Uitvoeringsregeling wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen Gemeente Gulpen-Wittem 2026

Geldend van 01-07-2026 t/m heden

Intitulé

Uitvoeringsregeling wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen Gemeente Gulpen-Wittem 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gulpen-Wittem

gelet op

  • -

    de Wegsleepverordening Gulpen-Wittem 2026,

  • -

    artikel 170 tot en met 174 van de Wegenverkeerswet 1994,

  • -

    het Besluit wegslepen van voertuigen en

  • -

    titel 5.3 van de Algemene wet bestuursrecht

  • -

    artikel 160, eerste lid, onder c en f, en artikel 125 van de Gemeentewet

  • -

    hoofdstuk 4 afdeling 1 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Gulpen-Wittem 2026

besluit vast te stellen de navolgende:

Uitvoeringsregeling wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen gemeente Gulpen-Wittem 2026

Inleiding

Op 4 juni 2026 heeft de gemeenteraad van Gulpen Wittem de Wegsleepverordening Gulpen Wittem 2026 vastgesteld. Deze verordening geeft uitvoering aan de bevoegdheden uit artikel 170 tot en met 174 van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW) en het Besluit wegslepen van voertuigen.

De Wegsleepverordening wijst de wegen en weggedeelten aan waar de wegsleepregeling kan worden toegepast, stelt de tarieven vast voor overbrenging en bewaring en bepaalt de locatie van de bewaarplaats.

Deze interne uitvoeringsregeling bevat het handelingskader voor de praktische uitvoering van de Wegsleepverordening. Hierin worden vastgelegd:

  • -

    de mandatering van bevoegdheden;

  • -

    de taken en verantwoordelijkheden van de betrokken diensten;

  • -

    de procedure voor constateren, overbrengen, bewaren en teruggeven van voertuigen;

  • -

    de administratieve verplichtingen, waaronder het bewaringsregister;

  • -

    de samenloop met andere wegsleepbevoegdheden, waaronder hoofdstuk 4 afdeling 1 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Gulpen-Wittem 2026 (VFL)

  • -

    Deze regeling vormt daarmee het uitvoeringskader voor zowel de bevoegde ambtenaren als het wegsleepbedrijf en zorgt voor een uniforme, zorgvuldige en juridisch correcte toepassing van de wegsleepbevoegdheid binnen de gemeente Gulpen Wittem.

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Bevoegde ambtenaar: de buitengewoon opsporingsambtenaren van de gemeente Gulpen‑Wittem, de opsporingsambtenaren van Politie Eenheid Limburg; en andere personen die zijn beëdigd op grond van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar en door het college zijn gemandateerd voor de toepassing van de wegsleepregeling;

  • b.

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gulpen‑Wittem;

  • c.

    RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • d.

    Verordening: de Wegsleepverordening Gulpen‑Wittem 2026;

  • e.

    Voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het RVV 1990: fietsen, bromfietsen, gehandicaptenvoertuigen, motorvoertuigen, trams en wagens; en overige voertuigen zoals aanhangwagens, caravans en vergelijkbare objecten;

  • f.

    Wegsleepbedrijf/ bewaarder: de in artikel 4 van de Verordening aangewezen bewaarder c.q. wegsleepbedrijf of diens medewerkers;

  • g.

    de wet/ WVW: de Wegenverkeerswet 1994.

Artikel 2 Bevoegdheden en Mandaat

2.1 Mandaat aan opsporingsambtenaren

Het college heeft de toepassing van de wegsleepbevoegdheid gemandateerd aan:

  • -

    politiefunctionarissen van Politie Eenheid Limburg;

  • -

    buitengewoon opsporingsambtenaren van de gemeente Gulpen Wittem; dan wel

  • -

    personen die zijn beëdigd op grond van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar.

Indien een politieambtenaar de bevoegdheid toepast, geschiedt dit door of na overleg met een bevoegd ambtenaar van de gemeente of de dienstdoende OPCO van de politie.

Deze personen zijn gemandateerd om:

  • -

    artikel 170 e.v. van de Wegenverkeerswet 1994 toe te passen, te weten het uitoefenen van bestuursdwang met betrekking tot het doen overbrengen en in bewaring stellen van een op de weg staand voertuig in de gevallen genoemd in dit artikel;

  • -

    op grond van artikel 5:29, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in samenhang met artikel 5 van het Besluit wegslepen van voertuigen proces-verbaal op te maken inzake het meevoeren en opslaan van het voertuig als mede van de aangetroffen toestand van het weg te slepen voertuig.

2.2 Bevoegdheden aan het wegsleepbedrijf

Het college verleent aan het wegsleepbedrijf machtiging voor uitsluitend feitelijke handelingen ten behoeve van:

  • -

    het overbrengen en in bewaring stellen van voertuigen;

  • -

    het beheren van het bewaringsregister;

  • -

    het innen van kosten als uitvoerder;

  • -

    het fysiek overhandigen van documenten aan de rechthebbende

  • -

    de verkoop, overdracht om niet en vernietiging

Artikel 3 Toepassingsbereik wegsleepbevoegdheid

3.1 Bestuursdwang artikel 170 WVW

Het wegslepen en in bewaring stellen van voertuigen op grond van artikel 170 eerste lid WVW, moet worden beschouwd als een bijzondere vorm van bestuursdwang waarbij opgetreden wordt tegen overtredingen van de WVW (zoals “foutparkeren”. De bepalingen uit de Awb zijn hierop van toepassing, voor zover ze niet buiten toepassing zijn verklaard in artikel 170 lid 2 WVW. Dit artikel bepaalt expliciet dat de Awb-artikelen rondom de vooraankondiging (art. 5:24 Awb) en de reguliere spoedprocedure (art. 5:31 Awb) niet van toepassing zijn. Daarnaast zet lid 2 een aantal specifieke Awb-artikelen rondom de kostenberekening, de bewaartermijn en de verkoop/vernietiging van het voertuig (zoals delen van art. 5:25, 5:29 en 5:30 Awb) buiten spel, omdat de WVW daar eigen, specifiekere regels voor heeft.

3.2 Samenloop met wegsleepbevoegdheid Verordening Fysieke Leefomgeving

Naast de bestuursdwang zoals omschreven in artikel 170 WVW, kent de gemeente bepalingen in hoofdstuk 4, afdeling 1 van de Verordening Fysieke Leefomgeving Gulpen‑Wittem (VFL) met betrekking tot o.m. het stallen van voertuigen (aanhangwagens en caravans) op de openbare weg. Aangezien dit een regeling is ter voorkoming van parkeerexcessen, met name gericht op het voorkomen van ontsiering, is dit een ander motief dan de wegsleepbevoegdheid op grond van artikel 170 WVW. De desbetreffende bepalingen van de VFL blijven bestaan naast de regeling van de WVW. De wijze van optreden tegen overtreders van de VFL valt niet onder de regeling van de wegsleepverordening.

In de werkwijze bij de handhaving van de VFL wordt zoveel als mogelijk aangesloten bij de werkwijze zoals beschreven in deze uitvoeringsregeling, voor zover het de feitelijke uitvoering en administratieve afhandeling betreft; met dien verstande dat de handhaving van de VFL een vorm van bestuursdwang op grond van artikel 125 van de Gemeentewet in samenhang met afdeling 5.3.1 van de Awb betreft. Hierbij gelden de reguliere bestuursrechtelijke waarborgen, zoals de begunstigingstermijn en de hoorplicht, tenzij sprake is van spoedeisende bestuursdwang als bedoeld in artikel 5:31 Awb. Voor het kostenverhaal wordt aansluiting gezocht bij de tarieven en berekeningsmethoden uit de Wegsleepverordening, met inachtneming van artikel 5:25 Awb.

3.3Feitelijk handelen in acute en onvoorziene situaties

De daartoe bevoegde ambtenaar kan op bevel of onder verantwoordelijkheid van de burgemeester voertuigen feitelijk verplaatsen, verwijderen of in bewaring stellen zonder dat sprake is van een handhavings- of sanctiebesluit. Deze bevoegdheid rust op artikel 173 of 175 van de Gemeentewet (noodbevoegdheden) en wordt uitsluitend toegepast bij acute, onvoorziene crises, rampen, branden, zware ongevallen of acuut gevaar voor de openbare veiligheid. Voertuigen moeten in deze situaties onmiddellijk wijken, ongeacht of er sprake is van een overtreding. De kosten hiervoor worden niet op de eigenaar of kentekenhouder verhaald. Deze bevoegdheid valt niet onder deze wegsleepregeling. Wel wordt er in de werkwijze voor zover het de feitelijke uitvoering en administratieve afhandeling betreft, zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij deze regeling.

3.4 Samenhang Wet Mulder

Het in bewaring stellen of buitengebruikstellen van een voertuig op grond van een voorlopige maatregel of sanctie in het kader van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wet Mulder), valt buiten de reikwijdte van deze regeling. Hiervoor gelden specifieke, landelijke strafvorderlijke en administratieve procedures.

3.5 Uitsluitingen

Naast de reguliere bestuursdwang op grond van artikel 170 WVW, voert het wegsleepbedrijf ook wegsleep en inbewaringstellingen uit op grond van de artikelen 130, vierde lid, 164, zevende lid, ven artikel 174 eerste lid van de WVW. Deze specifieke wegsleepbevoegdheden vallen buiten het toepassingsbereik van deze regeling. De afhandeling hiervan geschiedt via de reguliere procedures van de politie, justitie en/of private verzekeraars.

Artikel 4 Constatering en wegsleepcriteria

4.1 Criteria en noodzaak

Voordat tot wegslepen wordt overgegaan, beoordeelt de bevoegde ambtenaar of de situatie 'wegsleepwaardig' is. Op grond van artikel 170, eerste lid WVW en artikel 2, tweede lid van de Verordening, moet sprake zijn van ten minste één van de volgende criteria:

  • -

    Veiligheid: De wijze van parkeren brengt de veiligheid op de weg in gevaar;

  • -

    Doorstroming: De vrijheid van het verkeer wordt belemmerd;

  • -

    Doelmatigheid: Het doelmatig gebruik van wegen of weggedeelten wordt belemmerd;

  • -

    Aangewezen locaties: Er wordt geparkeerd op een weg of weggedeelte zoals aangewezen in artikel 3 van de Verordening.

4.2 Proportionaliteit en subsidiariteit

De bevoegde ambtenaar dient per geval te beoordelen of wegslepen van het betreffende voertuig noodzakelijk, proportioneel en subsidiair is. Dit houdt in dat eerst wordt vastgesteld of het doel kan worden bereikt met een minder ingrijpende maatregel, zoals het aanspreken van de bestuurder of het opleggen van een sanctie, en dat pas tot wegslepen wordt overgegaan wanneer deze alternatieven niet mogelijk of onvoldoende effectief zijn.

Toepassing Wet Mulder

Wanneer een voertuig foutgeparkeerd staat en wegsleepwaardig is, kan van het instellen van een strafvervolging, dan wel het opleggen van een sanctie ingevolge de Wet Mulder worden afgezien. De beslissing om naast het wegslepen wel of geen sanctie ingevolge de Wet Mulder op te leggen, valt onder de discretionaire bevoegdheid van de bevoegde ambtenaar. Bij ernstige overtredingen van artikel 5 van de WVW wordt altijd een proces-verbaal opgemaakt. In dergelijke gevallen moet in het proces-verbaal op grond van de Wet Mulder de melding van de inbewaringstelling (en wegslepen) worden vermeld.

4.3 Verplaatsing

Verplaatsing van een voertuig is uitsluitend toegestaan als voorbereidingshandeling voor wegslepen en als feitelijke handeling en is geen zelfstandige maatregel bij de toepassing van bestuursdwang.

4.4 Waarnemingstijd

Om vast te stellen of er sprake is van een overtreding, gelden de volgende richtlijnen voor waarneming:

  • -

    Stopverboden: Bij een verbod tot stilstaan (bord E2 of doorgetrokken gele streep) is geen waarnemingstijd vereist; handhaving kan direct plaatsvinden.

  • -

    Parkeerverboden: Bij parkeerverboden wordt een waarnemingstijd van 10 minuten gehanteerd om uit te sluiten dat er sprake is van onmiddellijk laden/lossen of het in- en uitstappen van passagiers.

  • -

    Laad- en loshavens: Op locaties aangeduid met bord E7 geldt een onafgebroken waarnemingstijd van 10 minuten. Indien binnen deze termijn geen feitelijke laad- of losactiviteiten worden geconstateerd, wordt het voertuig als geparkeerd beschouwd.

4.5 Aangewezen wegen en weggedeelten

Tot het wegslepen van voertuigen op grond van artikel 170 WVW kan worden overgegaan op de wegen en weggedeelten zoals aangewezen in artikel 3 van de Verordening.

4.5.1 Algemene aanwijzing (conform artikel 2 van het Besluit wegslepen van voertuigen)

Alle wegen en weggedeelten binnen de gemeente Gulpen-Wittem die behoren tot de categorieën zoals genoemd in het Besluit wegslepen van voertuigen. Dit betreft locaties aangeduid met de borden E1 tot en met E9, G7 en C1 van bijlage 1 bij het RVV 1990, evenals de bijbehorende gele wegmarkeringen.

4.5.2 Specifieke gemeentelijke aanwijzing

Aanvullend op de algemene categorieën zijn de volgende wegen en weggedeelten expliciet aangewezen:

  • -

    Fietspaden aangeduid door de borden G11, G12a of G14 en fietsstroken gemarkeerd met doorgetrokken of onderbroken strepen en fietsafbeeldingen op het wegdek.

  • -

    Erven aangeduid door bord G5, tenzij geparkeerd op een aangewezen parkeerplaats

  • -

    Tijdelijke locaties (bijvoorbeeld markten of evenementen)

  • -

    Weggedeelten direct voor een inrit of uitrit

  • -

    Situaties waar het verkeer wordt belemmerd of gehinderd

Artikel 5 Procedure wegslepen

Wanneer een bevoegde ambtenaar een wegsleepwaardige situatie vaststelt in overeenstemming met artikel 2, én verwijdering van het voertuig noodzakelijk is, wordt de onderstaande wegsleepprocedure toegepast.

5.1. Voorbereidende handelingen

De ambtenaar verricht redelijke inspanningen om de rechthebbende te informeren, waaronder raadpleging van het RDW register. Indien de bestuurder aanwezig is en de overtreding direct beëindigt, wordt niet weggesleept.

5.2. Inschakelen wegsleepbedrijf

De bevoegde ambtenaar schakelt bij een wegsleepwaardige, noodzakelijke situatie telefonisch het wegsleepbedrijf in en noteert het tijdstip waarop de oproep is gedaan.

5.3. Vastleggen van de overtreding

De bevoegde ambtenaar maakt foto’s van de situatie en wacht in de nabijheid van het voertuig tot de komst van het wegsleepbedrijf. Op de foto’s moet de situatie zo veel mogelijk zichtbaar zijn alsmede de dag- en uuraanduiding. De foto’s worden in het bewaringsregister opgenomen.

5.4. Onvolledige berging

Indien de eigenaar of (kenteken)houder van het voertuig zich meldt voordat een aanvang is gemaakt met het vastkoppelen van het voertuig aan het wegsleepvoertuig en deze bereid is het voertuig te verplaatsen, dan is er sprake van een onvolledige berging.

Bij een onvolledige berging wordt de verdere uitvoering van de bestuursdwang gestaakt. De bevoegde ambtenaar legt de inzet en de reden van de onvolledige berging vast in een proces verbaal of registratierapport. Bij een onvolledige berging blijft het besluit tot bestuursdwang in stand voor wat betreft de gemaakte kosten. De bevoegde ambtenaar dient de persoonsgegevens van de eigenaar of (kenteken)houder vast te stellen.

5.5. Opmaken proces-verbaal en wegsleepbesluit

De ambtenaar legt de bevindingen in drievoud vast (voor het bergingsbedrijf, het dossier en als werkdocument) via de daartoe opgestelde formulieren:

5.5.A Proces-verbaal van bevindingen (de wegsleepbon)

De bevoegde ambtenaar vult alvorens de wegsleepwerkzaamheden te starten, ook wanneer er sprake is van een onvolledige berging, ter plaatse het ‘Proces-verbaal van meevoeren en opslaan’ in.

Het weg te slepen voertuig wordt zorgvuldig gecontroleerd op reeds aanwezige schade door de bevoegde ambtenaar en het wegsleepbedrijf. De schade wordt genoteerd in het proces-verbaal van meevoeren en opslaan. Ook eventuele schade, die wordt veroorzaakt tijdens het bevestigen in het juk of tijdens het overbrengen moet door het wegsleepbedrijf worden genoteerd. Foto’s (voorzien van datum/tijd) worden in het bewaringsregister opgenomen.

Het proces-verbaal van meevoeren en opslaan wordt ondertekend door een medewerker van het wegsleepbedrijf (namens de directeur van dit bedrijf) en de bevoegde ambtenaar.

Een afschrift van het proces-verbaal wordt gevoegd bij de last onder bestuursdwang en wordt verstrekt aan het wegsleepbedrijf.

Het proces-verbaal bevat voor zover dit redelijkerwijs vast te stellen is:

  • -

    een summiere beschrijving van het in bewaring te stellen voertuig, waarbij zo mogelijk wordt vermeld:

    • de kleur van het voertuig

    • indien van toepassing het kenteken, en

    • indien van toepassing het merk

  • -

    de plaats van waar, en de datum en het tijdstip waarop het voertuig is verwijderd;

  • -

    de omstandigheden die de verwijdering van het voertuig noodzakelijk maakten

  • -

    de staat van het voertuig voor de verwijdering, waarbij eventuele beschadigingen goed genoteerd worden, en

  • -

    een summiere opsomming van de losse voorwerpen in het voertuig voor de verwijdering.

5.5.B Besluit tot toepassing bestuursdwang

Wanneer er sprake is van toepassing van bestuursdwang vult de bevoegde ambtenaar het daartoe opgestelde formulier ‘Besluit inzake toepassing bestuursdwang’ zo spoedig mogelijk volledig in.

N.B. Als de grondslag voor het wegslepen anders is dan artikel 170 WVW geldt:

  • -

    Als er sprake is van wegslepen als feitelijk handelen op grond van een noodbevoegdheid van de burgemeester (artikel 3.4) is het opstellen van een besluit niet aan de orde;

  • -

    Als de grondslag voor het wegslepen artikel 174 WVW is (zie artikel 3.2) geldt dat het besluit door de burgemeester genomen wordt;

In het ‘Besluit inzake toepassing bestuursdwang’ dient in ieder geval te worden vermeld:

  • -

    de geconstateerde overtreding;

  • -

    dat het voertuig is weggesleept en in bewaring is genomen;

  • -

    de bewaarplaats waar het voertuig afgehaald kan worden en de openingstijden van de bewaarplaats;

  • -

    dat degene die het voertuig afhaalt aan dient te tonen dat hij eigenaar of (kenteken)houder van het voertuig of diens gemachtigde is en dat hij de kosten, verbonden aan het wegslepen en bewaren van het voertuig, verschuldigd is;

  • -

    de overige voorwaarden waaraan voldaan moet worden om het voertuig terug te krijgen.

Het besluit wordt door het wegsleepbedrijf samen met een afschrift van het proces-verbaal opgenomen in het bewaringsregister. Een exemplaar is bestemd voor de eigenaar of (kenteken)houder van het voertuig of de gemachtigde van de eigenaar of (kenteken)houder. Een afschrift dient ten behoeve van de administratieve afhandeling door de bevoegde ambtenaar.

De beschikking betreft de schriftelijke beslissing tot toepassing van bestuursdwang (zoals het overbrengen en in bewaring stellen van het voertuig) en is een besluit in de zin van de Awb. Tegen dit besluit kan een belanghebbende bezwaar maken op grond van artikel 7:1 Awb.

5.6 Overdracht, controle en afhandeling door wegsleepbedrijf

Nadat het ‘Proces-verbaal van meevoeren en opslaan’ volledig is ingevuld en ondertekend en het voertuig aan het wegsleepvoertuig is gekoppeld, wordt het voertuig overgebracht naar de bewaarplaats.

Ingeval er van een motorvoertuig contactsleutels aanwezig zijn, worden deze door de bevoegde ambtenaar overgedragen aan het wegsleepbedrijf.

Na aankomst op de bewaarplaats controleert het personeel van het wegsleepbedrijf het voertuig nogmaals op beschadigingen en vult deze bevindingen aan op de wegsleepbon.

De medewerker van het wegsleepbedrijf neemt de wegsleepbon en de foto's vervolgens op in het bewaringsregister. De ambtenaar die de foto's heeft gemaakt, voegt afdrukken hiervan zo snel mogelijk toe aan dossier.

5.7 Melding

Direct nadat het voertuig is overgebracht, meldt de ambtenaar de inbewaringstelling bij de meldkamer van de politie onder vermelding van het kenteken, merk, type, locatie en de reden van wegslepen.

Artikel 6 Bewaren van voertuigen

6.1. Aanvang van bewaring

De bewaring start op het tijdstip dat het voertuig op de bewaarplaats van het wegsleepvoertuig wordt losgekoppeld. Vanaf dit moment worden de vastgestelde bewaarkosten in rekening gebracht bij de rechthebbende.

6.2 Locatie en bereikbaarheid

De bewaring vindt plaats op het terrein van het wegsleepbedrijf zoals aangewezen in artikel 4 van de Verordening.

Voertuigen kunnen worden afgehaald tijdens de reguliere openingstijden van het wegsleepbedrijf of – indien noodzakelijk – daarbuiten op afspraak

6.3 Bijhouden bewaringsregister

Het wegsleepbedrijf zorgt voor een onmiddellijke en correcte inschrijving in het bewaringsregister, inclusief de voorwaarden waaronder het voertuig mag worden teruggegeven. Een verkorte weergave hiervan is hieronder opgenomen onder artikel 10. Het bedrijf ziet toe op de naleving van de wettelijke termijnen en verricht alle handelingen die nodig zijn voor een zorgvuldige bewaring. Tot de taken behoren onder meer de veilige opslag van het voertuig en de volledige organisatie rondom een eventuele verkoop of vernietiging.

Artikel 7 Teruggave van voertuigen

7.1 Bekendmaking besluit

Voor of bij de teruggave van het voertuig wordt het Besluit tot toepassing bestuursdwang met daarbij een afschrift van het proces-verbaal aan de rechthebbende verstrekt.

De bekendmaking van het besluit gebeurt als volgt:

  • -

    Voertuig afgehaald binnen 48 uur: het wegsleepbedrijf reikt de last onder bestuursdwang en het proces-verbaal uit bij het afhalen van het voertuig onder uitreiking van een ondertekend ontvangstbewijs.

  • -

    Na 48 uur: de ambtenaar verzendt de last onder bestuursdwang met het proces-verbaal aangetekend naar de kentekenhouder.

  • -

    Onbekende rechthebbende: Bekendmaking vindt plaats via officiële publicatie in het elektronisch Gemeenteblad.

7.2 Voorwaarden voor teruggave

Een voertuig wordt uitsluitend teruggegeven aan de eigenaar, de houder of een schriftelijk gemachtigde die zijn hoedanigheid kan aantonen. De rechthebbende dient bij het afhalen een geldig legitimatiebewijs en de kentekenpapieren te overleggen. De wijze van legitimatie en de overgelegde machtiging worden expliciet in het bewaringsregister vermeld.

7.3 Schadecontrole bij afgifte

Bij de teruggave wordt het voertuig samen met de rechthebbende gecontroleerd op eventuele schade die tijdens de berging of bewaring ontstaan kan zijn. Deze bevindingen worden vermeld in het bewaringsregister.

7.4 Betaling van de kosten

Voordat het voertuig wordt vrijgegeven, moeten alle gemaakte kosten voor het wegslepen en het bewaren volledig bij de bewaarder worden voldaan. De bewaarder verstrekt een kwitantie, waarvan een kopie als bewijs van betaling wordt opgenomen in het bewaringsregister. Een betalingsregeling is niet mogelijk. Voor de kosten wordt verwezen naar artikel 9.

Artikel 8 Niet afgehaalde voertuigen

8.1 Onderzoek en kennisgeving bij niet-afhalen

Wordt een voertuig niet binnen 48 uur afgehaald, dan informeert het wegsleepbedrijf de bevoegde ambtenaar, waarna deze een onderzoek instelt naar de eigenaar of (kenteken)houder van het voertuig. Binnen 7 dagen na vaststelling van de rechthebbende wordt het besluit tot toepassing bestuursdwang aangetekend met daarbij het proces-verbaal verzonden met daarin de voorwaarden voor teruggave van het voertuig en de gevolgen van het niet-afhalen.

Indien blijkt dat ter zake van het voertuig aangifte van vermissing is gedaan, wordt het besluit toepassing bestuursdwang verzonden aan degene die deze aangifte heeft gedaan.

8.2 Overbrenging naar een andere bewaarplaats

Na een bewaartermijn van 7 dagen kan het voertuig, in opdracht van het wegsleepbedrijf, worden overgebracht naar een andere bewaarplaats. De kosten hiervan maken deel uit van de bewaarkosten. De rechthebbende wordt indien mogelijk over deze verplaatsing geïnformeerd. Afgifte van een voertuig, geplaatst op een andere bewaarplaats, geschiedt na overleg met het wegsleepbedrijf.

8.3 Verkoop, overdracht om niet en vernietiging

Het wegsleepbedrijf verricht namens het college alle noodzakelijke handelingen, om een in bewaring gesteld voertuig te verkopen, om niet over te dragen of te vernietigen. Het wegsleepbedrijf heeft hiervoor schriftelijke instemming nodig van het afdelingshoofd Samenleving van de gemeente.

Een in bewaring gesteld voertuig kan worden verkocht, om niet overgedragen of vernietigd, als aan de volgende voorwaarden voldaan is:

  • -

    het voertuig niet binnen 13 weken is opgehaald; of

  • -

    de kosten van het wegslepen en bewaren, vermeerderd met de geraamde kosten voor verkoop, overdracht om niet of vernietiging waaronder ook de kosten van taxatie van het voertuig, onevenredig hoog worden in verhouding tot de waarde van het voertuig (artikel 5:30 van de Awb);

  • -

    de termijn van 14 dagen na de bekendmaking van het “Besluit toepassing bestuursdwang” is verstreken;

  • -

    er een waarderapport is opgesteld door een beëdigd taxateur overeenkomstig artikel 15 van het Besluit wegslepen van voertuigen, waarin de waarde van het voertuig wordt afgezet tegen de op dat moment verschuldigde kosten, vermeerderd met de voor de verkoop geraamde kosten.

Pas op het moment dat de kosten hoger worden dan de waarde van het voertuig, kan het voertuig worden verkocht. Ter uitvoering hiervan worden tenminste twee handelaren in tweedehands voertuigen gevraagd om op het te verkopen voertuig bij inschrijving een bod uit te brengen, waarna de verkoop plaats heeft aan de meestbiedende.

Bij gebrek aan belangstelling bij de handelaren om het voertuig te kopen, wordt het voertuig ter vernietiging aangeboden aan een officieel erkende autosloper, aan wie het voertuig in eigendom wordt overgedragen tegen betaling van het bedrag dat overeenkomt met de door de taxateur geschatte sloopwaarde van het voertuig;

Van deze procedure wordt een verslag opgemaakt door het wegsleepbedrijf. Het verslag wordt opgenomen in het bewaringsregister en bevat tenminste:

  • -

    de naam en het adres van de taxateur die een rapport van de geschatte waarde van het voertuig heeft opgemaakt;

  • -

    de hoogte van de taxatiewaarde;

  • -

    de namen en adressen van degenen die werden uitgenodigd in te schrijven;

  • -

    de namen en adressen van degenen die op de inschrijving hebben gereageerd;

  • -

    een beschrijving van de aard van die reacties, waaronder de hoogte van de biedingen;

  • -

    naam en adres van degene aan wie het voertuig om niet is aangeboden;

  • -

    naam en adres van degene aan wie het voertuig ter vernietiging is aangeboden, alsmede de hoogte van de eventueel hiervoor ontvangen tegenprestatie.

Het vrijwaringsbewijs van het voertuig wordt door het wegsleepbedrijf overgedragen aan de gemeente.

Indien de totale kosten van het wegslepen, bewaren en de verkoop, overdracht om niet of vernietiging de getaxeerde verkoopwaarde c.q. sloopwaarde van het betreffende voertuig overtreffen, vergoedt de gemeente het verschil tussen de opbrengst van het voertuig en de genoemde totale kosten aan het wegsleepbedrijf.

Artikel 9 Kosten van het wegslepen

De toepassing van bestuursdwang brengt op grond van artikel 5:25 Awb mee dat de kosten van het overbrengen en in bewaring stellen van een voertuig voor rekening komen van de rechthebbende. De tarieven worden in rekening gebracht overeenkomstig artikel 5 van de Verordening en vastgelegd in het besluit. Hier wordt onderscheid gemaakt tussen gemaakte kosten bij onvolledige berging, kosten bij volledige berging en kosten bij volledige overbrenging en inbewaringstelling.

9.1 Kosten bij onvolledige berging

Wanneer een wegsleepvoertuig is besteld, maar er sprake is van een onvolledige berging dient de rechthebbende de kosten voor de voorbereiding (de voorrijkosten) van de overbrenging te voldoen zoals vastgesteld in artikel 5 van de Verordening.

9.2 Kosten bij volledige berging

Wanneer het wegsleepvoertuig ter plaatse is en er een aanvang is gemaakt met het vastkoppelen van het voertuig aan het wegsleepvoertuig, is er sprake van een volledige berging. Bij volledige berging is de eigenaar of (kenteken)houder de voorrijkosten en de kosten voor het overbrengen van een voertuig naar de bewaarplaats verschuldigd zoals vastgesteld in artikel 5 van de Verordening.

9.3 Kosten bij volledige overbrenging en bewaring

Wanneer het voertuig daadwerkelijk wegrijdt en het voertuig wordt overgebracht naar de bewaarplaats en in bewaring gesteld, vindt teruggave uitsluitend plaats aan de eigenaar, de houder of een daartoe schriftelijk gemachtigde. Voordat het voertuig wordt vrijgegeven, moeten de volledige kosten — bestaande uit de wegsleepkosten en de inmiddels gemaakte bewaarkosten — conform artikel 5 van de Verordening worden voldaan.

9.4 Geen kosten verschuldigd

Er dient zeer zorgvuldig met de bevoegdheid tot het wegslepen van voertuigen omgegaan te worden. Artikel 172, derde lid van de WVW bepaalt dat burgemeester en wethouders bij de toepassing van de wegsleepbevoegdheid op grond van de WVW het bedrag van de kosten, verbonden aan de toepassing van bestuursdwang, terugbetalen, indien:

  • a.

    niet tot overbrenging en inbewaringstelling had mogen worden overgegaan;

  • b.

    de omstandigheden waaronder de wegsleepregeling is toegepast, van dien aard waren dat de kosten redelijkerwijs niet verschuldigd zijn, of

  • c.

    aannemelijk is dat het voertuig tegen de wil van de rechthebbende is gebruikt en hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.

De eventueel opgelegde boetes op grond van de Wet Mulder vallen niet onder de voornoemde terug te betalen kosten.

Het genoemde onder a, b of c dient rechthebbende aan te tonen.

In afwijking van de hoofdregel vindt er geen kostenverhaal plaats op de eigenaar of (kenteken)houder indien het overbrengen of verplaatsen van het voertuig het gevolg is van louter feitelijk handelen als bedoeld in artikel 3.4 van deze regeling (zoals acute noodsituaties, branden, rampen of bomruimingen).

9.5 Schadeloosstelling en aansprakelijkheid

In het onder a genoemde geval dient het college op basis van artikel 172, zevende lid van de WVW tevens een redelijke schadeloosstelling te betalen aan degene die het voertuig heeft afgehaald. Indien het voertuig ten tijde van de overtreding in gebruik was bij een ander dan de rechthebbende die het voertuig heeft afgehaald, treedt die ander voor de toepassing van deze schadeloosstelling in plaats van de rechthebbende die het voertuig heeft afgehaald.

Voor schade die aantoonbaar tijdens de overbrenging of de bewaring is ontstaan, is de gemeente aansprakelijk op grond van artikel 172 lid 8 WVW.

Artikel 10 Bewaringsregister

Het wegsleepbedrijf draagt namens het college zorg voor het bijhouden van een register waarin iedere toepassing van de bevoegdheid tot het overbrengen en in bewaring stellen van voertuigen wordt geregistreerd. Het Besluit wegslepen van voertuigen benoemt de gegevens die in dit bewaringsregister moeten worden opgenomen.

10.1 Inschrijven in bewaringsregister

Het wegsleepbedrijf registreert elk voertuig dat in bewaring wordt gesteld. In het bewaringsregister worden de volgende gegevens opgenomen:

Bij inbewaringstelling

  • -

    Een afschrift van de wegsleepbon/ het proces-verbaal;

  • -

    Een afschrift van het Besluit tot toepassing van bestuursdwang;

  • -

    De voorwaarden voor teruggave;

  • -

    Ingeval het een kentekenplichtig voertuig betreft, de tenaamstelling van het kenteken;

  • -

    Ingeval het een ander voertuig betreft, de naam van de eigenaar of (kenteken)houder voor zover deze bekend is;

  • -

    Naam van de verbalisant of opdrachtgever;

Bij teruggave:

  • -

    De datum en tijdstip van afhalen;

  • -

    De verklaring van ontvangst/ afhaalformulier met in ieder geval de naam en het adres van degene die het voertuig heeft afgehaald evenals de gegevens waaruit blijkt dat deze tot het afhalen van het voertuig gerechtigd was;

  • -

    Het betaalde bedrag en de kwitantie;

Bij niet afhalen binnen 48 uur:

  • -

    De datum van de bekendmaking van het besluit;

  • -

    De naam en het adres van degene aan wie is bekendgemaakt;

  • -

    Ofwel de wijze van bekendmaking;

Bij verkoop van het voertuig:

  • -

    datum en tijdstip van de verkoop;

  • -

    de opbrengst;

  • -

    naam en adres van de koper;

  • -

    indien de verkoop een batig saldo heeft opgeleverd: het batige saldo, naam en adres van degene aan wie het batige saldo is uitgekeerd en gegevens waaruit blijkt dat diegene gerechtigd was tot inontvangstneming van het batig saldo;

  • -

    Bij eigendomsoverdracht om niet van het voertuig:

  • -

    naam en adres van degene aan wie het voertuig is overgedragen;

Bij vernietiging van het voertuig:

  • -

    de waarde van het voertuig zoals vastgesteld in een door een beëdigd taxateur opgemaakt rapport;

Bij terugbetaling van (een gedeelte van) de kosten door de gemeente:

  • -

    de datum waarop is terugbetaald;

  • -

    het bedrag van de terugbetaling;

  • -

    de grond voor terugbetaling;

  • -

    naam en adres van degene aan wie is terugbetaald.

10.2 Bewaren gegevens

De gegevens blijven vijf jaar in het bewaringsregister bewaard na het kalenderjaar waarin het voertuig is teruggegeven, verkocht, overgedragen of vernietigd.

10.3 Verstrekken gegevens

Het college verstrekt aan belanghebbenden desgevraagd gegevens uit het bewaringsregister met inachtneming van de AVG.

Artikel 11 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na de dag van bekendmaking.

Artikel 12 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling wegslepen voertuigen Gemeente Gulpen-Wittem 2026

Ondertekening

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Gulpen-Wittem op 16 juni 2026.