Nadere regels laadgoten voor opladen elektrische voertuigen gemeente Breda 2026

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 25-09-2026

Intitulé

Nadere regels laadgoten voor opladen elektrische voertuigen gemeente Breda 2026

Het college van Burgemeester en Wethouders van Breda

Gelet op artikel 160 van de Gemeentewet, artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2:4A en 2:4C van de Algemene Plaatselijke Verordening Breda 2018 (APV).

Overwegende dat:

  • •

    Het op grond van artikel 2:4A APV verboden is zonder vergunning de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan;

  • •

    artikel 2:4A APV ‘Voorwerpen op of aan de wegʼ is bedoeld om te voorkomen dat:

    • ○

      door het gebruik schade wordt toegebracht aan de weg;

    • ○

      het gebruik gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan;

    • ○

      het gebruik een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;

  • •

    het gebruik van oplaadkabels ten behoeve van (semi-)elektrische voertuigen de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren en gevaarlijke situaties kan opleveren voor personen of zaken;

  • •

    het op grond van artikel 2:4C onder h APV mogelijk is om categorieën van voorwerpen aan te wijzen waarvoor het verbod van artikel 2:4A niet geldt;

  • •

    Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda bij besluit van 8 september 2026 kenmerk 7098009 (aanwijzingsbesluit oplaadkabels in laadgoten gemeente Breda 2026 de volgende categorie heeft aangewezen: Oplaadkabels ten behoeve van het opladen van elektrische voertuigen op openbare parkeerplaatsen, uitsluitend voor zover deze zijn geplaatst in een door de gemeente Breda aangelegde laadgoot;

  • •

    het mogelijk is om nadere regels te stellen ten aanzien van de categorieën voorwerpen die op grond van artikel 2:4C onder e APV aangewezen zijn.

Besluiten vast te stellen:

Artikel 1: Begripsbepalingen

In deze nadere regels wordt verstaan onder:

  • a)

    aanvrager: Een bewoner, bedrijf of instelling die beschikt over een elektrisch voertuig en aantoonbaar woonachtig c.q. gevestigd is in de gemeente Breda en niet beschikt over een parkeerplaats op eigen terrein. Onder eigen terrein vallen ook (VvE) parkeerplaatsen en/of de (verplichte) mogelijkheid tot het huren/kopen van een parkeerplaats in combinatie met een woning;

  • b)

    college: Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda;

  • c)

    elektrisch voertuig: elektrisch voertuig als bedoeld in artikel 1 van het Besluit infrastructuur alternatieve brandstoffen;

  • d)

    laadgoot: Een door de gemeente Breda goedgekeurde en aangelegde goot bestaande uit een of meerdere kabelgoottegels, bedoeld voor het geleiden van een oplaadkabel;

  • e)

    openbare parkeerplaats: Een gedeelte van de openbare weg die voor een ieder vrij toegankelijk is om te partkeren, niet zijnde een gereserveerde parkeerplaats of gehandicapten parkeerplaats.

  • f)

    trottoir: Gedeelte van de openbare weg, dat is bedoeld voor het gebruik door voetgangers. Dit kan een stoep zijn of een op een andere manier aangeduid gedeelte van de weg;

Artikel 2. Aanvraagprocedure laadgoot

  • 1. De aanvrager dient zijn aanvraag voor een laadgoot in bij de gemeente Breda middels een door de gemeente Breda beschikbaar gesteld digitaal aanvraagformulier op de website van de gemeente Breda;

  • 2. De aanvrager voegt bij de aanvraag in een foto van de situatie en een tekening / schets toe van de voorgestelde aanleg. Op deze tekening / schets wordt aangegeven waar op het terrein van aanvrager het oplaadpunt + connector wordt gesitueerd, op welke plek op de openbare weg de aanvrager de laadgoot voorstelt en welke openbare parkeerplaats daarmee te bereiken is;

  • 3. De aanvraag voldoet aan de artikelen uit deze Nadere regels.

Artikel 3. Voorwaarden het aanleggen van een laadgoot

  • 1. De aanvrager beschikt over een elektrisch voertuig, aantoonbaar door middel van een (voorlopige) koop- of leaseovereenkomst of een verklaring van vaste berijder;

  • 2. De aanvrager verklaart dat de buren zijn geïnformeerd over het voornemen een laadgoot aan te vragen;

  • 3. Het oplaadpunt inclusief de connector bevindt zich op eigen terrein van de aanvrager;

  • 4. De openbare parkeerplaats grenst direct aan het trottoir waarachter de woning van de aanvrager gesitueerd is;

  • 5. De laadgoot steekt alleen het trottoir over, haaks op het perceel van aanvrager;

  • 6. De laadgoot steekt geen weg, groenvoorziening of fietspad over;

  • 7. Het trottoir waar de laadgoot komt te liggen, heeft een maximale breedte van 300cm;

  • 8. De kabelgoot wordt uitsluitend aangelegd door de aannemer in opdracht van de gemeente Breda;

  • 9. De laadgoot is en blijft eigendom van de gemeente Breda.

  • 10. Per adres wordt één laadgoot aangelegd.

Artikel 4. Afwijzing aanvraag

  • 1. Een aanvraag wordt afgewezen wanneer de aanvraag niet voldoet aan artikel 3 van deze Nadere regels.

  • 2. Aanvullend op het eerste lid wordt een aanvraag afgewezen wanneer;

    • a)

      de bruikbaarheid en/of veiligheid van de weg, door het aanleggen van de laadgoot, niet gegarandeerd kan worden; of

    • b)

      het trottoir technisch ongeschikt is om een laadgoot in aan te brengen; of

    • c)

      wortels, kabels en leidingen of andere objecten aanleg verhinderen; of

    • d)

      de aanvrager gebruik kan maken van een bestaande laadgoot.

Artikel 5. Kosten voor de aanvraag

  • 1. De materiaalkosten en kosten voor aanleg van de laadgoot zijn voor rekening van de aanvrager en worden bij de aanvraag door de gemeente Breda in rekening gebracht;

  • 2. De gemeente Breda vermeldt de kosten op haar website.

  • 3. Er worden geen legeskosten in rekening gebracht voor het in behandeling nemen van de aanvraag;

Artikel 6. Gebruik van de laadgoot

  • 1. Laden vanaf een oplaadpunt op eigen terrein naar het elektrische voertuig mag alleen plaatsvinden door gebruik te maken van de laadgoot;

  • 2. De aanvrager is verantwoordelijk voor de veiligheid van de laadinstallatie, de oplaadkabel en het veilig gebruik hiervan;

  • 3. Er mag bij het opladen van het elektrische voertuig alleen gebruik worden gemaakt van een aaneengesloten, officiële oplaadkabel (dus geen verlengsnoeren).

  • 4. De oplaadkabel moet steeds veilig in de laadgoot worden geplaats, waarbij deze geheel in de laadgoot moet verdwijnen;

  • 5. De openbare parkeerplaats blijft openbaar. Ze zijn dus door iedereen te gebruiken en niet gereserveerd voor de aanvrager;

  • 6. De laadgoot wordt niet voor exploitatie doeleinden gebruikt. Het laadpunt wordt op geen enkele wijze aangeduid of gebruikt als publiek laadpunt c.q. openbare laadinfrastructuur;

  • 7. De oplaadkabel mag alleen in de laadgoot liggen wanneer er een elektrisch voertuig daadwerkelijk wordt opgeladen. Als het elektrisch voertuig is opgeladen moet deze direct uit de laadgoot verwijderd worden;

  • 8. De aanvrager is verantwoordelijk voor het dagelijks onderhoud (schoonhouden) van de laadgoot;

  • 9. Beschadigingen die gebruik van de kabelgoottegel onveilig maken worden per ommegaande gemeld aan de gemeente Breda. Eventuele vervanging van de tegel die niet toe te rekenen is aan de aanvrager wordt uitgevoerd op kosten van de gemeente Breda;

  • 10. In geval van werkzaamheden in of aan de openbare ruimte binnen het tracé van de laadgoot is laden niet mogelijk. Eventuele kosten of schade die hierdoor ontstaan, kunnen niet op de gemeente worden verhaald;

  • 11. De aanvrager vrijwaart de gemeente van alle vorderingen die derden tegenover haar zouden kunnen instellen tot vergoeding van schade door handelingen, nalatigheden of onvoorzichtigheden, voortvloeiende uit gebruikmaking van de kabelgoot.

Artikel 7. Verwijderen laadgoot

De gemeente Breda kan de laadgoot verwijderen in de volgende gevallen:

  • 1.

    Bij afwijken van de gegeven voorwaarden en gebruiksvoorschriften door aanvrager: Indien de aanvrager zich niet houdt aan het bepaalde in deze nadere regels kan de gemeente de laadgoot verwijderen en de bestrating in de oorspronkelijke staat herstellen. De kosten hiervoor zijn voor rekening van de aanvrager;

  • 2.

    Bij onderhoud of reconstructie:

    Indien er vanwege onderhoud of reconstructie van de openbare ruimte werkzaamheden plaatsvindt, dan kan de gemeente de laadgoot verwijderen. Kosten voor verwijdering eneventuele herplaatsing zijn voor rekening van de gemeente Breda;

  • 3.

    Openbare orde en veiligheid:

    Op voorschrift of aanwijzing van nood en hulpdiensten of een gemeentelijke dienst met op openbare orde en veiligheid, brandgevaar of verkeersveiligheid.

  • 4.

    Bij beëindiging gebruik:

    Als de bewoner geen gebruik meer wenst te maken van de laadgoot, zoals bij een verhuizing, dan informeert deze schriftelijk de gemeente. De gemeente Breda kan daarop besluiten de laadgoot te verwijderen, waarvan de arbeidskosten voor rekening van de gemeente Breda komen. Indien de volgende bewoner van het pand de kabelgoot wilt overnemen, blijf de kabelgoot liggen.

Artikel 8. Bijzondere omstandigheden

In specifieke, bijzondere of onvoorziene omstandigheden kan het college besluiten van deze nadere regels af te wijken.

Artikel 9. Inwerkingtreding, evaluatie en citeertitel

  • 1. Dit besluit treedt in werking op de dag, volgende op de dag van bekendmaking ervan;

  • 2. Dit besluit wordt binnen twee jaar na de inwerkingtreding daarvan geëvalueerd;

  • 3. Dit besluit kan worden aangehaald als “Nadere regels laadgoten voor opladen elektrische voertuigen gemeente Breda 2026ˮ

Ondertekening

Aldus besloten in de vergadering van 8 september 2026

burgemeester,

gemeentesecretaris,