Subsidieregeling Lokale aanpak isolatie VvE’s Harderwijk 2026

Geldend van 01-05-2026 t/m heden

Intitulé

Subsidieregeling Lokale aanpak isolatie VvE’s Harderwijk 2026

Burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk;

overwegende:

  • dat het college bevoegd is voor bepaalde vormen van subsidie nadere regels te stellen dan wel specifieke nadere regelingen vast te stellen;

  • dat middelen welke ter beschikking zijn gesteld vanuit de SPUK Lokale Aanpak Isolatie dienen te worden ingezet voor isolatiemaatregelen van slecht geïsoleerde koopwoningen;

  • dat de gemeente een actief duurzaamheidsbeleid kent zoals dat is vastgesteld in de Omgevingsvisie Harderwijk 2040 van 12 december 2024 (hierna: Omgevingsvisie);

  • dat energie besparen, onder andere door woningen te isoleren, de eerste stap is bij het verduurzamen van het energiegebruik;

  • dat in de uitvoeringsagenda duurzaamheid 2025/2026 het project Stimuleringsacties energie besparen is opgenomen.

gelet op titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene Subsidieverordening Harderwijk 2020;

BESLUITEN:

vast te stellen de Subsidieregeling Lokale aanpak isolatie VvE’s Harderwijk 2026

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a)

    Asv: Algemene subsidieverordening Harderwijk 2020;

  • b)

    Awb: Algemene wet bestuursrecht;

  • c)

    biobased isolatiemateriaal: materiaal dat als zodanig is aangemerkt en is opgenomen in de meest actuele 'Meldcodelijst Isolatiemaatregelen' van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (zie ISDE: Meldcodelijst Isolatiematerialen | RVO.nl)

  • d)

    CBS-buurt: onderdeel van een gemeente, dat op basis van historische dan wel stedenbouwkundige kenmerken homogeen is afgebakend, op basis van de indeling van het CBS;

  • e)

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Harderwijk;

  • f)

    eigenaar-bewoner: een meerderjarig natuurlijk persoon, die in de Basisregistratie Kadaster als eigenaar van een woning is opgenomen én volgens de Basisregistratie Personen staat ingeschreven op het adres van deze woning. Bij meerdere eigenaren-bewoners gelden zij gezamenlijk als eigenaar-bewoner;

  • g)

    energielabel: de geregistreerde energieklasse van een woning;

  • h)

    isolatiebedrijf: een bedrijf dat staat ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel en ervaring heeft met isolerende werkzaamheden, zoals plaatsing van isolatieglas, spouwmuur-, vloer- of dakisolatie;

  • i)

    isolatiemaatregelen: energiebesparende maatregelen die zijn opgenomen in de SPUK-regeling lokale aanpak isolatie;

  • j)

    natuurvriendelijk isoleren: toepassen van isolatiematerialen en technieken die minimale impact hebben op de lokale flora en fauna, conform de richtlijnen van het isolatiebedrijf en relevante wetgeving;

  • k)

    onverwarmde zolder: een zolderruimte die geen directe aansluiting heeft op het verwarmingssysteem van de woning en voornamelijk functioneert als opslagruimte;

  • l)

    renovatie: het geheel of gedeeltelijk vernieuwen, verbeteren of aanpassen van bestaande bouwdelen van een woning om de kwaliteit en duurzaamheid ervan te verhogen;

  • m)

    slecht geïsoleerd bouwdeel: bouwdeel dat slecht geïsoleerd is en niet voldoet aan de huidige isolatie-eisen. Voor de verschillende bouwdelen geldt de volgende indicatie als slecht geïsoleerd conform de SPUK-regeling lokale aanpak isolatie:

    • a.

      Dak:

      • a.

        Hellend / plat dak: Geen, slechte en matige isolatie (minder dan 9 cm isolatiemateriaal aanwezig / Rc ≤ 2,0)

      • b.

        Zolder-/vlieringvloerisolatie: Als er geen zolder-/vlieringvloerisolatie aanwezig is, als alternatief voor dakisolatie. Alleen toe te passen bij een onverwarmde zolder en gesloten vlieringluik of gesloten toegangsdeur. (Rc ≤ 0,5)

    • b.

      Gevel: Geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig (Rc ≤ 1,1)

    • c.

      Vloer-/bodemisolatie: Geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig, , minder dan 5 cm isolatiemateriaal aanwezig (Rc ≤ 1,3)

    • d.

      Ramen (Glas): Enkel glas, oud dubbelglas en HR glas (Ug waarde ≥ 1,6);

  • n)

    slecht geïsoleerde woning:

    • een woning met een energielabel klasse D, E, F, G of

    • een woning met een met die labelklassen vergelijkbare energetische staat, waaronder wordt verstaan een woning waarin ten minste twee van de volgende bestaande bouwdelen niet of slecht geïsoleerd zijn:

      • a.

        de vloer en de bodem;

      • b.

        de gevel, waaronder de spouwmuur;

      • c.

        het dak en de zoldervloer en vlieringvloer;

      • d.

        de ramen (glas), panelen in kozijnen en deuren;

  • o)

    SPUK-regeling lokale aanpak isolatie: de Regeling specifieke uitkering Lokale Aanpak Isolatie (https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047844&z=2025-07-02&g=2025-07-02);

  • p)

    SVVE: Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars (https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0047596&z=2026-01-01&g=2026-01-01)

  • q)

    VvE: vereniging van eigenaars als bedoeld in artikel 112, eerste lid, onderdeel e, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek;

  • r)

    woning: woongelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Woningwet, waaronder tevens wordt begrepen een appartement, en als zodanig bewoond is geweest alvorens een renovatie plaatsvindt en in de basisregistratie als bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen met een woonfunctie is geregistreerd.

Artikel 1.2 Toepasselijkheid Asv

Op deze regeling is de Asv van toepassing. Indien in deze regeling regels zijn gegeven die afwijken van de Asv, gaan de regels uit deze regeling voor op die uit de Asv, voor zover de Asv afwijking toestaat.

Hoofdstuk 2 Doel, doelgroep en te subsidiëren activiteiten, subsidieplafond en verdeelregels

Artikel 2.1 Doel en doelgroep subsidie

  • 1. Het doel van de subsidieregeling is om het woningaanbod in de gemeente te verduurzamen door het stimuleren van het isoleren van slecht geïsoleerde woningen.

  • 2. Een subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan besturen van VvE’s met daarin slecht geïsoleerde woningen op het grondgebied van de gemeente Harderwijk met een WOZ-waarde van maximaal € 429.300 op 1 januari 2022.

  • 3. Voor subsidie op grond van deze regeling wordt onderscheid gemaakt in twee categorieën woningen:

    • a.

      Woningen met een maximale WOZ-waarde van €300.000,00 (op peildatum 01-01-2022);

    • b.

      Woningen met een WOZ-waarde van €300.001,00 tot en met € 429.300,00 (op peildatum 01-01-2022).

Artikel 2.2 Subsidiabele activiteiten en kosten

  • 1. Het college kan subsidie verlenen voor het collectief uitvoeren van de volgende isolatiemaatregelen door een isolatiebedrijf:

    • a.

      dakisolatie dan wel zolder- of vlieringvloerisolatie;

    • b.

      gevelisolatie

    • c.

      spouwmuurisolatie;

    • d.

      glas-, kozijnpaneel- of deurisolatie;

    • e.

      vloerisolatie dan wel bodemisolatie.

  • 2. Het college kan alleen subsidie verlenen voor de in het eerste lid genoemde isolatiemaatregelen, indien:

    • a.

      de isolatiemaatregelen worden aangebracht aan woningen die grenzen aan het slecht geïsoleerde bouwdeel waaraan de isolatiemaatregelen worden uitgevoerd, en

    • b.

      de isolatiemaatregelen voldoen aan de minimale isolatiewaarden en oppervlakte-eisen uit de onderstaande tabel of de voorwaarden per isolatietype zoals opgenomen in de SVVE.

  • 3. De aanvrager kan bij de activiteit als bedoeld in het eerste lid, indien sprake is van vloerisolatie en bodemisolatie, alleen subsidie ontvangen voor een van deze twee maatregelen.

  • 4. De aanvrager kan bij de activiteit als bedoeld in het eerste lid, indien sprake is van dakisolatie en zolder- of vlieringvloerisolatie, alleen subsidie ontvangen voor een van deze twee maatregelen.

  • 5. De aanvrager kan bij de activiteit als bedoeld in het eerste lid, indien sprake is van het uitvoeren van isolerende deuren en/of isolerende panelen in kozijnen, alleen subsidie ontvangen als de maatregel wordt toegepast in combinatie met het vervangen van glas.

  • 6. De isolatiemaatregelen glas, kozijnpanelen en isolerende deuren mogen worden gecombineerd, waarbij een minimale oppervlakte van 3 m² van de woning wordt geïsoleerd.

  • 7. Een subsidie voor spouwmuurisolatie wordt alleen verleend, indien de isolatie wordt uitgevoerd door een isolatiebedrijf met het natuurvriendelijk isoleren certificaat én de isolatie wordt uitgevoerd middels de methode natuurvriendelijk isoleren.

  • 8. Alleen de kosten die in rekening gebracht worden door het isolatiebedrijf, die een directe relatie hebben tot de uitgevoerde isolatiemaatregelen, worden gerekend tot de subsidiabele kosten.

  • 9. De onderstaande kosten zijn niet subsidiabel en komen niet in aanmerking voor subsidie:

    • a.

      Loon-verletkosten;

    • b.

      Kosten voor sloopwerkzaamheden;

    • c.

      Onderhoudskosten die niet direct te maken hebben met de isolatiemaatregel;

    • d.

      Kosten voor aanvullende bouw-of renovatiewerkzaamheden;

    • e.

      Esthetische aanpassingen die geen bijdrage leveren aan de isolatiewaarde;

    • f.

      Gemaakte uren en benodigde apparatuur en gereedschap voor het aanbrengen van isolatiemaatregelen door de bewoner zelf.

Artikel 2.3 Subsidieplafond en verdeelregels

  • 1. Het college stelt het subsidieplafond als bedoeld in artikel 4:22 van de Awb vast op € 250.000,00, welk subsidieplafond is uitgesplitst in twee deelplafonds:

    • a.

      Een subsidieplafond van € 125.000,00 voor de woningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 3 onderdeel a;

    • b.

      Een subsidieplafond van € 125.000,00 voor de woningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 3 onderdeel b.

  • 2. Aanvragen worden behandeld op volgorde van binnenkomst tot het vastgestelde subsidieplafond is bereikt.

  • 3. Als de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Awb de gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, geldt als datum van indiening van de aanvraag de datum waarop de aanvraag volledig is.

  • 4. Volledige aanvragen die op dezelfde datum in de volgorde van ontvangst zijn opgenomen, worden geacht tegelijkertijd te zijn ontvangen. Indien deze aanvragen tot overschrijding van het subsidieplafond zou leiden, wordt het beschikbare bedrag evenredig over de aanvragers verdeeld.

Hoofdstuk 3 Aanvragen subsidie

Artikel 3.1 Aanvraag

  • 1. Een aanvraag wordt ingediend op een door het college beschikbaar gesteld aanvraagformulier en voldoet aan de eisen genoemd in artikel 4:2 Awb, de Asv en deze regeling.

  • 2. De aanvraag is volledig ingevuld en voorzien van alle informatie en bijlagen die op het aanvraagformulier verplicht zijn gesteld.

  • 3. De aanvrager legt bij de indiening van de aanvraag de volgende gegevens over:

    • a.

      Inschrijving van de KVK

    • b.

      een afschrift van een rechtsgeldig besluit van de algemene ledenvergadering besloten heeft tot het collectief uitvoeren van isolatiemaatregelen. Hieruit moet blijken dat de eigenaar-bewoner van de woning waar de isolatiemaatregel wordt uitgevoerd, toestemming geeft.

    • c.

      een offerte van het isolatiebedrijf, hieruit moeten in ieder geval de oppervlakte, isolatiewaarde en kosten van de isolatiemaatregelen blijken. Indien de aanvrager de biobased bonus wil ontvangen, dient de RVO meldcode op de offerte vermeld te worden.

  • 4. In aanvulling op lid 3 overlegt de aanvrager, indien sprake is van een woning met een energielabel klasse D, E, F, G, bewijsstukken van de energielabels.

  • 5. In aanvulling op lid 3 overlegt de aanvrager, indien sprake is van een woning met een energetische staat die vergelijkbaar is met energielabel D, E, F of G, een verklaring van de aanwezigheid van twee slecht geïsoleerde bouwdelen. De gemeente kan steekproefsgewijs controles uitvoeren om te toetsen of de bouwdelen aan de voorwaarden voldoen.

  • 6. In aanvulling op de vorige leden overlegt de aanvrager, indien het een VvE betreft met een gebouw van 4 of meer woonlagen, een ecologisch E-DNA onderzoek. Dit lid komt te vervallen op de dag dat het college het gemeentelijk soortenmanagementplan (SMP) heeft vastgesteld.

  • 7. Een aanvraag dient voorafgaand aan de uitvoering van de isolatiemaatregelen te worden ingediend en kan worden ingediend tot en met 31 december 2026.

  • 8. Het college is bevoegd ook andere dan, of slechts enkele van, de in de voorgaande leden genoemde gegevens te verlangen, indien die voor het nemen van de beslissing op de aanvraag noodzakelijk respectievelijk voldoende zijn.

Artikel 3.2 Beslissing op aanvraag

  • 1. Het college neemt binnen acht weken na de ontvangst van de volledige aanvraag een beslissing.

  • 2. Het college kan deze termijn eenmalig met vier weken verlengen.

  • 3. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht inzake subsidieverlening van rechtswege is niet van toepassing.

Hoofdstuk 4 Subsidieverlening

Artikel 4.1 Voorwaarden en verplichtingen

  • 1. Het college kan aan de aanvrager een subsidie verlenen onder de volgende algemene voorwaarden en verplichtingen:

    • a.

      de isolatiemaatregelen worden binnen zes maanden na verlening van de subsidie uitgevoerd;

    • b.

      de isolatiemaatregelen worden uitgevoerd conform de geldende wet- en regelgeving;

    • c.

      per woning kan slechts één keer subsidie worden verleend op basis van deze regeling.

  • 2. Het college kan bij de subsidieverlening aanvullende verplichtingen opleggen die strekken tot verwezenlijking van het doel van de subsidie.

Artikel 4.2 Hoogte subsidie

  • 1. De subsidie is gelijk aan de subsidiabele kosten met een maximum van:

    • a.

      € 2.500,00 voor woningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 3 onder a;

    • b.

      € 1.000,00 voor woningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 3 onder b.

  • 2. De gemeentelijke subsidie kan aanvullend worden aangevraagd op landelijke of regionale subsidies voor energiebesparende isolerende maatregelen, zoals de SVVE.

  • 3. Indien de totale subsidiebedragen van de landelijke, regionale en gemeentelijke subsidie regelingen (inclusief SVVE) hoger uitkomen dan de daadwerkelijke gemaakte kosten van de maatregelen, zal de gemeentelijke subsidie naar beneden worden bijgesteld om te voorkomen dat subsidieontvanger meer subsidie ontvangt dan de kosten van de maatregelen.

  • 4. Voor het bepalen van de hoogte van de gemeentelijke subsidie gaan wij ervan uit dat de subsidieontvanger de SVVE subsidie ontvangt voor de getroffen isolatiemaatregelen.

  • 5. Het niet aanvragen of ontvangen van de SVVE subsidie heeft geen invloed op de hoogte van de gemeentelijke subsidie en geeft geen recht op herziening van de subsidiebeschikking.

Artikel 4.3. Biobased milieuvriendelijk isolatiemateriaal

  • 1. Het college kan de subsidie voor isolatiemaatregelen, als bedoeld in artikel 4.2 lid 1, verhogen met een biobased bonus, indien de aanvrager aantoont dat er gebruik wordt gemaakt van biobased isolatiematerialen.

  • 2. De hoogte van de bonus bedraagt:

    • a.

      een eenmalig bedrag van maximaal € 250,- per woning, indien één isolatiemaatregel biobased wordt uitgevoerd;

    • b.

      een eenmalig bedrag van maximaal € 500,- per woning, indien twee of meer isolatiemaatregelen biobased worden uitgevoerd.

  • 3. De totale subsidie, inclusief de biobased bonus, bedraagt nooit meer dan 100% van de subsidiabele kosten

Artikel 4.4 Bevoorschotting

  • 1. De aanvrager kan een verzoek om een voorschot op de verleende subsidie in te dienen. Dit voorschot is bedoeld om te voorzien in de kosten die de aanvrager maakt tijdens het verduurzamen van uw woning.

  • 2. Het voorschot als bedoeld in het eerste lid bedraagt maximaal 100% van de verleende subsidie en het voorschot mag uitsluitend worden gebruikt om de factuur van het isolatiebedrijf te voldoen.

Hoofdstuk 5 Verantwoording en vaststelling

Artikel 5.1 Verantwoording en subsidievaststelling

  • 1. De vaststelling van de subsidie door het college vindt plaats nadat de activiteiten schriftelijk zijn gereedgemeld bij het college. De gereedmelding dient uiterlijk binnen 13 weken na voltooiing van de activiteiten plaats te vinden. Bij de gereedmelding worden, bij uitvoering van de isolatiemaatregelen door een isolatiebedrijf, de factuur waaruit de oppervlakte, isolatiewaarde en kosten van de isolatiemaatregelen blijken én een foto van de eindsituatie bijgevoegd.

  • 2. De subsidieontvanger werkt mee aan een eventuele fysieke controle naar de uitvoering van de isolatiemaatregelen in de woning.

  • 3. Indien bij de controle blijkt dat (op onderdelen) wordt afgeweken van de subsidietoekenning kan het college de in eerste instantie verleende subsidie verlagen of op ‘nihil’ vaststellen.

  • 4. Bij de subsidievaststelling wordt de subsidie nooit hoger vastgesteld dan het verleende subsidiebedrag, dus ook niet als de kosten hoger zijn uitgevallen.

  • 5. Het college stelt een subsidie vast binnen 13 weken na de ontvangst van een aanvraag tot subsidievaststelling.

  • 6. De in het vijfde genoemde termijn kan éénmalig met ten hoogste 10 weken worden verdaagd.

  • 7. Paragraaf 4.1.3.3 Awb inzake subsidievaststelling van rechtswege is niet van toepassing.

Hoofdstuk 6 Weigering, intrekking en terugvordering

Artikel 6.1 Subsidie weigeren, intrekken en/of terugvorderen

  • 1. De subsidie wordt in ieder geval geweigerd indien:

    • a.

      er sprake is van een situatie beschreven in artikel 4:35 of afdeling 4.2.6 van de Awb of in artikel 9 van de Asv, met uitzondering van artikel 9, derde lid, onderdeel g, van de Asv;

    • b.

      het bedrag waarvoor subsidie wordt gevraagd het subsidieplafond overschrijdt;

    • c.

      de aanvraag niet voldoet aan het doel van de regeling, zoals genoemd in artikel 2.1 lid 1;

    • d.

      de aanvrager niet behoort tot de doelgroep, zoals genoemd in artikel 2.1 lid 2;

    • e.

      de aanvraag geen betrekking heeft op de subsidiabele activiteiten zoals genoemd in artikel 2.2;

    • f.

      de aanvraag niet tijdig is ingediend;

    • g.

      Er gebruik wordt gemaakt van UF-schuim (ureumformaldehydeschuim) bij spouwmuurisolatie.

    • h.

      er anderszins niet wordt voldaan aan de vereisten zoals genoemd in deze regeling;

    • i.

      er voor dezelfde subsidiabele activiteit voor het gehele aangevraagde bedrag vanuit een andere regeling of voorziening (ook van andere overheids(instellingen) al een subsidie of budget in welke vorm dan ook aan de aanvrager beschikbaar is gesteld en toekenning van de aanvraag tot een dubbeling zou leiden. Er kan voor eenzelfde activiteit geen dubbele subsidie worden aangevraagd.

    • j.

      de kosten voor de uitvoering van de isolatiemaatregelen waarvoor een subsidieaanvraag wordt gedaan naar het oordeel van het college niet in redelijke verhouding staan tot het beoogde resultaat;

    • k.

      de activiteiten waarvoor subsidie is aangevraagd niet bijdragen aan de realisatie van het doel van de regeling;

    • l.

      de subsidie hoger is dan de werkelijk gemaakte kosten na aftrek van andere aangevraagde of verleende subsidies voor dezelfde subsidiabele activiteiten;

    • m.

      de maatregel waarvoor subsidie wordt aangevraagd een nieuw element aan de woning toevoegt en niet dient ter vervanging van een verouderde maatregel;

    • n.

      de maatregel op nieuw te bouwen onderdelen van een woning worden toegepast;

    • o.

      de maatregel zonder bijzondere inspanning terug te draaien is;

    • p.

      de aangeschafte isolatiematerialen niet of niet geheel in de woning van de aanvrager zijn aangebracht;

  • 2. De subsidie voor spouwmuurisolatie wordt bij een VvE met een gebouw tot 4 woonlagen geweigerd indien in de CBS-buurt waarin de VvE is gelegen het maximumpercentage van 6% van de woningen die geïsoleerd mogen worden, is bereikt. Dit percentage geldt voor 3 jaar tot en met het kalenderjaar 2028 en is als volgt verspreid over de jaren: 3% voor het kalenderjaar 2026, 2% voor het kalenderjaar 2027 en 1% voor het kalenderjaar 2028. Dit lid komt te vervallen op de dag dat het college het gemeentelijk soortenmanagementplan (SMP) heeft vastgesteld.

  • 3. De subsidie wordt in ieder geval ingetrokken, indien achteraf komt vast te staan dat zich een weigeringsgrond als omschreven in het eerste of tweede lid heeft voorgedaan.

  • 4. De subsidie wordt teruggevorderd, indien de subsidie is ingetrokken.

Hoofdstuk 7 Slotbepalingen

Artikel 7.1 Onvoorziene gevallen en hardheidsclausule

  • 1. In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college.

  • 2. Het college kan in bijzondere omstandigheden afwijken van het bepaalde in deze regeling indien onverkorte toepassing zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 7.2 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze regeling treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

  • 2. Deze regeling wordt aangehaald als “Subsidieregeling Lokale aanpak isolatie VvE’s Harderwijk 2026”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders 21 april 2026

de heer M. Krijgsman

loco-secretaris

de heer J. Joon

burgemeester