Regeling vervalt per 01-01-2029

Subsidieregeling Kwaliteitsbudget ecologie en landschapskwaliteit bij energieprojecten RES Alblasserwaard 2026 - 2028

Geldend van 18-06-2026 t/m 31-12-2028

Intitulé

Subsidieregeling Kwaliteitsbudget ecologie en landschapskwaliteit bij energieprojecten RES Alblasserwaard 2026 - 2028

Het college van burgemeester en wethouders van Gorinchem;

overwegende dat de subsidiabele activiteiten van artikel 3 mogelijk staatssteun opleveren en in het kader van rechtvaardiging van staatssteun het college van burgemeester en wethouders de volgende steunmaatregelen van toepassing acht:

  • a.

    Verordening (EU) Nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard, Pb L 187/1 van 26 juni 2014;

  • b.

    Verordening (EG) Nr. 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun, Pb L 2023/2831 van 15 december 2023;

  • -

    gelet op artikel 2 van de Algemene Subsidieverordening Gemeente Gorinchem 2026;

  • -

    gelet op het Beleidskader voor subsidie Gemeente Gorinchem vanaf 2026;

Besluit:

  • -

    vast te stellen de subsidieregeling Kwaliteitsbudget ecologie en landschapskwaliteit bij energieprojecten RES Alblasserwaard 2026 - 2028.

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    adviescommissie: een onafhankelijke groep deskundigen die inhoudelijk advies uitbrengt aan het college over de beoordeling van de subsidieaanvragen;

  • b.

    ASV: Algemene Subsidieverordening van gemeente Gorinchem 2026;

  • c.

    bovenwettelijk: maatregelen die aantoonbaar verder gaan dan waartoe op grond van wet- en regelgeving een verplichting bestaat;

  • d.

    cofinanciering: eigen inbreng in geld of in natura, van de aanvrager of een organisatie voor een deel van de kosten van de activiteit;

  • e.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gorinchem;

  • f.

    elektriciteitsinfrastructuur: netwerk van fysieke componenten dat de opwekking, transport en distributie van elektriciteit mogelijk maakt;

  • g.

    energieprojecten: projecten gericht op de productie, opslag, verdeling en/of gebruik van energie met focus op duurzame oplossingen;

  • h.

    gemeente: de gemeente Gorinchem;

  • i.

    kleinschalig zonneveld: niet-gebouwgebonden locatie voor het opwekken van zonne-energie bij woningen en bedrijven tot maximaal 250 m²;

  • j.

    kwaliteitsbudget: budget dat beschikbaar is voor maatregelen ter verbetering van ecologie en landschapskwaliteit in relatie tot energieprojecten;

  • k.

    landschapskwaliteit: de kwaliteit van het landschap tot uitdrukking komend in de ruimtelijke samenhang, de ecologische waarde, de cultuurhistorische kenmerken en de belevingswaarde van een gebied, passend bij de identiteit en schaal van het gebied;

  • l.

    repowering: het vervangen van verouderde duurzame energie-installaties door nieuwe, krachtigere en efficiëntere modellen op dezelfde locatie;

  • m.

    RES Alblasserwaard: Regionale Energie Strategie, een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Gorinchem en Molenlanden, de provincie Zuid-Holland en waterschap Rivierenland om duurzame energie op te wekken en te besparen op energieverbruik;

  • n.

    RES-doelstelling: de doelen zoals zijn weergegeven in het document ‘Regionale Energiestrategie 1.0 RES Alblasserwaard’ uit maart 2021;

  • o.

    warmteproject: project om een wijk of buurt aardgasvrij te maken door een collectief warmtenet dat gebruik maakt van een duurzame warmtebron;

  • p.

    wettelijk verplicht: maatregelen die uitgevoerd moeten worden om te voldoen aan wet- en regelgeving;

  • q.

    windpark: een ruimtelijk en functioneel samenhangend geheel van ten minste twee windturbines met een minimum opgesteld vermogen van 6 MW;

  • r.

    zonnepark: niet-gebouwgebonden locatie voor het opwekken van zonne-energie van maximaal 2 hectare effectief oppervlakte.

Artikel 2. Doelstelling

Het doel van deze subsidieregeling is het ondersteunen van projecten binnen de RES-regio Alblasserwaard die bijdragen aan de versterking van de ecologische en landschapskwaliteit bij wind- en zonneparken en andere energieprojecten.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

  • 1. Het college verstrekt subsidie voor het wettelijke en bovenwettelijke deel van de activiteiten binnen de RES-regio Alblasserwaard die bijdragen aan de versterking van de ecologie en landschapskwaliteit bij:

    • a.

      nog te ontwikkelen wind- en zonneparken, inclusief repowering van windparken;

    • b.

      nog te ontwikkelen (individuele) middelgrote windturbines met een ashoogte van minimaal 15 en maximaal 45 meter op bedrijventerreinen gelegen binnen bestaand stads- en dorpsgebied;

    • c.

      nog te ontwikkelen kleinschalige zonnevelden;

    • d.

      reeds gerealiseerde wind- en zonneparken en kleinschalige zonnevelden.

  • 2. Het college verstrekt subsidie voor uitsluitend het bovenwettelijke deel van de activiteiten binnen de RES-regio Alblasserwaard die bijdragen aan de versterking van de ecologie en landschapskwaliteit bij:

    • a.

      collectieve warmteprojecten;

    • b.

      innovatieve duurzame energie-opwekprojecten die bijdragen aan de RES-doelstelling;

    • c.

      projecten voor elektriciteitsinfrastructuur en energieopslag;

  • 3. Het college verstrekt subsidie voor de activiteiten die bijdragen aan de versterking van de ecologische en landschappelijke kwaliteit gekoppeld aan de optimalisatie van windzoeklocaties in Gorinchem noord.

Artikel 4. Aanvrager

Het college verstrekt uitsluitend subsidie aan een organisatie die KVK geregistreerd is met volledige rechtsbevoegdheid.

Hoofdstuk 2 Financiële bepalingen

Artikel 5. Subsidiabele kosten

  • 1. Voor subsidie komen de redelijk gemaakte kosten in aanmerking die direct verbonden zijn met de uitvoering van een activiteit als benoemd in artikel 3.

  • 2. Niet voor subsidie in aanmerking komen onder andere de kosten:

    • a.

      van reguliere maatregelen voor ecologie en landschap bij elektriciteitsinfrastructuur;

    • b.

      voor het verwijderen van bodemverontreiniging of afval;

    • c.

      voor de aanschaf van machines;

    • d.

      voor het wegwerken van achterstallig onderhoud;

    • e.

      van grondwerving;

    • f.

      voor opstellen vergunningaanvraag, opstellen subsidieaanvraag, afstemming en overleg, communicatie en participatieproces;

    • g.

      voor terugkerende kosten gedurende de exploitatieperiode, zoals jaarlijks beheer, monitoring en compensatie voor stilstand van windturbines;

    • h.

      die vóór indiening van de aanvraag zijn gemaakt.

Artikel 6. Hoogte van de subsidie

  • 1. Een subsidie, zoals benoemd in artikel 3 lid 1, bedraagt maximaal 50% van de gemaakte kosten voor het wettelijke deel en maximaal 75% van de gemaakte kosten voor het bovenwettelijke deel van de activiteit, met een minimum van € 2.500 en een maximum van € 175.000 per aanvraag.

  • 2. Een subsidie, zoals benoemd in artikel 3 lid 2, bedraagt maximaal 50% van de gemaakte kosten voor het bovenwettelijke deel van de activiteit, met een minimum van € 2.500 en een maximum van € 175.000 per aanvraag.

  • 3. Voor subsidie, zoals benoemd in artikel 3 lid 3, komen in aanmerking de redelijk gemaakte kosten die direct zijn verbonden met de uitvoering van de activiteit met een maximum van 50%.

Artikel 7. Subsidieplafond

  • 1. Het college stelt per aanvraagperiode als bedoeld in artikel 10 onder a t/m d een subsidieplafond vast voor deze regeling.

Artikel 8. Wijze van verdeling

  • 1. Een aanvraag om subsidie als bedoeld in artikel 3, lid 1, waarbij sprake is van meer dan één aanvrager, wordt verdeeld op volgorde van rangschikking van de subsidieaanvragen per aanvraagperiode op basis van de beoordelingscriteria, tot het subsidieplafond is bereikt.

  • 2. Als binnen een aanvraagperiode en na toepassing van artikel 8, lid 1 het subsidieplafond nog niet is bereikt, wordt een aanvraag om subsidie als bedoeld in artikel 3, lid 2, waarbij sprake is van meer dan één aanvrager, verdeeld op volgorde van rangschikking van de subsidieaanvragen per aanvraagperiode op basis van de beoordelingscriteria, tot het subsidieplafond is bereikt.

  • 3. Als aanvragen op basis van de aan de beoordelingscriteria toegekende punten gelijk eindigen in de rangschikking en het subsidieplafond wordt met deze aanvragen overschreden, dan wordt de aanvraag die het hoogst wordt gewaardeerd op beoordelingscriterium a, zoals genoemd in artikel 11, boven de andere aanvra(a)g(en) in de rangschikking geplaatst. Als de score voor beoordelingscriterium a gelijk is, wordt de aanvraag die het hoogst wordt gewaardeerd op beoordelingscriterium b, zoals genoemd in artikel 11, boven de andere aanvra(a)g(en) in de rangschikking geplaatst en zo verder voor beoordelingscriterium c, zoals genoemd in artikel 11. Als de scores op alle beoordelingscriteria gelijk zijn, wordt de subsidie per aanvrager met eenzelfde percentage verlaagd, totdat het subsidieplafond niet meer wordt overschreden.

Hoofdstuk 3 Aanvraag subsidie

Artikel 9. Aanvraagvereisten

De aanvraag om een subsidie bevat, naast de in artikel 6 van de ASV genoemde gegevens:

  • a.

    een planning;

  • b.

    kaartmateriaal waarop het plangebied zichtbaar is;

  • c.

    bij een aanvraag van meer dan € 20.000 een ecologische en landschappelijke onderbouwing door een deskundige.

Artikel 10. Aanvraagtermijn

In afwijking van artikel 7 derde lid ASV, wordt een subsidieaanvraag ingediend bij het college van de gemeente Gorinchem, uiterlijk voor aanvang van de activiteit en vóór sluiting van de periode, de aanvraagperiodes zijn:

  • a.

    1 juli 2026 tot en met 31 augustus 2026

  • b.

    1 januari 2027 tot en met 15 februari 2027

  • c.

    1 september 2027 tot 15 oktober 2027

  • d.

    1 maart 2028 tot en met 15 april 2028

Hoofdstuk 4 Beoordeling subsidieaanvraag

Artikel 11. Beoordelingscriteria

  • 1. Complete en tijdig ingediende subsidieaanvragen die voldoen aan de voorwaarden uit artikel 3 en 4 worden inhoudelijk beoordeeld op de volgende doelstellingen:

    • a.

      bijdrage van energieproject aan de RES-doelstelling;

    • b.

      langdurige positieve impact op de ecologische en landschappelijke kwaliteit;

    • c.

      aansluiting op gemeentelijk beleid van de gemeente waar de activiteit(en) plaatsvindt;

  • 2. Per doelstelling kunnen de volgende punten worden behaald:

    • a.

      maximaal 20 punten voor doelstelling a;

    • b.

      maximaal 10 punten voor doelstelling b;

    • c.

      maximaal 10 punten voor doelstelling c;

  • 3. De beoordeling van de doelstellingen wordt uitgevoerd op basis van de beoordelingsmatrix in de bijlage.

  • 4. De maximaal te behalen score bedraagt 40 punten.

  • 5. Alleen aanvragen die tenminste 27 punten behalen worden in de rangschikking meegenomen.

Artikel 12. Beslistermijn

Het college beslist, in afwijking van artikel 8 ASV, uiterlijk binnen 13 weken na sluiting aanvraagperiode zoals benoemd in artikel 8.

Artikel 13. Adviescommissie

De besluitvorming op de aanvragen op grond van deze subsidieregeling geschiedt volgens de volgende procedure:

  • a.

    Het college stelt instructies vast voor de samenstelling en werkwijze van een onafhankelijke adviescommissie.

  • b.

    Het college stelt een onafhankelijk adviescommissie in, bestaande uit vijf personen, waarvan er minimaal drie in wisselende samenstelling deelnemen.

  • c.

    Leden van de adviescommissie nemen niet deel aan de beoordeling van aanvragen waarbij sprake is van (mogelijke) belangenverstrengeling.

  • d.

    De adviescommissie beoordeelt alle aanvragen die tijdig en volledig zijn aan de hand van in artikel 11 vastgestelde beoordelingscriteria.

  • e.

    De adviescommissie brengt een gemotiveerd advies uit aan het college over de rangschikking van de subsidieaanvragen. Het college besluit over verlening of weigering van de aangevraagde subsidie.

Artikel 14. Verplichtingen subsidieontvanger

In aanvulling op artikel 11 en 12 van de ASV dient de subsidieontvanger te voldoen aan de volgende verplichtingen, de subsidieontvanger:

  • a.

    levert een halfjaarlijks inhoudelijk verslag aan met eventuele afwijkingen ten opzichte van de aanvraag uitgelegd;

  • b.

    levert een halfjaarlijks financieel verslag aan met eventuele afwijkingen ten opzichte van de aanvraag uitgelegd;

  • c.

    voert de activiteiten binnen drie jaar na verlening uit.

Artikel 15 Weigeringsgronden

De subsidie wordt, naast de weigeringsgronden genoemd in artikel 4:25, tweede lid, artikel 4:35 Awb, en artikel 9 van de ASV geweigerd als:

  • a.

    De subsidieaanvraag niet minimaal 27 punten behaalt van de score zoals bedoeld in artikel 11 van deze subsidieregeling.

  • b.

    De subsidieaanvraag op één of meer van de doelstellingen onder a, b of c, een onvoldoende heeft gescoord op basis van de beoordelingsmatrix.

Hoofdstuk 5 Vaststelling subsidie

Artikel 16. Verzoek tot subsidievaststelling

  • 1. Conform artikel 14 lid 1 sub b ASV wordt een subsidie tot en met €5.000 ambtshalve vastgesteld, ten behoeve van artikel 14 lid 2 ASV dient de subsidieontvanger binnen 8 weken na afloop van de activiteit de volgende documenten in:

    • a.

      een kort inhoudelijk verslag;

    • b.

      een foto van de uitgevoerde maatregel(en).

  • 2. Het verzoek tot subsidievaststelling van een subsidie meer dan €5.000 bevat, naast de in artikelen 15 en 16 ASV genoemde gegevens, foto’s van de uitgevoerde maatregel(en).

Artikel 17. Bevoorschotting en betaling in gedeelten

Het college kan een voorschot verlenen tot maximaal 80% van het verleende bedrag.

Hoofdstuk 6 Hardheidsclausule, overgangs- en slotbepalingen

Artikel 18. Hardheidsclausule

Het college kan, in bijzondere gevallen, een of meerdere artikelen van deze regeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, met uitzondering van de artikelen 2 tot en met 9 en 11 indien onverkorte toepassing ervan gelet op het belang van de aanvrager leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. De reden voor het toepassen van dit artikel wordt gemotiveerd in het besluit.

Artikel 19. Overgangs- en slotbepalingen

  • 1. Deze subsidieregeling treedt in werking na bekendmaking

  • 2. Deze subsidieregeling vervalt op 31 december 2028.

  • 3. Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Kwaliteitsbudget Ecologie en Landschapskwaliteit bij Energieprojecten RES Alblasserwaard 2026 – 2028.

Ondertekening

Bijlage 1: Beoordelingsmatrix

Beoordeling

Toelichting

Punten

Goed

In de aanvraag wordt de haalbaarheid van de doelstelling goed onderbouwd. Hetgeen blijkt uit het dekkingsplan, de begroting en de planning.

100%

Voldoende

In de aanvraag wordt de haalbaarheid van de doelstelling voldoende onderbouwd. Hetgeen blijkt uit het dekkingsplan, de begroting en de planning.

70%

Onvoldoende

In de aanvraag wordt de haalbaarheid van de doelstelling onvoldoende onderbouwd. Hetgeen blijkt uit het dekkingsplan, de begroting en de planning.

30%