Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR765361
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR765361/1
Ondermandaatregeling n.a.v. mandaat DB van de directeur van de Omgevingsdienst Rivierenland 2026
Geldend van 07-08-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-04-2026
Intitulé
Ondermandaatregeling n.a.v. mandaat DB van de directeur van de Omgevingsdienst Rivierenland 2026De directeur van Omgevingsdienst Rivierenland, voor zover het zijn bevoegdheid betreft,
- -
gelet op afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
- -
gelet op de Gemeenschappelijk regeling Omgevingsdienst Rivierenland;
- -
gelet op Mandaatregeling van het dagelijks bestuur en de voorzitter van de Omgevingsdienst Rivierenland 2026;
Besluit vast te stellen:
‘Ondermandaat regeling n.a.v. mandaat DB van de directeur van de Omgevingsdienst Rivierenland 2025’
Artikel 1 Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
- a.
Directeur: de algemeen directeur van de Omgevingsdienst, als bedoeld in de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland (tevens secretaris van het bestuur van de Omgevingsdienst);
- b.
Directeur uitvoering: de directeur verantwoordelijk voor aansturing van de functionele teams. De directeur uitvoering legt verantwoording af aan de algemeen directeur.
- c.
Omgevingsdienst: het openbaar lichaam Omgevingsdienst Rivierenland, als bedoeld in de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Rivierenland.
- d.
Programmamanager: De medewerkers die in opdracht van een directeur verantwoordelijk is voor het coördineren en aansturen van meerdere, onderling verbonden projecten, met als doel het behalen van specifieke strategische doelstellingen voor de ODR organisatie.
- e.
Teammanagers: de teammanagers en een programmamanager Ketentoezicht die direct leiding geeft aan een team medewerkers. De teammanagers leggen verantwoording af aan een van de directeuren.
Artikel 2 Algemeen
Bij de uitoefening van de bevoegdheden in mandaat wordt het daaromtrent gestelde bij of krachtens wetten, verordeningen, regelingen, besluiten, aanwijzingen en richtlijnen, hoe ook genaamd, van Europese, rijks, provinciale en gemeentelijke wetgevers of andere bestuursorganen in acht genomen.
Artikel 3a Mandaat van de directeur aan de directeur Uitvoering
-
1. Aan de directeur Uitvoering wordt mandaat verleend door de directeur voor de bevoegdheid tot:
- a.
het nemen van besluiten op grond van Burgerlijk Wetboek Boek 7, titel 10 en artikel 7:900 Burgerlijk Wetboek, de cao SGO, het Arbeidsvoorwaardenreglement Gelderse Omgevingsdiensten en het Personeelshandboek ODR inzake medewerkers van de Omgevingsdienst Rivierenland. Van het mandaat is uitgezonderd besluiten over een personele mismatch, indien daarmee, in een kalenderjaar alle besluiten cumulerend, het totaalbedrag van de jaarlijkse reserve (1% van de loonsom) wordt overschreden.
- b.
het nemen van een besluit inzake aanvragen als bedoeld in hoofdstuk III van de Algemene verordening gegevensbescherming;
- c.
het nemen van besluiten op grond van de Wet verbetering poortwachter en de Arbeidsomstandighedenwet;
- d.
het beslissen tot het aangaan van overeenkomsten met betrekking tot de inhuur van personeel tot een bedrag van € 150.000,- en het beslissen tot het aangaan van overige overeenkomsten tot een bedrag van € 50.000,- ten behoeve van de bedrijfsvoering van de Omgevingsdienst;
- e.
de bevoegdheid tot het nemen van besluiten op verzoeken om toepassing van de Wet open overheid voor zover het om autonome bevoegdheden van de omgevingsdienst gaat, met inbegrip van besluiten waarbij een verzoek geheel of gedeeltelijk wordt geweigerd en het nemen van besluiten op bezwaar, beroep en hoger beroep en eventuele voorlopige voorziening zaken, inzake verzoeken om toepassing van de Wet open overheid voor zover het zijn autonome bevoegdheden betreft;
- a.
Artikel 3b Mandaat van de directeur aan de teammanagers
-
1. Aan de teammanagers wordt mandaat verleend door het dagelijks bestuur voor de bevoegdheid tot:
- a.
het nemen van besluiten op grond van de cao SGO, het arbeidsvoorwaardenreglement Gelderse Omgevingsdiensten en het personeelshandboek ODR inzake medewerkers van de Omgevingsdienst behoudens:
- 1°
besluiten omtrent de secretaris, de plaatsvervangend secretaris en directeur Uitvoering;
- 2°
besluiten rondom een personele mismatch, indien daarmee, in een kalenderjaar alle besluiten cumulerend, het totaalbedrag van de jaarlijkse reserve (1% van de loonsom) wordt overschreden;
- 3°
besluiten tot het nemen van disciplinaire maatregelen zoals het ontslaan en schorsen van personeel;
- 4°
besluiten rondom duurzame inzetbaarheid en boventalligheid;
- 5°
besluiten rondom toelagen, vergoedingen en beoordelingen die afwijken van de standaard;
- 6°
het nemen van besluiten op grond van Burgerlijk Wetboek Boek 7, titel 10 en artikel 7:900 Burgerlijk Wetboek.
- 1°
- b.
Het tekenen van overeenkomsten binnen de kaders van het formatieplan tot een bedrag van € 50,000,-,- ten behoeve van de bedrijfsvoering van de Omgevingsdienst.
- a.
Artikel 3c Mandaat van de directeur aan de Programmamanagers
Aan de programmamanagers wordt mandaat verleend door de directeur voor de bevoegdheid tot:
- 1.
Het tekenen van de overeenkomsten binnen de kaders van het door de directie goedgekeurde programma budget tot een bedrag van € 50.000,- ten behoeve van de bedrijfsvoering van de Omgevingsdienst.
Artikel 4 Volmacht en machtiging
Voor de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt, voor zover van toepassing, met mandaat gelijkgesteld:
- a.
De verlening van volmacht tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, en
- b.
de machtiging om handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.
Artikel 5 Kaders uitoefening bevoegdheden
Een in mandaat te nemen besluit mag niet worden genomen indien:
- 1.
het besluit genomen moet worden met toepassing van de in artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht vervatte inherente afwijkingsbevoegdheid;
- 2.
de financiële consequenties van het besluit naar verwachting het daartoe in de door het algemeen bestuur vastgestelde begroting bestemde budget overschrijden;
- 3.
er persoonlijke betrokkenheid van de gemandateerde bij het te nemen besluit bestaat;
- 4.
de uitoefening van de bevoegdheden ingrijpende gevolgen voor de Omgevingsdienst kan hebben, of indien het algemeen bestuur vooraf om inlichtingen verzoekt.
- 5.
Bij mandaat aan teammanagers en Programmamanagers: het besluit valt buiten de kaders van het formatieplan.
Artikel 6 Reikwijdte mandaat, volmacht- of machtigingsverstrekking
-
1. Indien de directeur mandaat, volmacht of machtiging verleent ten aanzien van de uitvoering van een bevoegdheid, geschiedt deze verlening binnen de kaders van het formatieplan voor zover direct te maken hebbend met de opgedragen taken en onverminderd het bepaalde in artikel 2.
-
2. De uitoefening van bevoegdheden in mandaat, verleend bij of krachtens dit besluit, geschiedt met inachtneming van de ter zake schriftelijk vastgelegde instructies per geval of in algemene zin van de directeur overeenkomstig het mandaatregister.
-
3. Waar volmacht is verleend tot het besluiten en verrichten van een privaatrechtelijk rechtshandeling aan een gevolmachtigde wordt daarmee ook de bevoegdheid verleend tot bewaking van uitvoering van die rechtshandeling, waartoe worden gerekend ingebrekestelling, ontbinding, vorderen van nakoming, opzegging van een overeenkomst en alle andere besluiten, die hiermee verband (kunnen) houden, met uitzondering van de beslissing tot het voeren van een rechtsgeding.
Artikel 7 Geen ondermandaat toegestaan
-
1. De directeur Uitvoering kan de bevoegdheden, genoemd in artikel 3a niet ondermandateren aan functionarissen in dienst van of werkzaam voor de Omgevingsdienst.
-
2. De teammanagers en de programmamanagers kunnen de bevoegdheden, genoemd in artikel 3b en 3c niet ondermandateren aan functionarissen in dienst van of werkzaam voor de Omgevingsdienst.
Artikel 8 Budgethouders
-
1. De directeur Uitvoering mogen functionarissen in dienst van of werkzaam voor de Omgevingsdienst aanwijzen als budgethouder, als bedoeld in de budgethoudersregeling.
Artikel 9 Informatieplicht
-
1. De gemandateerden verschaffen directeur gevraagd of ongevraagd informatie over de uitvoering van de aan hem gemandateerde bevoegdheden
-
2. De gemandateerden informeren de directeur bij zwaarwegende omstandigheden en gebeurtenissen die betrekking hebben op de gemandateerde bevoegdheden.
Artikel 10 Ondertekening
In de ondertekening dient tot uitdrukking te worden gebracht dat het besluit is genomen krachtens mandaat of volmacht. Hierbij wordt de volgende formulering aangehouden:
“De directeur van de Omgevingsdienst Rivierenland, namens deze:”
gevolgd door de handtekening, functie en naam van de gemandateerde, gevolmachtigde of gemachtigde.
Artikel 11 Slotbepalingen
-
1. Deze regeling treedt een dag na publicatie in werking.
-
2. Deze regeling heeft terugwerkende kracht tot en met 1 april 2026.
-
3. Dit besluit wordt aangehaald als: ‘Ondermandaatregeling n.a.v. mandaat DB van de directeur van de Omgevingsdienst Rivierenland 2026’.
Ondertekening
Directeur van de Omgevingsdienst Rivierenland,
De heer G. Vlekke
11 mei 2026
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl