Gewijzigde beleidsregels leefgeld en eigen bijdrage ontheemden Oekraïne gemeente De Fryske Marren

Geldend van 23-06-2026 t/m heden

Intitulé

Gewijzigde beleidsregels leefgeld en eigen bijdrage ontheemden Oekraïne gemeente De Fryske Marren

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente De Fryske Marren;

gelet op de artikelen 1:3, vierde lid, 4:81 tot en met 4:84, van de Algemene wet bestuursrecht en de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (hierna: de RooO), de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne (hierna: de TwooO).

overwegende dat

  • het college van burgemeester en wethouders, conform de bepalingen van de RooO, financiële ondersteuning wil bieden aan de Oekraïense ontheemden die geen eigen inkomen hebben;

  • het college van burgemeester en wethouders, conform de bepalingen van de RooO, wil overgaan tot het innen van de eigen bijdrage bij Oekraïners met eigen inkomsten die verblijven in de GOO;

  • het daarom wenselijk is om voor dit doel een aanvullend gemeentelijk beleid vast te stellen, ter bevordering van de uitvoering van de verstrekking van het leefgeld en de inning van de eigen bijdrage in gemeente De Fryske Marren;

besluit vast te stellen:

de gewijzigde beleidsregels leefgeld en eigen bijdrage ontheemden Oekraïne gemeente De Fryske Marren.

HOOFDSTUK 1. ALGEMEEN

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1.

    In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    regeling: Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO);

  • b.

    ontheemde: de ontheemde zoals bedoeld in artikel 1 sub c van de regeling;

  • c.

    GOO: Gemeentelijke opvangvoorziening Oekraïners, zoals bedoeld in artikel 1 sub g van de regeling;

  • d.

    POO: Particuliere opvang Oekraïners, zoals bedoeld in artikel 1 sub h van de regeling;

  • e.

    opvangvoorziening: een accommodatie als bedoeld in artikel 1 sub b van de regeling;

  • f.

    leefgeld: een maandelijkse financiële toelage voor voedsel, kleding en andere persoonlijke uitgaven, zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 sub b van de regeling;

  • g.

    loondervingsuitkering: een uitkering als bedoeld in artikel 1 sub i van de regeling;

  • h.

    eigen bijdrage: een bijdrage die betaald dient te worden voor de kosten van opvang (exploitatiekosten);

  • i.

    gezin: de gezinsleden gezamenlijk, zoals bedoeld in artikel 1 sub f van de regeling, waaronder:

  • j.

    echtgenoten of aan gehuwden gelijkgestelde partners;

  • k.

    hun minderjarige kinderen, mits ongehuwd en van hen afhankelijk;

  • l.

    de vader, moeder, of een andere volwassene die volgens het recht of de praktijk in Nederland verantwoordelijk is voor de minderjarige en ongehuwde ontheemde;

  • m.

    Inkomsten: inkomsten worden voor de berekening van het leefgeld en de eigen bijdrage netto in aanmerking genomen. Er wordt geen rekening gehouden met het vakantiegeld of andere reserveringen en vergoedingen (zoals bijvoorbeeld reiskostenvergoeding). Het gedeelte van het inkomen waar beslag op is gelegd en/of een ingehouden bijdrage telt wel mee voor de berekening;

  • n.

    College: het college van burgemeester en wethouders van gemeente De Fryske Marren.

  • o.

    De begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die hierboven niet nader zijn omschreven hebben betekenis die daaraan in de Regeling opvang ontheemden Oekraïne, de Algemene wet bestuursrecht wordt gegeven.

HOOFDSTUK 2. LEEFGELD

Artikel 2. Aanvraag

  • 1.

    Oekraïense ontheemden als bedoeld in de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO) die in gemeente De Fryske Marren verblijven, kunnen schriftelijk, voor zichzelf en eventuele gezinsleden, een aanvraag voor leefgeld indienen bij de gemeente.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid kan voor ontheemden die verblijven of gaan verblijven in een GOO of POO in de gemeente De Fryske Marren het recht op leefgeld ambtshalve worden vastgesteld met ingang van de datum van plaatsing in de GOO/ POO.

Artikel 3. Recht op leefgeld

Oekraïense ontheemden hebben recht op leefgeld indien zij:

  • a.

    in de gemeente De Fryske Marren zijn ingeschreven in de Basisregistratie Personen, en;

  • b.

    verblijven in een GOO of POO, en;

  • c.

    geen inkomsten uit arbeid, uitkering of (relevante) toeslagen ontvangen die per maand hoger zijn dan 115% van de voor hen geldende leefgeldnorm.

Artikel 4. Ingangsdatum leefgeld

  • 1.

    Het leefgeld wordt toegekend met ingang van de datum van aanvraag.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid kan het leefgeld worden toegekend met ingang van:

  • a.

    de datum van inschrijving in het BRP van de gemeente De Fryske Marren;

  • b.

    de datum van ingang van het feitelijk verblijf in een gemeentelijke opvang of particuliere opvang;

  • c.

    de eerste dag van de maand volgend op de maand van aanvraag, indien de ontheemde afkomstig is uit een andere gemeente binnen Nederland en aldaar leefgeld ontving;

  • d.

    de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin de ontheemde niet langer inkomsten uit arbeid, uitkering of relevante toeslag ontvangt die leiden tot beëindiging van het leefgeld.

Artikel 5. Wijze van verstrekking

  • 1.

    Het leefgeld wordt maandelijks verstrekt op de eerste dag van de maand aan de aanvrager of aan een ander meerderjarig gezinslid.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid kan het leefgeld op de voorafgaande of eerstvolgende werkdag worden uitbetaald, als de eerste dag van de maand in een weekend valt, dan wel een erkende feestdag betreft.

  • 3.

    Uitbetaling van leefgeld vindt in beginsel plaats op een Nederlandse bankrekening. Indien dit (nog) niet mogelijk is, kan het college een andere betaalwijze vaststellen.

Artikel 6. Hoogte van het leefgeld

  • 1.

    De hoogte van het leefgeld is gelijk aan de bedragen zoals opgenomen in artikel 10 van de Regeling opvang ontheemden Oekraïne voor ontheemden in de GOO en artikel 12 van die regeling voor een ontheemden in de POO.

  • 2.

    Het leefgeld wordt niet verstrekt wanneer het netto inkomen van de ontheemde individu of het gezin hoger is dan 115% van de toepasselijke leefgeldnorm, bedoeld in het eerste lid van dit artikel (het drempelbedrag).

  • 3.

    Wanneer het netto-inkomen lager is dan 115% van de toepasselijke leefgeldnorm, wordt het inkomen aangevuld tot 115% van die norm.

Artikel 7. Beëindiging en intrekking van het leefgeld

  • 1.

    De verstrekking van het leefgeld wordt beëindigd indien de ontheemde:

  • a.

    Een netto inkomen heeft dat hoger is dan 115% van de toepasselijke leefgeldnorm;

  • b.

    Niet langer gebruik maakt van opvang in een GOO of POO in de gemeente De Fryske Marren, omdat opvang (of onderdak) elders is voorzien;

  • c.

    gedurende twee weken niet heeft voldaan aan verzoeken van of namens het college om informatie te verstrekken over zijn inkomsten en gezinssamenstelling;

  • d.

    inkomsten of andere relevante gegevens heeft verzwegen of onjuist heeft opgegeven, waardoor ten onrechte leefgeld is verstrekt;

  • e.

    de opvang definitief verlaat of langer dan 28 dagen per kalenderjaar niet in de opvang is verschenen zonder het college hiervan op de hoogte te stellen.

  • 2.

    De verstrekking van het leefgeld kan worden beperkt of ingetrokken indien de ontheemde:

  • a.

    ernstig inbreuk maakt op de verplichtingen, genoemd in artikel 6, derde lid van de regeling;

  • b.

    een ernstige vorm van geweld pleegt jegens medebewoners, medewerkers van de

opvangvoorziening of anderen.

  • 3.

    De beëindiging/(gedeeltelijke) intrekking gaat in op de eerste dag van de maand volgend op de

  • 4.

    maand waarin van één of meer van de in dit artikel genoemde omstandigheden is gebleken.

Artikel 8. Terugvordering leefgeld

  • 1.

    Het college vordert teveel of ten onrechte verstrekt leefgeld terug als dit het gevolg is van het niet of niet tijdig doorgeven van wijzigingen door de ontheemde, overeenkomstig artikel 7 lid 6 en 13 lid 3 van de RooO.

  • 2.

    Het college vordert niet meer terug dan ten onrechte aan leefgeld is verstrekt.

  • 3.

    Als daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan het college besluiten geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.

HOOFDSTUK 3. EIGEN BIJDRAGE

Artikel 9. Doelgroep eigen bijdrage

  • 1.

    Met ingang van 1 februari 2025 brengt het college maandelijks een eigen bijdrage in rekening voor de opvang van meerderjarige ontheemden uit Oekraïne die vallen onder de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne en die verblijven in de GOO.

  • 2.

    De volgende ontheemden, en hun meerderjarig gezinslid, betalen een eigen bijdrage:

  • a.

    de meerderjarige ontheemde met inkomsten uit arbeid, in binnen- en/of buitenland;

  • b.

    de meerderjarige ontheemde die inkomsten uit een loondervingsuitkering ontvangt;

  • c.

    de meerderjarige ontheemde die gedurende twee weken niet heeft voldaan aan verzoeken van het college om informatie te verstrekken over zijn inkomsten en gezinssamenstelling;

  • d.

    de meerderjarige ontheemde die inkomsten verborgen heeft gehouden en waardoor ten onrechte verstrekkingen zijn ontvangen.

  • 3.

    Er wordt geen eigen bijdrage opgelegd als het netto gezinsinkomen lager is dan het van toepassing zijnde drempelbedrag. Het drempelbedrag is gelijk aan de van toepassing zijnde leefgeldnorm + de eigen bijdrage x 115%.

Artikel 10. Hoogte eigen bijdrage

De hoogte van de eigen bijdrage is bepaald in artikel 8, tweede lid, van de regeling (RooO).

Artikel 11. Innen van de eigen bijdrage

  • 1.

    De eigen bijdrage is maandelijks verschuldigd over de voorgaande maand en moet uiterlijk op de 15e dag van de daaropvolgende maand zijn betaald.

  • 2.

    Bij het niet tijdig betalen van de eigen bijdrage wordt eenmaal een herinnering verstuurd met een termijn van 14 dagen.

  • 3.

    Indien na het verstrijken van deze termijn nog niet is betaald, stuurt het college een aanmaning met een termijn van 14 dagen.

  • 4.

    Indien ook na de aanmaning niet wordt betaald kan het college een civiele procedure starten al dan niet middels een gerechtsdeurwaarder. Waarbij de volledige achterstand wordt meegenomen.

  • 5.

    Uitgangspunt is dat voor de lopende maandelijkse termijn geen betalingsregeling wordt getroffen zolang daarnaast ook de eigen bijdrage over de volgende maanden moet worden voldaan, tenzij de financiële situatie van de ontheemde aanleiding geeft tot een afwijking van dit uitgangspunt.

HOOFDSTUK 4. INLICHTINGENPLICHT

Artikel 12. Leefgeld/ eigen bijdrage en inlichtingenplicht

  • 1.

    De ontheemde is verplicht om uiterlijk binnen twee weken nadat de gemeente daarom heeft verzocht, mededeling te doen over zijn inkomsten en gezinssamenstelling.

  • 2.

    De ontheemde is verplicht om in geval van verandering in inkomsten of gezinssamenstelling de gemeente daarvan binnen 7 dagen mededeling te doen.

  • 3.

    Onder inkomen wordt verstaan:

  • a.

    inkomen uit arbeid in Nederland of het buitenland;

  • b.

    inkomen uit zelfstandig bedrijf in Nederland of het buitenland;

  • c.

    een loondervingsuitkering;

  • d.

    een toeslag op grond van de Toeslagenwet.

HOOFDSTUK 5. OVERIGE BEPALINGEN

Artikel 13. Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere en dringende gevallen een artikel of artikelen van deze beleidsregels buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing ervan, gelet op het belang van de belanghebbende, leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 14. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking.

  • 2.

    De ‘’beleidsregels eigen bijdrage ontheemden Oekraïne De Fryske Marren’’ worden ingetrokken met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze gewijzigde beleidsregels.

  • 3.

    Deze beleidsregels worden aangehaald als: Gewijzigde beleidsregels leefgeld en eigen bijdrage ontheemden Oekraïne gemeente De Fryske Marren.

Ondertekening

Ondertekening Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van gemeente De Fryske Marren d.d. 9 juni 2026,

L.P. Stoel, burgemeester

D. Cazemier, gemeentesecretaris