Regeling vervalt per 31-12-2026

Tijdelijke Subsidieregeling onderwijskansengelijkheid gemeente Nijkerk 2026

Geldend van 22-05-2026 t/m 30-12-2026

Intitulé

Tijdelijke Subsidieregeling onderwijskansengelijkheid gemeente Nijkerk 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijkerk;

gelet op de Algemene subsidieverordening gemeente Nijkerk en Titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;

gezien de OAB-nota 2024-2028, de Lokale Educatieve Agenda 2024-2028 en het Overkoepelend Beleidsplan Sociaal Domein 2025-2040;

b e s l u i t :

vast te stellen de Tijdelijke Subsidieregeling onderwijskansengelijkheid gemeente Nijkerk 2026.

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • -

    ASV: Algemene Subsidieverordening 2025

  • -

    college: burgemeester en wethouders van Nijkerk;

  • -

    gelieerd rechtspersoon: rechtspersonen zijn gelieerd, indien de ene rechtspersoon of natuurlijke persoon:

    • de andere rechtspersoon heeft opgericht of mede heeft opgericht,

      en/ of

    • in een orgaan of functionaris van de andere rechtspersoon een of meer leden in het bestuur benoemt of op andere wijze invloed van betekenis heeft op het beheer of beleid.

  • -

    LEA: het lokale educatieve overleg tussen gemeente en besturen van kinderopvang en het primair- en voortgezet onderwijs;

  • -

    kinderen met een risico op een taal/onderwijsachterstand: kinderen die door een ongunstige economische, sociale of culturele omgeving slechter presteren op school dan ze bij een gunstigere situatie zouden kunnen.

  • -

    projectsubsidie: subsidie voor activiteiten aan een rechtspersoon of een natuurlijk persoon die anders dan als instellingssubsidie wordt verstrekt.

  • -

    subsidieontvanger: een natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie op grond van deze regeling subsidie wordt verleend.

Artikel 2 Doel en reikwijdte

  • 1. Het doel van deze regeling is het mogelijk maken van initiatieven waarmee ingezet wordt op het voorkomen, beperken of herstellen van onderwijsachterstanden en het bevorderen van gelijke kansen voor kinderen van 0 tot 12 jaar.

  • 2. Deze regeling heeft betrekking op activiteiten in het kader van de doelstellingen van het Onderwijsachterstandenbeleid en de doelstellingen van de LEA.

Artikel 3 Subsidiabele activiteiten

  • 1. Het college verstrekt een subsidie voor de volgende activiteiten in het kalenderjaar 2026:

    • a.

      De gesubsidieerde activiteiten zijn aanvullend op reguliere bekostiging en bestaande wettelijke taken van onderwijs- en opvangorganisaties;

    • b.

      De gesubsidieerde activiteiten moeten uitgevoerd worden ten behoeve van kinderen uit de gemeente Nijkerk.

    • c.

      De gesubsidieerde activiteit is uitgewerkt in een concreet en uitvoerbaar plan met duidelijke doelen, activiteiten en planning.

    • d.

      De gesubsidieerde activiteit is specifiek gericht op kinderen met (een risico op) taal/onderwijsachterstanden.

  • 2. De activiteit dient bij te dragen aan:

    • a.

      Het versterken van voor- en vroegschoolse educatie en/of het voorkomen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen in de leeftijd van 0 tot 6 jaar of;

    • b.

      Het herstellen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen tussen 6 en 12 jaar oud.

Hoofdstuk 2 Subsidieplafond en verdeelsystematiek

Artikel 4 Subsidieplafond

  • 1. Het subsidieplafond bedraagt €200.000,-. Dat wordt onderverdeeld in de volgende deelplafonds:

    • a.

      € 200.000,- voor het versterken van voor- en vroegschoolse educatie en/of het voorkomen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen in de leeftijd van 0 tot 6 jaar of;

    • b.

      Het bedrag dat over is nadat alle aanvragen uit het eerste deelplafond zijn toegekend dan wel afgewezen, voor het herstellen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen tussen 6 en 12 jaar oud.

  • 2. Indien het subsidiedeelplafond in het eerste lid onder a, na 14 juni 2026 in het kalenderjaar 2026 niet wordt bereikt, dan kan het college het resterende bedrag van het subsidiedeelplafond in het kalenderjaar 2026 beschikbaar stellen ten behoeve van het subsidiedeelplafond, in het eerste lid onder b van dit artikel.

  • 3. Het college kan het subsidieplafond aanpassen indien de rijksbijdrage voor het Onderwijsachterstandenbeleid wijzigt.

  • 4. Voor de toekenning van de subsidies wordt binnen de deelplafonds een verdeelsystematiek gehanteerd, zoals uitgewerkt in artikel 5 van deze subsidieregeling.

  • 5. Alleen volledige aanvragen die uiterlijk op 14 juni 2026 voor 23:59 uur zijn ingediend worden in de rangschikking betrokken.

Artikel 5 Verdeelsystematiek

  • 1. De aanvragen worden binnen de deelplafonds gerangschikt op onderstaande criteria. Waarvan voor elk criterium geldt dat er maximaal 5 punten te behalen zijn:

    • a.

      Innovatie;

      • i.

        Het initiatief introduceert nieuwe werkwijzen, methoden of samenwerkingen (2 punten)

      • ii.

        Het draagt bij aan vernieuwingen binnen het bestaande aanbod (3 punten).

    • b.

      Samenwerking buiten de eigen organisatie; het initiatief wordt uitgevoerd in samenwerking met andere organisaties (5 punten).

    • c.

      Bereik; de activiteit is openbaar toegankelijk voor kinderen met een risico op een taal/onderwijsachterstand (5 punten).

    • d.

      Doelmatigheid; de kosten van het initiatief staan in redelijke verhouding tot de verwachte resultaten of effecten (5 punten).

  • 2. Om een integrale afweging te maken kan de Regiegroep Inclusievere Kinderopvang en Onderwijs een niet-bindend advies aan het college geven. Zij onthouden zich van stemming als het gaat om initiatieven waarbij hun eigen organisatie is betrokken.

  • 3. Het kan voorkomen dat twee subsidieaanvragen binnen een categorie een gelijk aantal punten heeft. Als er onvoldoende subsidiebudget is om beide toe te kennen zal doormiddel van loting, onder toezicht van de regiegroep, worden besloten wie de subsidie krijgt toegekend.

Hoofdstuk 3. Subsidieaanvraag

Artikel 6 Aanvraag

  • 1.

    Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het college middels het formulier op de website van de gemeente Nijkerk.

  • 2.

    In afwijking van artikel 6 tweede lid van de ASV bevat de aanvraag een projectplan dat moet beschrijven;

    • a.

      een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

    • b.

      welk concreet probleem wordt met deze activiteit aangepakt;

    • c.

      beschrijving van de doelgroep

    • d.

      beschrijving op welke wijze de activiteit bijdraagt aan;

      • 1.

        Het versterken van voor- en vroegschoolse educatie en/of het voorkomen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen in de leeftijd van 0 tot 6 jaar of;

      • 2.

        Het herstellen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen tussen 6 en 12 jaar oud.

    • e.

      Beschrijving van de verwachte effecten op de ontwikkeling van de kinderen;

      • 1.

        Op korte termijn

      • 2.

        Na deelname aan de activiteiten

    • f.

      beschrijving van overige verwachte effecten op de gemeente of de samenwerking binnen de gemeente.

    • g.

      een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze activiteiten.

Artikel 7 Aanvraagtermijn

In afwijking van artikel 7 derde lid van de ASV kunnen subsidieaanvragen ingediend worden tot en met 14 juni 2026.

Hoofdstuk 4. Beslissing

Artikel 8 Beslistermijn

  • 1. In afwijking van artikel 8 derde lid van de ASV beslist het college op een aanvraag om een subsidie binnen vier weken nadat de volledige aanvraag is ingediend.

Artikel 9 Weigeringsgronden

  • 1. In aanvulling op artikel 9 van de ASV 2025 kan het college een subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren indien:

    • a.

      reeds begonnen is met de activiteiten waarvoor subsidie is gevraagd voordat een aanvraag tot subsidieverlening is ingediend;

    • b.

      de activiteiten behoren tot reguliere bekostiging van het onderwijs of opvang of reeds op andere wijze door de gemeente of rijksoverheid worden gefinancierd;

    • c.

      de aanvraag onvoldoende concreet is of geen reële resultaten bevat;

    • d.

      de activiteiten het algemeen belang niet dienen;

    • e.

      de aanvrager met het verrichten van de activiteit financiële winst wil behalen.

  • 2. In overeenstemming met artikel 9, eerste lid van de ASV 2025 wordt door het college een subsidie geheel of gedeeltelijk weigeren als:

    • a.

      het subsidieplafond is bereikt;

    • b.

      de aanvrager in hetzelfde kalenderjaar reeds subsidie is verleend onder deze subsidieregeling voor dezelfde activiteit.

Artikel 10 Bevoorschotting

Het college zal de subsidie in zijn geheel bevoorschotten.

Hoofdstuk 6 Subsidieverantwoording- en vaststelling

Artikel 11. Wijze van verstrekking en eindverantwoording subsidies tot en met € 5.000

  • 1. In afwijking van artikel 13 eerste lid van de ASV dient de subsidieontvanger uiterlijk 1 maart 2027 een aanvraag tot vaststelling in bij subsidies tot € 5.000.

  • 2. In afwijking van artikel 13 tweede lid van de ASV bevat de aanvraag tot vaststelling een inhoudelijk verslag met ten minste:

    • a.

      een beschrijving van de uitgevoerde activiteiten;

    • b.

      de bereikte resultaten en de bijdrage aan het doel van de regeling;

    • c.

      een financieel overzicht van de daadwerkelijke besteding van de ontvangen subsidie in kalenderjaar 2026.

Artikel 12. Eindverantwoording subsidies tussen € 5.000 en € 50.000

  • 1. In afwijking van artikel 14 eerste lid van de ASV dient de subsidieontvanger uiterlijk 1 maart 2027 een aanvraag tot vaststelling in bij subsidies van meer dan € 5.000 en ten hoogste € 50.000.

  • 2. In aanvulling op artikel 14 derde lid van de ASV bevat de aanvraag een inhoudelijk verslag met ten minste:

    • a.

      een beschrijving van de uitgevoerde activiteiten;

    • b.

      de bereikte resultaten en de bijdrage aan het doel van de regeling;

    • c.

      een financieel overzicht van de daadwerkelijke besteding van de ontvangen subsidie in kalenderjaar 2026.

Artikel 13. Eindverantwoording subsidies van meer dan € 50.000

  • 1. In afwijking van artikel 15 eerste lid van de ASV dient de subsidieontvanger, bij subsidies van meer dan € 50.000, een schriftelijke aanvraag tot vaststelling in middels het formulier op de website van de gemeente Nijkerk: uiterlijk op 1 maart 2027 van het jaar dat volgt op het betroken kalenderjaar;

  • 2. In afwijking van artikel 15 tweede lid van de ASV bevat de aanvraag:

    • a.

      een beschrijving van de uitgevoerde activiteiten;

    • b.

      de bereikte resultaten en de bijdrage aan het doel van de regeling:

    • c.

      een financieel overzicht van de daadwerkelijke besteding van de ontvangen subsidie in kalenderjaar 2026.

    • d.

      voor subsidies > € 100.000 een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijk accountant. Deze verklaring kan onderdeel uitmaken van de reguliere jaarrekening, mits de subsidiestroom afzonderlijk inzichtelijk is.

Artikel 14. Subsidievaststelling subsidies

  • 1. In afwijking van artikel 16 eerste lid van de ASV stelt het college stelt een subsidie vast binnen dertien weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling.

  • 2. Overeenkomstig artikel 16 tweede lid van de ASV kan deze termijn eenmaal voor ten hoogste dertien weken worden verdaagd.

  • 4. Overeenkomstig artikel 16 vierde lid van de ASV kan het college de subsidieontvanger schriftelijk een nieuwe termijn stellen als een aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het tijdstip, bedoeld in de artikelen 11, eerste lid en 12, eerste lid en 13, eerste lid, is ingediend. Als de aanvraag niet binnen deze termijn wordt ingediend, kan het college overgaan tot ambtshalve vaststelling.

Hoofdstuk 7 Slotbepalingen

Artikel 15. Hardheidsclausule

Het college kan, in bijzondere gevallen, een of meerdere artikelen van deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 16. Inwerking- en uitwerkingtreding

  • 1. Dit besluit wordt bekendgemaakt in het elektronisch gemeenteblad en treedt in werking met ingang van de dag na de bekendmaking.

  • 2. Deze regeling vervalt op 31 december 2026.

Artikel 17. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Onderwijsachterstandenbeleid gemeente Nijkerk 2026.

Ondertekening

Aldus besloten in de collegevergadering 14-04-2026

Burgemeester en wethouders van Nijkerk,

de gemeentesecretaris,

de heer drs. J.G. de Jager

de burgemeester,

mevrouw T.T.E. De Jonge - Ruitenbeek

Toelichting

Toelichting op artikel 4 en 5.

Hieronder vindt u een verhalende toelichting op de subsidieplafonds en de verdeelsystematiek.

De meest eenvoudige manier is om een subsidieaanvraag te beoordelen op volgorde van binnenkomst. In deze regeling kiezen wij er bewust voor om hiervan af te wijken. We hebben een beperkt budget en we willen dit zo preventief, en daarmee effectief als mogelijk inzetten. Om een integrale afweging te kunnen maken van de subsidieaanvragen kiezen wij voor het proces zoals beschreven in deze regeling. Hij werkt als volgt:

Stap 1: Er is één subsidieronde met een deadline. Alle subsidieaanvragen worden dan tegelijkertijd in behandeling genomen. Eerst worden de aanvragen onderverdeeld in twee stapels:

  • 1.

    Die initiatieven die een nadrukkelijke bijdrage leveren aan het versterken van voor- en vroegschoolse educatie en/of het voorkomen van taal/onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen in de leeftijd van 0 tot 6 jaar of;

  • 2.

    Die initiatieven die een nadrukkelijke bijdrage leveren aan het herstellen van reeds opgelopen onderwijsachterstanden in de vorm van activiteiten voor kinderen in de leeftijd van 6 tot 12 jaar.

Stap 2: In eerste instantie wordt alleen naar de eerste stapel gekeken. Stapel 2 wordt dus aanvankelijk buiten beschouwing gelaten. Als alle aanvragen uit de eerste stapel zijn toegekend wordt de tweede stapel in behandeling genomen.

Uiteraard wordt eerst gekeken of alle aanvragen volledig zijn en passen binnen de doelstellingen. Als dit het geval is wordt gekeken of alle aanvragen kunnen worden toegekend. Als het totaal aangevraagde subsidiebedrag het subsidieplafond overschrijdt wordt via inhoudelijke criteria afgewogen welke aanvragen wel en welke niet (of gedeeltelijk) worden toegekend.

Stap 3: Deze stap wordt gezet als er binnen een categorie het totaal aangevraagde subsidieplafond wordt overschreden. De subsidieaanvragen worden onderling tegen elkaar afgewogen. Per aanvraag wordt gekeken hoe innovatief het initiatief is, of het de samenwerking tussen organisaties bevordert, of het openbaar toegankelijk voor kinderen met een risico op een taal/onderwijsachterstand en of de kosten van het initiatief in redelijke verhouding staan tot de verwachte resultaten of effecten. Met openbaar toegankelijk bedoelen we dat de activiteit ook toegankelijk is voor kinderen buiten de organisatie van de aanvrager. De laagst scorende initiatieven worden geheel of gedeeltelijk (afhankelijk van hoeveel subsidiebudget er nog is) afgewezen.

Stap 4: Het kan voorkomen dat twee initiatieven net zoveel punten scoren maar dat er onvoldoende budget is om beiden toe te kennen. In dat geval wordt door middel van loting besloten wie de subsidie toegekend krijgt.

Toelichting op artikel 9, eerste lid onder a

Als er subsidie wordt aangevraagd voor activiteiten waarmee reeds is aangevangen geldt dat er subsidie kan worden verleend vanaf 14 juni 2026.