Uitvoeringsprogramma VTH Gemeente Kerkrade 2026

Geldend van 04-05-2026 t/m heden

Intitulé

Uitvoeringsprogramma VTH Gemeente Kerkrade 2026

Inleiding

ACHTERGROND

Door het college is op 30-01-2024 het Strategisch- en Operationeel beleid VTH-taken Omgevingswet gemeente Kerkrade vastgesteld. In het Strategisch VTH-beleid staan de visie, prioriteiten en de belangrijkste doelen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) voor de komende jaren. Beleidsafwegingen zijn gemaakt op basis van risico's, verantwoordelijkheden van burgers en ondernemers, en beschikbare capaciteit en middelen. De vijf bestuurlijke uitgangspunten zijn de focus op de grootste risico's, eigen verantwoordelijkheid en ruimte voor initiatief, verschuiving van handhaving naar preventie, zorgen voor zicht op zaken, en intensieve samenwerking met ketenpartners. Prioriteiten zijn bepaald op basis van een risicoanalyse per gebiedstype (woonwijken, bedrijventerreinen, winkelgebieden, landelijk gebied). Het Strategisch VTH-beleid laat zien wat we willen bereiken.

Het Operationeel VTH- beleid is gebaseerd op landelijke strategieën voor preventie, vergunningverlening, toezicht, sancties en gedogen voor zover de VTH-taken worden uitgevoerd binnen het Domein Stad. De aanpak is op maat, waarbij de gemeente zich verplicht om te handelen volgens de beleidsregels en afwijken enkel goed gemotiveerd mogelijk is. De Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) vormt de basis voor het optreden. De landelijke “Leidraad dwangsombedragen en begunstigingstermijnen” wordt gehanteerd bij bestuursrechtelijk optreden.

Binnen de kaders van het VTH-beleid zijn in dit programma de belangrijkste aandachtspunten voor het jaar 2026 aangegeven. Zowel de doelen (‘wat’) als de werkwijzen (‘hoe’) geven ons de richting voor de komende jaren, waarin we de taken in de fysieke leefomgeving uitvoeren.

DOEL VAN HET UITVOERINGSPROGRAMMA

In dit uitvoeringsprogramma wordt de benodigde capaciteit geschat voor de instrumenten die we in 2026 gebruiken, zodat we met de beschikbare middelen onze doelen zo goed mogelijk kunnen behalen.

Het gaat om de instrumenten die we gebruiken voor onze VTH-taken, vooral voor de landelijke regels die we uitvoeren en de regels in het omgevingsplan. Dit betreft bijvoorbeeld regels voor bouwen, slopen, brandveiligheid, monumenten, milieu- en natuurbescherming en Omgevingsplan.

In de Omgevingswet en de bijbehorende besluiten staan regels die we moeten volgen bij het uitvoeren van deze taken. Dit uitvoeringsprogramma zorgt ervoor dat we aan deze regels voldoen. Het programma laat zien hoe wij transparant omgaan met de uitvoering van het VTH-beleid voor burgers, bedrijven, onze gemeentelijke organisatie en onze samenwerkingspartners.

ORGANISATORISCHE INBEDDING

In opdracht van het college worden de VTH-taken vooral uitgevoerd door de afdeling Milieu en Bouwen van Domein Stad. Daarnaast zijn de afdeling Stedelijke Ontwikkeling en Stedelijk Beheer van Domein Stad en de afdeling Openbare Orde en Veiligheid van Domein Bestuur betrokken bij de uitvoering. We werken nauw samen met Omgevingsdienst Zuid-Limburg (OD-ZL). Eind 2025 heeft het college besloten om alle niet-basistaken milieu vanuit de gemeente per 1 januari 2026 onder te brengen bij OD-ZL. In 2026 wordt in onderling overleg tussen OD-ZL en de gemeente gewerkt aan de overdracht en verdere inrichting van deze taakverschuiving. Daarnaast werken we in het kader van brandveiligheid samen met de brandweer van de Veiligheidsregio. Ook werken we voor specifieke projecten daar waar aan de orde samen met andere overheden, zoals Waterschap Limburg, GGD, andere gemeenten en provincie Limburg.

Het uitvoeringsprogramma is de leidraad voor de uitvoering van de taken. Natuurlijk kan de uitvoering door verschillende omstandigheden veranderen. Dit wordt meegenomen wanneer we aan het einde van het jaar rapporteren over de resultaten in ons jaarverslag. De ervaringen worden vervolgens verwerkt in het uitvoeringsprogramma voor het volgende jaar.

LEESWIJZER

In hoofdstuk 2 benoemen we de ontwikkelingen die het komende jaar invloed hebben op onze taakuitvoering. In hoofdstuk 3 beschrijven we de systematiek van programmeren en schatten we de ‘productie’ van onze VTH-activiteiten in 2026. In hoofdstuk 4 vertalen we de inzetraming naar de organisaties die de werkzaamheden uitvoeren.

In bijlage A vindt u een overzichtstabel met de raming van aantallen VTH-producten, uren per doel, de instrumenten die we in 2026 gebruiken en de verwachte doelrealisatie. Verder is het uitvoeringsprogramma van de Omgevingsdienst voor 2026 opgenomen in bijlage B, met een overzicht van hun diensten voor onze VTH-taken en is in Bijlage C de Risico- en toetsmatrix VTH Gemeente Kerkrade opgenomen.

Relevante ontwikkelingen

Een aantal ontwikkelingen heeft invloed op ons werk in 2026. We noemen hieronder de ontwikkelingen met de grootste impact.

LANDELIJKE ONTWIKKELINGEN

Omgevingswet

Sinds 1 januari 2024 is de wetgeving ingrijpend veranderd met de komst van de Ow en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). In 2025 is door de gemeenteraad onze nieuwe Omgevingsvisie vastgesteld. Aansluitend wordt binnen onze gemeente gewerkt aan het opstellen van het daarop gebaseerde Omgevingsplan. Dit Omgevingsplan moet uiterlijk op 1 januari 2032 in werking treden. De totstandkoming van een adequaat Omgevingsplan, dat voldoet aan alle regels van de Ow, is een proces van jaren. Het is de bedoeling dat stapsgewijs naar een nieuw Omgevingsplan wordt toegewerkt. Het opstellen van een Omgevingsplan is een complexe en tijdrovende klus. Ook worden nog toepasbare regels opgesteld voor alle activiteiten die in het Omgevingsplan worden opgenomen. Van de betrokken medewerkers kost dit nog de nodige inzet. Nagenoeg alle acties rond de inwerkingtreding van de Ow zijn grotendeels afgerond. Enkele resterende acties rondom het VTH-systeem zijn in de reguliere ambtelijke lijn uitgezet

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

De Wkb regelt dat de gemeente technische bouwactiviteiten onder gevolgklasse 1 (woningen en eenvoudige bedrijfsgebouwen) niet meer toetst, maar dat een private kwaliteitsborger dit gaat doen. Voorlopig geldt hierop voor verbouw nog een uitzondering. Verbouw valt ook dit jaar nog onder het “oude” regiem en dus niet onder de Wkb. De preventieve toets van het bouwplan aan de bouwregelgeving vooraf wordt vervangen door toetsing en toezicht door kwaliteitsborgers op het bouwwerk zoals dat wordt gebouwd. De gemeente blijft wel verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en bouw- en sloopveiligheid. Ook blijft de gemeente het bevoegd gezag voor alles omtrent bouwen. De Wkb biedt ruimte om hierover in beleid specifieke keuzes te maken. Gezien de nog steeds beperkte ervaring in 2025 met de nieuwe Wkb hanteren we voor dit programma de risico- en toetsmatrix uit 2024 ongewijzigd. Deze versie wordt op basis van de ervaringen met de nieuwe wetgeving en de praktijk steeds verder uitgewerkt.

De risicobeoordeling en het borgingsplan zijn bedoeld om de gemeente inzicht te geven in de risico’s in een bouwwerk en de borging daarvan door de kwaliteitsborger en de bouw zelf. Wordt dit onvoldoende geborgd, dan kan de gemeente tijdens de uitvoering van een bepaald onderdeel van de bouw zelf toezien als zij dat nodig vindt. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) biedt de mogelijkheid om dan vooraf extra informatie over dat betreffende onderdeel op te vragen. Het hangt van de concrete feiten en omstandigheden af in welke gevallen wij over gaan tot het opvragen van extra informatie. De vergunningverleners en toezichthouders hebben wekelijks een afstemmoment over alle aanvragen en meldingen die zijn binnengekomen. Samen wordt bekeken waar aan moet worden gedacht, welke omstandigheden op die specifieke locatie gelden en hoe vervolg moet worden gegeven aan een aanvraag of melding. De gebiedskennis van de vergunningverleners en toezichthouders is hierbij heel belangrijk. Ook zal duidelijk worden in welke (concrete) situaties we overgaan tot het opvragen van extra informatie. Op die manier houden we intern de lijntjes kort, omdat ook in 2026 nog niet geheel duidelijk is welke invloed de Wkb op VTH heeft.

Unhappy flow

Na invoering van de Wkb doen zich situaties voor waarin niet wordt voldaan aan de Wkb. Ook wel bekend als de unhappy flow. Het is wenselijk om voor de meest voorkomende ongewenste situaties houvast te hebben hoe hiermee wordt omgegaan. Daarom zijn ambtelijk uitgangspunten vastgesteld. Deze hebben vooralsnog de status van een vaste gedragslijn. Het is onder meer belangrijk om uitgangspunten te hebben geformuleerd zodat in gelijke gevallen ook gelijk wordt gehandeld. In 2026 gaan we door met de evaluatie of de uitgangspunten ook daadwerkelijk werken in de praktijk en of zich nog andere situaties voordoen. De evaluatie kan aanleiding zijn om de uitgangspunten in het VTH-beleid aan te passen.

Eén van de uitgangspunten ziet op een strijdigheid met het Bbl. De kwaliteitsborger is verplicht om de gemeente te informeren als een strijdigheid met het Bbl is ontdekt die niet meer voor de gereedmelding wordt opgelost en dus een verklaring van de kwaliteitsborger tegenhoudt. In dat geval zal vanuit de gemeente een brief worden gestuurd waarin wordt gevraagd hoe de initiatiefnemer het probleem gaat oplossen. Als blijkt dat er sprake is van niet oplosbare afwijkingen van het Bbl, dan wordt in de brief aangegeven of al dan niet handhavend wordt opgetreden. De initiatiefnemer moet dan voor een oplossing zorgen. Een gereedmelding zonder verklaring van de kwaliteitsborger wordt niet geaccepteerd. Het uitgangspunt is dus dat wordt gehandhaafd.

Bij bijzondere omstandigheden/onevenredigheid kan van deze lijn worden afgeweken. Het is afhankelijk van de concrete feiten en omstandigheden voor welk handhavingsinstrument wordt gekozen. Er zijn verschillende mogelijkheden om handhavend op te treden. Zo kan de ingebruikname worden tegengehouden door middel van toepassing van bestuursdwang als niet aan de regels wordt voldaan. Bij sommige overtredingen is dit echter een te zwaar middel. Dit is bijvoorbeeld aan de orde als bepaalde documenten ontbreken in het as-built-dossier (feitelijke situatie na de uitvoeringswerkzaamheden, de gerealiseerde toestand). In dat geval is opleggen van een last onder dwangsom een geschikter handhavingsinstrument.

Vóór het in gebruik nemen van een bouwwerk moet eerst een gereedmelding worden ingediend bij het bevoegd gezag. Dit moet ten minste 2 weken voor het in gebruik nemen van het bouwwerk. Met een gereedmelding controleert het bevoegd gezag of de kwaliteitsborging is uitgevoerd volgens de regels, en dat het bouwwerk naar het oordeel van de kwaliteitsborger voldoet aan de bouwtechnische regels van het Bbl. De gereedmelding bestaat uit verschillende onderdelen, waaronder het ‘dossier bevoegd gezag’. Het doel van het dossier is dat de gemeente, bijvoorbeeld in geval van een calamiteit of toekomstige verbouwingen, over informatie beschikt die nodig is voor het toezicht op het gerealiseerde bouwwerk. De ingediende gereedmelding wordt beoordeeld op volledigheid. Als de gereedmelding niet compleet is, dan is de gereedmelding formeel niet gedaan. Vanuit de gemeente wordt een brief gestuurd en aangegeven wat er ontbreekt en dat een nieuwe gereedmelding moet worden ingediend. Ook kan het zijn dat handhavend moet worden opgetreden. Dat is afhankelijk van de concrete feiten en omstandigheden. Er wordt rekening gehouden met het evenredigheidsbeginsel. Als de gereedmelding akkoord is, wordt het dossier bevoegd gezag zonder inhoudelijke beoordeling gearchiveerd voor toekomstig gebruik, tenzij uit het proces blijkt of is gebleken dat er sprake is van een bijzondere situatie en/of uit ons VTH-beleid voortvloeit dat aan het dossier prioriteit moet worden gegeven en een inhoudelijke beoordeling dus op zijn plaats is.

Energielabel C-verplichting kantoren

Per 1 januari 2023 is de ‘Energielabel C-verplichting’ in werking en moeten alle kantoorgebouwen verplicht energielabel C of hoger hebben. In 2022 zijn gebouweigenaren door de overheid op de hoogte gesteld dat zij per 1 januari 2023 moeten voldaan aan de energielabel C-verplichting. In het kader van prioritering is in 2025 niet proactief gehandhaafd maar is tijdens reguliere controles (integraal) bij kantoorpanden gecontroleerd of wordt voldaan aan de verplichting. Dit conform ons VTH-beleid. In 2026 wordt in overleg met OD-ZL bepaald op welke manier dit in het werkprogramma wordt opgenomen. Het is nog onduidelijk hoeveel impact dit gaat hebben op VTH.

Energiebesparingplicht

Bedrijven die vallen onder de energiebesparingsplicht moeten zich melden bij RVO. Voor Kerkrade betrof dat in de periode 2019 tot 2023 (1e fase) 140 bedrijven die zich gemeld hebben. Bedrijven moeten zich elke 4 jaar (afhankelijk van hun verbruik) melden. Landelijk is bekend dat niet alle bedrijven zich melden. De inschatting is dat ongeveer 70% van de bedrijven (landelijk) zich heeft gemeld. Naast de meldingsplicht kan het ook zijn dat bedrijven vallen onder de onderzoeksplicht. Deze bedrijven moeten 4-jaarlijks een energiebesparingsonderzoek uitvoeren. Op beide categorieën bedrijven ziet de OD-ZL toe op naleving van de plichten. Sinds 2023 is toezicht op energie een basistaak die de gemeente inbrengt bij de OD-ZL. Dit in het kader van de SPUK Toezicht en Handhaving Energie. Samen met de OD-ZL stemt gemeente Kerkrade hierbij het energietoezicht bij Kerkraadse bedrijven af.

REGIONALE ONTWIKKELINGEN

Duurzaamheid / Energie

Gelet op Europese en landelijke wet- en regelgeving zijn er vele regionale (o.a. Parkstad Limburg) en lokale ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. Thema’s zijn onder andere klimaatadaptatie (wateroverlast, droogte en hittestress), een groene en gezonde stad, de energietransitie en geluid en circulariteit en afval. Waar het gaat om toezicht en handhaving ten behoeve van energie en duurzaamheidsmaatregelen bij bedrijven is dit een taak voor OD-ZL.

Een aantal van de regionale en lokale ontwikkelingen worden hieronder genoemd. Voor 2026 wordt in ieder geval binnen de gemeente verder ingezet op implementatie van duurzaamheid in diverse processen en projecten in lijn met het in 2024 door het college vastgestelde Uitvoeringsprogramma Duurzaamheid 2025-2028. Ook wordt vanuit duurzaamheid gewerkt aan het vaststellen van de Energievisie in 2026 en worden de voorbereidingen gestart voor het actualiseren van de Transitievisie Warmte 2.0 naar een Warmteprogramma en wordt gestart met het opstellen van Buurtuitvoeringsplannen.

Ook wordt in het kader van de isolatieopgave uitvoering gegeven aan het vastgestelde Isolatie- en Verduurzamingsprogramma en wordt in 2026 verder gewerkt aan de voorbereiding voor het opstellen van een Soorten management Plan. Daarnaast vormt de aanpak van energiearmoede ook in 2026 nog altijd een belangrijk speerpunt. Voor VTH zijn deze ontwikkelingen relevant omdat in de praktijk blijkt dat het aantal warmtepompen en airco’s (of andere installaties) toeneemt met als gevolg dat het aantal geluidklachten toeneemt. Daarnaast volgen uit acties rondom isolatie en energiearmoede ook casussen met achterstallig onderhoud en/of een ongezond binnenklimaat.

Circulariteit

Het in 2024 vastgestelde uitvoeringsprogramma circulaire economie wordt in 2026 verder concreet uitgewerkt met uitvoeringsactiviteiten. Ook wordt verder gewerkt aan het kennisprogramma Parkstad Circulair en in samenwerking met Rd4 het opzetten van een circulair Ambachtscentrum.

Afvalbeleid

In 2021 is het Grondstoffenplan 2022-2026 vastgesteld met het bijbehorende Uitvoeringsplan. Begin 2026 wordt een tussentijdse evaluatie opgesteld en ter informatie aangeboden aan het college en de raad. Het afvalbeleid wordt continue geëvalueerd en indien noodzakelijk aangepast op nieuwe wetgeving of ontwikkelingen op de afvalmarkt. Dit wordt samen met Rd4 en de andere negen Rd4-gemeenten uitgevoerd via de maandelijkse werkgroep beleid. Daarnaast wordt in 2026 in Rd4-verband verder gekeken naar mogelijkheden om de problematiek rondom bijplaatsingen aan te pakken.

Milieu en Externe Veiligheid

Binnen de gemeente zien we steeds meer aanvragen rondom de plaatsing van Energie Opslag Systemen (EOS) om ontwikkelingen mogelijk te maken ondanks netcongestieproblematiek. Daaraan gerelateerd bestaan bij ondernemingen in onder andere opslag en logistiek vragen rondom de (on)mogelijkheden en voorwaarden voor de veilige opslag van Lithium-ion batterijopslagen. In samenwerking met OD-ZL, de Veiligheidsregio, adviesbureaus en lokale partijen onderzoeken we de mogelijkheden en voorwaarden hierbij.

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

Binnen de samenwerking met OD-ZL werken we verder aan de acties en uitwerkingen van het Interbestuurlijk Programma versterking VTH-Stelsel. Ook bepalen we in overleg met OD-ZL de relevantie en impact van ontwikkelingen met betrekking tot VTH zoals die door OD-ZL in de kaderbrief 2026 zijn opgenomen. In dat kader werken we ook samen met OD-ZL aan een goede overdracht van alle milieutaken naar OD-ZL en de onderlinge afstemming hierbij.

INTERNE ONTWIKKELINGEN

Volgens ons VTH-beleid en het maatschappelijke doel van de Ow is de missie een veilige, gezonde en duurzame leefomgeving. Om dat te bewerkstelligen werken we intensief samen met tal van partijen. Binnen gemeente Kerkrade staat een veilige leefomgeving hoog op de bestuurlijke prioriteit. Kerkrade bevindt zich vaak bovenaan in de verkeerde lijstjes. In dat kader wordt nauw samengewerkt met andere afdelingen en domeinen in onder andere het Interventieteam en de aanpak Sociaal Veilig. Deze aanpakken vragen een aanzienlijke capaciteit op met name bouwtoezicht. Verder hoopt Kerkrade in 2026 aan de slag te kunnen gaan met de Parkstadwet waarvan op dit moment de verwachting is dat de impact op VTH voor dit programma beperkt is.

Het voorbereiden van het Omgevingsplan vraagt ook capaciteit van VTH. Daarnaast wordt in 2026 de inrichting van het VTH-systeem Rx-Mission afgerond met onder andere handhaving en Interventieteamaanpak.

SYSTEMATIEK VAN PROGRAMMEREN

In dit hoofdstuk beschrijven we de systematiek van programmeren. Het daadwerkelijke uitvoeringsprogramma met een raming van de uren is opgenomen in bijlage A.

DOELEN OP BASIS VAN OMGEVINGS- EN RISICOANALYSE

In ons VTH-beleid hebben we per gebiedstype de doelen benoemd die we de komende jaren willen bereiken met VTH. Deze doelen zijn gebaseerd op een analyse van de omgeving en de risico’s. We richten ons vooral op de onderwerpen met een hoge prioriteit, omdat daar de grootste risico’s liggen en ze belangrijk zijn voor ons bestuur en beleid. Onderwerpen met een gemiddelde of lage prioriteit pakken we ook op, maar in mindere mate.

VTH is voor onze gemeente een belangrijk instrument om de gezondheid, veiligheid en het welbevinden in de samenleving te borgen. Bijvoorbeeld bij het bouwen van publieke bouwwerken, slopen waarbij asbest vrijkomt, geluid- of geurhinder, brandveiligheid van hotels en pensions, verbouwingen aan monumenten en reclame-uitingen. Bij de uitvoering van de VTH-taken moeten we keuzes maken: waar moeten de prioriteiten liggen? Hoe strikt willen we zaken regelen en controleren? Daarbij spelen drie afwegingen een rol.

• Hoe groot zijn de risico’s die samenhangen met activiteiten? Zijn die groot, dan kennen we er ook meer prioriteit aan toe.

• Waar ligt de grens tussen de eigen verantwoordelijkheid van burgers en ondernemers en die van onze gemeentelijke organisatie?

• Onze capaciteit en middelen zijn beperkt en worden afgewogen tegen andere taken.

Tussen die drie afwegingen moet voldoende balans zijn. In het Strategisch beleid VTH-taken Omgevingswet is de risicoanalse opgenomen in bijlage 1. Daarin zijn de grootste risico’s en problemen benoemd in onze gemeente, die binnen de reikwijdte van de Ow vallen. Per gebiedstype is allereerst een kort profiel uitgewerkt, vervolgens de omgevingsanalyse met risico’s en problemen en tot slot de prioriteit(en). Bij het bepalen van de prioriteit(en) zijn we selectief geweest; alleen de problemen en risico’s met de hoogste prioriteit zijn vertaald in een bestuurlijke doelstelling. Daarmee voorkomen we een grote administratieve last voor registratie en monitoring van de voortgang van doelen.

Deze analyse is gemaakt door de VTH-medewerkers en overige (beleidsmatige) medewerkers actief in de bebouwde omgeving. In overleg zijn de voornaamste thema’s benoemd en de betreffende problemen en risico’s geduid. Deze risicoanalyse vormt het uitgangspunt voor de keuzes die in dit programma gemaakt zijn voor de VTH-taken en vormt de basis voor de toets- en inspectiematrix voor vergunningverlening en bouwtoezicht (bijlage C bij dit UP).

Voor onze gemeente betreft het de volgende hoge prioriteiten en doelen. Per doel wordt hieronder aangegeven op welke manier we in 2026 extra inzet leveren (bovenop onze reguliere werkzaamheden) om de doelen te realiseren.

Woonwijken

Binnen de reikwijdte van de Ow zijn, op basis van de omgevingsanalyse, de risico’s met de hoogste prioriteit die we met VTH kunnen oppakken voor woonwijken:

Hoge prioriteit

(zie bijlage 1)

VTH-doel

Indicator

Instrumenten uit operationeel beleid

Uitbreiding woningvoorraad in strijd met bestemmingsplan

1. Aanpakken van strijdige uitbreiding van de woningvoorraad door illegale woningsplitsing, -kamerverhuur, -nieuwbouw en -transformatie.

Doel is dat de woningvoorraad hierdoor kwalitatief en kwantitatief blijft aansluiten op de woonbehoefte in de zin van “juiste woning op juiste plek”.

Percentage van de panden waarvan op 1-1 bekend was dat er illegaal bewoning plaatsvond, waarvan de illegale situatie op 31-12 van het verslagjaar beëindigd is (door handhaving of legalisering).

•Toezicht ruimtelijke ordening (§ 4.10)

• Toezicht klachten en signalen (§ 4.11)

• Gebiedscontroles (§ 4.12)

• Samenwerking bij het toezicht (§ 4.13), in bijzonder flexteam, bevolkings-inspecteur, signaal bij BRP-inschrijving in niet-woning

• Legaliseren en sanctioneren (§ 5.2 en § 5.3)

Verblijf niet-zelfredzame personen

2. Groepen van niet-zelfredzame personen verblijven in gebouwen die voldoen aan de eisen voor brandveiligheid en constructieve veiligheid.

Percentage van het aantal panden waar meerdere niet-zelfredzame personen wonen (verzorgingstehuizen, scholen, woonzorgcom-plexen en kinderdagverblijven), waar in het verslagjaar een inspectie plaatsvindt op in ieder geval brandveiligheid (norm = 50%).

• Voorlichting (§ 2.2), in bijzonder over risicoaspecten voor brandveiligheid

• Toezicht bouwen (§ 4.2)

• Toezicht brandveiligheid (§ 4.4)

• Toezicht klachten en signalen (§ 4.11), in bijzonder direct bezoek bij iedere klacht/signaal t.a.v. brandveiligheid

Bedrijventerreinen

Binnen de reikwijdte van de Ow zijn, op basis van de omgevingsanalyse, de risico’s met de hoogste prioriteit die we met VTH kunnen oppakken voor bedrijventerreinen:

Hoge prioriteit

(zie bijlage 1)

VTH-doel

Indicator

Instrumenten uit operationeel beleid

Bouwwerken op bedrijventerrein Julia

3. Inzicht in gebruiksfuncties van bouwwerken op bedrijventerrein Julia, zodat we weten welke bedrijven met welke activiteiten gevestigd zijn én we kunnen bepalen of het feitelijk gebruik conform de geldende regels plaatsvindt.

Percentage van het aantal panden op bedrijventerrein Julia, waarvan de feitelijke (aanwezige) gebruiksfunctie in beeld is.

• Toezicht bouwen (§ 4.2)

• Toezicht brandveiligheid (§ 4.4)

• Toezicht milieu (§ 4.6)

• Toezicht ruimtelijke ordening (§ 4.10)

• Toezicht klachten en signalen (§ 4.11)

• Gebiedscontroles (§ 4.12), in bijzonder gevelcontroles en administratieve inventarisaties

• Samenwerking bij het toezicht (§ 4.13)

Winkelgebied

Binnen de reikwijdte van de Ow zijn, op basis van de omgevingsanalyse, de risico’s met de hoogste prioriteit die we met VTH kunnen oppakken voor winkelgebieden:

Hoge prioriteit

(zie bijlage 1)

VTH-doel

Indicator

Instrumenten uit operationeel beleid

Panden illegaal in gebruik als winkel

4. Panden die buiten de winkelgebieden in strijd met het omgevingsplan in gebruik zijn als winkel, worden actief gesignaleerd en gehandhaafd, zodat winkels zoveel mogelijk geconcentreerd blijven binnen de winkelgebieden.

Percentage van de panden waarvan op 1-1 bekend was dat er winkelactiviteiten plaatsvinden in strijd met het omgevingsplan, waarvan de illegale situatie op 31-12 van het verslagjaar beëindigd is (door handhaving).

• Toezicht ruimtelijke ordening (§ 4.10)

• Toezicht klachten en signalen (§ 4.11)

• Gebiedscontroles (§ 4.12)

• Samenwerking bij het toezicht (§ 4.13)

• Sanctioneren (§ 5.3)

Constructieve en brandveiligheid bij grote gebouwen met publieksfuncties

5. Grote gebouwen met publieksfuncties op de Rodaboulevard zijn qua constructie en brandveiligheid op orde, zodat gebruikers hiervan veilig gebruik kunnen maken.

Percentage van het aantal panden met een winkelfunctie op de Rodaboulevard, waar sinds 1-1-2024 een of meerdere inspecties op brandveiligheid én constructieve veiligheid hebben plaatsgevonden (norm = 25% per jaar, in 2027 100% gecontroleerd).

• Toezicht bouwen (§ 4.2)

• Toezicht brandveiligheid (§ 4.4)

• Legaliseren en sanctioneren (§ 5.2 en § 5.3)

Landelijk gebied

Binnen de reikwijdte van de Ow zijn, op basis van de omgevingsanalyse, geen risico’s met de hoogste prioriteit geconstateerd, die we met VTH kunnen oppakken voor het landelijk gebied.

DOELEN OP BASIS VAN DE VERORDENING

Naast de doelen uit onze omgevings- en risicoanalyse, heeft de gemeenteraad in de Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) gemeente Kerkrade 2023 aangegeven dat we ook doelen moeten stellen voor:

• de dienstverlening,

• de kwaliteit van ons werk en onze producten, en

• de financiën.

Voor deze onderwerpen hebben we in het Strategisch VTH-beleid hoofdstuk 4 de volgende doelen opgenomen. Per doel wordt hieronder aangegeven op welke manier we in 2026 extra inzet leveren (bovenop onze reguliere werkzaamheden) om de doelen te realiseren.

VTH-doel

Beoogde extra uitvoering door

Dienstverlening

Optimaliseren inrichting Rx-Mission / bestandsbeheer mba’s

• functioneel beheer Milieu en Bouwen

Uitvoeringskwaliteit

Trainingen (vakinhoudelijk en weerbaarheid) / Viër Zunt Kirchroa (samenwerking en persoonlijke ontwikkeling) / afstemming OD-ZL

• management in afstemming met medewerkers

Financiën/personeel

Uitwerken Besturingsmodel personeel/matrix van Antea

• management in afstemming met medewerkers

ACTUALITEIT VAN VTH-DOELEN

Het VTH-beleid is vastgesteld voor meerdere jaren. De doelen in dit beleid zijn beschreven op basis van de inzichten die we hadden bij het uitwerken van het beleid in 2023. Uit ons jaarverslag over de VTH-taken blijkt dat de doelen nog actueel zijn. Op basis van de huidige inzichten zijn vooralsnog geen nieuwe VTH-doelen noodzakelijk. In 2026 wordt wel beoordeeld in hoeverre actualisatie van het VTH-beleid noodzakelijk is in verband met taakoverdracht naar OD-ZL en actuele ontwikkelingen.

GERAAMDE PRODUCTIE

Voor de reguliere werkzaamheden, die jaarlijks terugkomen, is in bijlage A benoemd welke aantallen we in 2026 verwachten. Dit zijn de werkzaamheden die we vanuit onze wettelijke bevoegdheid inzetten en niet specifiek aan één of meerdere doelen verbonden zijn.

GERAAMDE UREN

De aantallen producten van reguliere werkzaamheden zijn voorzien van een kental: dit is het gemiddelde aantal uren dat nodig is om één product te realiseren. Door de aantallen producten te vermenigvuldigen met de kentallen, krijgen we een totaalbeeld van de verwachte benodigde uren voor de reguliere werkzaamheden. Voor een aantal producten kunnen we geen aantallen en kentallen inschatten; voor deze producten hebben we een totale urenraming gebruikt.

In bijlage A hebben we daarnaast per doel een inschatting gemaakt van het aantal benodigde uren in 2026 voor de beoogde extra uitvoering (extra inzet bovenop de reguliere werkzaamheden) om bij te dragen aan het realiseren van de doelen.

WERKVERDELING

Volgens het uitvoeringsprogramma (bijlage A) zijn er in totaal 23.123,5 uren nodig, verdeeld over 19.455,5 uren voor de gemeente, 2978 uren voor de Omgevingsdienst Zuid-Limburg en 690 uren voor de Veiligheidsregio. Deze uren zijn nodig om de VTH-taken in 2026 uit te voeren.

Ongeveer 73% van de beschikbare uren bij de gemeente is bestemd voor de doelen die we willen bereiken en die zijn opgenomen in dit UP en bijlage A (niet planbare doelen en benodigde beleidsmatige aspecten zijn eveneens in deze uren opgenomen). De overige 27% wordt gebruikt voor de reguliere werkzaamheden. Hieronder staat een overzicht van de uren per uitvoeringsorganisatie.

Uitvoeringsorganisatie

Uren

Gemeente – team vergunningen

9380

Gemeente – team bouwtoezicht

5170

Gemeente – team milieu

4905,5

Omgevingsdienst Zuid-Limburg

2978

Veiligheidsregio

690

Totaal

23123,5

De uren die door de verschillende uitvoeringsorganisaties gemaakt moeten worden, zijn afgestemd op de uren die deze organisaties beschikbaar hebben. Het uitvoeringsprogramma (werkprogramma) van OD-ZL staat in bijlage B.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in zijn vergadering van 21 april 2026.

Het college, de secretaris,

Dr. T.P. Dassen-Housen R.M.J.S. Stijns

Bijlage A UITVOERINGSPROGRAMMA – RAMING VAN UREN EN PRODUCTEN

Hoe benoemde doelstellingen gerealiseerd worden, staat in dit uitvoeringsprogramma waarin wordt beschreven:

• welke activiteiten ingezet worden om de doelstellingen te realiseren;

• welk organisatieonderdeel de inzet levert (intern, maar ook vanuit OD-ZL en Veiligheidsregio).

Het uitvoeringsprogramma geeft inzicht in de gevolgen voor de benodigde capaciteit. Het uitvoeringsprogramma wordt geschreven op basis van:

• een analyse van het naleefgedrag bij verrichte controles, ingediende klachten en handhavingsverzoeken op de verschillende beleidsvelden;

• landelijke prioriteiten en signalen van bijvoorbeeld de Rijksoverheid;

• samenwerkingsafspraken;

• een analyse van bouwprognoses, economische ontwikkeling en overige factoren die van invloed kunnen zijn op het werkaanbod of de prioriteitsstelling.

Binnen onze gemeente worden geen uren geschreven. De gehanteerde kentallen en productieve uren per fte zijn gebaseerd op landelijke beelden. In onderstaande tabellen is de urenraming voor 2026 samengevat weergegeven voor de verschillende producten en diensten binnen Milieu en Bouwen. Hierbij wordt ook een deel van de capaciteit gereserveerd voor niet-planbare werkzaamheden zoals klachten en meldingen of incidenten waarbij inzet van de afdeling gevraagd wordt. Daarnaast gaat een deel van de capaciteit naar reguliere taken zoals overleggen, bij- en nascholing, regionale afstemming, beleid etc.

Organisatie

Het UP omvat diverse taken die betrekking hebben op vergunningverlening, toezicht en handhaving. Deze taken zijn ondergebracht bij Milieu en Bouwen. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van een handhavingsjurist bij Rechtsbelangen, RO-adviseurs bij Stedelijke Ontwikkeling en civiele adviseurs (inritten/uitwegen en kappen) bij Stedelijk Beheer en de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit.

Personele en financiële middelen

De beschikbare formatie en het budget vormen een belangrijk deel van de kaders van dit UP. Personele lasten zijn overkoepelend opgenomen in de gemeentelijke begroting onder paragraaf 5. De uitgaven voor uitvoering van VTH taken bestaan uit kosten voor personeel, opleiding, middelen en adviezen. Daarnaast zijn er uiteraard diverse overheadkosten. De inkomsten voor uitvoering van de VTH-taken komen uit de legesopbrengsten en algemene middelen.

Voor de uitvoering van de VTH-taken voor milieu en bouwen zijn d.d. 1 januari 2026:

Beschikbare capaciteit 2026

Aantal FTE

uren

Casemanager vergunningen

1,5

2.100

constructeur

0,5

700

Initiatievenmanager

1,4

1.960

Bouwplantoetser / financieel

1,0

1.400

Administratief medewerker vergunningen

0,7

980

Toezichthouder bouw

3,0

4.200

Juridisch adviseur toezicht bouw

1,0

1.400

Jurist handhaving

2,0

2.800

Bodemspecialist/geluid

1,0

1.400

Milieucoördinator

1,0

1.400

Beleidsmedewerker milieu

0,5

700

Beleidsondersteuner milieu

1,0

1.400

Functioneel beheer/administratie

0,5

700

Management vergunningen en toezicht

2,0

2.800

Totaal primair

17,1

23.940

Inhuur casemanagement vergunningen

1,4

1.960

Inhuur constructeur

0,2

280

Inhuur inrichting Rx-Mission

0,2

280

Totaal inclusief inhuur

18,8

26.460

Totaal vergunningen (oranje): 9.380 uur (inclusief inhuur)

Totaal toezicht en handhaving bouw (blauw): 5.600 uur (8.400 uur inclusief handhavingsjuristen)

Totaal milieu (groen): 4.900 uur

Totaal overhead (wit): 3.780 uur (inclusief inhuur)

Voor de omrekening van fte naar uren wordt in bovenstaande tabel gehanteerd dat 1,0 fte overeenkomt met 1.400 productieve uren (op basis van landelijk beeld).

Programma vergunningverlening

De werkzaamheden bestaan op hoofdlijn uit het geven van voorlichting over aanvragen bouw-vergunningen (formeel: Omgevingsvergunning voor de activiteit Bouwen, verder “bouwvergunning” te noemen), het toetsen van aanvragen bouwvergunning aan van toepassing zijnde bouwregelgeving, aan het Omgevingsplan Kerkrade, aan redelijke eisen van Welstand en aan de Algemene wet bestuursrecht. Verder worden vrijstellingsprocedures RO (BOPA en OPA) uitgevoerd en juridische procedures afgehandeld. De toetsing bij vergunningverlening wordt uitgevoerd aan de hand van de toetsmatrix vergunningen zoals opgenomen in bijlage C bij dit UP.

Bij de bouwplantoetsing in Kerkrade is aansluiting gezocht bij het project “collectieve kwaliteitsnormering bouwvergunningen”. Zo is een systematische, transparante, adequate en professionele toetsing mogelijk. Het niveau van bouwplantoetsing is door het college vastgesteld.

Milieuvergunningen (formeel: Omgevingsvergunningen voor milieubelastende activiteiten) maken onderdeel uit van de Omgevingswet, waarbij de vergunningplicht grotendeels is vervangen door algemene regels (meldingsplicht). Voor zover sprake is van een vergunningplichtige activiteit dan wel een activiteit waarvoor in hoofdstuk 4 van het “Besluit activiteiten leefomgeving” een meldingsplicht is opgenomen worden deze taken uitgevoerd door OD-ZL.

Raming capaciteit 2026

aantal

kental uren

urenraming

Aanvragen omgevingsvergunning klein/middelgroot

290

18

5.220

Aanvragen omgevingsvergunning groot

40

80

3.200

Meldingen informatieplicht

70

3

210

Meldingen sloop

200

3

600

Meldingen brandveilig gebruik

25

6

150

Totaal

9.380

Programma toezicht en handhaving

Uitgangspunt is dat de beschikbare capaciteit binnen gemeente Kerkrade zo verstandig mogelijk moet worden ingezet, zodat overtredingen op de meest essentiële zaken worden voorkomen dan wel worden aangepakt. Handhaven is dus keuzes maken. In dit programma staat welke keuzes het college heeft gemaakt met betrekking tot handhaving op het gebied van milieu, bouwen en RO. Het begrip “handhaving” wordt in dit programma in ruime zin uitgelegd. Het betreft elke handeling die erop gericht is de naleving van rechtsregels door anderen en de eigen gemeentelijke organisatie te bevorderen. Het gaat hierbij om het gehele traject van preventie en repressie tot en met sanctie. Daarnaast worden instrumenten ingezet die flankerend aan het handhaven kunnen leiden tot het bereiken van de doelstellingen zoals in dit programma gesteld worden.

Uitgangspunten

De gemeente hanteert ten aanzien van toezicht en handhaving de volgende uitgangspunten:

• Wettelijke taken worden uitgevoerd;

• Het college stelt voldoende middelen ter beschikking om het ambitieniveau zoals dat in dit programma is verwoord te kunnen bereiken;

• De beschikbaar gestelde middelen worden zo efficiënt en effectief mogelijk ingezet;

• De Landelijke Handhavingsstrategie (LHSO) wordt gehanteerd;

• Het programma houdt rekening met de taakoverdracht aan OD-ZL;

• Alle klachten en meldingen op het gebied van veilgheid (constructie, brand, milieu) bij bouwen, milieu en omgeving hebben prioriteit en worden met voorrang afgehandeld;

• Alle andere klachten en meldingen worden afgehandeld op basis van een afweging van de milieu-, bouw- en sociaal-maatschappelijke impact en indien sprake is van een duidelijke bestuurlijke keuze.

Daarnaast stelt de gemeente Kerkrade als uitgangspunten in dit Uitvoeringsprogramma:

• Burgers, bedrijven en instellingen zijn en blijven verantwoordelijk voor de naleving van regels;

• Wat wordt opgepakt maken we af. Het is nodig door te pakken en zaken af te maken in verband met de geloofwaardigheid van de overheid. Het feit dat er onvoldoende capaciteit is om alles op te pakken maakt dat het college keuzes moet maken, zodanig dat we hetgeen we oppakken ook kunnen afmaken;

• Actie wordt ondernomen naar aanleiding van overtredingen van wettelijke voorschriften en inschatbare risico’s. Primair wordt bestuursrechtelijk opgetreden waarbij, op grond van de Landelijke handhavingsstrategie (LHSO), passend wordt geïntervenieerd bij iedere bevinding, in vergelijkbare situaties vergelijkbare keuzes worden gemaakt en interventies op vergelijkbare wijze worden gekozen en toegepast. Hierbij wordt indien noodzakelijk (o.a. bij grove nalatigheid, onomkeerbare milieuschade, grote risico’s voor de volksgezondheid, calculerende en/of malafide overtreder) aan de politie gevraagd om proces-verbaal op te maken;

• Door gerichte preventieve controles uit te voeren wordt getracht normovertredingen zoveel mogelijk te voorkomen en de handhavingslast zoveel mogelijk te beperken;

• Toezicht en handhaving moet op een klantgerichte manier uitgevoerd worden;

• Toezicht en handhaving vindt plaats op een minimaal uitvoeringsniveau dat is vastgelegd in onderhavig handhavingsbeleid (voor bouwen op basis van de inspectiematrix bouwen in bijlage C van dit UP).

Bouwen en ruimtelijke ordening Omgevingswet en Wkb

Handhaving bestaat uit het houden van toezicht in het veld op de uitvoering van bouwwerkzaamheden, het optreden tegen geconstateerde overtredingen evenals het bewaken van de bouwtechnische kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Handhaving van bouwregelgeving staat niet op zichzelf: er is een directe relatie met Ruimtelijke Ordening. Toezicht en handhaving vinden enerzijds plaats op basis van verleende Omgevingsvergunningen bouw, op basis van controles in wijken en op basis van klachten en meldingen. Prioritering vindt hierbij plaats op basis van risico’s en naleving. De gemeente sluit hierbij zoveel mogelijk aan bij de Landelijke Handhavingsstrategie (LHSO).

Toezicht op en handhaving van bouwactiviteiten en planologisch gebruik is vastgelegd in dit uitvoeringsprogramma. De uitgangspunten voor dit programma zijn gebaseerd op de risicoanalyse zoals beschreven in het Strategisch VTH-beleid Omgevingswet en de daarop gebaseerde inspectiematrix in bijlage C van dit UP.

Voor handhaving worden de actuele “Leidraad handhavingsacties en begunstigingstermijnen” en de in 2026 door het college vastgestelde “beleidsregel dwangsommen en begunstigingstermijnen” toegepast voor de hoogte van de (maximale) bedragen bij op te leggen dwangsommen. In plaats van een dwangsom per week dat een overtreding voortduurt op te leggen, wordt er meestal voor gekozen een dwangsom ineens op te leggen, waarbij de volgende aanpak voor toezicht en handhaving wordt toegepast: Op basis van de ervaringen uit 2024 voor flexcontroles worden voor flexcontroles de stappen “waarschuwing met termijn om overtreding ongedaan te maken” en “hercontrole” niet meer toegepast maar wordt direct na de eerste controle overgestapt naar “voornemen met zienswijzen termijn”. Dit overslaan van de waarschuwingsfase is ook van toepassing op individuele handhavingszaken (buiten flexcontroles om) die zien op illegale woningsplitsing/ woningomzetting/ woningtoevoeging en kamerverhuur. Voor de overige controles worden wel onderstaande stappen gevolgd.

• Controle

• Waarschuwing met termijn om overtreding ongedaan te maken (overslaan bij flexcontroles)

• Hercontrole (overslaan bij flexcontroles)

• Voornemen met zienswijzen termijn

• Na verstrijken zienswijzetermijn automatisch last opleggen

• Na afloop gestelde begunstigingstermijn controle

Het minimale uitvoeringsniveau bij bouwcontroles binnen de gemeente Kerkrade is vastgelegd in de inspectiematrix bouwen in bijlage C.

Inherent aan het maken van keuzes met betrekking tot minimaal uitvoeringsniveau en bestuurlijke keuzes/prioriteiten is dat een zogenaamd restrisico overblijft. Dit zijn de taken die in 2026 niet actief worden uitgevoerd (behalve als er sprake is van een klacht die actie vereist of als er een verzoek om handhaving binnen komt). Specifiek betreft dit:

• Toezicht op vergunningen met activiteit reclame, schuttingen in achtererf en dakkapellen (behalve als constructieve veiligheid in het geding is), kappen, inritten en strijdig gebruik (behalve als sprake is van illegale woningsplitsing of kamerverhuur, dan wel brand- of constructieve veiligheid in het geding is). Gevolg: dit kan leiden tot verminderd naleefgedrag en klachten en verminderde ruimtelijke kwaliteit.

• Toezicht op illegaal bouwen in het achtererfgebied tenzij er sprake is van gevaarlijke situatie, behalve als hiertoe door derden een verzoek wordt ingediend. Gevolg: dit kan leiden tot verminderd naleefgedrag en klachten en verminderde ruimtelijke kwaliteit.

• Klachten met betrekking tot vervuiling, verrommeling, overlast, gezondheid, beeldkwaliteit, cultuurhistorische waarden (tenzij er sprake is van een handhavingsverzoek of als de ruimtelijke en/of sociaal-maatschappelijke impact van de overtreding zo groot is dat handhavendoptreden nodig is). Gevolg: niet of beperkt controleren op voornoemde aspecten kan leiden tot verminderd naleefgedrag, een toename van gezondheidsklachten, een verminderde ruimtelijke kwaliteit en een toename van de verrommeling.

Op basis van de risicoanalyse zijn prioriteiten gesteld die onderstaand concreet vertaald worden naar activiteiten. De prioriteiten voor 2026 zijn:

• (brand)gevaarlijke en constructief gevaarlijke situaties

• Kamerverhuur/woningsplitsing in kader van het Interventieteam

Controles BAG/Omgevingsplan

In het kader van de BAG worden opnamen van de feitelijke situatie van gebouwen uitgevoerd waarbij veelvuldig strijdigheden ten aanzien geldende Omgevingsplan geconstateerd worden. Daarnaast wordt in samenwerking tussen Stedelijke Ontwikkeling, Milieu & Bouwen, en Openbare Orde en Veiligheid projectmatig gewerkt aan het aanpakken van (illegale) kamerverhuur en woningsplitsing (Interventieteam). De afhandeling hiervan (waarbij tevens de brandveiligheid een grote rol speelt) vraagt een grote inzet. De capaciteit voor de actieve handhaving zal hier dan ook primair op ingezet worden. Uiteraard worden verzoeken van externen ook opgepakt.

Brandveilig gebruik

Het toezicht op de naleving van de regels op het gebied van brandpreventie wordt voor de gemeente Kerkrade samen uitgevoerd met de Brandweer Limburg-Zuid / Veiligheidsregio. Met de Brandweer zijn afspraken gemaakt over de invulling van het controleprogramma 2026, waarin onder andere basisscholen, kinderdagverblijven, verzorgingshuizen en enkele bedrijven Rodaboulevard zijn opgenomen. Daarnaast worden panden met winkelfunctie aan de Rodaboulevard opgenomen in het controleprogramma (ca. 33% van panden). Op locaties waar de Brandweer in 2026 niet zal controleren maar wel verminderde zelfredzaamheid van aanwezigen een rol speelt, zal vanuit de afdeling Milieu & Bouwen ingezet worden op controlebezoeken om de primaire veiligheidsvoorzieningen zoals noodverlichting, vluchtwegen en brandblusmiddelen op deugdelijkheid te toetsen. Ook voorlichting kan hierbij ingezet worden.

Raming capaciteit 2026

aantal

kental uren

urenraming

Bouwcontrole nieuwbouw

140

10

1.400

Bouwcontrole bestaande bouw

65

6

390

Klachten en meldingen

200

4

800

Interventieteam controles

100

25

2.500

Bouwkundige controles evenementen

10

5

50

Controles brandveiligheid (met Veiligheidsregio)

50

5

250

Mijnschade meldingen

15

2

30

Totaal

9.380

Veiligheidsregio

Raming capaciteit 2026

aantal

kental uren

urenraming

Advies Omgevingsvergunning

80

4

320

Behandelen gebruiksmelding

40

3

120

Controles brandveiligheid (met bouwtoezicht)

50

5

250

Totaal

690

Milieu

Met ingang van 1 januari 2026 heeft gemeente Kerkrade alle milieutaken (zowel basis- als plustaken) ingebracht bij Omgevingsdienst Zuid-Limburg (OD-ZL). In het Strategisch VTH-beleid is een risicoanalyse opgenomen. Deze risicoanalyse wordt voor toezicht en handhaving op het gebied van milieu meegenomen bij de jaarplanning die wordt afgestemd met OD-ZL. De gemeente heeft samen met de OD-ZL bepaald welke inrichtingen in 2026 gecontroleerd worden door de OD-ZL.

Onder “Toezicht en Handhaving Milieu” vallen de thema’s “toezicht en handhaving milieubelastende activiteiten“, “vergunningverlening en afhandeling meldingen”, “behandeling van klachten over milieubelastende activiteiten”, “toezicht op naleving sloopregelgeving c.q. asbestregelgeving” alsmede de thema’s “Bodemkwaliteit” en “Externe veiligheid”.

Programmering controles uit te voeren door OD-ZL

Het “Werkprogramma OD-ZL 2026” wordt samen met de OD-ZL opgesteld in een apart document (Bijlage B).

Bodem

Werkzaamheden op het gebied van “Bodem” worden voor het grootste deel bepaald door vraag van derden, waaronder historische onderzoeken ten behoeve van bouwaanvragen, het beoordelen van rapporten ten behoeve van nieuwe woningen of bedrijfsgebouwen en het begeleiden van projecten. Deze werkzaamheden zijn derhalve niet in programmavorm te plannen. De beschikbare tijd wordt besteed aan:

• het verstrekken van info en advies t.b.v. bouwvergunningaanvragen, stedenbouwkundige projecten en bestemmingsplannen, t.a.v. bodemverontreiniging, na-ijlende effecten van de voormalige steenkolenmijnbouw en ontplofbare oorlogsresten;

• het begeleiden van bodemonderzoeken en -saneringen van zowel interne als externe projecten;

• adviseren van interne afdelingen (vooral Stedelijke Ontwikkeling en Stedelijk Beheer);

• beheer BRO;

• verzoeken om bodeminfo van externen (bodemadviesbureaus, projectontwikkelaars, makelaars/taxateurs, notarissen en burgers).

Een deel van deze taken (basistaken), zoals toepassen van grond en saneren van sterk verontreinigde grond, wordt uitgevoerd door de OD-ZL.

Sinds 2022 wordt op aanvraag of bij relevantie, informatie gegeven over de Bodembelastingkaart Ontplofbare Oorlogsresten (Niet Gesprongen Explosieven). Deze info is van belang voor arbeidsveiligheid bij grondwerkzaamheden zoals bv., grondboringen t.b.v bodemonderzoek, wegenbouwprojecten en bouwwerkzaamheden zoals boren of heien van funderingspalen.

Vanaf 2024 zijn initiatiefnemers verplicht om toepassing en tijdelijke opslag van grond, graaf- en bodemsaneringswerkzaamheden te melden. Deze worden door de OD-ZL beoordeeld en naar de gemeente doorgestuurd. De meldingen moeten worden gepubliceerd.

Afval

Inzameling van huishoudelijk afval cq. grondstoffen vindt plaats door Rd4. Voor het aspect VTH bestaan de werkzaamheden met betrekking tot afval voornamelijk uit de afhandeling van vragen over bijvoorbeeld de Milieupas en Afvalkalender en klachten over bijvoorbeeld het illegaal bijplaatsen of dumpen van afval en PMD-zakken die te vroeg of te laat of met verkeerde inhoud worden buiten gezet. Daarnaast wordt samengewerkt bij de ontwikkeling van nieuwbouwplannen (voornamelijk woningen) en de herinrichting van bestaande en nieuwe straten zodat afvalverzameling en inzameling goed kunnen worden uitgevoerd. De gemeente is bij nieuwe woningen tevens verantwoordelijk voor de toewijzing van het inzamelmiddel.

Voor een groot deel worden de werkzaamheden op het gebied van afval bepaald door externe factoren en is op voorhand niet exact aan te geven hoeveel tijdsbeslag deze activiteiten op de beschikbare capaciteit zullen leggen. Ook vindt beleidsmatige afstemming en overleg met Rd4 plaats.

De activiteiten met betrekking tot afval worden zoveel mogelijk samen opgepakt met de afdeling Openbare Orde en Veiligheid en in Rd4-verband.

Geluid

De werkzaamheden op het gebied van “Geluid” zullen in 2026 bestaan uit reguliere werkzaamheden zoals het beoordelen van akoestische onderzoeken ten behoeve van bouwaanvragen en omgevingsplannen en daarmee eventueel samenhangende procedures voor “hogere grenswaarden”, het beoordelen van akoestische onderzoeken ten behoeve milieubelastende activiteiten en het beheer van zonebewakingsmodellen (in afstemming met OD-ZL en adviesbureaus). Ook het behandelen van verzoeken tot ontheffing geluid op basis van de APV wordt binnen VTH afgehandeld. Daarnaast vinden in het kader van milieuhandhaving en klachtenafhandeling geluidsmetingen plaats door OD-ZL op verzoek van de gemeente.

Energie

De werkzaamheden op het gebied van “Energie” zullen in 2026 voor het grootste deel bestaan uit het uitvoeren van toezicht op energiebesparingsmaatregelen. Dit toezicht is belegd bij de OD-ZL.

Luchtkwaliteit

De werkzaamheden op het gebied van “Luchtkwaliteit” zullen in 2026 enerzijds betrekking hebben op de rapportage over de lokale luchtkwaliteit in het kader van de landelijke Monitoringstool (CIMLK) zoals deze door het ministerie aangeboden wordt. Het opstellen van luchtkwaliteitsplannen om wettelijke overschrijdingen ongedaan te maken is in Kerkrade niet aan de orde. Uit de meest recente rapportage luchtkwaliteit blijkt dat binnen Kerkrade geen overschrijdingen van de grenswaarden voor luchtkwaliteit voorkomen. Gezien de ruimtelijke omstandigheden sindsdien niet ongunstig gewijzigd zijn, is er geen reden om aan te nemen dat er nu wel overschrijdingen zijn. Gemeente Kerkrade is aangesloten bij het Schone Lucht Akkoord. De acties die hieruit volgen worden in 2026 ook uitgevoerd. Voor rook- en geuroverlast wordt vooral gewerkt aan voorlichting over stoken in het kader van het Schone Luchtakkoord.

Mobiel Breken

Het in gebruik hebben van een mobiele breekinstallatie voor bouw- en sloopafval valt onder de werking van het Besluit bouwwerken leefomgeving. Doel van de handhaving is primair het voorkomen van stof- en geluidhinder voor omwonenden. Meldingen Mobiel breken worden binnen de afdeling Milieu en Bouwen beoordeeld en afgehandeld.

Geluidmetingen Horeca en controles bedrijventerreinen

In 2026 worden op geleide van constateringen en klachten op verzoek van de gemeente geluidsmetingen bij horecagelegenheden verricht door OD-ZL om toe te zien op naleving van de geluidsvoorschriften, daar overtreding kan leiden tot hinder voor omwonenden. Tevens worden (daar waar mogelijk en/of noodzakelijk samen met OD-ZL/Politie/handhaving) controles uitgevoerd op bedrijventerreinen in Kerkrade. Controle op geluid bij evenementen wordt uitgevoerd door de afdeling Openbare Orde en Veiligheid.

Bestandsbeheer

Doordat er geen plicht bestaat tot het melden van beëindiging van een milieubelastende activiteit (mba) kan vervuiling van het bestand ontstaan. Door inventarisatie in het veld en vergelijk met het bestand zal het bestand continu geactualiseerd worden. In 2026 wordt de lijst mba’s verder geactualiseerd (in afstemming met OD-ZL) en wordt deze verder ingevoerd in het VTH-systeem Rx-Mission.

Register Externe Veiligheid

Het register externe veiligheid wordt door de OD-ZL gecontroleerd op actualiteit en volledigheid. In 2024 heeft gemeente Kerkrade de kwetsbare gebouwen gepubliceerd in het landelijk register Kwetsbare Gebouwen en Locaties (KGL). Hierbij zijn de data niet gecontroleerd voorafgaand aan publicatie. In 2025 is met externe ondersteuning alsnog gecontroleerd en waar nodig gecorrigeerd. In 2026 volgt deze actie voor kwetsbare locaties.

Integrale handhaving

Bij horeca wordt in Kerkrade gewerkt op basis van integrale handhaving. Alle gemeentelijke regels worden in een horecagelegenheid in een keer gecontroleerd. Daarnaast worden controles uitgevoerd door het Interventieteam. Hierin zijn o.a. medewerkers van brandweer, politie, “openbare orde en veiligheid” en “milieu en bouwen” vertegenwoordigd. Voor milieu betreft de deelname aan dit toezicht door inzet van OD-ZL slechts een beperkte rol.

Raming capaciteit 2026

aantal

kental uren

urenraming

Bodem (beoordelen in vergunningen en principeverzoeken)

100

2

200

Bodemonderzoek beoordelen

40

4

160

Historisch bodemonderzoek

20

4

80

Bodeminformatie aanleveren

400

1

400

Meldingen bodem toepassen/graven (gemeente)

50

2

100

Beoordelen geluid in vergunningen en principeverzoeken

40

2

80

Klachten en meldingen afval

80

1

80

Ontheffingen geluid APV

3

2

6

Meldingen mobiel breken

1

2

2

Beoordelen stikstof in vergunningen en principeverzoeken (informatieplicht)

100

2

200

Beoordelen milieuaspecten in vergunningen en principeverzoeken

100

5

500

Verruiming geluid APV

35

0,5

17,5

Milieucoördinatie gemeente – OD-ZL

1

980

980

Beleid Schone Luchtakkoord/afval Rd4

1

1050

1050

Beleid Geluid/Milieu/bodem/Externe Veiligheid

1

1050

1050

Totaal

4.905,5

BIJLAGE B. UITVOERINGSPROGRAMMA VTH-TAKEN OMGEVINGSDIENST

afbeelding binnen de regeling

BIJLAGE C. RISICO- EN TOETSMATRIX VTH GEMEENTE KERKRADE

afbeelding binnen de regeling

afbeelding binnen de regeling

afbeelding binnen de regeling