Omgevingsprogramma Duurzaamheid

Geldend van 03-06-2026 t/m heden

Voor wie is dit omgevingsprogramma?

Dit Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 (verder Omgevingsprogramma) maakt deel uit van de op 25 september 2025 vastgestelde Omgevingsvisie van de gemeente Hilvarenbeek en is opgesteld in opdracht van de gemeenteraad en het college van Burgemeester en Wethouders. Dit Omgevingsprogramma is opgesteld voor inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties van de gemeente Hilvarenbeek. Met het duurzaamheidsbeleid in dit Omgevingsprogramma zorgen we ervoor dat duurzaamheid een belangrijk onderdeel is van alle plannen en programma’s binnen onze gemeente. Zo wordt duurzaam leven voor iedereen een gewoonte.

Alleen ga je sneller, samen kom je verder

Samenwerken is belangrijk bij het opstellen en naleven van een duurzaamheidsbeleid. Gezamenlijke doelen geven richting en betekenis. Om de gevolgen van de klimaatcrisis tegen te gaan, moeten we allemaal actief samenwerken. Het grootste verschil maken we met elkaar.

Voorwoord

Beste inwoners en ondernemers van Hilvarenbeek,

We staan samen voor een belangrijke uitdaging: hoe maken we Hilvarenbeek toekomstbestendig én een fijne plek om te wonen, werken en ondernemen – nu én voor de generaties na ons? De gevolgen van klimaatverandering zien we inmiddels dichtbij: warme, droge zomers, hevige buien en verlies van natuur. Dat vraagt om actie, ook hier in onze eigen gemeente. In Hilvarenbeek willen we niet alleen praten over duurzaamheid, maar vooral doen. Dat kunnen we als gemeente nooitalleen. Juist samen met u – onze inwoners, ondernemers en organisaties – zetten we stappen vooruit. Of het nu gaat om energie besparen en overstappen op duurzame bronnen, slimmer omgaan met grondstoffen of onze dorpen groener en klimaatbestendig maken: uw ideeën, inzet en keuzes maken hét verschil.

Met het Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 kiezen we daarom heel bewust voor drie thema’s:

  • Energietransitie: de overgang van fossiele brandstoffen naar meer duurzame energiebronnen.

  • Circulariteit: afval verminderen en grondstoffen opnieuw gebruiken.

  • Klimaatadaptatie: meer groen, minder tegels en voorbereid op hitte en wateroverlast.

We bouwen voort op de mooie projecten die de afgelopen jaren al in Hilvarenbeek zijn gestart. En we gaan samen verder, met nog meer ruimte voor initiatieven vanuit de gemeenschap en samenwerking met lokale bedrijven. Tegelijkertijd nemen we als gemeente ook zelf initiatieven om duurzaamheid te versnellen. Daarbij vinden we het belangrijk om inwoners, ondernemers en organisaties vanaf het begin te betrekken. Zo werken we niet alleen vóór, maar juist mét de samenleving aan een duurzamer Hilvarenbeek.

Het team ‘Duurzaam Hilvarenbeek’ is niet alleen betrokken bij de drie hoofdthema’s van het programma, maar staat ook klaar als aanspreekpunt en kenniscentrum voor andere duurzame initiatieven. Of het nu gaat om kleine projecten van inwoners, ideeën van lokale bedrijven of bijzondere samenwerkingen, wij denken graag mee, geven advies en ondersteunen waar mogelijk.

Zo maken we samen Hilvarenbeek nog duurzamer: met focus op de drie hoofdthema’s én met oog voor andere duurzame initiatieven in onze gemeente. Ik nodig u van harte uit om mee te doen. Want alleen sámen krijgen we dit voor elkaar. Op naar een duurzaam Hilvarenbeek. Samen gezond groeien!

Hartelijke groet,

Cathy Noordergraaf

Wethouder Duurzaamheid, gemeente Hilvarenbeek

Leeswijzer

In hoofdstuk 1 beschrijven we de aanleiding voor dit Omgevingsprogramma, de relatie van het Omgevingsprogramma tot de Global Goals, regionaal beleid en de Omgevingsvisie. Ook zeggen we iets over de begrenzing van het Omgevingsprogramma en beschrijven we het proces hoe we tot dit Omgevingsprogramma gekomen zijn. In hoofdstuk 2 leggen we het begrip Duurzaamheid uit en gaan we verder in op de verschillende onderdelen van duurzaamheid.

In hoofdstuk 3 beschrijven we wat duurzaamheid voor onze gemeente betekent; op welke thema’s we de nadruk leggen en wat onze uitgangspunten zijn. In de hoofdstukken 4 tot en met 6 worden de drie thema’s (energietransitie, klimaatbewustzijn en circulariteit) beschreven.

In ieder hoofdstuk beschrijven we per duurzaamheidsthema het volgende:

  • de ambitie en ontwikkelingen;

  • de doelen waar we ons op focussen om de ambitie te behalen;

  • wat de impact is voor de gemeente;

  • inwoners en bedrijven;

  • wat de risico’s zijn als we iets niets doen?

We bereiken de ambities alleen door samen te werken. We gaan bewustwording, kennis en draagvlak creëren bij inwoners, ondernemers en organisaties. Communicatie en participatie zijn hierbij belangrijk. In het hoofdstuk 7 nemen we u mee in de doelstellingen voor communicatie en participatie. Dit hoofdstuk geeft ook een overzicht van de benodigde financiële middelen.

Samenvatting

De verandering van het klimaat en de gevolgen daarvan zijn dringende problemen en vragen om ambitieus en actief ingrijpen. In het Samenlevingsakkoord 2022-2026 en het Collegeprogramma 2023-2026 is het thema Duurzaamheid de “groene” draad. We willen in 2050 energieneutraal, klimaatneutraal en circulair zijn. In 2030, dus over vijf jaar, willen we al halverwege zijn. De gemeente Hilvarenbeek wil zich duurzaam ontwikkelen, de CO² uitstoot reduceren en overgaan naar een energieneutraal en klimaatbestendig Hilvarenbeek in 2050. Om dit te bereiken zijn er drie hoofdthema’s benoemd:

Energietransitie. De ambitie van Hilvarenbeek is energieneutraal en aardgasvrij te worden en de energie die we verbruiken duurzaam op te wekken. Hierdoor zal de CO2 uitstoot beperkt worden en op de lange duur, in 2050, nagenoeg nul zijn. Om dit te bereiken, zetten we in op energiebesparing, duurzame warmte en duurzame elektra. In 2030 hebben we 50% van ons energieverbruik duurzaam opgewekt en een besparing gerealiseerd van 20%.

Klimaatbewustzijn. We krijgen steeds vaker te maken met extreme weersomstandigheden. Dit gaat niet alleen over warmere perioden maar ook over hevige neerslag en droge perioden. Gemeente Hilvarenbeek heeft de ambitie om in 2050 klimaatbestendig te zijn. Dit wil zeggen dat we onder andere beter om kunnen gaan met de hevige neerslag en water vast kunnen houden om piekafvoeren te voorkomen. Ook koppelen we regenwater af zodat dit zoveel als mogelijk lokaal in de bodem kan trekken. Daarnaast wordt ingezet op het juiste gebruik op de juiste plaats. Denk aan het beperken van de woningbouw in beekdalen. Dit alles gericht op een leefomgeving die ingericht is op een duurzame manier en waar zowel de gemeente als haar inwoners bewust mee omgaan.

Circulariteit. Nederland wil in 2050 volledig circulair zijn. Dat betekent: minder verspilling, meer hergebruik en slimmer omgaan met grondstoffen. Gemeenten, zoals Hilvarenbeek, spelen hierin een belangrijke rol. Zo kopen we duurzaam in, stimuleren we hergebruik en zetten we in op betere afvalscheiding. Ook werken we samen met inwoners en bedrijven aan circulaire oplossingen, zoals repair cafés en aparte inzameling van luiers en GFE-afval. De overgang naar een circulaire economie helpt bij het verminderen van CO2-uitstoot, het beschermen van de natuur en het zekerstellen van grondstoffen. Maar er zijn ook uitdagingen, zoals geld, personeel en steun van inwoners .

Communicatie en Participatie

De gemeente Hilvarenbeek benadrukt het belang van communicatie en participatie bij verduurzaming, omdat deze elkaar versterken en leiden tot meer betrokkenheid, vertrouwen en effectiviteit. Door open en transparante communicatie kunnen inwoners feedback geven, terwijl participatie ervoor zorgt dat deze feedback daadwerkelijk wordt meegenomen. Via initiatieven zoals het Inwonerspanel en het Beeks model inwonersparticipatie stimuleert de gemeente actieve betrokkenheid van bewoners bij beleid en besluitvorming. Dit alles draagt bij aan het gezamenlijke doel van een duurzame, klimaat neutrale en leefbare toekomst voor Hilvarenbeek.

Hoofdstuk 1 Inleiding

Paragraaf 1.1 Aanleiding

Hilvarenbeek is een aantrekkelijke gemeente om in te wonen, te werken, leven, ondernemen en verblijven. Dat willen wij graag zo houden. We willen ‘samen duurzaam vooruit’.

afbeelding binnen de regeling

In de Omgevingsvisie hebben we vastgesteld dat we een gemeente willen zijn waar we ‘samen gezond groeien’. De 12 centrale ambities uit de Omgevingsvisie dragen bij aan een gezonde gemeenschap, met een groene, duurzame economie, in een leefomgeving met hoge natuurlijke kwaliteiten. In dit Omgevingsprogramma (in uitvoeringsparagraaf 7.3) lichten we toe hoe de thema’s energietransitie, klimaatbewustzijn en circulariteit een bijdrage leveren aan de ambities uit de Omgevingsvisie. We kiezen voor een geactualiseerd duurzaamheidsbeleid, omdat we de noodzaak voelen om de kringlopen van energie en grondstoffen te sluiten en de CO2-uitstoot fors willen verminderen. We willen ook het Hilvarenbeeks duurzaam bewustzijn vergroten en duurzame keuzes blijven maken. Dit vraagt om een geïntensiveerde inzet op de hierboven genoemde thema’s.

Met het Klimaatakkoord van Parijs (2015) zijn internationale afspraken gemaakt om de klimaatveranderingen, voornamelijk de opwarming van de aarde, te beperken. Daarvoor is vastgelegd dat in 2050 de uitstoot van CO₂ terug moet naar het niveau van voor de industriële revolutie. In 2019 heeft Nederland een eigen klimaatakkoord vastgesteld. In 2020 heeft de Europese Unie de doelen voor 2030 aangescherpt. De CO₂-uitstoot moet vóór eind 2030 met minstens 55% verminderen ten opzichte van 1990. Het Nationaal Klimaatakkoord ging in 2019 uit van 49% in 2030.

Nederland werkt enerzijds aan het realiseren van de klimaatdoelen die klimaatverandering moeten afremmen en anderzijds aan het uitvoeren van de klimaatadaptatiestrategie, om te zorgen dat we ons tijdig aanpassen aan het veranderend klimaat. Nederlandse gemeenten sluiten zich vooralsnog aan bij de doelen die zijn gesteld in de Klimaatwet en het Klimaatakkoord.

Om te voldoen aan de landelijke afspraken in het Klimaatakkoord brengt het Omgevingsprogramma de benodigde samenhang en sturing aan. Door duidelijk aan te geven aan welke thema’s we gaan werken en vanuit welke visie. Hierdoor biedt het programma de mogelijkheid om proactief te handelen en in te spelen op ontwikkelingen. Dit programma benoemt ambities, helpt om de prioriteiten scherp te houden en de doelen te realiseren.

De drie landelijke duurzaamheidsambities die bijdragen aan een toekomstbestendige gemeente zijn:

afbeelding binnen de regeling

De landelijke duurzaamheidsambities focussen zich op het jaar 2050. In dat jaar moeten we onze ambities hebben bereikt. Dit lijkt nog ver weg, maar toch is het belangrijk dat we nu al aan de slag gaan om stap voor stap deze grote ambities te gaan halen. In het Omgevingsprogramma geven we de Hilvarenbeekse aanpak weer en hebben we uitgewerkt hoe we de komende vijf jaar concreet aan de slag gaan om dichterbij het behalen van onze duurzaamheidsambities te komen.

Paragraaf 1.2 Global Goals

afbeelding binnen de regeling

De Global Goals zijn 17 doelen om van de wereld een betere plek te maken in 2030. Ze vormen een globaal kompas voor uitdagingen als armoede, onderwijs en de klimaatcrisis. De Global Goals zijn door alle lidstaten van de Verenigde Naties (VN) aangenomen. Om de Global Goals te halen is inzet van alle gemeenten nodig. De Global Goals kunnen een meerwaarde zijn voor de gemeente en het nastreven van duurzame ontwikkelingen en vormen daarom de rode draad in de Omgevingsvisie Hilvarenbeek en het proces. Op 10 december 2019 heeft de gemeente Hilvarenbeek zich aangesloten bij het netwerk van Gemeenten4GlobalGoals.

De ambities hebben invloed op elkaar en kunnen niet los van elkaar worden gezien. Een circulaire economie kan een bijdrage leveren aan de doelstelling van de energietransitie om de CO2-uitstoot te reduceren. De opbrengsten van grootschalige opwek kunnen we benutten om de openbare ruimte klimaatbestendig in te richten. Vanwege de dwarsverbanden is gekozen voor één integraal programma.

Voor dit Omgevingsprogramma beperken wij ons tot onze fysieke leefomgeving. We houden de sociale doelstellingen ook in de gaten en onderzoeken of er gekoppelde kansen zijn. In termen van de Global Goals richten wij ons met dit programma op de volgende doelen:

3. Goede gezondheid en welzijn

7. Betaalbare duurzame energie

9. Industrie, innovatie en infrastructuur

11. Duurzame steden en gemeenschappen

12. Verantwoorde consumptie en productie

13. Klimaatactie

14. Leven in het water

15. Leven op het land

17. Partnerschap om doelstellingen te bereiken

Met de vaststelling van dit Omgevingsprogramma wordt richting gegeven voor de beleidsuitwerkingen en projecten die een bijdrage leveren aan de ambities en doelstellingen.

Paragraaf 1.3 Koppeling met gemeentelijk beleid en regio

Gemeente Hilvarenbeek kan de duurzaamheidsopgave niet alleen realiseren. Het bereiken van onze ambities wordt mede door andere partijen in het speelveld beïnvloed. De omgeving heeft invloed op de gemeente, soms groot en dwingend en soms klein en kansrijk. De gemeente kan andersom ook invloed uitoefenen op diezelfde omgeving. De nationale invloed op de gemeente is groot. Denk daarbij aan het Nationaal Klimaatakkoord, het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie en het Deltaplan Biodiversiteitsherstel, het Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie 2020-2023 en de Wet Milieubeheer

Samenwerking GHO-gemeenten

De gemeenten Goirle, Hilvarenbeek en Oisterwijk werken sinds 2015 samen onder de naam GHO om hun bestuurskracht te versterken. Op 2 juni 2025 is deze samenwerking officieel bekrachtigd met een overeenkomst die de basis legt voor een structurele, toekomstgerichte samenwerking. De focus ligt op het verbeteren van dienstverlening, het creëren van kansen voor medewerkers en het gezamenlijk aanpakken van regionale en complexe vraagstukken, met bijzondere aandacht voor duurzaamheid. Door deze samenwerking willen de gemeenten hun kwetsbaarheid verminderen, de kwaliteit verhogen, kosten beheersen en kansen vergroten, zodat ze beter kunnen inspelen op maatschappelijke ontwikkelingen en hun inwoners optimaal kunnen bedienen.

Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS) Hart van Brabant

Alle regio’s in Nederland werken aan een Regionale Energie Strategie (RES): een plan waarin staat hoe en waar energie bespaard kan worden, waar duurzame energie met zon en wind opgewekt kan worden, en hoe we onze woningen kunnen verwarmen zonder aardgas. Deze plannen komen allemaal samen in een RES, een Regionale Energie Strategie. In onze regio, Hart van Brabant, kijken we óók hoe we onze omgeving kunnen aanpassen aan het veranderende klimaat. Daarom heet de RES bij ons een REKS: een Regionale Energie- en Klimaatstrategie. Met een extra ”K”.

In de regio Hart van Brabant gaan we een stap verder. Hier is de RES uitgebreid tot een Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS), met extra aandacht voor klimaatadaptatie. De REKS is een samenwerking tussen negen gemeenten, de provincie Noord-Brabant en de waterschappen. Op 1 juli 2021 hebben de gemeenteraden, Provinciale Staten en de algemene besturen van de waterschappen ingestemd met het REKS-bod 1.0. Dit bod beschrijft onder andere hoeveel duurzame energie er in de regio kan worden opgewekt en welke mogelijkheden er zijn voor duurzame warmte.

Als gemeente Hilvarenbeek leveren we actief een bijdrage aan de REKS door deelname aan werkgroepen, projectgroepen en stuurgroepen. Vanwege onze ligging is samenwerking met omliggende gemeenten binnen de REKS-regio zoals Goirle, Oisterwijk en Tilburg van groot belang.

Samenwerking met Oirschot buiten de REKS-regio

Hoewel Oirschot niet behoort tot de negen REKS-gemeenten van Hart van Brabant, is samenwerking met deze gemeente op specifieke thema’s essentieel. Oirschot valt onder een andere RES-regio, maar vanwege de geografische nabijheid en gedeelde opgaven werken we samen aan concrete projecten. Een belangrijk voorbeeld hiervan is de gezamenlijke verkenning van een zoekgebied voor de realisatie van een 150kV-station tussen Tilburg-Noord en Best. Dit project vraagt om afstemming over gemeentegrenzen heen en laat zien hoe regionale samenwerking ook buiten de REKS-structuur plaatsvindt.

afbeelding binnen de regeling

Paragraaf 1.4 Koppeling met de Omgevingsvisie

In de Uitvoeringsparagraaf van de Omgevingsvisie staat bij hoofdstuk 8.3 dat de gewenste verdere uitwerking van het strategisch beleid op tactisch/operationeel niveau plaats kan vinden via het instrument Omgevingsprogramma. De integrale afweging vindt op hoofdlijnen plaats in de Omgevingsvisie. In de Omgevingsprogramma’s wordt daarop door gewerkt en worden de lijnen voor de uitvoering uitgezet. Het Omgevingsprogramma is een flexibel instrument dat de gemeente kan toepassen in verschillende fasen van de beleidscyclus. Een Omgevingsprogramma heeft verschillende kenmerken en is zelfbindend. Het wordt vastgesteld door het college. Deze kunnen gebiedsgericht of thematisch van aard zijn. Momenteel werkt de gemeente aan onder andere een Omgevingsprogramma Duurzaamheid en een (verplicht) Warmteprogramma.

De Omgevingsvisie “Samen gezond groeien” heeft een lange termijn horizon en bevat ambities en doelen voor het beheer, het gebruik en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de gemeente Hilvarenbeek. In de hele gemeente wordt gewerkt aan ambities die bijdragen aan een gezonde gemeenschap, een groene economie en een natuurlijke leefomgeving, die weer verder zijn uitgewerkt in verschillende thema’s en deelgebieden. Onder het thema ‘groene economie’ komt energie en warmte (passend energielandschap) prominent terug. Maar ook in het thema ‘natuurlijke leefomgeving’ is (met ‘Ruimte voor flora en fauna’ en ‘Geleid door bodem- en watersysteem) veel aandacht voor een duurzamer Hilvarenbeek. Circulariteit in lage(re) belasting van het milieu.

De uitgangspunten voor verduurzaming die zijn uitgewerkt in de Omgevingsvisie sluiten aan op de speerpunten in het Omgevingsprogramma. Het Omgevingsprogramma en de bijbehorende uitvoeringsparagraaf (7.3) hebben een praktischer, meer op uitvoering gerichte insteek. Het bevat concrete resultaten en maatregelen voor de komende vijf jaar. De Omgevingsvisie en dit Omgevingsprogramma worden periodiek geactualiseerd en op elkaar afgestemd. Dat wil niet zeggen dat alles wat we willen in de fysieke ruimte mogelijk is. Daarvoor zijn we ook afhankelijk van regelgeving van andere overheden en afstemming met andere ruimtelijke opgaven. Zo zijn we bijvoorbeeld bij grootschalige opwek afhankelijk van wat wel/niet kan in relatie tot Defensie (hoogtebeperkingen als gevolg van de defensiecorridor en de radarzone).

Paragraaf 1.5 Begrenzingen Omgevingsprogramma

Met dit programma voeren we voor een groot deel de regels van Europa en Nederland uit. Binnen deze regels hebben gemeenten zelf ruimte om te beslissen hoe ze deze doelen uitvoeren. In dit programma leggen we uit hoe wij dat doen. Duurzaamheid heeft ook invloed op andere dingen, zoals wonen, werk, wegen, verkeer en sociaal beleid. Ook deze gebieden helpen mee om de gemeente klaar te maken voor de toekomst. Er zijn veel verbanden tussen deze gebieden. Zo kan een slecht geïsoleerd huis leiden tot hogere energiekosten en moeite met betalen van energie. Meer groen helpt niet alleen tegen hitte en wateroverlast, maar maakt het ook leuker voor mensen om elkaar te ontmoeten en te bewegen. Samenwerken is daarom heel belangrijk. Duurzaamheid is bijna altijd een onderdeel van het beleid. Het team Duurzaamheid helpt andere teams om duurzaamheid mee te nemen in hun werk en plannen.

Rol en taken van Team Duurzaamheid

Team Duurzaamheid is binnen dit programma verantwoordelijk voor de drie programmalijnen:

  • Energietransitie

  • Klimaatbewustzijn

  • Circulariteit

Dit vormt de kern van het Omgevingsprogramma. Het team denkt ook mee bij andere omgevingsprogramma’s, zoals Mobiliteit en Woningbouw. Zij geven advies over woningbouwprojecten, duurzaam inkopen, energiearmoede en de jaarlijkse afspraken met de woningcorporaties. Door deze brede betrokkenheid komt duurzaamheid overal in de organisatie terug. Deze werkzaamheden horen niet officieel bij dit Omgevingsprogramma. Dat is een bewuste keuze, zodat het programma goed uitvoerbaar blijft en de aandacht blijft bij de drie hoofdonderwerpen.

Paragraaf 1.6 Proces totstandkoming Beleid Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030

afbeelding binnen de regeling

Samen werken aan een duurzame toekomst

Het Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025–2030 is een integraal onderdeel van de bredere beleidskoers onder de Omgevingswet en vertaalt de Omgevingsvisie Samen Gezond Groeien naar de praktijk. Duurzaamheid is hierin geen losstaand thema, maar een verbindend principe dat alle beleidsvelden doorkruist. Door afstemming met domeinen als economie, recreatie & toerisme, wonen en mobiliteit is duurzaamheid stevig verankerd in het gemeentelijk beleid. Deze aanpak past bij het gekozen ontwikkelscenario Samenwerkend Hilvarenbeek, waarin de gemeente optreedt als verbinder, facilitator en netwerkpartner. Samenwerking met regionale partners en lokale initiatiefnemers staat centraal. Duurzaamheid krijgt concreet vorm via versterking van natuur en buitengebied en ondersteuning van initiatieven zoals aardgasvrije woningen, zonneparken en windmolens.

Thematische focus binnen een integrale benadering

Het Omgevingsprogramma is een verdieping van de integrale duurzaamheidsvisie zoals vastgelegd in de Omgevingsvisie. Op basis van de evaluatie van de Paraplunota Duurzaam Hilvarenbeek 2019–2022 zijn drie centrale thema’s gekozen:

  • Energietransitie

  • Klimaatbewustzijn

  • Circulariteit

Deze thematische focus stelt de gemeente in staat om doelgericht te handelen, met behoud van beleidsmatige samenhang. De energietransitie wordt direct gekoppeld aan het woonbeleid, onder meer via de Europese verplichting tot Zero Emission Buildings (ZEB). Door het ondersteunen van green deals en het faciliteren van overleg tussen ondernemers en netbeheerders, wordt actief gestuurd op het voorkomen van netcongestie. Binnen klimaatbewustzijn worden ruimtelijke keuzes afgestemd op waterveiligheid en bodemkwaliteit, wat leidt tot het beperken van woningbouw in kwetsbare beekdalen. Tegelijkertijd wordt de openbare ruimte multifunctioneel ingericht, waarbij klimaatadaptatie en recreatie worden gecombineerd. Circulariteit krijgt beleidsmatige invulling via de ontwikkeling van een circulair ambachtsnetwerk. Dit draagt bij aan grondstofbehoud, stimuleert lokale werkgelegenheid en biedt sociale meerwaarde door kansen te creëren voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt.

Deze integrale benadering leidt tot:

  • structurele verankering van duurzaamheid in alle relevante beleidsvelden;

  • behoud van focus op de drie hoofdthema’s;

  • versterking van maatschappelijke en ruimtelijke resultaten.

Participatie en communicatie

Bij de totstandkoming van het Omgevingsprogramma is breed ingezet op participatie, afgestemd op de diversiteit van de gemeenschap. Input is verzameld via:

  • een enquête onder het Inwonerspanel en een steekproef van 2.000 inwoners, inclusief ondernemers;

  • inbreng van de Kinderraad;

  • evaluatie van de Paraplunota Duurzaam Hilvarenbeek 2019–2022;

  • bijeenkomst(en) van de Commissie Ruimte;

  • ambtelijke bijdragen vanuit diverse beleidsvelden.

Het Omgevingsprogramma is opgesteld binnen duidelijke beleidsmatige en wettelijke kaders, zoals het Klimaatakkoord, de Klimaatwet en de REKS. Hierdoor was de ruimte voor inhoudelijke participatie in deze fase beperkt. De focus verschuift nu bewust naar de uitvoeringsfase, waarin meer ruimte is voor co-creatie en lokale invulling.

De participatie (in de periode maart/juni 2025) heeft waardevolle inzichten opgeleverd die richting geven aan deze uitvoeringsfase. Hoewel de opgaven in het programma een landelijke lijn volgen, biedt de uitvoering ruimte voor co-creatie en betrokkenheid bij de vraag hoe maatregelen worden gerealiseerd. De gemeente kiest bewust voor laagdrempelige vormen van betrokkenheid, zoals digitale informatievoorziening en berichtgeving via lokale media. Dit sluit aan bij de voorkeuren van inwoners zoals blijkt uit de enquête:

  • 58% via de Hilverbode;

  • 38% via de gemeentelijke website;

  • 30% via Social media van de gemeente.

Deze kanalen worden actief ingezet voor terugkoppeling en het aankondigen van participatiemogelijkheden. Er is expliciete aandacht voor ondervertegenwoordigde doelgroepen, zodat participatie breed en inclusief wordt vormgegeven.

Heldere communicatie is daarbij essentieel. Inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties worden niet alleen geïnformeerd over het programma, maar ook actief meegenomen bij de uitvoering van alle acties. De gemeente vervult hierin een faciliterende rol als aanjager, verbinder en mogelijkmaker. Dit betekent dat we bewoners en partners betrekken bij zowel keuzes als uitvoering, zodat zij daadwerkelijk kunnen bijdragen. Voorbeelden hiervan zijn het organiseren van gesprekken tussen ondernemers en netbeheerders en het mogelijk maken van grootschalige woningisolatie zonder individueel ecologisch onderzoek via het Soortenmanagementplan (SMP).

Samenwerking met lokale partners

De gemeente Hilvarenbeek werkt intensief samen met lokale partners zoals Hilverstroom, Tussenheid, ZLTO, ondernemersverenigingen en dorpscoöperaties. Deze samenwerking is verankerd in een reeks overlegmomenten, waarin actief gesproken is over het Omgevingsprogramma en de rol van gedeelde verantwoordelijkheid binnen dit kader. Tijdens deze gesprekken is expliciet aandacht besteed aan de visie van de betrokken partijen op een duurzame toekomst voor Hilvarenbeek.

De samenwerking kenmerkt zich door gedeeld eigenaarschap en een gezamenlijke inzet voor een toekomstbestendige leefomgeving. Lokale initiatieven worden gestimuleerd en gefaciliteerd, waarbij de gemeente optreedt als aanjager, verbinder en ondersteuner. Door deze participatieve aanpak wordt het Omgevingsprogramma niet alleen gedragen door de gemeente, maar ook door de gemeenschap zelf. De uitvoeringsagenda (zie paragraaf 7.3) beschrijft concreet hoe rollen in afstemming worden belegd, bijvoorbeeld bij ‘woningisolatie’ (Stichting Hilvarenbeek Duurzaam), ‘Green Deal Mierbeek’ (ondernemers) en ‘lokale uitvoering en draagvlak’ (dorpscoöperaties).

Democratische vernieuwing: het uitdaagrecht in Biest-Houtakker

Een inspirerend voorbeeld van lokale betrokkenheid is het initiatief van Stichting Duurzaam Biest, waar inwoners via het uitdaagrecht een gemeentelijke taak overnamen. Dit leidde tot een gezamenlijke zoektocht naar duurzame oplossingen voor woningverwarming. Het illustreert hoe Samenwerkend Hilvarenbeek in de praktijk wordt gebracht en versterkt de positie van inwoners als ‘mede-eigenaar’ van hun leefomgeving.

Samen maken we het verschil

Duurzaamheid is geen opgave die uitsluitend bij de overheid ligt. De transitie naar een duurzame toekomst vraagt om een gezamenlijke inspanning van overheden, bedrijven én inwoners. Alleen door samenwerking kunnen we de noodzakelijke veranderingen realiseren en verankeren in onze samenleving. De overheid speelt hierin een belangrijke rol als beleidsmaker, investeerder en voorbeeld. Haar keuzes beïnvloeden de markt en kunnen duurzame innovatie stimuleren. Bedrijven kunnen een voortrekkersrol vervullen door duurzaam te innoveren, circulair te produceren en transparant te ondernemen. Hun slagkracht en creativiteit zijn essentieel om duurzame oplossingen op schaal te realiseren. Ook inwoners zijn onmisbaar in deze transitie. Hun gedrag, keuzes en betrokkenheid bepalen mede het succes van duurzaam beleid. Door bewust te consumeren, energie te besparen en actief mee te denken over lokale initiatieven, leveren zij een waardevolle bijdrage aan een leefbare gemeente. Het Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025–2030 is dan ook een uitnodiging aan iedereen: overheid, ondernemers en inwoners. Samen dragen we verantwoordelijkheid. Samen maken we het verschil. Samen groeien we gezond.

Hoofdstuk 2 Algemeen: Duurzaamheid

Paragraaf 2.1 Definitie

afbeelding binnen de regeling

Hoofdstuk 3 Ambitie

Paragraaf 3.1 Op naar een duurzamer Hilvarenbeek

De verandering van het klimaat en de gevolgen daarvan zijn urgente problemen en vragen om ambitieus en daadkrachtig ingrijpen. In onderstaande figuur staat ieder verticaal streepje voor één jaar van het begin van de metingen in 1901 tot en met 2023. De kleur van het streepje geeft de gemiddelde temperatuur van dat jaar aan: blauw voor relatief koele jaren en rood voor relatief warme jaren.

afbeelding binnen de regeling

We willen duurzaam ontwikkelen op een manier die past bij Hilvarenbeek. We benutten kansen uit economische en maatschappelijke ontwikkelingen, en zorgen dat iedereen mee kan doen. Ideeën zijn welkom en maatregelen moeten betaalbaar zijn voor iedereen.

Duurzaamheid betekent ook dat we het gebruik van schaarse grondstoffen beperken en structurele vervuiling van water en bodem tegengaan. Zo bouwen we samen aan een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving.

Paragraaf 3.2 Welke thema's gaan we aanpakken?

Energietransitie. De gemeente is energieneutraal in 2050 (95% CO2 -reductie). Dit betekent dat we in 2050 maximaal energie besparen. En dat we gebruik maken van hernieuwbare energie voor elektriciteit, warmte, en mobiliteit die we opwekken binnen onze eigen regio, zonder gebruik van fossiele brandstoffen.

Klimaatbewustzijn. De gemeente is klimaatbestendig en biedt een diversiteit aan plant- en diersoorten in 2050. Dit betekent dat de leefomgeving door in 2050 zo is ingericht dat de schadelijke gevolgen van klimaatverandering (heviger neerslag, hitte, langdurige droogte, verzilting en overstromingen) worden beperkt. Ook is de leefomgeving vergroend om daarmee de verscheidenheid aan planten, dieren en micro-organismen, oftewel de biodiversiteit, te herstellen en te vergroten. Hilvarenbeek wordt dus klimaatbestendig doordat de gemeente en haar inwoners bewust omgaan met de leefomgeving en deze hiervoor aanpast op de klimaatveranderingen.

Circulariteit. De gemeente is volledig circulair in 2050. Kort samengevat leven we in 2050 in een wereld zonder afval. Dit betekent dat we zuinig en slim met grondstoffen omgaan en de aanschaf van elk nieuw product kritisch afwegen. Daarnaast houdt dit in dat grondstoffen behouden blijven tijdens de levensduur van producten, gebouwen en infrastructuur en daarna hoogwaardig worden hergebruikt.

Deze transities kunnen lang duren. Verduurzaming kan alleen succesvol zijn als we er langdurig en consequent op inzetten en vasthouden aan onze duurzame ambities. Op weg daarnaartoe moeten we voortdurend flexibel en wendbaar zijn. Want ontwikkelingen in bijvoorbeeld techniek, innovatie, wet- en regelgeving en voor betaalbaarheid volgen elkaar snel op.

Paragraaf 3.3 Aanbevelingen uit de evaluatie

Uit de evaluatie van de Paraplunota Duurzaam Hilvarenbeek 2019-2022 en uit gesprekken met beleidsmedewerkers komen verschillende aanbevelingen naar voren voor het Omgevingsprogramma en de bijbehorende uitvoeringsparagraaf (7.3). De volgende aanbevelingen zijn in het Omgevingsprogramma en de bijbehorende uitvoeringsparagraaf (7.3) verwerkt:

  • focus en flexibiliteit;

  • monitoring;

  • inzetten op vergroten bewustwording;

  • verankeren van integraal beleid;

  • alleen ga je sneller, samen kom je verder;

De evaluatie Paraplunota Duurzaam Hilvarenbeek 2019-2022 vindt u hier terug.

Paragraaf 3.4 Hoe willen we dat bereiken? Samen duurzaam vooruit

Samen, deelnemen

Succesvolle voorbeelden uit binnen- en buitenland tonen aan dat draagvlak voor verandering het grootst is als de transities gezamenlijk, vooral vanuit de inwoners en ondernemers zelf, worden geïnitieerd. Lokale ondernemers moeten mee kunnen profiteren in de warmtetransitie, de energietransitie en de inrichting van onze leefomgeving. De impact van de transities kan ingrijpend zijn op de directe woon- en leefomgeving van inwoners. Communicatie en participatievraagstukken moeten kleinschalig worden opgepakt. Daarnaast zijn onze partners onmisbaar in de realisatie van de duurzaamheidsdoelstellingen. We werken nauw samen met de energiecoöperatie Hilverstroom, woningbouwvereniging Leystromen en het Hilvarenbeekse bedrijfsleven. In de regio werken we o.a. samen met de regiogemeenten van regio Hart van Brabant, de GHO-gemeenten en het Waterschap De Dommel.

In balans toekomstbestendig ontwikkelen

Een duurzame ontwikkeling is een ontwikkeling die voorziet in de behoeften van de huidige generatie, zonder daarbij de mogelijkheden van toekomstige generaties om in hun behoeften te kunnen voorzien te beperken. We spreken over een gebalanceerde duurzame ontwikkeling als het volgende van toepassing is:

  • Economie, natuur en samenleving moeten tegelijk beter worden. Het ene mag niet beter worden als dat slecht is voor het andere.

  • De ontwikkeling moet ook goed blijven voor toekomstige generaties. Problemen mogen niet worden doorgeschoven naar later.

Rollen van de gemeente

Wij zetten onze eigen stempel op de transities met het karakter en de werkwijze van onze gemeente. We hebben daarbij passende rollen geformuleerd die bepalend zijn voor de keuzes die we maken in het verduurzamen van Hilvarenbeek.

afbeelding binnen de regeling

De rollen van de gemeente zijn goed te relateren aan het Beeks model voor inwonersparticipatie, zeker wanneer we dit model combineren met de participatieladder die Hilvarenbeek bewust inzet. Hieronder zie je hoe de rollen van de gemeente aansluiten bij verschillende niveaus van participatie en bij het Beeks model:

afbeelding binnen de regeling

Per project/actie zal de juiste rol gekozen moeten worden. In de uitvoeringsparagraaf (7.3) Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 zullen we per project aangeven welke rol de gemeente daarin heeft.

Voor iedereen, dus betaalbaar

Huishoudens met minder geld geven een steeds groter deel van hun inkomen uit aan de energierekening. Bovenmodale huishoudens kunnen vaak zelf de middelen opbrengen of lenen om hun woning te verduurzamen. Als een woning is verduurzaamd, dalen de energielasten flink. De huishoudens met de minder geld kunnen deze ‘energietransitie’ van hun eigen woning nauwelijks bekostigen. Daardoor blijven juist deze inwoners achter met een hogere energierekening. In onze planvorming moeten we hiermee rekening houden.

Oog voor wat haalbaar is

Doordat de gemeente Hilvarenbeek een kleine gemeente is met zeer ambitieuze doelstellingen, is het belangrijk om een duidelijke focus te hebben. Daarom kiezen we in het Omgevingsprogramma voor maximaal drie thema’s:

  • a.

    Energietransitie

  • b.

    Klimaatbewustzijn

  • c.

    Circulariteit

Team duurzaamheid ondersteunt andere afdelingen als zij aan de slag gaan met verduurzaming, Dit helpt om duurzaam denken en handelen in het DNA van de gemeente te krijgen en uiteindelijk een onderdeel te laten zijn van ons kwaliteitsdenken.

De acties moeten SMART zijn. SMART is een methode om duidelijke en haalbare doelen te formuleren en staat voor: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden zijn. Deze acties vinden een plek in de uitvoeringsparagraaf (7.3) met daarin ook een gekoppeld budget per actie. Focus zorgt mogelijk ook nog voor kwalitatief betere resultaten. Op dit moment is de gemeentelijke inzet in termen van budget en personele capaciteit niet in lijn met de ambitieuze doelstellingen. Om de beleidsprioriteiten passend en in het benodigde tempo op te pakken is een substantiële extra investering nodig. Dit is ook van belang met het oog op de geloofwaardigheid naar de maatschappelijke partners.

Door extra verantwoordelijkheden voor decentrale overheden is inmiddels al (substantieel) meer capaciteit nodig. Maar dat kan niet zonder extra geld van de Rijksoverheid. De uitvoering van klimaat- en energiebeleid en grondstoffenbeleid gaat gemeenten de komende jaren veel geld kosten

In de uitvoeringsparagraaf (7.3) Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 is per opgenomen actie aangegeven wat de kosten zijn (in formatie en euro’s) en of deze structureel of incidenteel zijn. Ook zullen mogelijke dekkingsbronnen (begroting, beschikbare middelen Rijk en provincie) benoemd worden.

Paragraaf 3.5 Hoe gaan we de voortgang meten? Monitoring en evaluatie

Monitoring en informatie gebruiken

De gemeente gaat de komende jaren beter sturen op duurzaamheid door meer gebruik te maken van informatie. Door beschikbare data te bekijken en te combineren krijgen we beter inzicht in trends, risico’s en kansen. Dit helpt om maatregelen gericht in te zetten, samen met andere taken binnen de leefomgeving. Monitoring is daarom een belangrijk onderdeel van het Omgevingsprogramma. Zo kunnen we bepalen wat het belangrijkst is, op tijd bijsturen en werken aan oplossingen voor een gebied. Dit geldt bijvoorbeeld voor wateroverlast, hitte in de stad en afval.

Nulmeting en indicatoren

In 2026 wordt een nulmeting gedaan. De resultaten komen in een apart document bij de uitvoeringsparagraaf (7.3). Deze nulmeting is de basis om de voortgang te volgen en te zien hoe dingen in de loop van de jaren veranderen. De lijst met meetpunten (indicatoren) wordt, zoals met de commissie is afgesproken, samen met de Raadswerkgroep opgesteld. Team Duurzaamheid maakt hiervoor een advies voor het college, samen met de portefeuillehouder. De indicatoren zijn voor iedereen te bekijken op de nieuwe gemeentelijke website www.duurzaamhilvarenbeek.nl.

afbeelding binnen de regeling

Jaarlijkse monitoring en rapportage

De gemeente zorgt voor transparantie en controle door elk jaar een Raadsinformatiebrief (RIB) Duurzaamheid te sturen. Zo krijgt de gemeenteraad een actueel overzicht van wat er gebeurt.

  • Eerste RIB: bevat hoe de monitoring werkt, de gekozen meetpunten (indicatoren), de nulmeting en de maatregelen voor dat jaar.

  • Vervolg-RIB’s: laten zien wat de voortgang is, welke resultaten zijn bereikt en wat de plannen zijn voor het volgende jaar.

Deze werkwijze zorgt ervoor dat het Omgevingsprogramma op strategisch niveau wordt gevolgd en dat de raad elk jaar weet wat er concreet wordt gedaan.

Evaluatie

Het Omgevingsprogramma kent een looptijd tot en met 2030. Na vijf jaar wordt het programma geëvalueerd. Met als doel input te leveren voor een actualisatie van het programma. De volgende vragen zijn onderdeel van de evaluatie:

  • Is het Omgevingsprogramma nog actueel?

  • In hoeverre zijn de doelen bereikt?

  • Zijn de doelen nog passend?

Hoofdstuk 4 Energietransitie

Onze energievoorziening verandert de komende decennia ingrijpend. Ruim 50 jaar geleden gingen we in Nederland over van kolen op aardgas en nu staan we aan het begin van een minstens zo ingrijpende verandering; de overstap naar duurzame energie. Energietransitie betekent dat we overstappen van het opwekken van energie met fossiele brandstoffen, zoals aardgas, steenkool en olie, naar duurzame energiebronnen zoals zon, wind, water en warmte uit de aarde. De energietransitie brengt ingrijpende maatschappelijke, financiële en ruimtelijke gevolgen met zich mee.

Paragraaf 4.1 Wat is onze stip op de horizon als we het over de energietransitie hebben?

Nationaal

In het Klimaatakkoord is de nationale ambitie vastgelegd dat Nederland in 2050 de broeikasgasemissies wil verminderen met 95% ten opzichte van 1990. Om dit te bereiken wil Nederland werken aan het opwekken van hernieuwbare elektriciteit en het verduurzamen van gebouwen om van het aardgas af te gaan. In het Klimaatakkoord zijn daarvoor mijlpalen gesteld voor 2030 om vanuit daar het doel van 2050 te bereiken.

Regionaal

De regio Hart van Brabant wil in 2030 elk jaar 1 Terawattuur (TWh) aan duurzame stroom opwekken. Bijna de helft daarvan is al gelukt, vooral door de groei van zonnepanelen op grote bedrijfsdaken. De verwachting was dat we 1,3 TWh zouden halen, maar door netcongestie (drukte op het stroomnet) blijkt dit een grote uitdaging. De vraag naar elektriciteit in Nederland zal naar verwachting aanzienlijk toenemen in de periode tot 2050 door verdergaande elektrificatie. Dit is ook hetgeen we zien gebeuren in de regio, en daarvoor verschuift in de regio de focus van zon- naar windenergie.

Lokaal

Hilvarenbeek wil in 2050 energieneutraal zijn: alle energie die we gebruiken, wekken we dan duurzaam op binnen onze eigen gemeente. We zetten in op energiebesparing, vooral door betere isolatie en ventilatie bij woningen en bedrijven. De energie die daarna nog nodig is, willen we zo veel mogelijk lokaal opwekken. Dit is een uitdaging, vanwege beperkte ruimte voor windturbines en beperkte invloed op de ontwikkelingen bij Defensie. Samenwerking in de regio is hierbij cruciaal. Alleen met steun van het Rijk – via wetgeving, financiële middelen en stimuleringsregelingen – kunnen we deze ambitie waarmaken. Tegelijk willen we voldoende ruimte houden om lokaal onze eigen keuzes te maken.

Paragraaf 4.2 Energietransitie in Hilvarenbeek: welke ontwikkelingen staan ons te wachten?

De energietransitie is volop in ontwikkeling, ook in Hilvarenbeek. In 2030 gaat de gaskraan in Groningen definitief dicht, waardoor we overstappen op duurzame warmte, zoals warmtepompen en warmtenetten. Het Rijk ondersteunt deze omslag met subsidies voor isolatie van woningen, een belangrijke stap richting energiebesparing en comfort. Tegelijk ervaren we uitdagingen, zoals netcongestie: het stroomnet raakt op steeds meer plekken vol, ook in onze regio. Dit maakt het lastiger om nieuwe zonnepanelen of laadpalen aan te sluiten. Netbeheerders werken aan oplossingen, maar dit vraagt ook lokaal om slimme keuzes.

Nieuwe landelijke wetgeving biedt gemeenten straks meer mogelijkheden om de energietransitie te versnellen, bijvoorbeeld via isolatieverplichtingen of meer regie op energieprojecten. In Hilvarenbeek vertalen we dit naar een aanpak die past bij onze omgeving en die we samen met inwoners en partners vormgeven. We zien dat de energietransitie steeds belangrijker wordt en vaak bepaalt of plannen wel of niet doorgaan. Waar het voorheen externe ontwikkelingen zoals woningbouw of ontwikkelingen van bedrijventerreinen opvolgde, is dit nu omgedraaid. Dat vraagt iets van onze organisatie én van hoe we het gesprek voeren met bewoners, bedrijven en andere betrokkenen.

Paragraaf 4.3 Wat doen we vandaag voor het Hilvarenbeek van 2030?

Subparagraaf 4.3.1 Energiebesparing

Verduurzaming vraagt niet alleen om maatregelen, maar ook om goede informatie. Voor veel inwoners is het onderwerp nieuw of complex. Daarom blijven we investeren in duidelijke communicatie, samen met het Energiehuis. Het Energiehuis Hilvarenbeek biedt inwoners onafhankelijk advies en praktische ondersteuning bij energiebesparing en woningverduurzaming, en draagt daarmee bij aan de uitvoering van het omgevingsprogramma Duurzaamheid. Veel huiseigenaren wachten nu af op gemeentelijke plannen voor aardgasvrij wonen, maar één ding is zeker: alle woningen moeten eerst 30 tot 50% energie besparen om de overstap naar duurzame warmte überhaupt mogelijk te maken.

Daarom ligt de focus de komende jaren op het isoleren van slecht geïsoleerde woningen (label D t/m G), waar veel warmte verloren gaat. Dat is niet alleen zonde van het comfort, maar ook van het geld en het energieverbruik. Isolatiemaatregelen worden ook wel ‘no-regret’ maatregelen genoemd: bewoners krijgen er geen spijt van, want ze passen bij alle toekomstige alternatieven voor aardgas. Om dit grootschalig aan te pakken is het Nationaal Isolatieprogramma (NIP) opgezet, waarvan de gemeente Hilvarenbeek haar deel uitvoert met de Lokale Aanpak Isolatie. Die wordt de komende vijf jaar uitgerold, met ondersteuning voor bewoners in de vorm van advies en financiële hulp.

Energiebesparing is de eerste stap binnen verduurzaming, maar informeren en leren zijn minstens zo belangrijk. Voor veel inwoners is verduurzaming nog nieuw, en voor anderen is het een zoektocht in de vele opties en ontwikkelingen.

Subparagraaf 4.3.2 Warmte & Koelte

Het is een feit dat we in 2050 geen aardgas meer gebruiken. Dit betekent dat we op een andere manier onze woningen gaan verwarmen, koken en douchen. De warmtetransitie kent geen standaardoplossing; er zijn meerdere alternatieven denkbaar, zoals het gebruik van rest- of aardwarmte, elektrische systemen zoals warmtepompen, of duurzame gassen. Welke oplossing het meest geschikt is, verschilt per wijk en situatie. Juist daarom is het opstellen van een gemeentelijk Warmteprogramma van groot belang.

In Biest-Houtakker ontwikkelt een actieve werkgroep een wijkuitvoeringsplan om het dorp in 2030 energieneutraal te maken, met ondersteuning van de gemeente. Dit gebeurt onder het “Right to Challenge”-principe. De gemeenteraad van Hilvarenbeek heeft dit initiatief in Biest-Houtakker aangewezen als één van de projecten binnen het traject van democratische vernieuwing. Parallel daaraan werkt de gemeente sinds eind 2024 aan een Soortenmanagementplan (SMP), dat grootschalige woningisolatie mogelijk maakt zonder individueel ecologisch onderzoek. Het Energiehuis heeft al honderden bewoners geholpen met energiebesparing en is een succesvol voorbeeld van lokale samenwerking.

Het Warmteprogramma, dat uiterlijk eind 2026 gereed moet zijn, vormt de beleidsmatige basis waarop de gemeente Hilvarenbeek keuzes maakt voor alternatieven voor aardgas. Dit document biedt bewoners inzicht en handelingsperspectief, afgestemd op hun eigen buurt of dorpskern. Tegelijkertijd staat de wetgeving rondom de warmtetransitie volop in ontwikkeling. De nieuwe Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie (WGIW) en de Wet Collectieve Warmte (Wcw) geven gemeenten meer juridische ruimte voor regie, maar maken het nu nog lastig om overal concreet op vooruit te lopen. Een ander belangrijk thema dat steeds meer aandacht vraagt, is het behouden van koelte in goed geïsoleerde woningen. Eerder kreeg dit onderwerp weinig aandacht, maar door de toenemende hitte wordt het nu een belangrijk onderdeel van toekomstig warmtebeleid. Hilvarenbeek zal dit dan ook nadrukkelijk meenemen in het verdere proces.

Subparagraaf 4.3.3 Opwek & Opslag

Grootschalige opwek maakt onderdeel uit van onze regionale aanpak (REKS), waarbij wind en zon slim worden gecombineerd in zogeheten energiehubs. Deze hubs maken koppelingen mogelijk met andere functies zoals recreatie, mobiliteit en warmtevoorziening, en worden ondersteund door het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V., waar gemeente Hilvarenbeek mede-initiatiefnemer van is.

Een grote uitdaging in de energietransitie is netcongestie: het elektriciteitsnet raakt overbelast door de snelle toename van duurzame opwek. Daarom zet de gemeente in op betere samenwerking met netbeheerders en op slimme ruimtelijke planning om beschikbare netcapaciteit optimaal te benutten. Tegelijkertijd wordt opslag van elektriciteit steeds belangrijker. Batterijen kunnen pieken in opwek tijdelijk opslaan en later afgeven, waarmee netbelasting wordt verlaagd en aansluitproblemen worden voorkomen. Dit vraagt om ruimtelijke afwegingen: opslaginstallaties hebben impact op de leefomgeving en vereisen heldere regels en integratie in ruimtelijke plannen.

Hilvarenbeek pakt hierin haar rol door actief te sturen op ruimte voor opwek én opslag van duurzame energie. Via beleidsmatige keuzes, juridische kaders en samenwerking met regionale partners zorgt de gemeente dat opwek en opslag hand in hand gaan met leefbaarheid, veiligheid en toekomstgerichte ruimtelijke ontwikkeling.

Paragraaf 4.4 Hoe raakt de energietransitie ons dagelijks leven?

De energietransitie heeft een brede impact op verschillende niveaus:

Bewoners

  • Gedragsverandering: Door inzicht te geven in energieverbruik willen we bewoners stimuleren om bewuster om te gaan met energie, water en andere hulpbronnen. Zo hopen we samen stappen te zetten richting duurzamer gedrag.

  • Bewoners moeten vaak investeren in duurzame oplossingen zoals isolatie, zonnepanelen en warmtepompen. De initiële kosten kunnen hierbij hoog zijn, en dit vraagt om goede ondersteuning met duidelijke informatie over financiële regelingen, subsidies en mogelijke stappen.

  • Wooncomfort: Duurzame woningen bieden vaak een hoger wooncomfort door betere isolatie en efficiëntere verwarmingssystemen.

Bedrijven

  • Concurrentievoordeel: Bedrijven die investeren in duurzaamheid kunnen een concurrentievoordeel behalen door lagere operationele kosten en een beter imago.

  • Regelgeving en subsidies: Door de steeds strengere milieuregels worden bedrijven uitgedaagd om duurzamer te ondernemen. Om deze transitie verder te stimuleren, zijn er subsidies en fiscale voordelen beschikbaar voor duurzame investeringen.

  • Innovatie: De energietransitie stimuleert innovatie en de ontwikkeling van nieuwe technologieën en bedrijfsmodellen.

Gemeenten

  • Voorbeeldfunctie: Gemeenten hebben een voorbeeldfunctie in de energietransitie, zowel via hun eigen vastgoed als via de energie-infrastructuur. Door gemeentelijke gebouwen te verduurzamen en samen met partners te werken aan een toekomstbestendig elektriciteitsnet, laten zij zien hoe duurzaam beleid in de praktijk wordt gebracht. Dit stimuleert inwoners, bedrijven en instellingen om ook stappen te zetten richting een duurzamere leefomgeving.

  • Beleidsvorming: Gemeenten spelen een cruciale rol in het opstellen en uitvoeren van beleid om de energietransitie te faciliteren, zoals het stimuleren van duurzame bouw en het ondersteunen van lokale initiatieven.

  • Samenwerking: Gemeenten werken samen met verschillende partners, zoals woningcorporaties, bedrijven en burgers, om de energietransitie te realiseren.

De huidige energie-infrastructuur is onvoldoende om aan de duurzame energievraag van de toekomst te voldoen. Bij de aanleg van het nieuwe energiesysteem moet rekening gehouden worden met de overgang van fossiele naar duurzame energiebronnen en een stijging van de energiebehoefte. Om in de toekomst landelijk voldoende duurzame energie op te wekken, is onder andere nodig:

  • ongeveer 60.000 tot 80.000 kilometer aan kabel, om aan de elektriciteitsbehoefte te voldoen. Dit betekent dat ongeveer 1 op de 3 straten in Nederland (en dus ook in Hilvarenbeek) moet worden opengebroken;

  • circa 8.000 tot 13.000 nieuwe elektriciteitsstations.

  • omzetting van een deel van het huidige gasnetwerk naar waterstof;

  • nieuwe buizen – zowel op land als op zee – die de nieuwe energiebronnen met de industrie verbinden;

  • 1.700 windmolens op zee in 2030, inclusief een verbinding van de windkavels naar land, voor voldoende windenergie op zee.

  • Voor Hilvarenbeek betekent dit dat er binnen de energiehubs De Baars en Kattenberg (gedeeltelijk op Hilvarenbeeks grondgebied) tussen de 6 en 10 windmolens geplaatst zouden moeten worden (afhankelijk van de tiphoogte) om de opbrengst van 20MW per energiehub de kunnen halen.

Paragraaf 4.5 Hoe kwetsbaar is Hilvarenbeek zonder actie?

Zonder tijdige en doelgerichte uitvoering van de energietransitie lopen we als gemeente Hilvarenbeek aanzienlijke risico’s die direct invloed hebben op onze leefomgeving, economie en toekomstbestendigheid. Als we niet investeren in grootschalige opwek en energieopslag, kunnen we de toenemende vraag naar elektriciteit niet opvangen. Dit heeft directe gevolgen: zonder voldoende netcapaciteit komt de ontwikkeling van nieuwe woningbouwprojecten stil te liggen en wordt het voor bedrijven onaantrekkelijk of zelfs onmogelijk om zich in onze gemeente te vestigen of uit te breiden. Daarmee komt niet alleen de woningnood onder druk, maar ook de lokale werkgelegenheid en economische groei.

Daarnaast brengt het gebrek aan voldoende energie-infrastructuur een groot risico op overbelasting van het elektriciteitsnet met zich mee, wat kan leiden tot storingen en uitval van stroom. Dit raakt inwoners, scholen, zorginstellingen en ondernemers. Sociale ongelijkheid kan toenemen als bepaalde groepen bewoners onvoldoende worden meegenomen of kunnen meedoen. En zonder regie op ruimtelijke inpassing ontstaan versnippering, verrommeling en een verlies aan draagvlak in de samenleving. Kortom, uitstel of afwezigheid van actie betekent niet alleen stagnatie, maar ook achteruitgang op meerdere terreinen.

Door de complexiteit en reikwijdte van energievraagstukken bestaat het risico dat onze gemeente ondervertegenwoordigd raakt in regionale en provinciale besluitvorming. Om onze positie in energiedossiers te versterken, moeten we strategisch investeren in kennis en netwerken. Dit betekent dat we voldoende capaciteit moeten reserveren voor deelname aan regionale overleggen en provinciale werkgroepen. Alleen door consistent aanwezig te zijn kunnen we ervoor zorgen dat de specifieke omstandigheden en behoeften van onze gemeente worden meegenomen in besluitvorming. Door tijdig en adequaat te investeren in onze vertegenwoordiging kunnen we meepraten over de koers en ervoor zorgen dat de energietransitie ook voor onze inwoners werkbaar en acceptabel wordt vormgegeven.

Hoofdstuk 5 Klimaatbewustzijn

Ook in de gemeente Hilvarenbeek zien we dat periode van extreme weersomstandigheden steeds actueler worden. Droogte, wateroverlast en hitte zijn enkele voorbeelden hiervan die we ook binnen onze gemeente ervaren. Dit heeft nadelige consequenties voor de gezondheid van de inwoners van Hilvarenbeek en de aanwezige flora en fauna. Zowel in het stedelijk - als in het buitengebied zijn we als gemeente nog niet goed voorbereid op deze extremen. In stedelijk gebied bestaat de openbare ruimte voor het grootste deel uit verharding. Dit houdt warmte vast en kan water slecht afvoeren. De omgeving warmt te sterk op en de bodem verdroogt en erodeert. De afname van de waterbergende capaciteit van de bodem, zowel buiten als binnen de kernen, maakt bovendien dat Hilvarenbeek kwetsbaarder wordt voor wateroverlast en natuurbranden. Om deze risico’s te beperken neemt gemeente Hilvarenbeek maatregelen om klimaatbewust te worden. Niet alleen met een klimaatbewuste inrichting maar ook door samen duurzaam vooruit te gaan.

Paragraaf 5.1 Wat is onze stip op de horizon als we het over klimaatbewustzijn hebben?

Nationaal

Het Rijk heeft het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) opgesteld, waarin waterschappen, gemeenten, provincies en het Rijk concreet aan de slag gaan om hittestress, droogte en de gevolgen van piekneerslag en overstromingen te beperken. Dit plan uit 2018 van de Rijksoverheid heeft als ambitie dat alle Nederlandse gemeenten in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust zijn ingericht. Om de doelstellingen uit dit Deltaplan te realiseren zijn er werkregio’s ingericht waarin partners met elkaar samenwerken. Gemeente Hilvarenbeek maakt deel uit van de werkregio Hart van Brabant. Het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie bestaat uit zeven ambities, te zien in onderstaand figuur.

afbeelding binnen de regeling

Water en bodem vormen de basis van ons dagelijks leven. Daarom heeft de overheid vastgesteld dat deze in de toekomst een belangrijkere rol gaan spelen bij het maken van plannen voor de inrichting van onze omgeving.

Regionaal

We krijgen steeds vaker te maken met extreme droogte of juist hevige regen. Daarom werken de provincie, het waterschap en de gemeente samen aan een toekomstbestendige water- en bodemaanpak in Hilvarenbeek. Het doel is om in 2050 te zorgen voor een goede balans: schoon water, genoeg water in natte én droge periodes, en ruimte voor natuur. Dat doen we bijvoorbeeld door meer groen en water (zoals sloten, bomen en bloemenranden) aan te leggen, zodat de natuur sterker wordt en de bodem beter water kan vasthouden. Doelstellingen hiervoor zijn vastgelegd in het regionaal water en bodem programma 2022-2027. Het waterschap De Dommel en de gemeente Hilvarenbeek trekken hierin samen op, zodat we goed voorbereid zijn op het veranderende klimaat.

Lokaal

Voor een fijne en gezonde leefomgeving is een goede bodem en voldoende water erg belangrijk. In Hilvarenbeek letten we daarom extra goed op hoe we met onze zandgrond en het water omgaan. We zorgen dat regenwater beter in de grond kan zakken en proberen vervuiling en aantasting van de bodem en het water te voorkomen. In bepaalde gebieden, zoals de beekdalen, is de bodem erg belangrijk voor het water. Daarom worden bouwontwikkelingen zoveel mogelijk buiten de beekdalen gerealiseerd. Ook in de dorpen willen we wateroverlast voorkomen. Dat doen we door minder stenen te gebruiken en juist meer ruimte te maken voor groen, zoals gras, bomen en planten. Dat maakt het ook koeler en prettiger bij warm weer. We maken slimme keuzes in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld door wateropvang te combineren met een wandelpad of door materialen van het ene project opnieuw te gebruiken in een ander project. Bij nieuwe plannen zorgen we altijd voor voldoende ruimte voor water en groen. Zo dragen we samen bij aan een klimaatbestendige, gezonde en groene omgeving voor iedereen.

De ambitie is dat de gemeente in 2050 klimaatbestendig is en een rijke diversiteit aan plant- en diersoorten biedt.

Paragraaf 5.2 Klimaatverandering in Hilvarenbeek: welke ontwikkelingen staan ons te wachten?

We merken steeds meer dat het klimaat verandert. Er zijn vaker harde regenbuien, maar ook lange periodes van droogte. Die extreme buien zorgen soms voor wateroverlast in onze dorpen en op het platteland. Droogte zorgt er juist voor dat planten en dieren last krijgen van een tekort aan water, en dat de kwaliteit van het water achteruitgaat. Beide situaties, teveel of te weinig water, kunnen flinke gevolgen hebben voor de omgeving, onze gezondheid en de economie.

Klimaatverandering is opgenomen in het Nationaal Veiligheidsprofiel en er is landelijk groende aandacht voor de bijbehorende risico’s. De veiligheidsregio Midden-West Brabant, waar ook Hilvarenbeek onder valt, bekijkt samen met andere partijen hoe we ons beter kunnen voorbereiden op de gevolgen. Denk aan risico’s zoals overstromingen, natuurbranden, stroomstoringen of problemen met drinkwater.

In Hilvarenbeek merken we die veranderingen ook goed. De temperatuur stijgt snel, waardoor de bodem uitdroogt en er minder water wordt vastgehouden. Dat zorgt ervoor dat het lang duurt voor water in de bodem kan trekken. Tijdens hoosbuien kan dit voor wateroverlast zorgen. Vooral de bossen lijden onder de droogte, omdat het grondwater steeds dieper komt te liggen. In natte periodes lopen de beekdalen nog wel vol, maar het water stroomt te snel weg. Dit komt onder andere doordat het watersysteem niet overal goed is ingericht om water vast te houden.

Paragraaf 5.3 Wat doen we vandaag voor het Hilvarenbeek van 2030?

Als gemeente Hilvarenbeek vinden we het belangrijk dat we naast een goed beleidsplan ook daadkracht tonen en samen aan de slag gaan naar een klimaatbewuste gemeente. Daarom zijn er voor de komende vijf jaar verschillende doelen geformuleerd. Deze doelen worden in het uitvoeringsplan verder uitgewerkt tot concrete projecten. Binnen het thema klimaatbewustzijn kijkt gemeente Hilvarenbeek zelf maar vooral ook samen met hun partners uit de regio en de inwoners hoe er gewerkt kan worden aan een klimaatbewust Hilvarenbeek. Hieronder lees je waar we ons de komende jaren op richten.

Subparagraaf 5.3.1 Klimaatverandering voorkomen en beperken

Als gemeente willen we zoveel mogelijk bijdragen aan het voorkomen van klimaatverandering.

Zorgen voor meer biodiversiteit

Klimaatverandering gaat vaak gepaard met het verlies van biodiversiteit. Daarom beschermen en versterken we de natuur waar we kunnen. Denk aan belangrijke dieren zoals vleermuizen en bijen: Vleermuizen eten veel insecten, zoals muggen en schadelijke soorten voor de landbouw. Ze helpen dus op een natuurlijke manier plagen te voorkomen. Bijen zijn heel belangrijk voor de bestuiving van bloemen en gewassen. Zonder bijen hebben we minder voedsel. Door meer bloemen, minder bestrijdingsmiddelen en bij-vriendelijke plekken te creëren, helpen we de bijen en de natuur. Om de biodiversiteit te versterken faciliteert de gemeente nu en in de toekomst met diverse acties waarbij beplanting en nestkasten geplaatst worden. Zowel op grond van de inwoners als op grond van de gemeente zelf. Ook het onderhoud wordt hierop aangepast.

Slim omgaan met (drink)water

We willen ook zuiniger omgaan met drinkwater. Het doel is om het gemiddelde gebruik terug te brengen naar 100 liter per persoon per dag. Dat lukt door:

  • regenwater te gebruiken in de tuin of voor andere toepassingen;

  • bewustwordingsacties te organiseren over zuinig watergebruik;

  • Bij (nieuw)bouwontwikkelingen in te zetten op duurzaam watergebruik;

Minder watergebruik betekent minder druk op de bodem en minder energieverbruik voor het zuiveren en leveren van drinkwater.

Bewust eten

Wat je eet, heeft invloed op het klimaat. We moedigen inwoners aan om:

  • vaker lokaal en seizoensgebonden te eten;

  • voedselverspilling te voorkomen;

  • minder (of duurzamer) vlees te eten;

In Hilvarenbeek zijn verschillende lokale boeren waar je direct lokaal voedsel kunt kopen. Dit ondersteunt duurzame landbouw en stimuleert boeren om milieuvriendelijk te werken. Tijdens voorlichtingsavonden en campagnes besteden we hier ook aandacht aan.

Subparagraaf 5.3.2 Aanpassen aan klimaatverandering

Het is niet altijd mogelijk om klimaatverandering helemaal te voorkomen. Daarom is het belangrijk dat we ons aanpassen om onze leefomgeving leefbaar en gezond te houden.

Meer en sterker groen

We moeten anders gaan kijken naar hoe we onze leefomgeving inrichten. Groen speelt daarbij een grote rol. Niet alleen buiten de dorpen, maar juist ook binnen de dorpskernen helpt groen ons beter voor te bereiden op extreme hitte en neerslag. Bestaande bomen en planten zijn belangrijk en we willen deze zo veel mogelijk behouden. Daarnaast zorgen we voor een goede mix van sterke, klimaatbestendige planten, die goed passen in onze omgeving. Groen zorgt voor verkoeling op warme dagen, vooral doordat bomen schaduw geven. Daardoor wordt het minder heet in straten en op pleinen. Ook verbetert groen de luchtkwaliteit, omdat planten fijnstof uit de lucht halen en CO2 opnemen.

Waterhuishouding verbeteren

De positieve effecten van groen zijn zojuist benoemd, maar groen is ook belangrijk voor de waterhuishouding. Bomen en groene gebieden in de stad verbeteren namelijk de waterhuishouding. Daarom moet voorkomen worden dat er veel gebruik gemaakt wordt van gesloten verharding. Dit maakt infiltratie van (regen) water namelijk niet mogelijk.

Infiltratie is noodzakelijk om het bodemleven en het grondwater op een goed peil te houden. Daarom willen we zoveel mogelijk regenwater infiltreren waar dit ook valt. Zo zijn nieuwe bouwontwikkelingen verplicht om het eigen regenwater wat van de bebouwing maar ook van de verharding afstroomt op hun eigen locatie te infiltreren. Dit kan door het aanleggen van een wadi maar ook infiltratiekratten onder de verharding kunnen hier een oplossing voor bieden.

Infiltratie is een probleem maar met de verhoogde kans op piekbuien wordt dit probleem nog groter. Ook in Hilvarenbeek hebben we wateroverlast door water wat op straat blijft staan of beken die niet goed ingericht zijn voor de verhoogde afvoer bij piekbuien. Ook in Hilvarenbeek zijn daarom bergingsgebieden ingericht voor het extra opslaan van water om dit tijdens en na de piekbuien vast te kunnen houden en gematigd af te voeren. Ook biedt dit kansen om extra water te laten infiltreren en het grondwater op de hoge zandgronden aan te vullen. De komende jaren worden steeds meer beken en sloten aangepast aan het veranderende klimaat. Dit is ook landelijk vastgelegd in het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA).

De gemeente Hilvarenbeek is hier ook op dit moment actief mee bezig. Zo wordt er bij werkzaamheden gekeken of hemelwater afgekoppeld kan worden van het riool. Het water wordt dan opgevangen in wadi’s waar het rustig kan infiltreren.

Klimaatbewuste bodem

Klimaatverandering beïnvloedt de bodem en maakt deze kwetsbaarder, vooral door intensief gebruik. Een gezonde bodem helpt temperatuurwisselingen te verminderen en zorgt voor goede voeding en structuur voor planten. Onder de grond leven veel organismen die belangrijk zijn voor dieren zoals weidevogels, die zich van deze bodemdiertjes voeden. Daarom is een gezonde bodem essentieel voor de natuur. Ook bevat een gezonde bodem voldoende organische stof. Dit helpt om water en voedingsstoffen vast te houden, wat goed is voor planten en gewassen. Gemeenten en boeren werken samen aan een gezonde en klimaatbestendige bodem, onder andere door natuur inclusieve landbouw, zoals Agroforestry.

Subparagraaf 5.3.3 Klimaatbewuste leefomgeving

Alle thema’s binnen het Omgevingsprogramma dragen bij aan een toekomstbestendige leefomgeving voor de inwoners van Hilvarenbeek. Veel inwoners zetten zich nu al actief in voor een klimaatbewuste omgeving. De gemeente wil deze betrokkenheid versterken door initiatieven te ondersteunen en nieuwe projecten te starten die inwoners stimuleren om zelf aan de slag te gaan. Hier wordt op dit moment al volop werk van gemaakt.

Klimaatmakers

Met het project Klimaatmakers moedigt de gemeente inwoners aan om hun directe leefomgeving klimaatvriendelijker in te richten. Dit gebeurt via concrete acties zoals het vervangen van tegels door groen, het vergroenen van daken en de inzet van een tuinklimaatcoach. Zo helpen we inwoners om zelf maatregelen te treffen op hun eigen terrein. Ook bedrijven worden actief betrokken, met speciale aandacht voor de kansen op bedrijventerreinen. Samen met ondernemers willen we deze mogelijkheden benutten.

Naast praktische maatregelen is bewustwording essentieel. Begrip voor de noodzaak van een duurzame leefomgeving begint bij kennis en betrokkenheid. Daarom richt Klimaatmakers zich ook op educatie, onder andere door het vergroenen van schoolpleinen en het betrekken van jongeren. Het project zal de komende jaren verder worden uitgebreid, met zowel nieuwe uitvoeringsacties als initiatieven die het klimaatbewustzijn onder inwoners en ondernemers vergroten.

Paragraaf 5.4 Hoe raakt klimaatverandering ons dagelijks leven?

Bewoners

Het veranderende klimaat heeft directe invloed op de leefomgeving van inwoners. Langdurige droogte, extreme buien en toenemende hitte veroorzaken schade aan huizen, tuinen, straten en groen. Dit vraagt om aanpassingen in gedrag en inrichting. Daarom worden bewoners gestimuleerd om tuinen te vergroenen, regenwater af te koppelen en bewust om te gaan met hittestress, bijvoorbeeld door schaduw en groen te creëren. Het Omgevingsprogramma en bijbehorende uitvoeringsplan biedt hiervoor duidelijke handvatten. Door klimaatmaatregelen in eigen tuin en straat wordt Hilvarenbeek leefbaarder, koeler en beter bestand tegen weersextremen voor nu én de generaties na ons.

Bedrijven

Ondernemers merken de gevolgen van klimaatverandering via schade aan gebouwen, logistieke verstoringen of lagere arbeidsproductiviteit bij hitte. Met name agrarische bedrijven ondervinden risico’s bij teelt en oogst door droogte en wateroverlast. Tegelijkertijd ontstaan er kansen: bijvoorbeeld voor ondernemers in groene daken, klimaat adaptieve bouw of waterbesparende technieken. Door te investeren in een klimaatbestendig terrein, goed waterbeheer en vergroening dragen bedrijven bij aan een robuustere bedrijfsvoering én aan een duurzamer Hilvarenbeek.

Gemeente

De gemeente speelt een belangrijke rol in het klimaatbestendig inrichten van de fysieke leefomgeving. Vanuit diverse ambities wordt gewerkt aan het vergroenen van wijken, verbeteren van de wateropvang, herstel van natuurlijke beeksystemen en een gezonde bodem. Ook worden bewoners en ondernemers geactiveerd om klimaatmaatregelen te nemen, bijvoorbeeld via stimuleringsprogramma’s of voorbeeldprojecten. Door bij elke ontwikkeling het bodem- en watersysteem sturend te laten zijn, bouwt Hilvarenbeek stap voor stap aan een toekomstbestendige gemeente die weerbaar is tegen extreme weersomstandigheden.

Subparagraaf 5.4.1 Wateroverlast

De impact van wateroverlast

Heftigere en langdurige regenbuien zorgen voor meer water per vierkante meter, wat kan leiden tot wateroverlast. Dit veroorzaakt schade aan gebouwen, wegen en infrastructuur en kan gevaarlijke situaties opleveren, zoals gebieden die onbereikbaar zijn voor hulpdiensten of overlopende riolen. Ook landbouwgronden kunnen hierdoor schade oplopen.

Subparagraaf 5.4.2 Droogte

De impact van droogte

Droogte kan natuur en stedelijk groen blijvend aantasten. Vochtminnende planten verdwijnen en de biodiversiteit neemt af. Ook de landbouw lijdt onder droogte: bij weinig neerslag en lage grondwaterstanden droogt de bodem uit, wat leidt tot gewasschade en lagere opbrengsten. Verdroging vergroot bovendien de kans op natuurbranden. Door lage waterstanden verslechtert de waterkwaliteit, sterven waterdieren en neemt het risico op blauwalg toe. Ook is er minder water beschikbaar voor landbouw, industrie en drinkwatervoorziening. In het noorden van Hilvarenbeek, met hoge zandgronden, leidt het snel dalende grondwaterpeil tot grote gewasverliezen en verhoogd het risico op brand. In het oosten, waar het beekdalenlandschap ligt, stijgt het grondwaterpeil juist, waardoor de droogtegevoeligheid daar afneemt. De onderstaande figuren tonen waar verdroging of juist wateroverlast het snelst optreedt, op basis van de hoogste en laagste grondwaterstanden.

afbeelding binnen de regeling

Subparagraaf 5.4.3 Hitte

De impact van hitte

De stijging van de gemiddelde jaartemperaturen in Nederland brengt nauwelijks acute problemen met zich mee. Dergelijke problemen doen zich juist voor bij pieken in de temperatuur, zoals op tropische dagen en tijdens warme nachten.

Het wonen, verblijven en recreëren in een hitte-eiland kan hittestress veroorzaken waarbij het lichaam zichzelf niet goed kan afkoelen. Langdurige hitte heeft vooral voor kwetsbare groepen, zoals ouderen, chronisch zieken en jonge kinderen, ernstige gevolgen voor de gezondheid. Daarnaast nemen ook gedragsproblemen zoals agressie toe. De ernst van hittestress wordt bepaald door de verhouding verharding in relatie tot aanwezigheid groen en water in een omgeving en de woningkenmerken. Naast gezondheidsproblemen leidt hitte tot problemen in de openbare ruimte (schade aan groen, infrastructuur en oververhitting van elektriciteitsnetwerken) en lagere arbeidsproductiviteit.

In de gemeente Hilvarenbeek zijn er geen gebieden naar voren gekomen die extreem hittegevoelig zijn. Wel is het algemeen bekend dat de hitte het meest vast houdt in de kernen, maar ook hier geen problematische hittestress veroorzaakt. Gemeente Hilvarenbeek treft wel maatregelen om de hittestress te beperken en verdere opwarming zoveel als mogelijk te voorkomen.

Subparagraaf 5.4.4 Overstroming

De impact van overstromingsrisico’s

Door de toenemende intensiteit van hevige regenval neemt de kans op overstromingen aanzienlijk toe in het noordelijke deel van Hilvarenbeek. Hier zijn de gronden lager gelegen en daardoor gevoeliger voor hoge waterstanden. Een overstroming heeft meestal grote consequenties, waarbij mensen gewond kunnen raken of zelfs kunnen overlijden. Hiernaast kan er enorme economische schade ontstaan aan gebouwen, infrastructuur en gewassen. Gezien de beperkte gronden die kans hebben op schade bij hogere waterstanden wordt hier door de gemeente niet actief op ingezet. Dit staat los van hoge grondwaterstanden, deze worden plaatselijk wel ervaren. Samen met het waterschap kijkt Hilvarenbeek naar kansen om zowel schade door droogte als wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen.

Paragraaf 5.5 Hoe kwetsbaar is Hilvarenbeek zonder actie?

Als we geen actie ondernemen tegen klimaatverandering, zullen de gevolgen steeds ernstiger worden voor ons milieu, onze economie, natuur en gezondheid. De opwarming kan leiden tot vaker voorkomende extreme weersomstandigheden, zoals hittegolven, overstromingen en droogte. Die gevolgen kunnen hebben voor gebieden zoals de kernen en beekdalen in de gemeente Hilvarenbeek. Dit heeft niet alleen negatieve effecten op de natuur en biodiversiteit, maar kan ook leiden tot gezondheidsproblemen, zoals ademhalingsziekten en de verspreiding van infectieziekten.

Extreme weersomstandigheden jagen de kosten voor infrastructuur omhoog en raken de landbouw hard: oogsten mislukken en voedselprijzen stijgen door grillige regenval en hittegolven. Dit maakt het voor bijvoorbeeld de lokale agrariërs minder financieel economisch aantrekkelijk om hun bedrijfsvoering in Hilvarenbeek te vestigen.

Het is essentieel dat we nu actie ondernemen om de klimaatverandering te beperken onder andere door de uitstoot van broeikasgassen te verlagen en ons aan te passen aan de veranderingen die al plaatsvinden. De tijd om te handelen is nu, want de keuzes die we maken, bepalen de leefbaarheid van gemeente Hilvarenbeek voor de toekomst.

Hoofdstuk 6 Circulariteit

Paragraaf 6.1 Wat is onze stip op de horizon als we het over circulariteit hebben?

Onze samenleving draait op wat de aarde en de economie ons bieden: we gebruiken grondstoffen voor voedsel, onderdak, warmte, kleding, elektrische apparaten en mobiliteit. Die behoefte aan grondstoffen neemt al jaren toe in Nederland en de rest van de wereld. Tegelijkertijd verspillen we nog veel grondstoffen waarmee we onnodig waarde verloren laten gaan, het milieu vervuilen en het klimaat beïnvloeden. In 2050 wil Nederland volledig circulair zijn. In een circulaire economie gaan we zuinig en slim om met grondstoffen en producten. Circulair betekent ook letterlijk een rondgaande beweging, dit toont aan dat we moeten denken in het denken van een cirkel en niet in een lijn. We gebruiken minder grondstoffen doordat we producten langer gebruiken en gebruikte grondstoffen weer inzetten voor nieuwe producten. We zullen kiezen voor grondstoffen die van nature hernieuwbaar zijn en die de wereld gedurende de gebruiksperiode zelf weer kan aanvullen. Dit zorgt ervoor dat we bijdragen aan circulariteit zonder uitputting van natuurlijke hulpbronnen. In een lineaire economie gebruiken we telkens nieuwe grondstoffen en gooien we producten na gebruik vaak weg. In een circulaire economie doen we dat anders: we houden materialen zo lang mogelijk in de kringloop door te hergebruiken, te repareren of slim te ontwerpen. Wat uiteindelijk toch afval wordt, gebruiken we zoveel mogelijk als grondstof voor nieuwe producten.

Europees

Op Europees niveau is beleid rondom de circulaire economie voornamelijk vastgelegd in twee actieplannen: het EU-actieplan maak de cirkel rond (2015) en het EU Actieplan voor een schoner en concurrerender Europa (2020). Daarnaast zijn er verschillende richtlijnen die de circulaire economie ondersteunen. Ook is er een toename van nieuwe EU-wetgeving in het kader van de Europese Green Deal gevolgd door bovenstaande actieplannen.

Nationaal

Sinds 2016 werkt de Nederlandse overheid aan een economie waarin grondstoffen hergebruikt worden en afval niet meer bestaat: een circulaire economie. In 2017 maakten 180 organisaties afspraken in het Grondstoffenakkoord om stap voor stap duurzamer te worden. Daarna zijn er plannen gemaakt voor vijf belangrijke sectoren, zoals bouw en voedsel, waarin staat hoe die in 2050 helemaal circulair kunnen zijn. Dit Grondstoffenakkoord was de basis van verschillende uitvoeringsprogramma’s, waarvan 2023 de meest recente is. In 2023 is het Nationale Programma Circulaire Economie gestart. Dit programma laat zien welke acties tussen 2023 en 2030 nodig zijn om de doelen voor 2050 te halen.

Provinciaal/Regionaal

De provincie Noord-Brabant zet in op het versnellen van de circulaire transitie en stelt hiervoor gerichte financiering beschikbaar. Binnen de regio Hart van Brabant krijgt dit vorm via een gezamenlijke bestuursopdracht, gericht op de ontwikkeling van drie samenhangende pilots: circulaire ambacht centra, circulaire bedrijvigheid en de toepassing van de CSRD-richtlijn in het publieke domein. Deze pilots dragen bij aan een structurele verankering van circulariteit in ruimtelijk, economisch en bestuurlijk beleid en bevorderen samenwerking tussen gemeenten, bedrijven en kennisinstellingen.

Voor de gemeente Hilvarenbeek biedt deze aanpak concrete kansen om, ondanks de kleinschaligheid, actief bij te dragen aan circulaire doelen. De pilot rond circulaire ambacht centra sluit nauw aan bij lokale ambities op het gebied van hergebruik, sociale werkgelegenheid en ketensluiting. Ook de andere twee pilots zijn relevant, mits er ruimte blijft voor maatwerk.

Lokaal

De gemeente Hilvarenbeek wil in 2050 volledig circulair zijn. Om dat doel te bereiken, volgen we de principes van de R-ladder van circulariteit. Deze ladder helpt ons om bewuster met grondstoffen om te gaan en verspilling te voorkomen. Tot nu toe ligt de nadruk vaak op recycling, maar er zijn duurzamere manieren om onze impact te verkleinen, zoals het weigeren van onnodige producten, delen en langer gebruiken van spullen. Als gemeente willen we inwoners, ondernemers en organisaties stimuleren om bewustere keuzes te maken, zoals repareren, tweedehands kopen en minder consumeren. Ook bij onze eigen inkoop letten we op duurzaamheid. Zo werken we samen aan een circulaire gemeente, wat terugkomt in onze speerpunten en de uitvoeringsparagraaf (7.3).

afbeelding binnen de regeling

Paragraaf 6.2 Circulariteit in Hilvarenbeek: welke ontwikkelingen staan ons te wachten?

Landelijk is de urgentie om zuiniger om te gaan met grondstoffen groot. De winning en verwerking van grondstoffen zorgen voor veel CO2-uitstoot en dragen sterk bij aan klimaatverandering. In Nederland gebruiken we elk jaar al in het voorjaar meer grondstoffen dan de aarde in een jaar kan aanvullen. Tussen 2014 en 2024 is het grondstoffengebruik maar beperkt afgenomen. Dit laat zien dat er nog veel verbeterd kan worden en dat er grote kansen liggen om te verduurzamen.

Ook op lokaal niveau zijn er uitdagingen: afvalstromen groeien, grondstoffen raken op, en samenwerking is nodig om circulaire ambities te realiseren. Gemeenten nemen hierin steeds meer verantwoordelijkheid, bijvoorbeeld als inkoper of facilitator. Koplopergemeenten kiezen voor circulaire producten en stimuleren lokale initiatieven zoals repair cafés en bewustwordingsacties. Ook Hilvarenbeek zet stappen, zoals het invoeren van kleinere restafvalbakken, het apart inzamelen van luiers en het plaatsen van GFE-cocons bij kleine huishoudens, waardoor ook daar afval beter gescheiden en verwerkt kan worden.

Paragraaf 6.3 Wat doen we vandaag voor het Hilvarenbeek van 2030?

Subparagraaf 6.3.1 Circulair ontwikkelen

De circulaire economie richt zich op het sluiten van productieketens door grondstoffen zo lang mogelijk te gebruiken en hergebruiken. Gemeenten kunnen hierin een voortrekkersrol spelen door maatschappelijk verantwoord opdrachtgeven en inkopen (MVOI) en prioriteit te geven aan circulair ambachtscentrum.

Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en inkopen

Gemeenten spelen als opdrachtgever en inkoper een sleutelrol in de transitie naar een circulaire economie. Door te kiezen voor circulaire producten en diensten met een lage milieu-impact, stimuleren zij duurzaam ondernemerschap en dragen zij bij aan behoud van grondstoffen in gesloten kringlopen. Circulaire inkoop is daarmee een krachtig instrument om ecologische, sociale en economische doelen te verbinden.

De gemeente Hilvarenbeek start in 2025 met de invoering van Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI), met als doel dit in 2026 volledig te integreren in het Inkoop-en aanbestedingsbeleid (of rechtsopvolger). Daarbij sluiten we aan bij het landelijke Manifest MVOI 2022–2025, waarin zes pijlers centraal staan: klimaat, circulariteit, inclusiviteit, ketenverantwoordelijkheid, diversiteit en innovatie. Het streven is om bij inkooptrajecten meerdere pijlers te combineren, passend bij de opdracht. Zo draagt Hilvarenbeek bij aan een duurzame en eerlijke samenleving.

Circulair Ambachtscentrum

Een circulair ambachtsnetwerk biedt een platform waar inwoners, bedrijven en organisaties samenwerken aan reparatie, hergebruik en recycling van materialen. Deze netwerken stimuleren het gebruik van Biobased materialen uit hernieuwbare bronnen en dragen bij aan bewustwording en educatie rondom duurzaamheid. Lokale repair cafés vormen hier een goed voorbeeld van, waar inwoners niet alleen kosten besparen, maar ook actief bijdragen aan een duurzamer milieu.

Wij zetten ons in voor de ontwikkeling van een circulair ambachtsnetwerk, mogelijk in samenwerking met andere gemeenten. Dit biedt kansen om te profiteren van schaalvoordelen en zorgt ervoor dat materialen worden hergebruikt in plaats van naar de milieustraat te verdwijnen (re-use & repurpose). Daarnaast speelt het netwerk een belangrijke maatschappelijke rol door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te betrekken, hen nieuwe vaardigheden te laten ontwikkelen en werkgelegenheid te bieden binnen circulaire ambachten.

Subparagraaf 6.3.2 Afval en grondstoffen

Het beleid van de gemeente Hilvarenbeek richt zich op het optimaliseren van afvalscheiding en het verhogen van de kwaliteit van ingezamelde stromen. Door in te zetten op hoogwaardige recycling voorkomen we dat waardevolle grondstoffen worden verbrand en leveren we een directe bijdrage aan de circulaire economie. Ons doel is om in 2030 maximaal 30 kg restafval per inwoner per jaar over te houden. Samen met inwoners en partners werken we aan bewustwording, gedragsverandering en handhaving. Daarmee zorgen we niet alleen voor betere scheiding aan de bron, maar ook voor een schone leefomgeving zonder zwerfafval. Deze inzet is verankerd in het gemeentelijke grondstoffenbeleid.

Tegelijkertijd is het beperken van restafval ook financieel van belang. De verwerkingskosten voor restafval zullen naar verwachting sterk stijgen, onder andere door schaarste aan verwerkingscapaciteit en strengere milieuregels. De exacte toename is nog onzeker, maar landelijke signalen wijzen op forse kostenstijgingen in de komende jaren. Door nu al te sturen op minder restafval beperken we toekomstige lasten voor onze inwoners, terwijl we bijdragen aan een duurzamere en efficiëntere afvalketen.

Paragraaf 6.4 Hoe raakt circulariteit ons dagelijks leven?

Bewoners

We leven nu in een samenleving waarin we veel spullen kopen, kort gebruiken en daarna weggooien. Dit zorgt voor vervuiling, klimaatverandering en verlies van natuur. Door bewuster om te gaan met spullen zoals delen, repareren en tweedehands kopen kunnen we samen zorgen voor minder afval en een schonere en gezondere leefomgeving en kostenbesparing. Zo maken we Hilvarenbeek duurzamer voor onszelf en voor toekomstige generaties.

Bedrijven

Voor ondernemers biedt de circulaire economie veel kansen. Door efficiënter om te gaan met materialen en producten, kunnen bedrijven kosten besparen, nieuwe markten aanboren en innovatie stimuleren. Minder afhankelijkheid van schaarse grondstoffen maakt bedrijven bovendien veerkrachtiger en een onderscheidend vermogen ten opzichte van andere ondernemers. Ondernemen met oog voor circulariteit betekent meebouwen aan de economie van de toekomst. Werkgelegenheid voor, onder andere, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.

Gemeente

De circulaire economie helpt bij het oplossen van grote maatschappelijke vraagstukken, zoals het verminderen van CO2-uitstoot, het beschermen van natuur en het zekerstellen van grondstoffen. Als gemeente kunnen we hieraan bijdragen door circulair in te kopen, duurzame keuzes te stimuleren en samen te werken met inwoners en bedrijven. Zo bouwen we stap voor stap aan een circulair Hilvarenbeek.

Paragraaf 6.5 Hoe kwetsbaar is Hilvarenbeek zonder actie?

Het gebruik van grondstoffen brengt grote risico’s met zich mee, zoals CO2-uitstoot en een groeiende afhankelijkheid van schaarse materialen. Dit draagt bij aan klimaatverandering en zet de beschikbaarheid van belangrijke grondstoffen onder druk. Tegelijkertijd is er een sterke afhankelijkheid van maatschappelijk draagvlak: zonder bewuste keuzes van consumenten, bedrijven en beleidsmakers is het moeilijk om echt duurzamer met grondstoffen om te gaan. Betrokkenheid en gedragsverandering zijn dus essentieel voor het slagen van de circulaire transitie.

Daarbij spelen ook sociale en economische factoren een grote rol. Initiatieven zoals circulaire ambachtscentra lopen vaak tegen knelpunten aan, zoals gebrek aan structurele financiering en een tekort aan vakmensen. Zonder voldoende middelen en mensen kunnen deze centra hun rol in de circulaire economie niet goed vervullen. Daarom is het belangrijk om duurzaamheid niet alleen technisch en ecologisch te benaderen, maar ook te kijken naar hoe we als samenleving deze verandering kunnen ondersteunen. Alleen dan kunnen we bouwen aan een toekomstbestendige, leefbare en gezonde samenleving.

Hoofdstuk 7 Organisatie

Paragraaf 7.1 Communicatie & participatie

Communicatie zorgt voor de verspreiding van informatie en bewustwording, terwijl participatie ervoor zorgt dat mensen actief betrokken raken. Door dit samen te laten werken, raken mensen meer betrokken en worden de resultaten beter. Door open communicatie kunnen stakeholders feedback geven, wat essentieel is voor het aanpassen en verbeteren van duurzaamheidsinitiatieven. Participatie zorgt ervoor dat deze feedback daadwerkelijk wordt gehoord en geïntegreerd. Transparante communicatie bouwt vertrouwen op tussen de gemeente en haar stakeholders. Wanneer mensen actief kunnen meedoen, voelen ze zich meer verbonden en hebben ze meer vertrouwen in de intenties en acties van de gemeente, omdat ze deze ook herkennen. Participatie brengt diverse perspectieven en ideeën samen, wat leidt tot innovatieve oplossingen. Communicatie zorgt ervoor dat deze ideeën worden gedeeld en verder ontwikkeld. Wanneer mensen goed geïnformeerd zijn (communicatie) en actief kunnen bijdragen (participatie), voelen ze zich meer verantwoordelijk en gemotiveerd om bij te dragen aan duurzame doelen.

Inwonerspanel

De gemeente Hilvarenbeek hecht veel waarde aan de mening en ideeën van inwoners. We betrekken de inwoners graag bij het beleid en de beslissingen die invloed hebben op onze leefomgeving. Eén van de manieren waarop we de bewoners betrekken, is via het Inwonerspanel. Het betrekken van inwoners is niet nieuw in Hilvarenbeek. . Verschillende groepen inwoners, zoals de participatieraad, sportraad, kinderraad, dorpscoöperaties, Platform Beeks Wonen en Beeks Buiten denken graag met ons mee. En ook het inwonerspanel - waaraan inmiddels bijna 1000 inwoners deelnemen - is een vorm van participatie.

Beeks model inwonersparticipatie

Waarom het Beeks model inwonersparticipatie? Omdat we inwonerparticipatie verder willen stimuleren. En omdat we daarin helder willen zijn wat inwoners kunnen en mogen verwachten van de gemeente Hilvarenbeek: van Raad, college en ambtenaren. Om inspiratie op te doen hoe we nog meer samen kunnen optrekken, als (georganiseerde) inwoners en gemeente. Met een daarbij behorende aanpak die duidelijkheid biedt aan inwoners én bestuur over wanneer welke vorm en mate van inwonerparticipatie bij welk onderwerp aan de orde is. En om eens stil te staan bij wat we al kennen en wat we daarvan kunnen leren om het nog slimmer en beter te gaan doen. Om ruimte te geven. En samen verder te komen.

Kernboodschap

De gemeente Hilvarenbeek zet in op ‘gezond groeien’ door een evenwicht te vinden tussen economie, natuur en welzijn. We nemen het voortouw en ondersteunen inwoners, bedrijven en organisaties om samen te werken aan een duurzame, klimaat neutrale en circulaire leefomgeving. Met concrete acties en samenwerking maken we duurzaamheid zichtbaar en toegankelijk, zodat Hilvarenbeek een fijne en gezonde plek blijft voor toekomstige generaties.

Subparagraaf 7.1.1 Wat als duurzaamheid écht in ons DNA zit?

Duurzaamheid is niet alleen een beleidsdoel, maar moet een vast onderdeel van onze manier van leven en werken worden. Dit geldt niet alleen voor onze inwoners en ondernemers, maar ook voor de gemeente zelf. Wij nemen hierin het voortouw door duurzaamheid te verankeren in ons eigen beleid, onze werkwijze en de manier waarop wij communiceren.

Om deze omslag te maken, zetten we in op een positieve en inspirerende aanpak. We willen mensen niet alleen informeren, maar vooral enthousiasmeren en uitnodigen om zelf in actie te komen. Dit vraagt om heldere en laagdrempelige communicatie, waarbij de boodschap toegankelijk en aantrekkelijk wordt gepresenteerd.

Onze ambitie

Om duurzaamheid écht in het DNA van Hilvarenbeek te verankeren, streven we naar een aanpak die inwoners, ondernemers en organisaties inspireert en activeert. Onze ambities:

afbeelding binnen de regeling

Subparagraaf 7.1.2 Onze communicatiestrategie: begrijpelijk, aantrekkelijk en uitnodigend

We communiceren over duurzaamheid op een manier die iedereen begrijpt en aanspreekt. Daarbij zetten we in op visuele en interactieve middelen, zoals animaties en inspirerende verhalen. De sfeer van onze communicatie moet uitnodigend en positief zijn, zodat mensen nieuwsgierig worden en zich betrokken voelen.

Verder gebruiken we verschillende communicatiemiddelen:

  • Korte en krachtige animaties en infographic – Helder en visueel uitleggen wat duurzaamheid betekent en hoe mensen kunnen bijdragen.

  • Inspirerende verhalen en succesvoorbeelden – Inwoners en ondernemers die zelf duurzame stappen zetten, laten zien wat mogelijk is.

  • Social media en online campagnes – Actuele informatie, interactieve polls en challenges om inwoners te betrekken.

  • Fysieke en online bijeenkomsten – Informatieve én inspirerende sessies, zoals workshops en duurzame marktpleinen.

  • Heldere, toegankelijke taal – Geen complexe beleidsstukken, maar praktische en begrijpelijke uitleg over duurzame keuzes.

Subparagraaf 7.1.3 Zijn we klaar om samen het verschil te maken?

Duurzaamheid werkt alleen als we het samen doen. Daarom betrekken we inwoners, ondernemers en organisaties actief bij de plannen en uitvoering. We willen luisteren, samen beslissen en mensen de ruimte geven om zelf aan de slag te gaan. Samengevat:

  • meedenken en adviseren;

  • meebeslissen en co-creatie;

  • zelf aan de slag;

Subparagraaf 7.1.4 Hoe geeft de gemeente het goede voorbeeld op het gebied van duurzaamheid?

Als gemeente willen we vooroplopen in de duurzame transitie. Dit betekent dat we niet alleen beleid maken, maar duurzaamheid ook actief toepassen in onze eigen organisatie. Hierbij is de inzet van gemeente zichtbaar en bekend, en stimuleert eigen initiatief en gewenst gedrag bij onszelf en onze inwoners. Onze medewerkers maken we bewust welke bijdrage ze kunnen leveren aan een klimaat neutrale en afvalarme organisatie. Duurzaam handelen moet een vanzelfsprekendheid zijn. Bewust bekwaam gedrag wordt beloond en zo worden onze medewerkers ook ambassadeurs voor een duurzaam Hilvarenbeek. Dit is een onderdeel van de communicatiecampagne.

Paragraaf 7.2 Bewustwording & educatie

Subparagraaf 7.2.1 Hoe nemen wij samen verantwoordelijkheid voor een duurzame toekomst?

Voor het realiseren van een duurzaamheidstransitie is gedragsaanpassing en gedragsverandering cruciaal. Het is wetenschappelijk bewezen dat gedragsverandering één van de moeilijkste effecten is om te bereiken en lang kan duren. Driekwart van de Nederlanders is bezorgd over het klimaat en vindt dat er actie moet worden ondernomen om klimaatverandering tegen te gaan. Toch voelt slechts één op de twee Nederlanders zich persoonlijk verantwoordelijk en leiden klimaatzorgen nauwelijks tot duurzamer gedrag. Als mensen al bereid zijn tot verandering dan is dat met name uit financieel oogpunt: als niet-duurzaam gedrag meer geld kost dan duurzaam gedrag.Daarom investeren we in het stimuleren van interne (eigen organisatie) en externe (inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties) duurzame gedragsverandering. Tevens investeren we in een sterke en brede verankering van de duurzaamheidsagenda. Dit vraagt om integrale samenwerking en een breed gedragen verantwoordelijkheidsgevoel voor duurzaamheid.

Het dichten van de kloof tussen duurzaam denken en duurzaam doen vereist een combinatie van strategieën die zowel gedragsverandering als structurele ondersteuning bevorderen. Hiervoor zijn enkele effectieve benaderingen:

afbeelding binnen de regeling

Subparagraaf 7.2.2 Wie leert wie over duurzaamheid in Hilvarenbeek?

De gemeente Hilvarenbeek ziet natuureducatie als een belangrijk middel om duurzaamheidsdoelstellingen te behalen en wil dit verbreden naar duurzaamheidseducatie met aandacht voor energietransitie, klimaatbewustzijn en circulariteit. De doelgroep wordt uitgebreid naar alle inwoners, inclusief volwassenen, ondernemers en specifieke subgroepen zoals de Kinderraad. Omdat de gemeente vanwege haar schaalgrootte deze taak niet zelfstandig kan uitvoeren, kiest zij voor een regierol en besteedt de uitvoering uit aan externe partijen.

Paragraaf 7.3 Uitvoering

Subparagraaf 7.3.1 Hoe verbinden we beleid, uitvoering en organisatie in duurzaamheid?

Met deze uitvoeringsparagraaf maken we het Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 concreet. We laten zien welke stappen we zetten, wie verantwoordelijk is en hoe we de voortgang volgen. Zo weten inwoners, ondernemers en bestuur wat er gebeurt en kunnen we samen werken aan een duurzaam Hilvarenbeek. De agenda helpt ons om flexibel te blijven: als er nieuwe ideeën of ontwikkelingen komen, kunnen we bijsturen.

Subparagraaf 7.3.2 Hoe maken we duurzaamheid concreet tussen 2025 en 2030?

We koppelen acties aan de jaarlijkse planning- en controlecyclus van de gemeente. Daarbij kijken we naar mensen, middelen en tijd. Om keuzes te maken, gebruiken we duidelijke criteria:

  • Oplossend vermogen: draagt de maatregel bij aan onze doelen?

  • Draagvlak: is er steun bij inwoners en bestuur?

  • Haalbaarheid en uitvoerbaarheid: is het plan concreet en praktisch?

  • Kosten: is het betaalbaar en zijn er subsidies?

  • Planning: kan het op korte termijn worden uitgevoerd?

We werken met SMART-acties: Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden.

  • S, Oplossend vermogen: Draagt de maatregel bij aan programmadoelen?

  • M, Kosten: Is de maatregel kosteneffectief en financierbaar?

  • A, Draagvlak: Is er maatschappelijke en politieke steun?

  • R, Haalbaarheid en Uitvoerbaarheid: Is de maatregel concreet en praktisch uitvoerbaar?

  • T, Planning: Is de maatregel binnen afzienbare termijn uitvoerbaar?

Organisatie en rollen

Duurzaamheid is een vast onderdeel van onze organisatie en ons beleid. Het Omgevingsprogramma met de uitvoeringsagenda vormen samen de basis voor het programma Duurzaamheid. De regie ligt bij de portefeuillehouder Duurzaamheid en het college van B&W. Zij zorgen voor voortgang en rapportage aan de raad. Een programmamanager en een multidisciplinair team voeren de acties uit en stemmen af met andere beleidsterreinen. Zo werken we integraal en efficiënt.

Acties 2025-2030

Hieronder staan de belangrijkste acties per thema, in begrijpelijke taal:

Energietransitie

Opstellen Soortenmanagementplan (SMP): De gemeente Hilvarenbeek laat door KP Adviseurs onderzoeken welke beschermde dieren en leefgebieden er zijn. Op basis daarvan maken we een soortenmanagementplan (SMP). Dit plan vormt de basis voor een gebiedsontheffing van de provincie, zodat isolatiewerkzaamheden kunnen plaatsvinden zonder extra natuuronderzoek. Tijdens het opstellen van het SMP volgen we de Landelijke Aanpak Natuurvriendelijk Isoleren. Met de gebiedsontheffing wordt grootschalige, natuurvriendelijke isolatie mogelijk, wat zorgt voor energiebesparing en minder CO2-uitstoot. Het plan verplicht ons om de maatregelen te handhaven en te monitoren, wat vanaf 2026 extra capaciteit vraagt bij de afdeling Ruimte.

Actie

  • Specifiek: Onderzoek uitvoeren en een volledig SMP opstellen.

  • Meetbaar: SMP vastgesteld + gebiedsontheffing verleend door provincie.

  • Acceptabel: Draagt bij aan versnelling isolatie en natuurbescherming en beperkt de huidige vergunningskosten van de inwoners.

  • Realistisch: Uit te voeren met externe ecologen en interne capaciteit en betaalbaar voor de inwoner. Daarnaast moeten de uitvoeringskosten betaalbaar blijven voor de gemeente

  • Tijdgebonden: Geschat op eind 2026, dit is mede afhankelijk van de reactiesnelheid van de Omgevingsdienst Brabant Noord (ODBN) en hun beoordeling van het opgestelde SMP.

Uitvoering Lokale Aanpak Isolatie: Hilvarenbeek werkt aan de Lokale Aanpak Isolatie om inwoners te helpen hun woning beter te isoleren. We starten met slecht geïsoleerde huizen en breiden dit later uit naar appartementen, woningen in het buitengebied en bedrijven. Isolatie bespaart energie en geld, verlaagt de energievraag en vermindert CO2-uitstoot. Met rijksmiddelen ondersteunen we nu een specifieke groep, maar ons doel is om uiteindelijk alle inwoners te bereiken. Hiervoor verwachten we extra kosten voor de gemeente, onder andere voor uitbreiding naar (g)VvE’s en een ruimere subsidieregeling. Ook zakelijke panden willen we op termijn meenemen om de energietransitie verder te brengen.

Actie

  • Specifiek: Aantoonbaar slecht geïsoleerde woningen in de gemeente Hilvarenbeek isoleren met een beneden gemiddelde WOZ-waarde.

  • Meetbaar: Minimaal 687 slecht geïsoleerde woningen laten isoleren voor 2028. Deze deadline is tweemaal met een jaar te verlengen.

  • Acceptabel: Richt zich op grootste energieverspilling, draagt bij aan betaalbaarheid en zorgt ervoor dat de woningvoorraad voorbereid wordt op verwarming met lage of middelhoge temperaturen.

  • Realistisch: Sluit aan op de SpUk Lokale Aanpak Isolatie en op de ISDE-voorwaarden.

  • Tijdgebonden: 2026–2030.

Faciliteren onafhankelijk Energieloket: Gemeente Hilvarenbeek biedt via het Energiehuis een onafhankelijk Energieloket aan waar inwoners en bedrijven terecht kunnen voor advies over verduurzaming, subsidies en praktische tips. Dit sluit aan bij het Klimaatakkoord, waarin is afgesproken dat elke gemeente een onafhankelijk loket heeft. Volgens de herziene Europese richtlijn Energieprestatie van Gebouwen (EPBD) moeten gemeenten vóór eind 2026 een One-Stop-Shop beschikbaar hebben: één centraal punt voor volledig advies aan particuliere en zakelijke gebouweigenaren. Dat helpt bij het verminderen van CO2-uitstoot en het realiseren van duurzame keuzes.

Actie

  • Specifiek: Verzorgen van een complete One-Stop-Shop voor inwoners en bedrijven.

  • Meetbaar: Loket voldoet aan EPBD-eisen (controlelijst).

  • Acceptabel: Past bij landelijke verplichtingen en wensen inwoners.

  • Realistisch: Bouwt voort op bestaande dienstverlening.

  • Tijdgebonden: Gereed 31 december 2026.

Verduurzamen gemeentelijk vastgoed: De gemeente maakt haar gebouwen energiezuiniger en vertaalt deze ambitie naar een meerjarenprogramma. Zo sturen we actief op uitvoering, verlagen we energieverbruik en CO2-uitstoot, en geven we inwoners en organisaties het goede voorbeeld.

Actie

  • Specifiek: Uitvoering volgens Europese richtlijnen en landelijke wetgeving ‘energie-efficiënt Nederland’. Onze gemeente draagt bij aan deze verplichting door energiebesparende maatregelen te plannen en uit te voeren. Elk jaar wordt 3% van de totale vloeroppervlakte uitgebreid verduurzaamd naar de renovatiestandaard. In 2050 zijn alle gebouwen emissievrij. Daarnaast draagt de behaalde energiebesparing door renovatie van gebouwen ook bij aan het doel van 1,9% minder energiegebruik.

  • Meetbaar: In 2026 rapporteert de gemeente over het energiegebruik van gebouwen, processen en vervoer.

  • Acceptabel: Juridisch verplicht vanuit landelijke wetgeving.

  • Realistisch: Uit te voeren binnen MJOP en beschikbare middelen. Het is op dit moment niet inzichtelijk of de uitvoering realistisch is. In 2026 starten we met onderzoek naar de verduurzaming van gebouwen.

  • Tijdgebonden: 2026–2050.

Opstellen/uitvoeren Warmteprogramma: Uiterlijk eind 2027 stelt Hilvarenbeek een warmteprogramma vast. Dit programma laat zien hoe we stap voor stap van het aardgas afgaan. We onderzoeken per wijk welke oplossing het beste past, zoals warmtepompen of kleine warmtenetten. Het warmteprogramma, dat de eerdere Transitievisie Warmte vervangt, geeft richting aan de lokale warmtetransitie en vormt de basis voor uitvoeringsplannen. Aardgasvrije woningen dragen direct bij aan minder CO2-uitstoot.

Actie

  • Specifiek: Warmteprogramma opstellen en ter besluitvorming aanbieden.

  • Meetbaar: Vastgesteld document.

  • Acceptabel: Juridisch verplicht vanuit nieuwe wetgeving.

  • Realistisch: Kan worden opgesteld met externe ondersteuning.

  • Tijdgebonden: Vaststelling uiterlijk 31 december 2027.

Opstellen uitvoeringsplannen: Hilvarenbeek werkt aan uitvoeringsplannen om aardgasvrij te worden. Er zijn drie routes om dat te bereiken: rest- en aardwarmte, elektrische systemen en duurzame gassen. In wijken zonder mogelijkheid voor een warmtenet is een all-electric aanpak het meest kansrijk: volledig elektrisch verwarmen, koken en warm water, vaak met eigen opwek. Dit draagt direct bij aan CO2-reductie. In gebieden waar bodemenergie mogelijk is, zetten we in op kleinschalige warmtenetten.

Actie

  • Specifiek: Uitwerking voor aardgasvrije verwarmde woning op wijkniveau.

  • Meetbaar: Vastgestelde wijkuitvoeringsplannen.

  • Acceptabel: Past bij warmtetransitie en behoeften bewoners.

  • Realistisch: Het is op dit moment niet inzichtelijk of de uitvoering realistisch is.

  • Het warmteprogramma zal daarvoor meer inzicht geven. Met name op gebied van de bekostiging van de wijkuitvoeringsprogramma’s, en de inzet van personeel bestaan nog grote vraagtekens.

  • Tijdgebonden: Tijdspad wordt vastgelegd in het warmteprogramma.

Realisatie Grootschalige Opwek en Opslag: Hilvarenbeek werkt mee aan regionale projecten voor zonne- en windenergie. Sinds de vaststelling van REKS 1.0 in 2021 zijn hiervoor duidelijke doelen vastgelegd. De gemeente voert regie op het realisatieproces en zet de stappen uit REKS 1.0 om. Zo dragen we bij aan onze ambitie: in 2030 wekken we minimaal 50% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam op.

Actie

  • Specifiek: 50% van het elektriciteitsverbruik lokaal duurzaam opwekken.

  • Meetbaar: REKS-monitoringscijfers.

  • Acceptabel: Regionaal afgesproken doel (REKS bod 1.0).

  • Realistisch: Realisatie via REKS-hubs De Baars, Kattenberg en de vergunde zonneparken.

  • Tijdgebonden: 2030.

Gezamenlijke aanpak netcongestie: Netcongestie belemmert verduurzaming. Daarom werkt Hilvarenbeek samen met Enexis en TenneT aan oplossingen. We onderzoeken een nieuw HS/MS-elektriciteitsstation en zetten in op collectieve opslag, zoals batterijen. Door opwek, opslag en verbruik slim te combineren, houden we ruimte voor duurzame bedrijventerreinen en nieuwe ontwikkelingen.

Actie

  • Specifiek: Onderzoek nieuw 150 kV-station en ontwikkelen van een nadere overeenkomst met Enexis (NOK) voor de verzwaring van het laagspanningsnet.

  • Meetbaar: Onderzoeksrapport 2027 en de vaststelling van de NOK.

  • Acceptabel: Noodzakelijk voor energietransitie.

  • Realistisch: Samenwerking met Enexis en TenneT, gemeenten Oirschot en Oisterwijk.

  • Tijdgebonden: 2026–2030.

Interne werkgroep netcapaciteit: Het stroomnet raakt steeds voller. Daardoor kunnen projecten soms vertraging oplopen of niet meteen worden aangesloten. Dit maakt woningbouw, bedrijven en duurzame projecten kwetsbaar. Daarom richt de gemeente een interne werkgroep Netcapaciteit op. In deze werkgroep zitten projectleiders, beleidsadviseurs en programmamanagers die werken aan wonen, duurzaamheid en openbare ruimte. Enexis schuift aan wanneer dat nodig is. De werkgroep bespreekt regelmatig nieuwe projecten, mogelijke knelpunten en de planning van Enexis. Door vroegtijdiger met elkaar te overleggen, kan de gemeente sneller reageren op risico’s, beter inschatten welke capaciteit nodig is en eerder aan Enexis doorgeven waar problemen kunnen ontstaan. Zo kunnen projecten beter doorgaan en zijn we als gemeente beter voorbereid op de druk op het elektriciteitsnet.

Actie

  • Specifiek: Een interne werkgroep netcapaciteit starten om ontwikkelingen en knelpunten te bespreken, met Enexis als partner op uitnodiging.

  • Meetbaar: Op te zetten in een overlegstructuur + 1-jaarlijkse risicoanalyse.

  • Acceptabel: Versterkt samenwerking en vermindert risico op vertraging.

  • Realistisch: Past binnen bestaande overlegstructuren.

  • Tijdgebonden: Actief vanaf 1 september 2026 t/m 2030

Faciliteren infrastructuur Enexis: De gemeente helpt Enexis om het elektriciteitsnet sneller te verbeteren en uit te breiden van het laag- en middenspanningsnet door vergunningprocedures makkelijker te maken en gemeentelijke investeringen goed af te stemmen op de netwerkplanning. Voor de periode 2026–2035 maken de gemeente en Enexis een Nadere Overeenkomst (NOK). Hierin staat hoe zij samen weken aan de netverzwaring. De overeenkomst helpt om problemen met het net te verminderen en zorgt voor de noodzakelijke infrastructuur voor verdere verduurzaming en de ontwikkeling van Hilvarenbeek.

Actie

  • Specifiek: Enexis en de gemeente werken een nadere overeenkomst (NOK) uit, waarin ze afspraken maken over de aanpak voor netverzwaring van het laag- en middenspanningsnet.

  • Meetbaar: De NOK.

  • Acceptabel: Versnelt de uitbreiding van het netwerk en helpt netcongestie verminderen.

  • Realistisch: Past binnen de ontwikkelingen op gebied van energie- en warmtetransitie.

  • Tijdgebonden: 2026-2035.

Opstellen Green Deals: Hilvarenbeek werkt samen met Midpoint Brabant aan de Green Deal Mierbeek. Door sterke partnerschappen te vormen, versnellen we de verduurzaming van bedrijventerreinen en dragen we bij aan de programmadoelen.

Actie

  • Specifiek: De gemeente Hilvarenbeek maakt samen met Midpoint Brabant, ondernemers en andere partners een Green Deal voor bedrijventerrein Mierbeek, met afspraken over energie, klimaatadaptatie en circulariteit.

  • Meetbaar: In 2026 is de Green Deal vastgesteld en ondertekend. Vanaf 2027 starten ieder jaar minstens twee gezamenlijke projecten.

  • Acceptabel: De Green Deal past binnen de regionale samenwerking en sluit aan bij de duurzame en economische doelen van de gemeente. Ondernemers en partners steunen het plan.

  • Realistisch: De samenwerking en organisatie staan al, waardoor uitvoering mogelijk is binnen de bestaande capaciteit.

  • Tijdgebonden: Vaststelling in 2026, uitvoering en monitoring van 2026 t/m 2028.

Zon op bedrijfsdaken: In Hilvarenbeek zijn veel grote bedrijfsdaken geschikt voor zonne-energie. Zowel het Omgevingsprogramma als de regionale REKS 1.0 (Regionale Energie- en Klimaatstrategie) benadrukken dat het gebruiken van bestaande daken een logische en landschapsvriendelijke eerste stap is om de klimaatdoelen te halen. De gemeente werkt de komende jaren samen met ondernemers, energiecoöperaties en regionale partners om dit mogelijk te maken. Door gezamenlijke ondersteuning en problemen weg te nemen, kunnen projecten sneller tot uitvoering komen.

Actie

  • Specifiek: De gemeente start een programma gericht op beter gebruik van bedrijfsdaken voor zonne‑energie. In dit programma worden de meest geschikte daken in kaart gebracht en worden ondernemers ondersteund bij techniek, financiering en netaansluiting, in samenwerking met onder meer energiecoöperaties en regionale partners.

  • Meetbaar: In 2027 zijn de best geschikte daken in kaart gebracht en tussen 2025 en 2030 wordt een toename van 20% in zonne‑opwek op bedrijfsdaken gerealiseerd.

  • Acceptabel: De aanpak past binnen regionale afspraken, sluit aan bij de behoefte aan ontzorgen bij ondernemers en vraagt geen extra ruimte in het landschap.

  • Realistisch: De inzet op bestaande daken en de samenwerking in de regio maakt uitvoering goed haalbaar, ook wanneer de netcapaciteit beperkt is. De voortgang blijft daarbij wel afhankelijk van een stroomopbrengst die een positieve businesscase voor ondernemers mogelijk maakt.

  • Tijdgebonden: Dak inventarisatie gereed in 2027 en doel van 20% extra opwek behaald in 2030.

Klimaatbewustzijn

Ontharding en waterbuffering in stedelijk gebied

Hilvarenbeek maakt de leefomgeving groener door overbodige verharding te vervangen met bomen en struiken. Dit vermindert wateroverlast bij hevige regen, beperkt hittestress en vergroot de biodiversiteit. Zo werken we aan een klimaatbestendige gemeente en dragen we bij aan de doelen van de groenvisie en het duurzaamheidsprogramma. Samen met inwoners bepalen we waar en hoe deze maatregelen worden uitgevoerd, zodat er draagvlak en bewustwording ontstaat.

Actie

  • Specifiek: De gemeente vervangt verharding in bestaand stedelijk gebied door groen om water beter te laten infiltreren, hitte te verminderen en de leefomgeving te verbeteren. Dit gebeurt onder meer bij herinrichtingen van de openbare ruimte en schoolpleinen.

  • Meetbaar: Elk jaar wordt minstens 2.500 m² vergroening aangelegd, vastgelegd en gevolgd via GIS.

  • Acceptabel: Dit past binnen de gemeentelijke groenvisie, de klimaatadaptatie opgave en de ambitie voor een toekomstbestendige leefomgeving.

  • Realistisch: De maatregelen worden gekoppeld aan geplande projecten, zoals reconstructies, rioleringswerk en vergroening van pleinen, samen met partners zoals scholen.

  • Tijdgebonden: De uitvoering loopt van 2026 tot en met 2030.

En

  • Specifiek: De gemeente legt in bestaand stedelijk gebied waterbergingsvoorzieningen aan, zoals wadi’s en bergingsgebieden, om wateroverlast te verminderen en de klimaatadaptatie te versterken. Dit gebeurt vooral bij herinrichtingen van de openbare ruimte.

  • Meetbaar: In de looptijd worden minimaal 5 wadi’s en 3 waterbergingsgebieden aangelegd.

  • Acceptabel: De aanpak ondersteunt het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie, de lokale wateropgave en de samenwerking met Waterschap De Dommel.

  • Realistisch: De voorzieningen worden gecombineerd met geplande straatreconstructies, rioleringsprojecten en gebiedsontwikkelingen.

  • Tijdgebonden: De aanleg en oplevering vinden plaats tussen 2026 en 2030.

Klimaatmakers 3.0: Het project Klimaatmakers gaat door tot eind 2030. We helpen inwoners om hun tuin groener te maken en regenwater op te vangen. Ook vergroenen we schoolpleinen en bedrijventerreinen. Op basis van de positieve resultaten en betrokkenheid van inwoners en bedrijven stimuleert Klimaatmakers klimaatbewustzijn en maatregelen zoals waterberging, afkoppeling en vergroening. Zo dragen we bij aan de doelen uit de groenvisie, het duurzaamheidsprogramma en de ambitie voor een klimaatbestendig Hilvarenbeek. Inwoners worden actief betrokken bij klimaatbewuste keuzes.

Actie

  • Specifiek: De gemeente stimuleert inwoners om tuinen te vergroenen via het programma Klimaatmakers. Dit vermindert verharding, verbetert waterinfiltratie en verhoogt het klimaatbewustzijn.

  • Meetbaar: Elk jaar worden minimaal 100 tuinen vergroend. Deelnemers en maatregelen worden per adres geregistreerd.

  • Acceptabel: De doelstelling past binnen de gemeentelijke ambities voor klimaatadaptatie, vergroening en participatie en sluit aan bij eerdere succesvolle jaren.

  • Realistisch: De uitvoering maakt gebruik van bestaande samenwerking, subsidies en communicatie binnen het programma Klimaatmakers.

  • Tijdgebonden: De doelstelling geldt van 2026 tot en met 2030, met jaarlijkse uitvoering en monitoring.

Bewust met bomen: Bomen zijn belangrijk voor een gezonde, groene leefomgeving. Daarom stimuleert Hilvarenbeek bewustwording over hun waarde en zet in op educatie, participatie en vergroening. Inwoners worden actief betrokken bij het planten en onderhouden van bomen via diverse initiatieven. Deze aanpak sluit aan bij de omgevingsvisie waarin meer ruimte voor flora en fauna centraal staat. Zo versterken we samen de leefomgeving en werken we aan een groener, klimaatbestendig Hilvarenbeek.

Actie

  • Specifiek: De gemeente vergroot het aantal bomen door elk jaar nieuwe bomen te planten in de openbare ruimte. Dit versterkt biodiversiteit, klimaatadaptatie, de leefomgeving en het bewustzijn van inwoners.

  • Meetbaar: Elk jaar worden minimaal 100 bomen geplant. De aanplant staat in de Plantregistratie. Na drie jaar is minstens 90% van de bomen in leven.

  • Acceptabel: De doelstelling past bij de gemeentelijke ambities voor vergroening, biodiversiteit, klimaatadaptatie en een aantrekkelijke leefomgeving.

  • Realistisch: De boomaanplant wordt gekoppeld aan herinrichtingen, vervangingsopgaven en uitbreiding van groenstructuren.

  • Tijdgebonden: Uitvoering en monitoring vinden jaarlijks plaats van 2026 tot en met 2030.

Circulariteit

Maatschappelijk verantwoord inkopen (MVOI) en opdrachtgeven: Hilvarenbeek koopt en besteedt bewust in met oog voor duurzaamheid, sociale inclusie en hergebruik van materialen. De gemeente kiest voor maatschappelijke meerwaarde via zes pijlers: klimaat, milieu & biodiversiteit, circulariteit, ketenverantwoordelijkheid, diversiteit & inclusie en social return. Na goedkeuring van het omgevingsprogramma werken we aan twee doelen: MVOI structureel verankeren in alle aanbestedingen en de aanbestedingslijst analyseren om duurzaamheidsexpertise gericht in te zetten. Zo bouwen we aan een transparant, toekomstbestendig inkoopbeleid dat bijdraagt aan een eerlijke en duurzame samenleving.

Actie

  • Specifiek: MVOI is vastgelegd in een Manifest en manier van werken. De gemeente volgt dit manifest.

  • Meetbaar: Jaarlijkse audit van aanbestedingsdossiers.

  • Acceptabel: Helpt circulaire en sociale doelen halen.

  • Realistisch: Sluit aan op een op grote schaal ingevoerde manier van werken.

  • Tijdgebonden: 2026-2030

Ontwikkelen van een circulair ambachtsnetwerk: Hilvarenbeek ontwikkelt een circulair ambachtsnetwerk waar milieustraat, kringloop en reparatiewerkplaatsen samenkomen. Hier worden spullen gerepareerd en hergebruikt, wat afval vermindert en de lokale circulaire economie versterkt. Het netwerk biedt leer- en werkplekken voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt en bevordert sociale inclusie. Samenwerking met onderwijs en bedrijven vergroot kennis en bewustwording. Vanaf 2026 start een regionale verkenning met omliggende gemeenten om een gezamenlijke visie en haalbaarheidsstudie op te stellen. Doel: rond 2030 een operationeel netwerk dat grondstoffen, materialen en talent optimaal benut voor een circulaire en inclusieve economie.

Actie

  • Specifiek: De gemeente werkt met regionale partners aan een circulaire hergebruikvoorziening, zoals een circulair ambachtsnetwerk. Dit voorkomt afval, maakt hergebruik van grondstoffen mogelijk en levert sociale meerwaarde op.

  • Meetbaar: Uiterlijk in 2027 ligt er een vastgestelde visie en haalbaarheidsstudie. De inrichting start in 2028 en de voorziening is in 2030 operationeel. Het hergebruikt materiaal wordt vastgelegd in kg en type materiaal.

  • Acceptabel: De ontwikkeling past bij de gemeentelijke doelen voor circulariteit, afvalreductie en sociale werkgelegenheid.

  • Realistisch: Door regionale samenwerking is er voldoende schaal, partnerschap en financiële basis om de voorziening te realiseren en te exploiteren.

  • Tijdgebonden: De ontwikkeling en realisatie vinden plaats van 2026 tot en met2030, volgens de afgesproken fasering.

Uitvoeren en door ontwikkelen nieuw grondstoffenbeleid: We voeren het grondstoffenbeleid uit en ontwikkelen het verder volgens het Beleidskader 2023–2030: Van Afval naar Grondstof. Het financiële deel zit al in de huidige P&C-cyclus; de afvalstoffenheffing zorgt voor een sluitende begroting. Ons doel: in 2030 heeft elke inwoner nog maar 30 kilo restafval per jaar. Daarom stimuleren we afvalscheiding en hergebruik.

Actie

  • Specifiek: De gemeente Hilvarenbeek vermindert huishoudelijk restafval door betere inzameling, duidelijke communicatie, gedragsstimulering en passende voorzieningen voor afvalscheiding en hergebruik.

  • Meetbaar: In 2030 is de hoeveelheid restafval teruggebracht tot maximaal 30 kg per inwoner per jaar, gemeten via de jaarlijkse afvalmonitor.

  • Acceptabel: De doelstelling sluit aan bij het Beleidskader Afval 2023–2030 en de landelijke ambities voor een circulaire economie.

  • Realistisch: De vermindering wordt bereikt door communicatie, participatie van inwoners, optimalisatie van inzamelsystemen, financiële prikkels, handhaving en uitbreiding van scheidingsmogelijkheden.

  • Tijdgebonden: De doelstelling wordt uiterlijk in 2030 gerealiseerd.

Drinkwatergebruik terugdringen: Door warmere en drogere periodes komt ons drinkwater vaker onder druk te staan. Daarom wil de gemeente dat inwoners bewuster met water omgaan. Veel water dat we nu gebruiken, bijvoorbeeld voor de tuin of het schoonmaken, hoeft geen drinkwater te zijn. Als inwoners vaker regenwater gebruiken en kiezen voor waterbesparende middelen, kunnen we samen veel besparen. De gemeente helpt hierbij door duidelijke campagnes, het aanbieden van praktische tips en het stimuleren van waterbesparende apparaten. Ook bij nieuwbouw worden afspraken gemaakt over zuinig watergebruik en het opvangen van regenwater. Zo verkleinen we onze watervraag en zorgen we dat er ook in droge periodes genoeg water beschikbaar blijft. Het doel is om het drinkwatergebruik stap voor stap terug te brengen naar 100 liter per persoon per dag.

Actie

  • Specifiek: De gemeente stimuleert inwoners en bedrijven om minder drinkwater te gebruiken, via campagnes, regenwatergebruik en waterbesparende maatregelen bij bestaande bouw en nieuwbouw.

  • Meetbaar: Het gemiddelde drinkwatergebruik daalt naar maximaal 100 liter per persoon per dag. Brabant Water levert de monitoringscijfers.

  • Acceptabel: De doelstelling past binnen regionale waterdoelen, afspraken met het waterschap en de noodzaak om zuinig met drinkwater om te gaan.

  • Realistisch: De vermindering wordt bereikt via communicatie, voorbeeldprojecten, samenwerking met Brabant Water en het opnemen van besparingsmaatregelen in gebiedsontwikkelingen en nieuwbouw.

  • Tijdgebonden: De doelstelling wordt uiterlijk in 2030 gehaald, met jaarlijkse monitoring.

Algemeen

Organisatie op orde: Binnen de gemeente is duurzaamheid al goed geregeld voor de thema’s klimaatbewustzijn, energietransitie en circulariteit. We werken eraan om duurzaamheid verder te verankeren in alle onderdelen van de organisatie, zodat het nog beter wordt geïntegreerd in onze werkwijze.

Actie

  • Specifiek: Het programmateam heeft in 2026 een volledige bezetting met vaste medewerkers.

  • Meetbaar: Formatie bestaat uit 6 medewerkers (fte).

  • Acceptabel: Noodzakelijk vanwege de uitvoeringsdruk en specifieke kennis op 3 thema’s.

  • Realistisch: Binnen begrotingskaders te realiseren.

  • Tijdgebonden: 2026.

(Boven) regionale energie-overleggen: Hilvarenbeek werkt actief samen in regionale en landelijke overleggen, zoals de Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS) en verbanden als GHO, AROA en SRBT. In deze netwerken delen we kennis en ideeën over energie, klimaat en circulariteit. Door samen te werken op regionaal, provinciaal en landelijk niveau versterken we onze positie en vergroten we de uitvoeringskracht om lokale duurzaamheidsambities waar te maken.

Actie

  • Specifiek: Bijdrage leveren aan de regionale overleggen in REKS en GHO verband.

  • Meetbaar: in gespreksverslagen.

  • Acceptabel: Noodzakelijk om invloed uit te oefenen aan de energie- en klimaat opgave.

  • Realistisch: Past in de werkzaamheden.

  • Tijdgebonden: Jaarlijks, 2026–2030.

Monitoring en voortgangsreportages: We gaan de komende jaren beter gebruikmaken van informatie binnen onze duurzaamheidsopgave. Door gegevens te verzamelen en te combineren krijgen we sneller inzicht in kansen en problemen. Dit helpt ons om te kiezen welke acties het belangrijkst zijn en om tijdig bij te sturen. Bijvoorbeeld bij het aanpakken van wateroverlast, hittestress of het beter volgen van afvalstromen. In 2025 maken we hiervoor een nulmeting. We leggen alle huidige scores vast in een aparte bijlage van de uitvoeringsparagraaf (7.3). Deze nulmeting is de basis om de voortgang in de komende jaren daarna goed te kunnen volgen.

Omdat de raad graag duidelijk en actueel inzicht wil, sturen we elk jaar een Raadsinformatiebrief Duurzaamheid (RIB). De eerste RIB bevat de meetpunten (indicatoren), de nulmeting en de maatregelen voor dat jaar. De RIB’s in de jaren daarna laten zien wat we hebben bereikt, welke effecten dit had en welke acties het jaar erna worden opgepakt. Zo blijft het Omgevingsprogramma overzichtelijk en krijgt de raad elk jaar een volledig en betrouwbaar beeld van de voortgang. De lijst met indicatoren maken we samen met de Raadswerkgroep en stemmen we af met de portefeuillehouder. Later worden deze indicatoren ook openbaar op de nieuwe gemeentelijke website, zodat inwoners de resultaten kunnen volgen.

Actie

  • Specifiek: Jaarlijkse voortgangsrapportage.

  • Meetbaar: Rapportage via jaarlijkse RIB Duurzaamheid en op termijn zichtbaar op website.

  • Acceptabel: Past bij transparantie en sturing.

  • Realistisch: In te bedden in bestaande processen.

  • Tijdgebonden: Elk jaar Q4.

Communicatiecampagne duurzaamheidsdoelen: Om onze duurzaamheidsdoelen te halen, is het belangrijk dat iedereen weet wat er gebeurt en hoe hij of zij kan bijdragen. Daarom start de gemeente Hilvarenbeek een communicatiecampagne. Met deze campagne willen we twee dingen bereiken:

  • Informeren: laten zien wat we al hebben bereikt op het gebied van onze duurzaamheidsdoelen.

  • Motiveren: mensen laten zien wat ze zelf kunnen doen om nog meer te bereiken.

De campagne is bedoeld voor inwoners, ondernemers, ambtenaren, college en de raad. We gebruiken verschillende middelen, zoals berichten in de Hilverbode, posters, social media, Freek van Hilvarenbeek en onze website www.duurzaamhilvarenbeek.nl. Op de website is ook te zien hoe de nulmeting is uitgevoerd en hoe de voortgang per onderdeel is. Zo zorgen we ervoor dat iedereen op de hoogte blijft, begrijpt waarom duurzaamheid belangrijk is en actief kan meedoen aan een groene en toekomstbestendige gemeente.

Actie

  • Specifiek: Op www.duurzaamhilvarenbeek.nl maken we het makkelijk om te zien hoe het gaat met duurzaamheid in onze gemeente.

We richten een speciale pagina in waarop alle metingen zichtbaar zijn. Op deze pagina vind je de nulmeting: dit is het startpunt. Hier staat hoe de gemeente en inwoners in 2026 scoren op verschillende onderdelen, zoals energie, water, afval en groen. Ook is de voortgang hier te vinden en is te zien hoe we elk jaar verbeteren. Bijvoorbeeld hoeveel zonnepanelen er zijn geplaatst, hoeveel woningen beter geïsoleerd zijn, hoeveel water we hebben bespaard en hoeveel groen er is aangelegd.

Om iedereen op de hoogte te houden en te motiveren, voeren we een communicatiecampagne rond de duurzaamheidsdoelen:

  • a.

    In de vorm van een campagne delen we ieder jaar de actuele status van de cijfers. Zo zie je wat er al is bereikt en welke stappen nog nodig zijn.

  • b.

    Ongeveer tien keer per jaar lichten we een specifiek duurzaamheidsdoel uit. Dit gebeurt op een duidelijke en creatieve manier, zodat inwoners, ondernemers, ambtenaren en de raad kunnen zien wat er gebeurt en hoe ze zelf kunnen bijdragen.

  • c.

    Op deze manier blijft iedereen goed geïnformeerd, betrokken en gemotiveerd om samen te werken aan een duurzame toekomst voor Hilvarenbeek.

  • Meetbaar: Bereik- en deelnamecijfers.

  • Acceptabel: Nodig voor draagvlak en gedrag.

  • Realistisch: De campagne past bij huidige communicatiestructuur.

  • Tijdgebonden: 2026–2030.

Communicatie uitingen zijn herkenbaar door de duurzaamheidshuisstijl en activerend door direct te laten zien hoe mensen nú kunnen meedoen.

Evaluatie omgevingsprogramma 2025-2030: De voortgang van het omgevingsprogramma 2025–2030 wordt jaarlijks gevolgd met actuele prestatie-indicatoren en gekoppeld aan de planning- en controlecyclus. Waar nodig sturen we bij, zodat we onze duurzame doelen effectief realiseren. Elk jaar kijken we of we op koers liggen en passen het programma aan als dat nodig is. In 2030 voeren we een integrale evaluatie uit. Die vormt de basis voor het nieuwe programma 2030–2035.]

Faciliteren inwonersinitiatieven: Hilvarenbeek stimuleert inwoners om ideeën en projecten in te dienen die bijdragen aan duurzaamheid, zoals energiebesparing, duurzame energie, circulariteit en klimaatadaptatie. Past een initiatief bij onze duurzaamheidsdoelen? Dan kan het advies, samenwerking of subsidie krijgen. Elk idee wordt beoordeeld op relevantie, haalbaarheid en impact. Zo versterken we lokaal eigenaarschap en sluiten we aan bij de landelijke beweging van een bottom-up energietransitie. Samen werken we aan een duurzame toekomst voor Hilvarenbeek.

Subparagraaf 7.3.3 Hoe financieren we slim de energietransitie in Hilvarenbeek?

De energietransitie vraagt om slimme financiering. Gemeente Hilvarenbeek zet in op een mix van landelijke middelen, zoals CDOKE voor externe expertise, en eigen duurzaamheidsbudgetten om lokale initiatieven en bewustwording te stimuleren. Kleine bijdragen worden gekoppeld aan lokaal eigenaarschap voor maximale impact. Een vast kernteam zorgt voor uitvoering van beleid rond energietransitie, circulariteit en klimaatbewustzijn. Daarnaast onderzoekt de gemeente hoe uitvoeringsgeld als financiële prikkel kan werken, bijvoorbeeld via doelgroepenaanpakken voor duurzame technologieën zoals (hybride) warmtepompen.

afbeelding binnen de regeling

Hoofdstuk 8 Begrippenlijst

Agroforestry: (boslandbouw) Is een verzamelnaam voor landbouwsystemen waarin bewust gestreefd wordt naar het introduceren van bomen en struiken op percelen met akkerbouwgewassen of grasland.

Biobased: Zegt iets over de oorsprong van een materiaal. Het duidt op materialen die gemaakt zijn van hernieuwbare grondstoffen en compleet of gedeeltelijk bestaan uit biologische materialen – zoals vezels, suiker(s), micro-organismen of eiwitten.

CO2-equivalent: Een maateenheid voor het effect van verschillende broeikasgassen op het klimaat.

Country Overshoot Day: 5 mei 2025 is het Dutch Overshoot Day, de dag waarop de Nederlanders de bio capaciteit hebben gebruikt die voor een jaar beschikbaar is. Anders gezegd: als iedereen op aarde zou leven als in Nederland, zouden 2,9 aardbollen nodig zijn.

CSRD: (Corporate Sustainability Reporting Directive): is een Europese richtlijn die grote bedrijven verplicht om te rapporteren over hun duurzaamheidsprestaties, impact op mens en milieu, en risico’s op dit gebied.

Duurzaamheid: Het zorgen voor evenwicht tussen mens, milieu en economie om de aarde niet uit te putten. Voor nu maar ook voor de komende generaties. Het voorzien in de behoeften van de samenleving is in evenwicht met dat wat de aarde aan kan.

Ecologie: De wetenschap die onder¬zoekt hoe planten en dieren in verhouding tot elkaar staan en tot hun (veranderende) omgeving.

Educatie: Overkoepelende term voor vorming, onderwijs en opvoeding.

Energieloket: Een digitale of fysieke plek waar advies gegeven wordt over energiebesparing en duurzame energieopwekking.

Erodeert: Wegslijten van land door wind en water.

Hittestress: Algemene term voor gezondheidsklachten die ontstaan als mensen door hoge temperaturen en luchtvochtigheid niet meer in staat zijn de lichaamstemperatuur goed te reguleren.

Inclusief: Uitgevoerd op een manier waarop iedereen mee kan doen en waarbij niemand uitgesloten wordt op basis van persoons- en situatiekenmerken.

Infrastructuur: Alle manieren waarop mensen, voertuigen en goederen zich kunnen verplaatsen. Het kan gaan om snelwegen of spoorwegen, maar ook om leidingen en kabels.

Integraal: Uitgevoerd op een manier waarop er aan meerdere opgaven tegelijkertijd wordt gewerkt.

Klimaatadaptatie: De aarde warmt op en het klimaat verandert. Nederland moet zich voorbereiden op de risico’s van het veranderende klimaat en hierop de omgeving aanpassen. Dit heet klimaatadaptatie.

Klimaatakkoord: De Nederlandse uitwerking van de Parijs klimaatafspraken. In het Klimaatakkoord hebben meer dan honderd partijen een pakket van afspraken, maatrege¬len en instrumenten samengesteld die samen moeten leiden tot een afname van ten minste 49 procent CO2 -uitstoot in Nederland in 2030, ten opzichte van 1990.

Mobiliteit: Het verplaatsen van personen en goederen in een gebied.

Netcongestie: Steeds vaker vervoeren we meer elektriciteit dan ons elektriciteitsnet aankan. Dat zorgt voor netcongestie (file op het elektriciteitsnet). Hierdoor kunnen bedrijven, nieuwbouw- en energieprojecten vaak geen extra elektriciteit afnemen of terug leveren.

Participatie: Een proces dat inwoners, bedrijven en andere betrokkenen in de samenleving de mogelijkheid biedt om actief deel te nemen aan de publieke besluitvorming en deze te beïnvloeden.

Pilot(projecten): Een project of onderzoek dat bedoeld is om iets (op kleine schaal) uit te proberen.

Regionale Energiestrategie: Nederland is verdeeld in dertig regio’s om samen te werken in de energietransitie. Want de energietransitie stopt niet bij gemeentegrenzen maar vraagt overkoepelde samenwerking
en een Regionale Energiestrategie. Gemeente Hilvarenbeek is onderdeel van de Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS) Hart van Brabant.

Respondenten: De individuen die deelnemen aan een onderzoek door enquêtes, vragenlijsten, interviews of andere gegevensverzamelingsinstrumenten in te vullen.

Stakeholder: Ook wel belanghebbende genoemd. Is een persoon of organisatie die invloed ondervindt (positief of negatief) of zelf invloed kan uitoefenen op een project of overheidsbesluit.

Transitievisie Warmte: In dit plan beschrijft iedere gemeente voor alle buurten de meest geschikte alternatieven voor aardgas, wanneer welke buurt aan de beurt is en in welke buurten we als eerste van start gaan. Deze visie moet elke vijf jaar geactualiseerd worden en heet vanaf 2026 het Warmteprogramma.

Trias Energetica: Is een driestappenstrategie om een energiezuinig ontwerp te maken.

Vastgoedportefeuille: Het geheel aan onroerend goed dat een organi¬satie of persoon in zijn of haar bezit heeft.

Waterrobuust: Dit betekent dat de waterveiligheid, de zoetwatervoorziening en de ruimtelijke inrichting op orde moeten zijn. Alleen dan kan ons land de gevolgen van klimaatverandering goed blijven opvangen.

Hoofdstuk 9 Afkortingen

CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek

CDOKE: (tijdelijke regeling) Capaciteit Decentrale Overheden voor klimaat-en energiebeleid

CSRD: Corporate Sustainability Reporting Directive

GHO: Samenwerkingsverband tussen de gemeenten Goirle, Hilvarenbeek en Oisterwijk

LAI: Lokale Aanpak Isolatie

NIP: Nationaal Isolatieprogramma

REKS: Regionale Energie-en Klimaat Strategie

RVO: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

TNO: Nederlandse organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek

VGO: Visie Grootschalige Opwek

VNG: Vereniging van Nederlandse Gemeenten

WGIW: Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie

WCW: Wet Collectieve Warmtevoorziening

Hoofdstuk 10 Bijlagen

Country Overshoot Days 2025

Country Overshoot Days geven aan op welke (hypothetische) datum een land zijn jaarlijkse beschikbare bio capaciteit heeft overschreden, als iedereen op aarde zou leven zoals de inwoners van dat land. Hoe eerder in het jaar deze datum valt, hoe groter de ecologische voetafdruk van dat land. Hoe later, hoe duurzamer het gemiddelde consumptiepatroon van dat land is. Anders gezegd: als iedereen op aarde zou leven als in Nederland, zouden 2,9 aardbollen nodig zijn.

Voorbeelden uit 2025:

  • Qatar: 6 februari (hoogste verbruik, zou de aarde al begin februari ‘opgebruiken’)

  • Nederland: 5 mei (relatief hoge voetafdruk)

  • Uruguay: 17 december (laagste verbruik, dus meest duurzaam)

Het is:

  • Een wereldkaart of lijst met landen en hun overshoot-datum.

  • Het maakt zichtbaar hoe ongelijk de wereld omgaat met natuurlijke hulpbronnen.

  • Het is bedoeld als bewustwordingstool: hoe kunnen landen hun datum verder in het jaar schuiven door duurzamer te leven?

Deze data benadrukken de noodzaak van gedragsverandering, duurzame investeringen en beleidsmaatregelen om onze ecologische voetafdruk te verkleinen. Gemeenten kunnen hierin een voorbeeldfunctie vervullen door zelf duurzaam te handelen en inwoners te inspireren.

afbeelding binnen de regeling

Bijlage I Overzicht Informatieobjecten

Bijlage II Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 (pdf)

Bijlage II Omgevingsprogramma Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030 (pdf)

HILV_12913_Omgevingsprogramma_duurzaam_1_April_DEF (002).pdf

Bijlage III Infographic (pdf)

Bijlage III Infographic (pdf)

HILV_13053_infographic_duurzaam_2026_DEF.pdf