Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762254
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762254/1
Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Maassluis
Geldend van 05-06-2026 t/m heden
Intitulé
Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente MaassluisHet college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis,
gelezen het voorstel van 19 mei 2026;
gelet op de artikelen 44 en 66 van de Gemeentewet en de artikelen 3.2.10, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.8 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers;
besluit nadere regels vast te stellen: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Maassluis.
Artikel 1. Definitiebepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
College: college van burgemeester en wethouders;
- b.
Burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders;
- c.
Secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet;
- d.
Wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders.
Artikel 2. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing
-
1. De burgemeester of de wethouder die een vergoeding wil ontvangen in verband met de deelname aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing voor de uitvoering van zijn functie (zoals bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de gemeentesecretaris.
-
2. Bij dit verzoek worden documenten (papier of digitaal) met de benodigde inhoudelijke informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis kunnen worden betaald.
-
3. De maximale vergoeding van de scholing bedraagt: € 1.500,- per jaar voor de burgemeester of wethouder.
-
4. Voor zover de aanvraag binnen de maximale vergoeding blijft beslist de secretaris op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
-
5. Een aanvraag die het maximaal te vergoeden bedrag per jaar overschrijdt, wordt ter besluitvorming voorgelegd aan het college. In bijzondere gevallen kan het college overgaan tot het toekennen van een afwijkend bedrag.
-
6. Het verzoek wordt uitgevoerd nadat het is getoetst aan de kaders van deze regeling, het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers.
Artikel 3. Informatie- en communicatievoorzieningen
-
1. De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. De burgemeester of de wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
Artikel 4. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
-
1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 5. Betaling en declaratie van onkosten
-
1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van onkosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
- a.
betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur; of
- b.
betaling vooruit uit eigen middelen;
- a.
-
2. Een verzoek om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken over te leggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
-
3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen 30 dagen na factuurdatum of betaling door de burgemeester of wethouder ingediend bij de gemeentesecretaris.
-
4. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat een declaratie van de burgemeester of wethouder die door de secretaris en concerncontroller voor het einde van de maand is goedgekeurd wordt uitbetaald in de maand daarop.
Artikel 6. Gecontracteerd vervoer
-
1. Het college stelt ten laste van de gemeente een auto op afroep van een daartoe door de gemeente gecontracteerde vervoerder ter beschikking zoals bedoeld in artikel 3.2.10 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Van de in lid 1 bedoelde auto op afroep wordt uitsluitend gebruik gemaakt bij een dienstreis of een rit voor een ambtsgebonden (qq-)functie waarvoor de eigen auto of het openbaar vervoer op dat moment geen geschikt vervoermiddel is. Gebruik voor woon-werkverkeer of andere doeleinden is niet toegestaan.
-
3. Van de in lid 1 bedoelde auto op afroep kan alleen gebruik worden gemaakt wanneer deze is besteld door het bestuurssecretariaat.
-
4. Indien de burgemeester of de wethouder van een derde een vergoeding ontvangt voor de rit waarbij gebruik is gemaakt van de auto op afroep dan wordt deze vergoeding in de gemeentekas gestort.
-
5. Voor zover de burgemeester of de wethouder gebruik maakt van een auto op afroep als bedoeld in het eerste lid, heeft hij geen aanspraak op de vergoeding, zoals bedoeld in artikel 3.2.9, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Artikel 7. Titel en inwerkingtreding
-
1. Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling rechtspositie burgemeester en wethouders gemeente Maassluis en treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie in het Gemeenteblad.
-
2. De regeling rechtspositie burgemeester en wethouders Maassluis 2019 wordt ingetrokken.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis, 19 mei 2026,
De burgemeester,
J.G. de Vries
De secretaris,
P.D. Verstoep
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl