Subsidieregeling Amateurkunst gemeente Arnhem 2026

Geldend van 06-06-2026 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling Amateurkunst gemeente Arnhem 2026

HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN ARNHEM;

gelezen Subsidieregeling Amateurkunst gemeente Arnhem 2026

gelet op artikel 4:23 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening van 2016;

BESLUIT:

vast te stellen, onder gelijktijdige intrekking van de Subsidieregeling Amateurkunst 2020: Subsidieregeling Amateurkunst gemeente Arnhem 2026.

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    actieve leden: leden van een instelling, die de artistieke activiteiten van de instelling mede uitvoeren, dan wel bestuurlijk actief zijn. De artistieke leiders, commissarissen, ereleden en dergelijke worden niet als zodanig aangemerkt;

  • b.

    activiteit met een openbaar karakter: een door de instelling georganiseerde openbare, voor publiek toegankelijke activiteit waaraan door middel van publiciteit bekendheid wordt gegeven, bijvoorbeeld via social media, digitale nieuwsbrieven en informatieborden, online evenementenkalenders, websites, radio en televisie, flyers, posters en programmabladen. Bedrijfsfeesten, branche-activiteiten, belangenbehartiging, congressen, beurzen en educatieve activiteiten worden niet als openbare activiteiten gezien.

  • c.

    amateurkunst: kunst die uit liefhebberij, dat wil zeggen niet beroepsmatig, wordt bedreven;

  • d.

    artistieke leiding: leiding van een amateurkunstgezelschap, die beschikt over de voor de betreffende discipline vereiste opleiding en/of ervaring;

  • e.

    ASV: Algemene Subsidieverordening Arnhem 2016;

  • f.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht;

  • g.

    het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Arnhem;

  • h.

    instelling: een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit en die zich ten doel stelt om zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten ten behoeve van de ingezetenen van de gemeente Arnhem op het gebied van amateurkunst;

  • i.

    kunstcategorieën: categorieën van kunstuitingen te onderscheiden in:

    • -

      muziek: grote gezelschappen, orkestmuziek, majorettekorpsen;

    • -

      zang: alle koren;

    • -

      theater/dans: alle cultuuruitingen die tot theater, muziek- of bewegingstheater en dans gerekend kunnen worden;

    • -

      multidisciplinair: mengvormen van verschillende kunstdisciplines, uitgevoerd binnen de organisatie, dan wel door structurele samenwerking met externe partijen;

    • -

      overige: beeldende kunst, audiovisueel, nieuwe media, literatuur, volkskunst en ambacht.

  • j.

    leden: leden van een vereniging en deelnemers aan een activiteit op het gebied van amateurkunst van een stichting.

Artikel 2. Toepassingsbereik

  • 1. Het college kan eens per jaar subsidie verstrekken aan instellingen die inwoners van de gemeente Arnhem de gelegenheid geven tot het beoefenen van amateurkunst.

  • 2. Om voor de subsidie in aanmerking te komen dient een instelling aan alle volgende voorwaarden te voldoen:

  • a.

    de instelling is minimaal 1 jaar actief op het gebied van amateurkunst;

  • b.

    de instelling heeft minimaal 10 betalende leden of deelnemers;

  • c.

    voor de leden of deelnemers van de instelling bestaat ingeval het een vereniging betreft een contributieplicht en ingeval het een stichting betreft de verplichting tot het betalen van een financiële bijdrage;

  • d.

    de instelling verzorgt minimaal één keer in het subsidiejaar een openbare presentatie in Arnhem;

  • e.

    de instelling heeft een primaire en structurele binding met de gemeente Arnhem. Deze binding kan blijken uit een combinatie van de volgende aspecten:

    • i.

      De statutaire vestigingsplaats en/of de fysieke vestigingsplaats in Arnhem;

    • ii.

      De repetities, bijeenkomsten en/of activiteiten vinden overwegend in Arnhem plaats;

    • iii.

      Een substantieel deel van de leden of deelnemers komt uit Arnhem of de activiteiten zijn aantoonbaar gericht op Arnhemse deelnemers;

    • iv.

      De instelling treedt regelmatig in Arnhem op.

  • De instelling levert hiermee een aantoonbare bijdrage aan het Arnhemse culturele leven. De instelling licht deze binding toe in het aanvraagformulier;

  • f.

    de instelling werkt onder professionele artistieke leiding;

  • g.

    in het geval van een vereniging kan iedere inwoner van de gemeente Arnhem lid worden, met dien verstande dat de instelling ten behoeve van de artistieke kwaliteit van haar activiteiten een minimumeis aan artistieke vaardigheden kan stellen aan haar leden.

Artikel 3. Subsidieplafond

Het college stelt voorafgaand aan het subsidiejaar voor een periode van één jaar het subsidieplafond vast.

Artikel 4. Subsidieaanvraag

  • 1. De subsidieaanvraag wordt ingediend van 1 juni tot en met 31 augustus voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

  • 2. De aanvrager maakt bij indiening van de aanvraag gebruik van het op www.arnhem.nl beschikbaar gestelde digitale aanvraagformulier.

  • 3. Een aanvraag wordt in behandeling genomen indien is bijgevoegd:

    • a.

      een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier;

    • b.

      het curriculum vitae van de artistieke leiding;

    • c.

      de jaarrekening van het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar waarin de subsidie wordt aangevraagd, inclusief balans;

    • d.

      een begroting voor het komende subsidiejaar;

    • e.

      een geanonimiseerde ledenlijst;

    • f.

      een korte toelichting van de aanvrager waaruit de binding met Arnhem blijkt, bijvoorbeeld door het vermelden van de repetitielocatie, statutaire vestiging, vaste activiteitenlocaties of het optreden binnen de gemeente Arnhem. Indien relevant kan de instelling aanvullende informatie aanleveren die deze binding ondersteunt;

    • g.

      een geanonimiseerde ledenlijst. Bij een aanvraag op grond van artikel 5, derde lid wordt door de instelling aangegeven welke van deze leden jonger is dan 18 jaar ten tijde van de subsidieaanvraag.

Artikel 5. Verlening en vaststelling van de subsidie

  • 1. Na het einde van de indieningstermijn als bedoeld in artikel 4, eerste lid, beoordeelt het college of de volledige aanvragen in aanmerking komen voor subsidiëring. Het college beslist uiterlijk binnen 3 maanden na sluiting van de aanvraagperiode. Het college maakt deze beslissing binnen drie weken nadat zij is genomen schriftelijk bekend aan de aanvrager. De verleningsbeschikking is tevens de vaststellingsbeschikking.

  • 2. Een instelling kan slechts voor één kunstcategorie een aanvraag voor subsidie indienen. Het college stelt voor elke kunstcategorie een maximumsubsidiebedrag vast. Voor het subsidiejaar 2027 gelden de volgende maximumbedragen:

    • a.

      Muziek tot een maximum van 4.000 euro;

    • b.

      Theater/dans tot een maximum van 4.000 euro;

    • c.

      Zang tot een maximum van 2.000 euro;

    • d.

      Multidisciplinair tot een maximum van 4.000 euro;

    • e.

      Overige disciplines tot een maximum van 2.000 euro.

  • 3. Het subsidiebedrag als bedoeld in het tweede lid kan worden verhoogd met 1.000 euro indien minimaal 25% van de leden van de instelling jonger is dan 18 jaar.

  • 4. Het subsidiebedrag als bedoeld in het tweede lid kan worden verhoogd met 500 euro indien de instelling onder professionele artistieke leiding staat.

  • 5. Indien het totaalbedrag van de voor subsidie in aanmerking komende subsidieaanvragen (inclusief de eventuele verhoging van het subsidiebedrag als bedoeld in het derde lid) het subsidieplafond overschrijdt, zal verdeling naar rato plaatsvinden.

  • 6. Betaling van het subsidiebedrag vindt plaats zo spoedig mogelijk na verzending van de beschikking.

Artikel 6. Weigeringsgronden

De subsidieverstrekking kan naast de in artikel 4:25 en 4:35 van de wet en de in artikel 10 van de Algemene Subsidieverordening Arnhem genoemde gevallen in ieder geval geweigerd worden indien:

  • 1.

    Er gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat:

    • a.

      de activiteiten van de aanvrager niet in voldoende mate in het algemeen gemeentelijk belang zijn;

    • b.

      de aanvrager ook zonder subsidie over voldoende gelden, hetzij uit eigen middelen, hetzij uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken;

    • c.

      de activiteiten zoals blijkt uit de ingediende begroting een onvoldoende betrouwbare financiële basis hebben;

    • d.

      de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;

    • e.

      de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;

    • f.

      de activiteiten niet passen binnen de kunstcategorieën, zoals beschreven in artikel 1, lid i.

    • g.

      de activiteiten primair een politiek, godsdienstig of levensbeschouwelijk karakter hebben.

  • 2. de aanvraag niet aan het bepaalde in deze regeling voldoet.

Artikel 7. Begrotingsvoorbehoud

Subsidie wordt verleend en het subsidieplafond wordt vastgesteld onder voorbehoud van ter beschikking stelling van de benodigde middelen door de raad van de gemeente Arnhem.

Artikel 8. Verplichtingen

Bij een besluit tot subsidieverlening worden aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen opgelegd:

  • 1.

    de instelling verricht minimaal 1 activiteit met openbaar karakter per jaar in de gemeente Arnhem;

  • 2.

    de subsidieontvanger verleent alle medewerking aan evaluatie en monitoring;

  • 3.

    de subsidieontvanger meldt zo spoedig mogelijk relevante wijzigingen ten opzichte van de gegevens die bij de aanvraag zijn overgelegd.

Artikel 9. Afwijkingsbevoegdheid

Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van een aanvrager afwijken van een of meerdere bepalingen van deze regeling.

Artikel 10. Overige bepalingen

  • 1. Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking ervan.

  • 2. De subsidieregeling Amateurkunst 2020 vervalt op de dag van inwerkingtreding van deze regeling.

  • 3. Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Amateurkunst gemeente Arnhem 2026.

Ondertekening

Het college van burgemeester en wethouders voornoemd,

de secretaris,

de burgemeester,

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1: Begripsomschrijvingen

Dit artikel bevat de noodzakelijke definities voor de uitvoering van de regeling. De begrippen sluiten aan op de terminologie die gebruikelijk is binnen de amateurkunstsector en op de terminologie van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening Arnhem.

Artikel 2:Toepassingsbereik

Dit artikel geeft de voorwaarden waaraan een instelling moet voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen. De belangrijkste wijziging is dat de eerdere woonplaatseis is vervangen door het criterium primaire en structurele binding met Arnhem. Hiermee wordt aangesloten op de praktijk waarin veel instellingen regionaal functioneren maar wel structureel geworteld zijn in Arnhem.

Artikel 3: Subsidieplafond

Het subsidieplafond wordt jaarlijks vastgesteld door het college. Hiermee wordt gewaarborgd dat de subsidieverlening past binnen de middelen die door de gemeenteraad beschikbaar zijn gesteld.

Artikel 4: Subsidieaanvraag

De aanvraagperiode is opgerekt naar 1 juni tot en met 31 augustus om betere aansluiting te bieden bij de planning van verenigingen en om te voorkomen dat aanvragen door vakantieperiodes worden vertraagd. Aanvragers leveren bewijsstukken aan die nodig zijn om de aanvraag te kunnen beoordelen, waaronder een korte toelichting op de binding met Arnhem.

Artikel 5: Verlening en vaststelling

In dit artikel zijn de maximumbedragen per kunstcategorie opgenomen. De bedragen kunnen in de toekomst periodiek worden aangepast indien ontwikkelingen daartoe aanleiding geven. Ook is in dit artikel geregeld dat instellingen met minimaal 25% jeugdleden een aanvullende bijdrage kunnen ontvangen. Daarnaast is ook een aanvullende bijdrage geregeld voor instellingen die onder professionele artistieke leiding staan. Dit blijkt uit de CV van de artistieke leiding. Deze extra bijdrage is bedoeld om artistieke professionals te ondersteunen middels Fair Pay. De verleningsbeschikking is tevens de vaststellingsbeschikking vanwege de beperkte omvang van de verstrekte bedragen.

Artikel 6: Weigeringsgronden

Hier zijn de aanvullende weigeringsgronden opgenomen die naast de algemene weigeringsgronden uit de Awb en de ASV Arnhem kunnen leiden tot weigering van een aanvraag. Deze gronden zijn grotendeels ongewijzigd ten opzichte van de vorige regeling en dienen om subsidiëring van niet-passende of financieel onbetrouwbare activiteiten te voorkomen.

Artikel 8: Verplichtingen

De verplichtingen zijn beperkt gehouden en betreffen met name het uitvoeren van minimaal één openbare activiteit, medewerking aan evaluatie en monitoring, en het melden van relevante wijzigingen.

Artikel 9: Afwijkingsbevoegdheid

Dit artikel biedt het college de mogelijkheid om in bijzondere gevallen af te wijken van de regeling. Het betreft een hardheidsclausule die voorkomt dat toepassing van de regeling tot onbillijke situaties leidt.

Artikel 10: Overige bepalingen

Dit artikel regelt de inwerkingtreding, intrekking van de vorige subsidieregeling en de citeertitel.