Mandaat secretaris-algemeen directeur hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen

Geldend van 24-07-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026

Intitulé

Mandaat secretaris-algemeen directeur hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen

De directeur van het Openbaar Lichaam Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (hierna BSGR),

Overwegende dat:

  • Het dagelijks bestuur van de BSGR bij besluit van 22 december 2010 de directeur van de BSGR ter zake van waterschapsheffingen heeft aangewezen als ambtenaar belast met de heffing, bedoeld in artikel 124, lid 5, onderdeel a van de Waterschapswet en artikel 1, onderdeel o en p van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland;

  • Voor het bepalen van de juiste heffingsgrondslag voor sommige belastingaanslagen op basis van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing van het Hoogheemraadschap van Rijnland 2026 deskundigheid is vereist vanuit het hoogheemraadschap van Rijnland;

  • In verband met het vorenstaande door het hoogheemraadschap beschikkingen moeten kunnen worden genomen die de grondslag vormen voor de alsdan door de BSGR op te leggen belastingaanslagen.

Besluit:

  • 1.

    Mandaat te verlenen aan de secretaris-algemeen directeur van het hoogheemraadschap van Rijnland om namens de heffingsambtenaar van de BSGR de bevoegdheden uit te oefenen genoemd in:

    • a.

      Artikel 7.5, tweede lid van de Waterwet.

    • b.

      Artikel 122g Waterschapswet.

    • c.

      De artikelen 5, vijfde tot en met het achtste lid, 6, 7, en artikel 8, derde tot en met zesde lid, Bijlage 1 paragraaf A.2.5 en Bijlage 1 paragraaf A.3 van de Verordening zuiveringsheffing en verontreinigingsheffing Hoogheemraadschap van Rijnland (2026 en verder).

    • d.

      Hoofdstuk VIII afdeling 2 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 128a van de Waterschapswet.

  • 2.

    Van het mandaat zijn de bevoegdheden betreffende bezwaar en beroep uitgezonderd.

  • 3.

    Ondermandaat van de onder 1 genoemde bevoegdheden is toegestaan.

  • 4.

    Het ‘Mandaat secretaris-algemeen directeur hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen’ van 31 januari 2022 wordt ingetrokken.

  • 5.

    Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

  • 6.

    Dit besluit wordt aangehaald als: ‘Mandaat secretaris-algemeen directeur hoogheemraadschap van Rijnland inzake waterschapsheffingen’.

Ondertekening

Leiden, 1 juli 2026,

De directeur van de BSGR,

Mevrouw drs. E.T.M. van Kesteren

Voor akkoord,

De secretaris-algemeen directeur van het hoogheemraadschap van Rijnland,

Mevrouw M. Middendorp