Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR766912
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR766912/1
ALGEMENE VERKOOPVOORWAARDEN ONROERENDE ZAKEN GEMEENTE RAALTE 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-10-2026
Intitulé
ALGEMENE VERKOOPVOORWAARDEN ONROERENDE ZAKEN GEMEENTE RAALTE 2026Vastgesteld bij besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Raalte op 15 september 2026 en van toepassing met ingang van 1 oktober 2026.
Ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel.
Inleiding
In dit document staan de Algemene verkoopvoorwaarden onroerende zaken van de gemeente Raalte 2026 (hierna: algemene verkoopvoorwaarden). Deze algemene verkoopvoorwaarden behoren bij iedere koopovereenkomst tussen de gemeente en haar koper(s) inzake onroerende zaken, waarin ze uitdrukkelijk geheel of gedeeltelijk van toepassing zijn verklaard en vormen daarmee één onverbrekelijk geheel.
Als u een koopovereenkomst met de gemeente sluit voor een onroerende zaak dan zijn er altijd kernbedingen en soms bijzondere bedingen. Kernbedingen zijn de namen van de koper en de verkoper (de gemeente), wat er verkocht wordt, wat de prijs is en waarvoor de zaak is bestemd. Deze kernbedingen staan in iedere koopovereenkomst. Daarnaast staan in de koopovereenkomst nog bijzondere bedingen. Bijzondere bedingen zijn extra artikelen, die meestal niet in een overeenkomst worden opgenomen, maar voor dat bijzondere geval wel. Daarnaast zijn – bij iedere koopovereenkomst – de algemene verkoopvoorwaarden van toepassing. Bij koop zijn, behoudens uitzondering, het hele hoofdstuk 1 en het hele hoofdstuk 2 van de algemene voorwaarden van toepassing. Daarnaast zijn er vaak nog artikelen uit hoofdstuk 3 van toepassing. In de koopovereenkomst staat precies aangegeven welke hoofdstukken en artikelen voor u gelden.
De koopovereenkomst – met de algemene voorwaarden - zal u ter ondertekening worden aangeboden onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. Voor u is het van belang om voorafgaand aan het tekenen van de koopovereenkomst na te gaan of u met de bepalingen uit de koopovereenkomst als met de bepalingen uit de algemene voorwaarden akkoord kunt gaan.
Na de ondertekening van de koopovereenkomst zijn zowel de gemeente als de koper gehouden alle medewerking te verlenen aan het tot stand komen van de levering van de onroerende zaak en de daarvoor benodigde notariële akte van levering.
Let op!
Het aangaan van de koopovereenkomst door de gemeente is een privaatrechtelijke rechtshandeling. Dit betekent dat de koper hier geen rechten aan kan ontlenen in het kader van de verkrijging van een omgevingsvergunning en/of planologisch besluit.
HOOFDSTUK 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Geldigheid
-
1. Deze algemene verkoopvoorwaarden behoren bij iedere koopovereenkomst betreffende de verkoop van onroerende zaken tussen de gemeente Raalte en haar koper(s) waarin ze uitdrukkelijk van toepassing zijn verklaard en vormen daarmee één onverbrekelijk geheel.
-
2. In het geval er sprake is van strijdigheid tussen hetgeen in deze algemene verkoopvoorwaarden staat en hetgeen in de koopovereenkomst staat, wordt uitgegaan van de inhoud van de koopovereenkomst.
Artikel 1.2 Definities
Bepaalde begrippen die worden gebruikt in deze algemene verkoopvoorwaarden zijn hieronder nader uitgelegd. Deze definities kunnen zowel in enkelvoud als in meervoud worden gebruikt zonder dat de betekenis verloren gaat.
Aanvraag omgevingsvergunning: een aanvraag ingediend op grond van de Omgevingswet.
Algemene Verkoopvoorwaarden: de voorwaarden van de gemeente Raalte zoals omschreven in dit document ten aanzien van de verkoop van onroerende zaken.
Bouwrijp/Bouwrijpe staat: de staat van de onroerende zaak zoals omschreven in art.3.2 van deze algemene verkoopvoorwaarden.
BW: het Burgerlijk Wetboek.
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Raalte.
Ingebrekestelling: een schriftelijke aanmaning tot nakoming van een overeengekomen en opeisbare verplichting waarbij een redelijke termijn voor nakoming wordt gesteld
Eigendomsoverdracht: de juridische overgang van de eigendom van de onroerende zaak door de inschrijving van de notariële akte in de openbare registers.
Gemeente: de gemeente Raalte.
Koopovereenkomst: de overeenkomst tussen de gemeente en de koper, waarbij de gemeente zich verplicht de onroerende zaak te leveren en de koper zich verplicht om de onroerende zaak te aanvaarden tegen gelijktijdige betaling van de koopsom.
Koopsom: de overeengekomen prijs voor de onroerende zaak, zoals vermeld in de koopovereenkomst
Koper: de natuurlijke persoon of rechtspersoon, die met de gemeente een koopovereenkomst heeft (hebben) gesloten tot aankoop van de onroerende zaak.
Notariële akte: de ten overstaan van een notaris te passeren akte van levering, nodig voor de overdracht van de eigendom van de onroerende zaak aan de koper.
Onroerende zaak: de grond en al hetgeen dat volgens verkeersopvatting daartoe behoort, als bedoeld in artikel 3, eerste lid, Boek 3 BW zijnde het object van de verkoop.
Valutadatum: de datum vanaf wanneer de koper rente over de koopprijs is verschuldigd aan de gemeente.
Verkoopbesluit: het besluit van het college van burgemeester en wethouders als bedoeld in artikel 160 Gemeentewet (danwel de gemandateerde) tot het aangaan van de koopovereenkomst.
Vervreemding: De onroerende zaak wisselt van eigenaar door verkoop, verhuur, schenking, ruil, restitutie, bezwaring met beperkte (zakelijke) rechten dan wel pacht of anderszins in gebruik geven.
Wettelijke rente: De rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW dan wel, indien koper één of meer natuurlijke personen betreft die handelen in de uitoefening van een beroep of bedrijf of rechtspersonen (waaronder overheidsinstanties), de rente zoals bedoelt in artikel 6:119a van het Burgerlijk Wetboek.
Artikel 1.3 Inwerkingtreding
- a.
Deze algemene verkoopvoorwaarden treden in werking vanaf 1 oktober 2026.
- b.
Deze algemene verkoopvoorwaarden zijn niet van toepassing op de gevallen, waarin voor de inwerkingtreding door Burgemeester en Wethouders reeds een aanbieding tot verkoop van een onroerende zaak is gedaan of overeenstemming over de verkoop van een onroerende zaak is bereikt.
Artikel 1.4 Titel
De algemene verkoopvoorwaarden kunnen aangehaald worden onder de titel “Algemene Verkoopvoorwaarden Onroerende Zaken gemeente Raalte 2026”.
HOOFDSTUK 2. Voorwaarden voor alle verkopen
Artikel 2.1 Toepasselijkheid
De artikelen uit dit hoofdstuk zijn altijd van toepassing, tenzij toepassing van dit hoofdstuk geheel of gedeeltelijk expliciet in de koopovereenkomst is uitgesloten.
Artikel 2.2 Lasten, baten en belastingen
-
1. Alle kosten, rechten en belastingen met betrekking tot de koop en met betrekking tot de overdracht en de aflevering van de onroerende zaak, waaronder begrepen de kosten voor het opmaken van de notariële akte en van de kadastrale meting, zijn voor rekening van de koper.
-
2. Alle lopende baten en lasten komen voor rekening van de koper met ingang van de datum van ondertekening van de notariële akte. Bij het passeren van de notariële akte zullen de lopende baten en lasten ten overstaan van de notaris tussen partijen worden verrekend.
-
3. In afwijking van lid 2 van dit artikel geldt dat - voor zover het de overdracht van grond bestemd voor nieuwbouw betreft en andere onbebouwde grond - zal in afwijking van het vorenstaande het volgende gelden: alle lopende baten en lasten komen vanaf één januari van het kalenderjaar volgend op die waarin de akte van levering wordt getekend, voor rekening van koper.
Artikel 2.3 Perceel omschrijving, meting, terreingrenzen
-
1. Voor de datum van de feitelijke ingebruikneming van de onroerende zaak zullen de grenzen door de gemeente op de noodzakelijke meetpunten in het terrein worden gemerkt en aan de koper op diens verzoek worden aangewezen. De vindplaats van de merktekens wordt met piketten gemarkeerd. Het risico voor de instandhouding van de uitgezette punten berust bij de koper, zodat de kosten van herhaalde uitzetting en aanwijzing voor zijn rekening komen.
-
2. De gemeente is gemachtigd de kadastrale aanwijzing aan het Kadaster te verzorgen.
-
3. De koper verplicht zich jegens de gemeente binnen één jaar na het passeren van de akte van levering, geheel voor eigen rekening en risico, een erfafscheiding, te plaatsen en in stand te houden waaruit duidelijk de (kadastrale) grens/grenzen van de onroerende zaak op te maken zijn voor zover de onroerende zaak aan openbaar terrein grenst.
Artikel 2.4 Over- en ondermaat
-
1. Verschil tussen de werkelijke grootte, zoals deze zal worden vastgesteld door of vanwege de dienst van het Kadaster en de Openbare Registers, en de grootte zoals die door de gemeente in de koopovereenkomst is aangegeven, wordt niet verrekend, tenzij deze afwijking meer dan vijf procent van de in de koopovereenkomst genoemde oppervlakte beslaat, in welk geval verrekening plaatsvindt over de totale oppervlakte.
-
2. De verrekening ten gunste van de koper zal enkel geschieden, indien de koper daarom binnen drie (3) maanden, nadat de koper door het Kadaster op de hoogte is gesteld van de uitkomst van de kadastrale meting, schriftelijk verzoekt.
Artikel 2.5 Milieukundig bodemonderzoek
-
1. Omtrent de aanwezigheid van voor het milieu of de volksgezondheid gevaarlijke of niet aanvaardbare stoffen in de bodem van de door de gemeente te verkopen onroerende zaak, wordt een in de koopovereenkomst nader aangegeven verkennend bodemonderzoek (conform de NEN-5740) verricht en/ of een adviesmemo door de gemeente opgesteld op basis van de reeds bekende bodemrapporten en/ of bodemkwaliteitskaart. In het adviesmemo wordt de toestand van de bodem omschreven en zal moeten blijken dat de bodem op grond van de uitslag van het bodemonderzoek of bodemkwaliteitskaart geschikt is voor de realisering van de daaraan gegeven bestemming. De koper heeft recht op inzage van het rapport en/ of de adviesmemo.
-
2. In het geval de resultaten van het onderzoek echter zodanig zijn dat een verklaring zoals beschreven in lid 1 van dit artikel niet kan worden afgegeven, zal met de koper ter zake overleg worden gevoerd en zijn partijen niet verplicht de koopovereenkomst na te komen.
-
3. Onder voor het milieu gevaarlijke of niet aanvaardbare stoffen wordt niet verstaan: funderingsresten, puin, of andere restanten van bouwkundige aard, noch stobben van bomen en/of struiken, noch de aanwezigheid van andere omstandigheden die de draagkracht van de onroerende zaak beïnvloeden.
-
4. Het feit dat de bodem geschikt is voor de realisering van de daaraan gegeven bestemming, biedt geen garantie dat de kwaliteit zodanig is dat deze zonder meer als schone grond kan worden getransporteerd naar andere percelen. Behoudens (schriftelijke) andersluidende afspraken dient de koper - de bij de bouw vrijkomende grond - op de locatie zelf te verwerken, dan wel deze op milieu hygiënische verantwoorde wijze, conform de (van toepassing zijnde) wet- en regelgeving, voor zijn rekening af te voeren c.q. te verwerken.
-
5. Vanaf het moment van risico-overgang van de onroerende zaak of vanaf de eerdere ingebruikgeving van de onroerende zaak gaat tevens het volledige risico voor wat betreft bodemverontreiniging over naar de koper. De koper vrijwaart derhalve de gemeente van iedere aansprakelijkheid in het kader van eventuele, na risico overgang van de onroerende zaak, gebleken bodemverontreiniging, tenzij koper aantoont dat deze bodemverontreiniging reeds op het moment van de risico-overgang in de onroerende zaak aanwezig was en ook onder de op dat moment geldende normen moest worden aangemerkt als een geval van (ernstige) bodemverontreiniging met een urgentie om te saneren, alles behoudens het onder lid f van dit artikel bepaalde.
-
6. De koper zal de gemeente niet wegens toerekenbare tekortkoming of onrechtmatige daad kunnen aanspreken tot sanering of het anderszins nemen van maatregelen ten aanzien van bodemverontreiniging in de onroerende zaak, dan wel tot vergoeding van de kosten die de koper moet maken, als gevolg van een wijziging van de bestemming van de onroerende zaak naar een meer gevoelige bestemming, waardoor (aanvullende) sanering noodzakelijk is.
Artikel 2.6 Faillissement en beslag
-
1. Indien voor de datum van ondertekening van de notariële akte:
- a.
de koper in staat van faillissement wordt verklaard, of
- b.
de koper surseance van betaling heeft verkregen,
- c.
de schuldsanering als bedoeld in de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) op koper van toepassing wordt verklaard,
- d.
de vennootschap van koper wordt ontbonden,
- e.
de koper komt te overlijden,
- f.
executoriaal beslag wordt gelegd op de roerende en/of onroerende zaken en/of vorderingen, die koper (op een derde) heeft dan wel uit een ten tijde van het beslag reeds bestaande rechtsverhouding rechtstreeks zal verkrijgen,
- a.
-
is de gemeente bevoegd de koopovereenkomst te ontbinden zonder dat enige ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst is vereist.
-
2. Reeds betaalde gedeelten van de koopsom zullen worden gerestitueerd voor zover ze het bedrag van de kosten en boeten ingevolge de koopovereenkomst te boven gaan.
-
3. Als ontbinding op basis van dit artikel plaatsvindt en de ingebruikneming al heeft plaatsgevonden, is de koper of rechtsopvolger van koper, verplicht de onroerende zaak zo spoedig mogelijk weer in het bezit van de gemeente te stellen. Dit dient te gebeuren – zoveel als mogelijk- in de staat waarin de onroerende zaak zich bevond bij de ingebruikneming. Als de gemeente kosten moet maken om de onroerende zaak terug in haar bezit te krijgen in de staat waarin het zich bevond bij de ingebruikneming, is de gemeente bevoegd deze kosten te verrekenen met de terugbetaling aan koper zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel danwel in rekening brengen bij de koper of de rechtsopvolger van koper, waarna koper deze zal voldoen aan de gemeente.
Artikel 2.7 Hoofdelijkheid
Indien in de koopovereenkomst omtrent één en zelfde onroerende zaak meer dan één natuurlijke- of rechtspersoon als koper staat genoemd, zijn deze personen ieder hoofdelijk aansprakelijk voor de nakoming van de verplichtingen die uit de koopovereenkomst voortvloeien.
Artikel 2.8 Gedoogplicht openbare voorzieningen
-
1. De koper is verplicht te gedogen en toe te staan dat al hetgeen ten behoeve van openbare voorzieningen en/of doeleinden op, in of boven de onroerende zaak is aangebracht, kan worden onderhouden en dat al hetgeen noodzakelijk is ten behoeve van openbare voorzieningen en/of doeleinden op, in of boven de onroerende zaak kan worden aangebracht en onderhouden. De hiervoor omschreven gedoogplicht geldt eveneens ten aanzien van voorzieningen, welke op het moment van verkoop al in, op, aan of boven het verkochte aanwezig zijn.
-
2. De gedoogplicht omvat ook de verplichting van de koper om aan de door het college aangewezen bedrijven en instellingen toe te staan de voorzieningen te (doen) inspecteren, onderhouden, herstellen, vervangen en op te nemen en om tot deze doeleinden aan te wijzen derden toegang te verlenen tot de onroerende zaak, met de nodige materialen en werktuigen, op een in redelijk overleg met de koper te bepalen wijze. De werkzaamheden zullen op die manier plaats vinden, dat het gebruik van de onroerende zaak niet méér wordt belemmerd dan redelijkerwijs voor de aanleg en instandhouding van het werk nodig is. Na afloop van de werkzaamheden zal de onroerende zaak zoveel mogelijk en zo goed mogelijk in de oorspronkelijke staat worden gebracht. Eventuele schade, door bedoelde werkzaamheden aan de onroerende zaak veroorzaakt, zal aan de koper worden vergoed.
-
3. De koper is verplicht zich te onthouden van enig handelen waardoor het deugdelijk functioneren van vorenbedoelde voorzieningen kan worden belet of belemmerd dan wel de voorzieningen kunnen worden beschadigd. In dit verband is het de koper in het bijzonder verboden:
- a.
de grond over een strook ter breedte van een meter ter weerszijden van de kabel of leiding:
-
dieper te spitten dan vijftig centimeter;
-
op enigerlei wijze te ontgraven of te ontgronden;
-
te gebruiken voor opslag van afvalstoffen, meststoffen dan wel composthopen;
-
te beplanten met diepwortelende bomen of struiken.
-
- b.
bouwwerken of wegdek (asfalt) aan te brengen.
- a.
-
Er mag geen toestemming aan derden worden verleend voor het uitvoeren van de handelingen als genoemd in dit lid.
-
4. De koper is te allen tijde aansprakelijk voor alle schade welke door beschadiging van de aanwezige zaken, bedoeld in lid 1 van dit artikel, door zijn toedoen of nalaten wordt veroorzaakt.
Artikel 2.9 Erfdienstbaarheden, opstalrechten, gebruiksrechten en/of kwalitatieve verplichting in verband met kabels en leidingen
-
1. Koper zal zijn medewerking verlenen aan het vestigen van erfdienstbaarheden, opstalrechten, gebruiksrechten en/of kwalitatieve verplichtingen ten behoeve van de gemeente of daartoe door de gemeente aangewezen derden (nutsbedrijven). Koper zal toestaan dat de gemeente en/of andere daartoe bevoegde instanties eventuele door hen gestichte bouwwerken, aangelegde kabels of leidingen, kunnen inspecteren, onderhouden en vervangen. Koper zal hiertoe de gemeente en/of andere bevoegde instanties daartoe de toegang tot de onroerende zaak verschaffen. Voor de vestiging of verlening van voormelde rechten en verplichtingen is door de gemeente en/of de andere bevoegde instanties aan koper geen vergoeding verschuldigd. Indien voormelde rechten worden gevestigd en/of verplichtingen worden opgelegd bij de notariële akte komen de daaraan verbonden kosten voor rekening van degene ten wiens behoeve het recht wordt vastgelegd.
-
2. Het is koper verboden om op of in de grond, waarin de nutsvoorzieningen zijn gelegen, bouwwerken te plaatsen, gesloten wegdek aan te brengen, om grondingen te verrichten, bomen of diep wortelende struiken te planten of andere handelingen te verrichten die gebruik, onderhoud en vernieuwing van de nutsvoorzieningen zouden kunnen belemmeren of schaden.
-
3. De kosten van bouw, aanleg, onderhoud en vernieuwing van de nutsvoorzieningen, evenals de kosten die nodig zijn om de grond en de opstallen van de met deze voorzieningen bezwaarde eigenaar weer in de oude staat terug te brengen, zijn voor rekening van de eigenaar van de nutsvoorzieningen.
Artikel 2.10 Kwalitatieve verplichting (6:252 BW)
De in de koopovereenkomst daartoe aangewezen artikelen, inhoudende (een) verplichting(en) voor koper om iets te dulden of niet te doen ten aanzien van de onroerende zaak, zal/zullen overgaan op degene(n) die de onroerende zaak onder bijzondere titel zal/zullen verkrijgen, waarbij tevens wordt bepaald dat mede gebonden zullen zijn degenen die van de rechthebbende een recht tot gebruik van de onroerende zaak zullen verkrijgen. De notaris zal voormelde verplichting(en) opnemen in de notariële akte en deze akte laten inschrijven in de openbare registers van het Kadaster.
Artikel 2.11 Kettingbeding
-
1. Koper is verplicht en verbindt zich jegens de gemeente, die dit voor zich aanvaardt, het bepaalde in de daartoe in de koopovereenkomst aangewezen (in verband met tijdsverloop nog van toepassing zijnde) artikelen en de Algemene verkoopvoorwaarden bij de overdracht van (een gedeelte van) de onroerende zaak, evenals bij de verlening daarop van een zakelijk recht niet zijnde een hypotheekrecht, aan de nieuwe eigenaar of zakelijk gerechtigde op te leggen en in verband daarmee, om het in die artikelen bepaalde in de notariële akte op te nemen ten behoeve van de gemeente, zulks op verbeurte van een direct opeisbare boete waarvan de hoogte in de koopovereenkomst of in deze Algemene verkoopvoorwaarden is op genomen. De gemeente behoudt de bevoegdheid om daarnaast nakoming en/of eventueel meer geleden schade te vorderen.
-
2. Op gelijke wijze als onder lid 1 van dit artikel bepaald, verbindt koper zich jegens de gemeente tot het bedingen bij wijze van derdenbeding van de nieuwe eigenaar of zakelijk gerechtigde dat ook deze zowel het bepaalde in de in lid 1 van dit artikel bedoelde artikelen, als de in lid 1 van dit artikel en in het onderhavige lid 2 opgenomen verplichting om dit door te geven, zal opleggen aan diens rechtsopvolgers/zakelijk gerechtigden. Elke opvolgende vervreemder neemt daarbij - namens en ten behoeve van de gemeente - het beding aan.
Artikel 2.12 Boetebepaling
-
1. Voor elke toerekenbare tekortkoming in de nakoming van enige verplichting, voortvloeiende uit de koopovereenkomst en het daarin van toepassing verklaarde deel van deze algemene verkoopvoorwaarden, verbeurt de koper, na ingebrekestelling en bij uitblijven van de nakoming door de koper binnen de in die ingebrekestelling bepaalde termijn, ten behoeve van de gemeente een onmiddellijk opeisbare boete van tien procent (10%) van de koopsom.
-
2. Naast het gestelde in lid 1 van dit artikel behoudt de gemeente het recht schadevergoeding, welke de boete te boven gaat, te vorderen en de bevoegdheid om bij niet-nakoming van enige uit de koopovereenkomst en het daarin van toepassing verklaarde deel van deze algemene verkoopvoorwaarden voortvloeiende verplichting in rechte nakoming te vorderen.
-
3. Het in lid 1 van dit artikel bedoelde boetebeding is niet van toepassing wanneer op de betreffende niet-nakoming afzonderlijk een boete is gesteld. In dat geval is de afzonderlijke boeteregeling van toepassing.
Artikel 2.13 Overdracht van rechten
Het is koper verboden om - zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het college - voor het ondertekenen van de notariële akte van levering, rechten en verplichtingen uit de koopovereenkomst en/of eventuele met de koopovereenkomst samenhangende overeenkomsten tussen partijen, geheel of gedeeltelijk te vervreemden aan derden. Het college is bevoegd om aan het verlenen van toestemming voorwaarden te verbinden.
Artikel 2.14 Geschillenregeling
Alle geschillen, die naar aanleiding van de koopovereenkomst en het daarin van toepassing verklaarde deel van deze algemene verkoopvoorwaarden mochten ontstaan, van welke aard en omvang ook, daaronder mede begrepen die, welke slechts door één der partijen als zodanig worden beschouwd, zullen, als minnelijk overleg tussen partijen niet heeft geleid tot beslechting van het geschil, worden voorgelegd aan de bevoegde rechter.
Artikel 2.15 Algemene termijnenwet
De Algemene termijnenwet is van toepassing op de termijnen die zijn opgenomen in de koopovereenkomst en deze algemene verkoopvoorwaarden.
HOOFDSTUK 3. Bepalingen die expliciet in de koopovereenkomst van toepassing moeten worden verklaard.
Artikel 3.1 Toepasselijkheid
Elk van de artikelen in dit hoofdstuk is van toepassing indien en voor zover dit in de koopovereenkomst uitdrukkelijk van toepassing is verklaard.
PARAGRAAF 1. BOUWEN
Artikel 3.2 Bouwrijpe staat
-
1. De onroerende zaak wordt aan koper afgeleverd in bouwrijpe staat
-
2. Voor zover in de koopovereenkomst niet anders is bepaald, wordt door partijen onder “bouwrijp of bouwrijpe staat” verstaan, grond:
- a.
ontdaan van opstallen en funderingen daarvan (met uitzondering van eventuele lichte puinresten), verhardingen, begroeiingen waaronder (stobben van) bomen en struiken, alsmede andere bouw belemmerende obstakels;
- b.
vrij van kabels en leidingen, behoudens die kabels en leidingen, waarvan de ligging bij het aangaan van de koopovereenkomst aan partijen bekend is;
- c.
ontwaterd, geëgaliseerd en waar nodig opgehoogd;
- d.
voorzien van (hoofd)stelsels van openbare nuts- en communicatievoorzieningen. Deze (hoofd)stelsels van openbare voorzieningen worden door (diverse) nutsbedrijven aangelegd tot aan de erfgrens. De verdere aansluiting dient door (en voor rekening van) koper te worden verzorgd. De situatie kan zich voordoen dat de (hoofd)stelsels van openbare nuts- en communicatievoorzieningen in de openbare ruimte in de grond liggen, maar nog niet voorzien zijn van stroom en/of water. Ook dan is er sprake van bouwrijpe grond.
- a.
-
3. Voorts zal de onroerende zaak bereikbaar zijn vanaf het openbare gebied en vrij van feitelijke belemmeringen die de bouw en/of de ingebruikneming van de onroerende zaak verhinderen of beperken op een wijze die niet in redelijkheid voor rekening van de koper behoort te komen.
-
4. Koper wordt geacht ermee bekend te zijn dat in het kader van het bouwrijp maken van de onroerende zaak door of namens de gemeente werkzaamheden zijn of zullen worden uitgevoerd van verschillende aard, waaronder werkzaamheden in de sfeer van ontgraving, aanvulling en ophoging van de grond. Als gevolg van deze werkzaamheden kan er plaatselijk sprake zijn van een geroerde ondergrond die bij de toekomstige bebouwing van invloed kan zijn op de funderingsdiepte c.q. de wijze van fundering. Ook kan sprake zijn van lichte funderingsresten, gedempte putten en/of waterlopen en dergelijke, alsmede van eigenschappen van de bodem, die verband houden met de natuurlijke gesteldheid daarvan en die voor de bebouwing van het terrein van betekenis kunnen zijn.
-
5. De gemeente is niet aansprakelijk voor mogelijk door koper of diens rechtsopvolger(s) te maken (meer)kosten, die verband houden met de draagkracht en de natuurlijke gesteldheid van de bodem, ofwel met de mogelijke, in het vorige artikellid genoemde gevolgen van de werkzaamheden die in het kader van het bouwrijp maken zijn uitgevoerd.
Artikel 3.3 Bouwplicht
-
1. Koper is verplicht de onroerende zaak te bebouwen met de in de koopovereenkomst aangegeven bebouwing, conform het van toepassing zijnde Omgevingsplan.
-
2. Binnen een jaar na de datum van het verlijden van de notariële akte moet met de bebouwing van de onroerende zaak een aanvang zijn gemaakt en vervolgens dient koper de bouw in een voor betreffende bouw normaal tempo voort te zetten. Binnen twee jaar na de datum van het verlijden van de notariële akte moet - de op de onroerende zaak te stichten bebouwing - voltooid en gebruiksklaar zijn. Indien daartoe aanleiding bestaat, kunnen deze termijnen door het college op verzoek van koper worden verlengd. Het college kan hier aan voorwaarden verbinden.
-
3. Zolang niet is voldaan aan de in lid 2 van dit artikel, vermelde verplichting mag koper de grond niet zonder schriftelijke toestemming van het college verkopen, in juridische of economische eigendom overdragen, in erfpacht uitgeven, met andere beperkte rechten bezwaren, verhuren of verpachten. Aan deze toestemming kunnen voorwaarden worden verbonden. Voor vestiging van het recht van hypotheek is geen toestemming nodig.
-
4. Het bepaalde in lid 3 van dit artikel is niet van toepassing in geval van executoriale verkoop op grond van artikel 3:268 BW en van verkoop op grond van artikel 3:174 BW.
-
5. De in lid 3 bedoelde toestemming wordt geacht te zijn verleend als de overdracht van de onroerende zaak geschiedt ter uitvoering van een tussen koper en haar koper(s) gesloten koop-/aannemingsovereenkomst, waarbij koper zich tegenover die koper(s) verplicht, de in de koopovereenkomst genoemde opstallen te bouwen.
-
6. Het in lid 5 gestelde geldt uitsluitend voor koper en gaat niet over op haar rechtsopvolgers.
-
7. Indien koper niet voldoet aan het hiervoor onder lid 2 bepaalde en nalatig is of blijft daaraan te voldoen na hiervoor in gebreke te zijn gesteld door de gemeente, is koper in verzuim. De ingebrekestelling moet schriftelijk geschieden – door middel van een aangetekend schrijven - met inachtneming van een termijn van acht (8) dagen. Is koper na afloop van voormelde acht (8) dagen nog steeds in gebreke, dan is hij voor elke sedertdien verstreken dag tot aan de dag van nakoming een onmiddellijk opeisbare boete verschuldigd van een bedrag gelijk aan een half procent (0,5%) van de koopsom. Het voormelde geldt onverminderd het recht van de gemeente om volledige nakoming en/of schadevergoeding te vorderen.
-
8. Als de bebouwing uiterlijk 6 maanden na het verloop van de in lid 2-van dit artikel – genoemde termijnen niet voltooid en gebruiksklaar is, is koper verplicht – op eerste verzoek van de gemeente - de onroerende zaak zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat en vrij op naam aan de gemeente te koop aan te bieden tegen de in de koopovereenkomst genoemde prijs, zonder vergoeding voor eventueel reeds uitgevoerde werkzaamheden en/of gerealiseerde opstallen en zonder vergoeding van kosten verbonden aan de eigendomsoverdracht of de tijdelijke financiering.
Artikel 3.4 Door de koper te verrichten werkzaamheden
-
1. De koper dient - ter voldoening aan zijn bouwplicht - voor zijn rekening tenminste de volgende werkzaamheden uit te voeren:
- a.
Het ontgraven tot onderkant fundering (bouwput);
- b.
Het draineren binnen de kavel;
- c.
Het maken van de huisaansluitingen ten behoeve van riolering en nutsvoorzieningen;
- d.
Het op hoogte brengen van de tuin;
- e.
Het aanleggen van toegangspaden, achterpaden en terrassen binnen de kavel;
- f.
Het aanbrengen van erfafscheidingen ingeval op een kavel meer woningen worden gerealiseerd en die woningen en het daarbij behorende huisperceel grenzen aan openbaar terrein.
- a.
-
2. De koper dient bij de bebouwing van de onroerende zaak de daarbij vrijkomende grond binnen de perceelgrenzen van de onroerende zaak te verwerken. Indien dit niet mogelijk is, dient koper de vrijkomende grond in overleg met en met goedkeuring van de gemeente af te voeren. Alle hiermee gemoeide kosten zijn voor rekening van koper.
Artikel 3.5 Aanvullende (publiekrechtelijke) bepalingen
-
1. De gemeente is niet aansprakelijk indien haar publiekrechtelijke verantwoordelijkheid vereist dat zij rechtshandelingen verricht die niet in het voordeel zijn van de aard of strekking van de koopovereenkomst. Dit geldt in het bijzonder voor enige door de koper te lijden schade, indien het college de door koper gevraagde omgevingsvergunning niet verleent, het omgevingsplan niet wijzigt of herziet of bij de te doorlopen procedures vertraging ontstaat door publiekrechtelijke voorschriften of regelingen, ook als daardoor de door de koper beoogde plannen niet gerealiseerd kunnen worden.
-
2. Koper is gehouden tot vergoeding en/of herstel van schade, welke aan eigendommen van de gemeente en/of derden wordt toegebracht als gevolg van de uitvoering van de (bouw)werkzaamheden en de overige in de koopovereenkomst vermelde werken en werkzaamheden tot het moment dat de (laatste) opstal(len) op de onroerende zaak is/zijn opgeleverd. Koper dient te zorgen voor een verzekering ter zake.
Artikel 3.6 Aanleg parkeerplaats(en)
-
1. Koper verbindt zich tegenover de gemeente om gelijktijdig met het gereedkomen van de te stichten bebouwing - voor zijn rekening - op de onroerende zaak een, in verhouding met de bebouwing en het gebruik daarvan, voldoende aantal van de openbare weg af met auto’s toegankelijke parkeerplaatsen aan te leggen en in stand te houden, conform de verleende omgevingsvergunning. In de koopovereenkomst kan het aantal te realiseren parkeerplaatsen nader worden bepaald. Ingeval van de verkoop van een individuele bouwkavel dient tenminste één parkeerplaats op eigen terrein te worden gerealiseerd en in stand te worden gehouden.
-
2. Koper verbindt zich de op zijn onroerende zaak aangelegde parkeerplaats(en) niet te verwijderen noch de parkeerplaats(en) zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van het college anders dan als parkeerplaats te zullen gebruiken.
-
3. Bij niet-nakoming van de verplichtingen zoals omschreven in de leden 1 en 2 van dit artikel is koper - na ingebrekestelling door het college en na het verstrijken van de in die ingebrekestelling genoemde termijn - aan de gemeente een direct opeisbare boete verschuldigd van € 100,00 voor elke dag dat koper in gebreke is.
Artikel 3.7 Aanleg/kosten inritten
-
1. De kosten van het aanleggen van een eventueel benodigde inrit bij een woning zijn in de koopsom begrepen.
-
2. De aanlegkosten van een tweede, vergunde inrit komen voor rekening van koper.
-
3. De te maken inrit(ten) word)t)(en) - door of in opdracht van - de gemeente aangelegd.
Artikel 3.8 Recht van eerste koop
-
1. De gemeente heeft – binnen één (1) jaar na het passeren van de akte/ aankoop van het de onroerende zaak - een eerste recht van koop. Dit recht van eerste koop houdt in dat de koper, als deze de nog onbebouwde onroerende zaak of een onbebouwd gedeelte daarvan wil overdragen of bezwaren met een beperkt recht (o.a. opstalrecht of erfpachtrecht), verplicht is om de onroerende zaak eerst aan de gemeente te koop aan te bieden. Hierbij geldt:
- 1.
De koper moet de onroerende zaak – door middel van een aangetekende brief aan het college – aan bieden, en
- 2.
Het aanbod tot eerste koop dient te worden gedaan tegen de in de koopovereenkomst genoemde prijs, eventueel vermeerderd met een percentage, waarmee de gemeente de prijzen van vergelijkbare onroerende zaken heeft verhoogd, en
- 3.
De koper heeft geen recht op een vergoeding van eerder gemaakte kosten, verbonden aan de eigendomsoverdracht of de tijdelijke financiering.
- 1.
-
2. Het college zal – binnen twee (2) maanden na ontvangst van de aangetekende brief van koper – schriftelijk aan koper laten weten of zij van het recht van eerste koop gebruik wil maken. Als het college afziet van het eerste recht tot koop mag koper tot verkoop aan een derde overgaan. Het college kan – als zij afziet van het eerste recht tot koop – voorwaarden verbinden aan de toestemming tot verkoop.
-
3. Bij overtreding van hetgeen is bepaald onder lid 1 van dit artikel zal de koper ten behoeve van de gemeente een zonder rechterlijke tussenkomst terstond opeisbare boete van tien procent (10%) van de koopsom verbeuren, onverminderd het recht op aanvullende schadevergoeding, indien de daadwerkelijke schade hoger is dan de onmiddellijk opeisbare boete, en onverminderd vergoeding van kosten van verhaal.
Artikel 3.9 Erfdienstbaarheden over en weer
-
1. 1.Ten behoeve en ten laste van de onroerende zaak en ten laste en ten behoeve van de daarnaast te stichten/gelegen onroerende zaken, worden -voor zover nodig- gevestigd en aangenomen, al zodanige erfdienstbaarheden, waardoor de toestand waarin die percelen (na voltooiing van de opstallen) zich ten opzichte van elkaar bevinden, gehandhaafd blijft. Onder andere geldt dit voor wat betreft de aanwezigheid van ondergrondse en bovengrondse kabels en leidingen, rioleringen, waterafvoeren, ventilatiesystemen, lichtinval, inankeringen, inbalkingen, overbouwingen en het toepassen en in stand houden van kleuren. Hieronder kan echter nimmer een verbod tot bouwen of verbouwen worden verstaan. De kosten van het vestigen van een erfdienstbaarheid zijn voor rekening ten wiens behoeve het recht wordt vastgelegd.
Artikel 3.10 Hemelwater
-
1. Uit het oogpunt van “duurzaam omgaan met hemelwater” moet voor het afstromend hemelwater van de bebouwing en terreinverharding een infiltratievoorziening op eigen terrein worden gerealiseerd met een waterberging van 20 mm. Indien infiltratie niet mogelijk is, moet er worden geloosd op een in- of langs de openbare weg aanwezige (infiltratie)voorziening door middel van een bovengrondse afvoer (gootje of straatkolk) of door te lozen op open water. Aansluiting op de riolering kan alleen indien eerder genoemde opties niet mogelijk zijn.
-
2. Koper verbindt zich tegenover de gemeente:
- a.
voor zijn rekening leidingen voor de afvoer van fecaliën en huishoudelijk afvalwater aan te leggen, te onderhouden en zo nodig te vernieuwen en deze onder de gebruikelijke voorwaarden op de aansluitput van de vuilwaterstelsel aan te sluiten en aangesloten te houden;
- b.
de hierboven bedoelde voorziening ten behoeve van hemelwaterafvoer op eigen terrein en voor eigen rekening aan te brengen, in stand te houden, te onderhouden en zo nodig te vernieuwen;
- c.
zich te onthouden van het afvoeren van hemelwater naar het vuilwaterstelsel;
- d.
voor de aansluiting van het vuilwater en het infiltreren van hemelwater van het verkochte dient - ten tijde van de aanvraag van een omgevingsvergunning - een afgerond afwateringsplan ter goedkeuring aan de gemeente voorgelegd te worden;
- e.
te voldoen aan de aanvullende eisen voor de aanleg van infiltratie die de gemeente stelt;
- f.
materialen te gebruiken die – als zij in contact komen met regenwater, zoals goten, regenpijpen, gevelbekleding, etc. - niet uitloogbaar zijn. Hiervoor dienen alternatieve materialen te worden gekozen, zoals kunststof en gecoat staal.
- a.
Artikel 3.11 Watergang
-
1. De eventueel aan het verkochte grenzende watergang(en) zal (zullen) door en voor rekening van de gemeente op een door het college te bepalen wijze van een beschoeiing worden voorzien.
-
2. De koper is gehouden op zijn kosten zijn gedeelte van de beschoeiing langs een aangrenzende watergang in redelijke staat van onderhoud te houden, respectievelijk te vernieuwen overeenkomstig vigerend onderhoudsniveau van de gemeente.
-
3. De op de onroerende zaak aangebrachte bouwwerken, begroeiing en infrastructuur dienen zo ver van de aangrenzende watergang verwijderd te blijven, dat beschadiging aan de beschoeiing met eventuele verankering wordt voorkomen.
-
4. De eventueel door de koper of zijn rechtsopvolgers veroorzaakte verontreiniging en /of verontdieping van de waterbodem in het aangrenzende water zal door de gemeente voor rekening van de koper of zijn rechtsopvolgers worden weggebaggerd.
-
5. De leden 1 tot en met 4 zijn niet van toepassing als de watergang in eigendom, beheer en onderhoud is bij het waterschap. In dat geval is de keur (gebods- en verbodsbepalingen voor het water en de taluds casu quo oevers) op deze waterstaatswerken van het waterschap van toepassing.
Artikel 3.12 Drainage
-
1. Ter voorkoming van wateroverlast kan het zijn dat in de onroerende zaak drainageleidingen of drainagesleuven zijn aangebracht overeenkomstig een bij de gemeente opvraagbaar drainageplan. Voor zover desondanks nog sprake is van wateroverlast, zijn de kosten van opheffing daarvan voor de koper, evenals de eventueel daardoor ontstane schade.
-
2. Koper is gehouden de aangelegde drainage te dulden en ervoor zorg te dragen dat deze niet beschadigd wordt door graafwerkzaamheden, het slaan van palen, ingroeien van wortels van bomen of anderszins.
Artikel 3.13 Afvalwater
-
1. De gemeente draagt zorg voor de aanleg van een vuilwaterrioleringsstelsel in het openbaar gebied met een aansluitmogelijkheid voor afvalwater ten behoeve van het op het bouwterrein te realiseren bouwplan.
-
2. De plaats van de aansluiting wordt door de gemeente bepaald.
-
3. Bij woningbouw wordt door de gemeente de aansluiting op de riolering aangelegd vanaf het hoofdriool tot aan de grens van de verkochte inclusief erfscheidingsput.
-
4. Het in de leden 1 en 2, van dit artikel, gestelde, geldt alleen in nieuwe uitleggebieden. In alle andere situaties zijn de kosten voor de rioolaansluiting voor de koper.
Artikel 3.14 Aanleg riolering
-
1. Door de gemeente wordt de aansluiting op de riolering aangelegd vanaf het hoofdriool tot aan de grens van de onroerende zaak. De plaats van de aansluiting wordt bepaald door de gemeente. De kosten van deze aanleg, zoals vermeld in de koopovereenkomst, gelden bij een standaardaansluiting met een diameter van 125 mm.
-
2. Bij een aansluiting, afwijkend van de standaardaansluiting, zullen de extra kosten in rekening worden gebracht bij de koper. Het verschuldigde bedrag dient door de koper te worden voldaan bij het passeren van de notariële akte. Indien de koper, om welke reden dan ook, gebruik wenst te maken van een andere aansluiting dan de hiervoor bedoelde en indien de gemeente hiertegen geen bezwaren heeft, zijn de eventueel daaruit voortvloeiende (extra) kosten voor rekening van de koper.
PARAGRAAF 2. WONEN
Artikel 3.15 A.B.C.-bepaling
De gemeente staat toe dat - bij projectmatige ontwikkeling - koper zijn recht op overdracht van de onroerende zaak overdraagt aan de kopers van de woningen op de door hem te bebouwen kavels, eventueel voordat die bebouwing tot stand is gekomen, onder voorwaarden dat:
- a.
in de tussen koper en diens kopers (zijnde de eindgebruikers) te sluiten overeenkomsten de artikelen aangegeven in de koopovereenkomst en de in de koopovereenkomst van toepassing verklaarde artikelen van deze algemene verkoopvoorwaarden integraal worden opgenomen c.q. ten behoeve van de gemeente worden bedongen en aan de betreffende kopers worden opgelegd en voor en namens de gemeente worden aangenomen;
- b.
koper zich tegenover de gemeente garant stelt voor de tijdige bouw, waartoe zij zich tegenover de hiervoor bedoelde koper(s) heeft verplicht.
Artikel 3.16 Verplichting tot zelfbewoning en verbod doorverkoop
-
1. De koper is verplicht om de op de onroerende zaak aanwezige of te bouwen woning uitsluitend te gebruiken om die zelf (met de eventuele gezinsleden) daadwerkelijk te bewonen.
-
2. Het is koper verboden de grond en/de woning geheel of gedeeltelijk aan derden in eigendom of economische eigendom over te dragen, in erfpacht of opstal uit te geven, noch anderszins met beperkte genotsrechten te bezwaren. Het vestigen van het recht van hypotheek is toegestaan.
-
3. Het bepaalde in lid 1 en 2 van dit artikel vervalt nadat de koper de woning gedurende twee jaar heeft bewoond. Als maatstaf geldt hierbij de datum waarop en de tijd gedurende welke de koper als bewoner van het betreffende adres in het bevolkingsregister (zijnde de Basisregistratie Personen) staat ingeschreven.
-
4. Het bepaalde in lid 1 en 2 van dit artikel is niet van toepassing bij:
- a.
verkoop op grond van een machtiging van de rechter als bedoeld in artikel 3:174 BW;
- b.
executoriale verkoop door hypothecaire schuldeisers (artikel 3:268 BW);
- c.
overlijden van de koper of (één van) zijn gezinsleden;
- d.
schriftelijke toestemming van het college als bedoeld in lid 5 van dit artikel.
- a.
-
5. De koper kan het college schriftelijk en gemotiveerd verzoeken om toestemming te verlenen te handelen in afwijking van het bepaalde in lid 1 en 2 van dit artikel. Het college kan besluiten om toestemming te verlenen en kan hieraan voorwaarden verbinden. Deze toestemming kan in ieder geval worden verleend in geval van:
- 1.
Verandering van werkkring van de koper of diens partner op grond waarvan redelijkerwijs verhuisd dient te worden;
- 2.
Ontbinding van het huwelijk van de koper door echtscheiding of ontbinding van het samenlevingscontract of van een geregistreerd partnerschap;
- 3.
Beëindiging van de samenwoning, blijkend uit het bevolkingsregister; of
- 4.
Verhuizing waartoe wordt genoodzaakt door de gezondheid van de koper of één van zijn gezinsleden.
- 1.
Artikel 3.17 Achterpaden
Koper verleent medewerking om - bij het passeren van de notariële akte - alle noodzakelijke rechten te vestigen om het gebruik van achterpaden (voor de toegang tot de achterzijde van de woningen) overeenkomstig een bij de koopovereenkomst gevoegde tekening te waarborgen
Artikel 3.18 Ontbindende voorwaarde van financiering
-
1. De koopovereenkomst kan door de koper worden ontbonden indien koper uiterlijk een maand na de verkrijging van een onherroepelijke omgevingsvergunning voor de financiering van het verkochte en de daarop te realiseren bebouwing, niet één of meer geldleningen al dan niet met Nationale Hypotheek Garantie of het aanbod daartoe heeft verkregen. Koper verplicht zich al het redelijk mogelijke te doen teneinde de hierboven bedoelde financiering te verkrijgen.
-
2. Indien deze voorwaarde wordt vervuld heeft de koper het recht om op grond daarvan de ontbinding van de koopovereenkomst in te roepen onder overlegging van tenminste twee schriftelijke afwijzingen.
-
3. De mededeling dat hij deze ontbinding inroept, dient uiterlijk op de tweede werkdag na de betreffende datum door de gemeente te zijn ontvangen. Alsdan zijn beide partijen van deze overeenkomst bevrijd.
-
4. Alle kosten voor ontbinding van de overeenkomst, komen voor rekening van koper. De door de koper betaalde optiegelden vervallen aan de gemeente.
PARAGRAAF 3. BEDRIJVEN
Artikel 3.19 Verbod tot verkoop van goederen, waren of diensten aan de consument
-
1. Het is de koper verboden de onroerende zaak en/of de daarop staande of te stichten bebouwing te gebruiken of te doen gebruiken voor handelsdoeleinden, waarbij levering van goederen, waren of diensten direct aan de consument plaatsvindt, met uitzondering van de detailhandel in zogenaamde ABC goederen (auto, boot en/of caravan).
-
2. Bij overtreding van het onder lid 1 van dit artikel bedoelde verbod zal de koper een direct opeisbare boete verschuldigd zijn van € 10.000,00 voor elke week waarin bedoelde levering aan de consument plaatsvindt of op enigerlei wijze geconstateerd wordt, dit nadat de koper ter zake van de overtreding door het college bij aangetekende brief of deurwaardersexploot in gebreke is gesteld en hem een redelijke termijn is geboden om publiekelijk bekend te maken, dat géén verkoop meer aan de consument zal plaatsvinden.
Artikel 3.20 Splitsingsverbod
Indien op de onroerende zaak een dienst- of bedrijfswoning met bedrijfsgebouw is of wordt gerealiseerd, is het koper niet toegestaan deze afzonderlijk van elkaar te vervreemden, over te dragen, te verhuren, in gebruik te geven of te belasten met een zakelijk gebruiksrecht, tenzij het college hiervoor schriftelijk toestemming heeft verleend.
Artikel 3.21 Aansluitingen
Alle kosten van rioolaansluiting(en) zijn voor rekening van de koper, waarbij deze zich verplicht de aansluiting(en) op eigen terrein te voorzien van erfscheidingsput(ten).
De gemeente wijst (op weglaten) de riooluitleggers aan waar ter plaatse van de erfgrens de afvoeren moeten worden aangesloten.
In het geval er nog geen riooluitlegger naar de kavel ligt, zijn ook alle kosten voor aanleg van deze riooluitlegger, van hoofdriool tot erfgrens, voor rekening koper.
PARAGRAAF 4. GROENSTROKEN
Artikel 3.22 Staat van levering, Milieubepaling
-
1. De onroerende zaak wordt geleverd in de staat waarin deze zich bevindt ten tijde van het moment van eigendomsoverdracht.
-
2. Behoudens andersluidende bepalingen in de koopovereenkomst, wordt de milieu-hygiënische staat van de bodem vastgesteld door middel van een historisch onderzoek.
Artikel 3.23 Gebruik
Koper verbindt zich tegenover de gemeente de gekochte onroerende zaak te gebruiken conform de van toepassing zijnde artikelen uit het Omgevingsplan.
Ondertekening
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl