Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR761622
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR761622/1
Beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening gemeente ‘s-Hertogenbosch 2026
Geldend van 12-05-2026 t/m heden
Intitulé
Beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening gemeente ‘s-Hertogenbosch 2026Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ‘s-Hertogenbosch;
In zijn vergadering van 12 mei 2026,
Gezien het voorstel met reg.nr. 19271415,
gelet op artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht;
besluit vast te stellen de beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening gemeente ’s-Hertogenbosch 2026.
Hoofdstuk 1 Algemeen
Artikel 1 Begripsomschrijving
In deze richtlijn wordt verstaan onder:
- a.
BKR: Bureau Krediet registratie;
- b.
borgstelling: een overeenkomst waarbij een derde partij, die de borg wordt genoemd, ten behoeve van een kredietnemer de verplichting op zich neemt om hetgeen een bepaalde kredietnemer verschuldigd mocht zijn, te voldoen indien deze bij de terugbetaling in gebreke mocht blijven.;
- c.
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente ’s-Hertogenbosch;
- d.
geldige verblijfstitel: rechtmatig verblijf als bedoeld in artikel 8 Vreemdelingenwet 2000;
- e.
gemeente: de gemeente ’s-Hertogenbosch;
- f.
inkomen: inkomsten van aanvrager en eventuele partner uit hoofde van een arbeidsverhouding, sociale zekerheidswetten, inkomensondersteunende maatregelen en overige componenten, die in redelijkheid en billijkheid tot het inkomen gerekend kunnen worden. De Recofa-richtlijnen voor schuldsaneringsregelingen zijn hierbij leidend;
- g.
kredietbank: kredietbank van de gemeente ’s-Hertogenbosch;
- h.
kredietnemer: de niet in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf handelende natuurlijke persoon waarmee de gemeente een overeenkomst tot kredietverlening sluit;
- i.
kredietwaardig: beschikt over voldoende afloscapaciteit en kan zijn vaste lasten gedurende de gehele looptijd van het krediet duurzaam blijven voldoen volgens passend en uitvoerbaar aflossingsplan;
- j.
maximale kredietvergoeding: wettelijke rente plus verhoging, zoals door de Minister van Financiën aangegeven in het 'Besluit krediet vergoeding';
- k.
Niet problematische schuldenlast: een schuld is problematisch wanneer te voorzien is dat een natuurlijke persoon schulden niet zal kunnen blijven afbetalen of is gestopt met afbetalen. Het gaat dan om een situatie waarin niet binnen 36 maanden alle opeisbare vorderingen betaald kunnen worden;
- l.
NVVK: Branchevereniging voor fianciële hulpverleners;
- m.
Op de markt gebruikelijke rente: de gemiddelde rente die de drie grootbanken (83% marktaandeel) vragen bij kredietovereenkomsten (roodstand);
- n.
Persoonlijke lening voor herfinanciering: een krediet dat verstrekt wordt om geïnventariseerde vorderingen ineens en voor 100 % te voldoen;
- o.
ReCoFa: landelijk overleg van rechters-commissaris in faillissementen en surseances van betalingen;
- p.
Saneringskrediet: door het afsluiten van een kredietovereenkomst afkopen van de totale schuldenlast tegen finale kwijting op basis van een percentage van de totale schuldenlast;
- q.
Sociale kredietverlening: kredietverlening waarbij de kredietnemer bewust wordt gemaakt van de risico's van het krediet, een individueel advies wordt gegeven en waarbij niet de omzet van de kredietbank prevaleert. Het betreft kredietverlening die door de Kredietbank in overeenstemming met de Wet financiering decentrale overheden aan de klant ter beschikking wordt gesteld;
- r.
Sociale lening: een krediet dat verstrekt wordt in het kader van sociale kredietverlening, niet zijnde een persoonlijke lening voor herfinanciering of een saneringskrediet als bedoeld in de Gedragscode Sociale Kredietverlening van de NVVK;
- s.
VTLB: vrij te laten bedrag conform de ReCoFa-normen, dat wordt berekend om vast te stellen welk bedrag beschikbaar is voor aflossing op het krediet;
- t.
Wsnp: Wet schuldsanering natuurlijke personen (Faillissementswet; Titel III).
Artikel 2 Doelstelling en context
Deze beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening biedt de aanvrager/kredietnemer duidelijkheid over de voorwaarden waaronder een lening kan worden verstrekt. Met deze beleidsregels wordt nadere invulling gegeven aan de Gedragscode Sociale Kredietverlening van de NVVK (2025). Het college voert met de beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening een sociaal beleid en stelt inwoners in staat te kunnen werken aan behoud of verbetering van hun sociale positie ten aanzien van zaken als werk, inkomen, zorg en welzijn.
De sociale kredietverlening onderscheidt zich van de commerciële kredietverlening doordat de belangen van de inwoners voorop worden gesteld. Bij sociale kredietverlening wordt rekening gehouden met de totale maatschappelijke en financiële context van de inwoner.
De kredietbank adviseert de kredietnemer een aflopende (persoonlijke) lening om daarmee de kredietnemer zicht te geven op een situatie zonder (of met minder) schulden. Indien van toepassing informeert de kredietbank over en verwijst naar schuldhulpverlening, bijzondere bijstand en eventuele andere toepasselijke regelingen en voorzieningen.
Artikel 3 Onderbewindstelling
- 1.
Indien de aanvrager als gevolg van lichamelijke of verstandelijke beperking, verkwisting of het hebben van problematische schulden onder bewind is gesteld, dient de bewindvoerder namens de aanvrager de aanvraag in. Ook kan de aanvrager zelf een aanvraag indienen waarbij de kredietbank de bewindvoerder op de hoogte stelt van deze aanvraag.
- 2.
De aanvrager en de bewindvoerder ondertekenen de kredietovereenkomst.
- 3.
De kredietbank dient te beschikken over een kopie van de door de rechtbank afgegeven beschikking onderbewindstelling.
Hoofdstuk 2 Sociale lening
Artikel 4 Sociale lening
- 1.
Sociale leningen worden verstrekt aan hen die:
- a.
de woonplaats hebben in de gemeente ‘s-Hertogenbosch of aan inwoners van gemeenten die vallen binnen het werkgebied van de kredietbank; en
- b.
meerderjarig zijn en;
- c.
Nederlander of EU-onderdaan zijn of in het bezit zijn van een geldige verblijfstitel. De looptijd van een krediet kan de einddatum van de verblijfstitel niet overschrijden, tenzij er een borg is verstrekt; en
- d.
een inkomen (uit loondienst, uit onderneming (ZZP, freelance etc.) en/of uitkering hebben tot 130% van het bruto minimumloon exclusief vakantietoeslag en/of een beschadigd kredietverleden hebben. Dit betekent dat de aanvrager twee afwijzingen van reguliere banken heeft ontvangen.
- a.
- 2.
Het rentepercentage van de sociale lening dient in beginsel tenminste 1,5 % lager te zijn dan de wettelijke rente voor niet-handelstransacties waarbij een minimumrentepercentage geldt van 2%.
Artikel 5 Gehuwd/partner
- 1.
Indien de aanvrager van een sociale lening gehuwd is of geregistreerd partner, dient de kredietovereenkomst in elk geval door de partner mede ondertekend te worden.
- 2.
Uitgezonderd is de partner die nog verblijft in het buitenland en waarvan het huwelijk nog niet in Nederland is geregistreerd.
Artikel 6 Aanvraag sociale lening
- 1.
De sociale lening wordt aangevraagd bij de kredietbank via een aanvraagformulier.
- 2.
De aanvrager is verplicht bij de aanvraag alle inlichtingen te verstrekken en gevraagde bescheiden te overleggen, die in het belang van een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk zijn.
- 3.
Als de aanvrager niet alle gevraagde bescheiden heeft overgelegd of niet alle gevraagde inlichtingen heeft verstrekt, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om de gevraagde inlichtingen en/of bescheiden alsnog binnen 14 dagen te verstrekken respectievelijk over te leggen.
- 4.
Als de hierboven genoemde termijn ongebruikt verstrijkt, wordt de aanvraag afgewezen.
- 5.
Als de kredietbank besluit om andere reden de aanvraag af te wijzen, doet zij hiervan schriftelijk mededeling aan de aanvrager onder opgaaf van reden.
- 6.
Indien de kredietbank een aanbod uitbrengt, gebeurt dit bij voorkeur uiterlijk binnen vijf werkdagen nadat de aanvraag volledig is ingediend en alle gevraagde bescheiden en inlichtingen zijn ontvangen, met inachtneming dat de aanvrager geruime tijd vóór gebondenheid de relevante informatie heeft kunnen ontvangen en overwegen. Indien geen aanbod wordt gedaan, wordt de aanvraag afgewezen en daarvan schriftelijk mededeling gedaan.
Artikel 7 Beoordeling van de aanvraag sociale lening
- 1.
Bij de beoordeling van de aanvraag controleert de kredietbank of de aanvrager gebruik maakt van de beschikbare inkomensvoorzieningen, zoals benoemd in de Gedragscode Sociale Kredietverstrekking van de NVVK. Als de aanvrager zijn woonplaats in ‘s-Hertogenbosch heeft, en gelet op het uitgavenpatroon en het inkomen, mogelijk in aanmerking komt voor bijzondere bijstand, wordt de aanvrager hierover actief geïnformeerd.
- 2.
Bij de beoordeling van de aanvraag wordt gekeken naar de kredietwaardigheid en wordt in ieder geval getoetst op:
- a.
het inkomen en de uitgaven van aanvrager en eventuele partner;
- b.
informatie van het BKR en/of diens rechtsopvolger en bankafschriften;
- c.
het betalingsverloop bij eerder verstrekte leningen;
- d.
de maatschappelijke en financiële situatie van de aanvrager. Dit ter voorkoming van overkreditering bij de aanvrager.
- a.
- 3.
Bij het bepalen van de afloscapaciteit van de aanvrager wordt altijd het VTLB berekend waarbij wordt uitgegaan van het inkomen en de vaste lasten waaronder de woonlasten, lopende verplichtingen etc. en de financiële gegevens op de bankafschriften. Bij een inkomen op bijstandsniveau geldt de richtlijn van de NVVK.
- 4.
Voordat een krediet wordt verstrekt, vraagt de kredietbank bij het BKR en/of diens rechtsopvolger, de daar geregistreerde gegevens van de aanvrager op. De kredietbank houdt aantekening van deze verkregen gegevens in haar administratie.
Artikel 8 Afwijzing aanvraag sociale lening
- 1.
- a.
de aanvrager een Wsnp traject doorloopt;
- b.
er sprake is van onvolledige dan wel onjuiste informatieverstrekking;
De aanvraag wordt afgewezen als:
- c.
de aanvrager een aanvraag voor een minnelijke schuldregeling, een verzoek tot toepassing van de Wsnp of een verzoek tot faillietverklaring heeft ingediend, dan wel ten aanzien van de aanvrager een verzoek tot faillietverklaring door een derde is ingediend;
- d.
er sprake is van (een aanvraag voor) een lopende persoonlijke lening voor herfinanciering;
- e.
de aanvrager niet kredietwaardig is.
- a.
- 2.
- a.
de aanvrager een minnelijk schuldsaneringstraject (inclusief nazorg) doorloopt en nog geen beëindigingsbeschikking heeft ontvangen;
De aanvraag kan worden afgewezen als:
- b.
er sprake is van onregelmatige aflossingen of niet volledig aflossen bij eerder verstrekte kredieten;
- c.
eerdere schulddienstverleningstrajecten niet geslaagd zijn;
- d.
de financiële situatie door een lopende echtscheidingsprocedure onvoldoende stabiel is om kredietverlening verantwoord te achten.
- a.
- 3.
Indien artikel 9 van toepassing is in verband met borgstelling, prevaleert artikel 9 boven dit artikel.
Artikel 9 Borgstelling bij sociale lening
- 1.
Voor verlening van een sociale lening aan inwoners van de gemeente 's-Hertogenbosch is geen borgstelling nodig.
- 2.
Bij inwoners van gemeenten die vallen binnen het werkgebied van de kredietbank is altijd een borgstelling nodig voor een sociale lening. Pas als de betreffende gemeente akkoord is met de borgstelling, wordt de sociale lening verstrekt.
- 3.
In afwijking van artikel 8, lid 1 kan er een sociale lening worden verstrekt indien er, voor een inwoner van de gemeente 's-Hertogenbosch, sprake is van een borgstelling op basis van de Participatiewet.
- 4.
Indien een sociale lening wordt verstrekt op basis van een borgstelling als bedoeld in dit artikel, prevaleren de bepalingen van artikel 9 boven de afwijzingsgronden zoals opgenomen in artikel 8.
Artikel 10 Overige bepalingen
- 1.
De looptijd van de sociale lening bedraagt in principe 36 maanden.
- 2.
Een sociale lening wordt uitsluitend verstrekt voor consumptieve doeleinden.
- 3.
Indien de helft van de lening is afgelost kan er een oversluiting plaatsvinden.
- 4.
In afwijking van artikel 11 lid 1 gelden verkorte looptijden voor:
- a.
kredietnemers van 75 tot 80 jaar: een maximale looptijd van 18 maanden.
- b.
kredietnemers van 80 en ouder: een maximale looptijd van 12 maanden.
- a.
- 5.
In afwijking van lid 1 kan een langere looptijd worden gegeven, tot maximaal 60 maanden. De reden van de uitzondering wordt in de kredietovereenkomst opgenomen.
- 6.
De te verstrekken kredietsom kan maximaal € 30.000,00 netto bedragen.
Hoofdstuk 3 Saneringskrediet
Artikel 11 Saneringskrediet
- 1.
Saneringskredieten worden verstrekt aan hen die:
- a.
de woonplaats hebben in de gemeente ‘s-Hertogenbosch of aan inwoners van gemeenten die vallen binnen het werkgebied van de kredietbank;
- b.
meerderjarig zijn en;
- c.
Nederlander of EU-onderdaan zijn of in het bezit zijn van een geldige verblijfstitel. Borgstelling kan worden geëist. De looptijd van een krediet kan de einddatum van de verblijfstitel niet overschrijden, tenzij er een borg is verstrekt.
- a.
- 2.
Het rentepercentage van het saneringskrediet is gelijk aan de maximale kredietvergoeding minus 0,5 %, met dien verstande dat de rente altijd minimaal -0,1 % lager is dan de op de markt gebruikelijke rente voor consumenten.
Artikel 12 Gehuwd/partner
- 1.
Indien de aanvrager van een saneringskrediet gehuwd is of geregistreerd partner ondertekent de partner alleen mede de kredietovereenkomst als deze mede aansprakelijk is voor de schulden.
- 2.
Uitgezonderd is de partner die nog verblijft in het buitenland en waarvan het huwelijk nog niet in Nederland is geregistreerd.
Artikel 13 Beoordeling saneringskrediet
- 1.
Op basis van een individuele beoordeling wordt een afweging gemaakt of de inwoner in aanmerking komt voor een saneringskrediet als onderdeel van een aanvraag schuldregeling.
- 2.
Bij de afweging wordt in ieder geval beoordeeld of er voldoende vertrouwen is in het aflossingsgedrag en de motivatie van de inwoner.
Artikel 14 Borgstelling bij saneringskrediet
- 1.
Bij inwoners van gemeenten die vallen binnen het werkgebied van de kredietbank is altijd een borgstelling nodig voor een saneringskrediet. Pas als de betreffende gemeente akkoord is met de borgstelling, wordt het saneringskrediet verstrekt.
- 2.
Voor verlening van een saneringskrediet aan inwoners van de gemeente ’s-Hertogenbosch is geen borgstelling nodig.
Artikel 15 Overige bepalingen
- 1.
De looptijd van een saneringskrediet is conform de richtlijnen van de NVVK.
- 2.
Rekensom: op basis van de afloscapaciteit volgens de berekening van ReCoFa (VTLB) van de inwoner en eventuele partner wordt berekend wat het netto maximale afkooppercentage van de vastgestelde vordering is. Hierbij wordt uitgegaan van het verstrekken van één krediet.
- 3.
De kredietsom van het saneringskrediet kan maximaal € 30.000,00 netto bedragen.
- 4.
Bij vervroegd aflossen wordt geen boeterente berekend.
Artikel 16 Volmacht
Aflossingen aan het saneringskrediet dienen te gebeuren via bewindvoering/budgetbeheer of worden door de kredietnemer zelf overgemaakt. In uitzonderingsgevallen kan hiervan worden afgeweken.
Hoofdstuk 4 Persoonlijke lening voor herfinanciering
Artikel 17 Specifieke voorwaarden persoonlijke lening voor herfinanciering
- 1.
De bepalingen uit artikel 11 t/m 16 zijn van overeenkomstige toepassing voor de persoonlijke lening voor herfinanciering, met uitzondering van:
a. In afwijking van artikel 11, tweede lid, wordt de rente die van toepassing is op de persoonlijke lening voor herfinanciering vastgesteld overeenkomstig het rentepercentage dat geldt voor de sociale lening als bedoeld in artikel 4, tweede lid.
b. In afwijking van artikel 13, eerste lid, vindt de individuele beoordeling plaats met als doel vast te stellen of de inwoner in aanmerking komt voor een persoonlijke lening in het kader van een aanvrag tot schulddienstverlening.
c. In afwijking van artikel 15, tweede lid, wordt de afloscapaciteit van de inwoner en, indien van toepassing, diens partner vastgesteld conform de ReCoFa-richtlijn (Vtlb-berekening). Voor verstrekking van een persoonlijke lening voor herfinanciering dient sprake te zijn van een niet-problematische schuldenlast.
Hoofdstuk 5 Overige bepalingen
Artikel 18 Overeenkomst
- 1.
De Kredietbank verstrekt aan de kredietnemer een door de bank ondertekend afschrift van de kredietovereenkomst.
- 2.
De Algemene Voorwaarden en de meest recente versie van het Bankreglement zijn van toepassing op alle overeenkomsten tussen de Kredietbank en de kredietnemer en vormen daarmee een geheel van de overeenkomst.
- 3.
In het kader van de kredietregistratie is de Kredietbank verplicht de gegevens van de kredietnemer op te nemen in de eigen persoonsregistratie. Hierop is de Algemene Verordening Gegevensbesscherming (AVG) van toepassing.
Artikel 19 Ter beschikking stellen kredietbedrag
- 1.
Na ondertekening van de kredietovereenkomst en de bijbehorende specificatie wordt de kredietsom die bij deze overeenkomst is bepaald, door de kredietbank in zijn geheel aan de kredietnemer ter beschikking gesteld.
- 2.
Als het een krediet betreft ter betaling van schulden, wordt het krediet aan de betreffende schuldeiser(s) betaalbaar gesteld. Dit wordt in de overeenkomst opgenomen.
- 3.
De kredietnemer tekent indien nodig een incassovolmacht.
Artikel 20 Afwijkingsbevoegdheid
De kredietbank handelt overeenkomstig deze beleidsregels, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregels te dienen doelen.
Artikel 21 Inwerkingtreding en citeertitel
- 1.
Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking, onder gelijktijdige intrekking van de 'Beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening gemeente 's-Hertogenbosch 2023'.
- 2.
Deze beleidsregels worden aangehaald als “Beleidsregels acceptatie sociale kredietverlening gemeente ‘s-Hertogenbosch 2026”.
Ondertekening
De secretaris,
Drs. B. van der Ploeg
De burgemeester,
Drs. J.M.L.N. Mikkers
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl