is om kenbaar te maken dat geen gebruik wordt gemaakt van de ontheffingsbevoegdheid. Vanuit het oogpunt van transparantie en behoorlijk bestuur heeft de burgemeester deze beleidsregel vastgesteld waarna deze in het Gemeenteblad gepubliceerd zal worden.

Met deze beleidsregel maakt de burgemeester kenbaar dat in Rotterdam geen gebruik wordt gemaakt van de ontheffingsbevoegdheid.

Artikelsgewijs

Artikel 1

Gelet op het landelijke vuurwerkverbod, het sinds 2020 geldende stadsbrede vuurwerkverbod in Rotterdam, de zwaarwegende belangen van veiligheid, openbare orde, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid en de inzet van de overige hulpdiensten kiest de burgemeester ervoor om in Rotterdam geen ontheffing te verlenen voor het tot ontbranding brengen van aangewezen F2-vuurwerk tijdens de jaarwisseling. Door met deze beleidsregel tijdig duidelijk te maken dat geen ontheffingen worden verleend, wordt tevens voorkomen dat verenigingen of stichtingen onnodig kosten maken voor de stukken die bij een aanvraag moeten worden overgelegd.

Veiligheid en openbare orde

Aan het afsteken van F2-vuurwerk zijn risico’s verbonden. De wet schrijft daarom een landelijk verbod op consumentenvuurwerk voor. De doelstellingen van de wet zijn gericht op het vergroten van de veiligheid van inwoners en hulpverleners, het beperken van schade aan eigendommen, het verbeteren van het dierenwelzijn en het verminderen van overlast, veiligheidsrisico’s en negatieve gevolgen voor het milieu rond de jaarwisseling. De Afdeling advisering van de Raad van State heeft er eerder al terecht op gewezen dat een laagdrempelige mogelijkheid om ontheffing te verlenen op gespannen voet kan staan met het streven naar een veilige jaarwisseling. De veiligheidsrisico’s bestaan immers ook wanneer het vuurwerk wordt afgestoken door een georganiseerde vereniging of stichting en op een vooraf aangewezen locatie. De landelijke voorschriften beperken deze risico’s, maar nemen ze niet weg. Zo moeten de ontheffinghouders weliswaar kennis hebben van het veilig omgaan met vuurwerk, maar zij hoeven niet te beschikken over de professionele kwalificaties van een persoon met gespecialiseerde kennis. Lokale ontheffingen kunnen bovendien afbreuk doen aan de duidelijkheid en handhaafbaarheid van de landelijke verbodsnorm.

Uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid

In Rotterdam geldt sinds 2020 een lokaal verbod op het afsteken van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling. Dit stadsbrede verbod is ingesteld om gevaar, schade, overlast en verstoring van de openbare orde en veiligheid tijdens de jaarwisseling te beperken en vormt sindsdien een vast onderdeel van het Rotterdamse vuurwerkbeleid. Het verlenen van ontheffingen voor het afsteken van consumentenvuurwerk zou een uitzondering op dit verbod betekenen en daarmee afbreuk doen aan het al jaren geldende algehele vuurwerkverbod in de stad.

De verwachting is dat het landelijk vuurwerkverbod tijdens de jaarwisseling niet door iedereen zal worden nageleefd. Ook in Rotterdam, waar sinds 2020 een stadsbreed verbod geldt op het afsteken van vuurwerk, wordt sindsdien ieder jaar nog steeds vuurwerk afgestoken. Dit kan zowel overgebleven consumentenvuurwerk als illegaal en zwaar vuurwerk betreffen.

De politie en andere handhavingspartners moeten tijdens de jaarwisseling capaciteit beschikbaar houden voor incidenten, hulpverlening, ernstige verstoringen van de openbare orde, geweld tegen hulpverleners en de bestrijding van illegaal en zwaar vuurwerk. De politie heeft tijdens de jaarwisseling haar handen vol aan deze taken.

Het verlenen van ontheffingen zorgt voor een verhoogde druk op de handhaving van de jaarwisseling. De handhaving van het vuurwerkverbod is complex en gaat gepaard met de inzet van extra capaciteit omdat er op grond van het Vuurwerkbesluit veel voorschriften gelden voor de ontheffing. Voor het grootste gedeelte daarvan moet ter plaatse worden vastgesteld of daaraan wordt voldaan. Gezien de politie andere prioriteiten heeft tijdens de jaarwisseling, er verder ook beperkte toezichtcapaciteit is en er veiligheidsrisico’s zijn bij het niet naleven van de voorschriften, acht de burgemeester het niet verantwoord om ontheffingen te verlenen.

Inzet van de overige hulpdiensten

De ervaringen van de afgelopen jaren laten zien dat de jaarwisseling veruit de drukste nacht van het jaar is voor de hulpdiensten. De brandweer zet alle beschikbare capaciteit in en de ambulancedienst schaalt maximaal op. Ondanks deze extra inzet waren de brandweer en ambulancedienst tijdens de jaarwisseling 2025-2026 volledig belast. De meldkamers van de ambulancedienst en de brandweer ontvingen tijdens de jaarwisseling 2025-2026 gezamenlijk 1.671 meldingen. Dit was een toename van meer dan 60%. De brandweer kon vanwege de drukte niet alle branden blussen. Daarnaast is tweemaal opgeschaald naar GRIP 1 vanwege twee zeer grote branden in appartementencomplexen in Rotterdam-Ommoord en Hellevoetsluis.

De jaarwisseling 2025–2026 heeft het uiterste gevraagd van de veerkracht en professionaliteit van de hulpverleners. Op verschillende plaatsen werden hulpverleners tijdens hun werkzaamheden met vuurwerk bekogeld en moesten zij met ondersteuning van de politie hun werk uitvoeren. Ondanks de inzet van 550 medewerkers is het jaar 2026 begonnen met lichamelijk letsel en veel materiële schade.

De veiligheidsregio streeft tijdens de jaarwisseling naar minder branden, minder schade en minder slachtoffers. Tegelijkertijd is sprake van schaarste binnen de hulpverlening. Er is daarom geen capaciteit om naast de reguliere inzet afzonderlijke hulpverleningscapaciteit beschikbaar te houden voor vergunde vuurwerkevenementen, met uitzondering van professionele vuurwerkshows. Alle beschikbare capaciteit is nodig om de reguliere jaarwisseling zo veilig mogelijk te laten verlopen.

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl