Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762061
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR762061/1
Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag
Geldend van 28-05-2026 t/m heden
Intitulé
Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen De Wassenaarse SlagDe gemeenteraad van Wassenaar,
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 13 januari 2026;
gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 225 van de Gemeentewet en Parkeerverordening gemeente Wassenaar;
b e s l u i t:
vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag (Verordening parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag)
Artikel 1. Definities
Voor de toepassing van deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- a.
centrale computer: computer van één van de providers waarmee de gemeente Wassenaar een overeenkomst heeft gesloten, bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen in het kader van het verlenen van diensten op het gebied van betaald parkeren met gebruik van een telefoon of een ander communicatiemiddel;
- b.
college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wassenaar;
- c.
houder: degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van opgegeven kentekens;
- d.
motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het RVV 1990, met dien verstande dat een brommobiel wordt aangemerkt als motorvoertuig;
- e.
parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, mobiele apparaten, centrale computer en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;
- f.
parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats waarop slechts tegen betaling van parkeerbelasting danwel met een daartoe verleende vergunning of ontheffing mag worden geparkeerd;
- g.
parkeerplaats: plaats op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten waarop parkeren niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
- h.
parkeervergunning: een door of namens het college verleende vergunning krachtens welke het is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuurplaatsen;
- i.
parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
- j.
RVV 1990: het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
- k.
vergunninghouder: de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een parkeervergunning is verleend.
Artikel 2. Belastbaar feit
Onder de naam 'parkeerbelastingen' worden de volgende belastingen geheven:
- a.
een belasting ter zake van het parkeren van een motorvoertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college van burgemeester en wethouders te bepalen plaats, tijdstip en wijze;
- b.
een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.
Artikel 3. Belastingplicht
-
1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van de degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.
-
2. Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt:
- a.
degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen;
- b.
zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het motorvoertuig, met dien verstande dat
1e als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was, niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd;
2e als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.
- a.
-
3. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b, als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.
-
4. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd.
Artikel 4. Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak
De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende Tarieventabel Parkeerbelasting Wassenaar.
Artikel 5. Wijze van heffing
-
1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college van burgemeester en wethouders gestelde voorschriften.
-
2. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte.
-
3. Bij de voldoening op aangifte moet het kenteken van het motorvoertuig waarmee wordt geparkeerd of waarvoor de vergunning geldt worden opgegeven.
Artikel 6. Ontstaan van de belastingschuld
-
1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren, tenzij het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een mobiele telefoon of ander communicatiemiddel inloggen op de centrale computer.
-
2. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Artikel 7. Termijnen van betaling
-
1. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.
-
2. In afwijking van het bepaalde in het vorige lid moet de belasting overeenkomstig de aangifte worden betaald binnen een maand na het einde van het parkeren, indien het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een mobiele telefoon of ander communicatiemiddel inloggen op de centrale computer.
-
3. De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
-
4. Een naheffingsaanslag moet achtentwintig dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet worden voldaan.
Artikel 8. Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen
De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college bij openbaar te maken besluit.
Artikel 9. Ontheffingen van parkeerbelasting
-
1. Ontheffing van parkeerbelasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt uitsluitend op aanvraag verleend.
-
2. Indien bij een inwonersparkeervergunning of een bedrijvenparkeervergunning op verzoek van de vergunninghouder wordt ingetrokken of vervalt, wordt op aanvraag ontheffing verleend over de nog niet ingetreden maanden, waarop de vergunning betrekking heeft.
-
3. Indien als gevolg van maatregelen getroffen door of met instemming van het gemeentebestuur de vergunninghouder over een gedeelte van het tijdvak waarvoor de vergunning geldt geen gebruik kan maken van de vergunning, wordt ontheffing van parkeerbelasting verleend over het aantal volle maanden gedurende welke dat gebruik niet mogelijk is geweest.
-
4. Ontheffing van parkeerbelasting wordt niet verleend indien het bedrag daarvan minder zou bedragen dan € 10,-.
Artikel 10. Kosten
-
1. De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, bedragen € 82,00.
Artikel 11. Kwijtschelding
Bij de invordering van de parkeerbelastingen wordt geen kwijtschelding verleend.
Artikel 12. Inwerkingtreding
-
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking.
-
2. De datum van ingang van de heffing is 1 maart 2027.
Artikel 13. Citeertitel
Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Wassenaar gehouden op dinsdag 24 februari 2026.
de griffier,
drs. J. Kleinhesselink
de voorzitter,
drs. L.A. de Lange
Bijlage bij artikel 10 van de Verordening parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag
Behorende bij de Verordening parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag.
KOSTENBESLUIT NAHEFFINGSAANSLAG PARKEERBELASTING
|
A. Vaste informatieverwerkingskosten |
Kosten |
Totaal |
|
Handhaving parkeren (scanauto) |
€ 65.000,00 |
|
|
Onderhoudskosten eerstelijnsstoringen |
€ 1.060,42 |
|
|
Onderhoudscontract parkeerautomaten tweede- en derdelijns storingen |
€ 2.163,78 |
|
|
Backoffice parkeerautomaten |
€ 1.727,21 |
|
|
Draadloze Datakosten Parkeerautomaten |
€ 1.500,00 |
|
|
EFT-onderhoud contract |
€ 279,95 |
|
|
GEO-kaart tbv software scanauto |
€ 250,00 |
|
|
|
|
€ 71.981,36 |
|
B. Variabele informatieverwerkingskosten |
Kosten |
Totaal |
|
Kosten beroep en bezwaar |
€ 8.666,58 |
|
|
Kosten invordering naheffingen |
€ 6.771,41 |
|
|
Vergoeding afhandeling aanvraag/mutatie vergunningen |
€ 4.261,06 |
|
|
kWh verbruik parkeerautomaten |
€ 235,71 |
|
|
Transactiekosten PIN/CREDIT |
€ 1.625,76 |
|
|
Kosten SHPV/NPR |
€ 2.423,90 |
|
|
|
|
€ 23.984,42 |
|
C. Kosten van afschrijving |
Kosten |
Totaal |
|
Afschrijving parkeerautomaten |
€ 6.666,67 |
|
|
|
|
€ 6.666,67 |
|
D. Kosten van interest |
Kosten |
Totaal |
|
Rente parkeerautomaten |
€ 450,00 |
|
|
|
|
€ 450,00 |
|
E. Personeelskosten |
Kosten |
Totaal |
|
Handhaving parkeren (administratie) |
€ 39.000,00 |
|
|
Kosten bemensing parkeerservicebureau |
€ 1.895,68 |
|
|
Kosten personeel gemeente |
€ 4.305,14 |
|
|
|
|
€ 45.200,81 |
|
F. Overheadkosten |
Kosten |
Totaal |
|
Huisvestingskosten |
€ 1.677,13 |
|
|
Exploitatiekosten |
€ 2.841,84 |
|
|
|
|
€ 4.518,98 |
|
Totale kosten |
|
€ 152.802,24 |
|
Geraamd aantal naheffingsaanslagen 2027 |
|
|
|
aantal naheffingsaanslagen |
1.500 |
|
|
aantal gegrond verklaarde bezwaren |
200 |
|
|
aantal niet invorderbare naheffingsaanslagen |
150 |
|
|
invorderbare naheffingsaanslagen |
1.150 |
|
|
Kosten gedeeld door aantal geraamde naheffingsaanslagen |
€ 101,87 |
|
|
Maximumbedrag naheffingsaanslag 2027 |
€ 82,00 |
|
Tarieventabel Parkeerbelasting Wassenaar behorende bij de Verordening parkeerbelastingen De Wassenaarse Slag
|
Tarieventabel |
|||
|
1 |
Het tarief voor het parkeren bij parkeerapparatuur als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, bedraagt: |
|
|
|
1.1 |
“Parkeerterrein Zeelust”, De Wassenaarse Slag 13 en “Parkeerterrein De Kuil”, De Wassenaarse Slag 30 van 1 maart tot 1 november: |
|
|
|
a. |
tussen 08:00 – 21:00 |
per uur |
€ 2,50 |
|
b. |
tussen 21:00 – 08:00 |
per uur |
€ 3,00 |
|
c. |
met een maximum |
per etmaal |
€ 15,00 |
|
1.2 |
“Parkeerterrein Zeelust”, De Wassenaarse Slag 13 en "Parkeerterrein De Kuil”, De Wassenaarse Slag 30 van 1 november tot 1 maart: |
|
|
|
a. |
tussen 08:00 – 21:00 |
per uur |
€ 1,50 |
|
b. |
tussen 21:00 – 08:00 |
per uur |
€ 2,00 |
|
c. |
met een maximum |
per etmaal |
€ 5,00 |
|
2 |
Het tarief voor een parkeervergunning als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, bedraagt: |
|
|
|
2.1 |
voor een inwonersvergunning waarin een bepaald gedeelte van de gemeente is aangewezen |
per jaar |
€ 200,00 |
|
2.2 |
voor een bedrijvenparkeervergunning waarin een bepaald gedeelte van de gemeente is aangewezen, |
per jaar |
€ 200,00 |
|
2.3 |
voor een medewerkersparkeervergunning waarin een bepaald gedeelte van de gemeente is aangewezen, |
per jaar |
€ 70,00 |
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Wassenaar gehouden op dinsdag 24 februari 2026
de griffier,
drs. J. Kleinhesselink
de voorzitter,
drs. L.A. de Lange
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl