SUBSIDIEREGELING MAATSCHAPPELIJK WELZIJN 2027-2030

Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 01-01-2027

Intitulé

SUBSIDIEREGELING MAATSCHAPPELIJK WELZIJN 2027-2030

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad;

Overwegende, dat het college op grond van de artikelen 3, 5, 6, 8, 9, 10, 11,12,13, 15, 17, 18, 19, 20 21 en 22 van de Algemene Subsidieverordening Meierijstad 2018 nadere regels kan stellen met betrekking tot:

- de voor subsidie in aanmerking komende activiteiten, de doelgroepen die voor subsidie in aanmerking komen, de berekening van de subsidie en de uitbetaling van de subsidie;

- de afwijking van de regels van de verordening voor zover dat nodig is ten behoeve van het voldoen aan Europese steunkaders;

- de wijze van verdeling van subsidies waarvoor een subsidieplafond is vastgesteld;

- de eventuele afwijking van de in de verordening opgenomen indexering;

- de eventuele afwijking van de regel dat een subsidieaanvraag schriftelijk bij het college moet worden ingediend en van de voorschriften met betrekking tot de bij de aanvraag te overleggen gegevens;

- de aanvraagtermijn;

- de beslistermijn;

- de weigering van een subsidie;

- de verantwoording van de besteding van de subsidie en de daarbij te overleggen gegevens;

- de berekeningswijze van uurtarieven, voor zover daarvan gebruik gemaakt wordt bij de bepaling van de subsidiabele kosten;

- de definiëring van kostenbegrippen bij de berekening van uurtarieven;

- bijzondere omstandigheden die nopen tot afwijking van de nadere regels.

overwegende voorts

- dat de gemeente werkt volgens het beleids- en uitvoeringsprogramma sociaal domein 2026-2030, dat is vastgesteld door de gemeenteraad op 13 november 2025

- dat deze subsidieregeling betrekking heeft op onderwerpen die in de Verordening Sociaal Domein Meierijstad zijn opgenomen;

- dat, gelet op het ‘leerstuk van de schaarse rechten’, de gemeente ook andere gegadigden in de gelegenheid moet stellen mee te dingen naar schaarse subsidiemiddelen.

gelet op genoemde artikelen van de “Algemene Subsidieverordening Meierijstad 2018 (ASV 2018)”;

gelet op titel 4.2 en 4.3. van de Algemene wet bestuursrecht;

b e s l u i t

vast te stellen de navolgende:

Subsidieregeling Maatschappelijk Welzijn 2027-2030

PARAGRAAF 1 ALGEMEEN

Artikel 1. Definities

In aanvulling op de begripsomschrijvingen zoals opgenomen in de Algemene Subsidieverordening, worden de volgende begrippen gehanteerd:

• Uitvoeringsovereenkomst: het document waarin het college de taken en activiteiten opsomt, inclusief de daarvan afgeleide resultaten en voorwaarden, die van de betreffende instelling wordt verwacht, en waarop deze instelling haar subsidieaanvraag baseert.

• Resultaat: de aanwijsbare verandering c.q. de gerealiseerde persoonlijke baat, die een (of meer) activiteiten(en) teweegbrengt dan wel die een maatschappelijke baat oplevert.

Artikel 2. Toepassingsbereik

Het bepaalde in deze subsidieregeling is van toepassing op de verlening van subsidies op het gebied van maatschappelijk welzijn aan organisaties die een subsidieaanvraag indienen n.a.v. de maatschappelijke opdracht.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

1. De subsidiabele activiteiten zijn

o Het Centrum Jeugd en Gezin

Geven van informatie en advies en het doorontwikkelen en uitvoeren van een preventieve agenda.

o (Individuele) ondersteuning voor inwoners van alle leeftijden

Geven (tijdelijke) ondersteuning, gericht op herstellen versterken of handhaven van zelfredzaamheid of participatie.

o Aanbod voor jeugdigen met beginnende problematiek/kwetsbare jongeren

Zorgdragen voor een passend aanbod inclusief signalering, monitoring en analyse.

o Jongerenwerk

Zorgdragen voor een passend aanbod inclusief signalering, monitoring en analyse. Aanbieden van individuele coaching.

o Voor- en vroegschoolse educatie/taalstimulering

Coördinatie VVE. Het aanbieden van stimulerende taalactiviteiten en projecten.

o Aanpak laaggeletterdheid

Bijdragen aan aanpak laaggeletterdheid. Zorgdragen voor bewustwording en preventieve aanpak.

o Inclusieve samenleving

Ambassadeurschap van inclusieve samenleving waaronder zorgdragen dat activiteiten en bijeenkomsten inclusief zijn en informatiedeling. Het weghalen van drempels die deelname aan de samenleving bemoeilijken, stimuleren van ontmoeting en begrip/respect en vermindering van eenzaamheid.

o Laagdrempelige inloopvoorzieningen en daginvulling

Samenwerken en waar nodig ondersteunen van lokale voorzieningen en initiatieven, signalering, monitoring en analyse van o.a. behoeften en aanbod.

o Mantelzorg

Zorgen voor informeren, ondersteunen en waarderen van mantelzorgers. Herkennen en signaleren.

o Dementie

Verbinding en samenwerking zoeken met lokale partners. Zorgen voor meer bekendheid, begrip en tolerantie. (Mede) Zorgen voor informatie/communicatie, activiteiten en ontwikkelen van nieuwe methodieken.

o Zorg en veiligheid

Herkennen en signaleren problematiek, adviseren over problematiek, aandachtgebieden en preventie, buurtbemiddeling, partner Thuis in de Wijk.

o Onafhankelijke cliëntondersteuning

Bieden van onafhankelijke cliëntondersteuning bestaande uit informatie en advies, procesbegeleiding, (voorkomen van) bezwaar en beroep en mediation.

o Vrijwilligers

Bemiddelen tussen vraag en aanbod. Organiseren beursvloer, informatie en advies geven aan organisaties en particulieren. Ondersteunen en trainen van vrijwilligers. Ondersteunen vrijwilligersorganisaties. In kaart brengen ondersteuningsbehoeften en mogelijke barrières. Promoten, informatie en communicatie over/van vrijwilligerswerk. Signalering, monitoring en analyse.

o Ondersteuning burgerinitiatieven en sociale partners

Ondersteunen van burgerinitiatieven en sociale partners indien nodig (als en zolang nodig).

o Eenzaamheid

Signalering, deskundigheidsbevordering, (preventieve) aanpak en activiteiten ter voorkoming van eenzaamheid.

2. In de uitvoeringsovereenkomst wordt invulling gegeven aan de subsidiabele activiteiten d.m.v. prestatie- en/of resultaatsverplichtingen.

3. De in deze regeling beschreven activiteiten moeten leiden tot de maatschappelijke effecten en/of beleidsdoelstellingen zoals beschreven in het geldende beleidskader Sociaal domein.

4. In overleg en overeenstemming kunnen binnen de subsidiabele activiteiten onder lid 1 nieuwe activiteiten worden ontwikkeld.

Artikel 4. Hoogte van de subsidie

1. De hoogte van de subsidie wordt bepaald aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst van de beschikking.

2. Als de gemeente gedurende de subsidieperiode genoodzaakt is een bezuiniging toe te passen, worden voorstellen in gezamenlijkheid met de subsidieontvanger voorbereid en aan het college voorgelegd.

Artikel 5. Indexering

1. De subsidie voor maatschappelijke welzijn wordt jaarlijks geïndexeerd met het gewogen indexcijfer 90% OVA en 10% PPC voor het jaar t (jaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd), zoals dat gepubliceerd wordt in het CEP (Centraal Economisch Plan) in het jaar van aanvragen (t-1). Deze cijfers worden medio jaar t-1 door de VNG gepubliceerd op haar website (juni/juli) in tabel 3 van https://vng.nl/artikelen/indexatie-bij-inkoop-jeugdhulp-en-wmo-ondersteuning.

2. Indien er bijzondere omstandigheden zijn die leiden tot een heroverweging van de peildatum of indexeringspercentage kan het college besluiten af te wijken van de in artikel 5 lid 1 opgenomen systematiek voor indexering.

Artikel 6. Verplichtingen

Bij de subsidieverlening kan per subsidiabele activiteit worden aangegeven of er overige verplichtingen gesteld worden aan subsidiëring.

PARAGRAAF 2 SUBSIDIEPROCES

Artikel 7. Het subsidiebesluit en de uitvoeringsovereenkomst

1. Het college stelt op basis van het geldende beleidskader uiterlijk op 1 juli 2026 een maatschappelijke opdracht op. Deze geldt tevens als ontwerp uitvoeringsovereenkomst. Dit wordt vergezeld van een ontwerp subsidiebesluit.

2. Het in lid 1 bedoelde ontwerp subsidiebesluit inclusief de ontwerp uitvoeringsovereenkomst en maatschappelijke opdracht wordt uiterlijk op 15 juli 2026 gepubliceerd.

3. Belanghebbenden kunnen vervolgens tot 8 weken na de publicatie een zienswijze indienen. Na afronding van de zienswijzeprocedure wordt een definitief besluit genomen.

Artikel 8. Extra weigeringsgrond

In aanvulling op art. 12, tweede lid ASV, wordt een subsidie ook geweigerd als de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, en/of de resultaten die daar het gevolg van zijn, niet passen bij c.q. binnen de vastgestelde maatschappelijke opdracht.

Artikel 9. Subsidiebedrag

Het college verleent de subsidie op basis van een toetsing van de subsidieaanvragen(reacties) op de uitvoeringsovereenkomst. Het college beoordeelt daarbij ook of de geraamde kosten daarvoor passend zijn. Het subsidiebedrag is een resultante van deze toetsing.

Artikel 10. Verantwoording

1. Bij een meerjarige subsidieverlening vindt ieder jaar een (tussentijdse) vaststelling plaats in overeenstemming met artikel 18 van de ASV waarbij zowel inhoudelijk als financieel verantwoording wordt afgelegd. Pas na de periode van subsidieverlening vindt een financiële afrekening plaats.

2. Bij de subsidieverlening kunnen ook nadere verplichtingen worden gesteld over tussentijdse en finale verantwoording.

Artikel 11. Subsidievaststelling

1. Bij de jaarlijkse subsidievaststelling gaat het college na in hoeverre de activiteiten en bijbehorende prestaties, zoals opgenomen in de subsidieverlening, zijn gerealiseerd en/of de daarbij opgenomen verplichtingen zijn nagekomen.

2. De subsidievaststelling vindt plaats naar rato van de gerealiseerde activiteiten c.q. prestaties volgens de subsidieverplichtingen.

Artikel 12. Overleg

Periodiek vindt een bestuurlijk overleg plaats van de maatschappelijke partners gezamenlijk met de verantwoordelijk portefeuillehouder(s). In dit overleg wordt de stand van zaken besproken en waar op verzoek van elk van de partijen andere onderwerpen geagendeerd kunnen worden.

PARAGRAAF 3 OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 13 Overgangsbepaling

Deze subsidieregeling is voor het eerst van toepassing op subsidie voor het subsidiejaar 2027 tot en met 2030. Aanvragen die betrekking hebben op voorgaande subsidiejaren worden behandeld volgens het oude subsidierecht.

Artikel 14 Inwerkingtreding

Deze subsidieregeling wordt gepubliceerd voor 1 juni 2026 en treedt in werking op 1 januari 2027. De nadere regels uit de Subsidieregeling Maatschappelijk Welzijn 2024 worden op diezelfde dag ingetrokken.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 26 mei 2026.

Het college voornoemd,