Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762715
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762715/1
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Huizen 2026
Geldend van 12-06-2026 t/m heden
Intitulé
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Huizen 2026De raad van de gemeente Huizen,
gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 98, 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, artikel 3.1.4a, eerste lid, 3.1.9, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3 tweede lid, 3.3.8, 3.4.1, eerste lid en 3.4.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers,
gelezen het voorstel van de griffier d.d. 15 april 2026 en het advies van de commissie Algemeen Bestuur en Middelen d.d. 21 mei 2026
besluit:
de volgende verordening vast te stellen:
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Huizen 2026
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
- a.
commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is, benoemd is als lijstopvolger en als (plaatsvervangend) lid van de betreffende commissie en niet tevens ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd;
- b.
griffier: de raadsgriffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;
- c.
raadslid: lid van de gemeenteraad;
- d.
reguliere raadscommissie: de raadscommissie ingesteld op grond van artikel 82 Gemeentewet die voorafgaand aan elke reguliere raadsvergadering vergadert;
- e.
reguliere raadsvergadering: de raadsvergadering opgenomen in het jaarlijks door de raad vastgestelde vergaderschema.
- f.
voorzitter: de voorzitter of zijn plaatsvervanger bij daadwerkelijke vervanging
Artikel 2. Toelages raadsleden
-
1. Een raadslid dat voorzitter is van een reguliere raadscommissie ontvangt een maandelijkse toelage van €153,33 zolang de commissie actief is.
-
2. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet ontvangt een maandelijkse toelage van € 424,581 zolang de commissie actief is.
-
3. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ontvangt een maandelijkse toelage van € 153,33 zolang de commissie actief is.
Artikel 3. Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden) i.v.m. bijzondere deskundigheid of zwaarte taak
-
1. Vanwege de bijzondere beroepsmatige deskundigheid op het taakgebied van de commissie en/of de zwaarte van zijn taak en/of de omvang van de door hem te verrichten arbeid, ontvangt:
- a.
de voorzitter van de commissie bezwaarschriften als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht, een vergoeding van €297,71 per bijgewoonde vergadering;
- b.
een lid van de commissie bezwaarschriften als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht, een vergoeding van €222,92 per bijgewoonde vergadering;
- a.
-
2. Het bepaalde in dit artikel is niet van toepassing op de vergoeding aan de leden van de commissie ruimtelijke kwaliteit, waarvoor bij afzonderlijke verordening een regeling wordt getroffen.
Artikel 4. Niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raadsleden en commissieleden
-
1. De raad stelt jaarlijks een budget beschikbaar voor niet-partijpolitiek georiënteerde scholing als bedoeld in artikel 3.3.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Niet-partijpolitiek georiënteerde scholing wordt zoveel mogelijk van gemeentewege collectief aangeboden.
-
3. Een raads- of commissielid dat een vergoeding wil ontvangen in verband met het deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing dient daarvoor vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. Bij dit verzoek worden documenten met de benodigde inhoudelijke informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis kunnen worden betaald.
-
4. De maximale vergoeding voor de scholing bedraagt € 2.000 per raadslid/commissielid per raadsperiode. De maximale vergoeding is afhankelijk van het jaarlijks beschikbare budget, minus het budget dat gebruikt wordt voor scholing zoals bedoeld in lid 2.
-
5. Bij twijfel of een aanvraag voor vergoeding in aanmerking komt en/of over de hoogte van de toe te kennen vergoeding, beslist het presidium.
Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen
-
1. De informatie- en communicatievoorzieningen, zoals bedoeld in artikel 3.3.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, worden aan het raads- of commissielid door het college beschikbaar gesteld op basis van een bruikleenovereenkomst.
-
2. Een raadslid of commissielid is bij beëindiging van zijn functie gehouden de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen weer in te leveren bij de gemeente, voor zover de beëindiging plaatsvindt gedurende de zittingstermijn van de gemeenteraad. De afschrijvingstermijn van de informatie- en communicatievoorzieningen is gelijk aan de zittingstermijn van de gemeenteraad. Na afloop van de zittingstermijn hoeven de informatie- en communicatiemiddelen niet ingeleverd te worden.
Artikel 6. Betaling vaste vergoedingen commissieleden
-
1. De betaling aan commissieleden van de vergoeding per bijgewoonde vergadering, zoals bedoeld in artikel 3.4.1 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, vindt zo spoedig mogelijk na afloop van de bijgewoonde vergadering plaats.
Artikel 7. Betaling en declaratie van onkosten
-
1. Tenzij in deze verordening of in het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers anders is bepaald, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur of een door het raadslid of lijstopvolger ingediend declaratieformulier.
-
2. Een verzoek om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken, waaronder een betalingsbewijs. Deze worden ingediend bij de griffier.
-
3. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen een maand na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 8. Slotbepalingen
-
1. Deze verordening wordt aangehaald als de “Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Huizen 2026” en treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van het Gemeenteblad waarin deze regeling wordt geplaatst.
-
2. De Verordening rechtspositie Raads- en commissieleden Huizen 2019 wordt ingetrokken.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Huizen, 3 juni 2026
De griffier,
De voorzitter,
Toelichting Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Huizen 2026
In deze verordening staan alleen regels over de rechtspositie van raadsleden en leden van gemeentelijke commissies in het geval zij niet al hiertoe worden verplicht door hogere wet- en regelgeving. Dit volgt uit de Gemeentewet, het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers. Afwijken van deze wet- en regelgeving middels een eigen verordening is niet toegestaan.
In artikel 99 Gemeentewet is bepaald dat ’buiten hetgeen hen bij of krachtens de wet is toegekend’, de leden van de raad en/of een door de raad ingestelde commissie (in de zin van artikel 82, 83 of 84 Gemeentewet) als zodanig geen andere vergoedingen en tegemoetkomingen ten laste van de gemeente ontvangen. Deze verordening vormt een (verdere) uitwerking van de bij of krachtens de wet toegekende vergoedingen en tegemoetkomingen.
Het ministerie van BZK publiceert jaarlijks circulaires waarin artikelen uit het Rechtspositie-besluit en de onderliggende Regeling wijzigen. Deze wijzigingen kunnen van invloed zijn op de gemeentelijke verordening.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl