Beleidsregel artikel 13b Opiumwet (Wet Damocles) en coffeeshopbeleid gemeente Beesel 2026

Geldend van 30-04-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel artikel 13b Opiumwet (Wet Damocles) en coffeeshopbeleid gemeente Beesel 2026

De burgemeester van Beesel;

Gelet op het bepaalde in artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 13b van de Opiumwet en de Aanwijzing Opiumwet;

Overwegende dat

  • -

    artikel 13b van de Opiumwet de burgemeester de bevoegdheid geeft om een last onder dwansom op te leggen indien in woningen of lokalen of hierbij behorende erven een middel als bedoeld in lijst I of II dan wel krachtens artikel 3a vijfde lid van de Opiumwet wordt verkocht, geteeld, bereid, bewerkt, afgeleverd, verstrekt of hiertoe aanwezig is of wanneer een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10 a eerste lid of 11a van de Opiumwet voorhanden is;

  • -

    de het huidige drugsbeleid dateert uit 2012 en laatstelijk herzien is in 2019, en ook het huidige Damoclesbeleid dateert uit 2019 en het wenselijk is dit te actualiseren;

  • -

    dat het wenselijk is gemeentelijke beleid op dit terrein te bundelen in één uniform beleidskader.

b e s l u i t

  • 1.

    vast te stellen Beleidsregel artikel 13b Opiumwet (Wet Damocles)en coffeeshopbeleid gemeente Beesel 2026;

  • 2.

    in te trekken Damoclesbeleid gemeente Beesel 2019, vastgesteld op 11 maart 2019,

  • 3.

    in te trekken Drugsbeleid gemeente Beesel 2012, vastgesteld op 18 december 2012 en laatstelijk gewijzigd met ingang van 14 maart 2019;

Artikel 1. Juridisch kader

Voor de bestuurlijke handhaving van de verboden in de zin van artikel 2 (verbod op aanwezigheid van harddrugs, lijst I) en artikel 3 (verbod op aanwezigheid van softdrugs, lijst II) van de Opiumwet, is in die wet het artikel 13b opgenomen. Dit artikel luidt:

  • 1.

    De burgemeester is bevoegd tot oplegging van een last onder bestuursdwang indien in een woning of lokaal of op een daarbij behorend erf:

    • a.

      een middel als bedoeld in lijst I of II dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid, wordt verkocht, afgeleverd of verstrekt dan wel daartoe aanwezig is;

    • b.

      een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onder 3°, of artikel 11a voorhanden is.

  • 2.

    Het eerste lid is niet van toepassing indien woningen, lokalen of erven als bedoeld in het eerste lid, gebruikt worden ter uitoefening van de artsenijbereidkunst, de geneeskunst, de tandheelkunst of de diergeneeskunde door onderscheidenlijk apothekers, artsen, tandartsen of dierenartsen.

Artikel 2. Doel

De beleidsregels hebben onder meer het volgende doel:

  • a.

    te realiseren dat geconstateerde overtredingen van artikel 13b Opiumwet opgevolgd worden door een reactie die qua intensiteit zo goed mogelijk aansluit bij de aard en de ernst van de overtreding (proportionaliteit en subsidiariteit).

  • b.

    te bewerkstelligen dat er door de gekozen maatregel een einde komt aan de verboden situatie.

  • c.

    te bewerkstelligen dat door de gekozen maatregel het drugspand definitief uit het drugscircuit wordt verwijderd, door de loop uit het drugspand te halen en de bekendheid als verkooppunt bij handelaren, gebruikers en derden te weg te nemen.

  • d.

    te bewerkstelligen dat herhaling van de overtreding wordt voorkomen.

  • e.

    door het treffen van de gekozen maatregel de negatieve effecten en risico’s voor de openbare orde en veiligheid van handel in en het gebruik van drugs zoveel mogelijk te beheersen.

  • f.

    voorkomen dat strafbare feiten plaatsvinden.

  • g.

    bescherming van de volksgezondheid en van het woon- en leefklimaat.

  • h.

    het beschermen van de rechten van anderen door een voor een ieder zichtbare sluiting

  • i.

    de handhavingsactiviteiten van politie, belastingdienst, openbaar ministerie en gemeente op elkaar af te stemmen en complementair te laten zijn.

Deze opsomming is niet uitputtend.

Artikel 3 Begrippen

  • a.

    APV: Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Beesel 2023;

  • b.

    Drugs: een middel als bedoeld in lijst I en lijst II behorende bij de Opiumwet. b. Harddrugs: de middelen die op lijst I behorende bij de Opiumwet staan

  • c.

    Softdrugs: de middelen die op lijst II behorende bij de Opiumwet staan.

  • d.

    Handel in drugs: de verkoop, aflevering of verstrekking dan wel daartoe aanwezigheid van drugs in een woning of lokaal en de daarbij behorende erven.

  • e.

    Lokalen en erven: alle al dan niet voor publiek opengestelde lokalen en daarbij behorende erven.

  • f.

    Erf: al dan niet bebouwd perceel, of gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, en, voor zover een bestemmingsplan of een beheersverordening van toepassing is, deze die inrichting niet verbieden.

  • g.

    Woning: een pand dat in hoofdzaak dient tot woning dan wel dienstbaar is aan het wonen.

  • h.

    Hieronder vallen koop- en huurwoningen.

  • i.

    Recidive: een herhaalde overtreding van het bepaald in artikelen 2 en/of 3 van de Opiumwet innen een periode van 3 jaar na de laatste overtreding.

  • j.

    Sluiting: op grond van artikel 13b lid 1 Opiumwet ontoegankelijk maken van de woning.

    Alle andere begrippen die in deze beleidsregel worden gebruikt en die hierboven niet nader zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Algemene wet bestuursrecht en de Opiumwet.

Artikel 4 Nuloptie Coffeeshops

Gelet op de plaatselijke omstandigheden, handhaven we de nuloptie betreffende coffeeshops. De plaatselijke omstandigheden zijn de volgende:

  • rustige, plattelandskarakter van de gemeente Beesel;

  • ontbreken van het maatschappelijk draagvlak;

  • aanwezige coffeeshops in omringende gemeenten.

Het doel van het gemeentelijk nulbeleid is gelegen in:

  • het voorkomen van een nadelige beïnvloeding van het woon- en leefklimaat dan wel de openbare orde in de gemeente Beesel;

  • het voorkomen van de vestiging van een coffeeshop, aangezien die niet past in het karakter van de gemeente;

  • het voorkomen dat jongeren de directe gelegenheid wordt geboden, meer dan nu het geval is, om in aanraking te komen met drugs;

  • het voorkomen van een aanzuigende werking op sofdrugsgebruikers van buiten de gemeente.

We handhaven dit nulbeleid streng. Dit doen we integraal. Integraal betekent: een combinatie van preventief beleid en optreden achteraf. Door het voeren van een nulbeleid voorkomen we dat een coffeeshop zich vestigt in de gemeente Beesel. Indien coffeeshops zich illegaal vestigen of indien blijkt dat in bestaande horeca-inrichtingen of vanuit woningen drugs worden verhandeld zetten we artikel 13b Opiumwet in. Met dit wetsartikel kan de burgemeester een sluiting van het gebouw en daarmee de beëindiging van de illegale activiteit bewerkstelligen.

Artikel 5 Gebruikershoeveelheid

Hoeveelheid voor eigen gebruik: in deze beleidsregel sluiten we aan bij de criteria die het Openbaar

Ministerie toepast. We zien als eigen gebruik de volgende hoeveelheden:

  • a.

    Geringe hoeveelheid eigen gebruik harddrugs: een hoeveelheid/dosis die doorgaans wordt aangeboden als gebruikershoeveelheid. Hierbij kan worden gedacht aan bv. één bolletje, één ampul, één wikkel, één pil/tablet (in elk geval een aangetroffen hoeveelheid van maximaal 0,5 gram); een consumptie-eenheid van 5 ml GHB.

  • b.

    Geringe hoeveelheid eigen gebruik zijnde hennep of hennepproducten:

    • i.

      5 hennepplanten of minder

    • ii.

      hoeveelheden tot en met 5 gram

  • c.

    geringe hoeveelheid eigen gebruik softdrugs niet zijnde hennepproducten: 0,5 gram gedroogde paddo’s en 5 gram verse dan wel niet gedroogde paddo’s of minder.

Artikel 6 Handelshoeveelheid

  • 1. We nemen aan dat drugs voor verkoop, aflevering of verstrekking bestemd is wanneer de hoeveelheden voor eigen gebruik worden overschreden. De burgemeester kan op grond van artikel 13b van de Opiumwet een last onder bestuursdwang opleggen.

  • 2. Bij de volgende hoeveelheden weegt de burgemeester af welke maatregel uit het oogpunt van proportionaliteit en evenredigheid, passend is voor het specifieke geval. Het gaat hierbij om de volgende hoeveelheden:

    • a.

      Softdrugs:

      • i.

        meer dan 5 planten maar minder dan 15 planten, of;

      • ii.

        meer dan 5 gram maar minder dan 30 gram.

    • b.

      Harddrugs:

      • i.

        Meer dan 0,5 gram maar minder dan 1 gram, of;

      • ii.

        Meer dan 1 maar minder dan 5 pillen, of;

      • iii.

        Meer dan 5 milliliter maar minder dan 10 milliliter.

  • 3. Bij grotere hoeveelheden dan de in artikel 6 lid 2 genoemde hoeveelheden gaat de burgemeester in beginsel direct over tot toepassing van bestuursdwang.

Artikel 7 Handhavingsmatrix

Handhavingsmatrix A Lijst 1 (harddrugs)

Woningen en bijbehorende erven

1e overtreding*

2e overtreding*

3e overtreding*

4e overtreding*

Hoeveelheid als bedoeld in artikel 6

lid 2 sub b

Waarschuwing of sluiting voor

max. 3 maanden

Sluiting 3 maanden

Sluiting 6 maanden

Sluiting 12 maanden

Grotere hoeveelheid als bovenstaand

Sluiting 3 maanden

Sluiting 6 maanden

Sluiting 12 maanden

Sluiting 5 jaar

Handhavingsmatrix B Lijst 2 (softdrugs)

Woningen en behorende erven

1e overtreding*

2e overtreding *

3e overtreding *

4e overtreding*

Hoeveelheid als bedoeld in artikel 6

lid 2 sub a

Waarschuwing of sluiting voor

max. 3 maanden

Sluiting 3 maanden

Sluiting 6 maanden

Sluiting 12

maanden

Grotere hoeveelheid als bovenstaand

Sluiting 3 maanden

Sluiting 6 maanden

Sluiting 12 maanden

Sluiting 5 jaar

Handhavingsmatrix C

Lokalen en bijbehorende erven

1e overtreding *

2e overtreding*

3e overtreding*

4e overtreding*

Lijst 1 (harddrugs)

Sluiting 6 maanden

Sluiting 12 maanden

Sluiting 24 maanden

Sluiting Onbepaalde tijd

Lijst 2 (softdrugs)

Sluiting 3 maanden

Sluiting 6 maanden

Sluiting 12 maanden

Sluiting Onbepaalde tijd

* binnen een periode van 3 jaren.

Artikel 8 toepassing van de handhavingsmatrix zonder dat verdovende middelen zijn aangetroffen

  • 1. De burgemeester geeft een schriftelijke waarschuwing, als bedoeld in handhavingsmatrix B, indien weliswaar geen middelen als bedoeld in Lijst I en Lijst II van de Opiumwet in een woning of lokaal dan wel in of op bij woningen of zodanige lokalen behorende erven zijn aangetroffen, maar naar oordeel van de burgemeester uit de ontvangen rapportage voldoende aannemelijk blijkt dat een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a lid 1 onder 3, of artikel 11a van de Opiumwet voorhanden is.

  • 2. Indien, na een waarschuwing als bedoeld in lid 1, binnen een termijn van 3 jaren in de woning of het lokaal dan wel in of op de bij de woning of het lokaal behorende erven in kwestie wel daadwerkelijk een middel als bedoeld in Lijst I of Lijst II van de Opiumwet wordt aangetroffen, dan zien we dit in het kader van de toepassing van de betreffende handhavingsmatrix als een 2e overtreding.

Artikel 9 Begunstigingstermijn

Bij het opleggen van een last onder bestuursdwang geeft de burgemeester aan belanghebbende(n) een begunstigingstermijn op grond van artikel 5:24 lid 2 Algemene wet bestuursrecht. Tijdens deze termijn krijgt de belanghebbende(n) de mogelijkheid om binnen een bepaalde termijn vrijwillig het pand te ontruimen en af te sluiten en de sleutels in te leveren op het gemeentehuis.

Doet belanghebbende dit niet binnen de vastgestelde termijn, dan gaat de burgemeester over tot sluiting van het pand.

Artikel 10 Wijziging huursituatie

  • 1. Een wijziging in de huursituatie beschouwen we in beginsel als niet ter zake doende. De reden hiervoor is dat de verhuurder niet met het plaatsen van andere huurders onder de toepassing van bestuursdwang kan uitkomen. Het is immers op dat moment nog steeds noodzakelijk om de bekendheid van een dergelijk pand in het criminele circuit weg te nemen. het enkel plaatsen van nieuwe huurders leidt niet tot het voorkomen van herhaling van een met de wet strijdige situatie.

  • 2. Indien de verhuurder een woningcorporatie betreft en deze kan aantonen dat de huur van de woning is beëindigd en de huurders binnen een termijn van 2 jaren niet kunnen reageren op het aanbod van woningcorporaties in de gemeente Beesel, kan de burgemeester van de handhavingsmatrices uit artikel 7 afwijken.

Artikel 11 Zelfmelders

Indien de eigenaar/verhuurder uit eigener beweging bij de politie meldt dat er sprake is van aanwezigheid van harddrugs en/of softdrugs in het door hem verhuurde pand, kan de burgemeester volstaan met een schriftelijke waarschuwing indien dit de eerste keer is binnen een periode van 3 jaar dat er hard- of softdrugs is aangetroffen in dit pand, de eigenaar/verhuurder te goeder trouw is en de eigenaar/verhuurder de huurovereenkomst heeft ontbonden.

De burgemeester wint hiervoor advies van de politie in.

Artikel 12 Zorgplicht

Uitgangspunt is dat alle belanghebbenden hierin hun eigen verantwoordelijkheid hebben.

Bewoners dienen in beginsel zelf voor hun huisraad, huisdieren en alternatieve huisvesting te zorgen. Een gemeente heeft zorgplicht voor haar inwoners. Indien inwoners van de gemeente Beesel te maken krijgen met een bestuurlijke maatregel op grond van de Opiumwet dan weegt de burgemeester alle betrokken belangen zorgvuldig af. De gemeente gaat in dat kader na in hoeverre betrokkenen een coach nodig hebben voor begeleiding in een zorgtraject dan wel of een melding bij Veilig Thuis moet worden gedaan voor de minderjarigen.

Artikel 13 Betreden gesloten pand

  • 1. Het is op grond van artikel 2.42.lid 2 van de APV een ieder verboden om een krachtens artikel 13b Opiumwet gesloten pand te betreden. Het gebouw mag alleen betreden worden indien de burgemeester daartoe een ontheffing heeft verleend, als bedoeld in artikel 2.42 lid 4 van de APV.

  • 2. De burgemeester kan een ontheffing verlenen indien er een dringende en/ of zwaarwichtige reden hiervoor is. Om voor een ontheffing in aanmerking te komen dient een belanghebbende schriftelijk verzoek om ontheffing bij de burgemeester in te dienen, waaruit in ieder geval duidelijk moet blijken voor wie de ontheffing moet gelden en voor welk doel en welke periode.

Artikel 14 Registratie op grond van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken

Een sluiting nemen we op in de openbare registers. Indien de sluiting wordt opgeheven of de sluitingstermijn afloopt, wordt dit in het register aangepast.

Artikel 15 Overgangsbepaling

Handhavingsprocedures met betrekking tot de toepassing van artikel 13b van de Opiumwet die zijn opgestart c.q. kwesties waarin handhavingsstappen zijn gezet ten tijde van de geldigheid van de nu in te trekken beleidsregels zetten we voort op basis van het Damoclesbeleid gemeente Beesel 2019.

Artikel 16 Citeertitel en inwerkingtreding

  • 1. Deze beleidsregels halen we aan als: “Beleidsregel artikel 13b Opiumwet (Wet Damocles) en coffeeshopbeleid gemeente Beesel 2026”.

  • 2. Deze beleidsregels treden in werking op de dag na publicatie.a

  • 3. Op de datum genoemd in lid 2 komen het Damoclesbeleid gemeente Beesel 2019, vastgesteld op 11 maart 2019, en het Drugsbeleid gemeente Beesel 2012, vastgesteld op 18 december 2012 en laatstelijk gewijzigd met ingang van 14 maart 2019, te vervallen.

Ondertekening

Aldus vastgesteld te Reuver op 20 april 2026

De burgemeester van Beesel,

M.F.W. Derks