VTH-Jaarverslag 2025 Gemeente Cranendonck

Geldend van 09-05-2026 t/m heden

Intitulé

VTH-Jaarverslag 2025 Gemeente Cranendonck

Besluit:

  • 1.

    Het VTH-Jaarverslag 2025 vast te stellen;

  • 2.

    Het VTH-Uitvoeringsprogramma 2024 Gemeente Cranendonck en het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 Gemeente Cranendonck in trekken.

Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving gemeente Cranendonck

Vastgesteld op 21 april 2026 door het college van burgemeester en wethouders

1. Inleiding

Voor u ligt het VTH-Jaarverslag 2025 van de gemeente Cranendonck (hierna: jaarverslag).

Op grond van artikel 13.11 Omgevingsbesluit is het verplicht een jaarverslag op te stellen. In het jaarverslag wordt gerapporteerd over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de doelen van de in het Vergunningen, Toezicht en Handhaving Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 van de gemeente Cranendonck (afgekort en hierna: VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025). De invulling hiervan is gebaseerd op de keuzes en prioriteiten zoals vastgesteld in het vergunningen-, toezichts- en handhavingsbeleid 2024-2027 van de gemeente Cranendonck (hierna: VTH-Beleidsplan).

Het VTH-Beleidsplan is op 12 december 2023 door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Cranendonck (hierna: het college) vastgesteld. De gemeenteraad van de gemeente Cranendonck heeft op 19 december 2023 kennisgenomen van het VTH-Beleidsplanbeleid. Op 19 december 2023 is het beleid aangeboden aan Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant. Het VTH-Beleidsplan omvat het kader voor de invullingen van de gemeentelijke taken op het gebied van Vergunningen, Toezicht en Handhaving (hierna: VTH) in brede zin.

Het Omgevingsbesluit regelt dat het college ieder jaar bepaalt op welke wijze uitvoering wordt gegeven aan dit beleid. Het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 is op 21 januari 2025 vastgesteld en is gebaseerd op het VTH-Beleidsplan. Het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 omvat onder andere de prioriteringen (en daarmee de werkzaamheden), de middelen en de formatie voor VTH.

Dit jaarverslag geeft weer op welke wijze de gemeente Cranendonck in 2025 uitvoering heeft gegeven aan het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 (met inachtneming van het VTH-Beleidsplan. In dit jaarverslag is opgenomen wat de resultaten zijn van de vergunningverlening en de uitgevoerde toezichts- en handhavingsacties in 2025.

Kortom, welke taken hebben de medewerkers VTH in 2025 uitgevoerd en in welke omvang hebben zij dat gedaan. Volgens de wettelijk voorgeschreven wijze wordt dit jaarverslag aangeboden aan de gemeenteraad.

In hoofdstuk 2 van dit jaarverslag leest u de beschikbaarheid van zowel de capaciteit als de financiële middelen voor VTH. Hoofdstuk 3 betreft de kwaliteitscriteria. In hoofdstuk 4 zijn de gegevens van de monitoring van de VTH-taken en doelen in 2025 evenals een toelichting op het gerealiseerd niveau te vinden. In hoofdstuk 5 wordt afgesloten met een conclusie.

2. Middelen

Voor de uitvoering van de taken worden middelen ingezet in de vorm van personeel en financiën. Door prioritering worden de beschikbare middelen op een slimme manier ingezet. Taken met een hoge prioriteit worden uitgebreid behandeld, taken met een lage prioriteit worden op lager niveau uitgevoerd. In dit hoofdstuk wordt inzichtelijk gemaakt welke middelen beschikbaar waren voor VTH in 2025.

2.1 Personele middelen

In het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 is in hoofdstuk 3 inzichtelijk gemaakt welke capaciteit de Gemeente Cranendonck beschikbaar heeft gesteld voor VTH in 2025. In onderstaande tabel is dit weergegeven.

 

Vaste capaciteit

Flexibele inzet

Capaciteit totaal

Vergunningverlening omgevingsvergunning en ondersteuning

3,78

0,5

4,28

Vergunningverlening APV & bijzondere wetten

1,53

0,0

1,53

Juridische capaciteit vergunningen (VTH)

1,0

0,0

1,0

Toezicht

4,0

2,5

6,5

Juridische capaciteit handhaving *

3,0

0,28

3,28

Teamleider Dommelstroom Interventieteam

0,0

0,18

0,18

Administratie VTH

1,78

0,0

1,78

Capaciteit totaal**

15,09

3,46

18,55

* Flexibele inzet van 20 uur per week voor de duur van zes maanden.

**Het betreft capaciteit c.q. formatie. Daadwerkelijke inzetbaarheid kan anders zijn (door bijv. ziekte).

Naast de bovenstaande FTE worden ook taken uitgevoerd door de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant (hierna: Odzob) en de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (hierna: VRBZO). Het betreft een flexibele inzet die wordt ingezet afhankelijk van het aantal meldingen, klachten en aanvragen.

Het team wordt aangestuurd door één teammanager. Deze teammanager heeft kennis en kunde op bovenstaande terreinen waardoor naast afstemming ook inhoudelijke aansturing van VTH kan plaatsvinden. De rol van deze teammanager draagt bij aan de doelmatigheid en efficiëntie van VTH.

2.2 Financiële middelen

In het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 wordt in paragraaf 2.6 uitgebreid ingegaan op de beschikbare financiële middelen. Voor de uitvoering van de reguliere werkzaamheden die in dit programma zijn opgenomen, zijn de noodzakelijke budgetten opgenomen en daarmee gewaarborgd.

In de gemeentelijke begroting voor 2025 zijn middelen gereserveerd om het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma uit te voeren. Deze middelen worden onder meer benut voor het inzetten van externe deskundigheid voor gespecialiseerde onderdelen van het werkveld.

De uitvoering van de wettelijke basistaken op het terrein van milieu is verplicht ondergebracht bij de Odzob. Naast deze basistaken voert de Odzob ook verschillende verzoektaken uit, zoals het beoordelen van meldingen en het verrichten van handhavingsactiviteiten die daaruit voortvloeien. Met de financiële consequenties hiervan is in de begroting rekening gehouden.

Voor taken die betrekking hebben op brandveiligheid wordt gebruikgemaakt van de expertise van de VRBZO.

Daarnaast worden bepaalde specialistische werkzaamheden extern belegd, omdat de structurele werkvoorraad binnen de gemeente Cranendonck te beperkt is om hiervoor vaste specialisten aan te stellen. Dit betreft onder andere taken van de constructeur en de bodemadviseur.

Alle hiervoor benodigde middelen zijn financieel ingepast in de gemeentelijke begroting 2025. De besteding van deze middelen wordt verantwoord in de jaarrekening.

3. Kwaliteitscriteria

In 2015 kwamen de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Interprovinciaal Overleg met een uniforme modelverordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht. Deze uniforme modelverordening werd opgesteld omdat gemeenten, provincies en de gemeenschappelijke diensten zich voor een gezamenlijke opgave gesteld zagen. De opgave was om in landelijk verband de kwaliteit van de uitvoering en handhaving te bevorderen, te borgen en te beoordelen bij de gedeelde zorg voor een gezonde en veilige fysieke leefomgeving.

De grondslag van deze verordening werd destijds opgenomen in de artikelen 5.4 en 5.5 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo). Sindsdien zijn de kwaliteitscriteria 2.1, en later per 15 april 2022, kwaliteitscriteria 2.3, voor de uitvoering van de Wabo ontwikkeld en beschikbaar gesteld in brede samenwerking tussen bevoegde gezagen. Met het oog eerder op de inwerkingtreding van de Omgevingswet is een nieuwe verordening vastgesteld (met de artikelen 18.20 en 18.23 van de Omgevingswet als grondslag) en wel de ‘Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Cranendonck 2023’, welke per 1 januari 2024 in werking is getreden.

Het uitgangspunt voor de kwaliteitsbevordering is inmiddels de in landelijke samenwerking opgestelde kwaliteitscriteria 3.0, die op basis van technische en maatschappelijke ontwikkelingen met betrokken partijen in landelijke afstemming zijn aangepast.

In dit hoofdstuk wordt aangegeven hoe de gemeente Cranendonck aan de kwaliteitscriteria uit haar verordening voldoet.

3.1. Doel kwaliteitscriteria

De kwaliteitscriteria zijn bedoeld om de uitvoering en handhaving door gemeenten en provincies en Rijksdiensten in het Omgevingsrecht te professionaliseren en de kwaliteit in de organisatie te borgen. De criteria gaan over proces, inhoud en kritieke massa. Het voldoen aan de criteria zorgt ervoor dat het bevoegd gezag in staat is om de gewenste kwaliteit en continuïteit te leveren. De set maakt inzichtelijk welke kwaliteit van de uitvoering en handhaving burgers, bedrijven en instellingen, maar ook overheden onderling en als opdrachtgevers, mogen verwachten.

3.2. Criteria kritieke massa en invulling

Het fundament van kwaliteit is het leveren van een zo goed mogelijk product. Hiervoor is vooral vakmanschap nodig. De criteria voor kritieke massa adresseren dit vakmanschap in termen van voldoende opleiding, kennis, werkervaring en competenties en het onderhouden en borgen daarvan. Organisaties en medewerkers die aan deze criteria voldoen moeten in de kern in staat zijn om producten af te leveren met de gewenste kwaliteit. Met de kwaliteitscriteria voor kritieke massa kan een antwoord gegeven worden op de vraag of een organisatie en haar medewerkers in staat zijn om de taken en onderliggende operationele taken op een adequaat niveau uit te voeren, gegeven de minimaal benodigde deskundigheid voor de uitvoering van deze taken en de continuïteit daarvan.

De elementen van deskundigheid en continuïteit zijn vervat in onderstaand schema:

afbeelding binnen de regeling

Figuur 1 - Elementen kwaliteitscriteria kritieke massa

3.3. Deskundigheidsgebieden kwaliteitscriteria

De criteria voor kritieke massa zijn opgebouwd uit generieke en specialistische deskundigheden. In totaal gelden er 23 deskundigheidsgebieden, welke uiteenvallen in de volgende categorieën en specifieke gebieden:

Generieke deskundigheidsgebieden

1. Casemanagen

2. Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening

3. Vergunningverlening milieu (Bal + omgevingsplan)

4. Toezicht en handhaving bouwen en ruimtelijke ordening

5. Toezicht en handhaving milieu

6. Toezicht en handhaving bodem

7. Toezicht en handhaving groene wetgeving

Juridische deskundigheidsgebieden

8. Behandelen juridische zaken

9. Ketentoezicht

10. Buitengewone opsporing natuur en milieu en fysieke leefomgeving

Specialistische deskundigheidsgebieden accent bouwen

11. Bouwfysica

12. Brandveiligheid

13. Constructieve veiligheid

14. Sloop en asbest

Specialistische deskundigheidsgebieden accent milieu

15. Afvalwater (indirecte lozingen)

16. Bodem, bouwstoffen, water

17. Omgevingsveiligheid

18. Geluid & trillingen (milieu en bouw)

19. Luchtkwaliteit & geur

20. Natuuractiviteiten

Specialistische deskundigheidsgebieden accent ruimtelijke ordening en duurzaamheid

21. Cultuurhistorie

22. Energiebesparing en duurzaamheid

23. Advisering fysieke leefomgeving

Per deskundigheidsgebied gelden kwaliteitscriteria, welke (voornamelijk) toezien op:

  • Welke taken het betreft;

  • Of de taak door de overheid moet worden uitgevoerd (incl. Gemeenschappelijke regelingen) en welke eisen worden gesteld aan het uitbesteden;

  • De vereiste basisopleiding en aanvullende opleiding van de medewerkers die de taken uitvoeren;

  • De vereiste werkervaring van de medewerkers die de taken uitvoeren;

  • De aanvullende kennis waarover de medewerkers moeten beschikken;

  • De tijdsbesteding van de medewerkers aan de betreffende taken (frequentie);

  • De eis aan de organisatie dat er minimaal twee medewerkers per deskundigheidsgebied moeten zijn.

Daarbij is het goed te weten dat de deskundigheidsgebieden waarvoor de kritieke massa geldt geen functieprofielen zijn.

Belangrijk is te vermelden dat bij de deskundigheidsgebieden de geldende spelregels in acht worden genomen, zoals deze gelden sinds de kwaliteitscriteria 3.0. Door de toepassing van deze spelregels, zoals hieronder verkort opgenomen, is er meer maatwerk mogelijk om te voldoen aan de criteria. Ten opzichte van de vorige set (te weten 2.3.) is er dan ook sprake van een vereenvoudiging.

De spelregels, een zestal, betreft kortweg:

1. Taken binnen één deskundigheid mogen door verschillende mensen worden uitgevoerd;

de organisatie als geheel moet aan de criteria voldoen.

2. Deskundigheden mogen worden gecombineerd in één persoon, zolang de organisatie aan de kritieke massa voldoet.

3. Er geldt functiescheiding: vergunningverlening en handhaving mogen niet door dezelfde persoon (of in sommige gevallen hetzelfde dossier) worden gedaan.

4. Medewerkers die nog niet voldoen aan de eisen mogen taken uitvoeren onder verantwoordelijkheid van iemand die wél aan de eisen voldoet.

5. Opleidingseisen mogen ook worden ingevuld met aantoonbaar gelijkwaardig niveau of ervaring.

6. Taken mogen worden uitbesteed of ingehuurd, maar het bevoegd gezag blijft altijd verantwoordelijk voor kwaliteit en borging.

In de volgende paragraaf wordt per deskundigheidsgebied met inachtneming van de kwaliteitscriteria en de spelregels geduid dat Cranendonck voldoet aan de gestelde criteria.

Hierbij is het goed om al te vermelden dat vanwege de omvang van de gemeente Cranendonck het niet altijd mogelijk is zelfstandig aan de eisen te voldoen. Op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en juridische aspecten met betrekking tot bouwen en ruimtelijke ontwikkeling, wordt samengewerkt met de gemeenten Heeze-Leende en Valkenswaard (Gemeenschappelijke Regeling Samenwerking A2-gemeenten).

Deze samenwerking vindt plaats op verschillende manieren. Zo is er onderling overleg over casussen en worden de werkprocessen waar mogelijk op elkaar afgestemd. Daarnaast is er iedere twee weken een Key-user overleg voor de vakapplicatie Powerbrowser. Daarnaast wordt geleerd van de werkwijzen waarop bij de andere gemeenten wordt gewerkt. Mede door de samenwerking met de A2-gemeenten voldoet de gemeente Cranendonck aan de kwaliteitscriteria.

3.4. Voldoen aan deskundigheidsgebieden kwaliteitscriteria

Hierna volgt, met inachtneming van alle deskundigheidsgebieden, hoe we als gemeente voldoen.

Deskundigheidsgebieden waaraan wij voldoen

Vanwege de omvang van de gemeente Cranendonck, wordt op een beperkt aantal deskundigheidsgebieden individueel voldaan. De werkvoorraad is niet groot genoeg om op ieder deskundigheidsgebied twee medewerkers in dienst te hebben. De gemeente voldoet individueel aan de kwaliteitscriteria op de volgende deskundigheidsgebieden:

1. Casemanagen

2. Vergunningverlening bouwen en ruimtelijke ordening

4. Toezicht en handhaving bouwen en ruimtelijke ordening

22. Energiebesparing en duurzaamheid

Deskundigheidsgebieden waaraan wij voldoen met de A2-gemeenten

Op de volgende deskundigheidsgebieden voldoen wij niet individueel, maar voldoen wij samen met de gemeenten Valkenswaard en Heeze-Leende. Dit betreffen de volgende deskundigheidsgebieden:

8. Behandelen juridische zaken

De samenwerking met de A2-gemeenten is een ‘low profile’ samenwerking die niet is ingebracht in de gemeenschappelijke regeling. Overeenkomstig de uitgangspunten van de kwaliteitscriteria is de samenwerking gericht op:

  • -

    Het delen van kennis en daardoor verhogen van de kwaliteit van het werk. Hiervoor wisselen de medewerkers van de drie gemeenten periodiek kennis en ervaring uit;

  • -

    Het verlagen van de kwetsbaarheid. De gemeenten behouden in beginsel ieder hun eigen werkvoorraad maar hebben afspraken gemaakt over het tijdelijk en incidenteel overnemen van werk in noodgevallen. Om te borgen dat medewerkers elkaars werk kunnen overnemen in geval van nood, wordt er periodiek samengewerkt om elkaars processen te beheersen. Dit wordt gecombineerd met de kennisuitwisseling zoals hierboven genoemd.

Deskundigheidsgebieden die gedeeltelijk zijn belegd bij marktpartijen

Voor een aantal deskundigheidsgebieden is het toegestaan om deze te beleggen bij één of meerdere marktpartijen die voldoen aan de kwaliteitscriteria. De gemeente Cranendonck heeft de volgende deskundigheidsgebieden geheel of gedeeltelijk bij een dergelijke marktpartij belegd:

11. Bouwfysica*

13. Constructieve veiligheid**

* Het uitbesteden aan een marktpartij van deze taken is toegestaan, mits de gemeente voldoet aan de criteria bij deskundigheidsgebied 2 of 4 (waaraan wordt voldaan in Cranendonck).

** Het uitbesteden aan een marktpartij van deze taken is toegestaan, mits de gemeente voldoet aan de criteria bij deskundigheidsgebied 2 en 4 (waaraan wordt voldaan in Cranendonck).

Deskundigheidsgebieden waaraan wij voldoen met de Odzob/VRBZO/ODBN

Een aantal taken hebben wij geheel of gedeeltelijk bij de Odzob, VRBZO of ODBN (omgevingsdienst Brabant Noord) belegd. Deze partijen voldoen aan de kwaliteitscriteria die gelden voor de deskundigheidsgebieden die zij voor de deelnemende gemeenten uitvoeren.

De volgende deskundigheidsgebieden zijn bij de Odzob belegd:

3. Vergunningverlening milieu (Bal + omgevingsplan)

5. Toezicht en handhaving milieu

6. Toezicht en handhaving bodem

9. Ketentoezicht

10. Buitengewone opsporing natuur en milieu en fysieke leefomgeving

14. Sloop en asbest

15. Afvalwater (indirecte lozingen)

16. Bodem, bouwstoffen, water

18. Geluid & trillingen (milieu en bouw)

19. Luchtkwaliteit & geur

21. Cultuurhistorie*

23. Advisering fysieke leefomgeving

* Sinds 1 oktober 2023 is een medewerker binnen de gemeente het eerste contactpersoon. Deze stemt vervolgens met de Odzob.

De volgende deskundigheidsgebieden zijn bij de ODBN belegd:

7. Toezicht en handhaving groene wetgeving

20. Natuuractiviteiten

Het volgende deskundigheidsgebied is bij de VRBZO belegd:

12. Brandveiligheid

17. Omgevingsveiligheid

4. Monitoring werkzaamheden en gestelde doelen

In het VTH-Uitvoeringsprogramma 2025 zijn concreet doelen gesteld met inachtneming van het VTH-Beleidsplan 2024-2027. Deze doelen hebben in het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 vervolgens vorm gekregen in verwachtingen en cijfers om te duiden wat nodig is en waar op ingezet zal worden om die doelen te kunnen bereiken. In dit jaarverslag wordt gereflecteerd op deze cijfers en verwachtingen in de vorm van cijfers en daadwerkelijke realisatie om daarmee de reflectie te objectiveren en zo inzicht te krijgen of de gestelde doelen zijn bereikt. Het jaarverslag laat zien dat veel van de verwachtingen grotendeels zijn gerealiseerd (waarmee die onderliggende doelen ook zijn bereikt). Daar waar sprake is van een significante afwijking wordt deze toegelicht (waarmee inzicht gegeven wordt in hoeverre (en/of) het initiële doel bereikt werd).

In de monitoring is een splitsing gemaakt tussen werkzaamheden uitgevoerd binnen onze gemeentelijke organisatie én werkzaamheden uitgevoerd door onze samenwerkingspartners. Bij de werkzaamheden uitgevoerd door de gemeentelijke organisatie is een splitsing gemaakt tussen twee kolommen: "Verwachte werkzaamheden" en "Gerealiseerd 2025". De kolom 'Verwachte werkzaamheden' komt uit het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025 en geeft een schatting van het aantal taken of controles dat in 2025 kunnen worden uitgevoerd. De kolom 'Gerealiseerd 2025' toont het daadwerkelijke aantal uitgevoerde taken in dat jaar. In de toelichting worden de daadwerkelijk uitgevoerde werkzaamheden in 2025 toegelicht, al dan niet in vergelijking met de geplande werkzaamheden uit het VTH-Omgevingsuitvoeringsprogramma 2025.

De door de samenwerkingspartners uitgevoerde werkzaamheden zijn opgenomen als toelichting al dan niet begeleid met tabellen en de absolute realisatie.

Tot slot, in bijlage 1 een overzicht van de uitgevoerde werkzaamheden van de VRBZO opgenomen. In bijlage 2 is de jaarrapportage van de Odzob opgenomen.

4.1. Gemeentelijke organisatie

Toezicht WKB

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Informatiemoment start bouw

100

85

Informatiemoment

bouw gereed

100

60

Startmelding

100

85

Gereedmelding

75

60

Totaal

375

290

Toelichting realisatie 2025

In 2025 zijn de eerste Wkb‑meldingen binnengekomen en opgepakt. Gedurende het jaar hebben we ervaring opgedaan met de nieuwe werkwijze, waardoor onze kennis en uitvoering is verbeterd.

Het aantal Wkb‑meldingen viel lager uit dan verwacht. Dit komt doordat veel bouwprojecten niet onder de Wkb vielen, met name verbouwingen, dakrenovaties en werkzaamheden in gevolgklasse 2 en 3. Voor deze projecten blijft een technische vergunningplicht gelden zonder kwaliteitsborger. Het toezicht ligt dan volledig bij de gemeente. Hierdoor zijn er meer controles op technische vergunningen uitgevoerd en minder Wkb‑meldingen ontvangen dan voorzien.

Beschikbare middelen

Voor programmatisch toezicht zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Toezicht Bouwen

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Controle op omgevingsvergunningen

20

84

Controle op Wkb-

meldingen

200

35

Toezicht op Bbl

90

85

Toezicht brandveiligheid

2

15

Toezicht bouwen zonder vergunning

30

50

Toezicht BAG

15

40

Toezicht WOZ

250

240

Totaal

607

549

Toelichting realisatie 2025

De verwachting was dat er 20 controles op omgevingsvergunningen zouden worden uitgevoerd in 2025, maar dit werden 84 controles. Dit komt voort uit het feit dat ingeschat was dat veel bouwprojecten onder de Wet kwaliteitsborging (Wkb) zouden vallen. In werkelijkheid vielen veel aanvragen, zoals verbouwingen, dakrenovaties en werkzaamheden in gevolgklasse 2 en 3, niet onder de Wkb, zoals reeds toegelicht. Hiervoor dient voor de hiervoor genoemde bouwwerkzaamheden wel altijd de ruimtelijke vergunning verleend te worden, net als bij Wkb‑projecten. Hieraan komt echter geen kwaliteitsborger te pas. Vanuit bouw- en woningtoezicht is hierop het volledige toezicht uitgevoerd, waardoor er veel meer controles nodig waren dan verwacht. Dit verklaart daarmee ook waarom de controles op Wkb meldingen lager is dan verwacht in 2025.

Beschikbare middelen

Voor programmatisch toezicht op bouwen zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Toezicht Ruimtelijke Ordening

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Controle op strijdig gebruik door bedrijven

10

14

Controle op bewoning in strijd met het Omgevingsplan

20

18

Controle op strijdig gebruik door particulieren

40

36

Controle op Bopa’s

40

3

Controle op Opa’s voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden zonder vergunning

8

15

Opa’s voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden

10

25

Klachtenafhandeling

30

35

Totaal

158

146

Toelichting realisatie 2025

De cijfers over 2025 laten zien dat de uitvoering van de toezichttaken binnen ruimtelijke ordening op meerdere punten afweek van de oorspronkelijke inschatting, al zijn de verschillen beperkt.

Met name bij de controles op BOPA’s en OPA’s zijn duidelijke verschillen zichtbaar. Voor BOPA’s werd vooraf uitgegaan van circa 40 controles, maar uiteindelijk zijn er slechts 3 uitgevoerd. Dit komt doordat in 2025 minder BOPA‑vergunningen zijn verleend dan verwacht. Tegelijkertijd zijn er wel 45 controles uitgevoerd op werkzaamheden waarvoor de vergunning nog onder de Wabo viel.

Bij OPA‑activiteiten deed zich juist de omgekeerde situatie voor: in plaats van de verwachte 10 controles zijn er 25 uitgevoerd. Dit is het gevolg van een wat hoger aantal aanvragen voor onder meer kapvergunningen, sloopwerkzaamheden en grondwerkzaamheden, die vergunningplichtig zijn en dus standaard gecontroleerd moeten worden.

Beschikbare middelen

Voor programmatisch toezicht op ruimtelijke ordening zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Toezicht Openbare Ruimte

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Behandeling klachten/meldingen

300

400

Controle afval/vuilnis (inclusief dumpingen)

60

50

Controle loslopende honden/Hondenpoep

15

10

Controle parkeren

300

320

Controle reclame

6

3

Controle evenementen

13

15

Controle overige APV/omgeving/overlast

20

25

Ondermijnende criminaliteit

35

25

Totaal

749

848

Toelichting realisatie 2025

In 2025 hebben de toezichthouders opnieuw een zichtbare en actieve rol gespeeld in de openbare ruimte. Inwoners rekenen op een gemeente die aanspreekbaar is en waar nodig ingrijpt om de leefbaarheid en veiligheid te waarborgen. Veel toezicht vindt plaats “op straat”, waarbij de toezichthouders dagelijks contact hebben met inwoners en meldingswaardige situaties snel kunnen signaleren.

Het grootste deel van de werkzaamheden bestond uit het afhandelen van klachten en meldingen, controles op verzoek om handhaving, toezicht bij evenementen, APV‑ en overlastsituaties, afval gerelateerde meldingen en de gezamenlijke acties met het Dommelstroom Interventieteam (DIT). De behandeling van klachten en meldingen vormde veruit de grootste categorie. Deze stijging lijkt vooral te komen doordat in 2025 meer situaties in de openbare ruimte meldingswaardig bleken én omdat het voor inwoners steeds eenvoudiger is geworden om meldingen in te dienen.

Gezien de brede taakstelling en de beschikbare capaciteit is het niet mogelijk om alle toezicht‑ en handhavingstaken gelijktijdig op te pakken. Daarom worden keuzes gemaakt. Via risicoanalyses zijn per thema de belangrijkste risico’s in beeld gebracht. Deze risico’s vormen de basis voor de bestuurlijke prioriteitstelling. In het VTH‑Beleidsplan is vervolgens vastgelegd welke thema’s voorrang krijgen binnen het beschikbare toezicht- en handhavingskader.

Beschikbare middelen

Voor programmatisch toezicht op de openbare ruimte zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Toezicht Alcoholwet

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Controle vergunning Alcoholwet

2

2

Controle inrichtingseisen Alcoholwet

3

2

Controle paracommercie

3

3

Controle schenken onder 18

6

8

Totaal

14

15

Toelichting realisatie 2025

In 2025 is toezicht gehouden op de naleving van de Alcoholwet, met als doel te waarborgen dat alcohol op een verantwoorde en juridisch correcte manier wordt verstrekt. Het toezicht richtte zich op vergunningen, inrichtingseisen, paracommercie en het voorkomen van alcoholverstrekking aan minderjarigen.

De gerealiseerde aantallen wijken slechts beperkt af van de verwachtingen. Met name bij de controles op het schenken aan jongeren onder de 18 jaar zijn enkele extra controles uitgevoerd. Dit past binnen de bredere inzet om risico’s voor jongeren zoveel mogelijk te beperken en naleving van de wet actief te stimuleren. De overige activiteiten zijn grotendeels conform planning uitgevoerd.

Beschikbare middelen

Voor programmatisch toezicht op de Alcoholwet zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Toezicht gezamenlijke vreemdelingenlocatie GVL en GVL-gerelateerd

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Totaal toezicht GVL

400

300

Toelichting realisatie 2025

In 2025 is wederom intensief toezicht gehouden op de Gezamenlijke Vreemdelingenlocatie (GVL), gezamenlijk en in afstemming met twee andere samenwerkingspartners. De toezichthouders waren dagelijks aanwezig in en rond de locatie, waarbij zij toezicht hielden op de leefomgeving, naleving van regels en de veiligheid op en rondom de GVL. Dit toezicht richtte zich zowel op de locatie zelf als op GVL‑gerelateerde situaties in de directe omgeving.

Voor 2025 werd uitgegaan van circa 400 controles. Uiteindelijk zijn er 300 controles uitgevoerd. Deze daling hangt vooral samen met een afname van het aantal incidenten en meldingswaardige situaties rondom de GVL. Hierdoor was minder inzet noodzakelijk dan vooraf voorzien.

Beschikbare middelen

Voor programmatisch toezicht op de GVL zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Handhaving industrieterreinen

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Op basis van projectplan: RO-capaciteit

0

0

Op basis van projectplan: juridische capaciteit

0

0

Totaal

0

0

Toelichting realisatie 2025

In 2025 is een start gemaakt met het project ‘Weerbare Bedrijventerreinen’. De feitelijke uitvoering en verdere implementatie vinden plaats in 2026. Binnen dit project wordt gebruikgemaakt van DOOK (Datavoorziening Onregelmatigheden Op de Kaart) als instrument voor datagedreven toezicht en signalering van mogelijke onregelmatigheden.

Omdat het project zich in 2025 voornamelijk in de voorbereidende en opstartfase bevond, zijn in dat jaar nog geen concrete projectactiviteiten uitgevoerd. Om die reden komen de betreffende cijfers uit op nul. Dit betekent echter niet dat er geen inzet is gepleegd. In 2025 zijn op bedrijventerreinen namelijk wel reguliere controles uitgevoerd alsook controles uitgevoerd door het Dommelstroom Interventie Team (DIT).

Beschikbare middelen

Voor deze vorm van handhaving zijn uren beschikbaar binnen de formatie VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH en overige middelen binnen bestaand budget.

Handhaving

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Aanschrijving/ waarschuwingsbrief/ dringend verzoek

35

131

Voornemen lod/lob

30

53

Besluit (afzien) lod/lob

30

37

Intrekking besluit

3

3

Voornemen afwijzen handhavingsverzoek

10

19

Besluit afwijzen handhavingsverzoek (of niet-ontvankelijk)

10

18

Voornemen tot invordering

8

12

Invorderingsbesluit/ besluit tot afzien van invordering

8

25

Aanmaning

5

7

Bezwaar (incl. beslissing op bezwaar)

12

11

Voorlopige voorziening

5

0

Beroep

6

1

Hoger beroep

3

0

Damocles voornemen LOB

6

6

Damocles besluit LOB

6

8

Damocles bezwaar

5

1

Damocles voorlopige voorziening

3

0

Damocles beroep

3

0

Damocles hoger beroep

1

0

Woo-verzoeken

5

14

Voornemen (afwijzen) verlengen/opschorten termijn

 

7*

Besluit (afwijzen) verlengen/opschorten termijn

 

21*

Totaal

194

374**

* Categorie is niet opgenomen in het VTH-Uitvoeringsprogramma 2025. Dit zal meegenomen worden in het VTH-Uitvoeringsprogramma 2026.

** Gesprekken die worden gevoerd met inwoners op het gemeentehuis, interne én externe overleggen, telefoongesprekken, informatieverzoeken, aanwijzingsbesluiten en overige (administratieve) werkzaamheden zijn niet opgenomen in dit overzicht, maar nemen wel de nodige uren in beslag.

Toelichting realisatie 2025

Handhavingstrajecten worden opgestart naar aanleiding van handhavingsverzoeken, klachten en meldingen. In 2025 zijn 12 handhavingsverzoeken ingediend. Handhavingsverzoeken, Woo-verzoeken en Damocleszaken moeten wettelijk gezien altijd in behandeling worden genomen. Na ontvangst van een melding of verzoek wordt een controle uitgevoerd om vast te stellen of sprake is van een overtreding. Indien dat het geval is, start het handhavingstraject doorgaans met een waarschuwingsbrief. Wanneer de overtreding niet wordt beëindigd, kan dit leiden tot een voornemen last onder dwangsom of bestuursdwang en vervolgens een besluit tot het opleggen van een last onder dwangsom of bestuursdwang. Wanneer een opgelegde last niet (tijdig) wordt nageleefd, verbeurt de overtreder van rechtswege een dwangsom. In dat geval moet een afzonderlijk invorderingstraject worden gestart.

Het aantal juridische procedures is vooraf moeilijk in te schatten. In 2025 is met name een sterke stijging zichtbaar bij waarschuwingsbrieven en (voornemens tot) lasten onder dwangsom. Dit hangt samen met de projectmatige aanpak van permanente bewoning op vakantieparken. In dat kader zijn circa 70 waarschuwingsbrieven en 10 voornemens last onder dwangsom verzonden. Hierdoor valt de realisatie hoger uit dan vooraf verwacht.

Daarnaast is het aantal invorderingsbesluiten toegenomen. Dit is een logisch gevolg van het hogere aantal opgelegde lasten onder dwangsom. Wanneer een dwangsom wordt verbeurd, moet een (voorgenomen) invorderingsbesluit worden genomen of expliciet worden besloten om van invordering af te zien. De stijging aan de voorkant van het handhavingstraject werkt daarmee door in de daaropvolgende juridische stappen. Een deel van de toename is bovendien het gevolg van trajecten die in 2024 zijn opgestart, waarbij het invorderingsbesluit pas in 2025 is genomen.

Ook het aantal Woo-verzoeken ligt hoger dan geraamd. De raming was gebaseerd op 2024 (8 verzoeken), terwijl in 2025 sprake is van een duidelijke stijging. Het aantal Woo-verzoeken is vooraf lastig te voorspellen, omdat dit afhankelijk is van de informatiebehoefte en de daadwerkelijke verzoeken van de personen die een beroep doen op de Woo.

Vanuit het Dommelstroom Interventieteam (DIT) worden jaarlijks vier actieweken georganiseerd. In 2025 hebben wij aan alle vier de actieweken deelgenomen. Daarbij zijn de volgende thema’s aan bod gekomen: buitengebied, bewoning door arbeidsmigranten, bedrijventerreinen en kwetsbare branches.

De handhavingstaken zijn uitgevoerd conform de prioritering van het VTH-beleidsplan 2024–2027.

Beschikbare middelen

Uren binnen de formatie van VTH en beperkt budget voor inhuur.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH en overige middelen binnen bestaand budget.

Vergunningverlening

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Balieafspraken + informatieverzoeken

275

250

Idee verkennen

20

69

Omgevingsvergunning technische toets

40

43

Omgevingsvergunning Opa

100

98

Omgevingsvergunning Bopa

38

26

Omgevingsvergunning overige activiteiten

22

27

Mer-procedure

0

0

Intrekkingen

3

2

Opleggen maatwerkvoorschriften

5

0

Woo-verzoek

6

5

Adviesverzoeken

10

6

Verwerken gegevens Odzob

420

322

Totaal

939

848

Toelichting realisatie 2025

De Omgevingswet is in 2024 in werking getreden. Onze vergunningverleners zijn inmiddels volledig ingewerkt in de nieuwe wetgeving.

Een vijftal besluiten is nog genomen op basis van de Wabo en hebben we daarom volgens de oude werkwijze behandeld.

Soms ontvangen we voor één adres meerdere vergunningaanvragen. Dit komt doordat initiatiefnemers onder de Omgevingswet kunnen kiezen om activiteiten in losse aanvragen op te knippen. Ook gebeurt het dat meerdere activiteiten in één aanvraag zijn opgenomen, bijvoorbeeld een omgevingsplanactiviteit in combinatie met een technische bouwactiviteit.

De vergunningverleners beoordelen iedere aanvraag op basis van de gegevens die initiatiefnemers aanleveren. In de praktijk moet vaak om aanvullende informatie of aangepaste plannen worden gevraagd, omdat aanvragen regelmatig onvolledig of onjuist blijken te zijn.

Ook zijn meer vergunningen aangevraagd welke in het verleden vaker als bestemmingsplanwijziging aangevraagd zouden zijn. Deze systematiek is gewijzigd onder de Omgevingswet, waardoor er nu met een vergunning meer mogelijk is dan voorheen. Dit zorgt voor een hogere werkdruk en meer complexe vergunningaanvragen.

Landelijk is er een tekort aan vergunningverleners. Daarom is deelgenomen aan het traject Ruimte voor Groei waarin Brabantse gemeenten zij-instromers de mogelijkheid bieden om met een gedegen opleiding en begeleiding in te stromen in het vak van vergunningverlener/bouwplantoetser. Dit traject is met een eerste succes afgerond eind 2025. Er is een zij-instromer als vergunningverlener aan de slag gegaan.

We hechten daarnaast een groot belang aan goede dienstverlening. Daarom is er ingezet op snel en op een laagdrempelige wijze vragen te beantwoorden en kunnen initiatiefnemer een ‘idee verkennen’ indienen.

Beschikbare middelen

Uren binnen de formatie van VTH en beperkt budget voor inhuur.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH en overige middelen binnen bestaand budget.

Juridische capaciteit vergunningen

Activiteit

Verwachte werkzaamheden

Gerealiseerd 2025

Bezwaar vergunning

25

19

Voorlopige voorziening vergunning

5

0

Beroep vergunning rechtstreeks

5

0

Beroep vergunning na bezwaar

10

1

Hoger beroep vergunning

5

1

Woo-verzoeken

5

1

Totaal

55

22

Toelichting realisatie 2025

In 2025 is het aantal juridische procedures op het gebied van vergunningverlening lager uitgevallen dan eerder werd verwacht. Hoewel bij de komst van de Omgevingswet in 2024 werd uitgegaan van een toename aan procedures — onder meer vanwege de grote piek aan aanvragen die nog in december 2023 onder de Wabo zijn ingediend — is die stijging uitgebleven.

Het aantal bezwaarschriften ligt redelijk in lijn met de prognose, maar vooral het aantal beroepsprocedures is opvallend laag gebleven. Deze ontwikkeling ligt in lijn met de positieve ontwikkeling dat de kwaliteit van de besluitvorming, zowel in primo als bij beslissingen op bezwaar, verbeterd is. Hierdoor zetten minder belanghebbenden de stap naar de rechtbank. De bredere trend van de afgelopen jaren waarin het aantal voorlopige voorzieningen structureel afneemt zet ook door.

Tegelijkertijd is de praktijk niet per se minder arbeidsintensief. Procedures die wél worden gevoerd, blijken omvangrijker en duren langer. Dit heeft vooral te maken met de langere doorlooptijden bij de rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak. Daardoor blijven oudere zaken langer in behandeling en blijft de juridische inzet ondanks het lagere aantal nieuwe procedures substantieel.

Beschikbare middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

Bestede middelen

Uren binnen de formatie van VTH.

4.2. Samenwerkingspartners

Brandveiligheid (VRBZO)

Activiteit

Gerealiseerd 2025

Reguliere controles

7

Interventiecontroles

10

Evenementencontroles

4

Vragen/klachten

9

Totaal

30

Toelichting realisatie 2025

In 2025 stond het toezicht binnen de VRBZO onder druk door aanzienlijke personele wisselingen. In de loop van het jaar zijn meerdere ervaren toezichthouders uitgestroomd, voornamelijk wegens pensionering, terwijl tegelijkertijd nieuwe medewerkers zijn ingestroomd die nog in opleiding zijn. Door deze combinatie van vertrek, instroom en ziekte‑uitval was slechts een deel van de totale formatie daadwerkelijk inzetbaar voor toezichtstaken.

Ondanks deze beperkte capaciteit is het toezicht evenwichtig verdeeld over de aangesloten gemeenten en zijn voor de gemeente de reguliere controles, interventiecontroles, evenementencontroles en meldingen/klachten conform de weergegeven tabel uitgevoerd. Tegelijkertijd heeft een deel van de beschikbare tijd moeten worden ingezet voor het begeleiden en inwerken van nieuwe medewerkers. Hiervoor is een meerjarig inwerk‑ en opleidingstraject opgezet, waarbij ervaren toezichthouders een belangrijke rol hebben gespeeld. Dit waarborgde de continuïteit en kwaliteit van het toezicht, al ging dit ten koste van een deel van de productieve inzet.

Hoewel de omstandigheden uitdagend waren, is het toezicht in 2025 op een verantwoord en stabiel niveau uitgevoerd. 

Beschikbare middelen

Voor de controles door de VRBZO is in de begroting budget opgenomen.

Constructieve veiligheid (marktpartij constructeur)

Toelichting realisatie 2025

De constructieve veiligheid vormt een vast onderdeel van zowel de vergunningverlening, toezicht als handhaving binnen de gemeente Cranendonck.

Conform het VTH‑Uitvoeringsprogramma 2025 wordt voor de constructieve beoordeling op papier gebruikgemaakt van externe deskundigen. Bij iedere aanvraag voor een technische bouwactiviteit wordt de constructieve toets uitgevoerd door een constructeur, tenzij het een activiteit betreft die geen invloed heeft op de constructieve veiligheid (zoals bepaalde brandcompartimenteringsmaatregelen of interne aanpassingen die geen constructieve elementen raken). Hiermee is geborgd dat alle bouwplannen die mogelijk gevolgen hebben voor de draagconstructie op een deskundige en uniforme wijze worden beoordeeld.

De constructieve beoordeling in het werk wordt uitgevoerd door de bouwtoezichthouders. Tijdens reguliere bouwcontroles wordt standaard aandacht besteed aan constructieve aspecten, zoals fundering, draagconstructies, hoofd- en nevensteunpunten en bouwkundige detaillering.

Dit gebeurt geïntegreerd in de reguliere toezichttaak; hierdoor komen de werkzaamheden niet als afzonderlijke categorie in de tabellen terug, maar zijn zij wel structureel uitgevoerd.

In handhavingstrajecten is constructieve veiligheid eveneens een onderliggend aandachtspunt. Wanneer toezichtsignalen of meldingen betrekking hebben op potentieel constructieve risico’s — zoals illegale verbouwingen, onvergunde dragende wijzigingen of verzakkingen — wordt altijd een inhoudelijke constructieve beoordeling betrokken, al dan niet via externe expertise. Constructieve overtredingen worden vanwege hun risicokarakter met prioriteit opgepakt, conform de risico‑gerichte systematiek uit het VTH‑Beleidsplan.

Door deze integrale aanpak wordt binnen alle onderdelen van de VTH‑keten – vergunningverlening, toezicht en handhaving – structureel voldaan aan de landelijke kwaliteitseisen op het gebied van constructieve veiligheid. De uitvoering in 2025 sluit daarmee volledig aan op de afspraken zoals opgenomen in het VTH‑Uitvoeringsprogramma 2025, waarin is bepaald dat Cranendonck de expertise voor constructieve veiligheid borgt via externe toetsing, toezicht door bouwinspecteurs en functiescheiding tussen vergunningverlening en toezicht. Hiermee is de kwaliteit, deskundigheid en continuïteit van de constructieve veiligheidsbeoordeling in 2025 op verantwoorde wijze gewaarborgd.

Milieu – vergunningverlening Ow (Odzob)

Categorie

Werkvoorraad 01-01-2025

Gestart

Gesloten

Werkvoorraad 31-12-2025

Besluiten

Industrieel vergunningverlening

3

32

26

9

1

Agrarisch vergunningverlening

7

9

9

7

2

Asbest

 

135

132

3

 

Grondwater

 

10

10

0

 

Bouwen

32

52

81

3

20

Juridisch

1

 

1

0

 

Bodem

3

207

196

14

 

Totaal

43

238

259

22

23

Toelichting realisatie 2025

In 2025 heeft de Odzob voor de gemeente Cranendonck vergunningverlening uitgevoerd op de domeinen industrie, agrarisch, asbest, bodem en bouwen. Voor industriële bedrijven zijn milieuvergunningen en meldingen beoordeeld op onder meer luchtkwaliteit, geluid, externe veiligheid, bodem, geur en duurzaamheid. Hierbij is ingezet op zorgvuldige toetsing en afstemming met specialistische partners waar nodig.

Binnen de agrarische sector zijn vergunningen, meldingen en intrekkingsverzoeken behandeld conform de geldende milieuwetgeving. Intrekkingsverzoeken in het kader van de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) zijn met prioriteit opgepakt.

Stikstofvraagstukken bleven een belangrijk aandachtspunt, waarbij aanvragen alleen konden worden behandeld wanneer er voldoende juridische en ecologische beoordelingsruimte was.

Op het gebied van asbest zijn sloopmeldingen beoordeeld, is informatie verstrekt aan inwoners en bedrijven en zijn risicovolle bedrijven gevolgd via een regionaal dashboard. Dit dashboard ondersteunt een risicogerichte aanpak en samenwerking met ketenpartners.

Binnen het bodemdomein zijn meldingen, saneringen en lozingsvraagstukken behandeld. Ook is deelgenomen aan een regionale pilot gericht op betere afstemming rondom grondwateronttrekking en lozingen.

Daarnaast verzorgde de Odzob specialistische vergunningverlening voor bouwen, kappen, aanleg en overige planactiviteiten, ondersteund door expertise op onder meer constructieve veiligheid, brandveiligheid en het Bbl.

Beschikbare middelen

Binnen de formatie van VTH zijn uren opgenomen voor de taken van de Odzob.

Milieu – vergunningverlening Wabo (Odzob)

Categorie

Werkvoorraad 01-01- 2025

Gesloten

Besluiten

Industrieel vergunningverlening

1

1

 

Agrarisch vergunningverlening

4

1

 

Juridisch

1

 
 

Totaal

6

2

 

Toelichting realisatie 2025

In 2025 heeft de Odzob voor de gemeente Cranendonck gewerkt aan het afronden van nog lopende vergunningaanvragen die vóór 1 januari 2024 zijn ingediend onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Dit betreft dossiers binnen verschillende vakgebieden, waaronder milieu, agrarisch, bouwen en bodem. Deze aanvragen blijven onder het oude wettelijke regime vallen en worden daarom afzonderlijk bijgehouden, omdat zij niet op dezelfde wijze uit de reguliere dashboards en rapportages kunnen worden gefilterd als vergunningen onder de Omgevingswet.

De complexiteit van deze Wabo‑zaken is vaak hoger, onder meer door zienswijzen, samenloop met bestemmingsplanprocedures en stikstofvraagstukken. Hierdoor kennen deze dossiers regelmatig langere doorlooptijden. In 2025 is gericht ingezet op het zorgvuldig afhandelen van deze resterende aanvragen, waarbij de nadruk lag op dossiers waarin wel beoordelingsruimte aanwezig was, zoals aanvragen met beperkte milieubelasting of duidelijke emissiereductie.

Het aantal openstaande Wabo‑zaken neemt jaarlijks af, omdat er geen nieuwe aanvragen meer binnenkomen. De inzet op dit taakveld wordt daarom geleidelijk kleiner en zal de komende jaren verder aflopen totdat alle resterende zaken zijn afgerond.

Beschikbare middelen

Binnen de formatie van VTH zijn uren opgenomen voor de taken van de Odzob.

Milieu – toezicht (Odzob)

Categorie

Activiteit

Gerealiseerd 2025

Agrarisch

Totaal

14

 

Controle uitvoeren (repressief), milieu en bodem

1

 

Hercontrole MBA basis

5

 

Milieutoezicht mba basis

8

Bodem toezicht

Totaal

10

 

Toezicht graven

6

 

Toezicht saneren

1

 

Toezicht toepassen van bouwstoffen, grond of baggerspecie (op landbodem)

1

 

Toezicht toevalsvondst, ongewone voorvallen en zorgplicht (bruidsschat)

2

Industrieel toezicht

Totaal

41

 

Hercontrole MBA basis

4

 

Milieutoezicht mba basis

37

Asbest

Totaal

34

 

Sloopactiviteit verwijdering asbest

34

Grondwater

Totaal

2

 

Toezicht gesloten bodemenergiesystemen (GBES)

2

Totaal

 

101

 
 

Toelichting realisatie 2025

In 2025 heeft de Odzob namens de gemeente Cranendonck toezicht uitgevoerd binnen de agrarische, industriële, bodem-, asbest- en grondwaterdomeinen. In het agrarisch toezicht lag de nadruk op een risicogerichte aanpak. Ondernemers werden eerst administratief aangeschreven, waarna bij onvoldoende reactie fysieke controles volgden. Verder is toezicht gehouden op buitengaats uitgevoerde activiteiten zoals mestopslag, lozingen en afvalstromen. In de glastuinbouw is gecontroleerd op lichtuitstoot, lozingen en energiebesparing, waarbij het naleefgedrag overwegend goed was.

Binnen het industriële toezicht zijn bedrijven bezocht op basis van risico’s en thema’s uit het Regionaal Operationeel Kader Milieutoezicht en Handhaving. Aandachtsbedrijven zijn periodiek gecontroleerd, net als bedrijven binnen projecten gericht op veiligheid, gezondheid, afvalstromen en naleving van milieuregels. Misstanden in de afvalbranche en afwijkingen bij emissies van Zeer Zorgwekkende Stoffen zijn daarbij geadresseerd. Ook is deelgenomen aan verschillende interventieteams.

Op bodemgebied is toezicht gehouden op saneringen, grondverzet en werkzaamheden onder de Omgevingswet. Hierbij is intensief samengewerkt met ketenpartners vanwege actuele bodemvraagstukken zoals PFAS en bouwstoffen. In het asbesttoezicht zijn saneringen en incidenten gecontroleerd en is extra aandacht besteed aan onjuiste meldingen en onzorgvuldige werkwijzen.

Voor grondwater zijn controles uitgevoerd op gesloten bodemenergiesystemen; hierbij zijn geen overtredingen vastgesteld.

Beschikbare middelen

Binnen de formatie van VTH zijn uren opgenomen voor de taken van de Odzob.

Milieu – handhaving (Odzob)

Categorie

Activiteit

Gestart

Gesloten

Controles

Besluiten

Handhaving

Totaal

4

4

2

 
 

Controle uitvoeren (repressief), milieu en bodem

2

2

2

 
 

Strafrecht ten uitvoer brengen Omgevingswet, milieu en bodem

2

2

 
 

Juridisch

Totaal

4

8

 

1

 

Voornemen handhavingsbesluit nemen Omgevingswet, milieu en bodem

2

1

 
 
 

Handhavingsbesluit nemen Omgevingswet, milieu en bodem

1

 
 
 
 

Juridische advisering hh

1

 
 
 
 

Bezwaar behandelen hh Omgevingswet (Wabo, Wbb)

 

1

 

1

 

Handhavingsverzoek behandelen Omgevingswet (Wabo, Wbb)

 

4

 
 
 

Opstellen besluit bestuursrechtelijk handhaven Omgevingswet (Wabo, Wbb)

 

2

 
 

Totaal

 

8

12

2

1

Toelichting realisatie 2025

In 2025 heeft de Odzob belangrijke stappen gezet in de verdere professionalisering van handhaving. Er is een duidelijke functiescheiding ingevoerd tussen toezicht en handhaving: toezichthouders richten zich op signaleren en programmatische controles, terwijl het handhavingsteam de zaken overneemt waarin feitelijk moet worden opgetreden. Hierdoor wordt uitvoering gegeven aan een meer gestructureerde inrichting van het handhavingstraject.

De samenwerking met politie, waterschappen en andere inspectiediensten is geïntensiveerd, wat heeft geleid tot beter afgestemde interventies en een hogere kwaliteit van dossiers. De uitbreiding naar vijf boa’s heeft de strafrechtelijke inzet versterkt. Deze boa’s ondersteunen onder meer bij complexe milieuovertredingen, waarbij — afhankelijk van ernst en intentie — zowel bestuursrechtelijke als strafrechtelijke maatregelen kunnen worden ingezet.

Binnen de afvalbranche zijn in 2025 meerdere handhavingstrajecten succesvol afgerond. Dit heeft merkbaar geleid tot verbeterd naleefgedrag en meer bereidheid bij bedrijven om activiteiten conform wet- en regelgeving uit te voeren. Onder de Omgevingswet wordt bovendien vaker gebruikgemaakt van zorgplichten als juridisch aanknopingspunt om op te treden wanneer normen ontbreken of situaties dreigen te escaleren.

Daarnaast speelde de Odzob een actieve rol in de landelijke ontwikkeling van het VTH‑stelsel, onder meer binnen het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH‑stelsel. Hiermee wordt een toekomstbestendige, gezamenlijke aanpak van bestuurlijke én strafrechtelijke handhaving verder opgebouwd.

Beschikbare middelen

Binnen de formatie van VTH zijn uren opgenomen voor de taken van de Odzob.

Cultuurhistorie, cultureel erfgoed en archeologie (gemeente i.s.m. Odzob)

Toelichting realisatie 2025

De deskundigheid op het gebied van ‘Cultuurhistorie’, ‘Cultureel erfgoed’ en “Archeologie” is zowel intern, als bij de Odzob belegd. Verzoektaken zoals deze door de Odzob worden uitgevoerd, betroffen in 2025 voornamelijk het beoordelen van archeologische onderzoeken (al dan niet t.b.v. initiatieven). Ook zorgde de Odzob voor ondersteuning op procesmatig vlak, zoals het begeleiden in het traject tot het aanwijzen van meerdere monumenten, en borgde de Odzob dat de erfgoedkaart actueel is.

Om ook intern de beschikking te hebben over deskundigheid op het gebied van cultureel erfgoed is per oktober 2023 een medewerker cultuurhistorie aangetrokken. Dit zorgt voor een wisselwerking en werkt als verbindende factor tussen de Odzob en de gemeentelijke organisatie. De Odzob is, evenals de medewerker cultuurhistorie, gemandateerd tot het houden van toezicht ten aanzien van voorgaand.

In oktober 2025 is het erfgoedbeleid 2025-2035 vastgesteld. In dit beleid zijn nieuwe kaders voor vergunningverlening voor bescherming en instandhouding van cultureel erfgoed omschreven. De kaders zijn opgesteld in nieuwe regels die geïmplementeerd gaan worden in het Omgevingsplan.

Uit een inventarisatie naar cultuurhistorisch waardevol bebouwd erfgoed in Cranendonck zijn in totaal 370 panden gewaardeerd als cultuurhistorisch waardevol. Een groot deel was na invoering van de Omgevingswet echter nog niet op voldoende schaal beschermd tegen ongewenste sloop of grootschalige renovatie. In 2025 is daarom een ontwerp TAM-plan ter inzage gelegd, waarbij de nog niet beschermde beeldbepalende, dan wel monumentwaardige panden, een sloopbeperking wordt opgelegd. In 2026 zal dit plan na vastlegging door de gemeenteraad in werking treden. Op deze wijze voldoet de gemeente aan haar zorgplicht voor bescherming en borging van haar cultureel erfgoed.

In 2025 zijn tevens diverse voorbereidingen getroffen om de uitvoering van het erfgoedbeleid in 2026 te versterken. Zo is in 2025 besloten om de capaciteit voor de medewerker cultureel erfgoed structureel uit te breiden vanaf 2026. Daarnaast is voor de komende zes jaar – tot de inwerkingtreding van het definitieve Omgevingsplan – extra inzet gereserveerd voor erfgoedgerelateerde projecten. Deze inzet wordt gebruikt voor onder meer het actualiseren van de verouderde welstandsnota en -kaart, het opstellen van een kerkenvisie, het herzien van de archeologiekaart en het implementeren van erfgoedregels in het Omgevingsplan.

Ook is in 2025 het voornemen uitgewerkt om een toezichthouder cultureel erfgoed aan te stellen. De beoogde werving heeft in 2025 nog niet geleid tot vervulling van de functie. Mogelijk wordt dit in 2026 alsnog gerealiseerd door in te zetten op regionale samenwerking. Voor deze ontwikkeling wordt aansluiting gezocht bij het Rijksprogramma Erfgoed en Overheid.

Met deze voorbereidingen is in 2025 de basis gelegd om in 2026 daadwerkelijk uitvoering te kunnen geven aan het ambitieuze erfgoedbeleid en het daaruit voortvloeiende erfgoedprogramma.

Met het oog op 2025 wordt ten aanzien van cultureel erfgoed geconcludeerd er sprake was een verbetering en borging.

Beschikbare middelen 2025

0,4 Fte voor medewerker cultureel erfgoed en aanvullend incidenteel werk voor ODZOB.

Buurtbemiddeling (Lumens)

Gepland voor 2025

De buurtbemiddeling wordt uitgevoerd door de welzijnsorganisatie Lumens. Casussen die in 2024 niet zijn afgerond, worden in 2025 verder opgepakt.

Beschikbare middelen

Budget voor uitbesteding taken Lumens.

Toelichting realisatie 2025

Er zijn in 2025 in totaal 38 meldingen binnengekomen bij buurtbemiddeling Cranendonck, waarvan 2 meldingen nog in behandeling zijn. Van de 38 meldingen zijn er 12 geslaagd, 9 aanmeldingen waren niet bemiddelbaar. 6 inwoners pakte de situatie na aanmelding zelf weer op en 2 aanmeldingen waren niet geschikt voor buurtbemiddeling en zijn terug gemeld aan de verwijzer. 7 meldingen waren alleen consultaties/adviesvragen.

Bestede middelen

Voor de taken door Lumens is in de begroting budget opgenomen.

5. Conclusie

In 2025 heeft de gemeente Cranendonck opnieuw op een zorgvuldige en professionele wijze uitvoering gegeven aan de VTH taken. Ondanks verschillende ontwikkelingen binnen het werkveld is het gelukt om de kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving op peil te houden en op onderdelen verder te versterken.

De nieuwe landelijke kwaliteitscriteria zijn dit jaar van toepassing geworden. Doordat Cranendonck zowel intern als via samenwerking met de A2 gemeenten, de Odzob, de ODBN en de VRBZO beschikt over de vereiste deskundigheid, wordt volledig aan deze criteria voldaan.

De effecten van de Wkb voor het bouwen waren in 2025 merkbaar, al vielen veel bouwactiviteiten in de praktijk nog buiten de reikwijdte van de wet. Hierdoor bleven de aantallen Wkb meldingen achter bij de verwachting, terwijl het aantal vergunningen juist hoger lag dan voorzien.

Het toezicht binnen de openbare ruimte kende een lichte stijging, vooral door een hoger aantal meldingen van inwoners. De afname van incidenten rondom de GVL-locatie heeft geleid tot minder toezichturen op dat dossier dan voorzien. Tegelijkertijd is de algehele toezichtlast door een hogere inzet op handhaving en een actieve rol in de leefbaarheidstaakstelling duidelijk merkbaar geweest. Bij handhaving is sprake van een forse toename, met name door de projectmatige aanpak van permanente bewoning op recreatieparken en door een stijging van Woo verzoeken. Deze intensivering leidde logischerwijs tot meer (voorgenomen) lasten, invorderingsbesluiten en administratieve werkzaamheden.

Binnen de vergunningverlening is sprake van een stabiele uitvoering. Procedures worden in toenemende mate complexer, maar het aantal juridische procedures is juist gedaald. Dit is een positieve ontwikkeling die samenhangt met de verdere professionalisering van de besluitvorming én het effectiever toepassen van de beoordelingsruimte onder de Omgevingswet. Hoewel beroepsprocedures langer duren door vertragingen binnen de rechtspraak, blijven de aantallen beperkt en goed beheersbaar. In de komende jaren wordt een verdere toename van vergunningaanvragen verwacht, mede door de ruimere mogelijkheden binnen de Omgevingswet.

In 2025 heeft de Odzob voor Cranendonck op consistente wijze uitvoering gegeven aan vergunningverlening, toezicht en handhaving. Daarbij is gewerkt volgens een risicogerichte aanpak, met aandacht voor agrarische en industriële milieutaken, bodem- en asbestdossiers en specialistische beoordeling binnen bouwactiviteiten. De afronding van resterende Wabo zaken vorderde gestaag. In toezicht zijn meerdere naleefissues vroegtijdig gesignaleerd en opgelost, terwijl in handhaving een professionaliseringsslag is gemaakt door sterkere samenwerking met ketenpartners en inzet van boa’s. Hiermee heeft de Odzob aantoonbaar bijgedragen aan een veilige en zorgvuldige fysieke leefomgeving.

De VRBZO heeft, ondanks krappe capaciteit door uitstroom en ziekte, de noodzakelijke brandveiligheidstaken uitgevoerd. De ondergrens van toezicht is gehaald en de stabiliteit blijft daarmee geborgd. Buurtbemiddeling is in 2025 weer volledig actief geweest en toont een duidelijke meerwaarde in het vroegtijdig oplossen van woon- en leefbaarheidsconflicten.

Op het gebied van cultureel erfgoed zijn grote stappen gezet: het erfgoedbeleid is vastgesteld, de erfgoedkaart is geactualiseerd en een ontwerp TAM plan is ter inzage gelegd, waarmee bescherming van waardevol erfgoed beter is geborgd.

Al met al kan worden geconcludeerd dat 2025 een jaar was van consolideren én doorontwikkelen. De organisatie heeft adequaat gereageerd op nieuwe wettelijke kaders, verschuivende toezichtslasten en toenemende complexiteit binnen vergunningverlening en handhaving. Ondanks incidentele capaciteitsdruk is de uitvoering van de VTH taken op een kwalitatief verantwoorde manier gerealiseerd. Daarmee blijft Cranendonck goed voorbereid op de verdere doorontwikkeling van het VTH domein in 2026. Er zijn dan ook geen redenen tot aanpassing van het, eerder vastgestelde en vigerende, VTH-Beleidsplan 2024-2027.

Ondertekening

Bijlage 1 – Uitgevoerde werkzaamheden VRBZO

Marienburght Zorgcentrum

Budel

Graafschap Hornelaan

4

 

Cranenbroek

Budel

Ant. Fokkerstraat

33

 

Marishof

Maarheeze

't Hagelkruis

2

a

Zuiderpoort

Budel

Sportlaan

14

 

Woonzorgcomplex Romeinsestr

Budel

Romeinsestraat

14

 

Stichting woCom Os Thoes

Budel

Graafschap Hornelaan

54

 

Huize Te Gaste

Gastel

Grensweg

30

a

Cranenbroek afhaalmagazijn 2

Budel

De Kempen

15

d