Nadere regels behorende bij de Verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025

Geldend van 25-04-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 18-11-2025

Intitulé

Nadere regels behorende bij de Verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025

Algemene bepalingen en begripsbepalingen.

De Verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025 regelt de belangrijkste zaken rond jeugdhulpvoorzieningen. In die verordening heeft de gemeenteraad het college van B&W de bevoegdheid gegeven om voor bepaalde onderdelen nadere regels te stellen, namelijk met betrekking:

  • ten aanzien van de vormen van jeugdhulp en de uitwerking daarvan (artikel 2, lid 3);

  • ten aanzien van de beschikbaarheid van individuele voorzieningen en de inhoud daarvan (artikel 3 lid 2);

  • tot het maken van afspraken met aanbieders over de inhoud van de individuele voorzieningen in het kader van de inkoop- of subsidierelatie (artikel 3 lid 3);

  • tot de procedure voor de aanvraag van jeugdhulp (artikel 4 lid 4);

  • tot de inhoud van het onderzoek en de manier waarop het onderzoek wordt uitgevoerd.(artikel 7, lid 11);

  • tot de aan een persoonsgebonden budget verbonden voorwaarden en verplichtingen (artikel 17, lid 8);

  • tot de hoogte van de pgb-tarieven (artikel 21, lid 5);

  • tot de bevoegdheden van de toezichthouder(s) (artikel 24 lid 3);

  • tot de wijze waarop betreffende de jeugdhulp cliënten en vertegenwoordigers van cliëntgroepen inspraak en medezeggenschap kunnen hebben en waarop periodiek overleg met ingezeten wordt georganiseerd (artikel 38, lid 4).

Alleen ten aanzien van deze bepaalde onderdelen treft men hierna nadere regels aan, al het andere is vastgelegd in de Verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025.

Artikel 1. Begripsbepalingen

  • 1. In deze nadere regels wordt verstaan onder:

    • a.

      Gesprek: het gesprek dat plaatsvindt wanneer een jeugdige of zijn ouders een aanvraag voor jeugdhulp doen, waarbij een deskundige van het lokaal team/Centrum Jeugd en Gezin namens het college, met degene die jeugdhulp vraagt zijn gehele situatie bespreekt ten aanzien van de ondervonden problemen, de gevolgen daarvan en de gewenste resultaten van de te kiezen oplossingen;

    • b.

      Verordening: Verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025;

    • c.

      Eigen kracht: de weerbaarheid, eigen mogelijkheden en probleem oplossend vermogen van de jeugdige en/of ouders/opvoeders en personen uit het sociale netwerk. Om enerzijds te aanvaarden dat problemen onderdeel zijn van het normale leven maar ook om de benodigde ondersteuning en hulp bij opgroei- en/of opvoedingsproblemen en/of psychische problemen en/of stoornissen zelf te bieden of te organiseren.

    • d.

      Verordening: Verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025.

  • 2. Alle begrippen welke in deze nadere regels worden gebruikt, hebben dezelfde betekenis als in de Jeugdwet, de verordening jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025 of de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Begrippen die al in de Jeugdwet, de genoemde verordening of Awb zijn toegelicht worden hier niet opnieuw uitgelegd.

Artikel 2. Beschikbare Algemene of overige vrij toegankelijke voorzieningen. Aanvullend op artikel 2 van de verordening.

Algemene voorzieningen welke ondersteuning bieden aan kinderen, ouders en netwerken zijn gericht op:

  • het versterken en stimuleren van informele netwerken en het elkaar helpen tussen ouders en (mede) opvoeders;

  • het faciliteren en/of ontlasten zodat ouders de ondersteuning aan hun kind kunnen blijven bieden;

  • het normaliseren van problemen en mogelijkheden te bieden om zelfstandig en met elkaar, door gebruik te maken van diverse algemeen beschikbare voorzieningen, problemen te verminderen en/of op te lossen.

  • ondersteuning aan het kind bij participatie/het aanleren van sociale vaardigheden;

  • ondersteuning aan ouders en kinderen die groot risico lopen, bijvoorbeeld kinderen met ouder(s) die (psychiatrische) problemen hebben.

Algemene of overige vrij toegankelijke voorzieningen zijn, in aanvulling onder andere:

Avontuur/Adventure therapie

Voorziening is individueel algemeen/collectief/vrij toegankelijk. (Sport)vereniging, scouting, gezinsactiviteiten zijn gelijkwaardig.

Een individuele voorziening is alleen mogelijk als blijkt dat de problematiek van een jeugdige dusdanig zwaar is dat avontuur, sport en spel deze niet kan oplossen.

Babythuiszorg

Betreft ontlasting en zorg voor de ouder, dit maakt het een Wmo voorziening.

Begeleiding bij regulier onderwijs

Meenemen in OJA-kader (OJA = Onderwijs-jeugdarrangement).

Coaching (in het algemeen)

Coaching is een traject wat primair gericht op het meer uit jezelf halen. De jeugdwet is bedoeld voor jongeren waar het echt niet goed mee gaat en niet voor jongeren die nog meer uit zichzelf willen halen.

Cursus/training opvoeden

Het uitgangspunt is dat dit niet als individuele voorziening aan te bieden is, maar dit als algemene/collectieve/vrij toegankelijke voorziening beschikbaar te hebben o.a. via het lokale team en/of in samenwerking met het onderwijs.

Dierentherapie

Er is geen wetenschappelijke onderbouwing voor dierentherapie. Als onderdeel van een andere (totale) therapie kan wel een dier worden ingezet. Voor therapie waarbij gebruik wordt gemaakt van een paard geldt dat de gediplomeerde psycholoog tevens opgeleid moet zijn tot equitherapeut.

Dagbesteding

Dagbesteding is alleen mogelijk in combinatie met een jeugdhulptraject/therapie en/of als het een noodzakelijke activeringsfactor is. (het middel is om het gewenste resultaat te behalen).

Verder:

Dagbesteding zetten we niet in: Als de school vanuit de opgave passend onderwijs een antwoord moet geven (zoals ook rebound, flexibel rooster, begeleiding op/in de klas.

Dagbesteding zetten we niet in ter vervanging van school om ‘onder de pannen te zijn’.

Dagbesteding zetten we niet als problemen zich enkel binnen het onderwijs of door het onderwijs manifesteren.

Dagbesteding zetten we niet in als de jeugdige en/of diens ouders die vraag niet heeft.

Dagbesteding zetten we niet in als het SWV geen extra ondersteuning heeft ingezet.

Huiswerkbegeleiding

Ouders en onderwijs, dit is geen jeugdhulp

Hulpmiddelen

Wmo, UWV, Zorgverzekering.

Hulp aan scheidende/gescheiden ouders

Relatietherapie is geen jeugdhulp. (hulp aan de jeugdige die zwaar te lijden heeft onder de relatie tussen ouders is wel jeugdhulp)

Lichaamsgerichte therapie

Voor jeugdhulp in het kader van de Jeugdwet moet de problematiek van een jeugdige dusdanig zwaar zijn dat sport en beweging die niet kan oplossen.

Logeeropvang

Kan alleen worden ingezet als er geen steungezin/buurtgezin is waar de jeugdige kan logeren.

Muziekles

Geen jeugdhulp, vergoeding via het Jeugdcultuurfonds.

Ondersteuning bij rouw en verlies

Overlijden van een dierbare of (huis)dier is voor ieder mens een tegenslag, maar rouw en verlies hoort bij het leven. Uitzondering is de verwerking van rouw en verlies na een (zeer) traumatische gebeurtenis.

Onderwijsbegeleiding

Onderwijs, alleen bij (dreigende) permanente schooluitval kan inzet vanuit de jeugdwet worden overwogen

Psychosociale ontwikkeling

Geen individuele voorziening (geïndiceerd), is als algemene/collectieve/vrij toegankelijke voorziening beschikbaar o.a. weerbaarheidstraining of Rots en Water.

Sporttherapie

Voor jeugdhulp in het kader van de Jeugdwet moet de problematiek van een jeugdige dusdanig zwaar zijn dat gewoon sporten en/of het verenigingsleven dit niet kan oplossen. Tevens moet dan worden overwogen of sport wel een adequate voorziening blijkt ( te vaak volgt alsnog een andere voorziening!).

Zorgboerderij

Zie ook dagbesteding. Alleen als sprake is van behandeling en/of therapie kan de voorziening zorgboerderij worden overwogen. In alle andere gevallen is het een dagbesteding, bezigheid en/of ontlasting van ouders/verzorgers. Ook is deelname aan het verenigingsleven te overwegen (sport/scouting) of een dag speel/doe boerderij/speeltuin/zwembad/strand/park, etc.

Artikel 3. Beschikbare Individuele voorzieningen. Aanvullend op artikel 3 van de verordening.

  • 1. Individuele voorzieningen zijn gericht op:

    • a.

      het oplossen van de hulpvraag van de jeugdige en/of ouder(s) die niet kunnen worden opgelost door de jeugdige en/of ouder(s) zelf, met ondersteuning van het sociale netwerk, met een algemene voorziening of met andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning of werk en inkomen;

    • b.

      het herstellen van een gezonde en veilige ontwikkeling van de jeugdige; en

    • c.

      het behandelen van de jeugdige en/of systeemgerichte problematiek.

  • 2. Individuele voorzieningen zijn niet gericht op:

    • a.

      het ondersteunen van de jeugdige en/of ouder(s) als sprake is van blijvende problematiek die chronische belemmeringen opwerpt in het gezin of de ontwikkeling van de jeugdige;

    • b.

      het helpen van de jeugdige om meer uit zichzelf te halen en hun prestaties te verbeteren; en

    • c.

      het ondersteunen van de jeugdige en/of ouder(s) bij gebeurtenissen die horen bij opvoeden/opgroeien en bij het leven, tenzij deze gebeurtenis traumatisch is voor de jeugdige.

Artikel 3 van de Verordening geeft aan welke individuele voorzieningen beschikbaar (gecontracteerd) zijn. Deze voorzieningen zijn alleen beschikbaar binnen de inkoopafspraken via Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). Via deze organisatie kopen de 13 Zeeuwse gemeenten hun jeugdhulp in via gecontracteerde aanbieders. Buitenom gecontracteerde partijen zijn er geen voorzieningen in natura beschikbaar. Uiteraard biedt een pgb wel de mogelijkheid om een individuele voorziening in te kopen naar eigen inzicht. Om voor een pgb in aanmerking te kunnen komen moet aan de voorwaarden worden voldaan als beschreven in de verordening.

Op basis van wetgeving, andere voorzieningen en ‘de bedoeling van de Jeugdwet’ past onze gemeente een afbakening toe ten aanzien van waar wij op basis van de jeugdwet wel een voorziening treffen en wanneer niet. Een overzicht treft u aan in bijlage 1 bij deze nadere regels. Deze lijst samengesteld door Wolters Kluwer van april 2024) is niet absoluut en kan door wetswijzigingen of nieuwe inzichten wijzigen.

Artikel 4. Toegang en aanvraag jeugdhulp via het gemeentelijk lokaal team. Aanvullend op artikel 4 van de verordening.

  • 1. De jeugdige en/of ouder(s) dienen een aanvraag voor een vervoersvoorziening als bedoeld in artikel 11 van de verordening zo mogelijk gecombineerd in met een aanvraag voor een individuele jeugdhulpvoorziening.

  • 2. Het college kan een formulier aanmerken als aanvraag voor een vervoersvoorziening als de jeugdhulpaanbieder in overleg met de jeugdige en/of ouder(s) dit op het formulier heeft aangegeven en het formulier een dagtekening, naam, Burgerservicenummer en geboortedatum van de jeugdige bevat.

Artikel 5. Start van de (aanvraag) procedure. Aanvullend op artikel 4 van de Verordening.

  • 1. Wanneer een jeugdige en/of zijn ouders aangeven dat zij een noodzaak ervaren om ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3 van de jeugdwet, kunnen zij zich rechtstreeks wenden tot een algemene of vrij toegankelijke jeugdhulpvoorziening, zoals vermeld in artikel 2. van de Verordening, of zich met de hulpvraag wenden tot het Lokaal Team of een aanvraag voor een individuele voorziening (jeugd)hulp indienden bij het lokaal team.

  • 2. Als na een korte verkenning van de hulpvraag blijkt dat de jeugdige en/of ouder(s) met de gegeven informatie en het advies het ondervonden probleem zelf kunnen oplossen, stopt de aanvraagprocedure. Er wordt geen informatie bewaard over de jeugdige en/of ouder(s).

  • 3. Het college wijst de aanvrager altijd op de mogelijkheid gebruik te maken van een vertrouwenspersoon en/of gratis onafhankelijke cliëntondersteuning. Daarnaast krijgen de jeugdige of zijn ouders informatie over:

    • I.

      de mogelijkheid van het indienen van een persoonlijk plan / familiegroepsplan, uiterlijk binnen zeven dagen na de start van de aanvraagprocedure;

    • II.

      de identificatieplicht;

    • III.

      de verwerking van persoonsgegevens;

    • IV.

      een eventuele wachttijd;

    • V.

      de mogelijkheid om een persoonsgebonden budget aan te vragen.

  • 4. De ouder(s) en/of jeugdige dienen, zo mogelijk, zelf een familiegroepsplan opstellen, waarin zij samen met hun netwerk aangeven hoe ze de opvoed- en opgroeisituatie kunnen verbeteren. En waarin zij een oplossing kunnen aandragen om de problemen van de jeugdige in eigen kring op te lossen. De gemeente informeert de ouder(s) en/of jeugdige over deze mogelijkheid en geeft hen gelegenheid het plan te overhandigen. Als de ouder(s) en/of jeugdige daarom vragen, zorgt het college voor advies en/of ondersteuning bij het opstellen van het familiegroepsplan.

  • 5. Bij de beoordeling van een aanvraag om jeugdhulp stemt het college af met andere voorzieningen.

  • 6. Het college kan nadere regels vaststellen over de procedure voor de aanvraag van jeugdhulp.

Artikel 6. Gesprek, onderzoek en opstellen ondersteuningsplan. Aanvullend op artikel 7 van de verordening.

  • 1. Het college onderzoekt in een gesprek met de jeugdige en/of ouders de hulpvraag. Het onderzoek is erop gericht een volledig en juist beeld te krijgen en samen te doorgronden welke vraag er ligt en hoe deze tot stand is gekomen (de vraag achter de vraag). De aspecten welke in elk geval aan de orde komen zijn beschreven artikel 7 lid 1 sub a tot en met i van de verordening.

  • 2. Het college informeert de jeugdige/ouders over de rechten, verplichtingen en procedures rondom het aanvragen en toekennen van een persoons gebonden budget (pgb).

  • 3. Ten behoeve van het onderzoek verschaffen de jeugdige of de ouders het college de gegevens en bescheiden welke voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij redelijkerwijs kunnen beschikken.

  • 4. Het college kan, met instemming van de jeugdige of zijn ouders, informatie inwinnen bij andere instanties, zoals de huisarts, en met hen in gesprek gaan over de problemen, de hulpvraag en de noodzakelijke hulp/jeugdhulp.

  • 5. Na het gesprek onderzoekt de gemeente de hulpvraag van de jeugdige. Als het nodig is vraagt de gemeente daarbij om advies van een deskundige.

  • 6. Het college waarborgt dat het onderzoek en de voorbereiding ter besluitvorming via de gemeente zorgvuldig plaatsvindt. Dit om tot een zo objectief mogelijke onafhankelijke beoordeling te komen. Zo wil men ook voorkomen dat organisaties die zelf de jeugdhulp bieden of mogelijk gaan bieden zelfstandig een advies geven over het al dan niet toekennen van jeugdhulp of het besluit daartoe neemt. Uiteraard is het wel de bedoeling om gebruik te maken van de professionaliteit van zorgorganisaties om te komen tot dat zorgvuldig gemeentelijk besluit.

  • 7. Als een aanvraag wordt ingetrokken kan het college in overleg met de jeugdige en/of ouders of wettelijke vertegenwoordiger afzien van een onderzoek. Als dat het geval is wordt dit schriftelijk bevestigd.

  • 8. Gedurende het onderzoek kan de aanvraag door de jeugdige, ouders of wettelijk vertegenwoordiger in overleg met het college worden gewijzigd.

  • 9. Het college kan in overleg met de jeugdige, ouders of wettelijk vertegenwoordiger afzien van een gesprek.

  • 10. Het college legt de uitkomsten van het onderzoek vast in een ondersteuningsplan. Dit ondersteuningsplan bevat ten minste de volgende elementen:

    • a.

      het verslag van het onderzoek met de ondersteuningsbehoeften van de jeugdige of zijn ouders en de beoogde resultaten waarbij zoveel mogelijk wordt aangesloten bij het principe van één gezin, één plan, één regisseur;

    • b.

      bij voorkeur één of een beperkt aantal specifiek benoemde resultaten, die meetbaar -en haalbaar zijn binnen de vastgestelde indicatietermijn/zorgduur.

    • c.

      afspraken over het moment en de wijze waarop de resultaten van de jeugdhulp met de jeugdige of zijn ouders en de jeugdhulpaanbieder geëvalueerd worden. Uitgangspunt is met regelmaat te evalueren, dit kan digitaal/telefonisch of in een gesprek en is m.b.t. de frequentie afhankelijk van de problematiek/casus.

    • d.

      De jeugdhulpaanbieder biedt hulp en ondersteuning op basis van dit plan.

Artikel 7. Vervoer. Aanvullend op artikel 11 lid 9 van de verordening.

  • 1. In aanvulling op artikel 11, zesde lid, van de verordening zijn de volgende vervoersvoorzieningen mogelijk:

    • a.

      kilometervergoeding: op basis van een vastgesteld tarief: € 0,23 per kilometer vanaf ten minste 6 kilometer enkele reis;

    • b.

      openbaar vervoer: een vergoeding voor de tweede klas voor de jeugdige en indien nodig een volwassen begeleider; en

    • c.

      waar mogelijk aansluiting bij bestaande vervoersbewegingen in het kader van de Wmo en/of leerlingenvervoer binnen (aanvullende) afspraken met het betreffende vervoersbedrijf.

Artikel 8. Aanvullende criteria pgb. Aanvullend op artikel 17 van de verordening kan het college nadere regels vaststellen.

Op dit moment zijn er geen aanvullingen.

Artikel 9. Hoogte pgb. Aanvullend op artikel 21 van de verordening.

  • 1. De hoogte van het pgb voor formele hulp bedraagt 75% van het tarief voor gecontracteerde jeugdhulp in natura, tenzij op basis van het door de jeugdige en/of ouder(s) ingediende budgetplan passende en toereikende jeugdhulp voor een lager tarief kan worden ingekocht. In dat geval past het college de hoogte aan naar dat lagere tarief.

  • 2. Als het op basis van het eerste lid vastgestelde pgb in een individueel geval onvoldoende blijkt te zijn om passende jeugdhulp te kunnen inkopen, wordt het tarief zodanig aangepast dat de hulp hiermee bij ten minste één jeugdhulpaanbieder kan worden ingekocht.

    Als de zorg die een cliënt of diens ouders zelf inkoopt duurder is dan ondersteuning in natura of tegen een lager tarief ingekocht kan worden, zal het college niet meer te betalen dat wat die zorg in natura of bij die andere aanbieder middels het pgb kost. In dat geval kan cliënt of diens ouders ervoor kiezen zelf het verschil bij te betalen. Als dit laatste niet gebeurt zal het college het PGB weigeren, omdat in zo’n situatie de noodzakelijke zorg in kwaliteit, omvang en duur niet is gegarandeerd.

  • 3. De hoogte van het pgb voor informele hulp is bij het bestaan van een arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht gelijk aan het dan geldende minimum uurloon, inclusief vakantiebijslag, zoals bedoeld in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag voor een persoon van 21 jaar of ouder met een 36-urige werkweek.

  • 4. Bij jeugdhulp die wordt verleend op basis van een verklaring als bedoeld in artikel 8ab, eerste lid, van de Regeling Jeugdwet bedraagt het pgb:

    • a.

      de maximale hoogte van de tegemoetkoming per kalendermaand voor een hulp uit het sociale netwerk zoals opgenomen in artikel 8ab, eerste lid, van de Regeling Jeugdwet, tenzij op basis van het budgetplan kan worden volstaan met een lagere tegemoetkoming; en/of

  • 5. Het college kan nadere regels vaststellen over de pgb-tarieven met inachtneming van voorgaande bepalingen.

  • 6. Het college maakt minimaal één keer per jaar de tarieven bekend.

Aanvullend op de Verordening Jeugdhulp, artikel 9, beschrijft de pgb-houder in het budgetplan ook:

  • a.

    hoe de in te kopen hulp, een oplossing biedt voor de ontwikkeldoelen van de jeugdige en/of ouder;

  • b.

    wat de doelen van de hulp zijn, welke activiteiten er plaats vinden, wanneer er evaluatiemomenten van de hulp zijn, wat het resultaat moet zijn en de einddatum;

  • c.

    de activiteiten dienen aan de doelen verbonden te zijn en inzichtelijk moet zijn wie wat in deze activiteiten kan doen (gezin, sociaal netwerk, school, algemene voorziening) en voor welke activiteiten een individuele voorziening nodig is;

  • d.

    deze activiteiten worden vervolgens in uren per week uitgedrukt,

  • e.

    als de activiteiten een relatie hebben met een behandeling, dan moet duidelijk omschreven zijn hoe de inzet van professionele ondersteuning en sociaal netwerk gecombineerd zijn.

Artikel 10. Misbruik en controle. Aanvullend op artikel 24 van de verordening.

  • 1. Het college informeert jeugdigen en/of ouders duidelijk over de rechten en plichten die verbonden zijn aan de toegekende individuele voorziening, zowel in natura of als pgb, en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de voorziening.

  • 2. Het college wijst een toezichthouder aan die belast is met het houden van toezicht op de naleving van rechtmatige uitvoering van de wet, waaronder de bestrijding van misbruik, oneigenlijk gebruik en ondoelmatig gebruik van toegekende voorzieningen bij of krachtens artikel 2.9 van de wet..

  • 3. De aangewezen toezichthouder is belast met:

    • a.

      de bevoegdheid om inlichtingen te vorderen;

    • b.

      de bevoegdheid om de (cliënten)administratie te vorderen bij de zorgverlener;

    • c.

      de bevoegdheid om de administratie te vorderen van de pgb-beheerder;

    • d.

      vorderen van identificatie;

    • e.

      inzage van documenten en toegang tot gegevens;

    • f.

      het betreden van plaatsen (met uitzondering van woningen);

    • g.

      controleren of de zorgverlener de verplichtingen uit de toekenningsbeschikking of de raamovereenkomst met het college naleeft;

    • h.

      ondersteuningsinhoudelijk controleren van de overeenkomsten die de pgb-beheerder heeft gesloten; voldoen deze aan bij de aanvraag geleverde gegevens en informatie.

  • 4. Eenieder is verplicht om mee te werken aan het onderzoek van de toezichthouder.

  • 5. De toezichthouder is gehouden te werken volgens het geldende ‘Toezichtskader kwaliteit en rechtmatigheid WMO 2015 en Jeugdwet Zeeland’.

Artikel 11. Betrekken ingezetenen bij ontwikkelen beleid. Aanvullend op artikel 38 van de verordening.

  • 1. Het college betrekt de ingezetenen van de gemeente bij de voorbereiding van het beleid betreffende jeugdhulp overeenkomstig de krachtens artikel 150 van de Gemeentewet gestelde regels met betrekking tot de wijze waarop inspraak wordt verleend.

  • 2. Het college stelt de jeugdige en/of ouder(s) en vertegenwoordigers van cliëntgroepen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van (ambtelijke) ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen.

  • 3. Het college zorgt ervoor dat ingezetenen kunnen deelnemen aan periodiek overleg, waarbij zij onderwerpen voor de agenda kunnen aanmelden, en dat zij worden voorzien van de voor een adequate deelname aan het overleg benodigde informatie en ondersteuning.

  • 4. Het college kan nadere regels vaststellen ter uitvoering van het tweede en derde lid.

Artikel 12. Intrekking Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2021 en overgangsbepalingen.

  • 1. De Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2021 wordt ingetrokken.

  • 2. Een jeugdige of ouders houdt(en) recht op een lopende voorziening, verstrekt op grond van de Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2021 totdat het college een nieuw besluit heeft genomen.

  • 3. Aanvragen die zijn ingediend onder de Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2021 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze Nadere regels, worden afgehandeld krachtens de Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2021

  • 4. Beslissing op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van de Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2021 geschiedt op grond van de nadere regels, die ten aanzien van de betreffende zaak zijn rechtskracht behoudt.

Artikel 13 Intrekking en citeertitel.

De Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025 treden in werking op de dag na die van de bekendmaking en werken terug tot en met 18 november 2025.

Deze Nadere regels worden aangehaald als ‘Nadere regels jeugdhulp gemeente Reimerswaal 2025’.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 17 april 2026.

Burgemeester en Wethouders van Reimerswaal

De secretaris

Mr. F.L.A.R. Marquinie MBA

De burgemeester

J.J. Luteijn

Bijlage 1: Afbakening Jeugdwet.

Jeugd

wet

Zorgverz. wet

WLZ

Onderwijs

wetten

Wmo

Overig

ADHD

diagnose en behandeling door jeugdpsychiater of kinderarts

X

onderwijsondersteuning

X

Autisme

diagnose en behandeling door jeugdpsychiater of kinderarts

X

(Therapeutische) hulphond

X

Depressie

diagnose en behandeling door jeugdpsychiater of kinderarts

X

Dyscalculie; zie Problemen tijdens onderwijs

Dyslexie

diagnose en behandeling ED (ernstige dyslexie)

X

Begeleiding bij ED

X

Begeleiding bij lichte dyslexie, géén ED

X

Onderzoek naar dyslexie, niet zijnde ED

X

Fysieke hulpmiddelen

X

Daisyspeler voor uitbehandelde dyslexie

X

Eetstoornis

diagnose en behandeling door jeugdpsychiater of kinderarts

X

behandeling somatische gevolgen

X

Eet- en voedingsstoornis bij zuigelingen en in vroege kindertijd

somatische oorzaak: diagnose en behandeling door kinderarts

X

Géén somatische oorzaak: diagnose en behandeling door jeugdpsychiater of jeugdpsycholoog

X

Gedragsmatige oorzaak: diagnose en behandeling door kinderarts

X

Functionele klachten/SOLK (Somatisch Onvoldoende verklaarde Lichamelijke Klachten)

diagnose en behandeling door kinderarts

X

Diagnose en behandeling als klachten duiden op psychische stoornis

X

Gebrek aan zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie vanwege lichamelijke of geestelijke beperkingen

begeleiding en persoonlijke verzorging bij ADL (algemene dagelijkse levensverrichtingen)

X

Jeugd

wet

Zorgverz. wet

WLZ

Onderwijs

wetten

Wmo

Overig

Respijtzorg (informeel hulp thuis, dagopvang, logeeropvang) om ouder die de gebruikelijke zorg levert te ontlasten.

X

X (logeeropvang thuiswonend)

Respijtzorg(informele hulp thuis, dagopvang, logeeropvang)om ouder die (gebruikelijke) zorg levert te ontlasten

kind met Wlz.

Hulpmiddelen

X (als in art.2.6. regeling zorgver).

X (bij verblijf in Wlz instelling)

X (langdurig gebruik)

Mobiliteitshulpmiddelen

X (als in art.2.6. regeling zorgverz.

X (bij verblijf in Wlz instelling

X (langdurig gebruik)

Doventolk

X (VWS of UWV)

Woningaanpassing

X bij verblijf in Wlz instelling

Gehoorbeperking

diagnostisch gehooronderzoek

X

Advies en voorlichting over aanschaf/gebruik gehoorapparatuur

X

Cursus gebarentaal

X

Communicatietraining (aanleren van vaardigheden)

X

Doventolk

X

Hulp bij psychische klachten als gevolg van gehoorbeperking

X

Geneeskundige problemen (niet psychisch)

verpleging (inclusief wijkverpleging)

X

Persoonlijke verzorging (behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop)

X

Intelligentietest voor onderwijs

als onderdeel van diagnostisch onderzoek voor jeugdhulp

X

Onderzoek voor ander doel dan diagnostiek

X

Leerstoornis

behandeling van stoornis op gebied van: Lezen, rekenen,

schriftelijke uitdrukkingsvaardigheid

leerstoornis NAO (niet anderszins omschreven)

X

Lichamelijke problemen

begeleiding

X

Jeugd

wet

Zorgverz. wet

WLZ

Onderwijs

wetten

Wmo

Overig

Persoonlijke verzorging bij ADL

X

Persoonlijke verzorging ivm behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop

X

Persoonlijke verzorging bij verpleging

X

Zwemtherapie

X (kan onder aanvullende ziektekostenverzekering vallen)

Palliatief terminale zorg (PTZ)

zorg en ondersteuning bij PTZ, inclusief kortdurend verblijf voor kind en vervoer

X

Extramurale PTZ, áls Wlz-indicatie vóór PTZ-fase

X

Problemen tijdens onderwijs (leerproblemen)

huiswerkbegeleiding

X

Remedial teaching of motorische remedial teaching (MRT)

X

Begeleiding op school

X (indien geen Wlz en niet gericht op leerproces

X (bij Wlz indicatie en niet gericht op leerproces

X mits gericht op leerproces

Dyscalculie

X

Behandeling stoornis op gebied van leren

X (zie leerstoornis)

Psychische problemen’

behandeling door huisarts of POH-GGZ

X

GGZ-zorg

X

Behandeling problemen als integraal onderdeel behandeling somatische aandoeningmedische psychologische zorg en consultatieve psychiatrie

X

Psychofarmaca (medicijnen)

intramuraal (verstrekking binnen instelling)

X

X (Wlz met behandeling)

Extramuraal (verstrekking niet door instelling), organiseren: contracteren apotheek, ontwikkelen preferentiebeleid, vergoedingslimiet

x

Jeugd

wet

Zorgverz. wet

WLZ

Onderwijs

wetten

Wmo

Overig

Extramuraal (verstrekking niet door instelling), consult: voorschrijven, effecten gebruik, stoppen

X

Psychosociale problemen

hulp door huisarts of POH-GGZ

X

GGZ-zorg

X

Speltherapie

ook voor behandeling trauma en voor kinderen met licht verstandelijke beperking

X (aanvullende verzekering en eigenkracht!)

Vaktherapie (beeldende therapie, danstherapie, dramatherapie, muziektherapie en psychomotore therapie) ook voor behandeling psychische stoornis

X (aanvullende verzekering en eigen kracht)

Slaapstoornis

behandeling door huisarts of multidisciplinair (inclusief kinderarts)

X

Behandeling van slaapstoornis als gevolg van psychische stoornis

X

Taalontwikkelingsstoornis

behandeling van ernstige taal- en spraakmoeilijkheden

X

Begeleiding bij ernstige taal- en spraakmoeilijkheden in onderwijs

X

Verblijf: specifieke verblijfsvormen voor jeugd met beperking

kinderdagcentrum (KDC)

X

X (24 uurs zorg)

Kinderhospice

X

Respijtzorg(kortdurend verblijf: dagopvang, logeeropvang)om ouder die (gebruikelijke) zorg levert te ontlasten

X

X (logeer opvang thuiswonend kind met Wlz)

Opvang kind met ouder vanwege huiselijk geweld of huisuitzetting

X

Medisch kinderdagverblijf (MKD)

X

X (bij nadruk op medische zorg)

X (bij nadruk op verstandelijke beperking)

Orthopedagogisch centrum

X

Jeugd

wet

Zorgverz. wet

WLZ

Onderwijs

wetten

Wmo

Overig

ziekenhuis

X

Vervoer vanwege problemen jeugdige

vervoer van en naar jeugdhulplocatie

X

Vervoer naar andere locaties (dan jeugdhulplocaties) vanwege beperkingen in zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie

X

Vervoer van en naar Wlz-instelling

X

Ziekenvervoer

X

Leerlingenvervoer (via gemeente)

X

Visuele beperking

diagnose door metingen met een hulpmiddel (bril)

X

Zorg afgestemd op individuele situatie

X

Zorg voor lichamelijke beperking in combinatie met psychische stoornis

begeleiding en behandeling

X

Persoonlijke verzorging bij ADL (algemene dagelijkse levensverrichtingen)

X

Persoonlijke verzorging nodig ivm een behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop

X

Verpleging

X

Persoonlijke verzorging bij verpleging

X

Hulpmiddelen

X ( als artikel 2.6. regeling zorgverz.)

X (als jeugdige in Wlz instelling verblijft

X (voor langdurig gebruik)

Behandeling waarbij blijvend permanent toezicht en 24-uurszorg nabij nodig is

X

X

Zorg voor verstandelijke beperking in combinatie met psychische stoornis

begeleiding en behandeling

X

Persoonlijke verzorging bij ADL (algemene dagelijkse levensverrichtingen)

X

Persoonlijke verzorging nodig ivm een behoefte aan geneeskundige zorg of een hoog risico daarop

X

Medicijnen

X

Behandeling waarbij blijvend permanent toezicht en 24-uurszorg nabij nodig is

X (bij psychische stoornis)

X (bij verstandelijke beperking)

Jeugd

wet

Zorgverz. wet

WLZ

Onderwijs

wetten

Wmo

Overig

Behandeling psychische stoornis als integraal onderdeel van behandeling vanwege verstandelijke beperking, waarbij blijvend permanent toezicht en 24-uurszorg nabij nodig is

X

Zorg voor meest kwetsbare jeugdigen

Intensieve zorg met blijvend permanent toezicht en 24-uurszorg nabij nodig vanwege: somatische of psychogeriatrische aandoening of beperking, verstandelijke beperking, lichamelijke beperking, zintuiglijke beperking of meervoudige beperkingen

X (nadruk op medisch specialistische zorg zoals ziekenhuis)

X

Intensieve zorg met blijvend permanent toezicht en 24-uurszorg nabij nodig vanwege: psychische stoornis of psychiatrische aandoening

X