Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR761585
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR761585/1
Regeling vervalt per 28-06-2028
Subsidieregeling Aanvullende Maatregel Lokale Aanpak Isolatie gemeente Veere
Geldend van 09-05-2026 t/m 27-06-2028
Intitulé
Subsidieregeling Aanvullende Maatregel Lokale Aanpak Isolatie gemeente VeereIntitulé
Besluit van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere tot vaststelling van de Subsidieregeling Aanvullende maatregel Lokale Aanpak Isolatie gemeente Veere
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere;
gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening 2026 (ASV 2026) gemeente Veere.
overwegende dat:
• de gemeente Veere het isoleren van slecht geïsoleerde woningen wil bevorderen;
• de Lokale Aanpak Isolatie (LAI) aansluit bij de doelstelling en uitgangspunten van het Nationaal Isolatieprogramma;
• het wenselijk is om, aanvullend op bestaande regelingen, een gemeentelijke subsidie beschikbaar te stellen voor isolatiemaatregelen;
• deze subsidie wordt gefinancierd uit gemeentelijke middelen.
besluit vast te stellen de:
Subsidieregeling Aanvullende maatregel Lokale Aanpak Isolatie gemeente Veere.
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
-
• appartement: aandeel in een gebouw waarvoor een vereniging van eigenaars is opgericht, omvattende de bevoegdheid tot het uitsluitend gebruik van een woning;
-
• ASV 2026: Algemene subsidieverordening 2026 gemeente Veere;
-
• biobased milieuvriendelijk isolatiemateriaal: isolatiemateriaal als bedoeld in artikel 4.5.1. van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies;
-
• doe-het-zelf maatregel: maatregel als bedoeld in artikel 2, tweede lid van de nationale regeling, die door een ander wordt uitgevoerd dan door een gespecialiseerd bedrijf;
-
• ecologisch deskundige: een persoon met aantoonbare specifieke ecologische kennis en ervaring. Hij of zij geeft ecologisch advies en/of begeleidt werkzaamheden op het gebied van habitats (natuurlijke leefgebieden), soorten en heeft voldoende kennis en jarenlange ervaring om ecologisch onderzoek te kunnen doen;
-
• eDNA onderzoek: onderzoeksmethode waarbij op basis van in de omgeving aangetroffen DNA-sporen wordt vastgesteld of beschermde diersoorten aanwezig zijn. Wanneer eDNA-onderzoek de afwezigheid van soorten aantoont, kan isolatiewerk worden uitgevoerd zonder aanvullende ecologische onderzoeken of vergunningplicht.
-
• eigenaar-bewoner: een natuurlijke persoon die:
- a.
een woning in eigendom heeft waarin hij zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van deze woning zal hebben; of
- b.
gerechtigde is van een bestaand appartementsrecht en in het desbetreffende appartement zijn hoofdverblijf heeft of direct na renovatie van dat appartement zal hebben;
- a.
-
• energielabel: een energielabel als bedoeld in ‘bijlage I bij artikel 1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving’;
-
• energiezuinige ventilatiemaatregelen: het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor een CO2-gestuurde ventilatie of het voor de eerste keer aanleggen van een systeem voor balansventilatie met warmteterugwinning met een rendement van ten minste 90%.
-
• factuurdatum: de datum waarop de factuur ter beschikking wordt gesteld aan de eigenaar-bewoner of gemengde vereniging.
-
• gemengde vereniging: vereniging van eigenaars ten behoeve van gebouwen waarin zich ten minste één woning van een eigenaar-bewoner bevindt;
-
• gespecialiseerd bedrijf: bedrijf dat in een handelsregister van een lidstaat van de Europese Unie of een van de overige staten die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte is ingeschreven in de sectie bouwnijverheid of een vergelijkbare sectie;
-
• hoofdverblijf: een registratie in de Basisregistratie Personen op het adres van de woning waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
-
• nationale regeling: Regeling houdende regels verstrekking specifieke uitkering aan gemeenten verduurzaming […] van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties;
-
• natuurvrij maken: het treffen van maatregelen om te borgen dat er geen beschermde dieren gedood of verstoord worden in bouwdelen die geïsoleerd worden, conform de Handreiking Natuurvriendelijk Isoleren.
-
• NVI-certificaat: een certificaat Natuurlijkvriendelijk Isoleren. Bedrijven met een certificaat zijn te vinden op https://www.natuurlijkvriendelijkisoleren.nl;
-
• slecht geïsoleerde woning:
- a.
een woning van een eigenaar-bewoner met een energielabelklasse D, E, F, G ten tijde van de ZIP-aanvraag of een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn overeenkomstig Bijlage 1 van deze subsidieregeling:
- i.
de vloer en de bodem;
- ii.
de gevel, waaronder spouwmuur;
- iii.
het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; en
- iv.
het glas, panelen in kozijnen en deuren.
- i.
- b.
een woning in een gebouw waarvoor een gemengde vereniging bestaat en waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen van het gebouw niet of slecht geïsoleerd zijn overeenkomstig Bijlage 1 van deze subsidieregeling:
- i.
de vloer en de bodem;
- ii.
de gevel, waaronder de spouwmuur;
- iii.
het dak en de zoldervloer en vlieringvloer; en
- iv.
het glas, panelen in kozijnen en deuren.
- i.
- a.
-
en waarbij de woning fysiek grenst aan het bouwdeel van het gebouw waaraan ten minste één van de voorgenomen energiebesparende isolatiemaatregelen worden getroffen;
-
• subsidie(deel)plafond: het budget dat voor een bepaalde periode beschikbaar is gesteld;
-
• thermische schil: thermische schil als beschreven in ISSO 82.1, zesde druk;
-
• vereniging van eigenaars: vereniging van de eigenaars als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek.
-
• woning: woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet, waaronder tevens wordt begrepen een appartement, en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd;
-
• WOZ-waarde: de op grond van de Wet waardering onroerende zaken onherroepelijke waarde van een woning.
-
• zeer kleine woning: een woning waar het totale oppervlak van een bouwdeel kleiner is dan het minimaal verplichte oppervlak als bedoeld in artikel 4.5.2., derde lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.
-
• Zeeuws Isolatie Programma: Het Zeeuws Isolatieprogramma (ZIP) is een samenwerking van RES Zeeland en de Zeeuwse gemeenten. Het is de invulling van het landelijke Nationaal Isolatieprogramma (NIP), waarvan het doel is om in heel Nederland, tussen nu en 2030, in totaal 2,5 miljoen woningen beter te isoleren. In Zeeland gaat het om ongeveer 29.000 woningen. Alle Zeeuwse gemeenten nemen deel aan het ZIP m.u.v. Schouwen-Duiveland. Zij hebben een eigen subsidieregeling.
Artikel 2. Doel subsidie
De subsidie op grond van deze titel is aanvullend op de ZIP-regeling en richt zich op eigenaar-bewoners met een slecht geïsoleerde woning. Daarmee wordt beoogd de CO₂-uitstoot terug te dringen, een energie neutrale gebouwde omgeving te realiseren en energiearmoede te bestrijden en te voorkomen
Artikel 3. Doelgroep
Het college verstrekt op aanvraag subsidie aan eigenaar-bewoners van een woning in de gemeente Veere en die aan de subsidievoorwaarden van deze regeling voldoen.
Artikel 4. Subsidievoorwaarden
De subsidie wordt verleend onder de volgende voorwaarden:
- a.
De aanvrager is eigenaar-bewoner van de woning waarvoor subsidie wordt aangevraagd. De vereniging van eigenaars kan namens de eigenaar-bewoner van een appartementsrecht een aanvraag indienen;
- b.
er is sprake van een slecht geïsoleerde woning;
- c.
de WOZ-waarde van de woning met peildatum 1 januari 2022 bedraagt niet meer dan €500.000;
- d.
het isoleren van de woning gebeurt natuurvriendelijk met inachtneming van Bijlage 2 van deze subsidieregeling;
- e.
de aanvraag wordt binnen 12 maanden na de factuurdatum van de isolatiemaatregel ingediend;
- f.
de aanvraag heeft uitsluitend betrekking op kosten als bedoeld in artikel 6 en heeft geen betrekking op arbeidskosten, materiaalkosten voor de afwerking in plaats van de isolatiemaatregel, de kosten van eigen uren, vergunningen, ontheffingen, offertes of het indienen van de subsidieaanvraag;
- g.
eigenaar-bewoners moeten minimaal twee van de subsidiabele maatregelen uitvoeren, waarvan één uit deze subsidietitel en één waarvoor een ontvankelijke ZIP-aanvraag is ingediend;
- h.
er is nog geen subsidie op hetzelfde adres verstrekt op grond van deze subsidieregeling; en
- i.
het subsidie(deel)plafond is nog niet bereikt.
Artikel 5. Subsidieplafond en maximale subsidie
1 Het subsidieplafond voor deze regeling bedraagt € 660.000.
2 Het maximale subsidiebedrag dat eenmalig op grond van deze subsidieregeling voor dezelfde woning kan worden verstrekt per aanvraag is € 1.000.
3 Voor bodemisolatie is het subsidiebedrag beperkt tot € 26,34 per vierkante meter te isoleren oppervlakte met een maximum van € 1.000,- zoals bedoeld in lid 2.
4 Voor spouwmuurisolatie is het subsidiebedrag uit beperkt tot € 18,28 per vierkante meter te isoleren oppervlakte aangevuld met € 300,00 voor eDNA onderzoek/natuurvrij maken van de woning met een maximum van € 1.000,- zoals bedoeld in lid 2.
5 Indien is geïnvesteerd in biobased milieuvriendelijk isolatiemateriaal wordt in aanvulling op het subsidiebedrag uit het tweede lid de berekende subsidie per vierkante meter vermeerderd met:
- a.
€ 5,- in geval van een investering in dakisolatie;
- b.
€ 1,50 in geval van een investering in zolder- of vlieringvloerisolatie;
- c.
€ 6,- in geval van een investering in gevelisolatie;
- d.
€ 1,50 in geval van een investering in spouwmuurisolatie;
- e.
€ 2,- in geval van een investering in vloerisolatie;
- f.
€ 1,- in geval van een investering in bodemisolatie.
6 Aanvragen worden beoordeeld op volgorde van binnenkomst.
Artikel 6. Inzet subsidie
Subsidie op grond van deze subsidieregeling mag ingezet worden voor:
- a.
de redelijkerwijs gemaakte kosten van de bouwproducten die benodigd zijn voor het zelf uitvoeren van maximaal één isolerende maatregelen aan de eigen woning zoals aangegeven in de subsidieaanvraag; of
- b.
de redelijkerwijs gemaakte kosten voor het laten uitvoeren van maximaal één isolerende maatregel aan de eigen woning door een gespecialiseerd bedrijf.
Artikel 7. Subsidiabele maatregelen
1 In onderstaande tabel staan de twee afzonderlijke isolatiemogelijkheden waaruit isolatiemaatregelen gekozen kunnen worden, te weten: doe-het-zelf maatregelen of de inzet van een gespecialiseerd bedrijf.
|
Doe-het-zelf maatregel |
Inzet gespecialiseerd bedrijf |
|
|
Dakisolatie |
X |
X |
|
Zolder/vlieringvloerisolatie |
X |
X |
|
Gevelisolatie |
X |
X |
|
Vloerisolatie |
X |
X |
|
Bodemisolatie |
X |
|
|
Spouwmuur |
X |
|
|
Glas en kozijnpanelen |
X |
|
|
Isolerende deuren |
X |
|
|
CO2-gestuurde ventilatie* |
X |
|
|
Balansventilatie met WTW* |
X |
* i.c.m. één van de andere genoemde isolatiemaatregelen.
2 De minimale isolatiewaarden en oppervlakten en overige eisen per onderdeel genoemd in het eerste lid van dit artikel waaraan voldaan moet worden, zijn beschreven in artikel 4.5.2, derde lid, van de Regeling nationale EZK- en LNV-subsidies.
3 In afwijking van het tweede lid bedraagt het minimale oppervlak bij spouwmuurisolatie uit ten minste 20 vierkante meter van de bestaande thermische schil;
4 Indien er sprake is van een zeer kleine woning mag het college afwijken van de eisen ten aanzien van de minimaal te isoleren vierkante meters.
Artikel 8. Subsidieaanvraag
1 In aanvulling op de ASV 2026 wordt bij een subsidieaanvraag de volgende informatie gevoegd en worden de volgende documenten overgelegd:
- a.
naam, adres, postcode, woonplaats, e-mailadres en bankrekeningnummer van de aanvrager;
- b.
een volledig ingevuld aanvraagformulier;
- c.
het energielabel of een beschrijving van de staat van de woning als bedoeld in artikel 1, slecht geïsoleerde woning;
- d.
de WOZ-waarde als bedoeld in artikel 4, onder c; en
- e.
een ontvankelijke ZIP-aanvraag.
2 Bij het zelf uitvoeren van de isolatiemaatregel als bedoeld in artikel 6, onder a, wordt ook de volgende informatie gevoegd en worden de volgende documenten in het Nederlands overgelegd:
- a.
facturen op adres van de aanvrager en een betaalbewijs voor het aangeschafte subsidiabele materiaal, waarop het deel van de kosten die subsidiabel zijn voldoende duidelijk uitgesplitst en aangemerkt zijn;
- b.
de meldcode van het aangeschafte isolatiemateriaal, de isolatiewaarde en netto oppervlakte van de isolatiemaatregel(en) in m2 wat voldoet aan de eisen uit artikel 7, tweede lid;
- c.
foto’s van de te isoleren bouwdelen van de woning voor uitvoering van de isolatiemaatregel(en);
-
en
- d.
foto’s van het etiket van het isolatiemateriaal met de dikte, isolatiewaarde en productnaam.
3 Bij het laten uitvoeren van de isolatiemaatregel door een gespecialiseerd bedrijf als bedoeld in artikel 6, onder b, wordt ook de volgende informatie gevoegd en de volgende documenten in het Nederlands overgelegd:
- a.
offerte van het gespecialiseerd bedrijf op adres van de aanvrager met een meldcode waaruit de uit te voeren maatregelen, de kosten, de meldcode en netto oppervlakte van de isolatiemaatregelen in m2 zijn af te lezen en voldoet aan de eisen uit artikel 7, tweede lid; en
- b.
een NVI-certificaat van het gespecialiseerd bedrijf indien dit op basis van Bijlage 2 van deze subsidieregeling is vereist.
4 Aanvragen worden ingediend door middel van het aanvraagformulier dat beschikbaar is via het Zeeuws Isolatie Programma.
Artikel 9. Behandeling aanvraag, subsidieverlening en subsidievoorschriften
1 Het college beslist op een aanvraag binnen acht weken nadat de aanvraag is ingediend en alle gegevens en bescheiden die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn en waarover de aanvrager redelijkerwijs de beschikking kan krijgen, zijn overgelegd.
2 Het besluit tot subsidieverlening bevat naast de subsidiegrondslag in ieder geval het bedrag, de omschrijving van de prestaties die door de subsidieontvanger verricht moeten worden en de met de prestaties beoogde resultaten en een termijn (van 12 maanden) waarbinnen verantwoording dient te worden afgelegd over de gerealiseerde isolatiemaatregelen.
3 Op de aangevraagde subsidie wordt geen voorschot verstrekt.
4 Door het college kunnen steekproefsgewijze controles worden uitgevoerd op uitvoering en rechtmatige besteding van de subsidie.
5 Het college kan aan de subsidieverlening nadere voorschriften en verplichtingen verbinden.
Artikel 10. Weigeringsgronden
Het college weigert de subsidie (gedeeltelijk) als:
- a.
de aanvraag niet past binnen de subsidiabele activiteiten als bedoeld in artikel 2;
- b.
de aanvrager niet behoort tot de doelgroep als bedoeld in artikel 3;
- c.
de aanvrager niet voldoet aan de subsidievoorwaarden als bedoeld in artikel 4;
- d.
het subsidieplafond als bedoeld in artikel 5 is bereikt of door toekenning van de subsidie zou worden overschreden; of
- e.
de aanvraag niet valt onder één van de isolatiemaatregelen als bedoeld in artikel 6.
Artikel 11. Subsidievaststelling
1 Een aanvraag tot subsidievaststelling (artikel 15 lid 2 ASV 2026) dient te worden ingediend maximaal 12 maanden na realisatie van de isolatiemaatregelen. Indien na afloop van deze termijn geen aanvraag is ingediend, kan de subsidie ambtshalve worden vastgesteld op nihil.
2 Bij de aanvraag tot subsidievaststelling worden per isolatiemaatregel de volgende informatie en documenten overgelegd:
- a.
bij het zelf uitvoeren van de isolatiemaatregel als bedoeld in artikel 6, onder a:
- i.
de datum van uitvoering van de isolatiemaatregel(en) wat voldoet aan de eisen uit artikel 7, lid 2;
- ii.
foto’s van de te isoleren bouwdelen tijdens en ná uitvoering van de isolatiemaatregel(en); en
- iii.
een rapportage van een ecologisch deskundige indien dit op basis van Bijlage 2 van deze subsidieregeling is vereist.
- i.
- b.
b. bij het laten uitvoeren van de isolatiemaatregel door een gespecialiseerd bedrijf als bedoeld in artikel 6, onder b:
- i.
facturen en betaalbewijzen voor de uitgevoerde subsidiabele activiteiten, waarop het deel van de kosten die subsidiabel zijn voldoende duidelijk uitgesplitst en aangemerkt zijn, inclusief de datum van uitvoering; en
- ii.
een rapportage van een ecologisch deskundige indien dit op basis van Bijlage 2 van deze subsidieregeling is vereist.
- i.
3 De subsidie wordt door het college vastgesteld op basis van de werkelijke kosten tot het maximale subsidiebedrag als bedoeld in artikel 5, vierde tot en met het zevende lid.
4 De subsidie kan lager worden vastgesteld indien:
- a.
de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden;
- b.
de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;
- c.
de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van
-
juiste of volledige gegevens tot een ander besluit op de aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid;
-
of
- d.
de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist of behoorde te weten.
5 100% van de vastgestelde subsidie wordt uitgekeerd binnen 13 weken na vaststelling.
Artikel 12. Hardheidsclausule
Het college kan deze subsidieregeling in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van de bepalingen in deze regeling voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die vanwege bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen.
Artikel 13. Aanvraagperiode
Een aanvraag kan worden ingediend vanaf de dag nadat deze subsidieregeling bekend is gemaakt.
Artikel 14. Slotbepalingen
- 1.
Deze subsidieregeling treedt in werking 1 dag na bekendmaking.
- 2.
Deze subsidieregeling vervalt op 30 juni 2028 met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn aangevraagd.
- 3.
Deze subsidieregeling wordt aangehaald als Subsidieregeling aanvullende maatregel lokale aanpak isolatie gemeente Veere.
Ondertekening
Bijlage 1
Overzicht slecht geïsoleerde bouwdelen
Een bouwdeel is slecht geïsoleerd als de waardes gelijk of lager zijn dan de waardes in de rechterkolom van onderstaande tabel.
- 1.
De vloer en de bodem;
- 2.
De gevel, waaronder de spouwmuur;
- 3.
Het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;
- 4.
De ramen, panelen in kozijnen en deuren.
|
Bouwdeel |
Wanneer aanpakken? |
Indicatie dikte of Rc of U-waarde |
|
Dak en zoldervloer en vlieringvloer |
Geen, slechte en matige dakisolatie |
Minder dan 9 cm aanwezig / een Rc ≤ 2,0 |
|
Als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is |
Rc ≤ 0,5 |
|
|
Gevel, waaronder de spouwmuur |
Geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig |
Rc ≤ 1,1 |
|
Vloer en de bodem |
Geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig |
Minder dan 5 cm aanwezig, Rc ≤ 1,3 |
|
Ramen, panelen in kozijnen en deuren |
Enkel glas, oud dubbelglas en HR glas |
Ug waarde ≥ 1,6 |
Bijlage 2
Handreiking Methodiek Natuurvriendelijk Isoleren Provincie Utrecht
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl