Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762345
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762345/1
Regeling vervalt per 01-01-2028
Subsidieregeling taalstimulering kinderen Stichtse Vecht 2027
Geldend van 04-06-2026 t/m 31-12-2027
Intitulé
Subsidieregeling taalstimulering kinderen Stichtse Vecht 2027Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht,
gelet op het Integraal Beleidskader Sociaal Domein 2026-2030 en de Algemene Subsidieverordening van de gemeente Stichtse Vecht,
Overwegende dat:
- •
Het niet vanzelfsprekend is dat alle kinderen met gelijke kansen opgroeien;
- •
De gemeente op grond van de Wet op het primair onderwijs een wettelijke taak heeft om onderwijsachterstanden te bestrijden;
- •
Gerichte taalstimulering voor kinderen bijdraagt aan het vergroten van de ontwikkelkansen van kinderen en het bevorderen van integratie;
Voor alles waar deze subsidieregeling niet in voorziet geldt de op het moment van besluitvorming geldende Algemene Subsidieverordening van de gemeente Stichtse Vecht en de daarbij behorende uitvoeringsvoorschriften.
Besluit de volgende regeling vast te stellen:
Artikel 1. Begrippen
Aanvrager: rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid zonder winstoogmerk die een subsidie aanvraagt op grond van deze regeling.
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stichtse Vecht
IBK: Integraal Beleidskader Sociaal Domein 2026-2030 van de gemeente Stichtse Vecht
Negatieve exploitatie: de lasten die de inkomsten vanuit het Rijk overschrijden voor de taalvoorziening voor nieuwkomers binnen het primair onderwijs.
Subsidieplafond: Het subsidieplafond is het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies op grond van deze regeling. Subsidieaanvragen worden afgewezen voor zover door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond zou worden overschreden.
Subsidiabele activiteiten: activiteiten die naar het oordeel van het college bijdragen aan de realisatie van gemeentelijke beleidsdoelstellingen en die op grond van deze regeling voor subsidie in aanmerking komen.
Verordening: Algemene Subsidieverordening van de gemeente Stichtse Vecht
Artikel 2. Aansluiting bij gemeentelijke doelen
Deze subsidieregeling draagt bij aan de volgende ambities uit het IBK:
- •
Ambitie 1: Voorkomen is beter
Door in te zetten op taalstimulering bij (jonge) kinderen met een taalachterstand, dringen we bestaande taalachterstanden terug en helpen we onderwijsachterstanden te voorkomen en beperken.
- •
Ambitie 3: Iedereen doet mee
Als gemeente hebben we oog voor het feit dat niet alle kinderen met gelijke kansen opgroeien. Door in te zetten op taalstimulering bij (jonge) kinderen met een taalachterstand, vergroten wij de kans dat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen en naar vermogen kunnen meedoen. Specifiek voor de doelgroep nieuwkomers geldt dat we hun integratie bevorderen door hun taalachterstand te verkleinen. Het volgen van onderwijs in de setting van een taalklas maakt het mogelijk voor hen om in te stromen in een reguliere klas en uiteindelijk deel te nemen aan de maatschappij.
Artikel 3. Doel van de regeling
Het is niet vanzelfsprekend dat alle kinderen met gelijke kansen opgroeien. Wanneer er sprake is van een achterstand in de Nederlandse taal, kan dit de ontwikkeling van een kind in de weg staan. Om verschillende redenen heeft een deel van de kinderen een achterstand in de Nederlandse taal. Hier kan bijvoorbeeld sprake van zijn omdat er thuis geen Nederlands wordt gesproken of er wel Nederlands wordt gesproken, maar de thuiscontext taalarm is. Ook wonen sommige kinderen pas kort in Nederland. De gemeente Stichtse Vecht wil de kinderen die het nodig hebben extra taalondersteuning bieden, zodat zij de kans krijgen zich optimaal te ontwikkelen. Deze subsidieregeling heeft tot doel om activiteiten te stimuleren die hieraan bijdragen.
Artikel 4. Doelgroep en reikwijdte
-
1. Subsidie kan enkel worden aangevraagd door een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid.
-
2. Subsidie kan enkel worden aangevraagd door partijen zonder winstoogmerk.
-
3. De activiteiten:
- ○
vinden plaats in de gemeente Stichtse Vecht;
- ○
zijn gericht op kinderen met een achterstand in de Nederlandse taal, die woonachtig zijn in de gemeente Stichtse Vecht.
- ○
Artikel 5. Subsidiabele activiteiten
-
1. Voor subsidie komen in aanmerking:
- a.
Het bieden van trauma- en cultuursensitief onderwijs aan nieuwkomers, gericht op het leren van de Nederlandse taal.
Dit betreft het onderwijs aan nieuwkomers dat wordt aangeboden in de context van een lokale taalvoorziening binnen het primair onderwijs met één of meerdere taalklas(sen) voor nieuwkomers. De aanvrager dient het aantal taalklassen op- en af te kunnen schalen op basis van het aantal nieuwkomers in de gemeente. Op- en afschalen vindt altijd plaats in overleg met de gemeente.
- b.
Het versterken van de vroegschoolse educatie aan kleuters met een achterstand in de Nederlandse taal.
Dit betreft de volgende activiteiten:
- -
Het bieden van gerichte extra taalondersteuning aan doelgroepkleuters, uitgevoerd door onderwijsgevend personeel met relevante expertise;
- -
Professionalisering van onderwijsgevend personeel op het gebied van taalondersteuning aan doelgroepkleuters;
- -
De aanschaf van een lesmethode en/of materialen ten behoeve van het vroegschoolse programma dat wordt geboden aan doelgroepkleuters.
- -
-
Met de term ‘doelgroepkleuters’ worden uitdrukkelijk leerlingen uit de groepen 1 en 2 van het basisonderwijs bedoeld die voldoen aan één of meerdere criteria van de doelgroepdefinitie VVE die de gemeente Stichtse Vecht hanteert. De doelgroepdefinitie is vastgelegd in het convenant resultaatafspraken VVE Stichtse Vecht. Bij de subsidieaanvraag dient te worden bevestigd dat deze doelgroep aanwezig is in de groep(en) 1 en/of 2. Tevens licht de aanvrager toe hoe de activiteiten bijdragen aan de taalontwikkeling van deze doelgroep. Dit is een voorwaarde voor subsidietoekenning.
- c.
Het organiseren van een zomerschool voor basisschoolleerlingen met een achterstand in de Nederlandse taal.
Dit betreft een programma tijdens de zomervakantie dat in ieder geval een educatief karakter heeft en aandacht besteedt aan de Nederlandse taal. Het programma mag ook recreatieve elementen bevatten en dient minimaal 5 dagen te duren.
- d.
Het coördineren van de inzet van vrijwilligers die voorlezen en andere taalactiviteiten uitvoeren in gezinnen met kinderen van 2-8 jaar met een achterstand in de Nederlandse taal.
Deze activiteit richt zich specifiek op gezinnen in Stichtse Vecht met kinderen van 2-8 jaar met een taalachterstand, die opgroeien in een taalarme thuisomgeving. Een vrijwilliger komt 15-20 weken langs bij deze gezinnen om voor te lezen en andere taalactiviteiten te doen. Tijdens de huisbezoeken is er ook aandacht voor de betrokkenheid van ouders bij het voorlezen en de taalontwikkeling van hun kind. Ouders worden actief gewezen op het belang hiervan.
- a.
-
2. Niet voor subsidie komen in aanmerking:
- a.
Activiteiten die plaatsvinden buiten de gemeente Stichtse Vecht;
- b.
Activiteiten die niet of onvoldoende specifiek zijn gericht op kinderen die een achterstand hebben in de Nederlandse taal en woonachtig zijn in de gemeente;
- c.
Activiteiten waarvoor reeds op andere wijze subsidie of publieke bekostiging wordt ontvangen (hiermee wordt cofinanciering niet bedoeld);
- d.
Activiteiten die op grond van de Zorgverzekeringswet, de Jeugdwet of andere voorliggende voorzieningen worden bekostigd;
- e.
Activiteiten die niet passen binnen de kaders van de specifieke uitkering Gemeentelijk Onderwijsachterstandenbeleid.
- a.
Artikel 6. Beoogde opbrengsten, indicatoren voor monitoring en eisen verantwoording
-
1. Het bieden van trauma- en cultuursensitief onderwijs aan nieuwkomers, gericht op het leren van de Nederlandse taal.
- a.
Beoogde opbrengsten
De voornaamste beoogde opbrengsten zijn dat nieuwkomersleerlingen de Nederlandse taal beter beheersen na uitstroom uit de taalklas en dat zij gewend zijn aan de Nederlandse schoolse context.
- b.
Indicatoren voor monitoring
Per kwartaal ontvangt de gemeente een overzicht van het aantal leerlingen in de taalklas(sen), het aantal leerlingen dat is in- en uitgestroomd in het afgelopen kwartaal en de schoolkeuze na uitstroom. De kwartaalrapportages zijn gekoppeld aan de peildata van Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) en worden via e-mail gedeeld met de gemeente.
- c.
Eisen verantwoording bij verzoek tot vaststelling
Er dient een inhoudelijk verslag te worden aangeleverd, waaruit blijkt in welke mate en op welke wijze de activiteiten hebben bijgedragen aan de beoogde opbrengsten zoals genoemd onder artikel 6, lid 1a. De indicatoren voor monitoring worden hieraan toegevoegd in de vorm van een jaaroverzicht. Daarnaast dient een financieel overzicht te worden aangeleverd, dat inzicht geeft in de baten en lasten van het afgelopen kalenderjaar en, indien van toepassing, de negatieve exploitatie zo accuraat mogelijk weergeeft.
- a.
-
2. Het versterken van de vroegschoolse educatie aan kleuters met een achterstand in de Nederlandse taal.
- a.
Beoogde opbrengsten
De voornaamste beoogde opbrengsten zijn een verhoging van de kwaliteit van de vroegschoolse educatie en het terugdringen van de taalachterstanden van kleuters.
- b.
Indicatoren voor monitoring
Gezien het beperkte subsidiebedrag per basisschool zijn er geen indicatoren verbonden aan deze subsidie. Via de VVE-monitor van de gemeente Stichtse Vecht worden onder andere de opbrengsten en kwaliteit van de vroegschoolse educatie gemonitord.
- c.
Eisen verantwoording bij verzoek tot vaststelling
De subsidie wordt vastgesteld bij de verlening, gezien het beperkte subsidiebedrag per basisschool. Dit is in lijn met de Uitvoeringsvoorschriften Subsidies Stichtse Vecht. Er worden daarom geen eisen aan de jaarverantwoording gesteld en er hoeft geen verzoek tot vaststelling te worden ingediend. De gemeente Stichtse Vecht kan aanvragers wel verzoeken om een toelichting te geven op de uitgevoerde activiteiten.
- a.
-
3. Het organiseren van een zomerschool voor basisschoolleerlingen met een achterstand in de Nederlandse taal.
- a.
Beoogde opbrengsten
Met het zomerprogramma wordt beoogd te voorkomen dat het taalniveau van leerlingen met een taalachterstand gedurende de zomervakantie aanzienlijk achteruitgaat. Daarnaast is de beoogde opbrengst dat deelnemende leerlingen optimaal kunnen profiteren van het lesaanbod bij de start van schooljaar 2027-2028, doordat zij tijdens het zomerprogramma in het schoolse ritme komen.
- b.
Indicatoren voor monitoring
De indicator is het aantal leerlingen dat heeft deelgenomen aan het zomerprogramma (uitgesplitst per groep).
- c.
Eisen verantwoording bij verzoek tot vaststelling
De aanvrager licht de uitgevoerde activiteiten en opbrengsten van de zomerschool toe, met een focus op de beoogde opbrengsten zoals genoemd onder artikel 6, lid 3a. Het aantal deelnemers wordt tevens opgenomen in de verantwoording.
- a.
-
4. Het coördineren van de inzet van vrijwilligers die voorlezen en andere taalactiviteiten uitvoeren in gezinnen met kinderen van 2-8 jaar met een achterstand in de Nederlandse taal.
- a.
Beoogde opbrengsten
De voornaamste beoogde opbrengst is om een duurzaam taalrijkere thuisomgeving te creëren, waarin de taalontwikkeling van kinderen wordt gestimuleerd. Onderdeel hiervan is in ieder geval frequenter voorlezen en een verhoogde betrokkenheid van ouders bij de taalontwikkeling van hun kind. Daarnaast wordt beoogd om de woordenschat, het leesbegrip en het leesplezier onder kinderen te vergroten.
- b.
Indicatoren voor monitoring
De indicatoren zijn het aantal gezinnen dat is aangemeld, is gekoppeld aan een vrijwilliger en het aantal gezinnen op de wachtlijst.
- c.
Eisen verantwoording bij verzoek tot vaststelling
De aanvrager levert een inhoudelijke rapportage aan die inzicht geeft in het aantal aangemelde gezinnen, het aantal gekoppelde gezinnen, het aantal gezinnen op de wachtlijst en de opbrengsten bij deze gezinnen. De aanvrager licht toe in hoeverre de beoogde opbrengsten onder artikel 6, lid 4a zijn behaald en betrekt hierbij de ervaringen van ouders, vrijwilligers en doorverwijzers. Daarnaast levert de aanvrager een financieel verslag aan dat inzicht geeft in de daadwerkelijke uitgaven.
- a.
Artikel 7. Subsidiebedragen en subsidieplafonds
-
1. Er zijn subsidieplafonds vastgesteld voor de activiteiten die binnen de regeling vallen.
-
2. Subsidie kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd indien het subsidieplafond is bereikt of indien de aanvraag onvoldoende bijdraagt aan het doel van deze regeling.
-
3. De subsidiebedragen en subsidieplafonds zijn als volgt:
Activiteit
Subsidiebedragen en subsidieplafond
Onderwijs voor nieuwkomers (taalvoorziening primair onderwijs)
- -
Vaste bijdrage*: € 30.000,-
- -
Variabele bijdrage bij negatieve exploitatie: maximaal 30% van de negatieve exploitatie, tot een maximumbedrag van € 15.000,-.
- -
Subsidieplafond: € 60.000,-.
- -
Indien de taalvoorziening in de loop van 2027 wordt opgeheven, worden bovenstaande bedragen naar rato van de periode van het jaar waarin deze actief was uitgekeerd.
*De vaste bijdrage wijzigt niet wanneer er sprake is van (aanvragen voor) 2 taalvoorzieningen. Deze wordt in dit geval verdeeld over de 2 aanvragers. Bij het bepalen van de verdeling wordt gekeken naar het aantal lesdagen en/of -uren per week en, indien van toepassing, de periode van het jaar waarin de voorzieningen actief zijn.
Versterken vroegschoolse educatie
- -
Maximum aan te vragen bedrag per basisschool (per basisschool eenmalig aan te vragen voor activiteiten in 2026 en/of 2027): € 5.000,-
- -
Plafond: € 125.000,-
Organiseren zomerschool
- -
Maximum aan te vragen bedrag voor een zomerschool, wanneer georganiseerd voor de leerlingen van 1 basisschool: € 5.000,-
- -
Maximum aan te vragen bedrag voor een zomerschool, wanneer georganiseerd voor de leerlingen van meerdere basisscholen: € 10.000,-
- -
Subsidieplafond: € 40.000,-
Coördineren voorlees- en taalactiviteiten bij gezinnen met kinderen met een taalachterstand
- -
Subsidieplafond: € 30.000,-
- -
Artikel 8. Beoordelingscriteria
-
1. Bij de beoordeling van aanvragen worden de volgende criteria betrokken:
- a.
De mate waarin duidelijk is dat de activiteiten voldoen aan de omschrijving van de subsidiabele activiteiten zoals genoemd onder artikel 5, lid 1;
- b.
de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het doel van deze subsidieregeling en de ambities uit het IBK;
- c.
de mate waarin aannemelijk is dat de activiteiten bijdragen aan de realisatie van de beoogde opbrengsten per activiteit, zoals omschreven onder artikel 6;
- d.
de mate waarin aannemelijk is dat de doelgroep van de activiteiten wordt bereikt;
- e.
kwaliteit van de aanpak en deskundigheid;
- f.
de mate waarin de hoogte van het gevraagde subsidiebedrag redelijk in relatie is tot de te verrichten activiteiten, te leveren prestaties en eventuele overige financieringsbronnen;
- g.
de mate waarin aannemelijk is dat de activiteiten gedurende de subsidieperiode daadwerkelijk en doelmatig worden uitgevoerd;
- h.
de mate waarin de activiteiten passen binnen de kaders van de Specifieke Uitkering Gemeentelijk Onderwijsachterstandenbeleid.
- a.
-
2. Bij overschrijding van het subsidieplafond kan het college in het geval van aanvragen voor activiteiten zoals genoemd onder artikel 5, lid 1b en lid 1c de achterstandsscore betrekken bij de beoordeling. Aanvragen van scholen met een hogere achterstandsscore krijgen in dat geval prioriteit.
-
3. In afwijking van het eerste lid, kan subsidie voor het versterken van de vroegschoolse educatie aan kleuters met een achterstand in de Nederlandse taal (artikel 5, lid 1b) worden aangevraagd voor activiteiten die zijn gestart voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van deze regeling, mits:
- a.
de activiteiten plaatsvinden in kalenderjaar 2026;
- b.
de activiteiten passen binnen de doelstelling en subsidiabele activiteiten zoals opgenomen in deze regeling;
- c.
de aanvraag uiterlijk 1 maart 2027 wordt ingediend;
- d.
de noodzaak en aansluiting bij het gemeentelijk beleid voldoende worden onderbouwd.
- a.
-
4. Voor de subsidiabele activiteit zoals genoemd onder artikel 5, lid 1d geldt dat het college subsidie wenst te verstrekken aan 1 aanvrager als coördinerende partij. In het geval van meerdere aanvragen wordt de subsidie toegekend aan de aanbieder met het voorstel dat het best voldoet aan de beoordelingscriteria onder artikel 8, lid 1. Daarnaast wordt de wijze waarop er wordt samengewerkt met lokale partijen meegewogen.
Artikel 9. Aanvraagvereisten
-
1. Aanvragen hebben betrekking op één van de subsidiabele activiteiten die zijn genoemd onder artikel 5.
-
2. Subsidieaanvragen voor activiteiten zoals genoemd onder artikel 5, lid 1a, 1c en 1d worden ingediend via het aanvraagformulier dat beschikbaar wordt gesteld door de gemeente op haar website, voor 1 oktober 2026.
-
3. Subsidieaanvragen voor activiteiten zoals genoemd onder artikel 5, lid 1b kunnen na inwerkingtreding van deze regeling tot uiterlijk 1 maart 2027 worden ingediend.
-
4. De aanvraag bevat in ieder geval:
- a.
een beschrijving van de te realiseren activiteiten, doelstellingen, begrote kosten (bij cofinanciering wordt dit gespecificeerd) en planning;
- b.
overige informatie zoals genoemd in de artikelen over de betreffende subsidiabele activiteit, zodat het college de aanvraag volledig kan beoordelen op basis van de criteria zoals genoemd onder artikel 8;
- c.
bij een subsidie hoger dan € 5.000,-: een toelichting op de wijze waarop de opbrengsten worden gemonitord en verantwoord bij het verzoek tot vaststelling.
- a.
-
5. Het college van burgemeester en wethouders beslist binnen acht weken na ontvangst van een volledige aanvraag over de toekenning van de subsidie.
-
6. Het recht op subsidie kan worden ingetrokken of lager vastgesteld worden als de activiteiten niet volgens het besluit tot subsidieverlening worden uitgevoerd.
-
7. De gemeente Stichtse Vecht behoudt zich het recht voor om, indien nodig voor een zorgvuldige beoordeling, aanvullende informatie op te vragen en hierover in gesprek te gaan met de aanvrager. De kwaliteit en volledigheid van deze nadere toelichting, zowel schriftelijk als mondeling, worden betrokken bij de beoordeling van de aanvraag.
-
8. In afwijking van het eerste lid kan subsidie worden verleend voor activiteiten die zijn aangevangen in kalenderjaar 2026, voor zover dit betrekking heeft op de activiteit bedoeld in artikel 5, lid 1b.
Artikel 10. Verantwoording en controle
-
1. Voor de activiteiten zoals genoemd onder artikel 5 lid 1a, 1c en 1d is aanvrager verplicht om na afloop van de activiteiten een verantwoording af te leggen over de besteding van de subsidie en de behaalde resultaten. De aanvrager dient hiervoor een eindverantwoording in via een vaststellingsverzoek zoals aangegeven bij het besluit tot subsidieverlening en conform de eisen die hieraan zijn gesteld onder artikel 6 van deze regeling.
-
2. Het college kan tussentijdse controles uitvoeren op de voortgang van de activiteiten en de besteding van de subsidie.
-
3. Voor de activiteiten zoals genoemd onder artikel 5, lid 1a geldt dat de variabele bijdrage bij een eventuele negatieve exploitatie wordt bepaald op basis van de verantwoording. Indien hier sprake van is, wordt de variabele bijdrage na vaststelling van de subsidie uitgekeerd.
-
4. De definitieve vaststelling en afrekening vindt plaats na afloop van het betreffende kalenderjaar. De subsidie kan lager worden vastgesteld indien de daadwerkelijke uitgaven lager uitvallen dan begroot. Dit betekent dat een deel van de subsidie moet worden terugbetaald.
Artikel 11. Weigeringsgronden
-
1. De subsidie kan worden geweigerd op grond van de weigeringsgronden uit de Verordening.
-
2. De subsidie kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd als de aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden zoals genoemd onder artikel 4.
-
3. De subsidie kan geheel of gedeeltelijk worden geweigerd als de aanvraag niet past binnen de genoemde subsidiabele activiteiten onder artikel 5 en/of de beoordelingscriteria onder artikel 8.
-
4. Voor activiteiten zoals genoemd onder artikel 5, lid 1b geldt een verlengde aanvraagperiode. Indien het subsidieplafond wordt bereikt voordat de aanvraagperiode is verstreken, kan het college aanvragen weigeren die worden ontvangen na het bereiken van het subsidieplafond. Het college neemt aanvragen op volgorde van ontvangst in behandeling. De achterstandsscore van scholen kan enkel worden betrokken bij de beoordeling indien het subsidieplafond bijna is bereikt en aanvragen in dezelfde week zijn ontvangen.
Artikel 12. Inwerkingtreding, looptijd en citeertitel
-
1. Deze regeling treedt in werking op de dag na bekendmaking.
-
2. Deze regeling loopt van de dag na bekendmaking tot en met 31 december 2027.
-
3. Deze regeling wordt aangehaald als “Subsidieregeling taalstimulering kinderen Stichtse Vecht 2027”.
Artikel 13. Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere, individuele gevallen één of meer bepaling(en) uit de Verordening dan wel uit deze bijzondere subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing van deze bepalingen leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Ondertekening
Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders d.d. 26 mei 2026,
Burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht,
de gemeentesecretaris,
drs. R.C.L. Heijdra
de burgemeester,
drs. A.J.H.T.H. Reinders
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl