BIBOB-beleidsregel Omgevingswet Zandvoort

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-01-2027

Intitulé

BIBOB-beleidsregel Omgevingswet Zandvoort

Het college van burgmeester en wethouders van de gemeente Zandvoort,

overwegende dat,

  • -

    voorkomen moet worden dat de overheid criminele activiteiten faciliteert;

  • -

    de gemeente Zandvoort alleen zaken wil doen met integere partijen;

Gelet op het bepaalde in de Wet Bibob, artikel 4:81, 4.83 en 1:3 vierde lid van de Algemene wet bestuursrecht, alsook de relevante bepalingen in de Omgevingswet en eventuele opvolgers van die wetten.

Besluit vast te stellen de volgende beleidsregel:

“BIBOB-beleidsregel Omgevingswet Zandvoort”

Inleiding

De gemeente Zandvoort past sinds 2004 de Wet Bibob op verschillende rechtsgebeiden toe. De Wet Bibob verschaft de gemeente Zandvoort de mogelijkheid zich via een Bibob-onderzoek te beschermen tegen de risico’s dat criminele activiteiten worden gefaciliteerd bij het verlenen van vergunningen, het verstrekken van subsidies, en het gunnen van overheidsopdrachten of het aangaan van vastgoedtransacties.

In het kader van de Omgevingswet die per 1 januari 2024 in werking is getreden, is deze beleidsregel opgesteld. Met name de artikelen 4.19b eerste lid en 5.31eerste lid, aanhef en onder a, b, en c van de Omgevingswet, vormen hiervoor de grondslag, alsmede de artikelen 1:3 vierde lid, 4:81, en 4:83 van de Algemene wet bestuursrecht.

Hoofdstuk 1 Algemeen

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1. De definities uit paragraaf 1.1 van de Wet Bibob zijn van overeenkomstige toepassing op deze beleidsregel.

  • 2. In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

    • a)

      De Wet: de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob);

    • b)

      Het RIEC: het Regionaal informatie- en expertisecentrum; het regionaal samenwerkingsverband zoals bedoeld in artikel 28 lid 2 onder d van de Wet;

    • c)

      Landelijk Bureau Bibob (verder LBB): het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet;

    • d)

      Bibob -vragenformulier: een formulier gebaseerd op de regeling als bedoeld in artikel 7a lid 5 van de Wet.;

    • e)

      Ambtelijke informatie: informatie die binnen de gemeente aanwezig is, bijvoorbeeld in documenten of digitaal. Of informatie die de gemeente in open of gesloten bronnen mag bekijken of aanvragen. De gemeente mag deze informatie gebruiken voor het onderzoek

    • f)

      De gemeente: de gemeente Zandvoort, waaronder mede verstaan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zandvoort

Hoofdstuk 2 Omgevingsactiviteit Bouw

Artikel 2:1 Bibob-onderzoek bij aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit

Uitvoering van het Bibob-onderzoek vindt plaats bij een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid 2, onder a Omgevingswet (waaronder de aanlegvergunning) als die aanvraag valt onder één of meer van de onderstaande gevallen:

  • a)

    Bouwkosten

    Een Bibob-onderzoek vindt plaats in geval van een aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit waarbij de bouwkosten hoger of gelijk zijn aan € 200.000,- (exclusief btw). De bouwkosten worden berekend op basis van de vigerende Legesverordening van de gemeente.

  • b)

    Risico-categorieën

    Een Bibob-onderzoek vindt plaats in geval van een aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit waarbij de bouwkosten hoger of gelijk zijn aan € 50.000,- (exclusief btw) én waarbij sprake is van een of meerdere risicocategorieën zoals aangegeven in bijlage 1 van deze Beleidsregel.

  • c)

    Cumulatie

    In het geval dat een aanvrager in het tijdvak van twee jaar, gerekend vanaf de ontvangstdatum van de eerste aanvraag, vier aanvragen (of meer) indient voor een omgevingsvergunning bouwactiviteit, waarbij de som van de bouwkosten meer dan € 200.000,- (exclusief btw) bedragen, kan vanaf de vierde aanvraag voor een omgevingsvergunning-bouwactiviteit van dezelfde aanvrager een Bibob-onderzoek plaatsvinden.

  • d)

    Illegale bouwactiviteit

    In geval is gestart met de realisatie vergunning plichtig bouwwerk, zonder dat de daarvoor benodigde vergunning is verleend en de bouwkosten € 50.000,00 of meer bedragen'

Artikel 2:2 Uitzonderingen

Bij een aanvraag als bedoeld in artikel 2.1 zal in beginsel geen Bibob-onderzoek plaatsvinden in het geval dat de aanvraag afkomstig is van:

  • a)

    een overheidsinstantie;

  • b)

    een semi-overheidsinstantie;

  • c)

    een toegelaten woningcorporatie, waarmee wordt bedoeld dat de woningcorporatie is toegelaten door de Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening conform artikel 19 van de Woningwet.

Hoofdstuk 3 Omgevingsactiviteit milieu

Artikel 3:1 Bibob-onderzoek bij een aanvraag voor een milieubelastende activiteit (MBA)

Uitvoering van het Bibob-onderzoek vindt plaats bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning milieubelastende activiteit (artikelen 5.1 en 5.2 Omgevingswet) waarbij sprake is van een of meerdere risicocategorieën genoemd in bijlage 1.

Artikel 3:2 Uitzonderingen

Bij een aanvraag of een reeds verleende omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit (artikelen 5.1 en 5.2 Omgevingswet) zal in beginsel geen Bibob-onderzoek plaatsvinden in het geval dat de aanvraag afkomstig is van:

  • a)

    een overheidsinstantie;

  • b)

    een semi-overheidsinstantie.

Hoofdstuk 4 Omgevingsplanactiviteit

Artikel 4:1 Bibob-onderzoek bij een aanvraag omgevingsplanactiviteit

Uitvoering van een Bibob-onderzoek vindt plaats bij een aanvraag voor een omgevingsplanactiviteit (artikel 5.1, eerste lid, onder a Omgevingswet) waarbij sprake is van een of meerdere risicocategorieën genoemd in bijlage 1.

Artikel 4:2 Uitzonderingen

Bij een aanvraag of een reeds verleende omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit (artikel 5.1, eerste lid, onder a Omgevingswet) zal in beginsel geen Bibob-onderzoek plaatsvinden in het geval dat de aanvraag afkomstig is van:

  • a)

    een overheidsinstantie;

  • b)

    een semi-overheidsinstantie.

Hoofdstuk 5 Wijziging omgevingsplan op aanvraag

Artikel 5:1 Bibob-onderzoek bij wijziging omgevingsplan op aanvraag

Uitvoering van een Bibob-onderzoek vindt plaats bij een wijziging omgevingsplan op aanvraag zoals bedoeld in artikel 4.19b van de Omgevingswet.

Artikel 5:2 Uitzonderingen

Bij een wijziging omgevingsplan op aanvraag (artikel 4.19b van de Omgevingswet) zal in beginsel geen Bibobonderzoek plaatsvinden in het geval dat de aanvraag afkomstig is van:

  • a)

    een overheidsinstantie;

  • b)

    een semi-overheidsinstantie.

Hoofdstuk 6 Bibob-onderzoek bij reeds verleende vergunningen

Artikel 6:1 Bibob-onderzoek bij verleende vergunningen

Uitvoering van het Bibob-onderzoek vindt plaats bij alle verleende vergunningen waarop deze Beleidsregel van toepassing is, indien:

  • a.

    sprake is van een situatie waarbij de omgevingsvergunning is overgedragen aan een ander dan de aanvrager, waaronder begrepen wijziging tenaamstelling van de vergunninghouder en/of de activiteit(en) waar deze beschikking op ziet in bijlage 1 van deze Beleidsregel zijn aangewezen als een risicocategorie, of

  • b.

    sprake is van een wijziging van (indirect) leidinggevende(n) of (indirecte) zeggenschapshebbende(n) van de vergunninghouder.

Artikel 6:2 Risicocategorie

De gemeente kan een Bibob-onderzoek starten bij een verleende vergunning wanneer de verstrekte vergunning betrekking heeft op een activiteit die op basis van een daartoe genomen besluit van de gemeente na de verstrekking van de vergunning in bijlage 1 is aangewezen als risicocategorie.

Hoofdstuk 7 Algemene uitzonderingen

Artikel 7 Algemene uitzonderingen

In deze Beleidsregel staan een aantal gevallen genoemd waarin de gemeente de Wet kan toepassen dan wel in beginsel geen Bibob-onderzoek zal verrichten. De gemeente zal toch overgaan tot het starten van een Bibob-onderzoek indien:

  • a)

    er sprake is van ambtelijke informatie en/of informatie afkomstig van één van de deelnemers uit het samenwerkingsverband (taskforce-)RIEC waardoor gerede twijfel bestaat over de integriteit van de aanvrager dan wel de vergunninghouder;

  • b)

    er door het LBB een zogenaamde tip wordt gegeven als bedoeld in art. 11 van de Wet;

  • c)

    er door de Officier van Justitie gebruik wordt gemaakt van zijn tipfunctie bedoeld in art. 26 van de Wet.

  • d)

    er door een gemeente dat of een rechtspersoon met een overheidstaak die bevoegd is tot toepassing van de Wet, gebruik wordt gemaakt van zijn tipfunctie bedoeld in art. 26 van de Wet.

Hoofdstuk 8 Weigeren volledig invullen Bibob-vragenformulieren

Artikel 8 Weigeren of onvolledig invullen Bibob-vragenformulieren

  • 1. Weigering van de betrokkene om de formulieren (inclusief de gevraagde bescheiden) als bedoeld in artikel 7a, vijfde lid van de Wet niet of niet volledig ingevuld te retourneren dan wel de weigering om ingevolge artikel 12 lid 3 van de Wet aanvullende gegevens te verstrekken aan het Landelijk Bureau Bibob (LBB) kan leiden tot:

    • a.

      Wanneer het gaat om een aanvraag voor een vergunning of wijziging van het omgevingsplan het op grond van artikel 4:5 van de Awb niet in behandeling nemen of niet verstrekken van de vergunning of niet toekennen van de wijziging;

    • b.

      Wanneer het gaat om een verleende vergunning tot het intrekken van de vergunning.

  • 2. Voorafgaande aan toepassing van het eerste lid zal betrokkene, indien in redelijkheid mogelijk, door de gemeente in de gelegenheid worden gesteld de geconstateerde gebreken te herstellen.

  • 3. Indien betrokkene onjuiste informatie verschaft of opzettelijk informatie weglaat, kan door of namens de gemeente aangifte worden gedaan.

Hoofdstuk 9 Onderzoek door Landelijk Bureau Bibob

Artikel 9 Onderzoek door Landelijk Bureau Bibob

  • 1. De gemeente kan het Landelijk Bureau Bibob (LBB) onderzoek laten doen in de volgende gevallen:

    • a.

      De gemeente heeft nog vragen over de integriteit van de betrokkene en/of de omgeving van de betrokkene, zoals bedoeld in artikel 3, lid 4 van de Wet Bibob;

    • b.

      De gemeente heeft nog vragen over de bedrijfsstructuur van één of meerdere bedrijven die te maken hebben met de beschikking;

    • c.

      De gemeente heeft nog vragen over de financiering van de activiteiten, de organisatiestructuur, bedrijfsstructuur, eventuele zakelijke relaties of andere omstandigheden die doen vermoeden dat er sprake is van misbruik en/of dat ter verkrijging van de aangevraagde dan wel verleende vergunning een strafbaar feit is gepleegd;

    • d.

      Het Landelijk Bureau Bibob adviseert de gemeente om hen onderzoek te laten doen naar de betrokkene, zoals bedoeld in artikel 11 van de Wet Bibob;

    • e.

      De gemeente heeft een tip ontvangen van de officier van justitie, of een ander gemeente, of een rechtspersoon met een overheidstaak, zoals bedoeld in artikel 26 van de Wet.

    • f.

      Er is door de gemeente Zandvoort informatie verkregen uit een gelieerd onderzoek.

  • 2. Een betrokkene kan geen bezwaar maken of in beroep gaan tegen een adviesvraag bij het Landelijk Bureau Bibob. De betrokkene kan de aanvraag wel altijd intrekken.

Hoofdstuk 10 Gevolgen Bibob-onderzoek

Artikel 10

Als uit Bibob-onderzoek blijkt dat er sprake is van een gevaar zoals bedoeld in artikel 3 van de Wet Bibob kan de gemeente:

  • a.

    bij enige of ernstige mate van gevaar voorschriften verbinden die toe zien op het wegnemen of beperken van het geconstateerde gevaar;

  • b.

    bij een ernstige mate van gevaar de aanvraag voor een vergunning weigeren;

  • c.

    bij een ernstige mate van gevaar de verleende vergunning intrekken.

Hoofdstuk 10 Slotbepalingen

Artikel 11:1 Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: BIBOB-beleidsregel Omgevingswet Zandvoort”.

Artikel 11:2 Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2027.

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 25 augustus 2026 in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort

Secretaris

Burgemeester

Bijlage 1: Risicocategorieën behorende bij “BIBOB-beleidsregel Omgevingswet Zandvoort”.

In deze bijlage zijn categorieën/activiteiten opgenomen, waarbij er een risico aanwezig is dat met die activiteiten strafbare feiten worden gepleegd, dan wel dat die activiteit wordt gebruikt om onrechtmatig verkregen voordelen te benutten. In alle gevallen moet sprake zijn van een aanvraag om een beschikking (of een verleende vergunning) als bedoelt in de “BIBOB-beleidsregel Omgevingswet Zandvoort”.

Risicocategorieën waarbij de gemeente Zandvoort de Wet Bibob zal toepassen voor zover de beslissingsbevoegdheid bij de gemeente ligt:

  • Hotels/ pensions

  • Kamerverhuurbedrijven (alsmede omgevingsvergunningen voor kamerverhuur- en/of logiespanden waarbij sprake is van 5 of meer kamers)

  • Omzetten/ splitsen van woningen/ panden voor kamerverhuur of realisatie van (meerdere) woonruimten

  • Transformatie kantoorpanden (naar woningen en/ of kamers)

  • Recreatieparken en jachthavens

  • Garageboxen/ opslagruimtes

  • Bedrijfsverzamelgebouwen

  • Darkstores

  • Horecabedrijven

  • Coffeeshops

  • Shisha-lounges

  • Smart-, head-, grow- en giftshops

  • Geldwisselkantoren

  • Belwinkels

  • Goud- en zilverinkoopbedrijven

  • Prostitutie- en seksbedrijven, escortbedrijven, seksbioscopen, erotische massagesalons

  • Sekswinkels

  • Speelautomatenhallen/ Gamecenters

  • Afvalbewerking- en -verwerkingsbedrijven

  • Mestbewerking- en -verwerkingsbedrijven

  • Afvalrecyclingbedrijven

  • Milieu belastende activiteit (MBA) het reinigen van drukhouders, insluitsystemen, ketels, vaten, mobiele tanks, tankauto's, tank- of bulkcontainers

  • Verhuur van transportmiddelen (auto’s, (bestel)bussen, deelvoertuigen)

  • Transportbedrijven

  • Sloopbedrijven/ asbestverwijderingsbedrijven

  • Autodemontagebedrijven

  • Herstelinrichtingen voor motorvoertuigen

  • Vuurwerkbranche

  • Wellnesscentra/ zonnestudio’s

  • Kappers/ Barbershops/ Nagelstudio’s/ Tattooshops

  • Fitnessbedrijven/ sportscholen

  • Sporthallen/complexen

  • Pandjeshuizen

  • Palletbedrijven

  • Energieproducenten (w.o. (mest)vergisters, windmolens, zonneparken, etc.)

  • Grootschalige batterijstystemen/energieopslag

  • Zorgbureaus/ zorgaanbieders (inclusief aanbieden van zorgwoningen)

  • Reïntegratiebedrijven en/of -activiteiten

  • Autobedrijven

  • Op- en overslagbedrijven

  • Maneges

  • Paardenhouderijen

  • Stoeterijen