Nota Parkeernormen Someren 2026

Geldend van 27-05-2026 t/m heden

Intitulé

Nota Parkeernormen Someren 2026

De raad van de gemeente Someren;

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 december 2025;

overwegende dat:

  • De Nota parkeernormen uit 2018 verouderd is;

  • In het Mobiliteitsplan uit 2022 actualisatie van de Nota Parkeernormen als maatregel is opgenomen

gelet op:

De notitie “Wijzigingen Nota Parkeernormen”

b e s l u i t :

vast te stellen de Nota Parkeernormen Someren 2026

Hoofdstuk 1 - Inleiding

1.1. De Nota Parkeernormen Someren 2026

In de gemeente Someren vinden diverse soorten ruimtelijke ontwikkelingen plaats. Deze ontwikkelingen zorgen voor een verandering van de parkeersituatie. De Nota Parkeernormen Someren 2026 (hierna Nota Parkeernormen) geeft aan hoeveel parkeerruimte beschikbaar moet worden gesteld bij ruimtelijke ontwikkelingen en welke soorten parkeeroplossingen ingezet kunnen worden. De Nota Parkeernormen vervangt de Nota Parkeernormen uit 2018.

Aanleiding

De oude parkeernormennota uit 2018 was verouderd en op een aantal onderdelen onduidelijk. De oude parkeernormennota was vooral gericht op de aanleg van parkeerplaatsen en bood geen mogelijkheid om gebruik te maken van bestaande openbare parkeercapaciteit en hield geen rekening met de opkomst van alternatieve mobiliteitsvormen zoals bijvoorbeeld deelmobiliteit.

Doelstelling

Het doel van de Nota Parkeernormen is het voorkomen van parkeeroverlast door nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en hiermee bij te dragen aan de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid in de gemeente Someren.

1.2. Relatie met Mobiliteitsplan gemeente Someren

In 2022 heeft de gemeenteraad het Mobiliteitsplan vastgesteld. Het hoofddoel van het Mobiliteitsplan is te komen tot een veilig en gebalanceerd verkeer- en vervoerssysteem. Een systeem waar bereikbaarheid voor alle vervoerswijzen, leefbaarheid, duurzaamheid en veiligheid in balans met elkaar zijn.

Autoafhankelijkheid

In het Mobiliteitsplan wordt geconstateerd dat de autoafhankelijkheid in de gemeente hoog is door het ontbreken van voldoende aanbod en kwaliteit van alternatieven voor de auto zoals bijvoorbeeld openbaar vervoer. Bij het bepalen van de hoogte van de parkeernormen in de Nota Parkeernormen is hiermee rekening gehouden.

Deelmobiliteit

In het Mobiliteitsplan staat dat de gemeente bereid is om aan de slag te gaan met deelmobiliteit als hiervoor behoefte ontstaat. In de Nota Parkeernormen is deelmobiliteit als mogelijkheid voor het invullen van (een deel van) de parkeerbehoefte van ruimtelijke ontwikkelingen opgenomen.

1.3. Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op het juridisch kader van de Nota Parkeernormen. De uitgangspunten voor de parkeernormen worden in hoofdstuk 3 toegelicht. In hoofdstuk 4 is het toepassingskader van de parkeernormen beschreven.

Hoofdstuk 2 – Juridisch kader

2.1. Omgevingswet en Omgevingsvergunning

Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Centraal binnen de Omgevingswet staat het bundelen en vereenvoudigen van regels voor de fysieke leefomgeving. Onder de Omgevingswet zijn er twee mogelijkheden om de parkeernormen juridisch te borgen. Via een dynamische verwijzing naar de beleidsregels in de planregels van het omgevingsplan, of door de parkeernormen direct op te nemen in de planregels van het omgevingsplan. Het niet of onvoldoende oplossen van de parkeerbehoefte bij een ruimtelijke ontwikkeling kan een weigeringsgrond vormen voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning.

2.2. Citeertitel en inwerkingtreding

Citeertitel

Deze nota wordt aangehaald als Nota Parkeernormen Someren 2026.

Inwerkingtreding

De Nota Parkeernormen Someren 2026 wordt op http://www.overheid.nl bekendgemaakt. Daags na de bekendmaking treedt de Nota Parkeernormen Someren 2026 in werking en komt de Nota Parkeernormen 2018 te vervallen.

2.3. Toepassingsbereik

De Nota Parkeernormen Someren 2026 is van toepassing op alle ruimtelijke ontwikkelingen waarvoor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit en/of wijziging van het omgevingsplan of op basis van het vigerende bestemmingsplan (waarin een dynamische verwijzing naar de Nota Parkeernormen stond) nodig is. De Nota Parkeernormen is niet van toepassing op omgevingsplannen en -vergunningen die voor de datum van bekendmaking van de Nota Parkeernormen reeds als ontwerp zijn ingediend.

Hoofdstuk 3 – Uitgangspunten parkeernormen

3.1. Inleiding

De oude parkeernormennota was gebaseerd op CROW publicatie 317 Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie uit 2012. Op 19 juni 2024 is CROW publicatie 744 Parkeerkencijfers verschenen. De CROW parkeerkencijfers uit publicatie 744 zijn in dit hoofdstuk vertaald naar parkeernormen voor de gemeente Someren.

3.2. Stedelijkheidsgraad

De stedelijkheidsgraad van een gebied is van invloed op het aanbod en de kwaliteit van alternatieve vervoerswijzen en daarmee ook van invloed op de hoogte van de parkeernorm. Als een gebied een lagere stedelijkheidsgraad heeft, neemt het aanbod en de kwaliteit van alternatieven voor de auto (fietsen, lopen, openbaar vervoer) af, en neemt het gebruik van de auto en de behoefte aan parkeerplaatsen toe. De stedelijkheid van gebieden wordt uitgedrukt in de omgevingsadressendichtheid.

Klasse

Omgevingsadressendichtheid (adressen per km2)

Zeer sterk stedelijk

> 2.500

Sterk stedelijk

1.500 – 2.500

Matig stedelijk

1.000 – 1.500

Weinig stedelijk

500 – 1.000

Niet stedelijk

< 500

Tabel 1. Omgevingsadressendichtheid naar stedelijke klasse (bron: CB5)

De omgevingsadressendichtheid van de gemeente Someren (2025) bedraagt 746 adressen per vierkante kilometer (bron: CBS). De gemeente wordt daarmee gecategoriseerd als weinig stedelijk gebied (500-1000 adressen per km2). Voor de parkeernormen in Someren zijn daarom de CROW parkeerkencijfers voor weinig stedelijk gebied aangehouden.

3.3. Geografische ligging

De hoogte van een autoparkeernorm is afhankelijk van de geografische ligging van een gebied. Naar mate een gebied verder van een centrum af ligt, nemen het aanbod en de kwaliteit van alternatieven voor de auto (fietsen, lopen, openbaar vervoer) en de mogelijkheden van dubbelgebruik van de parkeervoorzieningen af, en neemt de behoefte aan parkeerplaatsen toe.

In de Nota Parkeernormen is onderscheid gemaakt naar drie verschillende geografische gebieden:

  • 1.

    Centrum Someren;

  • 2.

    Rest bebouwde kom Someren;

  • 3.

    Buitengebied Someren.

Centrumgebied Someren

In de Nota Parkeernormen is alleen voor Someren een centrumgebied gedefinieerd. In de andere kernen onvoldoende sprake is van omvang en dichtheid van centrumfuncties. De begrenzing van het centrumgebied Someren volgt op hoofdlijnen de begrenzing van de blauwe zone. In bijlage 1 is een overzichtskaart van het centrumgebied van Someren opgenomen.

Het CROW maakt ook onderscheid naar zogenaamd centrum schilgebied. Een centrum schilgebied is een gebied waar sprake is van een hogere kwaliteit en aanbod van alternatieve vervoersmiddelen, en dan met name openbaar vervoer, in vergelijking tot de rest van de bebouwde kom. In Someren is hiervan geen sprake. In de Nota Parkeernormen is daarom geen centrum schilgebied opgenomen.

Rest bebouwde kom Someren

De rest bebouwde kom gebieden bevinden zich binnen de bebouwde kom op basis van de Wegenverkeerswet 1994 maar behoren niet tot het centrumgebied Someren.

Buitengebied

Het buitengebied bestaat uit het gebied dat niet tot het centrumgebied en rest bebouwde komgebied behoort. De grens tussen rest bebouwde kom en het buitengebied kan in de tijd wijzigen. Daarom is de feitelijke situatie bepalend bij de beoordeling of een ontwikkeling binnen of buiten de bebouwde kom ligt. Uiteraard mag voor ruimtelijke ontwikkelingen die vóór de realisatie buiten de bebouwde kom liggen en ná realisatie binnen de bebouwde kom worden opgenomen, uitgegaan worden van de parkeernormen voor rest bebouwde kom.

3.4. Hoogte auto parkeernormen

De CROW parkeerkencijfers hebben bandbreedtes om parkeernormen afgestemd op de lokale situatie vast te kunnen stellen. Het autobezit in Someren is vergelijkbaar met gemeentes met een gelijke stedelijkheidgraad. Bij het bepalen van de hoogte van de parkeernormen voor de gemeente Someren is daarom uitgegaan van het gemiddelde van de CROW kencijfers.

Aandeel parkeerplaatsen voor bezoekers van bewoners

Bij woningen geldt een parkeernorm voor bewoners én een parkeernorm voor bezoekers van de woningen. Het aantal bezoekersparkeerplaatsen is afhankelijk van de geografische ligging van de ontwikkeling.

Gebied

Aantal parkeerplaatsen (bezoekers) per woning

Centrum Someren

0,15

Rest bebouwde kom Someren

0,2

Buitengebied Someren

0,3

Tabel 2. Aantal bezoekersparkeerplaatsen bij woningen naar gebiedsindeling

3.5. Kwaliteitseisen parkeerplaatsen

De parkeernorm bepaalt het aantal parkeerplaatsen in kwantitatieve zin. Omdat parkeerplaatsen in de praktijk bruikbaar moeten zijn worden hieraan kwaliteitseisen gesteld:

  • 1.

    Openbare parkeerplaatsen moeten voldoen aan de maatvoeringen uit het ASVV 2021 of diens opvolger;

  • 2.

    Niet openbare parkeerplaatsen moeten voldoen aan NEN 2443 (maart 2013) of diens opvolger;

  • 3.

    Openbare en niet openbare parkeerplaatsen in parkeergarages moeten voldoen aan NEN 2443 (maart 2013) of diens opvolger.

3.6. Wat als een parkeernorm niet voorkomt in de Nota Parkeernormen?

In bijlage 2 staan de parkeernormen van de gemeente Someren. In de praktijk kan het voorkomen dat voor een specifieke functie geen parkeernorm is opgenomen. Er kunnen zich twee situaties voordoen:

In de tabellen met de parkeernormen staat bij de betreffende functie “nvt”

De parkeernormen uit de Nota Parkeernormen zijn gebaseerd op de CROW kengetallen uit publicatie 744. Het CROW geeft bij sommige functies geen parkeerkencijfers op een bepaalde locatie, omdat die functie in de praktijk niet of nauwelijks op een dergelijke locatie gerealiseerd wordt. Er staat dan ‘nvt’ bij de parkeernorm (bijvoorbeeld een café/bar/cafetaria buiten de bebouwde kom). Dit betekent niet dat dan geen parkeernorm toegepast hoeft te worden. In die situatie bepaalt de gemeente de hoogte van de parkeernorm.

De betreffende functie komt niet voor in de Nota Parkeernormen

Wanneer voor een specifieke functie in de Nota Parkeernormen helemaal geen parkeernormen staan, dan moeten onderstaande drie stappen gevolgd worden:

  • 1.

    Kijken of in de Nota Parkeernormen een vergelijkbare functie voorkomt;

  • 2.

    Kijken of in een gemeentelijke beleidsvisie of vergelijkbaar wel parkeernormen staan;

  • 3.

    Kijken of de functie voorkomt in CROW publicatie 744 Parkeerkencijfers of diens opvolger en/of een andere recente CROW publicatie.

Als de voorgaande drie stappen geen resultaat hebben opgeleverd moet voor de parkeernorm een parkeeronderbouwing opgesteld worden op basis van ervaringscijfers, benchmark, mobiliteitskenmerken van de ontwikkeling etc. De parkeeronderbouwing moet door een verkeerskundig adviesbureau opgesteld worden.

3.7. Afrondingsregels

Bij het toepassen van de Nota Parkeernormen worden verschillende berekeningen uitgevoerd. De berekeningen worden tussentijds afgerond op 1 decimaal. Bij het vaststellen van de uiteindelijke parkeeropgave wordt afgerond op hele getallen. Daarbij wordt kleiner dan 0,5 naar beneden afgerond en groter of gelijk aan 0,5 naar boven afgerond.

Hoofdstuk 4 – Toepassingskader Nota Parkeernormen

4.1. Inleiding

De parkeernormen uit de Nota Parkeernormen Someren 2026 moeten volgens een vast stappenplan met minimaal 7 en maximaal 10 stappen worden toegepast. Hiermee wordt voorkomen dat onjuiste parkeerberekeningen gemaakt worden. In paragraaf 4.2 tot en met 4.5 wordt het stappenplan toegelicht. In bijlage 4 zijn drie voorbeeldberekeningen op basis van het stappenplan opgenomen.

Hieronder is het stappenplan schematisch weergeven.

afbeelding binnen de regeling

Afbeelding 1. Schematische weergave stappenplan

4.2. Bepalen parkeerbehoefte

4.2.1. Stap 1a: Normatieve parkeerbehoefte

De normatieve parkeerbehoefte is het aantal parkeerplaatsen dat voor een functie nodig is. Voor het bepalen van de normatieve parkeerbehoefte wordt gebruikt gemaakt van parkeernormen uit bijlage 2. De normatieve parkeerbehoefte wordt berekend door de formule: functie x parkeernorm. Bij meerdere functies moet per functie de normatieve parkeerbehoefte bepaald worden.

Normatieve parkeerbehoefte woningen

Voor het bepalen van de normatieve parkeerbehoefte bij woningen gelden onderstaande aandachtspunten:

  • 1.

    De normatieve parkeerbehoefte voor bewoners en hun bezoek moet ieder afzonderlijk berekend worden;

  • 2.

    Bij woningen met parkeren op eigen terrein (bijvoorbeeld een oprit/garage) moet het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein in mindering gebracht worden op de normatieve parkeerbehoefte. Hierbij moet gebruik worden gemaakt van berekeningsaantallen voor parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen.

Berekeningsaantallen voor parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen

Parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen worden niet altijd optimaal benut. Er worden daarom berekeningsaantallen voor parkeerplaatsen op eigen terrein toegepast. Aan de maatvoering van parkeerplaatsen op eigen terrein worden voorwaarden gesteld. Hiermee wordt rekening gehouden met de bruikbaarheid van de parkeerplaatsen en de toegankelijkheid van deuren en looproutes op het perceel. Parkeerplaatsen op eigen terrein die niet voldoen aan de minimale maatvoering mogen niet meegerekend worden. In de parkeerberekening kan het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein nooit hoger zijn dan de parkeerbehoefte van een woning.

Theoretisch aantal

Berekening aantal

Maatvoering

Parkeergarage/parkeerkelder

1

1

Maatvoering conform NEN 2443

Parkeerplaatsen (niet openbaar)

1

1

Maatvoering conform NEN 2443

Enkele oprit zonder garage

1

0,8

Oprit min. 3,0 meter breed en min. 5,0 meter diep*

Lange oprit zonder garage/carport

2

1,5

Oprit min. 3,0 meter breed en min. 10,0 meter diep*

Dubbele oprit zonder garage

2

1,7

Oprit min. 6,0 meter breed en min. 5,0 meter diep *

Garage zonder oprit (bij woning)

1

0,4

Garagebox (niet bij woning)

1

0,5

Garage met enkele oprit

2

1,2

Oprit min. 3,0 meter breed en min. 5,0 meter diep *

Garage met lange oprit

3

1,9

Oprit min. 3,0 meter breed en min. 10,0 meter diep *

Garage met dubbele oprit

3

2,1

Oprit min. 6,0 meter breed en min. 5,0 meter diep *

* Wanneer de parkeerplaats(en) zich voor een toegangsdeur bevinden (bijvoorbeeld naar de tuin, berging etc.) moet bij de diepte van de parkeerplaats(en) (minimaal) 1,0 meter opgeteld worden.

Tabel 3. Berekeningsaantallen en maatvoering parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen

De berekeningsaantallen voor parkeerplaatsen op eigen terrein zijn niet van toepassing op:

  • 1.

    Woningen in het centrum van Someren

    In het centrum van Someren (zie bijlage 1) is sprake van parkeerregulering (blauwe zone). Bewoners die beschikken over parkeerplaatsen op eigen terrein komen niet in aanmerking voor een parkeerontheffing. In het centrum van Someren zijn de berekeningsaantallen voor parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen daarom niet van toepassing.

  • 2.

    Woningen buiten de bebouwde kom

    In het buitengebied is over het algemeen sprake van zeer lange opritten en voldoende ruimte op eigen terrein om te kunnen parkeren.

4.2.2. Stap 1b: Maatgevende parkeerbehoefte

Deze stap is alleen van toepassing als binnen een ontwikkeling meerdere functies worden gerealiseerd en/of sprake is van woningbouw.

Meerdere functies

Als een ontwikkeling bestaat uit meerdere functies hebben (waarschijnlijk) niet alle functies op hetzelfde moment van de dag en week gelijktijdig hun parkeerbehoefte. Hierdoor kan mogelijk dubbelgebruik van parkeerplaatsen plaatsvinden. Voor het bepalen in welke mate dubbelgebruik van parkeerplaatsen kan plaatsvinden moet de maatgevende parkeerbehoefte bepaald worden. De maatgevende parkeerbehoefte wordt berekend door de normatieve parkeerbehoefte van iedere afzonderlijke functie te vermenigvuldigen met aanwezigheidspercentages uit bijlage 3. Het dagdeel waarop de parkeerbehoefte van alle functies het hoogst is, wordt aangehouden als de maatgevende parkeerbehoefte.

Woningbouw

Bij woningbouwontwikkelingen is dubbelgebruik van parkeerplaatsen door bewoners en hun bezoek mogelijk. Dubbelgebruik is alleen mogelijk op openbare parkeerplaatsen.

4.2.3. Stap 2: salderen bestaande situatie

Bij functiewijziging en/of -uitbreiding en/of sloop-nieuwbouw leidde het oude gebruik ook tot een bepaalde parkeerbehoefte. De parkeerbehoefte van de bestaande functie(s) mag in mindering gebracht worden op de toekomstige parkeerbehoefte. Dit principe wordt salderen genoemd. Uitgangspunt bij salderen is dat de parkeerdruk in de openbare ruimte door een ruimtelijke ontwikkeling niet toeneemt. Een eventueel bestaand parkeertekort mag daarbij buiten beschouwing blijven. Als bestaande parkeerplaatsen gesaldeerd worden dan moeten deze parkeerplaatsen nu en in de toekomst in aantal aanwezig zijn en blijven.

Voor salderen gelden twee belangrijke voorwaarden:

  • 1.

    Salderen is mogelijk tot maximaal 5 jaar na het meest recente legale gebruik;

    Aan salderen is een maximale termijn van vijf jaar verbonden. Wanneer het laatste vergunde gebruik van een functie langer dan vijf jaar geleden is, kan niet meer gesaldeerd worden.

  • 2.

    Bij salderen moet rekening gehouden worden met een mogelijke verschuiving van de parkeerbehoefte

    Afhankelijk van de bestaande- en toekomstige functie(s) kan de maatgevende parkeerbehoefte op andere momenten optreden. Bij het salderen moet daarom gebruik gemaakt worden van aanwezigheidspercentages per functie uit bijlage 3.

4.2.4. Stap 3: mobiliteitscorrectie deelmobiliteit

De Nota Parkeernormen biedt bij woningbouw de mogelijkheid om deelmobiliteit in te zetten als middel om een deel van de parkeerbehoefte in te vullen. Iedere deelauto levert een mobiliteitscorrectie van 4 parkeerplaatsen op (5 parkeerplaatsen minder per deelauto en 1 parkeerplaats voor de deelauto). Aan de inzet van deelmobiliteit worden onderstaande voorwaarden gekoppeld:

Voorwaarden deelmobiliteit

  • 1.

    Deelmobiliteit kan alleen bij woonfuncties worden ingezet:

    • a.

      bij woningbouwprojecten voor de doelgroep(en) starters/jongvolwassenen en eenpersoons-huishouden mag per 20 toegevoegde woningen maximaal 1 deelauto ingezet worden;

    • b.

      Bij woningbouwprojecten voor andere doelgroepen mag per 30 toegevoegde woningen maximaal 1 deelauto ingezet worden.

  • 2.

    De inzet van deelmobiliteit wordt opgenomen in de voorwaarden van de omgevingsvergunning;

  • 3.

    De deelauto’s zijn elektrische of zero emission voertuigen;

  • 4.

    Voor iedere deelauto wordt een ingerichte en herkenbare deelauto parkeerplaats op eigen terrein aangelegd;

  • 5.

    De inzet van een deelauto moet minimaal 10 jaar geborgd zijn. Hiervoor moet een ondertekende (intentie)overeenkomst tussen de initiatiefnemer van de ruimtelijke ontwikkeling en de aanbieder van de deelauto bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning aangeleverd worden;

  • 6.

    In een communicatieplan moeten initiatiefnemers aangeven hoe toekomstige bewoners vanaf het begin van het project geïnformeerd worden over het deelmobiliteitsconcept dat wordt aangeboden;

  • 7.

    De deelauto’s moet(en) vanaf het moment dat de woningen worden opgeleverd beschikbaar zijn.

4.2.5. Stap 4: vaststellen parkeeropgave

Bij deze stap wordt de parkeeropgave van de ruimtelijke ontwikkeling vastgesteld. De parkeeropgave is het aantal parkeerplaatsen dat daadwerkelijk gerealiseerd moet worden. De parkeeropgave wordt bepaald door de mobiliteitscorrectie in mindering te brengen op de normatieve/maatgevende parkeerbehoefte.

4.3. Parkeeraanbod

In de volgende stappen wordt aangegeven hoe de parkeeropgave kan worden ingevuld en welke voorwaarden daarbij gelden. Algemeen uitgangspunt is dat de parkeeropgave van een ruimtelijke ontwikkeling op eigen terrein wordt ingevuld.

4.3.1. Stap 5: parkeerplaatsen op eigen terrein/binnen het plangebied

Met parkeerplaatsen op eigen terrein/binnen het plangebied worden parkeerplaatsen bedoeld die voor iedereen openbaar toegankelijk zijn. Bij woningen moeten de bezoekersparkeerplaatsen altijd openbaar toegankelijk zijn. Parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen mogen in deze stap niet meegerekend worden. Deze parkeerplaatsen worden bij de eerste stap in mindering gebracht op de normatieve parkeerbehoefte.

Parkeerplaatsen bij bedrijven

Bij grote bedrijven is de parkeeropgave soms aanzienlijk hoger dan de werkelijke parkeerbehoefte. Dit betekent niet dat de parkeeropgave dan naar beneden kan worden bijgesteld. Er wordt namelijk niet specifiek naar de invulling van een bedrijf gekeken, maar naar de planologische mogelijkheden die een plan/vergunning biedt. De bedrijfsinvulling kan immers in de loop der jaren wijzigen. Wanneer een bedrijf kan aantonen dat de parkeeropgave niet in verhouding staat tot de werkelijke parkeerbehoefte dan mag een deel van de parkeeropgave omgezet worden in een ruimtereservering op eigen terrein. Een ruimtereservering is een strook grond die (tijdelijk) als groenstrook, waterpartij etc. wordt ingericht en op een later moment indien nodig alsnog in parkeerplaatsen kan worden omgezet. Als gebruik wordt gemaakt van een ruimtereservering dan gelden de volgende voorwaarden:

  • 1.

    Vanaf een parkeeropgave van minimaal 50 parkeerplaatsen kan gebruik gemaakt worden van een ruimtereservering;

  • 2.

    Het bestemmingsplan/omgevingsplan staat de aanleg van parkeerplaatsen op de locatie van de ruimtereservering toe;

  • 3.

    De initiatiefnemer toont aan dat met de ruimtereservering op eigen terrein de volledige parkeeropgave kan worden ingevuld;

  • 4.

    In de omgevingsvergunning wordt aangegeven welke deel van de parkeeropgave wordt omgezet in parkeerplaatsen en welk deel van de parkeeropgave in een ruimtereservering wordt omgezet;

  • 5.

    De ruimtereservering op eigen terrein moet behouden blijven en mag alleen (op termijn) als parkeerterrein worden ingericht;

  • 6.

    De ruimtereservering mag niet meegerekend worden bij het bepalen van het aantal m2 water en groen op het bedrijfsperceel.

4.3.2. Stap 6: vaststellen parkeeraanbod

Bij deze stap wordt het totale parkeeraanbod vastgesteld. Dit is het aantal parkeerplaatsen dat op eigen terrein/binnen het plangebied wordt aangelegd. Bij bedrijven moet het aantal parkeerplaatsen in een ruimereservering hierbij opgeteld worden.

4.4. Stap 7: parkeerbalans

Na het vaststellen van de parkeeropgave (stap 4) en het parkeeraanbod (stap 6) moet een parkeerbalans worden opgesteld. Met een parkeerbalans kan beoordeeld worden of een ruimtelijke ontwikkeling voorziet in voldoende parkeergelegenheid. Bij het opstellen van de parkeerbalans wordt het parkeeraanbod (paragraaf 4.3.2) in mindering gebracht op de parkeeropgave (paragraaf 4.2.5). De parkeerbalans moet sluitend zijn. Er is sprake van een sluitende parkeerbalans wanneer minimaal het aantal parkeerplaatsen dat volgt uit de parkeeropgave wordt gerealiseerd.

4.5. Maatwerk

Als de parkeeropgave van een ruimtelijke ontwikkeling niet (volledig) kan worden ingevuld is er sprake van een negatieve parkeerbalans. In die situatie moet eerst gekeken worden of aanpassing van het bouwvolume en/of een andere planinvulling mogelijk is. Wanneer dit redelijkerwijs niet mogelijk is, moet in overleg met de gemeente beoordeeld worden of de parkeeropgave door middel van maatwerk kan worden ingevuld. Hierbij wordt benadrukt dat het geen vanzelfsprekendheid is dat in alle situaties met maatwerk de parkeeropgave kan worden ingevuld. Wanneer maatwerk niet mogelijk is moet geconcludeerd worden dat een ruimtelijke ontwikkeling niet past en zal door initiatiefnemer naar aanpassing van het bouwvolume en/of een andere planinvulling gekeken moeten worden.

Er zijn drie mogelijkheden voor maatwerk:

  • 1.

    Vervangende private parkeerruimte;

  • 2.

    Gebruik maken van bestaande openbare parkeercapaciteit;

  • 3.

    Aanleg extra openbare parkeercapaciteit in de openbare ruimte.

4.5.1. Stap 8: vervangende private parkeerruimte

De parkeeropgave van een ruimtelijke ontwikkeling mag ook ingevuld worden op particulier terrein dat buiten het plangebied ligt. Hieraan worden de volgende voorwaarden gesteld:

  • 1.

    Aangetoond moet worden dat de parkeerplaatsen aanwezig en beschikbaar zijn;

  • 2.

    De parkeerlocatie in eigendom (eigendomsakte) of wordt gehuurd voor de duur van minimaal 10 jaar (huurovereenkomst);

  • 3.

    De parkeerlocatie bevindt zich op acceptabele loopafstand van de planlocatie. Hierbij moeten onderstaande maximaal acceptabele loopafstanden per functie worden aangehouden.

Hoofdfunctie

Centrum Someren

Overige gebieden Someren

Wonen (bewoners)

200 meter

100 meter

Wonen (bezoekers)

250 meter

100 meter

Winkelen

200 meter

100 meter

Werken

500 meter

500 meter

Ontspanning

200 meter

100 meter

Gezondheidszorg

100 meter

100 meter

Onderwijs

100 meter

100 meter

Tabel 4. Acceptabele loopafstanden

4.5.2. Stap 9: benutten openbare parkeercapaciteit

Voor het invullen van (een deel van) de parkeeropgave mogen maximaal 5 bestaande openbare parkeerplaatsen benut worden. Hiermee wordt voorkomen dat een ruimtelijke ontwikkeling een onevenredig beslag op de openbare capaciteit legt. Wanneer openbare parkeerplaatsen benut worden moet de initiatiefnemer aantonen dat in de openbare ruimte voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn. Hiervoor moet een parkeeronderzoek uitgevoerd worden. Aan het benutten van openbare parkeercapaciteit en het parkeeronderzoek worden de volgende voorwaarden gesteld:

  • 1.

    Maximaal 5 openbare parkeerplaatsen mogen benut worden;

  • 2.

    Het parkeeronderzoek moet worden uitgevoerd door een verkeerskundig adviesbureau;

  • 3.

    Voorafgaand aan het parkeeronderzoek vindt afstemming met de gemeente plaats over de omvang van het onderzoeksgebied en de momenten waarop het parkeeronderzoek uitgevoerd wordt;

  • 4.

    Na toevoeging van de parkeeropgave van een ontwikkeling mag de parkeerdruk in de openbare ruimte op geen enkel onderzoeksmoment hoger worden dan 85%;

  • 5.

    De kosten voor het uitvoeren van een parkeeronderzoek zijn volledig voor rekening van de initiatiefnemer.

4.5.3. Stap 10: aanleg parkeercapaciteit in openbare ruimte

Wanneer de parkeeropgave niet (volledig) op eigen terrein en/of in de openbare ruimte kan worden ingevuld kan in overleg met de gemeente gekeken worden naar de mogelijkheid voor de aanleg van extra parkeerplaatsen in de openbare ruimte. Hieraan worden de volgende voorwaarden gesteld:

  • 1.

    Er mogen maximaal 5 nieuwe parkeerplaatsen in de openbare ruimte aangelegd worden;

  • 2.

    De aanleg van parkeerplaatsen moet passen binnen het bestemmingsplan en/of omgevingsplan;

  • 3.

    De aanleg van parkeerplaatsen moet ruimtelijk mogelijk zijn en naar oordeel van de gemeente passend zijn;

  • 4.

    De kosten voor de aanleg van de parkeerplaatsen zijn volledig voor rekening van de aanvrager;

  • 5.

    Als de gemeente Someren de parkeerplaatsen aanlegt wordt een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer afgesloten waarin de aanlegkosten worden vastgelegd;

  • 6.

    De parkeerplaatsen moeten openbaar toegankelijk zijn en blijven, de parkeerplaatsen worden niet toegewezen aan bepaalde gebruikers;

  • 7.

    De maatvoering van de parkeerplaatsen moet voldoen aan de kwaliteitseisen voor parkeerplaatsen uit paragraaf 3.5;

  • 8.

    De parkeerplaatsen bevinden zich conform tabel 3 op acceptabele loopafstand van de planlocatie;

  • 9.

    De gemeente voert het beheer en onderhoud van de toegevoegde parkeerplaatsen in de openbare ruimte uit;

  • 10.

    De initiatiefnemers kan richting de gemeente geen rechten ontlenen aan het behoud van de toegevoegde parkeerplaatsen in de toekomst. De gemeente kan in de toekomst als de situatie daar aanleiding voor geeft besluiten om de parkeerplaatsen op te heffen of te verplaatsen.

Ondertekening

Aldus besloten in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Someren,

de secretaris,

J. Weekers

de burgemeester,

D. Blok

Bijlage 1. Overzichtskaart Centrum Someren

afbeelding binnen de regeling

Afbeelding 2: Het binnen de rode contouren aangegeven gebied behoort tot Centrum Someren

Bijlage 2. Parkeernormen Someren

In deze bijlage zijn voor onderstaande functiegroepen parkeernormen opgenomen:

  • 1.

    Wonen;

  • 2.

    Werken;

  • 3.

    Boodschappen en winkelen;

  • 4.

    Sport, cultuur en ontspanning;

  • 5.

    Horeca en verblijfsrecreatie;

  • 6.

    Gezondheid en sociale voorzieningen;

  • 7.

    Onderwijs.

Parkeernormen wonen

Woningtype

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Bezoekers bewoners

Per woning

0,15

0,2

0,3

Koop, huis, vrijstaand

per woning

1,50

2,00

2,10

Koop, huis, twee-onder-een-kap

per woning

1,40

1,90

1,90

Koop, huis, tussen/hoek

per woning

1,20

1,80

1,80

Koop, appartement >100 m2 bvo

per woning

1,30

1,80

1,80

Koop, appartement 75-100 m2 bvo

per woning

1,10

1,40

1,40

Koop, appartement <75 m2 bvo

per woning

1,00

1,30

1,30

Huur, huis, vrije sector

per woning

1,00

1,40

1,40

Huur, huis, sociale huur

per woning

0,80

1,10

1,10

Huur, appartement, vrije sector >100 m2 bvo

per woning

1,00

1,40

1,40

Huur, appartement, vrije sector 75-100 m2 bvo

per woning

0,70

1,00

1,00

Huur, appartement, vrije sector <75 m2 bvo

per woning

0,60

0,90

0,90

Huur, appartement, sociale huur >100 m2 bvo

per woning

0,70

1,00

1,00

Huur, appartement, sociale huur 75-100 m2 bvo

per woning

0,60

0,90

0,90

Huur, appartement, sociale huur <75 m2 bvo

per woning

0,50

0,80

0,80

Huur, appartement, vrije sector of sociale huur <30 m2 bvo

per woning

0,30

0,50

0,50

Kleine eenpersoonswoning (tiny house) (1)

per woning

0,30

0,50

0,50

Aanleunwoning, serviceflat

per woning

0,75

0,90

0,90

Arbeidsmigranten (2)

per huisvestingsplaats

0,6

0,6

0,7

Asielzoekerscentrum (3)

per 100 m2 bvo kantoor

1,85

2,55

2,55

Langdurige opvang vluchtelingen (4)

Per woning/wooneenheid

0,3

0,3

0,3

  • 1.

    Een tiny house is een kleine, zelfstandige koop/huur eenpersoonswoning, veelal voor jongeren, zowel studenten als niet-studenten en heeft een oppervlakte van maximaal 50 m2 bvo.

  • 2.

    Indien sprake is van arbeidsmigranten huisvesting in een bestaande woning (maximaal 4 huisvestingsplaatsen) moet de parkeernorm van het betreffende woningtype aangehouden worden. Indien sprake is van huisvesting in een bestaande woning (>4 huisvestingsplaatsen) en/of nieuwbouw dan zijn de vermelde parkeernormen van toepassing.

  • 3.

    Voor een asielzoekerscentrum (AZC) zijn indicatieve parkeernormen vermeld. Afhankelijk van de situatie is maatwerk nodig. De parkeerbehoefte van een AZC bestaat in theorie uit de parkeerbehoefte van bewoners en werknemers/vrijwilligers. Bewoners van een AZC hebben over het algemeen geen auto. De parkeerbehoefte van werknemers/vrijwilligers wordt daarom alleen berekend op basis van de oppervlakte van de gebouwen niet zijnde woongebouwen. Voor deze oppervlakte geldt de parkeernorm voor een kantoor zonder baliefunctie.

  • 4.

    Voor langdurige opvang van vluchtelingen zijn indicatieve parkeernormen vermeld. Afhankelijk van de situatie is maatwerk nodig. Zo zullen vluchtelingen uit Oost Europa eerder over een auto beschikken dan vluchtelingen van buiten Europa.

Parkeernormen werken

Bedrijfstype

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Kantoor (zonder balie functie)

per 100 m2 bvo

1,85

2,55

2,55

Commerciële dienstverlening (kantoor met baliefunctie)

per 100 m2 bvo

2,45

3,55

3,55

Bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief

per 100 m2 bvo

1,55

2,35

2,35

Bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief

per 100 m2 bvo

0,65

1,05

1,05

Showroom (1)

per 100 m2 bvo

1,30

2,05

2,05

Bedrijfsverzamelgebouw

per 100 m2 bvo

1,35

1,95

1,95

Distributiecentrum (2)

per max. gelijktijdig aanwezige personeelsleden

nvt

0,9

0,9

Opslagruimte (particulier)

per vestiging

nvt

10,00

10,00

  • 1.

    Voor een showroom staan in CROW publicaties 381 en 744 geen parkeernormen. De vermelde parkeernormen zijn afkomstig uit CROW publicatie 181 Parkeerkencijfers – basis voor parkeernormering uit 2004. Omdat deze publicatie inmiddels ruim 20 jaar en het autobezit sindsdien is toegenomen zijn de parkeernormen uit 2004 met 20% opgehoogd.

  • 2.

    Een distributiecentrum bevindt zich op (de grotere) bedrijventerreinen aan de rand van de bebouwde kom of het buitengebied. De werkprocessen in distributiecentra zijn grotendeels geautomatiseerd/gerobotiseerd. De parkeernormen voor een distributiecentrum hebben alleen betrekking op de parkeerbehoefte van de magazijn medewerkers. De parkeerbehoefte van de kantoormedewerkers van een distributiecentrum moet afzonderlijk bepaald worden. Bij het bepalen van de parkeerbehoefte van de magazijnmedewerkers moet rekening gehouden worden tussen overlap van ploegen.

Parkeernormen boodschappen en winkelen

Winkeltype

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Buurtsupermarkt (1)

per 100 m2 bvo

2,30

4,10

nvt

Fullservice supermarkt (2)

per 100 m2 bvo

3,85

5,90

nvt

Grote supermarkt (XL) (3)

per 100 m2 bvo

6,60

8,60

nvt

Groothandel en specialist (bijvoorbeeld levensmiddelen, kantoorartikelen) (4)

per 100 m2 bvo

nvt

6,75

nvt

Groothandel algemeen (5)

per 100 m2 bvo

nvt

7,60

nvt

Detailhandel (6)

per 100 m2 bvo

3,60

4,00

nvt

Weekmarkt

per 100 m2 bvo

0,23

0,23

nvt

Kringloopwinkel

per 100 m2 bvo

nvt

1,95

nvt

Bruin- en witgoedzaken

per 100 m2 bvo

4,05

8,15

nvt

Woonwarenhuis/woonwinkel

per 100 m2 bvo

1,25

1,95

nvt

Woonwarenhuis (zeer groot) (7)

per 100 m2 bvo

nvt

5,15

nvt

Meubelboulevard/woonboulevard

per 100 m2 bvo

nvt

2,55

nvt

Winkelboulevard

per 100 m2 bvo

nvt

4,45

nvt

Outletcentrum

per 100 m2 bvo

nvt

10,40

nvt

Bouwmarkt

per 100 m2 bvo

nvt

2,45

nvt

Tuin/groencentrum (inclusief buitenruimte)

per 100 m2 bvo

nvt

2,65

2,85

  • 1.

    Een buurtsupermarkt is een kleinere supermarkt (< 600 m2 winkelvloeroppervlak(wvo) die meestal een duidelijk afgebakend verzorgingsgebied heeft.

  • 2.

    Een fullservice supermarkt heeft speciale afdelingen voor groente, vlees, kaas en brood. De verkoopvloeroppervlakte is meestal tussen de 1.000 en 2.000 m2 wvo.

  • 3.

    Een XL supermarkt kenmerkt zich door een (zeer) uitgebreid assortiment op een verkoopvloeroppervlak > 2.500 m2 wvo. Het serviceniveau is hoog. In dit soort supermarkten worden vaak producten (brood, vlees) ter plekke bereid.

  • 4.

    Een groothandel in levensmiddelen, bouwmaterialen of kantoorartikelen is een grootschalige detailhandelsvestiging voor een specifieke productgroep op een industrieterrein aan de rand van een stad, waar men uitsluitend als pashouder inkopen kan doen.

  • 5.

    Een groothandel algemeen is een grootschalige detailhandelsvestiging op een industrieterrein aan de rand van een stad, waar men uitsluitend als pashouder inkopen kan doen.

  • 6.

    Voor detailhandel is een parkeernorm opgenomen die voor het centrum van Someren is samengesteld op basis van de gemiddelde CROW parkeerkencijfers voor een hoofdwinkelgebied van 20.000 – 30.000 inwoners, voor detailhandel in de rest bebouwde kom zijn de gemiddelde CROW parkeerkencijfers voor een buurt- en dorps(winkel)centrum aangehouden.

  • 7.

    Dit zijn grootschalige detailhandelszaken die een breed assortiment hebben voor het inrichten van woningen in de breedste zin van het woord. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om meubels, verf, behang, accessoires en verlichting. De parkeernorm geldt ook voor meer gespecialiseerde grootschalige woonwinkels die zich toeleggen op keukens, zonwering, verlichting, bedden, etc.

Parkeernormen sport, cultuur en ontspanning 1/2

Functie

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Bibliotheek

per 100 m2 bvo

0,45

1,15

1,35

Museum

per 100 m2 bvo

0,60

1,10

nvt

Bioscoop (1)

per 100 m2 bvo

3,20

11,20

13,70

Filmtheater/filmhuis (2)

per 100 m2 bvo

2,60

7,90

9,90

Theater/schouwburg (3)

per 100 m2 bvo

7,40

9,80

12,00

Casino

per 100 m2 bvo

5,70

6,50

8,00

Bowlingcentrum

per bowlingbaan

1,60

2,80

2,80

Biljart-/snookercentrum

per tafel

0,85

1,35

1,75

Dansstudio

per 100 m2 bvo

1,60

5,50

7,40

Fitnesstudio/sportschool (4)

per 100 m2 bvo

1,40

4,80

6,50

Fitnesscentrum (5)

per 100 m2 bvo

1,70

6,30

7,40

Wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum)

per 100 m2 bvo

nvt

9,30

10,30

Sauna, hammam

per 100 m2 bvo

2,50

6,70

7,30

Sporthal

per 100 m2 bvo

nvt

2,85

3,45

Sportzaal

per 100 m2 bvo

nvt

2,85

3,55

Tennishal

per 100 m2 bvo

nvt

0,50

0,50

Padelhal (6)

per 100 m2 bvo

nvt

0,65

0,65

Squashhal

per 100 m2 bvo

nvt

2,70

3,20

  • 1.

    Bij bioscopen moet voor parkeren rekening gehouden worden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (hiervoor moet de parkeerbehoefte op het moment van overlap met 40% opgehoogd worden).

  • 2.

    Bij een filmhuis moet voor parkeren rekening gehouden worden met een eventuele overlap tussen twee voorstellingen (hiervoor moet de parkeerbehoefte op het moment van overlap met 20% opgehoogd worden)

  • 3.

    100 zitplaatsen is 300 m2 bvo.

  • 4.

    Een fitnessstudio/sportschool is een kleinschaligere voorziening (indicatie: circa 750 m2 bvo) waar bezoekers voor het overgrote deel alleen gebruik maakt van fitnessapparaten.

  • 5.

    Bij een fitnesscentrum gaat het om zogenoemde grotere multifunctionele centra (> 1.500 m2 bvo), die een breed pakket aan activiteiten aanbieden. Dit betreft zowel individueel trainen als groepslessen, diverse vormen van fitness zoals cardiofitness, krachttraining, spinning en aerobics, eventueel in beperkte mate aangevuld met wellnessvoorzieningen zoals een sauna of een zonnebank. De nadruk ligt in een fitnesscentrum wel op de sportfunctie.

  • 6.

    Van deze functie kunnen alleen globale parkeernormen gegeven worden. Door een beperkte aanwezigheid van data en veel variatie kan de daadwerkelijke vraag sterk variëren en is maatwerk nodig.

Parkeernormen sport, cultuur en ontspanning 2/2

Functie

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Zwembad overdekt (1)

per 100 m2 bassin

nvt

11,50

13,30

Zwembad openlucht (1)

per 100 m2 bassin

nvt

12,90

15,80

Sportveld

per ha netto terrein

20,00

20,00

20,00

Jachthaven (2)

per ligplaats

nvt

nvt

0,60

Golfoefencentrum (pitch en putt)

per centrum

nvt

51,10

56,20

Golfbaan (18 holes)

per 18 holes/60 ha

nvt

96,00

118,30

Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), gemiddeld en kleiner

per 100 m2 bvo

nvt

4,70

5,10

Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), groot

per 100 m2 bvo

nvt

5,60

6,10

Indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot

per 100 m2 bvo

nvt

5,90

6,40

Kinderboerderij (stadsboerderij)

per gemiddelde boerderij

3,10

4,70

5,10

Manege (paardenhouderij)

per box

nvt

nvt

0,40

Dierenpark

per ha netto terrein

8,00

8,00

8,00

Volkstuin

per 10 tuinen

nvt

1,35

1,45

Multifunctioneel centrum

per 100 m2 bvo

2,00

2,00

2,00

  • 1.

    Bij een combinatie van overdekt en openlucht zwembad wordt het aantal parkeerplaatsen bepaald op basis van de verhouding tussen het aantal m2 overdekt en openlucht bassin.

  • 2.

    Van deze functie kunnen alleen globale parkeernormen gegeven worden. Door een beperkte aanwezigheid van data en veel variatie kan de daadwerkelijke vraag sterk variëren en is maatwerk nodig.

Parkeernormen horeca en verblijfsrecreatie

Functie

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Camping (kampeerterrein) (1)

per standplaats

nvt

nvt

1,20

Bungalowpark (huisjescomplex)

per bungalow

nvt

1,70

2,10

1* hotel

per 10 kamers

0,40

2,50

4,50

2* hotel

per 10 kamers

1,45

4,25

6,25

3* hotel

per 10 kamers

2,20

5,20

6,80

4* hotel

per 10 kamers

3,50

7,50

9,00

5* hotel

per 10 kamers

5,50

11,00

12,60

Bed en Breakfast (excl. woning)

per gastenverblijf

1,00

1,00

1,00

Café/bar/cafetaria (2/3)

per 100m2 bvo

6,00

7,00

nvt

Restaurant (2/3))

per 100m2 bvo

7,00

7,00

9,00

Discotheek

per 100m2 bvo

nvt

20,90

20,80

Evenementenhal/beursgebouw/congresgebouw

per 100m2 bvo

5,50

8,50

nvt

  • 1.

    Exclusief 10% voor bezoekers.

  • 2.

    Bij horeca met een terras moet onderscheid gemaakt worden naar winter- en zomerterrassen. Bij een winterterras moet de oppervlakte van het terras meegerekend worden bij het bepalen van de totale oppervlakte van de horecafunctie. Bij zomerterrassen hoeft de oppervlakte bij het bepalen van de totale oppervlakte van de horecafunctie niet meegerekend te worden.

  • 3.

    De parkeerbehoefte bij horecafuncties is in sterke mate afhankelijk van het aantal zitplaatsen en van het bezoekersprofiel met bijbehorende vervoerswijze keuze van de bezoekers. Voor deze functies is daarom maatwerk nodig.

Parkeernormen gezondheid en (sociale) voorzieningen

Functie

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Huisartsenpraktijk (-centrum)

per behandelkamer

2,25

3,25

3,25

Apotheek

per apotheek

2,35

3,35

nvt

Fysiotherapiepraktijk (centrum)

per behandelkamer

1,35

1,95

1,95

Consultatiebureau

per behandelkamer

1,45

2,05

2,15

Consultatiebureau voor ouderen

per behandelkamer

1,30

2,00

2,20

Tandartsenpraktijk (-centrum)

per behandelkamer

1,65

2,55

2,65

Gezondheidscentrum (1)

per behandelkamer

1,65

2,45

2,45

Afscheidshuis

Per afscheidskamer

5,00

5,00

5,00

Crematorium

per (deels) gelijktijdige plechtigheid

nvt

30,00

30,00

Begraafplaats

per (deels) gelijktijdige plechtigheid

31,60

31,60

31,60

Religiegebouw

per zitplaats/kniel- plaats

0,15

0,15

nvt

Verpleeg- en verzorgingstehuis

per wooneenheid

0,60

0,60

nvt

Dagbesteding (gehandicapten/ouderen)

per opvangplaats

0,30

0,30

0,30

  • 1.

    Een gezondheidscentrum is een locatie waar verschillende gezondheidsinstellingen onder een dak gevestigd zijn. Vaak zijn dit huisartsen, fysiotherapeuten, verloskundigen, een apotheek en/of een consultatiebureau. De diverse gezondheidsinstellingen hebben vaak verschillende openingstijden, ook avondopeningstijden komen voor. Bij het parkeerkencijfer is geen rekening gehouden met de aanwezigheid van een apotheek.

Parkeernormen onderwijs

Functie

Eenheid

Centrum Someren

Rest bebouwde kom Someren

Buitengebied Someren

Kinderdagverblijf (crèche, psz, bso/vso) (1)

per 100 m2 bvo

1,00

1,40

1,50

Basisonderwijs (1)

per leslokaal

0,75

0,75

0,75

Middelbare school

per 100 leerlingen

3,70

4,90

4,90

Avondonderwijs op vrijetijdsonderwijs

per 10 studenten

4,60

6,80

10,50

  • (1) Exclusief halen en brengen

Halen en brengen bij basisscholen, crèches en kinderdagverblijven, peuterspeelzalen, voor- en buitenschoolse kinderopvang

Voor het bepalen van de parkeerbehoefte voor halen en brengen bij basisscholen, crèches en kinderdagverblijven, peuterspeelzalen, voor- en buitenschoolse kinderopvang dient gebruik gemaakt te worden van de Parkeervraagcalculator (of diens opvolger) van het CROW.

Bijlage 3. Aanwezigheidspercentages

Onderstaande aanwezigheidspercentages zijn afkomstig uit CROW publicatie 744. Voor bepaalde functies (bijv. café/bar/cafetaria) zijn geen aanwezigheidspercentages beschikbaar. Bij het bepalen van de aanwezigheidspercentages voor deze functies moet door de initiatiefnemer een onderbouwde aanname bijvoorbeeld op basis van bijvoorbeeld de bedrijfsvoering gedaan worden.

Werkdag

Koop

Vrijdag

Zaterdag

Zondag

ochtend

middag

avond

nacht

Avond

middag

avond

middag

avond

middag

woningen bewoners

60%

60%

90%

100%

80%

70%

70%

75%

80%

75%

woningen bezoekers

40%

50%

75%

0%

70%

60%

100%

100%

100%

90%

kantoor/bedrijven

100%

100%

5%

0%

5%

60%

0%

0%

0%

0%

commerciële dienstverlening

100%

100%

5%

0%

75%

100%

5%

0% (1)

0%

0%

Detailhandel

30%

60%

10%

0%

75%

60%

60%

100%

0% (2)

60%

grootschalige detailhandel

30%

60%

70%

0%

80%

60%

70%

100%

0% (2)

0% (3)

Supermarkt

50%

60%

40%

0%

80%

80%

80%

100%

40%

60%

sportfuncties binnen

50%

50%

100%

0%

100%

40%

100%

100%

100%

75%

sportfuncties buiten

25%

25%

50%

0%

50%

25%

50%

100%

25%

100%

bioscoop/theater/podium

5%

40%

50%

0%

50%

40%

100%

40%

100%

40%

sociaal medisch (arts, therapeut etc.)

100%

100%

10%

0%

10%

75%

0%

0%

0%

0%

verpleeghuis/verzorgingshuis

100%

100%

50%

25%

50%

100%

50%

100%

100%

100%

restaurant (4)

30%

40%

80%

0%

80%

60%

90%

70%

100%

40%

Dagonderwijs

100%

100%

0%

0%

0%

100%

0%

0%

0%

0%

Avondonderwijs

0%

0%

100%

0%

100%

0%

100%

0%

0%

0%

  • (1) Indien open op zaterdag: 100%

  • (2) Indien ’s avonds open: 70%

  • (3) Indien koopzondag: 100%

  • (4) Voor een restaurant is sprake van richtgetallen en is maatwerk voor de verschillende typen restaurants nodig

Bijlage 4. Rekenvoorbeelden

In deze bijlage zijn 3 fictieve rekenvoorbeelden opgenomen. Ieder rekenvoorbeeld is stapsgewijs uitgewerkt en toegelicht.

  • 1.

    Nieuwbouw woningen in Lierop

  • 2.

    Nieuwbouw detailhandel, horeca en woningen in Someren centrum

  • 3.

    Functiewijziging kantoor naar appartementen in Someren-Eind

Rekenvoorbeeld 1: nieuwbouw woningen

Omschrijving ontwikkeling

In Lierop worden op een braakliggend terrein 6 woningen gebouwd:

  • 2 vrijstaande woningen met een garage en dubbele oprit;

  • 4 twee-onder-een-kap woningen met een lange oprit zonder garage.

In het plangebied wordt 4 openbare parkeerplaatsen aangelegd.

Stap 1a: normatieve parkeerbehoefte

De normatieve parkeerbehoefte is vastgesteld op basis van het ruimtelijke programma en parkeernormen uit bijlage 2. De parkeerplaatsen op eigen terrein bij de woningen worden op basis van de berekeningsaantallen uit tabel 3 als volgt meegerekend:

  • Garage en dubbele oprit = 2,1 parkeerplaats

  • Lange oprit = 1,5 parkeerplaats

aantal

functie

parkeernorm

rekeneenheid

parkeerbehoefte normatief

af: eigen terrein

totaal normatieve parkeerbehoefte

2

Koop, huis, vrijstaand

2

per woning

4,0

-4,2

0 1

4

Koop, huis, 2-onder-1-kap

1,9

per woning

7,6

-6,0

1,6

6

Bezoekers bewoners

0,2

per woning

1,2

 

1,2

Normatieve parkeerbehoefte nieuw

2,8

1 In deze situatie is bij de vrijstaande woningen het berekeningsaantal parkeerplaatsen op eigen terrein hoger dan de normatieve parkeerbehoefte. In de berekening kan het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein nooit hoger kan zijn dan de normatieve parkeerbehoefte. Om die reden is de parkeerbehoefte van de bewoners van de vrijstaande woningen op 0 vastgesteld.

Uitkomst stap 1a: De normatieve parkeerbehoefte bedraagt 2,8 parkeerplaatsen.

Stap 1b: maatgevende parkeerbehoefte

Omdat sprake is van woningbouw, en gedeeld gebruik van de openbare parkeerplaatsen kan plaatsvinden, moet de normatieve parkeerbehoefte vertaald worden naar de maatgevende parkeerbehoefte. Hiervoor is de normatieve parkeerbehoefte met aanwezigheidspercentages uit bijlage 3 vermenigvuldigd.

normatieve parkeerbehoefte

Werkdag ochtend

Werkdag middag

Werkdag avond

werkdag nacht

koopavond

vrijdagmiddag

vrijdagavond

zaterdagmiddag

zaterdagavond

zondagmiddag

Bewoners woningen

1,6

60%

60%

90%

100%

80%

70%

70%

75%

80%

75%

1,0

1,0

1,4

1,6

1,3

1,1

1,1

1,2

1,3

1,2

Bezoekers bewoners

1,2

40%

50%

75%

0%

70%

60%

100%

100%

100%

90%

0,5

0,6

0,9

0,0

0,8

0,7

1,2

1,2

1,2

1,1

Maatgevende parkeerbehoefte

1,4

1,6

2,3

1,6

2,1

1,8

2,3

2,4

2,5

2,3

Uitkomst stap 1b: De maatgevende parkeerbehoefte treedt op zaterdagavond op en bedraagt dan 2,5 parkeerplaatsen.

Stap 2: salderen

In deze situatie is sprake van nieuwbouw en is er geen bestaande situatie waarmee gesaldeerd kan worden.

Stap 3: mobiliteitscorrectie

De ontwikkeling bestaat uit te weinig woningen om deelmobiliteit in te kunnen zetten. Er kan daarom geen mobiliteitscorrectie toegepast worden.

Stap 4: vaststellen parkeeropgave

De parkeeropgave wordt afgerond op hele getallen en bedraagt 3 parkeerplaatsen.

Aantal parkeerplaatsen

Stap 1: maatgevende parkeerbehoefte nieuwe situatie

+ 2,5

Stap 2: maatgevende parkeerbehoefte na salderen

nvt

Stap 3: mobiliteitscorrectie

nvt

Parkeeropgave

+ 2,5

Afgerond

+ 3

Uitkomst stap 4: De parkeeropgave bedraagt 2,5 = afgerond 3 parkeerplaatsen.

Stap 5: parkeerplaatsen op eigen terrein

Er worden op de planlocatie 4 openbare parkeerplaatsen aangelegd.

Stap 6: vaststellen parkeeraanbod

Het totaalaanbod aan parkeerplaatsen bedraagt 4 parkeerplaatsen.

Stap 7: parkeerbalans

De parkeeropgave (stap 4) van het plan bedraagt 3 parkeerplaatsen. Er worden 4 parkeerplaatsen (stap 6) aangelegd. Hieruit wordt geconcludeerd dat het plan voorziet in de aanleg van voldoende parkeerplaatsen. Er wordt per saldo 1 parkeerplaats te veel aangelegd.

Rekenvoorbeeld 2: nieuwbouw detailhandel, horeca en woningen

Omschrijving ontwikkeling

In het centrum van Someren worden op een braakliggend terrein 40 nieuwe appartementen gebouwd:

  • 1.

    20 sociale huur 55 m2 bvo (doelgroep jongvolwassenen)

  • 2.

    20 koop appartementen 80 m2 bvo

In de plint van het gebouw komt 400 m2 bvo detailhandel en een restaurant van 150 m2 bvo. Achter het appartementsgebouw wordt een parkeerterrein met 40 parkeerplaatsen aangelegd. Voor de bewoners van de 20 sociale huur appartementen wordt één deelauto ingezet.

Stap 1a: normatieve parkeerbehoefte

De normatieve parkeerbehoefte is vastgesteld op basis van het ruimtelijke programma en parkeernormen uit bijlage 2.

aantal

Functie

parkeernorm

rekeneenheid

parkeerbehoefte normatief

af: eigen terrein

totaal normatieve parkeerbehoefte

20

Huur, appartement, sociaal < 75 m2

0,5

per woning

10,0

 

10,0

20

Koop, appartement, 75-100 m2

1,1

per woning

22,0

 

22,0

40

Bezoekers bewoners

0,15

per woning

6,0

 

6,0

400 m2

Detailhandel

4

per 100 m2 bvo

8,0

 

8,0

150 m2

Restaurant

7

per 100 m2 bvo

10,5

 

10,5

Normatieve parkeerbehoefte

56,5

Uitkomst stap 1a: De normatieve parkeerbehoefte bedraagt 56,5 parkeerplaatsen.

In deze situatie worden de 40 openbare parkeerplaatsen op eigen terrein niet van de normatieve parkeerbehoefte afgetrokken. De openbare parkeerplaatsen worden bij stap 5 meegerekend.

Stap 1b: maatgevende parkeerbehoefte

Omdat sprake is van meerdere functies en woningbouw moet de normatieve parkeerbehoefte vertaald worden naar de maatgevende parkeerbehoefte. Hiervoor is de normatieve parkeerbehoefte met aanwezigheidspercentages uit bijlage 3 vermenigvuldigd.

normatieve parkeerbehoefte

Werkdag ochtend

Werkdag middag

Werkdag avond

Werkdag nacht

koopavond

vrijdagmiddag

vrijdagavond

zaterdagmiddag

zaterdagavond

zondagmiddag

Bewoners huurappartementen

10,0

60%

60%

90%

100%

80%

70%

70%

75%

80%

75%

6,0

6,0

9,0

10,0

8,0

7,0

7,0

7,5

8,0

7,5

Bewoners koopappartementen

22,0

60%

60%

90%

100%

80%

70%

70%

75%

80%

75%

13,2

13,2

19,8

22,0

17,6

15,4

15,4

16,5

17,6

16,5

Bezoekers bewoners

10,5

40%

50%

75%

0%

70%

60%

100%

100%

100%

90%

4,2

5,3

7,9

0,0

7,4

6,3

10,5

10,5

10,5

9,5

Detailhandel

7,2

30%

60%

10%

0%

75%

60%

60%

100%

0%

60%

2,2

4,3

0,7

0,0

5,4

4,3

4,3

7,2

0,0

4,3

Restaurant

10,5

30%

40%

80%

0%

80%

60%

90%

70%

100%

40%

3,2

4,2

8,4

0,0

8,4

6,3

9,5

7,4

10,5

4,2

Maatgevende parkeerbehoefte

28,7

33,0

45,8

32,0

46,8

39,3

46,7

49,1

46,6

42,0

Uitkomst stap 1b: De maatgevende parkeerbehoefte treedt op zaterdagmiddag op en bedraagt dan 49,1 parkeerplaatsen.

Stap 2: salderen

In deze situatie is sprake van nieuwbouw op een braakliggend terrein en kan niet met de bestaande situatie gesaldeerd worden.

Stap 3: mobiliteitscorrectie

De ontwikkeling voldoet aan de voorwaarden voor deelmobiliteit:

  • 1.

    De doelgroep van de kleine huurappartementen zijn jongvolwassenen;

  • 2.

    Er worden minimaal 20 woningen voor deze doelgroep gebouwd.

Er wordt één deelauto toegepast. Hiervoor mag een mobiliteitscorrectie van 4 parkeerplaatsen worden toegepast.

Uitkomst stap 3: De mobiliteitscorrectie bedraagt -4 parkeerplaatsen

Stap 4: vaststellen parkeeropgave

De parkeeropgave wordt bepaald door op de maatgevende parkeerbehoefte de mobiliteitscorrectie in mindering te brengen. De parkeeropgave wordt afgerond op hele getallen.

Aantal parkeerplaatsen

Stap 1: maatgevende parkeerbehoefte nieuwe situatie

+ 49,1

Stap 2: maatgevende parkeerbehoefte na salderen

Nvt

Stap 3: mobiliteitscorrectie

- 4,0

Parkeeropgave

+ 45,1

Afgerond

+ 45

Uitkomst stap 4: De bedraagt na aftrek van de mobiliteitscorrectie 45,1 = afgerond 45 parkeerplaatsen.

Stap 5: parkeerplaatsen op eigen terrein

Er worden op de planlocatie 40 openbare parkeerplaatsen aangelegd.

Stap 6: vaststellen parkeeraanbod

Het totaalaanbod aan parkeerplaatsen bedraagt 40 parkeerplaatsen.

Stap 7: parkeerbalans

De parkeeropgave (stap 4) van het plan bedraagt 45 parkeerplaatsen. Er worden 40 parkeerplaatsen (stap 7) aangelegd. Hieruit wordt geconcludeerd dat het plan voorziet in de aanleg van onvoldoende parkeerplaatsen. Er worden per saldo 5 parkeerplaatsen te weinig aangelegd.

Rekenvoorbeeld 3: functiewijziging kantoor naar appartementen

Omschrijving ontwikkeling

Een bestaand kantoorgebouw van 800 m2 bvo in Someren-Eind wordt getransformeerd naar 10 koopappartementen van ieder 80 m2 bvo. Het kantoor beschikt over een parkeerterrein met 12 parkeerplaatsen. Dit parkeerterrein blijft behouden.

Stap 1a: normatieve parkeerbehoefte

De normatieve parkeerbehoefte is vastgesteld op basis van het ruimtelijke programma en parkeernormen uit bijlage 2.

aantal

Functie

parkeernorm

rekeneenheid

parkeerbehoefte normatief

af: eigen terrein

totaal normatieve parkeerbehoefte

10

Koop, appartement, 75-100 m2

1,4

per woning

14,0

 

14,0

10

Bezoekers bewoners

0,2

per woning

2,0

 

2,0

Normatieve parkeerbehoefte

16,0

Uitkomst stap 1a: De normatieve parkeerbehoefte bedraagt 16,0 parkeerplaatsen.

Stap 1b: maatgevende parkeerbehoefte

Omdat sprake is van woningbouw moet de normatieve parkeerbehoefte omgerekend worden naar de maatgevende parkeerbehoefte. Hiervoor is de normatieve parkeerbehoefte met aanwezigheidspercentages uit bijlage 3 vermenigvuldigd.

normatieve parkeerbehoefte

werkdag ochtend

werkdag middag

werkdag avond

werkdag nacht

koopavond

vrijdagmiddag

vrijdagavond

zaterdagmiddag

zaterdagavond

zondagmiddag

Bewoners koopappartementen

14,0

60%

60%

90%

100%

80%

70%

70%

75%

80%

75%

8,4

8,4

12,6

14,0

11,2

9,8

9,8

10,5

11,2

10,5

Bezoekers bewoners

2,0

40%

50%

75%

0%

70%

60%

100%

100%

100%

90%

0,8

1,0

1,5

0,0

1,4

1,2

2,0

2,0

2,0

1,8

Maatgevende parkeerbehoefte

9,2

9,4

14,1

14,0

12,6

11,0

11,8

12,5

13,2

12,3

Uitkomst stap 1b: De maatgevende parkeerbehoefte treedt op de werkdagavond op en bedraagt dan 14,1 parkeerplaatsen.

Stap 2: salderen

In deze situatie is sprake van een functiewijziging waardoor de parkeerbehoefte van de bestaande situatie gesaldeerd moet worden. Voor het bepalen van de bestaande parkeerbehoefte worden stap 1a en 1b herhaald.

Stap 1a: normatieve parkeerbehoefte (bestaand)

De normatieve parkeerbehoefte is berekend op basis 800 m2 kantoor en parkeernormen uit bijlage 2.

aantal

Functie

parkeernorm

Rekeneenheid

parkeerbehoefte normatief

af: eigen terrein

totaal normatieve parkeerbehoefte

800 m2

Kantoor (zonder baliefunctie)

2,55

per 100 m2 bvo

20,4

 

20,4

Normatieve parkeerbehoefte bestaand

20,4

Uitkomst stap 1a: de normatieve parkeerbehoefte van de bestaande situatie bedraagt 20,4 parkeerplaatsen.

Stap 1b: maatgevende parkeerbehoefte (bestaand)

Omdat sprake is van een functiewijziging van kantoor naar wonen en een verschuiving van de parkeerbehoefte optreedt, moet ook de maatgevende parkeerbehoefte van de bestaande situatie bepaald worden. Hiervoor is de normatieve parkeerbehoefte vermenigvuldigd met aanwezigheidspercentages uit bijlage 3.

Door het bestaande aantal parkeerplaatsen in mindering te brengen op de maatgevende parkeerbehoefte is berekend of in de bestaande situatie sprake is van een parkeertekort of -overschot.

normatieve parkeerbehoefte

werkdag ochtend

werkdag middag

werkdag avond

werkdag nacht

koopavond

vrijdagmiddag

vrijdagavond

zaterdagmiddag

zaterdagavond

zondagmiddag

Kantoor zonder baliefunctie

20,4

100%

100%

5%

0%

5%

5%

60%

0%

0%

0%

20,4

20,4

1,0

0,0

1,0

1,0

12,2

0,0

0,0

0,0

Maatgevende parkeerbehoefte

bestaand

20,4

20,4

1,0

0,0

1,0

1,0

12,2

0,0

0,0

0,0

Aantal parkeerplaatsen eigen terrein

12

12

12

12

12

12

12

12

12

12

Bestaand parkeertekort

8,4

8,4

-11,0

-12,0

-11,0

-11,0

0,2

-12,0

-12,0

-12,0

Uitkomst stap 1b: De maatgevende parkeerbehoefte in de bestaande situaties treedt op de werkdagochtend en -middag op en bedraagt dan 20,4 parkeerplaatsen. In de bestaande situatie zijn maar 12 parkeerplaatsen op eigen terrein aanwezig. Op deze momenten is daarom sprake van een parkeertekort van 8,4 parkeerplaatsen. Op alle andere momenten (m.u.v. vrijdagmiddag) is sprake van een parkeeroverschot.

Stap 2: Salderen bestaande en nieuwe parkeerbehoefte

werkdag ochtend

werkdag middag

werkdag avond

werkdag nacht

koopavond

vrijdagmiddag

vrijdagavond

zaterdagmiddag

zaterdagavond

zondagmiddag

Toekomstige parkeerbehoefte

9,2

9,4

14,1

14,0

12,6

11,0

11,8

12,5

13,2

12,3

Bestaand parkeertekort

-8,4

-8,4

-0,2

Parkeerbehoefte na salderen

0,8

1,0

14,1

14,0

12,6

11,0

11,6

12,5

13,2

12,3

Uitkomst stap 2: De maatgevende parkeerbehoefte na salderen treedt op de werkdagavond op en bedraagt dan 14,1 parkeerplaatsen. In dit voorbeeld blijkt dat een verschuiving van de parkeerbehoefte van overdag (kantoor) naar avond, weekend en nacht (woningen) optreedt.

Stap 3: mobiliteitscorrectie

Er wordt geen deelmobiliteit ingezet. Er kan daarom geen mobiliteitscorrectie toegepast worden.

Stap 4: vaststellen parkeeropgave

De parkeeropgave wordt bepaald door op de maatgevende parkeerbehoefte na salderen de mobiliteitscorrectie in mindering te brengen. De parkeeropgave wordt afgerond op hele getallen.

Aantal parkeerplaatsen

Stap 1: Maatgevende parkeerbehoefte nieuwe situatie

14,1

Stap 2: Maatgevende parkeerbehoefte na salderen

14,1

Stap 3: mobiliteitscorrectie

Nvt

Parkeeropgave

+ 14,1

Afgerond

+ 14

Uitkomst stap 4: De parkeeropgave na salderen bedraagt 14 parkeerplaatsen.

Stap 5: parkeerplaatsen op eigen terrein

Op de planlocatie wordt een bestaand parkeerterrein met 12 parkeerplaatsen in stand gelaten.

Stap 6: vaststellen parkeeraanbod

Het totaalaanbod aan parkeerplaatsen bedraagt 12 parkeerplaatsen.

Stap 7: parkeerbalans

De parkeeropgave (stap 4) van het plan bedraagt 14 parkeerplaatsen. Er zijn 12 parkeerplaatsen aanwezig (stap 6). Hieruit wordt geconcludeerd dat het plan voorziet in de aanleg van onvoldoende parkeerplaatsen. Er worden per saldo 2 parkeerplaatsen te weinig aangelegd.