Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762593
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762593/1
Beleidsregels giften en kostenbesparende bijdragen Participatiewet Rotterdam 2026
Geldend van 11-06-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026
Intitulé
Beleidsregels giften en kostenbesparende bijdragen Participatiewet Rotterdam 2026De concerndirecteur van het cluster Werk en Inkomen,
gelezen het voorstel van afdeling C&O, d.d. 15 april 2026;
gelet op de artikelen 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 18, achtste* lid en 31, tweede lid, van de Participatiewet;
overwegende, dat het in verband met de inwerkingtreding van de Participatiewet in balans wenselijks is nieuwe beleidsregels rondom giften en kostenbesparende bijdragen vast te stellen;
besluit:
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
- -
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam;
- -
gezin: gezin als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel c, van de wet;
- -
gift: verstrekking van geld door een niet in de bijstand begrepen persoon of instelling aan een bijstandsgerechtigde of leden van diens gezin zonder dat daar een tegenprestatie tegenover staat;
- -
grensbedrag: bedrag, genoemd in artikel 31, tweede lid, onderdeel m, van de wet;
- -
kostenbesparende bijdrage: bijdrage als bedoeld in artikel 18, achtste* lid, van de wet;
- -
wet: Participatiewet.
Artikel 2 Toepassing grensbedrag
De door de bijstandsgerechtigde of leden van diens gezin ontvangen giften of kostenbesparende bijdragen hebben geen gevolgen voor de hoogte van de uitkering dan wel de bijstandsnorm, voor zover deze in het betreffende kalenderjaar tezamen minder bedragen dan het grensbedrag.
Artikel 3 Gevolgen van giften
-
1. Giften afkomstig van het Fonds Bijzondere Noden Rotterdam, het Fonds de Loods of het Noodhulpfonds worden verantwoord geacht en niet in aanmerking genomen voor de uitkering.
-
2. Als door de ontvangst van een gift sprake is van een overschrijding van het grensbedrag, wordt de gift voor het meerdere boven het grensbedrag in aanmerking genomen als inkomsten.
Artikel 4 Gevolgen van kostenbesparende bijdragen
-
1. Onder kostenbesparende bijdragen vallen in ieder geval:
- a.
een gehele of gedeeltelijke betaling door een niet in de bijstand begrepen persoon of instelling van de kosten van gas, elektriciteit, water of zorgpremie van de belanghebbende of leden van diens gezin aan de leverancier dan wel zorgverzekeraar;
- b.
door een niet in de bijstand begrepen persoon of een instelling verstrekte boodschappen in natura ten behoeve van de belanghebbende of leden van diens gezin, zonder dat daar een tegenprestatie tegenover staat, niet zijnde ontbijt in het kader van het Programma Schoolmaaltijden of boodschappenkaarten van het Rode Kruis.
- a.
-
2. De omvang van een kostenbesparende bijdrage in de vorm van een gehele of gedeeltelijke betaling door een niet in de bijstand begrepen persoon of instelling van in ieder geval de kosten van gas, elektriciteit, water of zorgpremie van de belanghebbende of leden van diens gezin aan de leverancier dan wel zorgverzekeraar, wordt bepaald aan de hand van het door belanghebbende bespaarde bedrag.
-
3. Een kostenbesparende bijdrage in de vorm van boodschappen in natura wordt in aanmerking genomen, als:
- a.
die ontvangst in meer dan één maand plaatsvindt; en
- b.
deze leidt tot een substantiële kostenbesparing.
- a.
-
4. Van een substantiële kostenbesparing is sprake als door de ontvangst van boodschappen in natura in een maand minder is uitgegeven dan 50% van het bedrag dat op grond van de referentiecijfers van het Nibud in de situatie van belanghebbende geldt.
-
5. Als er sprake is van een kostenbesparende bijdrage in de vorm van boodschappen in natura die in enige maand leidt tot een substantiële kostenbesparing, wordt de omvang van de kostenbesparende bijdrage bepaald op het verschil tussen:
- a.
het bedrag dat in de situatie van belanghebbende op grond van de referentiecijfers van het Nibud geldt aan uitgaven voor boodschappen; en
- b.
het bedrag dat in de betreffende maand feitelijk aan boodschappen is uitgegeven door belanghebbende.
- a.
-
6. Als door de ontvangst van een kostenbesparende bijdrage sprake is van een overschrijding van het grensbedrag, wordt de bijstandsnorm over de betreffende maand verlaagd met het meerdere.
Artikel 5 Gevolgen van giften in de vorm van duurzame gebruiksgoederen
-
1. De ontvangst van een gift in de vorm van een duurzaam gebruiksgoed wordt in elk geval verantwoord geacht, wanneer:
- a.
het duurzaam gebruiksgoed dient ter vervanging van een noodzakelijk duurzaam gebruiksgoed;
- b.
belanghebbende in diens individuele situatie niet voor de kosten van die vervanging heeft kunnen reserveren; en
- c.
de waarde van het ontvangen duurzaam gebruiksgoed niet buitensporig hoog is in vergelijking met de voor het betreffende goed genoemde prijs als bedoeld in bijlage 1 van de Beleidsregels bijzondere bijstand Rotterdam 2024.
- a.
-
2. Als het college de ontvangst van het duurzaam gebruiksgoed uit oogpunt van bijstandsverlening niet verantwoord vindt, wordt de waarde van het duurzaam gebruiksgoed vastgesteld op:
- a.
80 procent van de nieuwprijs van het betreffende duurzaam gebruiksgoed wanneer het een nieuw duurzaam gebruiksgoed betreft;
- b.
de prijs die het duurzaam gebruiksgoed bij vrije verkoop naar verwachting kan opbrengen, wanneer het een gebruikt duurzaam gebruiksgoed betreft.
- a.
-
3. Als door de ontvangst van een duurzaam gebruiksgoed sprake is van een overschrijding van het grensbedrag, wordt het meerdere boven het grensbedrag toegerekend aan het vermogen van belanghebbende.
Artikel 6 Intrekken oude beleidsregels
De Beleidsregels giften en kostenvoordelen Participatiewet Rotterdam 2023 worden ingetrokken.
Artikel 7 Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2026.
Artikel 8 Citeertitel
Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels giften en kostenbesparende bijdragen Participatiewet Rotterdam 2026.
Ondertekening
Aldus vastgesteld op 2 juni 2026
Namens het college van burgemeester en wethouders,
De heer E. Hadziavdic
Concerndirecteur cluster Werk & Inkomen
Toelichting op de Beleidsregels giften en kostenbesparende bijdragen Participatiewet Rotterdam 2026
Algemeen
Met de inwerkingtreding van de Wet Participatiewet in balans (Staatsblad 2025, 312 en 313) is het grensbedrag voor giften en kostenbesparende bijdragen wettelijk vastgelegd zodat dit niet meer in beleidsregels behoeft te worden vastgesteld. Daarnaast is de samenloop tussen giften en kostenbesparende bijdragen ook wettelijk verankerd (artikel 18, achtste* lid, en 31, tweede lid, van de wet). De Beleidsregels giften en kostenvoordelen Participatiewet Rotterdam 2023 worden ingetrokken om de nieuwe grondslag in deze nieuwe beleidsregels uit te werken.
Artikelsgewijs
Artikel 1
Het grensbedrag is voor alleenstaanden, alleenstaande ouders en gehuwden gelijk.
Ieder jaar wordt het in de wet vermelde grensbedrag geïndexeerd volgens artikel 39, eerste lid, van de Participatiewet. Het nieuwe bedrag worden bekendgemaakt in de Staatscourant.
Artikel 2
Het in artikel 31, tweede lid, onderdeel m, van de wet genoemde grensbedrag, geldt voor giften in de vorm van geld, giften in de vorm van duurzame gebruiksgoederen en kostenbesparende bijdragen tezamen.
De ontvangst van een gift of kostenbesparende bijdrage heeft dus pas gevolgen voor het recht op bijstand, wanneer het grensbedrag door de ontvangst van kostenbesparende bijdragen, eventuele giften of de ontvangst van duurzame gebruiksgoederen tezamen wordt overschreden.
Artikel 3
In dit artikel wordt ingegaan op de gevolgen van de ontvangst van giften.
Ook giften verstrekt aan de eventuele partner dan wel minderjarige kinderen van belanghebbende tellen mee.
Eerste lid
Giften van het Fonds Bijzondere Noden Rotterdam, Fonds de Loods, of het Noodhulpfonds worden niet in aanmerking genomen als middel voor de bijstand. Fonds de Loods en het Noodhulpfonds zijn beide fondsen van Stichting De Verre Bergen. Deze giften worden gezien als verantwoord uit een oogpunt van bijstandsverlening en daarmee niet meegenomen als middel voor de uitkering.
Tweede lid
Wordt een gift wel in aanmerking genomen en wordt (door de ontvangst van giften en eventuele kostenbesparende bijdragen tezamen) het grensbedrag overschreden, dan is er sprake van een middel waarmee bij de verstrekking van bijstand rekening moet worden gehouden. Het meerdere wordt in dat geval als inkomen op de uitkering in mindering gebracht.
Omdat het ontvangen van in aanmerking te nemen giften een ander gevolg heeft dan het ontvangen van in aanmerking te nemen kostenbesparende bijdragen wordt er een duidelijk onderscheid gemaakt tussen deze begrippen en de gevolgen van deze ontvangsten (zie artikel 2 en 3).
Artikel 4
In dit artikel wordt ingegaan op de gevolgen van de ontvangst van kostenbesparende bijdragen. Ook kostenbesparende bijdragen ontvangen door de eventuele partner dan wel minderjarige kinderen van belanghebbende tellen mee.
Bij het ontvangen van kostenbesparende bijdragen is er geen sprake van een middel. Met kostenbesparende bijdragen waardoor het grensbedrag wordt overschreden, wordt rekening gehouden door de van toepassing zijnde bijstandsnorm af te stemmen op grond van artikel 18, eerste lid, van de wet.
Bij het ontvangen van een kostenbesparende bijdrage in de vorm van door een derde betaalde rekeningen, wordt de hoogte van de kostenbesparende bijdrage bepaald op het bedrag dat de belanghebbende hierdoor bespaart.
Onderhavige beleidsregels hebben geen betrekking op de betaling van huur- of hypotheeklasten door een derde. Wanneer huur- of hypotheeklasten door een derde worden betaald, vallen de gevolgen hiervan onder het bereik van artikel 27 van de wet en de beleidsregels verlaging wegens woonsituatie en voor schoolverlaters Rotterdam 2016.
Het ontvangen van boodschappen kan een kostenbesparende bijdrage opleveren. Met het ontvangen van boodschappen wordt uitdrukkelijk niet gedoeld op een ontbijt dat aan het tot het gezin behorende minderjarige schoolgaande kind is verstrekt in het kader van het Programma Schoolmaaltijden, dan wel de waarde van de in het kader van dat programma aan het gezin verstrekte boodschappenkaarten. Ook deze kostenbesparende bijdragen worden gezien als verantwoord uit een oogpunt van bijstandverlening en daarmee niet meegenomen als middel voor de uitkering.
Bij het ontvangen van een kostenbesparende bijdrage in de vorm van boodschappen in natura, kan de waarde van de kostenbesparende bijdrage doorgaans niet feitelijk worden vastgesteld. Wel volgt uit vaste rechtspraak dat de referentiecijfers van het Nibud kunnen worden gehanteerd als richtsnoer voor de kosten van boodschappen die belanghebbende in zijn situatie normaliter zou moeten maken.
Artikel 5
Het komt voor dat een bijstandsgerechtigde een duurzaam gebruiksgoed ontvangt van een niet in de bijstand begrepen persoon of instelling, zonder dat daar een betaling tegenover staat. In dit artikel is vastgelegd hoe met een dergelijke ontvangst moet worden omgegaan.
Allereerst beoordeelt het college of de ontvangst van het duurzaam gebruiksgoed in het kader van bijstandsverlening en gelet op de individuele situatie passend wordt geacht. Van passendheid is in elk geval sprake wanneer het duurzaam gebruiksgoed wordt ontvangen ter vervanging van een algemeen gebruikelijk duurzaam gebruiksgoed.
Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan de vervanging van een kapotte koelkast, waarbij de belanghebbende zelf niet in staat is geweest om voor die vervanging te reserveren. Wanneer de (aanschaf)waarde van het gebruiksgoed echter buitensporig hoog is, kan er reden zijn om alsnog (een deel) van die waarde in aanmerking te nemen. Daarbij wordt aansluiting gezocht bij de richtprijzen die worden gehanteerd bij de verstrekking van bijzondere bijstand.
Als de ontvangst van het duurzaam gebruiksgoed in het kader van bijstandsverlening en gelet op de individuele situatie niet passend wordt geacht, moet de waarde van het duurzaam gebruiksgoed worden bepaald. Met behulp van websites als Markplaats, Autotrader en andere relevante verkoopsites wordt in dat geval een schatting gemaakt van de reële verkoopwaarde van het duurzaam gebruiksgoed. Die waarde wordt aan het vermogen van de belanghebbende toegerekend, voor zover daarmee het grensbedrag is overschreden. Overige specifieke vrijlatingen (zoals de vrijlating voor de waarde van motorvoertuigen) die op grond van de wet of gemeentelijk beleid van toepassing zijn, gelden onverkort.
Artikel 7
De wijzigingen in artikel 18 en 31 van de wet met betrekking tot giften en kostenbesparende bijdragen, zijn inwerking getreden per 1 januari 2026. Daarom werken deze beleidsregels terug tot en met die datum.
Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl