Beleidsregels prioritering aanvragen transportcapaciteit woningbouwprojecten gemeente Aalten

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 05-09-2026

Intitulé

Beleidsregels prioritering aanvragen transportcapaciteit woningbouwprojecten gemeente Aalten

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten;

Besluit:

vast te stellen de beleidsregels prioritering aanvragen transportcapaciteit woningbouwprojecten gemeente Aalten

Hoofdstuk 1 Begripsbepalingen

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten;

gemeente: de gemeente Aalten;

netbeheerder: de regionale netbeheerder die verantwoordelijk is voor het elektriciteitsnet binnen de gemeente Aalten;

prioriteringsverzoek: een verzoek aan de netbeheerder om een woningbouwproject aan te merken als prioritair overeenkomstig de geldende congestieregeling;

woningbouwproject: een project gericht op de realisatie van één of meer woningen waarvoor een aansluiting op het elektriciteitsnet noodzakelijk is;

initiatiefnemer: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de ontwikkeling van een woningbouwproject.

Artikel 2 Doel

Deze beleidsregels hebben tot doel:

  • a.

    transparantie te bieden over de wijze waarop de gemeente aanvragen beoordeelt;

  • b.

    woningbouwprojecten objectief te rangschikken indien meer projecten in aanmerking komen dan kunnen worden voorgedragen;

  • c.

    bij te dragen aan een doelmatige inzet van de beschikbare transportcapaciteit.

Artikel 3 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze beleidsregels zijn van toepassing op woningbouwprojecten binnen de gemeente Aalten waarvoor prioritering bij de netbeheerder kan worden aangevraagd.

  • 2.

    De beleidsregels zijn uitsluitend van toepassing indien sprake is van door de netbeheerder vastgestelde transportschaarste.

Artikel 4 Bevoegdheid

Het college beslist over het al dan niet voordragen van woningbouwprojecten voor prioritering.

Artikel 5 Indiening

  • 1.

    Een aanvraag wordt schriftelijk of digitaal ingediend bij het college.

  • 2.

    De aanvraag bevat ten minste:

    • a.

      een beschrijving van het woningbouwproject;

    • b.

      het aantal woningen;

    • c.

      de planning van de realisatie;

    • d.

      de planologische status;

    • e.

      de benodigde transportcapaciteit;

    • f.

      de gegevens die noodzakelijk zijn om de aanvraag overeenkomstig deze beleidsregels te beoordelen.

  • 3.

    Indien de aanvraag onvolledig is, krijgt de aanvrager de gelegenheid deze binnen een door het college te bepalen termijn aan te vullen. Indien er binnen de gestelde termijn geen ontvankelijke aanvraag ligt de aanvraag buiten behandeling kan worden gelaten.

Hoofdstuk 2 - Beoordeling en rangschikking aanvragen

Artikel 6 Beoordelingscriteria

  • 1.

    Het college beoordeelt aanvragen aan de hand van de volgende criteria:

    • a.

      de mate waarin het project planologisch en juridisch uitvoerbaar is;

    • b.

      de snelheid waarmee het project kan worden gerealiseerd;

    • c.

      de bijdrage van het project aan de gemeentelijke woningbouwopgave;

    • d.

      het aandeel betaalbare woningen binnen het project;

    • e.

      de bijdrage van het project aan de leefbaarheid van de gemeente en haar kernen.

  • 2.

    Aan ieder criterium worden punten toegekend overeenkomstig de in bijlage 1 opgenomen beoordelingsmatrix.

Artikel 7 Rangschikking

  • 1.

    Indien meerdere woningbouwprojecten in aanmerking komen voor voordracht bij de netbeheerder, worden de projecten gerangschikt op basis van het totaal aantal behaalde punten.

  • 2.

    Het project met het hoogste aantal punten komt als eerste in aanmerking voor voordracht.

  • 3.

    Indien meerdere projecten hetzelfde aantal punten behalen, geldt de volgende volgorde:

    • a.

      het project waarvoor de realisatie het meest concreet en nabij is;

    • b.

      het project met het grootste aandeel betaalbare woningen;

    • c.

      het project waarvoor de aanvraag het eerst volledig is ingediend.

Artikel 8 Beoordelingsmatrix

De beoordeling vindt plaats volgens onderstaande systematiek.

Criterium

Beoordeling

Punten

Planologische status

Onherroepelijke vergunning / omgevingsplan

30

Vastgesteld plan of verleende vergunning met beroepstermijn

20

Voorontwerp of initiatiefstadium

10

Start bouw

Start bouw binnen 12 maanden

25

Start bouw binnen 24 maanden

15

Start bouw later dan 24 maanden

5

Betaalbare woningen

Meer dan 50% betaalbaar

20

30–50% betaalbaar

15

Minder dan 30% betaalbaar

5

Bijdrage woonvisie

Project is expliciet opgenomen in gemeentelijke programmering

15

Past binnen gemeentelijke ambities

10

Beperkte bijdrage

5

Leefbaarheid en locatie

Inbreiding/herstructurering of sterke kernbijdrage

10

Reguliere ontwikkeling

5

Maximumscore: 100 punten

Toelichting op deze keuze voor Aalten

Deze systematiek geeft voorrang aan projecten die:

  • daadwerkelijk uitvoerbaar zijn;

  • snel woningen kunnen opleveren;

  • bijdragen aan de lokale woningbehoefte;

  • aansluiten bij de gemeentelijke woonambities.

Daarmee wordt voorkomen dat schaarse netcapaciteit wordt gereserveerd voor projecten die nog onzeker zijn of pas op lange termijn gerealiseerd kunnen worden.

Hoofstuk 3 - Procedure, besluitvorming, intrekking, hardheidsclausule en inwerkingtreding

Artikel 9 Aanvraagprocedure

  • 1.

    Een initiatiefnemer die in aanmerking wil komen voor prioritering van transportcapaciteit dient een aanvraag in bij het college.

  • 2.

    De aanvraag bevat in ieder geval:

    • a.

      een omschrijving van het woningbouwproject;

    • b.

      het adres en de locatiegegevens van het project;

    • c.

      het aantal te realiseren woningen;

    • d.

      het woningbouwprogramma, waaronder het aandeel betaalbare woningen;

    • e.

      de actuele planologische status;

    • f.

      de beoogde startdatum van de bouw;

    • g.

      de verwachte datum waarop aansluiting op het elektriciteitsnet noodzakelijk is;

    • h.

      de benodigde gegevens voor de beoordeling volgens de beoordelingsmatrix.

  • 3.

    Het college kan aanvullende gegevens opvragen indien deze noodzakelijk zijn voor een goede beoordeling van de aanvraag.

Artikel 10 Beoordeling aanvraag

  • 1.

    Het college beoordeelt volledige aanvragen overeenkomstig deze beleidsregels.

  • 2.

    Het college kan bij de beoordeling advies inwinnen bij:

    • a.

      de betrokken netbeheerder;

    • b.

      regionale samenwerkingsverbanden;

    • c.

      gemeentelijke adviseurs of externe deskundigen.

  • 3.

    De initiatiefnemer ontvangt een gemotiveerd besluit over de beoordeling en eventuele voordracht.

Artikel 11 Voordracht aan de netbeheerder

  • 1.

    Het college kan een woningbouwproject voordragen - de voordracht dient dan een bezwaarclausule te hebben - bij de netbeheerder voor toepassing van de geldende prioriteringsregeling.

  • 2.

    Een gemeentelijke voordracht geeft geen garantie op daadwerkelijke toekenning van transportcapaciteit.

  • 3.

    De uiteindelijke beslissing over beschikbaarstelling van transportcapaciteit ligt bij de netbeheerder overeenkomstig de geldende regelgeving en procedures.

Artikel 12 Verplichtingen initiatiefnemer

  • 1.

    De initiatiefnemer informeert het college onverwijld over wijzigingen die van invloed kunnen zijn op de beoordeling van het project.

  • 2.

    Daaronder worden in ieder geval verstaan:

    • a.

      wijzigingen in het aantal woningen;

    • b.

      wijzigingen in het woningbouwprogramma;

    • c.

      vertraging van de realisatieplanning;

    • d.

      wijzigingen in de benodigde aansluitcapaciteit.

  • 3.

    Het college kan de rangschikking of voordracht herzien indien de omstandigheden zoals opgesomd van a tot en met d zoals hiervoor omschreven, wezenlijk zijn gewijzigd.

Artikel 13 Intrekking of wijziging van een voordracht

Het college kan besluiten een voordracht in te trekken of te wijzigen indien:

  • a.

    de gegevens waarop de beoordeling is gebaseerd niet langer juist zijn en/of onvolledig;

  • b.

    het project niet binnen de aangegeven termijn wordt gerealiseerd;

  • c.

    de initiatiefnemer niet voldoet aan de verplichtingen uit deze beleidsregels;

  • d.

    gewijzigde omstandigheden aanleiding geven tot een andere prioritering.

Artikel 14 Hardheidsclausule

  • 1.

    Het college kan één of meer bepalingen van deze beleidsregels buiten toepassing laten of daarvan afwijken indien toepassing leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

  • 2.

    Van de hardheidsclausule wordt slechts terughoudend gebruikgemaakt.

  • 3.

    Een besluit op grond van dit artikel wordt gemotiveerd.

Hoofdstuk 4 - Slotbepalingen

Artikel 15 Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: "Beleidsregels prioritering aanvragen transportcapaciteit woningbouwprojecten gemeente Aalten".

Artikel 16 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.

Artikel 17 Evaluatie

Het college evalueert de werking van deze beleidsregels indien gewijzigde regelgeving, landelijke afspraken of ontwikkelingen op het elektriciteitsnet daartoe aanleiding geven.

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten op [datum].

Ondertekening

Aldus besloten in vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalten, gehouden op. 1 september 2026

De secretaris,

drs. A.J.M. Gildhuis,

De burgemeester,

mr. A.B. Stapelkamp

Bijlage 1 Algemene toelichting op de beleidsregels

1. Aanleiding

De energietransitie, de verduurzaming van de gebouwde omgeving en de groeiende vraag naar elektriciteit zorgen voor een toenemende belasting van het elektriciteitsnet. Ook binnen de gemeente Aalten kan sprake zijn van beperkte beschikbaarheid van transportcapaciteit op het elektriciteitsnet. Voor de realisatie van nieuwe woningbouw is een tijdige aansluiting op het elektriciteitsnet noodzakelijk. Wanneer meerdere woningbouwprojecten gelijktijdig aanspraak maken op beperkte transportcapaciteit, kan niet ieder project op hetzelfde moment worden aangesloten. Om in dergelijke situaties tot een transparante en uitlegbare keuze te komen, heeft de gemeente Aalten beleidsregels opgesteld voor de beoordeling en prioritering van woningbouwprojecten.

Deze beleidsregels bieden initiatiefnemers duidelijkheid over:

  • de wijze waarop aanvragen worden beoordeeld;

  • de criteria die daarbij worden gehanteerd;

  • de wijze waarop projecten worden gerangschikt.

2. Doel van de beleidsregels

Met deze beleidsregels wil het college bereiken dat beschikbare transportcapaciteit zo doelmatig mogelijk wordt ingezet. Bij de beoordeling wordt daarom niet uitsluitend gekeken naar het aantal woningen, maar ook naar:

  • de mate waarin een project daadwerkelijk uitvoerbaar is;

  • de snelheid waarmee woningen kunnen worden gerealiseerd;

  • de bijdrage aan de lokale woningbouwopgave;

  • de bijdrage aan betaalbare woningen;

  • de bijdrage aan de leefbaarheid van de verschillende kernen binnen de gemeente Aalten.

Hiermee wordt voorkomen dat transportcapaciteit wordt toegewezen aan projecten die nog onvoldoende concreet zijn of waarvan realisatie op korte termijn onzeker is.

3. Juridisch kader

Deze beleidsregels zijn vastgesteld op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht. Het college gebruikt deze beleidsregels bij de uitoefening van zijn bevoegdheid om woningbouwprojecten al dan niet voor te dragen voor prioritering van transportcapaciteit.

De beleidsregels binden het college bij de beoordeling van aanvragen. Het college kan hiervan gemotiveerd afwijken wanneer bijzondere omstandigheden daartoe aanleiding geven.

4. Verhouding tot de bevoegdheid van de netbeheerder

De gemeente Aalten bepaalt met deze beleidsregels uitsluitend welke projecten zij voordraagt voor prioritering. De gemeente beslist niet over:

  • de technische haalbaarheid van een aansluiting;

  • de beschikbare netcapaciteit;

  • de planning van netuitbreidingen;

  • de uiteindelijke toekenning van transportcapaciteit.

Deze bevoegdheden liggen bij de netbeheerder en worden uitgevoerd binnen het daarvoor geldende wettelijke kader. Een gemeentelijke voordracht geeft daarom geen recht op een aansluiting of gegarandeerde transportcapaciteit.

5. Keuze beoordelingscriteria

De beoordelingscriteria zijn gekozen vanuit de lokale woningbouwopgave van Aalten.

Planologische status

Een woningbouwproject moet voldoende concreet zijn om voorrang te kunnen krijgen. Projecten waarvoor de noodzakelijke procedures grotendeels zijn afgerond krijgen daarom een hogere score.

Realisatietermijn

Omdat transportcapaciteit schaars is, wordt prioriteit gegeven aan projecten die op korte termijn daadwerkelijk woningen kunnen opleveren.

Betaalbare woningen

De gemeente Aalten vindt het belangrijk dat de beschikbare ruimte op het elektriciteitsnet bijdraagt aan de realisatie van woningen voor doelgroepen die moeilijk toegang hebben tot de woningmarkt. Daarom krijgen projecten met een groter aandeel sociale huur, middenhuur en betaalbare koopwoningen een hogere waardering.

Bijdrage aan de woonvisie

Projecten die passen binnen de gemeentelijke woningbouwprogrammering en bijdragen aan vastgestelde beleidsdoelen krijgen een hogere prioriteit.

Leefbaarheid

De gemeente Aalten bestaat uit meerdere kernen. Woningbouw kan bijdragen aan het behouden en versterken van voorzieningen, sociale samenhang en leefbaarheid.

6. Toepassing bij gelijke scores

Wanneer meerdere projecten dezelfde totaalscore behalen, is een aanvullende rangorde nodig. Daarbij wordt eerst gekeken naar de mate waarin een project daadwerkelijk uitvoeringsgereed is. Vervolgens wordt gekeken naar het aandeel betaalbare woningen en ten slotte naar het moment waarop de volledige aanvraag is ontvangen. Deze volgorde sluit aan bij het uitgangspunt dat schaarse transportcapaciteit moet worden ingezet voor projecten die het meest concreet en maatschappelijk gewenst zijn.

7. Evaluatie

De ontwikkelingen rondom netcongestie, woningbouw en regelgeving zijn voortdurend in beweging. Het college kan deze beleidsregels aanpassen wanneer:

  • landelijke afspraken wijzigen;

  • de netbeheerder andere prioriteringsregels hanteert;

  • de woningbouwopgave van Aalten verandert;

  • de praktijk aanleiding geeft tot verbetering.

Bijlage 2 - Artikelsgewijze toelichting op de beleidsregels

Artikel 1 Begripsbepalingen

Dit artikel bevat de definities van de belangrijkste begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt. De begrippen zijn zoveel mogelijk aangesloten bij de gebruikelijke terminologie binnen gemeentelijk beleid, de Omgevingswet en de werkwijze rondom transportcapaciteit. Met het begrip netbeheerder wordt de partij bedoeld die verantwoordelijk is voor het beheer en de uitbreiding van het elektriciteitsnet in het gebied waarin de gemeente Aalten ligt.

Artikel 2 Doel

Dit artikel beschrijft het doel van de beleidsregels. De gemeente wil zorgen voor een transparante en objectieve beoordeling van woningbouwprojecten wanneer niet alle projecten gelijktijdig over voldoende transportcapaciteit kunnen beschikken. De beleidsregels geven daarmee duidelijkheid aan initiatiefnemers en voorkomen willekeur bij de beoordeling.

Artikel 3 Toepassingsbereik

De beleidsregels zijn uitsluitend bedoeld voor situaties waarin sprake is van beperkte transportcapaciteit en waarbij prioritering noodzakelijk is. De regeling heeft geen betekenis wanneer voldoende capaciteit beschikbaar is. In dat geval volgt de aansluiting de reguliere procedure bij de netbeheerder.

Artikel 4 Bevoegdheid

Het college is verantwoordelijk voor de gemeentelijke voordracht van projecten. De gemeentelijke rol beperkt zich tot het maken van een gemotiveerde keuze tussen woningbouwprojecten. De daadwerkelijke technische beoordeling en aansluiting blijven de verantwoordelijkheid van de netbeheerder.

Artikel 5 Indiening

Een volledige aanvraag is noodzakelijk om projecten onderling te kunnen vergelijken. De initiatiefnemer moet daarom voldoende informatie aanleveren over onder meer:

  • locatie;

  • woningprogramma;

  • planning;

  • benodigde capaciteit;

  • juridische status.

Wanneer informatie ontbreekt, kan het college aanvullende gegevens opvragen.

Artikel 6 Beoordelingscriteria

Dit artikel vormt de kern van de beleidsregels. De criteria zijn gekozen om een balans te creëren tussen:

  • uitvoerbaarheid;

  • snelheid;

  • maatschappelijke meerwaarde.

De gemeente kiest hiermee niet uitsluitend voor de grootste projecten, maar voor projecten die het beste bijdragen aan de woningbouwopgave en daadwerkelijk realiseerbaar zijn.

Artikel 7 Rangschikking

Wanneer meerdere projecten voldoen aan de voorwaarden, worden deze gerangschikt op basis van de behaalde score. De rangschikking zorgt ervoor dat vooraf duidelijk is welke projecten als eerste worden voorgedragen. De aanvullende regels bij gelijke scores voorkomen dat projecten uitsluitend door toeval hoger of lager eindigen.

Artikel 8 Beoordelingsmatrix

De beoordelingsmatrix zorgt voor een objectieve beoordeling. Het college kan de punten alleen toekennen op basis van gegevens die door de initiatiefnemer zijn aangeleverd of die bij de gemeente bekend zijn. De maximale score bedraagt 100 punten.

Met dit artikel wordt de start van de bouw en de zekerheid hierover als het belangrijke criterium gesteld om prioriteit aan te vragen en te verkrijgen. Dat zien we ook als juist omdat we dan transportcapaciteit krijgen voor projecten die we willen en concreet zijn.

Voor het zekerstellen van de transportcapaciteit is het niet voldoende om een inschatting te maken van de start bouw. Voor prioritering zijn “harde” bewijsmiddelen nodig zoals gesloten overeenkomsten met uitvoerders. Hoe “harder” het bewijsmiddel hoe groter de prioriteit. Voor projecten die verder weg liggen, zijn deze bewijsmiddelen nog niet aanwezig en gelden iets minder strenge regels als een omgevingsplan of een principemedewerking. In de prioritering leveren deze daarom ook minder punten op.

Naast de bewijsmiddelen die voor de prioritering worden geleverd, past ook een bestuur verklaring ic een besluit van het college van B&W. We stellen hiervoor verzamelbesluiten op, geldend als bestuur verklaring voor meerdere projecten.

We werken met jaarschijven en geven geen projecten op met een startdatum per maand. Dat is niet doenlijk en ook niet realistisch omdat kleine wijzigingen altijd aan de orde zijn. In het geval we geen precieze datum start bouw kunnen voorzien, wat aan de hand is bij verderop liggende projecten, dan werken we met het volgende schema.

Het bepalen van de start bouw gebeurt op basis van objectieve gegevens, maar blijft ook altijd wel een inschatting per project. Als uit de te overleggen bewijsmiddelen niet duidelijk blijkt wat de start bouw zal zijn, kunnen we hiervoor wel uitgangspunten vastleggen die zorgen voor een zekere mate van objectivering.

  • 1.

    Als er een aannemingsovereenkomst is voor realisering van een project met daarin een startdatum, is dit in beginsel voldoende om de start van het bouwproject vast te stellen

  • 2.

    Bij woningbouwprojecten waarbij ook een terrein bouwrijp gemaakt moet worden, geldt een aannemingsovereenkomst als de start van het bouwrijp maken ook als startdatum voor de bouw.

  • 3.

    Als voor het project gronduitgifte overeenkomsten voor woningbouw zijn gesloten met daarin vaste afspraken over realisatietermijnen, gaan we ook uit van die data voor start bouw van de woningen.

  • 4.

    Als voor een project een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit bouwen is verleend, gaan we ervan uit dat de start bouw 6 maanden later zal plaats vinden.

  • 5.

    Als voor een project een onherroepelijk omgevingsplan is vastgesteld, gaan we ervan uit dat de start van de bouw 12 maanden na het onherroepelijk worden plaats gaat vinden.

  • 6.

    Als voor een project een omgevingsplan is vastgesteld (maar nog niet onherroepelijk is), gaan we ervan uit dat de start bouw 18 maanden na vaststelling van het plan zal plaatsvinden.

  • 7.

    Als voor een project een ontwerp omgevingsplan ter inzage is gelegd, gaan we ervan uit dat de start bouw 24 maanden na het moment van ter inzage leggen zal plaats vinden.

  • 8.

    Als voor een project een principe besluit is genomen door het college, gaan we er vanuit dat start bouw project 30 maanden na het principebesluit zal plaats vinden.

  • 9.

    Voor projecten waar nog geen enkele formele besluitvorming heeft plaats gevonden over planologische besluiten, maar waarvan we weten dat woningbouw plaats gaat vinden, bijvoorbeeld omdat de grond door de gemeente/een ontwikkelaar is aangekocht en/of er een voorkeursrecht is gevestigd met het doel woningbouw, en het project past in het gemeentelijk woningbouwprogramma, gaan we uit van 36+ maanden voor de start bouw.

  • 10.

    Voor projecten die in het gemeentelijk woningbouwprogramma zijn opgenomen, maar waar nog geen enkele concrete (rechts-)handeling tot realisatie van het project heeft plaatsgevonden, gaan we uit van start bouw van 42 maanden na heden.

Artikel 9 Aanvraagprocedure

Dit artikel beschrijft welke gegevens nodig zijn om een aanvraag te beoordelen. De gemeente kan geen verantwoorde prioritering uitvoeren wanneer onvoldoende inzicht bestaat in de haalbaarheid en planning van een project.

Artikel 10 Beoordeling aanvraag

Het college kan deskundigen raadplegen om tot een zorgvuldige beoordeling te komen. Bijvoorbeeld:

  • de afdeling ruimtelijke ontwikkeling;

  • woningbouwspecialisten;

  • de netbeheerder.

De uiteindelijke verantwoordelijkheid voor het besluit blijft bij het college.

Artikel 11 Voordracht aan de netbeheerder

Dit artikel maakt duidelijk dat de gemeente slechts een voordracht doet. De netbeheerder beslist uiteindelijk over de toepassing van de prioriteringsregeling en de beschikbaarheid van transportcapaciteit.

Artikel 12 Verplichtingen initiatiefnemer

Een project kan in de loop van de tijd veranderen. Wanneer bijvoorbeeld het aantal woningen wordt aangepast of de bouw wordt uitgesteld, kan de oorspronkelijke beoordeling niet meer passend zijn. Daarom moet de initiatiefnemer wijzigingen melden.

Artikel 13 Intrekking of wijziging

De gemeente moet kunnen ingrijpen wanneer een project niet langer voldoet aan de omstandigheden waarop de prioritering was gebaseerd. Dit voorkomt dat capaciteit wordt gereserveerd voor projecten die niet meer uitvoerbaar zijn.

Artikel 14 Hardheidsclausule

Hoewel beleidsregels zorgen voor uniformiteit, kunnen zich bijzondere situaties voordoen. Met deze bepaling houdt het college ruimte om maatwerk te leveren wanneer strikte toepassing van de regels leidt tot een onredelijke uitkomst.

Artikel 15 Citeertitel

Dit artikel bepaalt de officiële naam waaronder de beleidsregels kunnen worden aangehaald.

Artikel 16 Inwerkingtreding

De beleidsregels treden in werking na bekendmaking overeenkomstig de wettelijke publicatievereisten.

Artikel 17 Evaluatie

Door veranderingen in regelgeving en ontwikkelingen op het elektriciteitsnet kan aanpassing van de beleidsregels noodzakelijk zijn. Het college houdt daarom de werking van de regeling in de praktijk in de gaten.

Bijlage 3 Samenvattende beoordelingsmatrix

Onderdeel

Maximum

Planologische status

30 punten

Realisatietermijn

25 punten

Betaalbare woningen

20 punten

Bijdrage woonvisie

15 punten

Leefbaarheid en locatie

10 punten

Totaal

100 punten