Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR765626
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR765626/1
Geldend van 19-08-2026 t/m heden
1 Inleiding
1.1 Samenhang Omgevingsvisie en Omgevingsprogramma's
Voor u ligt het omgevingsprogramma mens en maatschappij. Een omgevingsprogramma is een uitwerking van de omgevingsvisie (de visie over de toekomst van onze stad Harderwijk, dorp Hierden en het buitengebied inclusief natuurgebieden). Om van de omgevingsvisie tot een realisering van ambities en doelen te komen werkt de gemeente Harderwijk met omgevingsprogramma’s (zoals omschreven in de omgevingswet artikel 3.5). Dit is één van de kerninstrumenten van de Omgevingswet. De wet geeft aan dat de omgevingsvisie alleen over hoofdlijnen en hoofdzaken gaat van de fysieke leefomgeving gaat. Als bepaalde onderwerpen verder uitgediept moeten worden, is daar geen plek voor in de omgevingsvisie, maar wel in programma’s. Deze zitten qua detailniveau tussen de omgevingsvisie (hoofdlijnen) en het omgevingsplan (gedetailleerde juridische consequenties).
Programma’s sturen op het behalen van doelen en ambities uit de omgevingsvisie. Het abstractieniveau is gericht op beleidsuitwerking (voorheen sectorale visies) en verder nog op de beleidsdoorwerking (voorheen sectorale beleidsnota’s). Een programma bevat altijd maatregelen (voorheen uitvoeringsagenda’s) om doelstellingen op het gebied van de fysieke leefomgeving te bereiken. (artikel 3.5, onderdeel b Ow). Een verkenning of een (locatie)onderzoek worden beschouwd als maatregel binnen een programma.
Programma's zijn dynamisch, dat wil zeggen dat de programma's regelmatig worden gemonitord en geëvalueerd. Daarin wordt bekeken of de genomen maatregelen voldoende hebben bijgedragen aan het bereiken van doelen en ambities.
Bij het gebruik van programma’s maken we onderscheid in twee typen:
1. thematische programma's; of
2. gebiedsprogramma's.

Voorvloeiend uit de opzet van de Omgevingsvisie zullen er drie thematische programma’s worden opgesteld, aansluitend op de drie allianties (met de dertien thema’s uit de omgevingsvisie), namelijk:
1. Omgevingsprogramma natuurlijk systeem.
2. Omgevingsprogramma mens en maatschappij.
3. Omgevingsprogramma bouw en infrastructuur.

Elk omgevingsprogramma omvat de thema's die binnen die alliantie in de omgevingsvisie zijn opgenomen.
In dit geval gaat het over het Omgevingsprogramma mens en maatschappij met bijbehorende thema's.
1.2 Leeswijzer
Onderliggend omgevingsprogramma mens en maatschappij beschrijft in hoofdstuk 2 t/m 5 de uitgewerkte visie per thema, namelijk:
-
Hoofdstuk 2: thema gezonde leefstijl en een gezonde veilige leefomgeving. Hieronder vallen o.a. aspecten als leefstijl, geluid, omgevingsveiligheid, luchtkwaliteit en bodemverontreiniging.
-
Hoofdstuk 3: thema ontmoeting, verbinding en sociale samenhang. Hieronder vallen o.a. aspecten als ontmoetingsplekken, buurt- en wijkvoorzieningen, cultuur en identiteit.
-
Hoofdstuk 4: thema inwoners in kwetsbare situaties. Hieronder vallen o.a. aspecten als zorg, woongemeenschappen en ontmoetingsplekken.
-
Hoofdstuk 5: thema arbeidsmarkt, onderwijs, inkomen.
Vervolgens zijn in hoofdstuk 6, de maatregelen per thema beschreven, ofwel hoe willen we onze uitgewerkte visies gaan realiseren.
In bijlage II zijn diverse rapporten over bepaalde thema's of deelonderwerpen opgenomen. Hierin is meer achtergrondinformatie te vinden ten opzichte van de hoofdtekst zoals die is opgenomen per hoofdstuk.
Het kan zijn dat bepaalde hoofdstukken of paragrafen nog niet ingevuld zijn en op gereserveerd staan. Dit komt omdat het omgevingsprogramma een groeidocument is, gaandeweg zullen steeds meer onderdelen worden aangevuld totdat uiteindelijk een compleet en integraal omgevingsprogramma is ontstaan. Zoals eerder benoemd is het programma nooit af omdat met steeds weer nieuwe maatregelen het bereiken van de gemeentelijke doelen wordt nagestreefd.
6 Uitvoering
6.1 Inleiding
In het hoofdstuk uitvoering wordt beschreven welke maatregelen de gemeente gaat nemen om haar doelen te verwezenlijken. In de subparagrafen van paragraaf 6.2 worden de maatregelentabellen getoond. Deze verwijzen naar de toelichtende teksten van de betreffende programma onderdelen. Vervolgens wordt antwoord gegeven op de zogenaamde 5 w-vragen:
-
1) Waarom nemen we deze maatregel? Welk doel wil de gemeente daarmee bereiken?
-
2) Wat houdt de maatregel in? Wat gaan we precies doen?
-
3) Waarmee gaan we de maatregelen uitvoeren? Met welke inzet en welke budget? In dit budget wordt zowel incidenteel als structureel benodigd budget meegenomen.
-
4) Waar gaan we de maatregel uitvoeren of waar is het van toepassing? Hierin beschrijven we de mogelijk specifieke plek of geldt het wellicht voor de gehele gemeentegrond?
-
5) Wanneer gaan we het uitvoeren? Dit is afhankelijk van het beschikbare budget en zal soms bijstelling behoeven als er omstandigheden zijn die maken dat de uitvoering moet worden uitgesteld.
Het hoofdstuk uitvoering wordt actueel gehouden. Sommige maatregelen zijn tijdelijk
of na realisatie klaar. Sommige maatregelen blijken na monitoring en evaluatie onvoldoende
bij te dragen aan het behalen van de doelen. Het steven is om deze actualisatie op
de normale Planning & Control-cyclus van de gemeente te laten volgen.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl