Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762705
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762705/1
Coffeeshopbeleid gemeente Wageningen 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-07-2026
Intitulé
Coffeeshopbeleid gemeente Wageningen 2026De burgemeester van Wageningen;
overwegende dat;
gelet op artikel 174 Gemeentewet, 13b Opiumwet en artikel 4:81 e.v. van de Algemene wet bestuursrecht en de Aanwijzing Opiumwet;
Besluit:
Vast te stellen het: Coffeeshopbeleid gemeente Wageningen 2026
Artikel 1. Coffeeshops
-
1. Een coffeeshop is een openbare inrichting in de zin van artikel 2:27 APV Wageningen waar cannabis (softdrugs) wordt verstrekt.
Artikel 2. Maximumstelsel en uitsterfbeleid
-
1. In Wageningen worden maximaal twee gedoogverklaringen verstrekt, tenzij een geval als bedoeld in lid 3 van dit artikel zich voordoet.
-
2. Op het moment van vaststellen van dit beleid zijn er in Wageningen drie gedoogverklaringen verstrekt op grond waarvan er drie coffeeshops worden geëxploiteerd. In Wageningen geldt een uitsterfbeleid. Dit uitsterfbeleid houdt in dat:
- a)
indien de huidige vergunninghouder van de coffeeshop gevestigd aan de Gerdesstraat 2A de exploitatie stopt, er geen derde gedoogverklaring wordt verstrekt.
- b)
indien de vergunninghouder van een van de andere twee coffeeshops de exploitatie stopt, dan wordt enkel een derde gedoogverklaring verstrekt aan een nieuwe exploitant, wanneer deze zich vestigt op hetzelfde adres en uiterlijk binnen één maand na beëindiging van de exploitatie door de vorige vergunninghouder, een exploitatievergunning en gedoogverklaring aanvraagt. Indien de exploitatie wordt gestopt als gevolg van overlijden van de vergunninghouder, dan bedraagt voornoemde termijn twee maanden.
- a)
-
3. In andere gevallen dan genoemd in lid 2 onder b) van dit artikel, wordt geen derde gedoogverklaring verstrekt en valt er pas ruimte vrij in het maximumstelsel van twee coffeeshops, wanneer er nog één gedoogverklaring actief is op grond waarvan een coffeeshop wordt geëxploiteerd.
Artikel 3. Gedoogverklaring
-
1. De exploitatie van een coffeeshop wordt enkel gedoogd jegens de persoon aan wie een gedoogverklaring is verstrekt, voor zolang en voor zover aan de gedoogvoorwaarden uit de gedoogverklaring wordt voldaan.
-
2. Zonder geldige exploitatievergunning wordt geen gedoogverklaring afgegeven.
-
3. De gedoogverklaring is persoonsgebonden, locatiegebonden, niet overdraagbaar en is persoonlijk in de zin van artikel 1:5 APV.
-
4. Aan de gedoogverklaring worden nadere voorwaarden verbonden, waaronder ten minste de AHOGJ(I)+--criteria. Ook aanvullende voorwaarden kunnen worden verbonden aan de gedoogverklaring, zoals voorwaarden gericht op omgevingsbeheer (overlast), beveiliging, administratieve verantwoording en op medewerking aan het verlenen van informatie over risico’s van middelengebruik.
-
5. De AHOGJ(I)+--criteria genoemd in het vierde lid zijn:
- –
A: Geen affichering; reclame, anders dan een aanduiding op de betreffende lokaliteit, is verboden.
- –
H: Geen verkoop van harddrugs; coffeeshops mogen geen harddrugs verkopen en/of voorhanden hebben;
- –
O: Geen overlast; coffeeshops mogen geen overlast veroorzaken (onder overlast wordt in ieder geval verstaan geluidsoverlast, parkeeroverlast, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshop rondhangende bezoekers);
- –
G: Geen verkoop van grote hoeveelheden; coffeeshops mogen niet meer dan 5 gram cannabis per transactie verkopen en niet meer dan 500 gram cannabis in voorraad hebben;
- –
J: Geen verkoop aan jeugdigen; coffeeshops mogen geen niet verkopen aan personen onder de 18 jaar;
- –
(I: Geen verkoop aan anderen dan ingezetenen van Nederland)*.
* Op dit I-criterium wordt op het moment van bekendmaking van deze beleidsregels niet gehandhaafd, zie toelichting.
- –
+: Geen alcohol; coffeeshops zijn altijd alcoholvrije openbare inrichtingen. In een coffeeshop mag geen alcohol worden verstrekt.
- –
–: Softdrugs niet zijnde cannabisproducten zijn niet toegestaan in coffeeshops (bijvoorbeeld qat of hallucinogene paddo’s).
- –
-
6. De aanvullende criteria genoemd in het vierde lid zijn in ieder geval:
- –
De inrichting moet een open en transparant karakter hebben en vanaf de straat te overzien zijn. Dit betekent dat door de ramen van de inrichting naar binnen gekeken moet kunnen worden.
- –
In de inrichting moet voorlichtingsmateriaal aanwezig zijn over de effecten en risico’s van cannabisgebruik en over verslavingszorg.
- –
De coffeeshop mag geen terras hebben. Dit verbod is aanvullend op de affichering uit de AHOJGI-criteria.
- –
Loketverkoop vanuit de coffeeshop – aan de buitenzijde van het pand – en ‘bezorgservice’ vanuit de coffeeshop zijn niet toegestaan.
- –
-
7. De volgende weigeringsgronden zijn van toepassing, een gedoogverklaring wordt geweigerd indien en/of:
- a)
Het maximaal aantal af te geven gedoogverklaringen is verleend;
- b)
De aanvrager niet in aanmerking komt voor de verkrijging van een exploitatievergunning;
- c)
De aanvraag niet voldoet aan de indieningsvereisten van artikel 4;
- d)
De aanvraag niet voldoet aan de locatiecriteria van artikel 5;
- e)
Aan de aanvrager is reeds een gedoogverklaring is verleend.
- a)
Artikel 4. Indieningsvereisten aanvraag gedoogverklaring
-
1. De aanvrager dient de gedoogverklaring aan te vragen onder overlegging van in ieder geval de volgende gegevens:
- a)
De personalia van de aanvrager tevens ondernemer en de naam, het woonadres en de geboortedatum van de ondernemer en de leidinggevenden en een kopie van een identiteitsbewijs, zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht, evenals een uittreksel uit de Basisregistratie Personen. Ondernemer en leidinggevenden zijn minimaal 21 jaar;
- b)
De indieningsvereisten aanvraag exploitatievergunning met alle bijbehorende bijlagen;
- c)
Het Ondernemingsplan waarin ten minste beschreven staat:
- o
Een uitgebreide motivatie om een coffeeshop te exploiteren;
- o
Het bedrijfsconcept, de omvang van de totale inrichting, blijkend uit een voorlopig ontwerp. In deze omschrijving moet ook de gekozen locatie worden toegelicht (adres en kadastrale gegevens van de beoogde locatie en het bewijs dat de aanvrager kan beschikken over de beoogde locatie voor de coffeeshop);
- o
Een beschrijving van het aanbod van producten in de coffeeshop;
- o
De persoonsgegevens van en bewijsstukken over de kennis en ervaring in de coffeeshopbranche van de aanvrager;
- o
De financiële haalbaarheid van de exploitatie. Duidelijk moet zijn welk bedrag met de totale investering voor de beoogde exploitatie van de coffeeshop is gemoeid. Er is bewijs dat dit met voldoende zekerheden is afgedekt met een externe financiering, dan wel uit eigen middelen;
- o
- d)
Het Plan ‘AHOJG(I)+- en aanvullende criteria’ waarin tenminste beschreven staat en schriftelijk is toegelicht:
- o
Op welke manier en met welke concrete maatregelen de aanvrager gaat voorzien in de naleving van de AHOJG(I)-criteria en de aanvullende criteria en hoe deze bijdragen aan de doelstellingen uit het coffeeshopbeleid;
- o
Een bereikbaarheids- en parkeeranalyse van de te vestigen en/of bestaande coffeeshop en hoe verkeers- en parkeeroverlast te voorkomen;
- o
De vertaling van het bovenstaande naar huisregels (voor zover mogelijk) en hoe deze te handhaven.
- o
- e)
Het Preventieplan verslaving waarin ten minste beschreven staat wat de aanvrager gaat doen om risicovol en problematisch gebruik en verslaving te voorkomen en te bestrijden. Hierbij moeten de volgende aspecten aan bod komen;
- o
De legitimatieplicht van bezoekers en de minimale leeftijd van 18 jaar;
- o
De monitoring van het gebruik door bezoekers;
- o
De wijze waarop het personeel wordt opgeleid en getraind in het bij personen signaleren van het ontwikkelen van verslaving en het omgaan met agressie;
- o
Het ontwikkelen van communicatievaardigheden voor de omgang met mensen met beginnende verschijnselen van verslaving;
- o
De wijze waarop bezoekers (online en fysiek) voorlichtingsmateriaal in de coffeeshop over verslaving kunnen verkrijgen;
- o
De communicatie met verslavingszorg ter voorkoming en bestrijding van verslaving;
- o
De wijze waarop vorm wordt gegeven aan het periodiek afstemmen met verslavingszorg om de kennis en vaardigheden van personeel op het gebied van verslaving te actualiseren;
- o
- f)
Het Communicatieplan waarin tenminste beschreven staat op welke manier de aanvrager zelf in contact treedt dan wel benaderbaar is voor gemeente, omwonenden, omliggende bedrijven etc. over mogelijke zorgen en klachten die verband houden met de exploitatie van de coffeeshop.
- a)
Artikel 5. Locatiecriteria
-
1. Een gedoogverklaring wordt enkel afgegeven aan coffeeshops die zijn of worden gevestigd binnen het centrumgebied van Wageningen, als bedoeld in artikel 1:1 APV Wageningen.
-
2. Voor de exploitatie van een coffeeshop op de locatie aan de Gerdesstraat 2A te Wageningen wordt geen nieuwe gedoogverklaring verstrekt.
-
3. Coffeeshops mogen niet gelegen zijn binnen een afstand van 350 meter van scholen voor voortgezet onderwijs of middelbaar onderwijs voor scholieren jonger dan 18 jaar. Het afstandscriterium geldt over de kortste loopafstand over de openbare weg tussen de hoofdingang van de coffeeshop en de hoofdingang van de school. Coffeeshops mogen zich niet in de directe nabijheid en/of in het zicht van basisscholen vestigen.
Artikel 6. Wisseling, zeggenschap en overname
-
1. Indien degene aan wie de gedoogverklaring is verstrekt de exploitatie van de coffeeshop beëindigt, vervalt de gedoogverklaring van rechtswege.
-
2. Indien de gedoogverklaring in het verleden is verleend aan een rechtspersoon, dan vervalt de gedoogverklaring van rechtswege zodra de zeggenschap in deze rechtspersoon wijzigt.
-
3. Indien degene aan wie de gedoogverklaring is verstrekt, de rechtspersoon/ondernemingsvorm wijzigt, dan is diegene verplicht dit onmiddellijk te melden aan de burgemeester en een uittreksel van de Kamer van Koophandel van de nieuwe ondernemingsvorm te verstrekken.
-
4. In geval van overlijden van degene aan wie de gedoogverklaring is verstrekt, vervalt de gedoogverklaring van rechtswege twee maanden na overlijden. Is de gedoogverklaring aan meerdere natuurlijke personen verstrekt, dan vervalt de gedoogverklaring van rechtswege twee maanden nadat alle personen aan wie de gedoogverklaring is verstrekt, zijn overleden.
Artikel 7. Handhaving
Coffeeshops worden jaarlijks (één of meerdere malen) gecontroleerd, zowel regulier als naar aanleiding van signalen, meldingen of eerder geconstateerde overtredingen. Het aantal reguliere controles is voor iedere coffeeshop gelijk. Naar aanleiding van signalen, meldingen of eerder geconstateerde overtredingen kunnen aanvullende controles bij één of meerdere coffeeshops plaatsvinden. Tegen overtredingen van de gedoogcriteria uit dit coffeeshopbeleid wordt handhavend opgetreden conform het handhavingsarrangement in bijlage 1.
Artikel 8. Slotbepalingen
-
1. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2026.
-
2. Gelijktijdig met de inwerkingtreding van dit besluit wordt ‘Het horeca-exploitatiestelsel en het coffeeshopbeleid gemeente Wageningen’, geldend vanaf 16 november 2000, ingetrokken.
-
3. Gegeven waarschuwingen en eerdere constateringen onder de werking van de vorige beleidsregels worden aangemerkt als te zijn afgegeven respectievelijk te hebben plaatsgevonden onder deze beleidsregels. Dat betekent concreet onder meer dat dergelijke eerdere waarschuwingen en geconstateerde overtredingen aanleiding kunnen geven om over te gaan tot de volgende stap in de handhavingsmatrix van bijlage 1 bij dit besluit.
-
4. Dit besluit wordt aangehaald als “Coffeeshopbeleid gemeente Wageningen 2026”.
Ondertekening
Aldus vastgesteld door de burgemeester van de gemeente Wageningen op 31 mei 2026.
F. Vermeulen,
Burgemeester van Wageningen
Bijlage 1 Handhavingsarrangement
|
Feit |
Maatregel |
|
Reclame maken / Niet toegestane vorm van Affichering door de coffeeshop (AHOJGI-criterium). |
1ste constatering: Last onder dwangsom €2.500-€5.000 per geconstateerde overtreding met een maximum van 3 overtredingen. Eerstvolgende constatering na maximum verbeuring last onder dwangsom: Sluiting voor drie maanden 3e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Verkoop, aflevering of verstrekking (dan wel aanwezigheid daartoe) van Harddrugs in de coffeeshop (AHOJGI-criterium). |
1ste constatering: Intrekken gedoogverklaring en sluiting pand conform art. 13b Opiumwet. |
|
Overlast door de coffeeshop; parkeeroverlast rond de coffeeshop, geluidhinder, vervuiling en/of voor of nabij de coffeeshop rondhangende klanten (AHOJGI-criterium). |
Overlast kan zich in verschillende mate en verschillende verschijningsvormen voordoen. Voor dit feit wordt daarom niet op voorhand een uitgangspunt geformuleerd voor de op te leggen handhavingsmaatregel. Per voorkomend geval zal worden beoordeeld welke handhavingsmaatregel passend is. |
|
Verkoop aan een Jeugdige (= persoon jonger dan 18 jaar) (AHOJGI-criterium). |
1ste constatering: sluiting voor drie maanden. 2e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Feit |
Maatregel |
|
Verkoop van een Grote hoeveelheid softdrugs "categorie 1"; d.w.z. meer dan 5 gram per persoon per dag, maar minder dan 50 gram (AHOJGI-criterium). |
1ste constatering: bestuurlijke waarschuwing. 2e constatering: sluiting voor drie maanden. 3e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Verkoop van een Grote hoeveelheid softdrugs "categorie 2"; d.w.z. meer dan 50 gram per persoon per dag, maar minder dan 3 kilo (AHOJGI-criterium). |
1ste constatering: sluiting voor drie maanden. 2e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Verkoop van een Grote hoeveelheid softdrugs "categorie 3"; d.w.z. meer dan 3 kilo per persoon per dag (AHOJGI-criterium). |
1ste constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Verkoop aan een niet-Ingezetene van Nederland in de coffeeshop (AHOJGI-criterium).* * Bij bekendmaking van deze beleidsregels wordt niet gehandhaafd op dit criterium. Hierop wordt pas gehandhaafd, nadat de coffeeshop vooraf schriftelijk door de burgemeester op de hoogte is gesteld dat voortaan op dit criterium gehandhaafd gaat worden. |
1ste constatering: bestuurlijke waarschuwing 2e constatering: sluiting voor drie maanden 3e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Handelshoe- veelheid >500 gram |
1ste constatering |
2e constatering |
3e constatering |
4e constatering |
|
Vanaf 500 gram tot 2 kilo |
Bestuurlijke waarschuwing |
3 maanden sluiting |
6 maanden sluiting |
Intrekken gedoogverklaring en sluiting conform Damoclesbeleid Wageningen |
|
2 kilo tot 10 kilo |
3 maanden sluiting |
6 maanden sluiting |
Intrekken gedoogverklaring en sluiting conform Damoclesbeleid Wageningen |
|
|
10 kilo tot 20 kilo |
6 maanden sluiting |
12 maanden sluiting |
Intrekken gedoogverklaring en sluiting conform Damoclesbeleid Wageningen |
|
|
20 kilo tot 40 kilo |
12 maanden sluiting |
Intrekken gedoogverklaring en sluiting conform Damoclesbeleid Wageningen |
|
|
|
40 kilo of meer |
Intrekken gedoogverklaring en sluiting conform Damoclesbeleid Wageningen |
|
|
|
|
Feit |
Maatregel |
|
Afwezigheid van de leidinggevende |
1ste constatering: bestuurlijke waarschuwing 2e constatering: Last onder dwangsom Richtlijn €2.500-€10.000 per geconstateerde overtreding met een maximum van 3 overtredingen. Eerstvolgende constatering na maximum verbeuring last onder dwangsom: Sluiting voor drie maanden 3e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
|
Overtreding van een aan de exploitatievergunning of gedoogverklaring verbonden voorschrift, voor zover hiervoor niet reeds benoemd (bijv. overtreding sluitingsuur, verkoop alcohol, geen voorlichting/voorlichtingsmateriaal aanwezig). |
1ste constatering: Last onder dwangsom Richtlijn €2.500-€10.000 per geconstateerde overtreding met een maximum van 3 overtredingen. Eerstvolgende constatering na maximum verbeuring last onder dwangsom: Sluiting voor drie maanden 3e constatering: Intrekken gedoogverklaring |
Toepassing van de handhavingsmatrix coffeeshops
Waarschuwing zelfde feit
Indien er naar aanleiding van een 1ste constatering van een overtreding een bestuurlijke waarschuwing is gegeven en uiterlijk vijf jaar na verzending van de waarschuwingsbrief dezelfde overtreding voor een 2e keer wordt geconstateerd, dan wordt de maatregel opgelegd zoals in de handhavingsmatrix genoemd onder 2e constatering. Is deze termijn van vijf jaar op het moment dat de 2e overtreding wordt geconstateerd verstreken, dan wordt in beginsel volstaan met het geven van een nieuwe bestuurlijke waarschuwing.
Waarschuwing ander feit
Indien een bepaalde overtreding voor de 1ste keer wordt geconstateerd - voor welke overtreding de handhavingsmatrix een bestuurlijke waarschuwing als reactie voorschrijft -, terwijl uiterlijk vijf jaar voor deze constatering aan de coffeeshop een bestuurlijke waarschuwing is verzonden wegens het begaan zijn van een ándere overtreding, dan kan de burgemeester - gelet op de ernst of de aard van de feiten en omstandigheden, of gelet op eerdere door de coffeeshop begane overtredingen in de afgelopen vijf jaar - afzien van het geven van een bestuurlijke waarschuwing en direct de bestuurlijke maatregel opleggen zoals in de handhavingstabel genoemd onder 2e constatering.
Samenloop van overtredingen
Wanneer meerdere overtredingen – tegelijkertijd of elkaar in korte tijd opvolgend - begaan worden kan in concrete gevallen besloten worden om maatregelen gecombineerd op te leggen (bijvoorbeeld een tijdelijke sluiting en een last onder dwangsom) om een overtreding te beëindigen en beëindigd te houden.
Last onder dwangsom
De genoemde bedragen zijn een richtlijn. De hoogte van de last onder dwangsom wordt onder meer bepaald door de duur en de ernst van de overtreding en het gewicht dat de burgemeester aan de overtreding toekent. Tevens dient een last onder dwangsom een voldoende financiële prikkel te zijn zodat de overtreding wordt beëindigd en beëindigd gehouden. De burgemeester kan daarom altijd afwijken van bovengenoemde bedragen.
Afwijkingsbevoegdheid
De burgemeester beschikt bij zijn bevoegdheidstoepassing in het kader van de handhaving over beoordelingsvrijheid. Indien bijzondere omstandigheden aanleiding geven om af te wijken van dit beleid, dan dient de burgemeester zijn inherente afwijkingsbevoegdheid op grond van artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht toe te passen. De stappen in het handhavingsarrangement gelden daarbij te allen tijde als uitgangspunt.
Als de feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven, kan de burgemeester afwijken van deze uitgangspunten. Zo kan worden besloten om een stap uit het handhavingsarrangement over te slaan en niet eerst te waarschuwen, terwijl dit wel in het stappenplan is opgenomen, maar meteen tot een maatregel (bijvoorbeeld een last onder dwangsom) over te gaan. Bijvoorbeeld indien verschillende overtredingen worden geconstateerd – tegelijkertijd of elkaar in korte tijd opvolgend begaan – of wanneer de aard, ernst en omvang van de overtreding(en) hiertoe aanleiding geven. Tevens kan in een voorkomend geval, afhankelijk van de aard, ernst en omvang van de overtreding een tussenstap (of herhaling van een stap) gelden. Tot slot kan worden besloten om wegens bijzondere omstandigheden juist een lichtere maatregel te treffen dan het handhavingsarrangement voorschrijft.
Toelichting coffeeshopbeleid gemeente Wageningen 2026
Coffeeshops zijn plekken waar drugs, namelijk cannabis, worden verhandeld. De Opiumwet verbiedt dit; deze wet verbiedt namelijk (onder meer) de verkoop en het bezit van cannabis. De Opiumwet heeft ook aan de burgmeester de bevoegdheid verleend om op te treden tegen drugscriminaliteit. Op grond van artikel 13b Opiumwet kan de burgemeester een woning, lokaal of daarbij behorend erf sluiten als daar cannabis wordt verkocht of voor de verkoop aanwezig is. Naast dat de burgemeester op grond van deze bevoegdheid kan optreden tegen drugscriminaliteit, is het Openbaar Ministerie bevoegd om delicten uit de Opiumwet op te sporen en strafrechtelijk te vervolgen. Coffeeshops overtreden de Opiumwet, maar kunnen in Nederland worden gedoogd. Dat wil zeggen dat tegen de gedoogde coffeeshops niet handhavend wordt opgetreden, ondanks het feit dat zij de Opiumwet overtreden. Het Openbaar Ministerie heeft in de Aanwijzing Opiumwet voorwaarden gesteld waaronder zij coffeeshops gedoogt. Zolang coffeeshops zich aan de daarin genoemde voorwaarden houden, dan worden zij niet strafrechtelijk vervolgd. In deze beleidsregels staan de voorwaarden opgenomen waaronder de burgemeester aan coffeeshops een gedoogverklaring kan verlenen. Coffeeshops in de gemeente Wageningen worden enkel gedoogd als zij beschikken over een door de burgemeester verleende geldige gedoogverklaring. Zolang zij zich aan de voorwaarden houden die zijn opgenomen in de gedoogverklaring, dan zal de burgemeester van Wageningen niet handhavend optreden tegen de coffeeshop door gebruikmaking van zijn bevoegdheid op grond van artikel 13b Opiumwet. In deze beleidsregels zijn de voorwaarden gesteld waaronder een coffeeshop in Wageningen wordt gedoogd. Verder is een handhavingsarrangement opgenomen, waarin staat vermeld welke uitgangspunten de burgemeester hanteert bij de handhaving jegens coffeeshops die de voorwaarden uit de gedoogverklaring of andere geldende voorschriften overtreden.
Toelichting maximumstelsel en uitsterfbeleid
In de gemeente Wageningen geldt een maximumstelsel van twee coffeeshops. Bij de inwerkingtreding van deze beleidsregels zijn er in de gemeente Wageningen drie gedoogverklaringen afgegeven voor onbepaalde tijd op grond waarvan er drie coffeeshops actief zijn. De drie coffeeshops bevinden zich op het moment van inwerkingtreding van deze beleidsregels in het centrumgebied van Wageningen. Zij voldoen alle drie aan de gestelde voorwaarden om op de betreffende locatie een coffeeshop te mogen exploiteren. De gedoogverklaring is persoonsgebonden. Als er in de toekomst nog maar één gedoogverklaring actief is, wordt er slechts één nieuwe gedoogverklaring afgegeven. Middels het uitsterfbeleid komt het aantal coffeeshops in Wageningen op het gemaximeerde aantal van twee.
Dit coffeeshopbeleid vervangt het voorgaande beleid, genaamd: ‘Het horeca-exploitatiestelsel en het coffeeshopbeleid gemeente Wageningen’. In het voorgaande coffeeshopbeleid was het maximumstelsel en uitsterfbeleid eveneens opgenomen. Bij de inwerkingtreding van het voorgaande beleid was coffeeshop De Bengel nog gevestigd aan de Sportstraat te Wageningen, gelegen buiten het centrumgebied van Wageningen. Op grond van het voorgaande beleid rustte de uitsterfconstructie specifiek op deze coffeeshop. Dit hield in dat, indien deze coffeeshop haar exploitatie zou beëindigen, er geen nieuwe gedoogverklaring zou worden verstrekt en indien één van de andere coffeeshops in het centrum zou stoppen, De Bengel moest verhuizen naar het centrum. In 2022 is aan coffeeshop De Bengel een exploitatievergunning en gedoogverklaring verleend voor de exploitatie van haar coffeeshop op de nieuwe locatie aan de Gerdesstraat 2A in het centrumgebied van Wageningen. In dit traject heeft de exploitant van coffeeshop De Bengel zich bereid gevonden om de sterfhuisconstructie mee te nemen bij de verhuizing naar de Gerdesstraat 2A. Dit is de reden dat in dit coffeeshopbeleid is bepaald dat, indien coffeeshop De Bengel de exploitatie beëindigt, er geen nieuwe derde gedoogverklaring wordt verstrekt, maar in geval een van de andere twee coffeeshops haar exploitatie beëindigt, voor die locatie wel een derde gedoogverklaring kan worden verstrekt. Verder is dit de reden dat er geen nieuwe coffeeshop zich mag vestigen op de locatie alwaar De Bengel nu gevestigd is, ook niet wanneer er nog maar één andere coffeeshop actief is. Dit wordt redelijk geacht, omdat coffeeshop De Bengel de laatste coffeeshop is geweest die zich heeft gevestigd in het centrumgebied van Wageningen, voor haar al geruime tijd duidelijk is dat de uitsterfconstructie op haar rust en zij zich bereid heeft gevonden deze uitsterfconstructie mee te laten verhuizen naar de nieuwe locatie aan de Gerdesstraat 2A te Wageningen. Dit is ook bekend bij de omwonenden van deze coffeeshop, waardoor bij hen het vertrouwen is gewekt dat er geen nieuwe coffeeshop zich op deze locatie vestigt, wanneer De Bengel stopt. Op deze manier blijft het voor de andere twee coffeeshops wel mogelijk om hun bedrijf over te dragen aan een nieuwe exploitant, ook als de twee andere coffeeshops nog actief zijn en dus het beoogde maximumaantal van twee al bereikt is. Uiteraard mits de nieuwe beoogde exploitant aan de voorwaarden voor het verkrijgen van een exploitatievergunning en gedoogverklaring voldoet.
Toelichting AHOGJ(I)+--criteria
Het Openbaar Ministerie is belast met de opsporing en vervolging van personen die delicten uit de Opiumwet begaan. In de Aanwijzing Opiumwet staan de voorwaarden opgenomen, waaronder het Openbaar Ministerie niet tot vervolging van coffeeshops overgaat; dit zijn de zogenaamde AHOGJI-criteria. Deze criteria zijn grotendeels overgenomen in het coffeeshopbeleid van Wageningen. Ten aanzien van het J-criterium en het I-criterium, is enigszins afgeweken van de Aanwijzing Opiumwet. Dat wordt hieronder nader toegelicht.
J-criterium
Volgens het J-criterium uit de Aanwijzing Opiumwet is zowel de verkoop aan- als aanwezigheid van- minderjarigen niet toegestaan. In Wageningen is ervoor gekozen om het J-criterium te beperken, in die zin dat alleen tegen de verkoop aan minderjarigen handhavend wordt opgetreden en niet tegen de louter aanwezigheid van een minderjarige in de coffeeshop. Dit omwille van de volgende redenen: voor de invoering van het rookverbod, was het van belang om minderjarigen volledig uit de coffeeshops te weren. In de coffeeshops werd immers gerookt, zodat het betreden van de coffeeshop al gezondheidsrisico’s met zich meebracht voor minderjarigen (meeroken). Het criterium verhielp ook dat een minderjarige zich in de coffeeshop zou kunnen begeven om daar stiekem, zonder cannabis te kopen, de cannabis te nuttigen, die door een meerderjarige werd aangekocht. Die tijd is voorbij. In coffeeshops mag niet meer gerookt worden, ook niet door meerderjarigen. De Wageningse coffeeshops zijn ook niet meer ingericht om te recreëren in de inrichting. Het belang om tegen de aanwezigheid van een minderjarige in de coffeeshop te handhaven, aanvullend op de handhaving tegen de verkoop aan een minderjarige, is daarmee afgenomen. Daarnaast levert het handhaven op de aanwezigheid van een minderjarige praktische bezwaren op. Om te voorkomen dat een minderjarige de coffeeshop betreedt, zal een leeftijdscheck aan de verkoopbalie niet volstaan. De leeftijdscontrole zal door de coffeeshop bij de ingang van het pand uitgevoerd moeten worden. Dit kan leiden tot wachtrijen buiten op straat, voor de ingang van de coffeeshop, met risico op overlast voor omwonenden tot gevolg. Daarom is ervoor gekozen om het J-criterium te beperken tot enkel de verkoop aan een minderjarigen. Om erop toe te zien dat niet aan een minderjarige wordt verkocht, dient de coffeeshop uiteraard wel de leeftijd van de hele groep personen die zich naar de balie begeeft te controleren en zich te onthouden van verkoop, indien ook maar één iemand van deze groep de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft bereikt.
I-criterium
Zoals blijkt uit de beleidsregels, wordt voorlopig niet op het Ingezetenen-criterium gehandhaafd. Het ingezetenen-criterium is bedoeld om overlast door drugstoerisme te voorkomen. Op het moment van schrijven van dit beleid, zijn er geen signalen dat niet-ingezetenen van Nederland zich naar Wageningen wenden om cannabis te kopen en dit leidt tot overlast of risico op overlast. Wageningen is geen grensgemeente. In het dichtstbijzijnde buurland Duitsland kan cannabis inmiddels legaal worden verkregen. Het risico op drugstoerisme en daarmee gepaard gaande overlast is daardoor ook beperkt. In Wageningen is er daarom voor gekozen om voorlopig niet op het ingezeten-criterium te handhaven. Mocht in de toekomst naar het oordeel van de burgemeester van Wageningen de verkoop aan ingezetenen tot risico’s op overlast of anderszins risico’s van de openbare orde leiden, dan laten de beleidsregels ruimte om alsnog op dit criterium te gaan handhaven. In dat geval worden de Wageningse coffeeshops eerst schriftelijk op de hoogte gesteld van het feit dat voortaan op het ingezetenen-criterium gehandhaafd zal worden, voordat daadwerkelijk handhaving van dit criterium plaatsvindt. Zo krijgen de coffeeshops de tijd om hun bedrijfsvoering hierop aan te passen.
Bevoegdheid Openbaar Ministerie
De beleidsregels beschrijven de voorwaarden waaronder de burgemeester de Wageningse coffeeshops gedoogd (lees: de voorwaarden waaronder niet handhavend wordt opgetreden tegen coffeeshops). Deze bevoegdheid staat in principe los van de bevoegdheid van het Openbaar Ministerie om tot strafrechtelijke vervolging van de coffeeshop over te gaan, indien de gedoogvoorwaarden uit de Aanwijzing Opiumwet worden overtreden. Indien de Wageningse coffeeshops strafrechtelijke vervolging willen voorkomen, dan dienen zij zich onverminderd te houden aan de in de Aanwijzing Opiumwet of anderszins door het Openbaar Ministerie opgelegde gedoogvoorwaarden.
Toelichting zeggenschap
De gedoogverklaring is ‘persoonlijk’. De persoon aan wie de gedoogverklaring wordt verleend, dient aan bepaalde vereisten te voldoen om de gedoogverklaring te kunnen verkrijgen. Zo dient de persoon te beschikken over een exploitatievergunning, waarbij de persoon wordt getoetst op het levensgedrag en wordt beoordeeld in het kader van de Wet bevordering integriteitsbeoordeling door het openbaar bestuur. De vraag of een exploitatievergunning en een gedoogverklaring kan worden verleend, is dus afhankelijk van de persoonlijke eigenschappen van de aanvrager. Om die reden is de gedoogverklaring niet overdraagbaar. Gaat immers een andere persoon (mede) de coffeeshop exploiteren, dan dient opnieuw beoordeeld te worden of deze persoon voldoet aan de kwaliteiten om aanspraak te maken op een gedoogverklaring.
Is de gedoogverklaring aan een rechtspersoon verleend? Dan kan de gedoogverklaring ook niet worden overgedragen door de rechtspersoon over te dragen, bijvoorbeeld door middel van aandelenoverdracht. Voor het begrip 'zeggenschap’ als bedoeld in artikel 4 lid 2 in deze beleidsregels wordt aansluiting gezocht bij de definitie in de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. De zeggenschaphebbende over de rechtspersoon is degene die direct of indirect zeggenschap heeft over de rechtspersoon. Dit betekent dat diegene rechten heeft om mee te beslissen over de rechtspersoon. Dit kunnen meerdere personen zijn. De meest voorkomende zijn:
- –
Aandeelhouders met stemrecht;
- –
Leden van een vereniging met stemrecht;
- –
Bestuurders van een stichting;
- –
De bestuurders van een doelvermogen, als dit doelvermogen de rechtspersoon is;
- –
Feitelijk eigenaren van de onderneming;
Ook indirect zeggenschaphebbende zijn zeggenschaphebbende, dit zijn natuurlijke personen die in een indirecte relatie staat tot de onderneming. Bijvoorbeeld wanneer de coffeeshop door een BV wordt geëxploiteerd en de aandeelhouder van de BV is ook een BV is, dan is de aandeelhouder van die laatste BV (de aandeelhouder van de aandeelhouder) indirect zeggenschaphebbende.
Als de zeggenschap in de rechtspersoon wijzigt, dan vervalt de gedoogverklaring. Dit heeft grote gevolgen voor de coffeeshop. Vanaf dat moment wordt de exploitatie van de coffeeshop immers niet langer gedoogd. Het is vanaf dat moment dus niet meer mogelijk om de coffeeshop te exploiteren. Wordt de exploitatie voortgezet zonder geldige gedoogverklaring, dan kan de burgemeester immers gebruik maken van zijn bevoegdheden om de inrichting te sluiten. Het is geen zekerheid dat aanspraak gemaakt kan worden op een nieuwe gedoogverklaring. Bij beoogde veranderingen in de rechtspersoon, is het daarom verstandig om vooraf te controleren of de zeggenschap door deze verandering wijzigt. Indien dat het geval is, dan doen de personen die beogen de exploitatie voort te zetten er verstandig aan om te controleren of een nieuwe gedoogverklaring en exploitatievergunning kan worden verkregen. Zo kan voorkomen worden dat onbedoeld de gedoogverklaring komt te vervallen als gevolg van de wijziging.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl