Beleidsregels Regeling opvang ontheemden Oekraïne gemeente Oss 2026

Geldend van 24-04-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026

Intitulé

Beleidsregels Regeling opvang ontheemden Oekraïne gemeente Oss 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oss

Gelet op:

  • artikel 4:81, 4:83 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • de Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne (hierna: TwooO);

  • de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (hierna: RooO);

Overwegende dat het gewenst is om beleidsregels vast te stellen over de toepassing- en uitleg van de voornoemde wettelijke voorschriften;

B E S L U I T:

vast te stellen de Beleidsregels Regeling opvang ontheemden Oekraïne gemeente Oss 2026

Artikel 1 - Begripsbepalingen

  • 1. Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de:

    • Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne (TwooO),

    • Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO),

    • Algemene wet bestuursrecht (Awb).

  • 2. In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

    • a.

      Belanghebbende/ontheemde als bedoeld in artikel 1 sub c van de Regeling, die in Nederland verblijft op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming,

    • b.

      Buitengewone kosten: een vergoeding voor noodzakelijke kosten als bedoeld in artikel 11 van de Regeling,

    • c.

      Drempelbedrag: Het drempelbedrag is 115% van het normbedrag leefgeld plus het bedrag eigen bijdrage (normbedrag leefgeld + eigen bijdrage) x 1.15),

    • d.

      Eigen bijdrage: de vergoeding zoals bedoeld in artikel 8 van de Regeling,

    • e.

      Gezin: de gezinsleden gezamenlijk als bedoeld in artikel 1 sub f van de Regeling alsmede ongehuwd samenwonenden,

    • f.

      Inkomsten: netto-inkomsten uit arbeid, zelfstandig bedrijf of beroep, een loondervingsuitkering of andere uitkering,

    • g.

      Leefgeld: een financiële toelage als bedoeld in artikel 6 lid 1 sub b, en artikel 12, eerste lid, van de Regeling,

    • h.

      Regeling: Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO),

    • i.

      Wet: Tijdelijke wet opvang ontheemden Oekraïne (TwooO).

Artikel 2 - Aanvraag leefgeld of vergoeding buitengewone kosten

  • 1. Het college verstrekt op aanvraag van de ontheemde leefgeld of een vergoeding buitengewone kosten aan de belanghebbende en diens gezin.

  • 2. Een aanvraag kan worden ingediend door middel van het daartoe bestemde formulier.

Artikel 3 - Leefgeld

  • 1. Een recht op leefgeld bestaat jegens de meerderjarige belanghebbende, die:

    • a.

      in de gemeente Oss is ingeschreven in de BRP, en

    • b.

      verblijft in een gemeentelijke opvang voorziening, een particuliere opvang of een zorginstelling zoals bedoeld in artikel 12, tiende lid van de Regeling, en

    • c.

      minder inkomsten heeft dan 115% van het van toepassing zijnde leefgeld.

  • 2. Geen recht op leefgeld bestaat jegens de belanghebbende die:

    • a.

      meer inkomsten heeft dan 115% van het van toepassing zijnde leefgeld,

    • b.

      verblijft in een door hemzelf gehuurde of gekochte woning,

    • c.

      tevens de Nederlandse nationaliteit bezit,

    • d.

      rechtens de vrijheid is ontnomen,

    • e.

      de tijdelijke bescherming wordt geweigerd vanwege het bepaalde in artikel 28 van de Richtlijn Tijdelijke bescherming Oekraïners.

  • 3. Het leefgeld wordt toegekend per datum aanvraag of met ingang van de datum waarop de belanghebbende aan de voorwaarden voldoet.

  • 4. De hoogte van het leefgeld wordt afgestemd op de eventuele inkomsten van belanghebbende voor zover deze minder bedragen dan 115% van het toepasselijke leefgeld.

  • 5. Voor bepaling van de hoogte zoals genoemd in het vierde lid wordt gebruik gemaakt door de door het Rijk beschikbaar gestelde rekentool.

  • 6. Het leefgeld wordt per kalendermaand vastgesteld en betaald. In afwijking van de eerste volzin wordt het leefgeld in de maand van eerste toekenning naar rato over het aantal dagen van de maand waarop belanghebbende aan de voorwaarden voldoet vastgesteld en betaald.

  • 7. In afwijking van hetgeen gesteld in artikel 10, vierde lid van de Regeling wordt het leefgeld op de voorafgaande werkdag uitbetaald, indien de eerste dag van de maand in een weekend valt, dan wel het een erkende feestdag betreft.

  • 8. Uitbetaling van leefgeld vindt plaats op een IBAN van de ontheemde,

  • 9. De verstrekking van het leefgeld wordt ingetrokken indien de belanghebbende:

    • a.

      inkomsten heeft die gelijk zijn aan of wel hoger zijn dan 115% van het toepasselijke leefgeld,

    • b.

      één van de situaties zoals genoemd in artikel 7, eerste lid van de Regeling van toepassing is,

    • c.

      één van de situaties zoals genoemd in artikel 7, tweede lid, onder c en d, van de Regeling van toepassing is.

  • 10. Het recht op leefgeld wordt ingetrokken vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin van één of meer van de bovengenoemde omstandigheden is gebleken.

  • 11. Als de belanghebbende zijn verblijf buiten de opvang vooraf heeft gemeld bij het college en de reden van vertrek het gevolg is van een aantoonbare medische noodzaak of van aantoonbare schrijnende omstandigheden van familieleden in de eerste of tweede graad, dan besluit het college, in afwijking van het bepaalde in lid 1 van dit artikel besluiten om niet over te gaan tot intrekking.

  • 12. Indien één persoon vertrekt of enkele personen van het gezin vertrekken of langer dan 28 dagen niet in de opvangvoorziening is/zijn verschenen, wordt de hoogte van het leefgeld aangepast aan de situatie van het gezin dat nog wel in de opvangvoorziening verblijft.

  • 13. Het college vordert teveel of ten onrechte verstrekt leefgeld van de belanghebbende terug.

  • 14. Indien leefgeld is verstrekt aan een gezin, dan vordert het college het aan het gezin teveel of ten onrechte verstrekt leefgeld terug van de meerderjarige belanghebbende en/of diens meerderjarige gezinslid.

  • 15. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn, kan het college besluiten geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.

  • 16. Het college start de invordering van het ten onrechte verstrekte leefgeld, in hanteert daarbij de in artikel 4:87 Awb genoemde betalingstermijn van zes weken.

  • 17. Indien de belanghebbende uitsluitend een inkomen uit leefgeld ontvangt, wordt de maandelijkse aflossingsverplichting bij een betalingsregeling of beslaglegging bepaald op de volledige beslagruimte zoals aangegeven in artikel 475 ev van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, waarbij de belanghebbende ten minste blijft beschikken over een bedrag van 95% van het van toepassing zijnde leefgeld.

  • 18. Indien de belanghebbende een ander inkomen dan leefgeld ontvangt, wordt de maandelijkse aflossingsverplichting bij een betalingsregeling of beslaglegging bepaald op maximaal de volledige beslagruimte zoals aangegeven in artikel 475ev van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Artikel 4 - Buitengewone kosten

  • 1. Het recht op vergoeding van buitengewone kosten bestaat jegens de belanghebbende, die:

    • a.

      in de gemeente Oss is ingeschreven in de BRP, en

    • b.

      verblijft in een gemeentelijke opvang voorziening of een particuliere opvang of een zorginstelling zoals bedoeld in artikel 12, tiende lid van de Regeling.

  • 2. De vergoeding buitengewone kosten wordt toegekend per datum aanvraag of met ingang van de datum waarop de belanghebbende aan de voorwaarden voldoet.

  • 3. De hoogte van de vergoeding van buitengewone kosten wordt vastgesteld op de feitelijke kosten, dan wel op een door het college in redelijkheid vast te stellen tegemoetkoming. In aanvulling op de voorwaarden gesteld in artikel 11 van de Regeling bestaat er recht op een vergoeding van buitengewone kosten indien de belanghebbende de maand voorafgaand aan het maken van de buitengewone kosten een inkomen heeft dat lager is dan het drempelbedrag.

  • 4. Uitbetaling van buitengewone kosten vindt plaats op een IBAN van de ontheemde.

  • 5. De verstrekking van de vergoeding van buitengewone kosten wordt ingetrokken indien niet meer aan de voorwaarden wordt voldaan.

Artikel 5 - Eigen bijdrage

  • 1. Het college brengt een eigen bijdrage in rekening bij de meerderjarige belanghebbende alsmede bij diens meerderjarige gezinslid, indien de meerderjarige belanghebbende of een meerderjarig gezinslid verblijft in een gemeentelijke opvang van de gemeente Oss en:

    • a.

      inkomsten heeft voor zover deze meer bedragen dan 115% van het van toepasselijke leefgeld, of

    • b.

      gedurende twee weken niet heeft voldaan aan verzoeken van of namens het college om informatie te verstrekken over zijn inkomsten en/of gezinssamenstelling, of

    • c.

      inkomsten heeft verzwegen en daardoor ten onrechte van de verstrekkingen gebruik heeft gemaakt.

  • 2. De hoogte van de eigen bijdrage als bedoeld in het eerste lid wordt vastgesteld op het bedrag genoemd in artikel 3, vierde lid van de Regeling of wordt afgestemd op de inkomsten van belanghebbende voor zover deze minder bedragen dan het drempelbedrag.

  • 3. Voor bepaling van de hoogte zoals genoemd in het 2e lid wordt gebruik gemaakt door de door het Rijk beschikbaar gestelde rekentool.

  • 4. De eigen bijdrage wordt opgelegd vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin van één of meer van de omstandigheden als bedoeld in het eerste lid is gebleken.

  • 5. De eigen bijdrage is maandelijks achteraf verschuldigd.

  • 6. De eigen bijdrage dient uiterlijk op de laatste dag van de maand te zijn betaald door overmaking op de daartoe aangewezen bankrekening van de gemeente Oss.

  • 7. Onder betaling als bedoeld in het zesde lid wordt bedoeld de feitelijke bijschrijving van de eigen bijdrage op de bankrekening van de gemeente Oss.

  • 8. De eigen bijdrage is over een volledige kalendermaand verschuldigd.

  • 9. Indien de belanghebbende niet bereid is tot het treffen van een betalingsregeling of een eerder opgelegde betalingsverplichting niet meer nakomt, zal het college de belanghebbende nogmaals op deze betalingsverplichting attenderen.

  • 10. Indien de belanghebbende nalatig blijft, maant het college vervolgens de belanghebbende aan om aan zijn betalingsverplichting te voldoen.

  • 11. Indien de acties als bedoeld in het achtste en negende lid, niet leiden tot volledige betaling van de verschuldigde vordering dan zal het college de belanghebbende (laten) dagvaarden voor de bevoegde rechtbank teneinde een executoriale titel voor de verschuldigde vordering te verkrijgen.

  • 12. Nadat een executoriale titel is verkregen, besluit het college om tot dwanginvordering over te gaan, door de executie van de vordering in handen van een (gerechts)deurwaarder te stellen.

Artikel 6 - Inlichtingenplicht

  • 1. De mededeling als bedoeld in artikel 2a van de Regeling kan door belanghebbende schriftelijk worden gedaan via een door de gemeente Oss beschikbaar gesteld inlichtingenformulier of digitaal kanaal.

Artikel 7 - Hardheidsclausule

  • 1. Door of namens het college kan met toepassing van artikel 4:84 van de Awb in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende worden afgeweken van deze beleidsregels, indien toepassing hiervan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

  • 2. Hierbij kunnen aantoonbare financiële verplichtingen of schulden in aanmerking worden genomen, tenzij deze zijn ontstaan door een verwijtbare gedraging.

Artikel 8 - Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden met terugwerkende kracht in per 1 januari 2026

Artikel 9 - Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels ontheemden Oekraïne 2026.

Ondertekening

Aldus besloten in de vergadering van 17 maart 2026.

Burgemeester

secretaris