Beleidsregel dwangsommen en bestuurlijke boetes Moerdijk 2026

Geldend van 07-05-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel dwangsommen en bestuurlijke boetes Moerdijk 2026

Het college van burgemeester en wethouders, in zijn vergadering van 31 maart 2026 alsmede de burgemeester, zulks ieder voor zover het hun eigen bevoegdheid betreft;

overwegende dat,

  • de aan hen toegekende wettelijke bevoegdheden en taken om al dan niet handhavend op te treden tegen overtredingen van wet- en regelgeving gebaat is bij rechtszekerheid en rechtsgelijkheid;

  • deze beleidsregel voor de hierin genoemde overtredingen bepaalt welke dwangsomhoogten en hoogten voor bestuurlijke boetes zij hanteren in handhavingszaken

gelet op de relevante wettelijke grondslagen van onder andere:

  • de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

  • artikel 125 Gemeentewet;

  • Hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht, in het bijzonder Titels 4.4. Bestuursrechtelijke geldschulden, 5.3 Herstelsancties en 5.4 bestuurlijke boete;

  • Overige specifieke bij of krachtens wet gestelde en opgedragen handhavende taken en bevoegdheden van het college van burgemeester en wethouders en/of de burgemeester;

Alsmede

  • De uitvoerings- en handhavingsstrategie Moerdijk 2024-2027

  • de uitgangspunten van de Landelijke Handhavingsstrategie omgevingsrecht (LHSO), behoudens de hierna in deze beleidsregel gestelde uitzonderingen en/of aanvullingen;

b e s l u i t

vast te stellen de volgende beleidsregel:

Beleidsregel dwangsommen en bestuurlijke boetes Moerdijk 2026

Hoofdstuk 1. Algemeen

Paragraaf 1.1 Algemeen

Artikel 1:1 Begrippen en definities

In het kader van deze beleidsregel en bijlagen, wordt onder de volgende begrippen en definities verstaan:

  • a)

    Burgemeester: de burgemeester van de gemeente Moerdijk

  • b)

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk

  • c)

    Gemeente: de gemeente Moerdijk;

  • d)

    Omgevingsdienst: het Openbaar Lichaam Omgevingsdienst Midden-en West-Brabant, bedoeld in artikel 2, van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant;

Artikel 1:2 Toepassingsbereik en algemene voorwaarden

Voor het opleggen van een last onder dwangsom of bestuurlijke boete gelden de volgende algemene voorwaarden:

  • 1)

    De prioritering van (soorten) overtredingen wordt bepaald in uitvoerings- en handhavingsstrategie Moerdijk 2024-2027. Deze voorliggende beleidsregel is een verdere uitwerking van de genoemde uitvoerings- en handhavingsstrategie;

  • 2)

    Het college en de burgemeester houden bij de uitvoering van hun handhavingstaken, waar mogelijk rekening met de inhoud van deze beleidsregel;

  • 3)

    De in deze beleidsregel gegeven dwangsomhoogtes en hoogtes van bestuurlijke boetes, modaliteiten en begunstigingstermijnen zijn slechts indicatief. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend door derden. Afwijking per individuele situatie is altijd mogelijk en afhankelijk van de specifieke feiten, omstandigheden en belangenafweging van dat specifieke geval;

  • 4)

    De in deze beleidsregel genoemde voorbeelden, waaronder de in bijlage I en II opgenomen tabellen, zijn niet uitputtend. Voor zover bepaalde overtredingen en/of wettelijke grondslagen niet expliciet zijn genoemd, worden de hoogtes van dwangsommen (en waar van toepassing bestuurlijke boetes), de modaliteiten en begunstigingstermijnen bepaalt naar redelijkheid en de specifieke feiten, omstandigheden en belangen van een situatie;

  • 5)

    Deze beleidsregel is niet van toepassing op de volgende taakvelden of situaties:

    • a.

      Handhaving van de (directe) Openbare orde;

    • b.

      Bestuursrechtelijke strafbeschikkingen;

    • c.

      Handhaving Opiumwet, behoudens voor zover in de Algemene plaatselijke verordening aanvullende regels voor het voorkomen van drugsoverlast zijn opgenomen;

    • d.

      Illegale vuurwerkopslag of bezit;

    • e.

      Wet Kinderopvang

    • f.

      ISPS/Havenbeveiligingswet;

  • 6)

    Voor de lengte van begunstigingstermijnen en hoogte van dwangsommen voor milieuovertredingen gelden primair de voorwaarden en uitgangspunten voor milieuovertredingen, zoals neergelegd in de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht en daar bijbehorende leidraad dwangsombedragen en begunstigingstermijnen (laatste versie);

Hoofdstuk 2. Dwangsommen

Paragraaf 2. Dwangsommen algemeen

Artikel 2:1Uitgangspunten last onder dwangsom

  • 1) De in bijlage I bij deze beleidsregel opgenomen tabellen geven de vooraf bepaalde dwangsomhoogten, modaliteiten (=vormen) en begunstigingstermijnen bij veel voorkomende overtredingen weer;

  • 2) De gehanteerde dwangsomhoogtes zijn onder andere gebaseerd op 1 of meer van de volgende uitgangspunten:

    • a.

      De (maximum) dwangsomhoogte moet voldoende afschrikwekkend voor de overtreder zijn om een overtreding te stoppen, te voorkomen of te herhalen of in de oude toestand te herstellen;

    • b.

      De (maximum) dwangsomhoogten staan in redelijke verhouding tot de aard, ernst en omvang van de overtreding;

    • c.

      Verwachte herstelkosten van de overtreding;

    • d.

      De (maximum) dwangsomhoogte is gebaseerd op het te verwachten economische voordeel dat een overtreder heeft bij het laten voortbestaan van de overtreding;

    • e.

      De (maximum) dwangsomhoogte moet hoger zijn dan de geschatte kosten om een overtreding te beëindigen;

    • f.

      Onrechtmatig verkregen en toekomstig voordeel moet worden weggenomen;

    • g.

      Normbevestiging: herstel van de geschonden wettelijke normen en waarden;

    • h.

      De financiële draagkracht van een overtreder is in beginsel niet bepalend voor de hoogte van de dwangsom;

  • 3) Aanvullend en in afwijking van de tabellen van Bijlage I kunnen onder andere de volgende uitgangspunten een rol spelen om in een individueel geval een hogere dwangsomhoogte op te leggen;

    • a.

      Algemeen naleefgedrag van de overtreder in het verleden, waaronder eerdere andersoortige overtredingen;

    • b.

      Herhaling van dezelfde (soort) overtreding;

    • c.

      De specifieke feiten en omstandigheden van het geval;

    • d.

      De mate van gevaarzetting

    • e.

      De mate van calculerend, crimineel of roekeloos gedrag van de overtreder;

    • f.

      De mate van (mogelijke) overlast en andere negatieve effecten en gevolgen van de overtreding voor de omgeving en omwonenden;

  • 4) Wanneer een opgelegde last onder dwangsom volledig is verbeurd en de overtreding ook niet is opgeheven, of dat sprake is van recidive dan worden de in de tabellen genoemde dwangsomhoogten met een factor 2 verhoogd wanneer er gekozen wordt voor een (nieuwe) last onder dwangsom in plaats van bestuursdwang;

  • 5) In uitzondering op lid 5 kan het college of de burgemeester ook een nog niet volledig verbeurde eerdere lastgeving onder dwangsom intrekken en ter vervanging tussentijds in een nieuw besluit een verhoogde dwangsom opleggen, als uit feiten en omstandigheden blijkt dat de eerdere lastgeving onder dwangsom niet of niet snel genoeg het beoogde effect heeft;

  • 6) Voor zover de in lid 5 genoemde deeldwangsommen van de eerdere (ingetrokken) dwangsom al zijn verbeurd, worden deze wel ingevorderd;

  • 7) Heeft ook de in lid 5 of 6 genoemde (al dan niet verhoogde) last onder dwangsom niet het beoogde effect, dan volgt na intrekking of volledige verbeuring van die eerdere dwangsom(men) een last onder bestuursdwang;

  • 8) Wanneer het college of de burgemeester afwijkt van de in tabellen van Bijlage I gehanteerde richtbedragen, modaliteiten of begunstigingstermijnen, dan motiveren zij dat in het te nemen besluit zelf;

Artikel 2.2 Vormen van een last onder dwangsom

  • 1) Waar mogelijk, kiest het college en de burgemeester in de tabellen van Bijlage I vanuit efficiëntieoverwegingen en beschikbare toezichtscapaciteit voor zo min mogelijk controlemomenten. Een dwangsom ineens heeft daarbij de voorkeur;

  • 2) Het college of de burgemeester kiest aanvullend voor een dwangsom ineens bij gemakkelijk vast te stellen overtredingen;

  • 3) In afwijking van lid 1 en 2 kan het college of de burgemeester, als de dwangsom primair gericht is op het voorkomen van herhaling van dezelfde (soort) overtreding, een dwangsom ineens of per overtreding opleggen om zo effectiever meerdere toekomstige overtredingen te voorkomen;

  • 4) In afwijking van lid 1 kan het college of de burgemeester een dwangsom per tijdseenheid opleggen als de hoogte van een dwangsom ineens niet proportioneel is, of bij bepaalde duurovertredingen, zoals gebruik, waarbij een langere financiële prikkel of meerdere controlemomenten om de overtreding op te heffen, noodzakelijk of wenselijk is of kunnen zijn;

  • 5) Na toepassing van spoedbestuursdwang, bijvoorbeeld stillegging van bouwwerkzaamheden, volgt altijd gelijk een aanvullende last onder dwangsom om verdere toekomstige overtreding te voorkomen.

Artikel 2:3 Begunstigingstermijnen voor een last onder dwangsom

  • 1) De in de tabellen van bijlage I gehanteerde begunstigingstermijnen staan in redelijke verhouding tot de aard, ernst en omvang van de overtreding en zijn voldoende lang om de overtreding op te heffen zonder dat de overtreder een dwangsom verbeurt;

  • 2) De in de tabellen van bijlage I gehanteerde standaard begunstigingstermijn voor overtredingen is 8 weken na verzendatum van het definitieve besluit, behoudens voor overtredingen, waarvoor in de tabellen zelf expliciet al een kortere termijn of langer termijn wordt gehanteerd of waarbij afwijking (zowel langer, als korter) noodzakelijk is op basis van de specifieke feiten, omstandigheden en belangen van een bepaalde situatie;

  • 3) De volgende redenen kunnen aanleiding zijn om een afwijkende langere begunstigingstermijn te hanteren, behoudens de overtreder dit in zijn zienswijze tegen het voorgenomen besluit voldoende concreet en objectief kan onderbouwen en aantonen:

    • a.

      De belangenafweging van alle feiten en omstandigheden van het individuele geval maken een langere termijn noodzakelijk;

    • b.

      schaarste van bouwmaterialen, afhankelijkheid en beschikbaarheid van aannemers of levertijden voor specialistische goederen en diensten.

    • c.

      Derden of het algemeen belang hebben geen onevenredige gevolgen van een langere begunstigingstermijn;

  • 4) In afwijking van de vorige leden kan ook een afwijkende kortere begunstigingstermijn dan 8 weken geboden worden als:

    • a.

      in de tabellen van Bijlage I standaard een kortere begunstigingstermijn is aangegeven;

    • b.

      er al voor dezelfde overtreding een eerdere last onder dwangsom is opgelegd, en die overtreding niet is opgeheven;

    • c.

      er sprake is van misbruik/uitbuiting (bijvoorbeeld arbeidsmigranten) van derden, waarbij deze directe derden gebaat zijn bij zo snel mogelijke beëindiging van een overtreding;

    • d.

      de verwachte negatieve gevolgen voor de omgeving, omwonenden, de (brand)veiligheid en/of de leefbaarheid, dit noodzakelijk maken;

    • e.

      het algemeen belang, dat gebaat is bij een kortere termijn, zwaarder weegt dan het belang van de overtreder om een standaard of langere begunstigingstermijn te bieden;

  • 5) Wanneer het college of de burgemeester afwijkt van de in tabellen van Bijlage I gehanteerde begunstigingstermijnen, dan motiveren zij dat in het te nemen besluit zelf.

Hoofdstuk 3. Bestuurlijke boetes

Paragraaf 3.1 Algemene bepalingen voor het opleggen van bestuurlijke boetes

Artikel 3:1 Algemene uitgangspunten bestuurlijke boetes

  • 1. Het college of de burgemeester legt slechts een bestuurlijke boete op wanneer:

    • a.

      deze bevoegdheid expliciet bij of krachtens een wet aan hen is toebedeeld.

    • b.

      een boete geschikt, noodzakelijk en evenwichtig is in verhouding tot het beoogde doel van het opleggen van een bestuurlijke boete;

    • c.

      de overtreder verwijtbaar heeft gehandeld of nagelaten op juiste manier te handelen.

  • 2. De maximale hoogte van een op te leggen bestuurlijke boete wordt bij of krachten de wet bepaald. Daarbij geldt aanvullend voor de toepassing en het bereik van deze beleidsregel het volgende:

    • a.

      De in Bijlage II van deze beleidsregel opgenomen bestuurlijke boetes zijn slechts een illustratie van eventuele mogelijke grondslagen voor het opleggen van deze variabele boetes.

    • b.

      Ook voor (nog) niet in Bijlage II genoemde grondslagen, bijvoorbeeld omdat de bevoegdheid of situatie pas na totstandkoming van deze beleidsregel is ontstaan, gelden de voorwaarden van deze beleidsregel.

Artikel 3:2 Criteria voor geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid en verwijtbaarheid

  • 1. Het college of de burgemeester acht het opleggen van een bestuurlijke boete een geschikt en noodzakelijk middel indien:

    • a.

      bij wet oplegging van een bestuurlijke boete verplicht is voorgeschreven;

    • b.

      eerder opgelegde bestuursrechtelijke herstelmaatregelen geen herhaling van de overtreding voorkwamen;

    • c.

      het opleggen van een normale bestuursrechtelijke herstelmaatregel naar verwachting onvoldoende is om nieuwe overtredingen te voorkomen gelet op de aard, ernst en omvang van de huidige of eerdere overtreding;

    • d.

      de gevolgen van de overtreding niet meer hersteld kunnen worden (onherroepelijk feit);

    • e.

      er sprake is van (eerder) calculerend gedrag door dezelfde overtreder ongeacht de aard van de overtreding;

    • f.

      er sprake is van algemeen slecht (eerder) naleefgedrag, waarbij de overtreder dezelfde of andersoortige overtredingen (mede)pleegde;

    • g.

      andere factoren aanwezig zijn, waaruit blijkt dat het opleggen van een onvoorwaardelijke sanctie gewenst is in dit specifieke geval.

Artikel 3:3 Opleggen van bestuurlijke boetes

  • 1. Het college of de burgemeester legt bij een wettelijk vastgestelde boetehoogte (zoals bijvoorbeeld de Alcoholwet) deze volledig op, tenzij de overtreder zelf aannemelijk maakt de vastgestelde boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is;

  • 2. Het college of de burgemeester stemt bij een niet wettelijk vaste =(variabele) boetehoogte (zoals bedoeld in artikel 23, lid 4 Wetboek van Strafrecht) de hoogte van de boete ambtshalve af op de ernst van de overtreding en houdt daarbij rekening met de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan en de mate van verwijtbaarheid;

  • 3. Bij een niet vaste (variabele) boetehoogte, zoals bedoeld in lid 2, kan het college of de burgemeester de hoogte van de op te leggen boete op grond van o.a. de volgende criteria matigen:

    • a.

      De overtreder heeft aantoonbaar redelijkerwijs alles eraan gedaan om de overtreding te voorkomen;

    • b.

      Persoonlijke of medische omstandigheden maken matiging noodzakelijk;

    • c.

      Andere belangen verzetten zich tegen het maximaal opleggen van de boete;

  • 4. Het college of de burgemeester kan de hoogte van een niet vaste (variabele) boetehoogte, zoals bedoeld in lid 2 en 3, ambtshalve beperken afhankelijk van de feiten, omstandigheden en belangen van een specifieke situatie.

  • 5. Het college of de burgemeester maakt geen gebruik van de in lid 3 of 4 genoemde matigingsmogelijkheden, wanneer sprake is van de volgende feiten of omstandigheden;

    • a.

      Herhaling van dezelfde soort overtreding;

    • b.

      Eerder opgelegde bestuurlijke herstelsancties of bestuurlijke boetes voor dezelfde soort overtreding waren niet effectief;

    • c.

      De overtreder heeft een algemeen slecht nalevingsgedrag;

    • d.

      De overtreder heeft calculerend gedrag vertoond bij het begaan van de te beboeten overtreding of anderszins;

    • e.

      Er was bij het begaan van de te beboeten overtreding sprake van bijkomende gebruik van geweld en/of bedreiging of andere zwaarwegende strafrechtelijke overtredingen of ander onwenselijk niet te tolereren gedrag;

Hoofdstuk 4 Invordering van verbeurde dwangsommen en bestuurlijke boetes

Paragraaf 4.1 Algemeen

Artikel 4:1 Algemene uitgangspunten bij invordering van bestuurlijke geldschulden

  • 1) Het college en de burgemeester vorderen verbeurde dwangsom of opgelegde bestuurlijke boetes, alsmede de daarbij verschuldigde wettelijke rente en invorderingskosten, altijd geheel in, omdat:

    • a.

      invordering van deze geldbedragen het sluitstuk van handhaving is;

    • b.

      financiële gevolgen van het niet opheffen of beëindigen van overtredingen voor risico van de overtreder dienen te blijven;

    • c.

      niet of slechts gedeeltelijke invordering van deze geldbedragen:

      • i.

        niet afschrikwekkend genoeg is voor de overtreder om de overtreding op te heffen of voor derden om van toekomstige overtredingen af te zien;

      • ii.

        de effectiviteit van het handhavingsbeleid en/of -programma ondermijnt;

      • iii.

        kan leiden tot calculerend gedrag van de overtreder, waardoor de overtreding langer blijft voortduren dan strikt noodzakelijk of wenselijk is;

    • d.

      in geval van een bestuurlijke boete er juist sprake is van een onvoorwaardelijke bestraffende sanctie;

  • 2) In uitzondering op lid 1 kan het college of de burgemeester de hoogte van een in te vorderen dwangsom eventueel matigen, indien de overtreder in zijn zienswijze tegen het voorgenomen invorderingsbesluit concreet en objectief aantoont dat:

    • a.

      er sprake is van een blijvende of tijdelijke niet voorzienbare overmachtssituatie;

    • b.

      de gevolgen van volledige invordering andere dan in sub c genoemde bijzondere omstandigheden niet in redelijke verhouding staan tot het bij die invordering gebate doel;

    • c.

      er sprake is van dusdanige bijzondere persoonlijke omstandigheden en gevolgen of belangenafweging, dat gehele invordering niet proportioneel en evenredig is in dit specifieke geval;

  • 3) Het college en de burgemeester besluiten nooit tot gehele kwijtschelding van een verbeurde dwangsom of opgelegde bestuurlijke boete in de volgende situaties;

    • a.

      Er is sprake van een wettelijk vastgesteld boetebedrag;

    • b.

      Er is sprake van (eerder) calculerend gedrag van de overtreder;

    • c.

      Er is sprake van bijkomend crimineel gedrag;

    • d.

      Er is sprake van voorkoming van herhaling van dezelfde soort overtreding in de toekomst;

    • e.

      Er is sprake van voortzetting van een bestaande niet opgeheven overtreding, en waarbij al een eerdere dwangsom was opgelegd zonder resultaat;

    • f.

      Er zijn meerdere/verschillende overtredingen, waartegen meerdere aparte lastgevingen zin opgelegd;

    • g.

      De overtreder heeft eerder anderszins een aantoonbaar onvoldoende naleefgedrag getoond;

    • h.

      Het afzien van invordering in een specifiek geval schept een ongewenst negatief precedent voor toekomstige handhaving- of invorderingsmogelijkheden in andere of gelijksoortige situaties;

    • i.

      Het afzien van invordering leidt tot ongelijke behandeling van gelijke gevallen;

    • j.

      Handhaving vloeit voort uit een verzoek om handhaving door derden;

    • k.

      Het algemeen belang, waaronder de gevolgen van niet invordering voor de omgeving of omwonenden weegt zwaarder dan het individuele belang van de overtreder om wel af te zien van (gedeeltelijke) invordering en/of matiging;

  • 4) Wanneer de overtreder een verbeurde dwangsom of opgelegde bestuurlijke boete niet ineens kan betalen, dan kan hij de gemeente schriftelijk verzoeken om een betalingsregeling te treffen of betaling tijdelijk op te schorten, waarbij wel als uitgangspunt geldt, dat hij het verschuldigde bedrag, inclusief wettelijke rente, binnen 1 jaar na verzenddatum van de invorderingsbeschikking of kostenverhaalbeschikking door middel van periodieke aflossingen volledig afbetaalt;

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Artikel 5:1 Overgangsbepaling

  • 1) De uitgangspunten en voorwaarden van deze beleidsregel zijn van toepassing op situaties die ontstaan na bekendmaking van deze beleidsregel;

  • 2) Aanvullend op lid 1 zijn de uitgangspunten en voorwaarden van deze beleidsregel met terugwerkende kracht overeenkomstig van toepassing op situaties, die zijn ontstaan voorafgaand aan de bekendmaking van deze beleidsregel, tenzij op basis van een eerder doorlopen individuele besluitvormings- of andere procedure expliciet afwijkende rechten en plichten gelden;

Artikel 5:2 Intrekking oude beleidsregels

De volgende beleidsregels worden ingetrokken met ingang van de datum, waarop deze beleidsregel in werking treedt

  • 1)

    Beleidsregel dwangsommen Moerdijk 2015;

Artikel 5:3 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze beleidsregel treedt in werking op daags na de bekendmaking van deze beleidsregel

  • 2. Deze beleidsregel wordt aangehaald als: [Beleidsregel dwangsommen en bestuurlijke boetes Moerdijk 2026] van de gemeente Moerdijk.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door college van burgemeester en wethouders, en burgemeester van de gemeente Moerdijk in de vergadering van 31 maart 2026

De secretaris,

S. Elseman,

De burgemeester

A.J. Moerkerke

Alsmede de burgmeester

A.J. Moerkerke

Bijlage I Dwangsomhoogten en begunstigingstermijnen

Gebruikte afkortingen

In de hiernavolgende tabellen worden de volgende afkortingen gebruikt:

  • APV: Algemene plaatselijke verordening

  • Bbl: Besluit bouwwerken leefomgeving

  • Ow: Omgevingswet;

Opmerking: De in de tabellen genoemde dwangsommen zijn niet bedoeld om het volledige handhavingstraject (zie stroomschema hieronder) weer te geven. Alleen de hoogtes van dwangsommen en bestuurlijke boetes worden genoemd. Voordat bijvoorbeeld overgegaan wordt tot een last onder dwangsom, kan eerst gekozen zijn voor een waarschuwing. Bovendien kan er ook bij ernstige gevaarzetting en/of overlast al voor gekozen zijn om eerst spoedbestuursdwang toe te passen en aanvullend en gelijktijdig een last onder dwangsom op te leggen om verdere herhaling of hervatting van de stilgelegde activiteiten te voorkomen. Deze overige stappen zijn dus niet altijd zichtbaar in de tabellen, nu het doel van deze beleidsregel is om alleen de hoogte van de dwangsommen en de eventuele invordering daarvan weer te geven.

afbeelding binnen de regeling

I. A) Dwangsomhoogten technische bouwactiviteiten en bouwkundige eisen

Tabel I.A.1 Besluit bouwwerken leefomgeving, categorie: meldingsplichtigen technische bouw- en sloopactiviteiten

In deze tabel worden de meldingsplichten van het Besluit bouwwerken leefomgeving opgenomen. Ten aanzien van de meldingsplichten voor gevolgklasse bouwwerken op grond van de Wet kwaliteitsborging Bouwen (Wkb) zijn alleen de meldplichten voor gevolgklasse I bouwwerken opgenomen voor bouw en verbouw. (deze laatste vorm moet overigens ten tijde van het opstellen van dit beleid nog in werking treden maar naar verwachting zal dat binnen de looptijd van dit beleid wel worden ingevoerd. Ten aanzien van gevolgklasse II en III bouwwerken is dat niet de verwachting.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Niet indienen van bouwmelding of afwijken van een bouwmelding (artikel 2.18 Bbl) voor meldingsplichtig gevolgklasse I bouwwerk (zoals bedoeld in artikel 2.17 Bbl)

Geen (complete) bouwmelding of afwijken bij verbouwen of oprichten van een meldingsplichtig gevolgklasse I bouwwerk (bijvoorbeeld eengezinswoning, eenvoudige bedrijfsgebouwen)

  • Minimaal € 5000,- ineens bij verbouw

  • Minimaal € 10.000,- ineens bij oprichten

  • 4 weken

College

In gebruik nemen van een gevolgklasse I bouwwerk (zoals bedoeld in artikel 2.17 Bbl) zonder voorafgaande gereedmelding bouw (2.21 Bbl)

Ingebruiknemen van een gevolklasse bouwwerk zonder of in afwijking van een voorafgaande (complete) gereedmelding bouw, maar waarbij acceptatie van een gereedmelding alsnog mogelijk is na aanpassing of indiening.

  • Gevolgklasse I

    minimaal € 10.000,- ineens

  • 2 tot 4 weken bij niet-woningen voor staken in gebruik nemen en/ of alsnog indienen melding

  • 8 weken bij woningen voor staken in gebruik nemen en/of alsnog indienen melding

College

In gebruik nemen van een gevolgklasse I bouwwerk (zoals bedoeld in artikel 2.17 Bbl) zonder voorafgaande gereedmelding bouw (2.21 Bbl)

Niet in kunnen dienen van een (complete) gereedmelding bouw als gevolg van het niet kunnen afgeven door de kwaliteitsborger van eenverklaring (zoals bedoeld in artikel 3.86, lid 2 Bkl)

  • Aanschrijven op niet in gebruik nemen en/of op opheffen feitelijke overtredingen/gebreken, die verhinderen dat de kwaliteitsborger de verklaring af kan geven

Dwangsomhoogte en termijn afhankelijk van aard, ernst en omvang van gebreken/overtredingen

College

Het niet melden van het gewijzigd uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 7.5c, lid 2 Bbl van een vergunningsplichtig bouwwerk

Gewijzigde uitvoering van bouw- en sloopwerkzaamheden wordt niet gemeld

  • Minimaal € 5000,--

  • 4 weken voor alsnog indienen melding

Het niet informeren van het begin of beëindigen bouwwerkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 7.7 Bbl van een vergunningsplichtig bouwwerk

De start of de afronding van bouwwerkzaamheden aan een vergunningsplichtig bouwwerk wordt niet gemeld aan het bevoegd gezag

  • Minimaal € 5000,- ineens bij verbouw

  • Minimaal € 10.000,:ineens bij oprichten

  • 4 weken voor alsnog indienen melding

Tabel I.A.2 Besluit bouwwerken leefomgeving, categorie: technische bouwactiviteit

In deze tabel zijn de algemene vergunningsplichtige bouwwerken opgenomen die vergunningsplichtig zijn voor de bouwactiviteit. Daarbij wordt de dwangsomhoogte bepaald door factor oppervlakte en de aard (bedrijfsmatig of particulier) van het bouwwerk

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Vergunningsplichtig bouwwerk met dak (artikel 2.25 Bbl)

Oprichten vergunningsplichtig bijgebouw of ander bouwwerk met dak (niet zijnde hoofdgebouw of meldingplichtig) (Particulier)

  • Minimaal € 5.000,- ineens of 10 % van de geschatte bouwsom

8 weken

College

Vergunningsplichtig bouwwerk met dak (artikel 2.25 Bbl)

Oprichten vergunningsplichtig bijgebouw of ander bijbehorend bouwwerk met dak (niet zijnde hoofdgebouw of meldingplichtig) (bedrijfsmatig)

  • Minimaal € 10.000, ineens of 10 % van de (geschatte) bouwsom ineens

8 weken

College

Vergunningsplichtig bouwwerk zonder dak (artikel 2.26 Bbl)

Oprichten van een vergunningsplichtig bouwwerk zonder dak (particulier)

  • Sport-of speeltoestel, Constructie voor terrein, schotelantenne, erf- of perceelafscheiding:

    € 1.000,- ineens per object of per 5 strekkende meter

8 weken

College

Vergunningsplichtig bouwwerk zonder dak (artikel 2.26 Bbl)

Oprichten van een vergunningsplichtig bouwwerk zonder dak (bedrijfsmatig)

  • antenne of antennedrager voor bedrijfsmatige telecomdiensten: €10.000,- ineens.

8 weken

College

Tabel I.A.3 Besluit bouwwerken leefomgeving, categorie uitzonderingen vergunningsplichtig bouwwerk

In deze tabel zijn de algemene vergunningsplichtige (qua bouwactiviteit) bouwwerken opgenomen, die in principe vergunningsvrij zijn voor de bouwactiviteit zijn maar die bijvoorbeeld niet voldoen aan de, waar van toepassing, gegeven maatvoering. De dwangsomhoogte wordt bepaald aan de ernst, aard en omvang (licht, middel, zwaar) van de overtreding.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet voldoen aan de criteria voor vergunningsvrije bouwwerken, zoals bedoeld in artikel 2.26 of 2.27 Bbl

Een bouwwerk voldoet niet aan de criteria of maatvoering voor het soort bouwwerk en wordt daarom niet beschouwd als vergunningsvrije technische bouwactiviteit.

  • minimaal € 2.500,- ineens +maatwerk

8 weken

College

Het niet voldoen aan de criteria voor vergunningsvrije omgevingsplanactiviteiten voor bouwwerken, zoals bedoeld in artikel 2.29 Bbl

Een bouwwerk voldoet niet aan de criteria of maatvoering voor het soort bouwwerk en wordt daarom niet beschouwd als vergunningsvrije omgevingsplanactiviteit

  • minimaal € 5.000,- ineens + maatwerk

8 weken

College

Tabel I.A.4 Besluit bouwwerken leefomgeving, categorie: specifieke zorgplichten en algemene zorgplicht

Deze tabel geeft dwangsom hoogten weer voor de algemene zorgplicht op grond van de Omgevingswet (Ow) en de specifieke zorgplichten van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Afhankelijk van de aard, ernst en omvang van de overtreding wordt een dwangsom bepaald.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet voldoen aan de algemene zorgplicht van artikel 1.6 Ow.

Het niet voldoen aan de algemene zorgplicht van de omgevingswet

  • Minimaal € 5.000 ineens + maatwerk bij lichte of middelovertreding

  • Zwaar en/of indien gevaarzetting: spoedbestuursdwang+ € 10.000,- ineens

  • 2 tot 4 weken +afhankelijk van soort overtreding

College

Het niet voldoen aan een specifieke zorgplicht van artikel 2.6 (zorgplicht bouwwerkinstallaties) artikel 3.5 (bestaande bouw), artikel 6.4 (brandveiligheid), artikel 7.4 Bbl (bouw- en sloopwerkzaamheden en artikel 7.31Bbl ( mobiel puinbreken)

Niet voldoen aan een specifieke zorgplicht van het Besluit bouwwerken

  • Minimaal € 5.000,- ineens +maatwerk bij lichte of middelovertreding

  • Zwaar en/of indien gevaarzetting: spoedbestuursdwang+ € 20.000,- ineens

  • 2 tot 4 weken + afhankelijk van soort overtreding

College

Tabel I.A.5 Besluit bouwwerken leefomgeving, categorie technische eisen bestaande bouw, hoofdstuk 3

In deze tabel worden hieronder dwangsommen aangegeven voor veel voorkomende overtredingen van technische eisen voor bestaande bouwwerken (hoofdstuk 3 van het BBL). De hoogte van de dwangsommen voor nieuwbouw (hoofdstuk 4) en verbouw (hoofdstuk 5) gaan uit van deze dwangsomhoogten voor bestaande bouw maar kunnen, (waar wenselijk en noodzakelijk) worden vermeerderd met 50%. De reden is dat de technische eisen voor nieuwbouw en verbouw vaak hoger zijn dan voor bestaande bouw en dat nieuwbouw en verbouw vanaf het begin (bouw) af aan al moeten voldoen aan die zwaardere eisen. Uiteraard zijn de grondslagen voor de overtredingen zelf dan te vinden in hoofdstuk 4 en 5.

Aanvullend gelden er voor nieuwbouw en verbouw specifieke normen die niet voor bestaande bouw gelden. De dwangsomhoogten van die aanvullende eisen worden weergegeven in Tabel I.6

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet (meer) voldoen van een bestaand bouwwerk aan de technische eis van constructieve (brand)veiligheid van afdeling 3.2 van het Bbl

Een bestaand bouwwerk voldoet niet meer aan enig voorschrift voor constructieve (brand) veiligheid

  • Minimaal € 15.000,- ineens +maatwerk

  • 2 tot 4 weken bij alleen dwangsom

College

Het niet (meer) voldoen van een bestaand bouwwerk aan een andere technische eis dan constructieve veiligheid van afdeling 3.2 van het Bbl

Een bestaand bouwwerk voldoet niet meer aan enig ander veiligheidsvoorschrift

  • Afscheiding vloer/trap/hellingbaan: € 2.500,- ineens per onderdeel

  • Veilig overbruggen hoogteverschil: € 2.500, ineens per onderdeel;

  • Bewegend constructieonderdeel: € 2.500,- ineens

  • 4 tot 6 weken

College

Het niet (meer) voldoen van een bestaand bouwwerk aan een brandveiligheidsvoorschrift van afdeling 3.2 van het Bbl

Een bestaand bouwwerk voldoet niet meer aan een brandveiligheidsvoorschrift

  • Beperking en ontwikkeling brandgevaarlijke situatie

    • o

      Stookplaats:€ 5.000,- ineens per stookplaats;

    • o

      Rookgasafvoer: € 2.500,- per afvoer

  • Beperking en uitbreiding van brand:

    • o

      Brandcompartiment en/of WBDBO en/of rookontwikkeling € 15.000, ineens

  • Verdere beperking en uitbreiding van brand en beperking en verspreiding van rook

    • o

      Beschermd Subbrandcompartiment en/of WBDBO/rookontwikkeling:

      € 20.000,- ineens

    • o

      Vluchtroute verloop of inrichting:€ 5.000,- ineens per vluchtroute

  • 4 tot 6 weken

College

Het niet (meer) voldoen van een bestaand bouwwerk aan een gezondheidsvoorschrift van afdeling 3.3 van het Bbl

Een bestaand bouwwerk voldoet niet meer aan een gezondheidsvoorschrift

  • Afvoer van rookgas en toevoer van verbrandingslucht:per afvoer/toevoer € 2.500,- ineens

  • 4 tot 6 weken

College

Het niet (meer) voldoen van een bestaand bouwwerk aan een duurzaamheidsvoorschrift van afdeling 3.4 van het Bbl

Een bestaand bouwwerk voldoet niet meer aan een duurzaamheidsvoorschrift

  • Maatregel verduurzaming energiegebruik/energielabel

    € 2.500,- ineens

  • Geen laadinfrastructuur elektrische voertuigen

    € 5.000,- ineens per laadpaal

  • 8 weken

College

Het niet (meer) voldoen van een bestaande bouwwerkinstallatie aan een voorschrift van afdeling 3.7 van het Bbl

Een bouwwerkinstallatie voldoet niet meer aan een voorschrift

  • Noodverlichting: € 250,- ineens per armatuur;

  • Tijdig vaststellen van brand:

    • o

      Brandmeldinstallatie (BI), al dan in combinatie met AOI (aanwezigheid en werking):

      minimaal € 15.000,- ineens (mede afhankelijk van aantal m² en complexiteit systeem)

    • o

      Brandmeldinstallatie meldt niet door: € 5.000,- ineens

    • o

      Rookmelder (losse unit): € 250,- ineens individuele rookmelder

    • o

      Rookmelder (gekoppeld aan BI) € 500,- ineens per gekoppelde rookmelder

  • Vluchten bij brand:

    • o

      Ontruimingsalarminstallatie (OAI) al dan niet in combinatie met BI (aanwezigheid en werking): minimaal € 15.000,- ineens (mede afhankelijk van aantal m² en complexiteit systeem);

    • o

      Vluchtrouteaanduiding:

      € 250 ineens per aanduiding

    • o

      Deur in vluchtroute (draairichting of weerstand bij openen): € 500,- ineens per deur;

  • Bestrijden van brand:

    • o

      Droge blusleiding (aanwezigheid en werking) € 12.500,- ineens per blusleiding

    • o

      Blustoestellen (aanwezigheid en werking) € 500,- per blustoestel;

  • 4 tot 6 weken

College

Het niet meer voldoen van een bestaand bouwwerk aan de voorschriften van afdeling 3.8 van het Bbl voor toegankelijkheid voor hulpverleningsdiensten

Een bestaand bouwwerk voldoet niet aan de eisen voor toegankelijkheid voor hulpdiensten

  • Brandweeringang (aanwezigheid en werking) : € 10.000,- ineens per ingang

  • Mobiele radiocommunicatie hulpverleningsdiensten (aanwezigheid en werking): € 15.000,- ineens

  • 4 tot 6 weken

College

Tabel I.A.6 Besluit bouwwerken leefomgeving, categorie aanvullende technische eisen nieuwbouw (hoofdstuk 4) en verbouw, (hoofdstuk 5)

In deze tabel worden in aanvulling op tabel I.5 (bestaande bouw) technisch eisen weergegeven die expliciet alleen gelden voor verbouw en/of nieuwbouw.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet voldoen aan de technische eisen voor hulpverlening bij brand, zoals bedoeld in afdeling 4.2.12. van het Bbl

Een nieuw te bouwen of te verbouwen bouwwerk voldoet niet aan de eisen voor hulpverlening bij brand

  • Brandweerlift (aanwezigheid en werking): € 10.000,- ineens;

  • Loopafstanden trappenhuis of brandweerlift: € 5000,- ineens

  • 4 tot 6 weken

College

Het niet voldoen aan de technische eisen voor brand-en explosievoorschriften gebieden, zoals bedoeld in afdeling 4.2.14 van het Bbl.

Een nieuw te bouwen of te verbouwen bouwwerk voldoet niet aan de brand- en explosievoorschriften

  • Brandwerendheid uitwendige scheidingsconstructie

    € 20.000.- ineens per constructie/gevel;

  • Brandklasse Buitenoppervlak:

    € 20.000,- ineens per gevel;

  • Brandklasse dak:

    € 30.000,- ineens

  • Vluchtroute € 10.000,- ineens

  • Scherfwerking: € 10.000,- ineens

  • 4 tot 6 weken

College

Het niet voldoen aan de eisen voor bouwwerkinstallaties, zoals bedoeld in afdeling 4.7 van het Bbl, in het bijzonder brandveiligheid

Een nieuw te bouwen of te verbouwen bouwwerk voldoet niet aan de eisen voor bouwwerkinstallatie op het gebied van brandveiligheid

  • Tijdig vaststellen van brand:

    • o

      Inspectiecertificaat brandmeldinstallatie (BI):

      € 5.000,- ineens

  • Vluchten bij brand

    • o

      Inspectiecertificaat ontruimingsalarminstallatie (OAI) € 5.000,- ineens

  • 4 tot 6 weken

College

Tabel I.A.7 Besluit bouwwerken leefomgeving, gebruik van bouwwerken (hoofdstuk 6)

In deze tabel worden de eisen voor het (brand)veilig gebruiken van een bouwwerk weergegeven zoals bedoeld in hoofdstuk 6 van het Besluit bouwwerken leefomgeving

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet beschikken over een gebruiksmelding, zoals bedoeld in artikel 7.7 van het Bbl.

Het brandveilig gebruik van een bouwwerk met meer dan het aantal per functie toegestane personen, is niet gemeld.

  • Minimaal € 5.000,- ineens+ aanvullend: € 250,-ineens per aangetroffen persoon boven het toegestane aantal personen per functie van tabel 6.6. van het Bbl,.

  • 2 tot4 weken

college

Het niet voorkomen van brandgevaar en ontwikkeling van brand, zoals bedoeld in afdeling Paragraaf 6.2.1 van het Bbl

Het gebruik van een bouwwerk voorkomt brandgevaar of ontwikkeling van brand niet of niet voldoende.

  • Vastzetten constructieonderdeel: € 500, ineens per constructieonderdeel;

  • Aankleding van een ruimte is brandgevaarlijk;

    • Minimaal € 2.000 ineens per ruimte + maatwerk per m²

  • Onvoldoende onderhoud van een constructieonderdeel dat vanwege brandveiligheid een aanvullende behandeling behoeft € 5.000 ineens + maatwerk

  • 2 tot 4 weken;

College

Het niet veilig kunnen vluchten bij brand, zoals bedoeld in paragraaf 6.2.2 van het Bbl.

Het gebruik van een bouwwerk is niet zodanig dat veilig vluchten mogelijk is.

  • Onvoldoende personen aangewezen om een gebouw te ontruimen; €10.000,-- ineens

  • Deuren in vluchtroutes sluiten niet: € 500, ineens per deur

  • Opstelling en zitplaatsen; Per 10 zitplaatsen € 500,- ineens

  • Gangpaden: € 1000,-ineens per gangpad

  • 2 tot 4 weken

College

Het niet beschikken over of onjuiste energielabels voor bouwwerken, zoals bedoeld in afdeling 6.4 van het Bbl

Een bouwwerk heeft geen of een onjuist energielabel

  • € 2.500 ineens per ontbrekend of onjuist energielabel

  • 8 weken

College

Een bouwwerkinstallatie voor brandveiligheid voldoet niet aan de inspectienormen zoals bedoeld in paragraaf 6.5.1 van het Bbl

Een bouwwerkinstallatie voor brandveiligheid wordt niet naar behoren beheerd, gecontroleerd of onderhouden of beschikt niet over een voorgeschreven inspectiecertificaat

  • BMI/OAI

    • € 2.500,- ineens per al dan niet gecombineerde brandmeldinstallatie (BMI ) en/of ontruimingsalarminstallatie (OAI);

  • Droge blusleiding:

    • € 2.500,- ineens

  • Blustoestel en brandslanghaspels

    • € 250,- ineens per blustoestel

    • € 500,- ineens per brandslanghaspel;

  • Automatische blussystemen en rookbeheersingssystemen:

    • € 2.500,- ineens

  • 8 weken voor BMI/OAI, blusleiding/systeem of rookbeheerssysteem

  • 2-4 weken voor blustoestel of brandslanghaspels

College

Een stookinstallatie voldoet niet aan de inspectienormen zoals bedoeld in paragraaf 6.5.3. van het Bbl

Een stookinstallatie wordt niet naar behoren beheerd, gecontroleerd of onderhouden of beschikt niet over een voorgeschreven inspectiecertificaat

  • Dwangsom:

    • o

      Niet gekeurde stookinstallatie: € 2.500,- ineens;

    • o

      Afstellen, onderhoud, rapportage, verslag van keuring voldoet niet of geen certificering: € 500,- ineens

  • 8 weken

  • College

Een gasverbrandings-installatie voldoet niet aan de inspectienormen zoals bedoeld in paragraaf 6.5.5. van het Bbl

Een gasverbranding wordt niet naar behoren beheerd, gecontroleerd of onderhouden of beschikt niet over een voorgeschreven inspectiecertificaat

  • Zie stookinstallaties

  • 8 weken

  • College

Tabel I.A.8 Besluit bouwwerken leefomgeving, Bouw en sloopwerkzaamheden en mobielpuinbreken (hoofdstuk 7)

In deze tabel worden de eisen voor het sloopwerkzaamheden en mobiel-puinbreken weergegeven, zoals genoemd in hoofdstuk 7 van het Besluit bouwwerken leefomgeving

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet hebben of afwijken van een verplichte risicomatrix, zoals bedoeld in artikel 7.5a Bbl

Op locatie wordt niet gehandeld conform, danwel beschikt men over een vooraf opgestelde risicomatrix

  • Dwangsom

    • o

      € 2,500,- ineens

  • 4 weken

College

Het niet hebben of niet aanwezig zijn van een veiligheidscoördinator directe leefomgeving, zoals bedoeld in artikel 7.5b Bbl

Op locatie beschikt men niet over een Veiligheidscoördinator directe leefomgeving

  • Dwangsom:

    • o

      € 5.000,- ineens

  • 4 weken

College

Het niet aanwezig hebben van bescheiden en gegevens stikstofemissie en risicomatrix, zoals bedoeld in artikel 7.5c Bbl

Op locatie zijn geen of niet alle bescheiden en documenten voor stikstofemissie en risicomatrix aanwezig.

  • Dwangsom;

    • o

      € 500,- ineens

  • 4 weken

College

Het niet vooraf melden vanaanvang of einde van bouwwerkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 7.7 Bbl. Of sloopwerkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 7.12 Bbl

De aanvang van of het einde van Bouw- of sloopwerkzaamheden worden niet of niet juist gemeld

  • Dwangsom

    • o

      € 2.500,- ineens (afhankelijk van omvang en impact)

  • 4 weken

College

Het niet aanwezig hebben van verplichte gegevens en bescheiden voor bouwwerkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 7.8 Bbl, of sloopwerkzaamheden, zoals bedoeld in artikel 7.13 Bbl

Op locatie zijn geen of niet alle bescheidden en gegevens voor bouw- of sloopwerkzaamheden aanwezig

  • € 500,- ineens

  • 4 weken

College

Het slopen zonder sloopmelding, zoals bedoeld in artikel 7.10 Bbl

Er wordt gesloopt zonder voorafgaande melding

  • Minimaal € 5.000,- ineens + maatwerk per m²

  • 4 weken

College

Het niet voldoen aan de inhoudelijke regels voor veiligheid in de directe omgeving (artikel 7.15 Bbl), Grondwaterstand (artikel 7.16 Bbl), Geluidshinder (7.17 Bbl) , trillinghinder 7.18 Bbl), stofhinder (7.19 Bbl)

Door bouw- of sloopwerkzaamheden ontstaat hinder of ontstaan onveilige situaties

  • € 1.500 per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 7.500,-

  • 2-4 weken

College

Het onjuist bedrijfsmatig inventariseren van asbest (artikel 7.9 Bbl) en/of verwijderen van asbest (artikel 7.20 Bbl)

Een bedrijf inventariseert of verwijderd onjuist asbest

  • € 5.000,- ineens voor onjuist bedrijfsmatig inventariseren

  • minimaal € 25.000 ineens + maatwerkper m² bij verwijderen

  • Geen (voorkomen van herhaling)

  • Aanhaken Arbeidsinspectie.

College

Het niet voldoen aan de vereisten voor het scheiden van niet-gevaarlijk bouw- en sloopafval, zoals bedoeld in paragraaf 7.1.5 van het Bbl

Niet-gevaarlijk afval wordt niet of niet op de juiste manier gescheiden

  • € 2.500 per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 12.500,--

  • 4 weken

College

Het niet voldoen aan de vereisten voor het scheiden van gevaarlijk bouw- en sloopafval, zoals bedoeld in paragraaf 7.1.5 van het Bbl

Gevaarlijk afval wordt niet of niet op de juiste manier gescheiden

  • Minimaal 5.000,- ineens +maatwerk afhankelijk van hoeveelheid en soort afval

  • 4 weken

College

Mobiel puinbrekenzonder voorafgaande melding, zoals bedoeld in artikel 7.33 van het Bbl

Er is geen voorafgaande melding voor toestemming van mobiel puinbreken ingediend

  • € 5.000,- ineens

  • 1 week

College

Niet informeren aanvangmobiel puinbreken, zoals bedoeld in artikel 7.35 van het Bbl

Het beginnen met het feitelijke mobiele puinbreken is niet gemeld.

  • € 2.500, ineens

  • 1 week

College

II. B) Dwangsomhoogten omgevingsplanactiviteiten

Tabel I.B.1 Omgevingsplanactiviteiten, gebruik, bewoning

In deze tabel worden aan bewoning of huisvesting gerelateerde gebruiksactiviteiten omschreven die op basis van het omgevingsplan gezien worden als strijdig gebruik.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Woongebruik (niet zijnde huisvesting groepen of kamergewijze verhuur of logiesfunctie) in een niet voor bewoning bestemd bouwwerk.

Men gebruikt of laat een bouwwerk of perceel gebruiken als woning voor 1 huishouden in strijd met de bestemming.

  • € 20.000,- ineens

  • 16 weken

College

Huisvesting groepen en/of kamergewijze verhuur/logiesfunctie

men gebruikt of laat een bouwwerk of perceel gebruiken in strijd met de bestemming voor de huisvesting van groepen personen en/of meer dan 1 huishouden, kamergewijze verhuur of logies.

  • Rekenmethode:

    • o

      Indien sprake is van individuele contracten per persoon:

      • Feitelijke of geschatte huurprijs per maand per persoon x aantal personen x factor 2 (=financiële prikkel opheffen overtreding);

      • Ineens

    • o

      Indien sprake is van huurcontract per groep personen;

      • Feitelijke of geschatte huuropbrengst per groep/contract x factor 2 (=financiële prikkel opheffen overtreding)

      • ineens

  • 4 weken met mogelijkheid tot kortere termijn in geval van gevaarlijke situaties en/of uitbuitingssituatie

College

Tabel I.B.2 Omgevingsplanactiviteiten, gebruik, agrarische activiteiten

In deze tabel worden agrarische gerelateerde gebruiksactiviteiten omschreven die op basis van het omgevingsplan gezien worden als strijdig gebruik. Het kan daarbij gaan om een agrarische bestemming zelf, maar ook om agrarisch gebruik op andere bestemmingen, zoals wonen of natuur etc.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Strijdig agrarisch gebruik bouwwerken en gronden

Een particulier of bedrijf gebruikt g een (agrarisch) bouwwerk of perceel voor (buiten)opslag van al dan niet agrarische producten in strijd de bestemming

  • minimaal € 1.000,- ineens per soort goederen + maatwerk afhankelijk van aard ernst en omvang opgeslagen goederen

  • 8 weken

College

Strijdig agrarisch gebruik bouwwerken en gronden (algemeen) door een agrarisch bedrijf

Een agrarisch, agrarisch aanverwant, agrarisch loonbedrijf, agrarisch bedrijf bij wijze van deeltijd, agrarisch hulp-of nevenbedrijf of anderszins agrarisch bedrijf gebruikt agrarische (bedrijfs)gronden in strijd met de bestemming

  • Minimaal € 2.000,- per week met een maximum totaal-bedrag van € 10.000,-

  • 8 weken

College

Strijdig agrarisch gebruik bouwwerken en gronden (algemeen) door een niet agrarisch bedrijf,

Een niet-agrarisch bedrijf of al dan niet agarische groothandel gebruikt een bouwwerk of perceel met agrarische bestemming voor niet-agrarisch activiteiten (algemene Bedrijfsactiviteit)

  • Minimaal €3.000,- per week met een maximum totaalbedrag van € 15.000

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik bouwwerken en gronden als teeltondersteunende en andere agrarische voorzieningen

Er worden teeltondersteunende voorzieningen, andere agrarische voorzieningen van ondergeschikte betekenis zoals mestplaat, sleufsilo, of andere agrarische voorziening gebruikt of geplaatst op een bestemming waar dat niet is toegestaan

  • Minimaal € 2.000 ineens per voorziening + maatwerk

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik of plaatsen hobbymatige schuilgelegenheid

Er wordt een schuilstal geplaatst en/of gebruikt op al dan niet agrarische gronden

  • € 2.500,- ineens per schuilstal

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik of plaatsen paardenbak/rijbak

Er wordt een paardenbak, rijbak of gelijksoortige voorziening geplaatst op al dan niet agrarische gronden

  • Minimaal€ 5000,- ineens + maatwerk per m² en uitvoering/materiaal

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik of plaatsen lichtmasten

Er wordt een lichtmast op agrarische gronden geplaatst

  • € 500,- ineens per lichtmast

  • 8 weken

College

Tabel I.B.3 Omgevingsplanactiviteiten, gebruik, detail-of groothandelsactiviteiten en handel in volumineuze goederen

In deze tabel worden aan commerciële gerelateerde gebruiksactiviteiten omschreven, die op basis van het omgevingsplan gezien worden als strijdig gebruik. Het kan daarbij gaan om zowel bestemmingen die deze activiteiten toestaan, maar ook voor andersoortige bestemmingen, zoals wonen, agrarisch etc.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Strijdig gebruik van gronden en bouwwerken voor webshop of afhaalpunt pakketbezorgdiensten

Een bedrijf of particulier gebruikt een bouwwerk of perceel voor een webshop (inclusief opslag) of afhaalpunt voor pakketbezorgdiensten in strijd met de bestemming of de bestemming overschrijdend gebruik

  • € 1.500 per week met een maximaal totaalbedrag van € 7.500,- + maatwerk naar aard en omvang en overlast

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van gronden en bouwwerken voor detailhandel

Een bedrijf gebruikt een bouwwerk of perceel bedrijfsmatig voor detailhandelsdoeleinden in strijd met een bestemming (inclusief opslag)

  • € 2.500,- per week met een maximaal totaalbedrag van € 12.500,-

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van gronden en bouwwerken voor groothandel

Een bedrijf gebruikt een bouwwerk of perceel voor groothandelsdoeleinden in strijd met een bestemming. (inclusief opslag)

  • € 5.000,- per week met een maximaal totaalbedrag van € 25.000,-

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van gronden en bouwwerken voor handel in volumineuze goederen

Een bedrijf gebruikt een bouwwerk of perceel voor handelsdoeleinden voor volumineuze goederen (auto’s, caravans, boten etc.)

  • € 7.500,- per week met een maximum totaalbedrag van € 37.500,-

  • 8 weken

College

Tabel I.B.4 Omgevingsplanactiviteiten, gebruik, horeca-activiteiten

In deze tabel worden aan horeca gerelateerde gebruiksactiviteiten omschreven, die op basis van het omgevingsplan gezien worden als strijdig gebruik. Het kan daarbij gaan om zowel bestemmingen die deze activiteiten toestaan, maar ook voor andersoortige bestemmingen, zoals wonen, agrarisch etc. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in lichte, middelzware en zware horeca-activiteiten. De indeling is o.a. afhankelijk van openingstijdstip, verwachte overlast en aantrekkende werking en bezoekeraantallen.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Strijdig gebruik bouwwerken en gronden lichte horeca-activiteiten

Er worden bedrijfsmatig lichte horecaactiviteiten (beperkte hinder, alleen overdag en ‘s avonds open, gering aantrekkende werking) in strijd met de bestemming aangeboden. Te denken valt aan

  • o

    Bar

  • o

    bistro,

  • o

    klein restaurant (minder dan 10 tafels),

  • o

    snackbar,

  • o

    pizzeria

  • o

    etc.

  • € 2.000 per week met een maximum totaalbedrag van € 10.000,-

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van bouwwerken en gronden voor middelzware horeca-activiteiten

Er worden middelzware horecaactiviteiten (aanzienlijke hinder, ook s nachts open) aangeboden. Te denken valt aan

  • o

    biljartcentrum;

  • o

    proeflokaal;

  • o

    middelgroot restaurant minder dan 50 tafels

  • o

    zalenverhuur (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen)

  • o

    etc.

  • € 2.500 ,- per week met een maximum totaalbedrag van € 12.500,-

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van bouwwerken en gronden voor zware horeca-activiteiten

Er worden zware horecaactiviteiten (aanzienlijke hinder, ook s nachts open, grote aantrekkende werking) aangeboden. Te denken valt aan

  • o

    Groot restaurant ( 50 of meer tafels)

  • o

    dancing;

  • o

    discotheek;

  • o

    nachtclub;

  • o

    partycentrum (regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen)

  • o

    etc.

  • € 3000,- per week met een maximum totaalbedrag van € 15.000,-

  • 8 weken

College

Tabel I.B.5 Omgevingsplanactiviteiten, gebruik, kantoorfunctie en dienstverlening

In deze tabel worden aan kantoor en dienstverlenende gebruiksactiviteiten, daaronder begrepen vervoersdiensten, omschreven, die op basis van het omgevingsplan gezien worden als strijdig gebruik. Het kan daarbij gaan om zowel bestemmingen die deze activiteiten toestaan, maar ook voor andersoortige bestemmingen, zoals wonen, agrarisch etc. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in hinder, openingstijden, aantrekkende werking en aantal medewerkers. Algemeen hebben deze activiteiten gemeen dat er geen fysieke productie van goederen of producten plaatsvindt, maar dat zij gericht zijn op (al dan niet zakelijke) dienstverlening (inclusief gezondheidszorg en onderwijs.)

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Strijdig gebruik bouwwerken en gronden lichte kantoorfunctie en/ of dienstverlening

Er worden in strijd met de bestemming lichte kantooractiviteiten of dienstverlening uitgevoerd (beperkte hinder, alleen overdag open, geringe aantrekkende werking, minder dan 10 medewerkers) aangeboden.

  • Te denken valt aan:

  • Vrije beroepen (klein)

    • o

      Adviesbureau (klein);

    • o

      Advocatenkantoor (klein);

    • o

      Architecten;

    • o

      Notarissen

    • o

      Belastingadviseurs

    • o

      Verzekeringsadviseurs

    • o

      Huisartsen(posten)

  • Computerservicebureau, IT;

  • Dierenasiels en pensions;

  • Kinderopvang;

  • € 3.000,- per week met een maximum totaalbedrag bedrag van € 15.000,-

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van bouwwerken en gronden voor middelzware kantoorfunctie en/of dienstverlening

Er worden in strijd met de bestemming middelzware kantoor activiteiten of dienstverlening uitgevoerd (aanzienlijke hinder, alleen overdag open, middelmatige aantrekkende werking, minder dan 25 medewerkers)

Te denken valt aan:

  • o

    Adviesbureau, maar dan middelzwaar

  • o

    scholen/universiteiten;

  • € 5.000,- per week met een maximaal totaalbedrag van € 25.000,--

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van bouwwerken en gronden voor zware kantoorfunctie en of dienstverlening

Er worden in strijd met de bestemming zware kantoorfunctie activiteiten of dienstverlening uitgevoerd (aanzienlijke hinder, ook s avonds/’s nachts open, grote aantrekkende werking), 25 of meer medewerkers.

Te denken valt aan:

  • o

    Grote adviesbureaus

  • o

    Gemeentehuis;

  • o

    Ziekenhuizen;

  • € 7.000- per week met een maximum totaalbedrag van € 35.000,-

  • 8 weken

College

Tabel I.B.6 Omgevingsplanactiviteiten, gebruik, industriefuncties en aanverwante activiteiten

In deze tabel worden industrie gerelateerde gebruiksactiviteiten omschreven, die op basis van het omgevingsplan gezien worden als strijdig gebruik. Het kan daarbij gaan om zowel bestemmingen die deze activiteiten toestaan, maar ook voor andersoortige bestemmingen, zoals wonen, agrarisch etc. Typerend voor deze activiteiten is dat zij gericht zijn op het fysiek maken van goederen en producten, (daaronder begrepen voedsel) of ten dienste hiervan staan bijvoorbeeld door opslag en of transport. Bepalend voor de hoogte van de dwangsom voor industriefuncties en transportbedrijven is de categorie, waarin een bedrijf volgens de staat van bedrijfsactiviteiten van het omgevingsplan te plaatsen is danwel wat de impact op de omgeving is. Zo zal bijvoorbeeld een transportbedrijf met minder vrachtwagen een minder grote impact hebben op de omgeving dan als er meer vrachtwagens zijn. Idem voor bijvoorbeeld de aard van het transportbedrijf (gevaarlijke stoffen versus niet gevaarlijke stoffen)

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Strijdig gebruik bouwwerken en gronden lichte industriefunctie

Er worden in strijd met de bestemming lichte industriële activiteiten

  • Bedrijven in categorie 1-2 van de staat van bedrijfsactiviteiten van het omgevingsplan;

Te denken valt aan;

  • € 10.000,- per week met een maximum totaalbedrag van € 50.000,--

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van bouwwerken en gronden voor middelzware industriefunctie

Er worden in strijd met de bestemming middelzware industriële activiteiten

  • Bedrijven in categorie 3-4 van de staat van bedrijfsactiviteiten van het omgevingsplan

Te denken valt aan:

  • Cementfabrieken

  • Autosloperijen

  • € 15.000,- per week met een maximum totaalbedrag van € 75.000,--

  • 8 weken

College

Strijdig gebruik van bouwwerken en gronden voor zware industriefunctie

Er worden in strijd met de bestemming zware tot zeer zware industriële activiteiten uitgevoerd

  • Bedrijven in categorie 5-6 van de staat van bedrijfsactiviteiten van het omgevingsplan

  • Te denken valt aan

    • o

      Energiecentrales

    • o

      Chemische fabrieken

  • € 20.000,- per week met maximum totaalbedrag van € 100.000

  • 8 weken

College

Koeriersbedrijf tot en met 5 voertuigen

Een koeriersbedrijf gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 5.000, per week met een maximum van € 25.000

  • 8 weken

College

Koeriersbedrijf met meer dan 5 voertuigen

Een koeriersbedrijf gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 6.000, per week met een maximum van € 30.000,-

  • 8 weken

College

Personenvervoer, taxi met minder tot en met 5 voertuigen

Een bedrijf voor personenvervoer gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 7.000 per week met een maximum van € 35.000

  • 8 weken

College

Personenvervoer, Taxi met meer dan 5 voertuigen

Een bedrijf voor personenvervoer gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 8.000,- per week met een maximum van € 40.000,-

  • 8 weken

College

Transportbedrijf voor bulkgoederen/of niet gevaarlijke vloeistoffen met uitzondering van chemische transporten met minder dan 10 vrachtwagens

Een transportbedrijf gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 10.000,- per week met een maximum van € 50.000,-

  • 8 weken

College

Transportbedrijf voor bulkgoederen of niet gevaarlijke vloeistoffen met uitzondering van chemische transporten met meer dan 10 vrachtwagens

Een transportbedrijf gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 12.000,- per week met een maximum van € 60.000,-

  • 8 weken

College

Transportbedrijf voor chemische of gevaarlijke goederen, ongeacht aantal vrachtwagens

Een transportbedrijf gebruikt een locatie in strijd met de bestemming

  • € 14.000 per week met een maximum van € 80.000,-

  • 8 weken

College

Tabel I.B.7 Omgevingsplanactiviteiten, omgevingsvergunningsplichtige werkzaamheden

In deze tabel worden aan werkzaamheden omschreven, die op basis van het omgevingsplan gezien worden als vergunningsplichtige omgevingsplanactiviteit. Het gaat dan bijvoorbeeld om ontgravingen, verharden, ophogen, rooien van houtopstanden, herplanten etc.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

werkzaamheden zonder of in afwijking van een verleende omgevings vergunning

Er worden werkzaamheden, niet zijnde bouwwerkzaamheden uitgevoerd waarvoor op grond van het omgevingsplan een omgevingsvergunning nodig is

  • Minimaal € 2.500,- ineens + maatwerk naar aard, ernst en omvang

  • 4 weken

College

I c) Dwangsomhoogten erfgoed en monumenten

Tabel I.C.1 Omgevingsplanactiviteiten, omgevingsvergunningsplichtige werkzaamheden

In deze tabel worden dwangsommen voor activiteiten aan Rijksmonumenten, gemeentelijke (archeologische) monumenten of andere erfgoedobjecten zoals een beschermd dorps-of stadsgezicht behandeld. De hierin vermelde dwangsommen worden alleen opgelegd als er geen onherstelbare schade is aangericht of ter voorkoming van genoemde schade. Kan de schade niet meer worden hersteld of voorkomen worden, of is er sprake van herhaling dan volgt, waar mogelijk een bestuurlijke boete (zie tabel III.A.2)

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet voldoen aan de instandhoudingsplicht van een rijksmonument, gemeentelijk monument of archeologisch monument

De eigenaar/gebruiker van een monument verzuimt het monument goed te onderhouden of te herstellen

  • maatwerk naar aard, ernst en omvang van het gebrekkige onderhoud of soort monument

  • Bij herhaling of onherstelbaar bestuurlijke boete (zie tabel II.A.2)

  • 8 weken

College

Het beschadigen, verstoren, verplaatsen, ontsieren of vernielen of anderszins in gevaar brengen van een Rijksmonument, gemeentelijk monument, of archeologisch monument

De eigenaar/gebruiker of derde beschadigd een monument

  • Spoedbestuursdwang (waar mogelijk) ter voorkoming van verdere vernieling

  • Dwangsom bij eigenaar/ gebruiker voor herstel op basis van maatwerk naar aard, ernst is en omvang de beschadiging/vernieling of soort monument;

  • Bij herhaling door eigenaar/gebruiker of onherstelbaar bestuurlijke boete (zie tabel II.A.2)

  • Bestuurlijke boete (direct) als de activiteit is gepleegd door een ander dan de eigenaar/gebruiker. (Zie tabel II.A.2)

  • 8 weken

College

Het zonder omgevingsvergunning slopen of wijzigen van een Rijksmonument of gemeentelijk monument

De eigenaar/gebruiker sloopt of wijzigt een monument zonder omgevingsvergunning

  • Spoedbestuursdwang (waar mogelijk) ter voorkoming van verdere sloopwerkzaamheden

  • Dwangsom:

    • o

      Maatwerk naar aard, ernst en omvang van de werkzaamheden en soort monument

  • Bij herhaling of onherstelbaar bestuurlijke boete (zie tabel II.A.2)

  • 8 weken

College

Het afwijken van een voorschrift van een verleende omgevingsvergunning voor een Rijksmonument of gemeentelijk monument

De vergunninghouder wijkt af van een voorschrift in een verleende omgevingsvergunning voor de monumentactiviteit

  • Spoedbestuursdwang (waar mogelijk) ter voorkoming van verdere sloopwerkzaamheden

  • Dwangsom:

    • o

      Maatwerk naar aard, ernst en omvang van de werkzaamheden en soort monument

  • Bij herhaling of onherstelbaar bestuurlijke boete (zie tabel II.A.2)

  • 8 weken

College

I.D) Dwangsomhoogtes Algemene Plaatselijke Verordening (APV)

Tabel I.D.1 Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik openbare plaatsen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op de bruikbaarheid, het uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Voorwerpen op of aan de weg, of openbare plaats

(art. 2.10 APV)

Er worden voorwerpen op de of aan de weg of openbare plaats geplaatst die daar niet thuishoren

  • Minimaal € 250,- ineens per voorwerp + maatwerk naar soort voorwerp

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Aanpassen van wegen zonder omgevingsvergunning

(art.2.11 APV)

Wegen worden zonder toestemming aangelegd, beschadigd of veranderd

  • Minimaal € 5.000,- ineens

  • 4 weken

College

Maken of veranderen van een uitweg zonder omgevingsvergunning

(art. 2.12 APV)

Uitwegen worden gemaakt of veranderd

  • Minimaal € 2.500,- ineens

  • 4 weken

College

Hinderlijk voorwerpen, modder of stoffen op de weg

(art. 2.13 APV)

Er zijn voorwerpen of stoffen aanwezig die daar niet thuishoren en gevaar opleveren voor het verkeer

  • Minimaal € 2.000,- ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Bruikbaarheid van de weg

(Art. 2.14 APV)

Handelingen die de bruikbaarheid van de weg aantasten

  • Minimaal € 2.500,- ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Uitzicht belemmerende beplanting of voorwerp

Het uitzicht op de weg voor verkeersdeelnemers wordt gehinderd door beplanting of voorwerpen

  • Dwangsom minimaal € 250 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Tabel I.D.2 Evenementen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op het organiseren en houden van evenementen. Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen de hierna uit te leggen Kleine Evenementen en A, B en C-Categorieën, zoals opgenomen in het evenementenbeleid

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het niet-melden van een klein-evenement

(Art. 2.25 lid 3 APV)

Een klein evenement, zoals omschreven in artikel 2.25 lid 3 APV, wordt niet vooraf gemeld

  • Waarschuwing

  • Niet van toepassing

Burgemeester

Het houden van een vergunningsplichtig categorie A- evenement zonder vergunning

(Art. 2:25 APV)

A-evenementen zijn evenementen met weinig risico’s en een beperkte impact op de omgeving. De organisator kan het evenement zelf voldoende voorbereiden en uitvoeren. Voorbeelden van A-evenementen zijn een braderie of een wandeltocht. Deze evenementen vergen doorgaans weinig veiligheids- en mobiliteitsmaatregelen

  • € 5.000,- ineens ter voorkoming van herhaling of preventief met name bij niet opvolgen verzoek toezichthouder om evenement vrijwillig te staken

  • Geen bij gericht op herhaling;

  • 2 dagen bij voorkoming/preventief

Burgemeester

Het houden van een vergunningsplichtig categorie B-evenement zonder vergunning

(Art. 2:25 APV)

B-evenementen zijn evenementen met een gemiddeld risico. De impact op de omgeving en het verkeer zijn groter dan bij een A-evenement. Deze evenementen hebben meer aandacht nodig bij de voorbereiding. Dit soort evenementen variëren van de wielerronde en grotere feesten zoals carnaval en Koningsdag. Voor deze categorie worden veiligheids- en mobiliteitsmaatregelen essentieel geacht. Hiermee streven we om zowel de veiligheid van bezoekers als de leefbaarheid in de directe omgeving te waarborgen.

  • € 10.000,- ineens ter voorkoming van herhaling of preventief met name bij niet opvolgen verzoek toezichthouder om evenement vrijwillig te staken

  • Geen bij gericht op herhaling

  • 2 dagen bij voorkoming/preventief

Burgemeester

Het houden van een vergunningsplichtig categorie C-evenement zonder vergunning

(Art. 2:25 APV)

C-evenementen zijn (grootschalige) evenementen met een verhoogd risico. De impact op de omgeving en het verkeer zijn nog groter dan bij een B-evenement. Deze evenementen vergen een uitgebreide planning, veiligheids- en mobiliteitsmaatregelen en coördinatie op verschillende niveaus. Ze vragen veel inzet van de gemeente bij de voorbereiding en coördinatie om te komen tot een vergunning waarmee de risico’s zoveel mogelijk worden geminimaliseerd. De impact is zodanig groot, dat de organisator moet samenwerken met betrokken hulpdiensten en gemeente.

  • o

    € 15.000,- ineens ter voorkoming van herhaling of preventief met name bij niet opvolgen verzoek toezichthouder om evenement vrijwillig te staken

  • Geen bij gericht op herhaling

  • 2 dagen bij voorkoming/preventief

Burgemeester

Afwijken van een voorschrift van een verleende evenementenvergunning

Het A, B, C-evenement wijkt af van een voorschrift van verleende omgevingsvergunning

  • veiligheidsvoorschriften of anderszins impact op de omgeving bij meerjarige /terugkerende evenementen

    • o

      € 1.000,- ineens per overtreden voorschrift, niet zijnde geluid

    • o

      Geluidsvoorschriften (Hoogte afhankelijk van uitgangspunten OMWB:

  • Geen (voorkomen herhaling)

  • 2 dagen bij voorkoming/preventief

Burgemeester

Tabel I.D.3 Toezicht op inrichtingen tot verschaffen nachtverblijf

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op het bieden van nachtverblijf aan gasten. Te denken valt aan kampeerterreinen en hotels etc.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Niet (goed) bijhouden nachtregister

(art. 2:37 APV)

Het verplichte nachtregister wordt niet of niet goed bijgehouden

  • € 2.500,- ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Tabel I.D.4 Toezicht op speelgelegenheden

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op het bieden van speelgelegenheden, zoals kansspelautomaten of casino’s.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het zonder vergunning exploiteren van een speelgelegenheid

(Art. 2:39 APV)

Een speelgelegenheid heeft geen vergunning voor exploitatie

  • Minimaal € 10.000,- ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Boventallig aantal kansspelautomaten aanwezig in hoogdrempelige inrichtingen

(Art. 2:40 APV)

In hoogdrempelige inrichtingen mogen niet meer dan 2 kansspelautomaten aanwezig zijn. In laagdrempelige inrichtingen mag geen enkele automaat aanwezig zijn.

  • € 2.500,- ineens per boventallige kansspel automaat

  • 1 week

Burgemeester

Tabel I.D.5 Toezicht op Winkelbedrijven

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op het exploiteren van zogenoemde smartshops, headshops, belshops of internetcafés. Deze vormen van winkels worden geacht een negatief effect te kunnen hebben op het woon- en leefklimaat. Een voorafgaande gebiedsaanduiding door het college is noodzakelijk om hierop te kunnen handhaven.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Het zonder vergunning exploiteren van een smartshop, headshop, belshop, internetcafé of ander soort winkelbedrijf zonder exploitatievergunning

(Art. 2:40c APV)

Een winkelbedrijf heeft geen benodigde exploitatievergunning

  • Minimaal € 10.000,- ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Het aanwezig zijn of verblijven van personen in een gesloten inrichting binnen de aangewezen sluitingstijden

(Art. 2:40g APV)

In een aangewezen winkelbedrijf zijn gedurende de op grond van de Winkeltijdenwet geldende sluitingstijden personen aanwezig of verblijven daar.

  • € 500,- ineens per persoon

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Tabel I.D.5 Maatregelen ter voorkoming van overlast, hinder of gevaar door dieren

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op het voorkomen van overlast, gevaar of schade door dieren

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Loslopende honden

(Art. 2:57 APV)

Honden lopen niet aangelijnd binnen bepaalde (aangewezen) openbare plaatsen en/of gebieden.

  • € 100,- per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 500,- per hond

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Verontreiniging door honden.

(Art. 2:58 APV)

Een hondenbegeleider ruimt niet onmiddellijk de uitwerpselen van honden op binnen bepaalde (aangewezen) openbare plaatsen en/of gebieden.

  • € 200,-per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 1.000 euro per hond

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Verontreiniging door paarden en/of pony’s

(Art. 2:58a APV)

De berijder van een paard of pony ruimt niet onmiddellijk, dan wel binnen 24 uur de uitwerpselen op.

  • o

    € 250,-per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 1.250 euro per paard/pony

  • Geen (voorkomen van herhaling)

College

Verontreiniging door andere huisdieren

(Art. 2:58b APV)

De begeleider van een ander huisdier dan een hond, paard, of pony, ruimt binnen 6 uur de uitwerpselen van dat dier op.

  • € 75,-per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 375 euro per dier.

  • Geen (voorkomen van herhaling

College

Gevaarlijke honden

(Art. 2:59 APV)

Er is sprake van een gevaarlijke of hinderlijke hond waarbij een eerder muilkorf of aanlijngebod wordt genegeerd

  • € 1.000,- per overtredingvan het gebod met een maximum van € 5.000,-

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Loslopend vee

(Art. 2:62 APV)

De rechthebbende van vee zorgt niet voor een goede afscheiding tussen de weg en het weiland of ander niet van de weg afgescheiden terrein, waar het vee zich bevindt, waardoor het vee zonder hinder de openbare weg kan bereiken

  • Dwangsom voor het aanbrengen van een deugdelijke veekering minimaal € 2.000 ineens per ontbrekende veekering en/of

  • Dwangsom ter voorkoming van herhaling van loslopend vee € 250 per loslopend stuk vee

  • Aanbrengen voorziening: 4 weken

  • Herstellen van een voorziening: 1 week

  • Loslopende vee: geen (voorkomen herhaling)

College

Houden van bijen

(Art. 2:64 APV)

De bijenkorven of -kasten zijn niet op voldoende afstand van woningen of gebouwen geplaatst en/of zijn niet in voldoende mate afgeschermd

  • € 500,- ineens per te kort op afstand geplaatste kast of korf en/of

  • € 750,- ineens per ontbrekende afscherming

  • 2 weken

College

Vernietigen van rupsen- en rupsennesten

(Art. 2:64a APV)

De rechthebbende verwijdert of vernietigt niet, zoals verplicht na aanwijzing van het college, rupsen en/of -rupsennesten uit bomen of of houtopstanden

  • Dwangsom € 2.000,- per bron

  • 1 week

College

Tabel I.D.6 Drugsoverlast

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven die betrekking hebben op het voorkomen van overlast, gevaar of schade door openlijk gebruik van drugs, of handel in drugs, anders dan in woningen of lokalen.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Drugshandel op straat

(Art. 2:74 APV)

Al dan niet tegen betaling worden verboden drugs op een openbare plaats geleverd, aangeboden, of geworven.

  • € 1.250,-- per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 7.500,-

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verzameling van personen in verband met drugs.

(Art. 2:74a APV)

Er zijn op een door de burgemeester aangewezen plaats meer dan 4 personen aanwezig die openlijk drugs gebruiken.

  • € 250,- per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 1.250,- per persoon

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Openlijk drugsgebruik

(Art.2:74b APV)

Een persoon gebruikt op een openbare plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw drugs of treft voorbereidingen voor dat gebruik.

  • € 250,- per overtreding met een maximum totaalbedrag van € 1.250, per persoon

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Tabel I.D.7 Bijzondere bevoegdheden burgemeester:

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven waarvoor een aanvullende exploitatievergunningsplicht geldt ter voorkoming van malafide ondernemersactiviteiten

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Bedrijfsmatige activiteit zonder exploitatievergunning

(Art. 2:81, lid 3 APV)

Een door de burgemeester aangewezen bedrijfsmatige activiteit wordt zonder exploitatievergunning verricht in een aangewezen gebouw of erf.

  • Minimaal € 2.000,-- per week met een maximum totaalbedrag van € 10.000,-

  • 4 weken

Burgemeester

Een wijziging van een bedrijfsmatige activiteit wordt niet gemeld

(Art. 2:81, lid 6 APV)

Een exploitant meldt een wijziging van een bedrijfsmatige activiteit niet

  • Dwangsom € 2.500 ineens per niet gemelde wijziging

  • 2 weken

Burgemeester

Verbod aangewezen gebouw of erf open te stellen voor personen .

(Art. 2:81, lid 7 APV)

Een aangewezen gebouw of erf is open zonder aanwezigheid van een exploitant of beheerder.

  • Bij herhaling dwangsom ter voorkoming van herhaling € 5.000,- ineens,-

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Ontbreken voldoende toezicht ter voorkoming strafbare feiten

(Art.2:81, lid 8 APV)

Een exploitant of beheerder ziet niet goed toe op voorkoming van strafbare feiten binnen zijn bedrijf

  • Bij herhaling dwangsom € 10.000,- ineens en daarna

  • Intrekking vergunning + aanvullende (optie) dwangsom van minimaal € 15.000,- ineens ter voorkoming van niet naleven intrekking

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Tabel I.D.8 Parkeren en parkeerexessen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening weergegeven voor regulering parkeerproblematiek

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Voertuigen van een autobedrijf

(Art. 5:1 APV)

Een autobedrijf plaatst meerdere van zijn voertuigen te veel of op onjuiste wijze op de openbare weg rondom zijn bedrijf of gebruikt de weg als werkplaats

  • Dwangsom € 2.500,- ineens per personenauto

  • 2 weken

College

I.E) Dwangsomhoogtes Alcoholwet en exploitatie openbare inrichtingen en terrassen

In de onderstaande tabellen voor alcoholverstrekkende openbare inrichtingen en terrassen worden dwangsommen op grond van de Alcoholwet weergegeven. In tegenstelling tot eerdere tabellen van andere wet- en regelgeving, zijn ook de (vaak) verplichte schorsing en zelfs intrekking van verleende alcohol- en of exploitatievergunningen een middel om een overtreding te beëindiging.

De hoogtes van de dwangsommen zijn gebaseerd op het aantal m² (vergunde) lokaliteiten en/of terras (zowel op grond van een alcoholvergunning en/of exploitatievergunning )

Vanwege de gevolgen van het verkeerd of niet mogen verstrekken van alcohol voor de volksgezondheid zijn de begunstigingstermijnen zeer kort.

  • (1 week bij bijvoorbeeld ernstige overtreding en/of acuut én ernstig gevaar voor volksgezondheid, openbare orde, veiligheid, zedelijkheid, direct gevaar voor witwassen, of handelen zonder verleende vergunning).

  • 2 weken bij bijvoorbeeld minder ernstige overtreding en/of ernstig gevaar voor volksgezondheid, openbare orde, veiligheid, zedelijkheid, witwassen, of handelen in afwijking van verleende vergunning);

  • Geen (bij gemakkelijk te voorkomen herhaling, geen duurovertreding of tot een individuele gebeurtenis terug te leiden overtreding)

Er is gekozen voor een dwangsom ineens, waarbij zodra deze is volgelopen (aanvullend) overgegaan wordt tot een tweede verhoogde dwangsom en/of een wettelijk vastgestelde bestuurlijke boete.

In tegenstelling tot andere bestuurlijke boetes (zie bijvoorbeeld Tabel III.B en verder) zijn bestuurlijke boetes op grond van de Alcoholwet geen variabele maar vaste bedragen. Matiging of wijziging van de hoogte is dan in principe niet mogelijk.

Na 2 opgelegde dwangsommen en aanvullend 1 bestuurlijke boete voor dezelfde soort overtreding volgt permanente intrekking van de verleende vergunning waar mogelijk, bijvoorbeeld op grond van artikel 31, lid 2 Alcoholwet.

Tabel I.E.1 Alcoholwet, paragraaf 2, algemeen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Alcoholwet weergegeven. Het gaat dan om algemene overtredingen van de Alcoholwet, zoals genoemd in paragraaf 2 van de Alcoholwet. Bijvoorbeeld het zonder vergunning handelen of niet voldoen aan algemene vereisten.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Alcoholwet

(vergunningsplicht)

(Art. 3 Alcoholwet)

Een bedrijf exploiteert zonder (rechtsgeldige) vergunning met zicht op legalisering

  • Last onder dwangsom ondanks zicht op legalisering toch tijdelijk staken (tot vergund) gebruik vanwege belang volksgezondheid;

    • o

      Tot 50 m²: € 5000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 7.500,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 10.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: 12.500,- ineens

  • 1 week.

Burgemeester

Alcoholwet

(vergunningsplicht)

(Art. 3 Alcoholwet)

Een horecabedrijf exploiteert zonder (rechtsgeldige) vergunning zonder zicht op legalisering

  • Last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week

Burgemeester

Alcoholwet

(leidinggevenden)

(Art. 8 Alcoholwet)

Een leidinggevende voldoet niet langer aan 1 of meer aan hem gestelde eisen

  • waarschuwing

  • Verplichte intrekking op grond van artikel 31 Alcoholwet;

  • Indien sluiting wordt genegeerd: Last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week

Burgemeester

Alcoholwet

(Inrichtingsvereisten)

(Art. 10 Alcoholwet)

Een inrichting voldoet niet langer aan 1 of meer daaraan gestelde inrichtingseisen

  • Waarschuwing:

  • Verplichte intrekking op grond van artikel 31 Alcoholwet:

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week

Burgemeester

Tabel I.E.2 Alcoholwet, paragraaf 2, Bijzondere bepalingen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Alcoholwet weergegeven. Het gaat dan om bijzondere bepalingen en verboden gedragingen voor alcoholverstrekkende inrichtingen op grond van de Alcoholwet, zoals genoemd in paragraaf 3 van de Alcoholwet.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Verstrekken alcoholhoudende dranken buiten vergunde lokaliteit voor gebruik ter plaatse

(Art. 12, lid 1 en 2 Alcoholwet)

Er worden alcoholhoudende dranken buiten de op de vergunning vermelde horecalokaliteit(en) voor gebruik ter plaatse

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling

Burgemeester

Verstrekken alcoholhoudende dranken voor gebruik elders dan ter plaatse

(Art. 13, lid 1 Alcoholwet)

Er worden alcoholhoudende dranken binnen de op de vergunning vermelde horecalokaliteit(en) verstrekt voor gebruik elders dan ter plaatse.

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verstrekken alcoholhoudende dranken voor gebruik ter plaatse in een slijtlokaliteit

(Art. 13, lid 2 Alcoholwet)

Er worden alcoholhoudende dranken verstrekt binnen de slijtlokaliteit voor gebruik ter plaatse

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 5000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling

Burgemeester

Verbod andere bedrijfsactiviteiten in slijtlokaliteit

(Art. 14, lid 1 Alcoholwet)

Er worden anderebedrijfsactiviteiten in slijtlokaliteit uitgevoerd

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Verbod kleinhandel in horecalokaliteit of op terras

(Art. 14, lid 2 en artikel 15 Alcoholwet)

Er worden in een horecalokaliteit of op een terras goederen of diensten aangeboden, niet zijnde horeca-activiteiten

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Verbod verkoop alcoholhoudende dranken via automaten

(Art. 16 Alcoholwet)

Er worden binnen de inrichting via automaten alcoholhoudende dranken verstrekt

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod verstrekken alcoholhoudende dranken in niet gesloten verpakking

(Art. 17 Alcoholwet)

In een supermarkt of slijterij worden alcoholhoudende dranken verstrekt aan particulieren in niet gesloten verpakking

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:> 500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod verkoop zwak-alcoholische dranken in een ander bedrijf dan een slijtersbedrijf voor gebruik elders dan ter plaatse.

(Art. 18, lid 1 en 2 Alcoholwet)

Er worden zwak-alcoholhoudende dranken,anders dan in een slijtersbedrijf of levensmiddelenbedrijf, verkocht voor gebruik elders dan ter plaatse

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:> 500 m²:

    • o

      € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod geen duidelijk onderscheid tussen zwak-alcoholhoudende dranken en alcoholvrije dranken

(Art. 18, lid 3 Alcoholwet)

Onderscheid tussen zwak-alcoholhoudende dranken en alcoholvrije dranken ontbreekt in een ruimte van een levensmiddelenbedrijf

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Verbod bestelservice sterke drank

(Art. 19, lid 1 Alcoholwet)

Er wordt sterke drank verkocht op bestelling door een ander bedrijf dan een slijtersbedrijf of partycatering

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:> 500 m²:

    • o

      € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod bieden gelegenheid tot het doen van bestellingen en/of leveringen in aan huis bij particulieren van zwak-alcoholhoudende dranken

(Art. 19, lid 2 Alcoholwet)

Particulieren kunnen zwak-alcoholhoudende dranken bestellen (anders dan bij een slijtersbedrijf) en deze dranken aan huis geleverd krijgen.

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod verstrekken alcoholhoudende dranken aan minderjarigen (<18 jaar)

(Art. 20, lid 1Alcoholwet)

Een slijtersbedrijf of levensmiddelenbedrijf of ander bedrijf zoals bedoeld in artikel 18, lid verstrekt alcoholhoudende drank aan minderjarige

  • Indien horecabedrijf of slijtersbedrijf:

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:> 500 m²: € 5.000 ineens

Indien bedrijf zoals bedoeld in art. 18, lid 2 Alcoholwet:

Bij derde keer overtreding (3 strikes your out)

  • Ontzegging van bevoegdheid verkoop zwak-alcoholhoudende dranken voor 12 maanden (art. 44, lid 1 Alcoholwet + bestuursdwang

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Niet duidelijk zichtbaar aangegeven leeftijdsgrens (NIX18)

(Art. 20, lid 3 Alcoholwet)

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Verbod op toelating van onder invloed verkerende personen

(Art. 20, lid 4 en 5 Alcoholwet

Dronken of onder invloed van drugs verkerende personen mogen niet worden toegelaten tot de slijt- of horecalokaliteit of terras

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:> 500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkoming van herhaling)

Burgemeester

Verkoop op afstand voldoet niet aan de daarvoor gestelde eisen

(Art. 20a Alcoholwet)

Verkoop op afstand van alcoholhoudende dranken voldoet niet aan de daarvoor gestelde regels, waaronder een verificatie van de leeftijd en daadwerkelijke levering op het adres van de besteller

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod verkoop alcoholhoudende dranken bij vermoeden verstoring openbare orde, veiligheid of zedelijkheid.

(Art. 21 Alcoholwet)

Er wordt alcoholhoudende drank verstrekt, hetgeen tot een verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid leidt

  • Last onder spoedbestuursdwang inhoudende stilleggen verkoop alcohol;+

  • Strafrechtelijk proces-verbaal

  • (Geen- spoedbestuursdwang

Burgemeester

Verbod verstrekken alcoholhoudende dranken op bepaalde locaties direct langs autowegen

(Art. 22 Alcoholwet)

Er worden op genoemde locaties dicht bij de weg (zoals tankstations) alcoholhoudende dranken verkocht, hetgeen niet wenselijk is in verband met de verkeersveiligheid.

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod geopendzijn inrichting zonder aanwezigheid leidinggevende of vereiste persoon.

(Art. 24, lid 1 Alcoholwet)

Een horeca- of slijtlokaliteit is geopend voor publiek zonder dat een vereiste leidinggevende of andere vereiste persoon aanwezig is

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verbod geopend zijn van de horecalokaliteit van een para-commerciële rechtspersoon zonder aanwezigheid van leidinggevende of vereiste rechtspersoon

(Art. 24, lid 2 Alcoholwet)

Een para-commerciële rechtspersoon houdt de horeca-lokaliteit geopend voor publiek zonder dat een vereiste leidinggevende of andere vereiste persoon aanwezig is

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • (Geen: voorkomen van herhaling

Burgemeester

Verbod behoudens uitzonderingen om personen jonger dan 16jaar dienst te laten doen of alcohol te verstrekken

(Art. 24, lid 3 Alcoholwet)

In een horeca- of slijtactiviteit draaien personen jonger dan 16 jaar een dienst of verstrekken alcohol, met uitzonderingen, zoals bedoeld in lid 5, bijvoorbeeld in het kader van het volgen van een beroepsopleiding.

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • (geen voorkomen van herhaling

Burgemeester

Verbod aanwezigheid alcoholhoudende drank in een niet zijnde horeca- of slijtersbedrijf, in een voor publiek geopende ruimte behoudens uitzonderingen

(Art. 25, lid 1, onder a Alcoholwet)

Een ander bedrijf, dan een horeca of slijtersbedrijf houdt een ruimte voor publiek geopend en in die ruimte is alcoholhoudende drank aanwezig.

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod aanwezigheid voorraad alcoholhoudende drank in een nietvoor publiek geopende ruimte van een ander bedrijf dan een horeca of slijtersbedrijf, behoudens uitzonderingen

(Art. 25, lid 1, onder b, Alcoholwet)

Een ander bedrijf, dan een horeca of slijtersbedrijf heeft in een niet voor publiek geopende ruimte een voorraad alcoholhoudende drank aanwezig

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • 2 weken

Burgemeester

Verbod nuttigen alcohol in een voor publiek geopende ruimte van een ander bedrijf dan een horecabedrijf

(Art. 25, lid 2, Alcoholwet)

Een ander bedrijf dan een horecabedrijf houdt een ruimte geopend voor publiek en in die ruimte wordt alcoholhoudende drank genuttigd

  • Waarschuwing;

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verbod aanwezig hebben alcoholhoudende drank in een vervoermiddel voor kleinhandel, behoudens uitzonderingen

(Art. 25, lid 3 Alcoholwet)

In een vervoermiddel voor kleinhandel mag behoudens uitzondering geen alcoholhoudende drank aanwezig zijn

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Tabel I.E.3 Alcoholwet, paragraaf 4, Vergunningen, verplichte intrekking

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Alcoholwet weergegeven. Het gaat dan om vergunningen op grond van Alcoholwet. Vergunningen op grond van de Alcoholwet moeten worden ingetrokken als een bepaald feit zich voordoet.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Gebod aanwezig hebben van verleende vergunning en/of aanhangsel binnen de inrichting

(Art. 29, lid 3 Alcoholwet)

Een verleende vergunning en/of bijbehorend aanhangsel of ander verplicht document, of afschriften daarvan is/zijn niet binnen de inrichting aanwezig

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:> 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Gebod om binnen een maand wezenlijke veranderingen binnen de inrichting te melden aan de burgemeester

(Art. 30 Alcoholwet)

Binnen een maand moeten wezenlijke veranderingen in de bedrijfsvoering, zoals nieuwe eigenaar/exploitant/rechtsvorm etc. aan de burgemeester gemeld worden

  • Waarschuwing;

  • Verplichte Intrekking vergunning (Art. 31, lid 1, onder d Alcoholwet)

  • Indien sluiting wordt genegeerd: Last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij sluiting

Burgemeester

Gebod melding bijschrijving of doorhalen leidinggevenden

(Art. 30a Alcoholwet)

Een nieuwe leidinggevende wordt niet gemeld, of een oude leidinggevende wordt niet gemeld

  • Waarschuwing:

  • Verplichte intrekking (artikel 31, lid 1, onder d Alcoholwet);

  • Indien sluiting wordt genegeerd: Last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij sluiting

Burgemeester

Onjuist of onvolledig verstrekte gegevens aangevraagde vergunning

(Art. 31, lid 1 onder a Alcoholwet)

Een verleende vergunning zou niet zijn verleend als de burgemeester over de juiste gegevens beschikt had

  • Geen waarschuwing:

  • Verplichte intrekking op grond van artikel 31, lid 1 onder a Alcoholwet:

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij sluiting

Burgemeester

Vrees voor (verdere) verstoring openbare orde, veiligheid, zedelijkheid

(Art. 31, lid 1 onder c Alcoholwet)

Het stand houden van een vergunning zal leiden tot (verdere) verstoring van de openbare orde, veiligheid of Zedelijkheid

  • Geen waarschuwing;

  • Verplichte intrekking op grond van artikel 31, lid 1 onder c Alcoholwet:

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week

  • 1 dag of korter (bij ernstige vrees voor verdere verstoring)

Burgemeester

Tabel I.E.4 Alcoholwet, paragraaf 4, Vergunningen, facultatieve intrekking en/of schorsing

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Alcoholwet weergegeven. Het gaat dan om vergunningen op grond van Alcoholwet. Vergunningen op grond van de Alcoholwet kunnen worden ingetrokken of geschorst als een bepaald feit zich voordoet.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Niet houden aan voorschrift of beperkingen vergunning, ontheffing, Alcholwet.

(Art. 31, lid 2, Alcoholwet)

Een horeca of slijtersbedrijf houdt zich bij herhaling niet aan de regels van verleende vergunningen, ontheffingen en/of bij of krachtens de Alcoholwet gestelde voorschriften en vertoond over het algemeen slecht nalevingsgedrag

  • Voorwaarden schorsing vergunning: eerst 2 eerdere gevolgde dwangsomprocedures + 1 opgelegde bestuurlijke boete ongeacht soort overtreding;

  • Schorsingsduur (wegens niet naleven voorschrift) van 6 weken tot 12 weken afhankelijk van de ernst van de overtreding(en) (op grond van Art. 32, lid 1 Alcoholwet) + daarna bij nieuwe overtredingen:

  • Facultatieve intrekking vergunning op grond van artikel 31, lid 2 Alcoholwet

  • Indien schorsing of sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke (al dan niet tijdelijke) sluiting inrichting

  • 1 week

Burgemeester

Niet (meer) voldoen aan eisen Bibob

(Art. 31, lid 3 onder a Alcoholwet)

De vergunninghouder voldoet niet meer aan de in artikel 3 Wet Bibob gestelde eisen of situaties door strafrechtelijk of malafide handelen/nalaten

  • Geen schorsing wenselijk vanwege strafrechtelijk verleden of malafide handelingen, daarom:

  • (Direct) Facultatieve intrekking vergunning op grond van artikel 31, lid 3 onder a, Alcoholwet;

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij sluiting

Burgemeester

Binnen 2 jaar 3 keer verzoeken om bijschrijving van leidinggevende op aanhangsel vergunning, waarvan de burgemeester 2 keer heeft geweigerd

(Art. 31, lid 3, onder b Alcoholwet)

De vergunninghouder heeft in de afgelopen 2 jaar tenminste 3 keer om bijschrijving van een leidinggevende gevraagd, waarbij de burgemeester 2 keer bijschrijving heeft geweigerd wegens niet voldoen aan sociale hygiëne-eisen en/of Wet Bibob

  • Schorsing vergunning voor 6 weken (artikel 32 Alcoholwet)

  • Indien schorsing wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke tijdelijke sluiting inrichting; (daarna:

  • Facultatieve intrekking vergunning op grond van artikel 31, lid 3 Alcoholwet

  • 1 week bij sluiting

Burgemeester

Tabel I.E.5 APV Alcoholverstrekkende openbare inrichtingen en terrassen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene plaatselijke verordening weergegeven. Het gaat dan om openbare inrichtingen en terrassen waarbinnen (alcoholhoudende) dranken en spijzen worden verstrekt en/of exploitatievergunningen noodzakelijk zijn

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Verbod om een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning

(Art. 2:28, lid 1 APV)

Een openbare inrichting is in werking zonder (rechtsgeldige) exploitatievergunning (met zicht op legalisering)

  • Geen waarschuwing

  • Last onder dwangsom ondanks zicht op legalisering toch tijdelijk staken (tot vergund) gebruik vanwege belang volksgezondheid;

    • o

      Tot 50 m²: € 5000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 7.500,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 10.000,- ineens:

      • > 500 m²: 12.500,- ineens

  • 1 week

Burgemeester

Verbod om een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning

(Art. 2:28, lid 1 APV)

Een openbare inrichting is in werking zonder exploitatievergunning (zonder zicht op legalisering)

  • Geen waarschuwing

  • Last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij sluiting

Burgemeester

Verbod geopend zijn openbare inrichting zonder aanwezigheid van geldige leidinggevende

(Art. 2:28, lid 5 APV)

Er is geen verplichte en op de vergunning vermelde leidinggevende aanwezig bij een geopende inrichting

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • 1 week bij dwangsom

Burgemeester

Niet melden bijschrijven of verwijderen leidinggevende

(Art. 2:28, lid 6 APV)

Er volgt geen melding voor bijschrijving van een nieuwe en/of verwijdering van een bestaande leidinggevende

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens (daarna)

  • Facultatieve intrekking exploitatievergunning

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij dwangsom

  • 2 weken bij facultatieve intrekking (2:28a, lid 2 onder c)

Burgemeester

Verplichte intrekking vergunning openbare inrichting

(Art. 2:28a, lid 1 APV)

Een openbare inrichting voldoet niet meer aan de gestelde eisen

  • Geen waarschuwing;

  • Verplichte intrekking

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week of korter bij vrees voor gevaar voor openbare orde, veiligheid , volksgezondheid, woon of leefklimaat, of zedelijkheid (2:28a, lid 1 onder c)

  • 2 weken bij verplichte intrekking op grond van artikel 2:28a lid 1, onder a ( onjuiste informatieverstrekking vergunning) en d (ingetrokken alcoholwetvergunning)

  • 4 weken bij niet langer voldoen leidinggevende (artikel 2.28 lid 4)

Burgemeester

Facultatieve intrekking vergunning openbare inrichting

(Art. 2:28a, lid 2 APV)

Een openbare inrichting en/of leidinggevende voldoet niet meer aan de gestelde eisen

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens (daarna)

  • Facultatieve intrekking

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • 1 week bij last onder dwangsom

  • 2 weken bij facultatieve intrekking

Burgemeester

Het zich niet houden aan Sluitingstijden voor openbare inrichtingen

(Art. 2:29 APV)

Een openbare inrichting niet zijnde een para-commerciële inrichting, houdt zich niet aan de sluitingstijden

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verstoring openbare orde binnen een openbare inrichting

(Art. 2:31, lid 1 onder a APV)

De orde wordt verstoord in een openbare inrichting

  • Geen waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens (daarna)

  • Verplichte intrekking op grond van artikel 2:28a, lid onder c APV (vrees voor verstoring openbare orde)

  • Indien sluiting wordt genegeerd: last onder bestuursdwang door feitelijke sluiting inrichting

  • Geen (voorkomen van herhaling bij dwangsom

  • Bij intrekking 1 week of korter

Burgemeester

Bezoekers aanwezig binnen de openbare inrichting buiten openingstijd

(Art. 2:31, lid 1 onder b)

Bezoekers zijn aanwezig buiten openingstijden, zoals genoemd in artikel 2:30, lid 1 APV

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens (daarna)

  • Geen ( voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verstrekking van spijzen aan personen, die geen gebruik maken van het terras

(Art. 2:31, lid 1 onder c APV)

Personen die geen gebruik maken van het terras krijgen toch eten of drinken

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling

Burgemeester

Handel in een openbare inrichting

(Art. 2:32 APV)

Er wordt handel gedreven in een openbare inrichting

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens (daarna)

  • Verplichte intrekking op grond van art. 2:28 lid 1 onder c AVP (gevaar voor openbare orde)

  • Bij last onder dwangsom: Geen (voorkomen herhaling);

  • Bij verplichte intrekking 1 week of korter.

Burgemeester

Verbod drank in glas

(Art. 2:33a APV)

Er wordt drank in glas aangeboden binnen de een door de burgemeester aangewezen gebied en periode

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Tabel I.E.6 APV Alcoholverstrekkende para-commerciële rechtspersonen

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene plaatselijke verordening weergegeven. Het gaat dan om para-commerciële rechtspersonen (o.a.sportverenigingen en instellingen) die ook alcoholhoudende dranken verstrekken in het kader van hun niet bedrijfsmatige sportfunctie.

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Niet houden aan reguliere schenktijden zwak-alcoholhoudende dranken door para-commerciële rechtspersoon, gericht op sport

(Art. 2:34b, lid 1 APV)

De para-commerciële rechtspersoon, gericht op sport, houdt zich niet aan de in de APV regulier voorgeschreven schenktijden voor zwak-alcoholhoudende dranken

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Niet houden op wedstrijddagen aan afwijkende schenktijden voor para-commerciële rechtspersoon, gericht op sport.

(Art. 2:34b, lid 2 APV)

De para-commerciële rechtspersoon, gericht op sport, stopt op wedstrijddagen niet uiterlijk 1,5 na afloop van wedstrijden of later dan 24.00 uur met schenken van zwak alcoholhoudende dranken, dan wel schenkt zwak-alcoholhoudende dranken tijdens wedstrijden voor personen jonger dan 18 jaar.

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Niet houden aan regulier schenktijden overige para-commerciële rechtspersonen

(Art. 2:34b, lid 3 APV)

Overige para-commerciële rechtspersonen, houden zich niet de regulier schenktijden zwak-alcoholhoudende drank

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Niet houden aan maximaal aantal toegestane bijeenkomsten sociaal-culturele para-commerciële rechtspersoon

(Art. 2:34c, lid 1 APV)

Een sociaal-cultureel gericht para-commerciële rechtspersoon houdt meer dan 6 bijeenkomsten persoonlijke aard per jaar waar zwak-alcoholhoudende dranken worden geschonken en/of bijeenkomsten voor niet bij de rechtspersoon aangesloten personen

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 1.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 2.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 3.000,- ineens:

    • o

      > 500 m²: € 4.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling

Burgemeester

Niet indienen melding door sociaal-culturele para-commerciële rechtspersoon van bijeenkomsten

(Art. 2:34c, lid 2 APV)

Een sociaal-cultureel gericht para-commerciële rechtspersoon dient geen melding in bijeenkomsten vanpersoonlijke aard en/of bijeenkomsten voor niet bij de rechtspersoon aangesloten personen

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Verbod verstrekken Overige para-commerciële verstrekken tijdens bijeenkomsten alcoholhoudende dranken

(Art. 2:34c, lid 3)

Overige para-commerciële rechtspersonen, niet zijnde sociaal-cultureel georiënteerd, schenken alcoholhoudende drank bij bijeenkomsten van persoonlijke aard of voor personen die niet bij de rechtspersoon zijn aangesloten

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Tabel I.E.7 APV Alcoholmatiging

In deze tabel worden dwangsommen op grond van de Algemene plaatselijke verordening weergegeven. Het gaat dan om maatregelen ter voorkoming van misbruik van alcohol, dan wel ter matiging van alcoholgebruik

Overtreding

Onderwerp

Herstelmaatregel

Begunstigingstermijn

Wie?

Verbod Happy Hours

(Art. 2:34d APV)

Verbod om bedrijfsmatig of gratis alcoholhoudende binnen de horecalokaliteit of het terras dranken te verstrekken voor gebruik ter plaatse die voor een periode van 24 uur lager dan 60 % gebruikelijk wordt aangeboden

  • Waarschuwing

  • Last onder dwangsom

    • o

      Tot 50 m²: € 2.000,- ineens

    • o

      51 t/m 150 m²: € 3.000,- ineens;

    • o

      151 t/m 500 m²: 4.000,- ineens:

    • o

      >500 m²: € 5.000 ineens

  • Geen (voorkomen van herhaling)

Burgemeester

Bijlage II (Bestuurlijke Boetes)

II.A) Bestuurlijke Boetes Omgevingsrecht

Tabel II.A.1 Bestuurlijke boetes, omgevingsplan, gebruik of staat van open erven en bouwwerken, tegengaan van hinder, bedreiging van de leefbaarheid of een gevaar voor de gezondheid of veiligheid

Deze tabel geeft de hoogte voor bestuurlijke boetes weer die terug te leiden zijn tot artikel 18.12 lid 1, onder a van de Omgevingswet (Ow). Het gaat dan vooral om het gebruik of de staat van open erven, terreinen en bouwwerken. Dit onderwerp is geregeld in afdeling 22.2 van het omgevingsplan. Op grond van artikel 18.12, lid 2 is de hoogte van de boete dan in de 3e kolom dan maximaal van de tweede categorie (artikel 23, lid 4 wetboek van strafrecht maximaal € 5.150) Is er echter sprake van bijkomende bedreiging van de leefbaarheid of een (ernstig) gevaar voor de gezondheid of veiligheid tot maximaal de 4e categorie (=maximaal € 25.750) De hieronder genoemde bedragen kunnen worden geïndexeerd, afhankelijk van de landelijke aanpassing van de boetebedragen in artikel 23 Sr. De genoemde bedragen zijn richtbedragen en kunnen afhankelijk van feiten, omstandigheden en belangenafweging naar boven of beneden worden bijgesteld)

Overtreding

Onderwerp

Zonder bedreiging leefbaarheid of ernstige gevaarzetting (2e categorie

Met bedreiging , leefbaarheid/ernstige gevaarzetting (4e cat)

Wie?

Overbewoning (art. 22.16 omgevingsplan)

Een vergunde woning heeft te veel personen per m² voorgeschreven leefruimte/gebruiksoppervlakte

  • € 2.500,-

  • € 5.000,-

College

Gebruik bouwwerk naast bouwvallig verklaard bouwwerk (art. 22.17 omgevingsplan)

Een bouwwerk is bouwvallig verklaart waardoor het naastgelegen bouwwerk niet gebruikt mag worden.

  • € 2.500,-

  • € 10.000,-

College

Niet voldoen aan specifieke zorgplicht gebruik bouwwerk (Art. 22.18 omgevingsplan)

De gebruiker van een bouwwerk veroorzaakt hinder of een bouwwerk voldoet als gevolg van gebrekkig onderhoud, of anderszins overtreding specifieke zorgplicht

  • € 4.000,-

  • € 15.000,-

College

Aanwezigheid brandgevaarlijke stoffen nabij bouwwerk (Art. 22.19 omgevingsplan

Er is een brandgevaarlijke stof aanwezig nabij een bouwwerk

  • € 5.000,-

  • € 20.000,-

College

Niet voldoen aan specifieke zorgplicht gebruik open erf/terrein (Art. 22.20 omgevingsplan)

De gebruiker van een bouwwerk veroorzaakt hinder of een bouwwerk of als gevolg van gebrekkig onderhoud, of anderszins overtreding specifieke zorgplicht

  • € 4.000,-

  • € 15.000,-

College

Overtreding (algemeen) art. 4.1, lid 1 (betreffende de gestelde regels in het omgevingsplan), dan wel art. 4.3, lid 1 (verwijzing naar Bbl), aanhef en onder a, van de Omgevingswet vanuit niet bedrijfsmatige exploitatie

Een particulier overtreedt in het algemeen en bij herhaling de regels van het omgevingsplan en/of het Besluit bouwwerken leefomgeving

  • € 2.500,-

  • € 5.000,-

College

Overtreding (algemeen) art. 4.1, lid 1 (betreffende de gestelde regels in het omgevingsplan), dan wel art. 4.3, lid 1 (verwijzing naar Bbl), aanhef en onder a, van de Omgevingswet vanuit een bedrijfsmatige exploitatie

Een bedrijf (eigenaar/exploitant) overtreedt in het algemeen en bij herhaling de al dan niet technische voorschriften/ regels van het omgevingsplan en/of het Besluit Bouwwerken leefomgeving

  • € 4.000,-

  • € 20.000,-

College

Tabel II.A.2 Bestuurlijke boetes erfgoed-en monumenten

Deze tabel geeft de hoogte voor bestuurlijke boetes weer die terug te leiden tot overtreding van de erfgoedverordening Moerdijk en de Omgevingswet. Bestuurlijke boetes die terug te leiden zijn tot artikel 18.13 Ow, gaan uit van de 5e categorie (zoals aangegeven in artikel 23, lid 4 Sr, maximaal € 103.000,-) De genoemde bedragen zijn richtbedragen en kunnen afhankelijk van feiten, omstandigheden en belangenafweging naar boven of beneden worden bijgesteld)

Overtreding

Onderwerp

Boetebedrag bij herstelbaar (5e categorie

Boetebedrag bij niet herstelbaar/bij veelvuldige herhaling (5e categorie)

Wie?

Handelen in strijd met een voorschrift van een omgevingsvergunning voor gemeentelijke monumenten voorzover dat voorschrift beoogt dat monument te beschermen (Art. 5.5, lid 1, aanhef onder a, onder 40 Ow)

Een monument-beschermend voorschrift van een verleende omgevingsvergunning voor een (archeologisch) gemeentelijk monument wordt overtreden.

  • € 10.000,-

  • € 20.000,-

College

Handelen in strijd met voorschrift van een omgevingsvergunning voor een Rijksmonumentenactiviteit

(art. 5.5., lid 1, aanhef, onder b Ow)

Een voorschrift van een verleende omgevingsvergunning voor een Rijksmonument wordt overtreden.

  • € 15.000,-

  • € 30.000,-

College