Gebiedspaspoort Woonwijken West

Geldend van 16-04-2026 t/m heden

Deel I Voorwoord

In december 2023 is door de gemeenteraad de omgevingsvisie Gorinchem 2050; ‘Stad in Balans’ vastgesteld. Om de omgevingsvisie te kunnen vertalen naar het omgevingsplan is een verdere uitwerking op gebiedsniveau noodzakelijk. We maken voor de hele stad gebiedspaspoorten en we hebben de stad verdeeld in verschillende gebieden. Per wijk maken we een praktische vertaling: een ‘gebiedspaspoort’. Hierin staat hoe de wijk zich de komende 15-25 jaar ontwikkelt. Het eerste gebiedspaspoort Woonwijken west ligt nu voor u. 

Woonwijken West omvat de Gildenwijk, Stalkaarsen, Haarwijk en Molenvliet. Inwoners en ondernemers en partners hebben we gevraagd mee te denken over dit gebiedspaspoort. Hun mening is belangrijk om ervoor te zorgen dat onze plannen goed aansluiten bij wat zij willen. 

Wij geloven dat de toekomst van Gorinchem wordt gevormd door de gezamenlijke inzet van alle betrokkenen. Dit gebiedspaspoort is niet alleen een document dat de koers voor de komende decennia uitzet, maar vooral een uitnodiging om samen te werken aan een stad die vooriedereen aantrekkelijk, leefbaar en toekomstbestendig is. We staan voor de uitdaging om onze ambities te verwezenlijken door open te staan voor nieuwe ideeën, constructief samen te werken en elkaar te ondersteunen. 

We weten dat het realiseren van onze lange termijndoelen, tot 2050 en verder, vraagt om een gezamenlijke aanpak. Het is essentieel dat we niet alleen kijken naar wat mogelijk is, maar ook naar wat haalbaar en wenselijk is voor onze stad, specifieke gebieden, wijken en haarinwoners. Daarbij blijven we inzetten op een goede afstemming met iedereen die nauw betrokken is bij een gebied of wijk. 

Samen met de wijkbewoners, ontwikkelaars, maatschappelijke partners en andere betrokkenen willen wij Gorinchem verder ontwikkelen op een manier die recht doet aan haarkarakter en haar potentieel. We beseffen dat dit alleen lukt door een open dialoog, vertrouwen en het delen van kennis en middelen.

Laten we deze uitdaging samen aangaan, met de overtuiging dat we door samenwerking Gorinchem kunnenlaten bloeien en een stad kunnen creëren waar we trots op kunnen zijn.

Deel II Gebiedspaspoort

1 Algemeen

1.1 Inleiding

Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet ingegaan. Sinds dat moment zijn gemeenten en waterschappen verantwoordelijk voor veel regels die eerder bij de Rijksoverheid lagen. De Omgevingswet bundelt 26 wetten, 60 Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) en 75 ministeriële regelingen. Het doel van de Omgevingswet is om het omgevingsrecht duidelijker te maken, de leefomgeving op de eerste plaats te zetten, ruimte te bieden voor lokale aanpassingen (aanpassingen op een specifieke plek) en de besluitvorming sneller te maken. 

Ook in Gorinchem moeten we gezamenlijk aan de slag met de Omgevingswet. Daarom is vooraf (december 2023) een eerste stap gezet met de vaststelling van de ‘omgevingsvisie Gorinchem 2050, Stad in Balans’. De visie beschrijft op hoofdlijnen de ambities (doelen) voor de fysieke leefomgeving van de hele stad. Het sociale beleid van de gemeente staat in onze Integrale Samenlevingsvisie (ISV). 

In Gorinchem bouwen we gezamenlijk aan een stad die voor iedereen is, duurzaam en vol leven (dit noemen we in de omgevingsvisie ‘een inclusieve, duurzame en vitale stad’). Dit doen we samen met de stad en zoals de Omgevingswet dit voorschrijft. 

Wat is een gebiedspaspoort

Onze stad heeft verschillende wijken, allemaal met hun eigen kwaliteiten en activiteiten. Zo is nieuwbouwwijk Hoog Dalem heel anders dan de oudere Haarwijk of Lingewijk. In de Lingewijk is de afgelopen jaren al veel aan verbetering van de woonkwaliteit gedaan. 

Om ook de andere wijken te versterken, wordt per gebied een document gemaakt over hoe we kijken naar, of denken over alles wat je kunt zien, horen, ruiken, aanraken en ervaren op straat (fysieke leefomgeving). Dit wordt een integraal gebiedsgericht kader genoemd. Dit kader is een programma onder de Omgevingswet. Het doel van een programma is om de ambities (doelen) uit de omgevingsvisie uit te werken in thema's en in gebieden. Dit gebiedspaspoort is zo'n gebiedsgericht kader voor de Woonwijken West. 

Wat staat er in een gebiedspaspoort

In het gebiedspaspoort staat hoe de Woonwijken West richting 2050 gaan ontwikkelen. Het zegt dus niet wat er exact gaat gebeuren, maar zet de lijnen uit om uiteindelijk het beeld voor in 2050 te kunnen behalen. 

In het gebiedspaspoort staan geen regels of uitvoeringsplannen en het richt zich niet op de dagelijkse problemen zoals verkeersoverlast of zwerfafval. Het college stelt dit gebiedspaspoort vast en het dient als basis voor het omgevingsplan. In het omgevingsplan komen de regels voor de fysieke leefomgeving. Dagelijkse problemen die tijdens de participatie genoemd werden, zijn uitgezet in de gemeentelijke organisatie.

Ontwikkelingen en afspraken

Ontwikkelingen waarover al afspraken zijn gemaakt en/of procedures zijn doorlopen, stonden niet opnieuw ter discussie en zijn onderdeel van dit gebiedspaspoort. Voorbeelden hiervan zijn de autogarage en het gebied ‘de doosjes’ aan de Gildenweg, en Haarwijk-Oost.

Start Woonwijken West

We beginnen met het gebiedspaspoort voor de Woonwijken West: Gildenwijk, Haarwijk, Stalkaarsen en Molenvliet. Hierbij wordt rekening gehouden met de gebieden die naast deze wijken liggen en de verbindingen. Denk aan fietspaden, het groen, water, en hoe inwoners in Gorinchem binnen de verschillende wijken met elkaar omgaan. Woonwijken West is het eerste gebiedspaspoort. Ook voor andere gebieden komen gebiedspaspoorten. 

Doelen voor 2050

Het gebiedspaspoort legt de doelen voor 2050 vast voor deze wijken. Het is een langetermijn visie en niet voor alles is (nu) geld. (zie ook 'wanneer verwachten we te gaan inzetten op')

1.2 Waarom dit gebiedspaspoort

De gemeente maakt met de stakeholders verschillende gebiedspaspoorten omdat de omgevingsvisie op hoofdlijnen is vastgesteld en elke wijk uniek is. Met een ‘eigen’ gebiedspaspoort kan elke wijk, gerichte keuzes maken voor de toekomst. 

Er is bewust gestart met een complex gebied: Gorinchem West. Dit gebied bevat een van de oudste wijken, waar veel gebeurt. Ook zijn er veel plannen, zoals de herontwikkeling van de Van Zomerenlaan en omgeving, de aanleg van het warmtenet in de Gildenwijk en de toekomst van lege gebouwen, zoals het voormalige belastingkantoor en het oude gebouw van vakcollege 't Gilde.

Het dilemma:

Bij het maken van het gebiedspaspoort stonden zeven dilemma's centraal. Deze dilemma's zijn zo ontstaan: Het gebied is onderzocht op kansen (mogelijkheden) voor verbetering. De plekken met verbeterkansen zijn bekeken aan de hand van drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie:

  • 1.

    Gezonde groei van de stad;

  • 2.

    Bevorderen van de gezondheid van inwoners;

  • 3.

    Vergroenen van de stad.

Soms kunnen niet alle doelen uit de omgevingsvisie op een plek maximaal worden bereikt. Bij tegenstrijdigheden is gekeken welke doel (ambitie) uit de omgevingsvisie het meest bijdraagt aan de opgaven uit de omgevingsvisie (zie ook hoofdstuk 2). Uit deze analyse kwamen zeven plekken, waar de doelen het meest botsen (de grootse verschillen opleveren). Dit wordt in het gebiedspaspoort ‘het dilemma’ genoemd.

Het maken van een keuze uit de drie doelen was nodig om te bepalen welk van de doelen (ambities) uit de omgevingsvisie op die plek het meest belangrijk is. De inwoners konden hun mening geven over de zeven dilemma's bij de participatie.

Voor elke ambitie uit de omgevingsvisie zijn drie of vier scenario's (mogelijkheden) uitgewerkt voor een mogelijke invulling (zie ook de 'toelichting op de dilemma's'). Dit is gebeurd op basis van bestaand beleid en/of de participatie. In elk scenario krijgt meestal een van de drie ambities (doelen) de hoogste prioriteit. Elk scenario laat zien wat de verbeterkans op die plek is vanuit dat scenario (doel), en welk effect dat heeft of kan hebben. Daarbij is duidelijk gemaakt wat voor gevolgen het scenario heeft voor de ruimte (ruimtelijke effecten) en op het milieu (milieueffecten). Bij elk dilemma kan op basis van de scenario's een keuze worden gemaakt, welke ambitie uit de omgevingsvisie op die plek het meest belangrijk is. 

Uiteindelijk hebben het college en de raad samen de keuzes gemaakt voor de scenario’s op basis van de kansen op verbetering, ambities uit de omgevingsvisieruimtelijke effectenmilieueffecten en participatie (gesprekken met inwoners en ondernemers, zie ook 'verslag participatie'). De keuzes zijn in dit gebiedspaspoort verwerkt in de verdere uitwerking van de opgaven. In de bijlage staat voor alle dilemma's een uitwerking; per dilemma de verschillende scenario's op basis van de drie ambities.

Hoewel de dilemma’s invloed hebben op verschillende opgaven, zijn ze in dit gebiedspaspoort maar bij één opgave behandeld. Het dilemma wordt behandeld bij die opgave waarop het de meeste invloed heeft.

Voorbeeld werkwijze dilemma:

De nieuwe Hoven:

De Nieuwe Hoven is een straat waar duidelijk een probleem is. De fietspaden die hobbelig zijn (door de wortels van de bomen). Wortels van bomen die tot in de huizen groeien. De parkeerplaatsen zijn smal, de fietspaden zijn smal, de voetpaden zijn smal en de weg is onoverzichtelijk. Inwoners vinden de weg ook onveilig. Maar de Nieuwe Hoven is ook erg mooi door de grote groene bomen. 

Op de Nieuwe Hoven is niet veel ruimte en toch is alles aanwezig. Als we de Nieuwe Hoven willen verbeteren dan moet er een keuze worden gemaakt. Er is gewoon niet genoeg ruimte om alle functies terug te laten komen. In de fietsknelpunten top10 is al vastgesteld dat de weg aangepakt moet worden als fietsroute.

In de omgevingsvisie zijn drie doelen (ambities) vastgesteld:

  • 1.

    Een gezonde groei

  • 2.

    Een gezonde inwoner

  • 3.

    Een groene stad.

Tijdens de participatie op straat en tijdens de dialoogavond is aan de stakeholders (inwoners, ondernemers, maatschappelijke instellingen) gevraagd hoe zij de Nieuwe Hoven zien. Als ze zouden moeten kiezen om één van de functies te laten verdwijnen, wat zou er dan wat hun betreft weg moeten. Daarbij hebben we de drie doelen uit de omgevingsvisie in ons achterhoofd meegenomen. De mening van de inwoners was verdeeld. Sommige inwoners houden van de bomen, andere inwoners zien de bomen graag verdwijnen vanwege de overlast. Over het algemeen genomen lijkt het weghalen van de functie parkeren het meest voor de hand liggend te zijn. Inwoners kunnen veelal op de oprit parkeren, maar de stakeholders zijn van mening dat de gemeente ergens anders parkeervoorzieningen aan zou moeten bieden. Bijvoorbeeld in de zijstraten.

Op basis van de drie doelen (ambities) en de mening van onze stakeholders zijn een viertal scenario’s uitgewerkt:

  • 1.

    Als we willen gaan voor een gezonde groei van de stad dan hebben we de weg nodig voor het verkeer. Je zou dan de auto prioriteit moeten geven. 

  • 2.

    Als we willen gaan voor de gezonde inwoner, dan hebben we de ruimte nodig voor wandelen en fietsen, waarbij we focussen op ‘ruim baan voor de fiets’, als tegenhanger van de auto. 

  • 3.

    Als we willen gaan voor een groene stad, dan zetten we in op behoud van de bomen en verder vergroenen van de straat. 

  • 4.

    We doen helemaal niets en laten het zoals het is, maar dan zullen de bomen waarschijnlijk binnen enkele jaren doodgaan. 

De scenario’s zijn voorgelegd aan de Omgevingsdienst Zuid Holland Zuid (OZHZ). De OZHZ heeft beoordeeld hoeveel impact ieder scenario op de omgeving heeft en of dit positief of negatief is. Ieder scenario is op diverse factoren beoordeeld, van zeer negatief tot zeer positief. (de milieuimpactbeoordeling)

Met de opgehaalde informatie vanuit de stakeholders en de informatie uit de milieuimpactbeoordeling, heeft het college een keuze gemaakt voor een scenario. In het geval van de Nieuwe Hoven kiezen zij voor een combinatie van scenario 2 en 3. Maar ze benoemen ook expliciet dat het autoverkeer niet gehinderd mag worden. 

Vervolgens is een presentatie gehouden in de raad, waarbij de raadsleden zijn geïnformeerd over de dilemma’s en de mogelijke scenario’s. Per dilemma is toegelicht hoe de stakeholders erover denken en wat de milieuimpactbeoordeling is bij de verschillende scenario's. De raad is gevraagd of zij nog wensen of bedenkingen hadden bij de voorgenomen keuzes van het college. De raad kon zich prima vinden in de keuze die het college wilde maken. 

De keuze bij het dilemma van de Nieuwe Hoven is daarom ook op deze manier opgenomen in het gebiedspaspoort. En omdat het dilemma voornamelijk over verkeer gaat is dit dilemma beschreven onder de opgave mobiliteit. 

Daarom is in dit gebiedspaspoort opgenomen:
Op de Nieuwe Hoven geven we prioriteit aan de fiets en het groen. Fietsers krijgen meer ruimte, maar dit mag niet zorgen voor meer verkeersproblemen met auto's. Er wordt gezocht naar andere oplossingen voor parkeren. De bomenlaan blijft zoveel mogelijk zoals die is. Als nodig worden (de soort) bomen aangepast of vervangen’.

1.3 Het proces

Voor het gebiedspaspoort zijn de volgende stappen genomen:

  • a.

    Inventariseren & Analyseren: Het bestaande beleid is bekeken en onderzocht, samen met de drie ambities;

  • b.

    Identificeren: Zeven dilemma's zijn vastgesteld, waarbij meerdere ambities op dezelfde plek mogelijk zijn;

  • c.

    Betrekken: Stakeholders (inwoners, ondernemers, maatschappelijke partijen en partners) zijn betrokken bij de keuzes binnen deze dilemma's;

  • d.

    Kiezen: Het college heeft een voorlopige keuze gemaakt op basis van de mening van de stakeholders, ter bespreking in de gemeenteraad;

  • e.

    Uitwerken: De zeven opgaven uit de omgevingsvisie zijn uitgewerkt, met integratie van de gemaakte keuzes.

Het gebiedspaspoort is tot stand gekomen via een brede, integrale aanpak (vanuit alle afdelingen binnen de gemeente). Dit heeft geleid tot verschillende dilemma's en scenario's, die met de stakeholders van onze stad zijn besproken.

1.4 Leeswijzer

Elk gebiedspaspoort begint met de belangrijkste punten van de omgevingsvisie. Dit geldt ook voor Woonwijken West. Daarna worden de ambities (doelen), de opgaven (uitdagingen) van het gebied beschreven. De ruimtelijke en programmatische basisstructuur uit de omgevingsvisie was de basis voor het uitwerken van de opgaven

Vervolgens gaat het over de unieke eigenschappen en sterke punten van het gebied. Ook worden trends en ontwikkelingen genoemd die van invloed zijn, samen met een stedebouwkundige analyse van de omgeving. Dit helpt ons om onze identiteit te behouden. 

Daarna zijn de zeven opgaven uit de omgevingsvisie verder uitgewerkt, ook met hulp van kaarten. De dilemma's die hierbij spelen, zijn opgenomen in de opgaven. Op de kansenkaart staan de plekken waar mogelijk ruimte is voor verbeteringen (ruimtelijk en kwaliteit).

Tot slot is er aandacht voor het bewaken van de inhoud van dit gebiedspaspoort (monitoring) en hoe beoordeeld gaat worden of het gebiedspaspoort tot dat moment goed is uitgevoerd (evaluatie).

Waar gesproken wordt over ‘we’ wordt ‘de gemeente’ bedoeld.

De OZHZ heeft de uiteindelijke milieueffecten van het programma beoordeeld (zie ook 'OERrapportage')

2 Inhoud omgevingsvisie en vertaling naar Woonwijken West

2.1 Ambities, opgaven en basisstructuur

De Gorcumse omgevingsvisie 2050 bestaat uit drie ambities, zeven opgaven en een ruimtelijke en programmatische basisstructuur. In grote lijnen gaat het over wonen, werken, water en de regio. Hiermee is een beeld gemaakt van hoe we Gorinchem in 2050 zien. Het erfgoed van de stad speelt daarbij een belangrijke rol. In dit gebiedspaspoort is opgenomen waar we op inzetten in de Woonwijken West om onze zeven opgaven uit de omgevingsvisie te kunnen invullen.

De ambities ‘gezonde groei’, ‘gezonde inwoners’ en ‘groene stad’ staan hierbij centraal. Voor elke ambitie is gekeken hoe Woonwijken West zich kan ontwikkelen.

De opgaven uit de omgevingsvisie voor Gorinchem tot 2050 zijn:

  • a.

    Woonmilieu: Gorinchem blijft een plek om fijn te wonen voor iedereen, met nieuwe woningen (woonmilieus) en meer verschillende soorten huizen (diversiteit) in de wijken.

  • b.

    Economie:  Ondernemers werken volop samen in Gorinchem. De stad wordt een belangrijk punt in een innovatief netwerk met moderne werkplekken en gebieden waar wonen, werken en ontmoeten samengaan, zoals de mixzones. 

  • c.

    Klimaat: Gorinchem wordt een groene natuurinclusieve stad die klaar is voor klimaatveranderingen.

  • d.

    Duurzaam: Gorinchem wordt klimaatneutraal, liefst vóór 2050.

  • e.

    Bereikbaar en toegankelijkheid: Gorinchem wordt beter bereikbaar, met een goede balans tussen auto, fiets, openbaar vervoer en andere manieren van reizen.

  • f.

    Gezondheid: In Gorinchem staat een gezonde levensstijl voorop. Inwoners worden uitgenodigd om gezonde keuzes te maken, door aanbod van voldoende voorzieningen en plekken die gezonde keuzes ondersteunen.

  • g.

    Erfgoed als drijvende kracht: Gorinchem is trots op haar cultureel historisch erfgoed. Bij nieuwe plannen wordt ingezet op het beschermen, versterken en benutten van deze historische waarde.

3 Het gebied

3.1 Kwaliteit en unieke kenmerken

Woonwijken West is anders dan de rest van Gorinchem. In dit gebied zijn veel verschillende soorten woningen, sport- en recreatieplekken. Elke wijk heeft iets unieks, zoals mooie natuur, historische onderdelen en een mix van culturen. 

Gildenwijk

Deze wijk is gebouwd na de Tweede Wereldoorlog. Er zijn meerdere basisscholen en plekken om te sporten, zoals de Van Rappardhal. Het groen in de wijk en het Gijsbert van Andelpark maken het fijn om hier te wonen. Het Piazza Center is een belangrijke plek voor boodschappen en andere dagelijkse spullen, niet alleen voor de inwoners van deze wijk, maar ook voor andere mensen die in of buiten Gorinchem wonen.

Haarwijk

Deze wijk heeft huizen van voor én na de Tweede Wereldoorlog. Er zijn sociale huurwoningen en koopwoningen. In de buurt is veel water en groen. De Koningin Wilhelminalaan is een straat waar verschillende culturen samenkomen. Dit stukje van de wijk biedt kansen voor verdere ontwikkeling. De wijk heeft historische elementen, zoals de Haarsekaden en het Lindelaantje, die de wijk echt karakter geven.

Stalkaarsen

Stalkaarsen is vooral in de jaren '70 gebouwd. De wijk ligt naast het recreatieve Waterpark, een mooie plek met veel groen. Aan de noordkant van de wijk ligt de nieuwbouwwijk ‘Tuinen van Mollenburg’. Stalkaarsen is multicultureel en heeft bijzondere gebouwen zoals het Kremlin I. Sportvoorzieningen, zoals scouting, tennis, een voetbalveldje en de natuurspeeltuin, maken de buurt levendig. 

Molenvliet

Molenvliet is een wijk waar je veel kunt sporten, zoals zwemmen, voetbal, korfbal, hockey, atletiek en padel. Er is veel groen, je kunt er wandelen en de oude molens bekijken. Er zijn ook volkstuinen en goede fietspaden, wat het buitengevoel versterkt. De functies aan de Parallelweg met het autodemontagebedrijf, de woonwagenlocatie en een paar woningen, zijn anders dan de rest van de wijk, maar toch een belangrijk onderdeel. 

Steunpunt De Banne

Net buiten de Woonwijken West ligt steunpunt De Banne van Rijkswaterstaat. Dit hoort bij het gebiedspaspoort Woonwijken West. Het steunpunt blijft op deze plek.

3.2 Trends en ontwikkelingen

In het gebied Woonwijken West zijn er kansen én uitdagingen. De nadruk ligt op het verbeteren van mobiliteit, het versterken en het aan elkaar verbinden van het groen, het ontwikkelen van ontmoetingsplekken en het versterken van de wijkidentiteit. Dit doen we samen met Poort6 en andere partners.

Gildenwijk

In de Gildenwijk worden ‘De Doosjes’ (woningen Poort6 langs Gildenweg), het voormalige belastingkantoor en het oude gebouw van vakcollege ’t Gilde herontwikkeld. Deze plekken worden aangepast voor het toevoegen van woningen. Hierbij blijft het karakter van de buurt behouden. Waar mogelijk blijven delen van panden behouden als erfgoed. Er zijn plannen voor betere fietspaden, oplossingen voor parkeerproblemen en een betere doorstroming van het autoverkeer, bijvoorbeeld richting knooppunt Gorinchem en de sportvoorzieningen op Molenvliet. 

Haarwijk

In de Haarwijk worden plekken, zoals de Lange Slagenstraat ontwikkeld. Een verbetering van de Wilhelminalaan kan een enorme impuls geven aan de wijk. Ook zijn hier kansen om de wijk beter te verbinden met andere delen van de stad. Bijvoorbeeld door nieuwe voetgangers- en fietsbruggen en fietsroutes naar en van scholen. Meer groen op de Haarsekaden, maakt de straat prettiger voor voetgangers. Ook kunnen nieuwe monumenten worden aangewezen.

Stalkaarsen

In Stalkaarsen ligt de nadruk op de toekomst van het Kremlin-gebouw als rijksmonument en herkenningspunt binnen de wijk. Het is belangrijk dat de kenmerkende architectuur zo blijft. In deze wijk is een ontmoetingsplek, zoals de buurtkamer belangrijk. Het water in de wijk kan beter worden gebruikt, bijv. om langs te wandelen.

Molenvliet

In Molenvliet worden de sportvoorzieningen verder verbeterd. Bij het nieuwe zwembad wordt de omgeving aangepast. Er komen multifunctionele sportplekken (accommodaties) en betere wegen. Een nieuwe noordelijke toegangsweg vanaf de Banneweg kan het verkeer beter laten doorstromen en de Bataafsekade ontlasten. Ook wordt langzaam verkeer beter gescheiden van autoverkeer.

3.3 Stedebouwkundige analyse

Ligging

Woonwijken West bestaat uit twee delen. Sportpark Molenvliet en drie woongebieden, gescheiden door de snelweg A27. De woongebieden liggen tussen de A15 in het noorden en de MerwedeLingeLijn in het zuiden.

Verbindingen

Woonwijken West is ingesloten door grote wegen, waardoor de verbindingen met andere gebieden als ‘poorten’ werken:

  • A15 via de Banneweg: Dit is de belangrijkste route binnen de Woonwijken West. De Banneweg verbindt het gebied met het centrum en andere delen van de stad.

  • Nieuwe Hoven: Deze weg is in één richting toegankelijk, alleen vanuit het oostelijke deel van de stad. 

  • Oude wegen: De Mollenburgseweg en de Haarsekaden (twee oude ontginningslinten) verbinden het gebied met de noordkant (van de A15).

Het sportgebied Molenvliet is voor auto’s alleen bereikbaar via het viaduct onder de A27 bij de Bataafsekade. Fietsers en wandelaars kunnen wel verder reizen naar omliggende plaatsen, zoals Giessenburg, Schelluinen en Hardinxveld-Giessendam.

Omdat Woonwijken West niet zulke goede verbindingen heeft met de omliggende wijken, heeft het zich ontwikkeld als een zelfstandig stadsdeel. Dit proces begon toen Gorinchem vanaf de jaren ’70 uitbreidde naar het oosten. 

Hoe de wijken eruit zien

De wijken in Gorinchem West zijn in korte tijd gebouwd. De snelwegen vormen de grenzen voor deze wijken. Dit heeft geleid tot een duidelijke stedebouwkundige opzet.

Gildenwijk

Langs de snelweg A27 staan appartementengebouwen (Intervamflats). Deze bieden niet alleen veel woningen, maar beschermen de wijken ook tegen het geluid van de snelweg. Door deze hoge gebouwen lijkt Gorinchem groter dan het is. Tussen deze appartementengebouwen en de A27 zijn later rond de Schimmelpennincklaan weer huizen gebouwd. Achter de hoge appartementengebouwen worden de gebouwen lager. 

In de jaren ‘60 wilde Gorinchem groeien naar 80.000 inwoners. Dat is niet gebeurd; de stad heeft minder dan de helft van dat aantal inwoners. De Intervamflats herinneren aan deze grootse plannen. Ten zuiden van de Banneweg zijn nog wel veel woningen gebouwd, tot vier verdiepingen hoog. 

Haarwijk

De Mollenburgseweg scheidt Stalkaarsen van de Haarwijk, die bestaat uit twee delen:

  • Noordelijk deel: Dit deel bestaat uit lage huizen, gebouwd na de Tweede Wereldoorlog. De woningen zijn gebouwd in een vierkant patroon langs de oude wegen, zoals de Mollenburgseweg en de Haarsekaden. Hoe de wijk eruit ziet is gebaseerd op de oorspronkelijke kavelstructuur van de vroegere polder waarin de woonwijk is gebouwd. De noodwoningen van na de oorlog zijn inmiddels volledig vervangen door nieuwbouw rondom de Eendenplas. 

  • Zuidelijk deel: Dit is het eerste geplande woongebied van Gorinchem West en werd gebouwd tussen de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Het ligt rond de Nieuwe Hoven. Ten zuiden daarvan ligt een klein landgoed. Ook staan er villa's en bungalows. 

Door het bouwen van nieuwe buurten is het oorspronkelijke patroon van de Haarwijk wat minder duidelijk geworden. De buurten passen goed bij elkaar maar niet altijd meer even goed bij de wijk.

Stalkaarsen

Stalkaarsen ligt in de oksel van de A27 en de A15. Deze wijk heeft drie buurten met eengezinswoningen. Mollenburg, de nieuwste wijk, werd gebouwd op vroegere sportvelden. De appartementengebouwen aan de Dokter van Stratenweg beschermt de wijk tegen het geluid van de snelweg en het Waterpark vormt een groene buffer langs de A15.

Molenvliet

Het gebied ligt aan de westkant van de A27 en afgescheiden van de woonwijken. Je kunt er komen via de Bataafsekade. Het is een apart gelegen gebied voor sport en recreatie. Binnen dit gebied staan twee historische molens en ligt de historische Schelluinsevliet, die belangrijk zijn voor de omgeving.

Gebruik van de wijken

Het Piazza Center is het winkelhart van Woonwijken West. Dit winkelcentrum is belangrijk voor boodschappen, en trekt ook bezoekers uit de regio. Naast het winkelcentrum ligt het Beatrixziekenhuis, dat bekend is in de regio. Ook het nieuwe zwembad (wat in de plaats komt van het Caribabad) en de sportvoorzieningen op Molenvliet trekken bezoekers uit de regio. Bij de entree aan de Banneweg, langs de A27, liggen diverse autobedrijven en Hotel Gorinchem. 

Verder zijn er in het gebied veel zorginstellingen, van huisartsen tot woningen met begeleiding, vaak dicht bij het ziekenhuis. 

Daarnaast heeft de wijk nog diverse voorzieningen:

  • Winkelcentra: Naast het Piazza Center zijn er kleinere winkelgebieden, zoals Kwakernaat en de Wilhelminalaan.

  • Scholen: Veel kleinere scholen uit de wijken zijn samengevoegd tot ‘brede scholen’, of verhuisd naar de scholencampus aan de Hoefslag. Toch zijn er ook nog een aantal kleinere scholen waar mensen uit de wijk elkaar ontmoeten. 

  • Gijsbert van Andelpark met natuurcentrum: dit park is belangrijk voor de inwoners van de Gildenwijk en de rest van de stad, om elkaar te ontmoeten, te wandelen of te spelen. 

De voorzieningen in Woonwijken West zijn best goed. Sommige winkelgebieden in de buurt hebben meer aandacht nodig. Dit is soms lastig als er veel verschillende eigenaren zijn. De auto speelt een grote rol in dit gebied, onder andere door het Beatrixziekenhuis en het Piazza Center. Deze zorgen voor parkeerdruk in de wijk en dit leidt soms tot minder woonplezier

Groen en dieren

Woonwijken-West heeft veel groen. Molenvliet is de groenste wijk en bestaat uit bomen en gras met veel bloemen. In andere wijken zijn grasvelden vaak kort gemaaid en bestaan de vakken met planten vaak uit sierheesters (dat zijn lage houtige planten). Het groen is niet overal (goed) toegankelijk. 

Naast bijzondere planten en dieren zijn er ook veel vogels, zoals de ijsvogel, de merel en de roodborst. Zij leven in de parken en maken nesten in struiken. Andere vogels, onder andere huismus en gierzwaluw, maken hun nest in gebouwen, bijvoorbeeld onder de dakpannen. Ook andere dieren komen voor in Woonwijken-West, zoals de egel. Deze soort leeft in parken, bijvoorbeeld onder de bladeren of onder dood hout in bossen. De gewone dwergvleermuis leeft in gebouwen, vooral in buitenmuren van woningen. Door sloop en minder groen verdwijnen de leefgebieden van deze dieren.

Woonwijken-West bestaat ook uit veel water, maar er zijn geen aanpassingen in de wijk gedaan voor klimaatverandering. Bij zware regenbuien ontstaan problemen, bijv. in de Haarwijk en bij het Beatrixziekenhuis.

Soms worden wegen onbegaanbaar. Dit komt vooral door het verouderde riool. Het wordt ook steeds heter in de zomer. Stenen plekken warmen snel op en er zijn te weinig koelteplekken (zoals schaduw onder bomen). 

Bodem

In Woonwijken West is bodemdaling een aandachtspunt, want de wijk heeft een zachte bodem. Dit komt door de extra dikke veenlaag in een bodem van klei ten westen van de MerwedeLingeLijn. De grond zakt langzaam, ondanks een ophooglaag van zand. Hierdoor is er regelmatig onderhoud nodig aan openbare ruimtes en tuinen. Gebouwen hebben stevige funderingen en zakken minder snel. 

Vanwege de zachte bodem was het gebied vroeger niet geschikt om te wonen. Er worden daarom weinig archeologische vondsten verwacht. Toch kan archeologisch onderzoek nodig zijn bij projecten. 

Sterke punten van Woonwijken West:

  • Sportvoorzieningen: er zijn veel plekken om te sporten.

  • Gijsbert van Andelpark: een fijne plek voor recreatie en ontmoeting.

  • Unieke gebouwen: zoals Kremlin I en II, ’t Zonnehuis, de Moskee en de Uilenhof. 

  • Markante plekken: de Torenflat met de Windroos, Piazzaflat, Johanneskerk en de vroegere Exoduskerk.

  • Verbindingen en natuur: de Haarsekaden, Mollenburgseweg en Banneweg geven de wijk karakter, net als de parken langs de A15 en het Lindenlaantje naar het Station. 

Verbeterpunten in Woonwijken West:

  • Verbindingen: Het gebied is slecht verbonden met omliggende wijken, bijv. bij de Nieuwe Hoven, het spoor en de Banneweg. Betere verbindingen zijn nodig, maar niet altijd mogelijk voor het autoverkeer. Betere verbindingen voor de fietsers en voetgangers zijn wel mogelijk.

  • Aandacht voor functies: bij plannen moet vooraf beter nagedacht worden over de toegankelijkheid, gezondheid en de bereikbaarheid. Maar ook over de unieke kenmerken en de structuur in de wijk. 

  • Verkeer en leefbaarheid (woonplezier): Door de wegen aan te pakken, (zoals de Gildenweg, de Vroedschapsstraat en betere oversteekplaatsen op de Banneweg), en meer ruimte te maken voor voetgangers en fietsers, kan de leefbaarheid verbeteren en het autogebruik verminderen. 

  • Winkelgebieden: Diverse winkelstrips zouden verbeterd kunnen worden.

4 Uitwerking van de 7 opgaven

4.1 Woonmilieu; een fijne plek om te wonen

4.1.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem van het woonmilieu?

Inwoners van West vinden hun wijk over het algemeen fijn om in te wonen. Ze zijn tevreden over hun huis en de buurt. Niet iedereen kent de buren, maar mensen ontmoeten elkaar op straat of in de groene gebieden. Betere wandelroutes kunnen helpen om elkaar vaker te ontmoeten en meer te bewegen.

Bij nieuwe plannen willen inwoners graag dat er naar het hele gebied wordt gekeken. Het plan moet bij het gebied passen. Er is behoefte aan woningen in combinatie met zorg, waar jong en oud samen kunnen wonen. Dit moet een plek worden met ruimte voor inspiratie, verbinding en ontmoeting. In de buurt zijn al zorgvoorzieningen. Ook is voldoende groen, als onderdeel van nieuwe plannen, belangrijk. Het gaat vooral om toekomstbestendige en goede wijken, en niet alleen om snel nieuwe woningen te bouwen. Woningbouw zonder breder plan is geen optie.

Wat zegt de omgevingsvisie over het woonmilieu?

Elke wijk heeft zijn eigen karakter en daarmee ook zijn eigen aandachtspunten. We werken aan sterke en levendige wijken, waar mensen veilig en prettig kunnen wonen. De wijken moeten uitnodigen tot bewegen en elkaar ontmoeten. Het is belangrijk dat wijken een mix hebben van verschillende leeftijden en sociale achtergronden.

Naast de ambities (doelen) die gelden voor de hele stad, willen we de bestaande wijken verbeteren. Dit doen we door een betere balans te creëren tussen het oostelijke en westelijke deel van de stad en door meer variatie in de wijken aan te brengen. In de woonwijken in het westen willen we de verhouding tussen sociale huurwoningen en andere woningen meer in balans brengen. Hierdoor kunnen mensen in de wijk makkelijker doorstromen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften, en zijn er woningen voor verschillende doelgroepen. 

Wat is het dilemma op het gebied van het woonmilieu?

Nieuwe invulling vrijkomende locatiesMet name in de Gildenwijk liggen verschillende locaties die in aanmerking komen voor herontwikkeling, zoals het voormalige belastingkantoor en het oude vakcollege 't Gilde. De wijk staat echter voor meerdere uitdagingen, niet alleen op het gebied van wonen, maar ook op het vlak van zorg, water en groen. 

De mogelijke scenario’s voor verbetering van deze locaties op basis van de drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie zijn:

  • a.

    Inzetten op woningbouw ('we realiseren zo veel mogelijk nieuwe woningen'), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad;

  • b.

    Inzetten op zorg en zorgwoningen ('we realiseren alleen maar zorgwoningen'), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner; 

  • c.

    Inzetten op radicale vergroenin ('we realiseren alleen maar groen (park) en waterberging'), vanuit de ambitite van het vergroenen van de stad. 

4.1.2 De Gildenwijk
Verdeling woningen

 Type

Verdeling 

 Huur via Poort6

70%

 Koop 

20% 

 Overige huur

10%

 Gestapeld 

Ruim 75% (t.o.v. 40% in de rest van Gorinchem)

In deze wijk is een groot deel van de woningen in de jaren '50 gebouwd. Er zijn veel appartementen en veel sociale huurwoningen. Het aantal huizen (met tuin) is beperkt. Omdat veel appartementen en huizen ouder zijn, is de kwaliteit en duurzaamheid van de woningen niet overal goed. Ook het straatbeeld is niet overal even goed. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

 Waar:

Optoppen, uitplinten, bouwhoogten vergroten.  

Om binnen de wijken kansen te benutten om woningen toe te voegen.

Op plekken waar de stedebouwkundige kwaliteit niet verloren gaat en parkeerproblemen niet groter worden.

De panden van het voormalig belastingkantoor en het oude vakcollege 't Gilde krijgen een woonbestemming. 

Er is behoefte aan meer woningen.

Het bouwen van diverse soorten woningen zorgt er ook voor dat inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften.

 

Bij elke ontwikkeling wordt bekeken hoe kwaliteit, leefbaarheid (woonplezier) en veiligheid kan worden toegevoegd. 

De Gildenwijk is een kwetsbare wijk, waarbij er altijd aandacht moet zijn voor leefbaarheid en veiligheid, ook op langere termijn.

 

Gemeente en Poort6 willen de verhouding tussen sociale huur(woningen) en andere woningen meer in balans brengen. Dit hangt ook af van de behoefte aan sociale huurwoningen in de gemeente en de bouwmogelijkheden in de rest van de stad. 

Er moeten meer verschillende woningen komen in de wijk, zodat mensen met verschillende inkomens en opleidingen bij elkaar wonen. We plaatsen liever niet nog meer kwetsbare groepen in deze wijk.

 

Ontwikkelaars bouwen daar waar het mogelijk is, (betaalbare) koopwoningen zodat er meer verschillende soorten woningen zijn. 

Veel mensen zoeken een betaalbare koopwoning. Het bouwen van koopwoningen helpt bij het krijgen van meer verschillende woningen in de wijk. 

Het bouwen van (betaalbare) koopwoningen zorgt er ook voor dat inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften. 

Bij nieuwe ontwikkelingen waarbij woningen kunnen worden toegevoegd.

Poort6 en ontwikkelaars bouwen grondgebonden woningen (huis met een tuin en een eigen ingang) en/of woningen voor gezinnen (eengezinswoningen).  

We willen meer verschillende soorten woningen in de wijk, zodat er voor iedereen een geschikte woning is. Het deel woningen met een tuin is in deze wijk laag. Als er gekozen wordt voor gestapeld wonen (appartement) kan het beste gekozen worden voor seniorenwoningen, woningen zonder trappen (nultredenwoningen) en woningen waar mensen in een groep bij elkaar wonen, waarbij ze voorzieningen en ruimtes met elkaar delen (geclusterd wonen).

Het bouwen van grondgebonden woningen zorgt er ook voor dat inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften.

 

Het is belangrijk dat inwoners in de wijk, die willen verhuizen, ook kunnen verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften.  

Als inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit, wonen zij passend. En het zorgt ervoor dat er woningen vrij komen voor gezinnen.

 

Gemeente, Poort6 en ontwikkelaars zorgen ervoor dat inwoners elkaar beter kunnen ontmoeten in de wijk. 

Als inwoners elkaar beter kunnen ontmoeten op straat of in het groen dan hebben ze meer contact in de wijk en ervaren ze meer woonplezier.

 
4.1.3 De Haarwijk
Verdeling woningen

 Type

Verdeling 

 Huur via Poort6 

 50%  

 Koop 

 40%

 Overige huur 

 10%

 Gestapeld 

 30%

De Haarwijk is een wijk met veel verschillende buurten. De helft van de wijk bestaat uit sociale huurwoningen. Er zijn veel eengezinswoningen en weinig woningen voor senioren. Het percentage senioren is 17%.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

 Waar:

Optoppen, uitplinten, bouwhoogten vergroten. 

Om binnen de wijken kansen te benutten om woningen toe te voegen. 

Op plekken waar de stedebouwkundige kwaliteit niet verloren gaat en parkeerproblemen niet groter worden.

Bij elke ontwikkeling wordt bekeken hoe kwaliteit, leefbaarheid (woonplezier) en veiligheid kan worden toegevoegd. 

Delen van de Haarwijk zijn kwetsbaar, waarbij er altijd aandacht moet zijn voor leefbaarheid en veiligheid, ook op langere termijn.

 

Gemeente en Poort6 willen de verhouding tussen sociale huur (woningen) en andere woningen meer in balans brengen. Dit hangt ook af van de behoefte aan sociale huurwoningen in de gemeente en de bouwmogelijkheden in de rest van de stad. 

Er moeten meer verschillende woningen komen in de wijk, zodat mensen met verschillende inkomens en opleidingen bij elkaar wonen. We plaatsen liever niet nog meer kwetsbare groepen in deze wijk.

 

Ontwikkelaars bouwen daar waar het mogelijk is, (betaalbare) koopwoningen zodat er meer verschillende soorten woningen zijn. 

Veel mensen zoeken een betaalbare koopwoning. Het bouwen van koopwoningen helpt bij het krijgen van meer verschillende woningen in de wijk. 

Het bouwen van (betaalbare) koopwoningen zorgt er ook voor dat inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften. 

Bij nieuwe ontwikkelingen waarbij woningen kunnen worden toegevoegd.

Poort6 en ontwikkelaars bouwen meer seniorenwoningen, woningen zonder trappen (nultredenwoningen) en woningen waar mensen in een groep bij elkaar wonen, waarbij ze voorzieningen en ruimtes met elkaar delen (geclusterd wonen). 

Er is steeds meer vraag naar seniorenwoningen, woningen zonder trappen (nultredenwoningen) en woningen waar mensen in een groep bij elkaar wonen, waarbij ze voorzieningen en ruimtes met elkaar delen (geclusterd wonen)

Door deze soort woningen te bouwen zorgen we ervoor dat dat inwoners een woning hebben die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften. Zo kunnen zij langer zelfstandig thuis wonen. 

Afhankelijk van locatiekenmerken is ook de realisatie van eengezinswoningen gewenst.

 

Het is belangrijk dat inwoners in de wijk, die willen verhuizen, ook kunnen verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften.  

Als inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit, wonen zij passend. En het zorgt ervoor dat er woningen vrij komen voor gezinnen.

 

Gemeente, Poort6 en ontwikkelaars zorgen ervoor dat inwoners elkaar beter kunnen ontmoeten in de wijk. 

Als inwoners elkaar beter kunnen ontmoeten op straat of in het groen dan hebben ze meer contact in de wijk en ervaren ze meer woonplezier.

 
4.1.4 Stalkaarsen
Verdeling woningen

 Type

Verdeling 

 Huur via Poort6 

 30% 

 Koop 

 60% 

 Overige huur 

 10% 

 Gestapeld

 44%

Stalkaarsen is een diverse wijk met verschillende buurten. Er zijn zowel (grote) woningen met tuin, eengezinswoningen maar ook appartementen. Ook zijn er veel betaalbare koopwoningen. Het percentage sociale huurwoningen is ongeveer 30%. Het percentage senioren is 20%.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

Waar: 

Optoppen, uitplinten, bouwhoogten vergroten. 

Om binnen de wijken kansen te benutten om woningen toe te voegen.

Op plekken waar de stedebouwkundige kwaliteit niet verloren gaat en parkeerproblemen niet groter worden.

Bij elke ontwikkeling wordt bekeken hoe kwaliteit, leefbaarheid (woonplezier) en veiligheid kan worden toegevoegd. 

Delen van Stalkaarsen zijn kwetsbaar, waarbij er altijd aandacht moet zijn voor leefbaarheid en veiligheid, ook op langere termijn.

 

Gemeente en Poort6 willen de verhouding tussen sociale huur(woningen) en andere woningen meer in balans brengen. Dit hangt ook af van de behoefte aan sociale huurwoningen in de gemeente en de bouwmogelijkheden in de rest van de stad. 

Er moeten meer verschillende woningen komen in de wijk, zodat mensen met verschillende inkomens en opleidingen bij elkaar wonen. Het deel sociale huur in Stalkaarsen is zoals de rijksoverheid dit graag wil. (30%)

 

Gemeente en Poort6 willen dat er een betere verdeling komt tussen grondgebonden sociale eengezinswoningen (huis met tuin en een eigen ingang) en sociale huurappartementen. 

Er moeten verschillende woningen zijn in de wijk, zodat mensen met verschillende inkomens en opleidingen bij elkaar wonen.

 Er zijn bijna geen sociale eengezinswoningen.

 

Ontwikkelaars bouwen daar waar het mogelijk is, (middeldure) koopwoningen zodat er meer verschillende soorten woningen/huizen zijn. 

Veel mensen zoeken een middeldure koopwoning. Het bouwen van koopwoningen helpt bij het krijgen van meer verschillende woningen in de wijk. 

Het bouwen van (middeldure) koopwoningen zorgt er ook voor dat inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften.

 

Poort6 en ontwikkelaars bouwen meer seniorenwoningen, woningen zonder trappen (nultredenwoningen) en woningen waar mensen in een groep bij elkaar wonen, waarbij ze voorzieningen en ruimtes met elkaar delen (geclusterd wonen). 

Er is steeds meer vraag naar seniorenwoningen, woningen zonder trappen (nultredenwoningen) en woningen waar mensen in een groep bij elkaar wonen, waarbij ze voorzieningen en ruimtes met elkaar delen (geclusterd wonen).

Door deze soort woningen te bouwen zorgen we ervoor dat dat inwoners een woning hebben die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften. Zo kunnen zij langer zelfstandig thuis wonen.

 

Het is belangrijk dat inwoners in de wijk, die willen verhuizen, ook kunnen verhuizen naar een woning die beter aansluit bij hun levensfase of behoeften.  

Als inwoners gaan verhuizen naar een woning die beter aansluit, wonen zij passend. En het zorgt ervoor dat er woningen vrij komen voor gezinnen.

 

Gemeente, Poort6 en ontwikkelaars zorgen ervoor dat inwoners elkaar beter kunnen ontmoeten in de wijk. 

Als inwoners elkaar beter kunnen ontmoeten op straat of in het groen dan hebben ze meer contact in de wijk en ervaren ze meer woonplezier.

 
4.1.5 Molenvliet

Molenvliet is een wijk met weinig woningen. Alleen de twee molens aan de Bataafsekade, een paar woningen aan de Parallelweg en de woonwagenlocatie. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

 Waar:

Behoud van de unieke mix van wonen en (overwegend) hobbymatig ondergeschikte agrarische nevenactiviteiten én het (planologisch) goed regelen van het gebruik daarvan op basis van bestaande rechten. 

Dit moet goed geregeld worden voor het maken van regels in het omgevingsplan. Dat is nu niet zo.De omgevingsfactoren van onder andere snelweg, MerwedeLingelijn en Avelingen leggen druk op het gebied. Het is niet gewenst om daar meer woningen te bouwen, gezien de woonkwaliteit. Onderzoek kan laten zien dat er misschien toch mogelijkheden zouden kunnen zijn, met of zonder maatregelen. Ieder plan wordt apart getoetst om te kijken of het haalbaar is.  

Grondgebonden woningen aan de Parallelweg.

Het (planologisch) goed regelen van het gebruik van de wipmolens op basis van bestaande rechten. 

Dit moet goed geregeld worden voor het maken van regels in het omgevingsplan. Dat is nu niet zo. 

Wipmolens aan de Grote Schelluinsekade.

Het niet (opnieuw) toestaan van overnachtingen op volkstuinen. 

In het omgevingsplan is de activiteit volkstuinen opgenomen en niet recreatie. 

De volkstuinen aan de Kleine Schelluinsekade.

Het uitvoeren van een onderzoek naar de toekomst van de woonwagenlocatie.

De uitkomst van dit onderzoek zorgt uiterlijk eind 2026 voor een wijziging van het gebiedspaspoort op dit onderdeel.

Er is behoefte aangetoond voor uitbreiding van het aantal standplaatsen. 

De omgevingsfactoren van onder andere snelweg, MerwedeLingelijn en Avelingen leggen druk op het gebied. 

Hiervoor wordt een eigen/apart traject gevolgd.

 
4.1.6 Conclusie op de opgave woonmilieu

Conclusie op het dilemma woonmilieu 

Het voormalige belastingkantoor en het oude gebouw van vakcollege ‘t Gilde gaan we herontwikkelen naar woningen met een (hoog)stedelijk woonmilieu. Dit betekent dat het een prettige plek is om te wonen, dat er veel verschillende voorzieningen zijn op loopafstand en dat er een fijne leefomgeving is. We kijken per locatie welke soort woningen het beste daar zouden passen, waarbij de inzet die in de schema’s is beschreven uitgangspunt is. We slopen de bestaande gebouwen en herontwikkelen met nieuwbouw. Als het gebouw zich ervoor leent en het een meerwaarde heeft voor de plek, maken we (waar mogelijk) (tijdelijk) gebruik van de bestaande bebouwing. Tegelijk met deze plannen blijven we wel openstaan voor kleinschalige of losse voorstellen voor zorg (zorginitiatief).

Eindconclusie

Voor Woonwijken West willen we bij nieuwe plannen (herontwikkeling) zorgen voor genoeg plekken waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Dit kan in de openbare ruimte en in de manier waarop gebouwen worden ontworpen. Plannen moeten passen bij de omgeving en rekening houden met veranderingen in de wijk en daarbuiten. Bij bouwen van nieuwe woningen moet ook direct de kwaliteit van de openbare ruimte verbeterd worden. Onder andere door te zorgen dat er genoeg ruimte is voor groen, spelen, bewegen en ontmoeten. Dit is belangrijk voor een fijne en veilige buurt, die klaar is voor de toekomst. De beschreven inzet per wijk is leidend, maar hoeveel en welke soort woningen er nodig zijn wordt bepaald op het moment dat er plannen zijn. Dit wordt meegewogen bij de keuze voor transformatie of nieuwbouw. Er wordt dan gekeken welke andere plannen er binnen de gemeente zijn en naar welke woningen er op dat moment vraag is. Dit heeft ook invloed op de keuze voor het uiteindelijke plan. 

Daarnaast willen we de bestaande woningen duurzamer maken, bijvoorbeeld door ze aan te sluiten op het warmtenet. We willen meer wandelmogelijkheden en betere fietsroutes in het groen en langs het water, dat helpt bij een fijne leefomgeving. En het sluit goed aan bij andere plannen (opgaven) voor de omgeving.

(zie ook 'uitwerking opgaven')

4.2 Economie; ondernemers werken volop samen

4.2.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem over economie?

Stakeholders die in Gorinchem wonen en werken, zijn blij met de winkels en andere voorzieningen in Woonwijken West. Ze vinden het belangrijk dat deze blijven.

Toch hebben ze ook ideeën voor verbetering. In de Gildenwijk missen inwoners bijvoorbeeld een gezondheidscentrum. Ook kunnen de gebouwen en de winkelstrip aan de Wilhelminalaan mooier worden gemaakt.

Wat zegt de omgevingsvisie over economie?

Naar verwachting worden sectoren zoals zorg, zakelijke diensten en groothandel in Gorinchem in de komende jaren kleiner. 

Maar samen met woningbouw en onderwijs kunnen deze sectoren toch zorgen voor een stabiele economische basis. Gorinchem is sterk in handel, zorg en (maak)industrie. Als er nieuwe huizen en voorzieningen bijkomen, groeit de ruimte voor bedrijven mee. De gemeente wil dat er meer banen komen, zodat inwoners dichtbij huis kunnen werken en minder hoeven te reizen.

Wat is het dilemma over economie?

Er waren geen tegenstrijdige belangen voor de opgave economie.

4.2.2 De Gildenwijk

De Gildenwijk heeft een sterke positie door winkelcentrum Piazza Center. Dit winkelcentrum is belangrijk voor de wijk en ook voor de omgeving. De winkelstrip Kwakernaat voorziet in lokale behoeften, net als de zorgcentra die in de wijk verspreid liggen. Het Beatrixziekenhuis is erg belangrijk voor Gorinchem en de regio. Bij de ingang van Gorinchem, dicht bij de Banneweg, staat Hotel Gorinchem. Dit hotel-restaurant is recent vernieuwd.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

Waar:

Het Piazza Center blijft hét winkelcentrum voor de Woonwijken West, ook bij veranderingen van de wijk in de toekomst.  

Het winkelcentrum is een belangrijke plek voor de inwoners. Inwoners kunnen alles wat ze nodig hebben dichtbij vinden en ontmoeten elkaar ook in het winkelcentrum.

 

Het is belangrijk dat er een supermarkt aanwezig is op winkelstrip Kwakernaat

Een supermarkt zorgt ervoor dat deze winkelstrip blijft bestaan én dat de inwoners wat ze dagelijks nodig hebben dichtbij kunnen vinden.

 

De gemeente staat in de Twijnderstraat open voor transformatie naar andere functies. 

De winkelstrip heeft geen wijkfunctie meer, maar heeft nog wel een maatschappelijke/economische functie.

In de komende jaren vindt aan beide zijden van de Twijnderstraat gebiedsontwikkeling plaats, waardoor de Twijnderstraat achter gaat lopen.

 

Het is belangrijk dat er voldoende gezondheidscentra (artsen, fysiotherapeuten) en maatschappelijke functies in deze wijk aanwezig zijn.   

In deze wijk is er vraag naar een huisarts en/of een gezondheidscentrum. Het is belangrijk voor de inwoners om alles wat ze nodig hebben dichtbij huis te kunnen vinden. 

Gezondheidscentra en plekken voor maatschappelijke ondersteuning zijn belangrijk in deze wijk. 

 Ontwikkelingen.

De functie van de Bannepoort blijft zoals die nu is. Als er mogelijkheden zijn, kan deze plek verder ontwikkelen voor de auto-industrie. 

De autobedrijven liggen bij elkaar aan de invalswegen van Gorinchem. Dit is een goede plek voor de auto-industrie. Het is een te drukke plek om te wonen.

 
4.2.3 De Haarwijk

De verschillende horecazaken in de Haarwijk spelen een belangrijke rol op sociaal en maatschappelijk gebied.

De Koningin Wilhelminalaan is een multiculturele winkelstraat. Deze straat heeft een belangrijke functie in de wijk. De winkeliers werken niet samen vanuit een winkeliersvereniging. Er zijn wel kansen voor verbetering, zowel de winkels als de woningen daarboven kunnen een opknapbeurt gebruiken. De openbare ruimte kan ook veel mooier worden ingericht. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:

 Waarom:

Waar: 

Het langzaam laten verdwijnen van autobedrijven in de woonwijk. 

De autobedrijven liggen bij elkaar aan de invalswegen van Gorinchem. Dit is een goede plek voor de auto-industrie.

 

De gemeente staat in de Marinus Spronklaan open voor transformatie naar andere functies. 

De winkelstrip heeft geen wijkfunctie meer, maar heeft nog wel een functie op gebied van maatschappelijke-/medische dienstverlening.

 

Het is belangrijk voor de wijk dat bedrijven en horecazaken die een buurtfunctie vervullen daar blijven, maar de gemeente staat ook open voor een transformatie. 

De bedrijven en horecazaken zitten er vaak al lange tijd en horen bij de wijk. Ze liggen niet altijd op een logische plek (bijv. bij een winkelstrip of in de buurt van andere bedrijven).

 

Het is belangrijk dat de huidige functies aan de Koningin Wilhelminalaan daar blijven. Er is ruimte voor verbetering van de uitstraling van de straat en de panden.  

Deze winkelstrip inclusief supermarkt, zorgt ervoor dat de inwoners wat ze dagelijks nodig hebben, dichtbij kunnen vinden. Als de panden en straat opgeknapt worden, wordt de winkelstrip aantrekkelijker.

 
4.2.4 Stalkaarsen

De wijk Stalkaarsen valt op omdat er een groep garagebedrijven aanwezig is. Daarnaast zijn er verspreid in de wijk andere bedrijven die zorgen voor sociale en maatschappelijke behoeften in de wijk.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

Waar: 

De functie van de Bannepoort blijft zoals die nu is. Als er mogelijkheden zijn, kan deze plek verder ontwikkelen voor de auto-industrie. 

De autobedrijven liggen bij elkaar aan de invalswegen van Gorinchem. Dit is een goede plek voor de auto-industrie. Het is een te drukke plek om te wonen.

 

Het is belangrijk dat Gezondheidscentra en plekken voor maatschappelijke ondersteuning blijven bestaan. Waar nodig werkt de gemeente mee aan het beter maken van de voorzieningen, zodat die nog beter aansluiten bij de behoefte van de inwoners. 

Het is belangrijk voor de inwoners om alles wat ze nodig hebben dichtbij te kunnen vinden.

 

Het is belangrijk voor de wijk dat bedrijven en horecazaken die een buurtfunctie vervullen daar blijven, maar de gemeente staat ook open voor een transformatie. 

De bedrijven zitten er vaak al lange tijd en horen bij de wijk. Ze liggen niet altijd op een logische plek (bijv. bij een winkelstrip of in de buurt van andere bedrijven).

 
4.2.5 Molenvliet

De belangrijkste economische activiteit in Molenvliet is het autodemontagebedrijf. In de toekomst zijn er mogelijkheden om de sportfaciliteiten in de wijk uit te breiden. Daarnaast biedt het kansen voor de wijk, als er op termijn een HUB rond de A27/MerwedeLingeLijn gevestigd wordt. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

Waarom: 

Waar: 

Het uitbreiden van de sportvoorzieningen. 

Het aantal inwoners groeit en er zijn nog te weinig inwoners die deelnemen aan sport (sportdeelname). Sportvoorzieningen dragen bij aan een gezonde en sterke bevolking.

 

Het planologisch goed regelen van de functies. 

Dit moet goed geregeld worden voor het maken van regels in het omgevingsplan. Dat is nu niet zo. 

 

Als er een HUB komt op het kruispunt van de A27 en de MerwedeLingeLijn, biedt dit kansen voor een beperkte toevoeging van economische en ontmoetingsfunctie voor passanten en/of op loopafstand gelegen functies. 

Op de lange termijn heeft de provincie daar een OV overstappunt voor ogen.

 
4.2.6 Conclusie op de opgave economie

In Woonwijken West blijven de huidige bedrijven en economische functies zoveel mogelijk bestaan. Waar het kan, worden deze functies versterkt of verbeterd. Er zijn op dit moment geen plannen voor grote veranderingen of (her)ontwikkeling. Er ligt wel een kans voor de Wilhelminalaan, maar er is geen organisatie/winkeliersvereniging om dit gezamenlijk op te pakken. 

Functies die minder goed passen in de wijk of verspreid liggen, houden we voorlopig op die plek. In de toekomst kunnen ze misschien worden aangepast naar andere functies, zoals woningen of voorzieningen voor de gemeenschap. (maatschappelijke bestemmingen).

Door economische functies in Woonwijken West te behouden, te verbeteren en te concentreren, dragen we bij aan (economische) groei, werkgelegenheid en meer banen dichtbij huis.

4.3 Klimaat, een groene, natuurinclusieve stad

4.3.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem over klimaat?

Veel inwoners zijn blij met het groen (bomen, struiken, bloemen en gras) in de woonwijken. Het Gijsbert van Andelpark is een populaire plek om te wandelen, anderen te ontmoeten of even tot rust te komen. Het natuurcentrum speelt een belangrijke rol in het groen van de wijk. Mensen bezoeken vaak de boerderij of laten hun kinderen spelen in de natuurspeeltuin.

Wel vinden inwoners dat het groen (zoals bomen, struiken, bloemen en gras) beter onderhouden kan worden. Ook willen ze dat het makkelijker wordt om in het groen te wandelen. Meer bloemen in de wijk zou ook fijn zijn.

Inwoners merken dat er na ernstige regenbuien vaak water in de tuinen of op straat blijft staan. Bij herontwikkeling van delen van de wijk moet er genoeg groen worden toegevoegd om het water beter op te vangen.

Wat zegt de omgevingsvisie over klimaat? 

Door klimaatverandering krijgen we steeds vaker problemen zoals wateroverlast, hitte, droogte, overstromingen en bodemdaling. Dit brengt risico’s mee voor onze veiligheid, gezondheid en natuur. Het klimaat verandert sneller dan de natuur kan bijhouden. Daardoor verdwijnen steeds meer soorten planten en dieren. Het aanpassen van onze omgeving aan klimaatverandering heet "klimaatadaptatie" en dit wordt een steeds een grotere uitdaging.

Een gezonde natuur met veel verschillende planten en dieren kan beter omgaan met extreem weer en herstelt sneller. Gorinchem heeft samen met de regio Alblasserwaard Vijfheerenlanden een plan gemaakt: de Regionale Adaptatiestrategie (RAS). In dit plan staan doelen en ambities die verschillen per gebied. Daarom heeft Gorinchem ook een eigen Lokale Adaptatiestrategie (LAS) gemaakt.

In 2050 is Gorinchem goed voorbereid op klimaatverandering. De stad is groener en er zijn meer planten en dieren. Stap voor stap werken we aan een stad die opgewassen is tegen klimaatverandering. De natuur speelt hierin een grote rol. Dit heeft gevolgen voor hoe de stad eruitziet, zowel boven als onder de grond. Nieuwe plannen in de stad worden zo gemaakt, dat ze goed werken bij klimaatverandering in de toekomst. In bestaande wijken wordt gezorgd voor meer groen, waardoor de gezondheid van inwoners beter wordt. 

Wat is het dilemma over klimaat?

Er waren geen tegenstrijdige belangen voor de opgave klimaat.

4.3.2 De Gildenwijk

De Gildenwijk is met 45% groen een groene wijk. Er zijn echter weinig verschillende soorten beplanting aanwezig. 4% van de wijk bestaat uit open water. In de wijk is vaak wateroverlast en er zijn grote gebieden die last hebben van hittestress/waar de temperatuur snel te hoog wordt. Het groen in de wijk wordt weinig gebruikt. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

 Waarom:

 Waar:

Het is belangrijk om bij ontwikkelingen meer oog te hebben voor beschermde dieren, met name vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen.  

De dieren zijn beschermd. Er zijn steeds minder van deze soorten dieren. Dit staat beschreven in het Soorten Management Plan (SMP). Met de uitvoering van dit plan zorgen wij ervoor dat de dieren meer ruimte hebben om in de wijk te leven.

Doordat we met een SMP vooraf beter beeld hebben over de beschermde dieren kunnen we bij ontwikkelingen bovendien procedures verkorten én toch beschermde dieren beter beschermen én zorgen voor meer ruimte om te leven.  

De hele wijk.

Er moet meer schaduw komen op de plekken waar het te warm wordt. In buurten met hoogbouw (meer dan 4 woonlagen) bestaat 30% van de ruimte op straat uit schaduw. En in buurten met laagbouw is dat 20%.

Direct rond kwetsbare functies (bijv. scholen, ouderencomplexen) is de wens 30%. 

In de Gildenwijk hebben inwoners veel last van de warmte.  

 De hele wijk.

Het is belangrijk dat er meer m2 groen wordt toegevoegd in de wijk. Bij het toevoegen van groen staat de kwaliteit voorop.

De maatregelen die hiervoor genomen gaan worden, komen in het programma ‘Bliekse natuur’.  

Het is goed voor de planten en dieren. Zo hebben zij meer ruimte om te leven. Het helpt ook om de overlast van regenwater te verminderen. 

Groen moedigt ook aan tot spelen, bewegen en ontmoeten.

De hele wijk en met name het Gijsbert van Andelpark.

Er wordt in de wijk natuurinclusief gebouwd. 

Dit is goed voor de planten en dieren. Zo hebben zij meer ruimte om te leven.

 

Het is gewenst om bij erge regenbuien 70 mm water op te vangen. 

Wateroverlast wordt dan beperkt. 

Alle nieuwbouwprojecten in de wijk.

Het is gewenst om bij erge regenbuien 10 mm water op te vangen op niet openbare plekken, zoals een tuin. Dit kan door een regenton of door minimaal 1/3 van de tuin niet te verharden.  

Wateroverlast wordt dan beperkt. 

Inwoners.

Het is gewenst om 40% van de wijk te gebruiken om water in de bodem te laten komen.  

We willen niet dat de ondergrond te droog wordt. 

De hele wijk.

Groen en blauw in de wijk willen we aan elkaar verbinden.

Het is beter voor planten en dieren en het moedigt inwoners aan om een rondje te lopen.  

De hele wijk, met name ook langs het spoor bij een ontwikkeling van de Schelluinsestraat.

4.3.3 De Haarwijk

De Haarwijk is met 45% groen een groene wijk. Er zijn echter weinig verschillende soorten beplanting aanwezig. 6% van de wijk bestaat uit open water. In de wijk is vaak wateroverlast en er zijn grote gebieden die last hebben van hittestress/waar de temperatuur snel te hoog wordt. Het groen in de wijk wordt weinig gebruikt. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

 Waarom:

 Waar:

Het is belangrijk om bij ontwikkelingen meer oog te hebben voor beschermde dieren, met name vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen.  

De dieren zijn beschermd. Er zijn steeds minder van deze soorten dieren. Dit staat beschreven in het Soorten Management Plan (SMP). Met de uitvoering van dit plan zorgen wij ervoor dat de dieren meer ruimte hebben om in de wijk te leven.

Doordat we met een SMP vooraf beter beeld hebben over de beschermde dieren kunnen we bij ontwikkelingen bovendien procedures verkorten én toch beschermde dieren beter beschermen én zorgen voor meer ruimte om te leven.  

De hele wijk.

Er moet meer schaduw komen op de plekken waar het te warm wordt. In buurten met hoogbouw (meer dan 4 woonlagen) bestaat 30% van de ruimte op straat uit schaduw. En in buurten met laagbouw is dat 20%.

Direct rond kwetsbare functies (bijv. scholen, ouderencomplexen) is de wens 30%. 

In de Haarwijk hebben inwoners veel last van de warmte.  

De hele wijk.

Het is belangrijk dat er meer m2 groen wordt toegevoegd in de wijk. Bij het toevoegen van groen staat de kwaliteit voorop.

De maatregelen die hiervoor genomen gaan worden, komen in het programma ‘Bliekse natuur’.  

Het is goed voor de planten en dieren. Zo hebben zij meer ruimte om te leven. Het helpt ook om de overlast van regenwater te verminderen. 

Groen moedigt ook aan tot spelen, bewegen en ontmoeten.

De hele wijk.

Er wordt in de wijk natuurinclusief gebouwd. 

Dit is goed voor de planten en dieren. Zo hebben zij meer ruimte om te leven.

 

Het is gewenst om bij erge regenbuien 70 mm water op te vangen. 

Wateroverlast wordt dan beperkt. 

Alle nieuwbouwprojecten in de wijk.

Het is gewenst om bij erge regenbuien 10 mm water op te vangen op niet openbare plekken, zoals een tuin. Dit kan door een regenton of door minimal 1/3 van de tuin niet te verharden.  

Wateroverlast wordt dan beperkt. 

Inwoners.

Het is gewenst om 40% van de wijk te gebruiken om water in de bodem te laten komen.  

We willen niet dat de ondergrond te droog wordt. 

De hele wijk.

Groen en blauw in de wijk willen we aan elkaar verbinden.

Het is beter voor planten en dieren en het moedigt inwoners aan om een rondje te lopen.  

De hele wijk.

4.3.4 Stalkaarsen

Stalkaarsen is met 46% groen een groene wijk. Er zijn echter weinig verschillende soorten beplanting aanwezig. 3% van de wijk bestaat uit open water. In de wijk is vaak wateroverlast en er zijn grote gebieden die last hebben van hittestress/waar de temperatuur snel te hoog wordt. Het groen in de wijk wordt weinig gebruikt. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

 Waarom:

 Waar:

Het is belangrijk om bij ontwikkelingen meer oog te hebben voor beschermde dieren, met name vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen.  

De dieren zijn beschermd. Er zijn steeds minder van deze soorten dieren. Dit staat beschreven in het Soorten Management Plan (SMP). Met de uitvoering van dit plan zorgen wij ervoor dat de dieren meer ruimte hebben om in de wijk te leven.

Doordat we met een SMP vooraf beter beeld hebben over de beschermde dieren kunnen we bij ontwikkelingen bovendien procedures verkorten én toch beschermde dieren beter beschermen én zorgen voor meer ruimte om te leven.  

De hele wijk.

Er moet meer schaduw komen op de plekken waar het te warm wordt. In buurten met hoogbouw (meer dan 4 woonlagen) bestaat 30% van de ruimte op straat uit schaduw. En in buurten met laagbouw is dat 20%.Direct rond kwetsbare functies (bijv. scholen, ouderencomplexen) is de wens 30%.   

In Stalkaarsen hebben inwoners veel last van de warmte.

De hele wijk.

Het is belangrijk dat er meer m2 groen wordt toegevoegd in de wijk. Bij het toevoegen van groen staat de kwaliteit voorop. De maatregelen die hiervoor genomen gaan worden, komen in het programma ‘Bliekse natuur’. 

Het is goed voor de planten en dieren. Zo hebben zij meer ruimte om te leven. Het helpt ook om de overlast van regenwater te verminderen. Groen moedigt ook aan tot spelen, bewegen en ontmoeten. 

De hele wijk.

Er wordt in de wijk natuurinclusief gebouwd. 

Dit is goed voor de planten en dieren. Zo hebben zij meer ruimte om te leven.

 

Het is gewenst om bij erge regenbuien 70 mm water op te vangen. 

Wateroverlast wordt dan beperkt. 

Alle nieuwbouwprojecten in de wijk.

Het is gewenst om bij erge regenbuien 10 mm water op te vangen op niet openbare plekken, zoals een tuin. Dit kan door een regenton of door minimaal 1/3 van de tuin niet te verharden.  

Wateroverlast wordt dan beperkt. 

Inwoners.

Het is gewenst om 40% van de wijk te gebruiken om water in de bodem te laten komen.  

We willen niet dat de ondergrond te droog wordt. 

De hele wijk.

Groen en blauw in de wijk willen we aan elkaar verbinden.

Het is beter voor planten en dieren en het moedigt inwoners aan om een rondje te lopen.  

De hele wijk.

4.3.5 Molenvliet

Molenvliet is met 53% groen een groene wijk. Er zijn voldoende verschillende soorten beplanting aanwezig. 10% van de wijk bestaat uit open water. Het groen in de wijk wordt weinig gebruikt.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

 Wat:

 Waarom:  

 Waar:

Er moet meer schaduw komen op de plekken waar het te warm wordt.  

Op Molenvliet zijn nu voldoende schaduwplekken te vinden, maar het zou nog beter kunnen.  

O.a. op de parkeerterreinen.

De huidige hoeveelheid én kwaliteit van het aanwezige groen wordt behouden. 

Het is een mooi groen gebied. Dit rustige gebied ligt tussen de drukke snelweg en Banneweg, zodat er toch een goed gebied is voor planten en dieren. (goed voor de biodiversiteit)

De hele wijk, rondom alle sportvoorzieningen.

Als bomen gekapt moeten worden, worden deze vervangen door struiken of lage bomen

In verband met de molenbiotoop mogen de bomen in de directe omgeving van de molens niet te hoog worden. Er staan nu te hoge bomen. 

Heel Molenvliet, vooral nabij de molens.

Het is gewenst om 40% van de wijk te gebruiken om water in de bodem te laten komen. Daarom kiezen we voor natuurgrasvelden. 

We willen niet dat de ondergrond te droog wordt. Natuurgrasvelden helpen bij het beperken van wateroverlast, doordat het water de bodem in kan. Het werkt verkoelend en is beter voor de sporters omdat het zachter is. 

De hele wijk.

Het is gewenst om bij erge regenbuien 70 mm water op te vangen. 

Wateroverlast wordt dan beperkt.

De hele wijk.

4.3.6 Conclusie op de opgave klimaat

In Woonwijken West is het groen over het algemeen voldoende en ligt het boven het landelijk gemiddelde. Toch zijn er verbeterpunten. Het groen wordt weinig gebruikt om te spelen, bewegen, elkaar te ontmoeten, of als bescherming tegen klimaatverandering. Ook gebruiken dieren het groen te weinig. Daarom is het belangrijk om het groen te versterken en beter met elkaar te verbinden.

Bij elk nieuw plan in de wijk wordt het convenant Klimaatadaptief Bouwen als uitgangspunt gebruikt. Dit betekent dat bij alle ontwikkelingen rekening wordt gehouden met de gevolgen van klimaatverandering en hoe de omgeving hierop aangepast kan worden.

Daarnaast zijn er problemen zoals hittestress (plaatsen waar het te warm wordt). Er is behoefte aan 1,5 hectare waterberging, bij voorkeur samen met andere plannen voor ontwikkeling. Het is belangrijk om de groen-blauwe structuren te behouden en ook te versterken. Ook moet op strategische plekken groen van hoge kwaliteit worden toegevoegd en de bestaande biodiversiteit worden beschermd.

Het doel is om in 2050 50% groen in de wijk te hebben. Dit sluit aan bij de ambitie om de wijk radicaal groener te maken, zoals vastgelegd in de omgevingsvisie.

Iets meer dan de helft van het gebied is in eigendom van de gemeente. De rest is eigendom van organisaties, bedrijven en particulieren. Inwoners van de stad Gorinchem moeten dus zelf ook bijdragen aan een klimaat adaptieve stad. Zoals het ontharden van privé tuinen, het maken van groene daken en realiseren van kleinschalige opvang van regen. Een klimaatbestendige stad bouwen we samen.

Welke maatregelen worden toegepast om dit te stimuleren en/of reguleren moet nog worden uitgewerkt.

(zie ook 'uitwerking opgaven' en 'groenblauwe structuren kaart')

4.4 Duurzaam, klimaatneutrale stad

4.4.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem over duurzaam?

Inwoners vinden het belangrijk om op een fijne plek te wonen, met een warme en comfortabele woning. Ongeveer tweederde van de inwoners is hier in enige mate mee bezig. De andere inwoners zien hier (nog) geen noodzaak in of weten niet goed hoe ze hun woning kunnen verduurzamen. De uitdaging is om iedereen actief mee te laten doen in de energietransitie (overgangsperiode naar een betere vorm van energie opwekking). Dit lukt veel beter wanneer duurzame oplossingen ook betaalbaar zijn.

Wat zegt de omgevingsvisie over duurzaam?

Gorinchem werkt aan een overgang naar schone energie en een circulaire economie (een systeem waarin we afval en het verbruik van nieuwe grondstoffen zoveel mogelijk beperken)

Samen met de regio werken we aan de Regionale Energiestrategie (RES) Alblasserwaard. Het doel is om in 2030 20% minder energie te gebruiken en energie op te wekken uit natuurlijke bronnen zoals zon, wind, water en bodem.

In 2050 is de hele regio energieneutraal. Dit betekent dat alle energie die wordt gebruikt, duurzaam wordt opgewekt. Hiervoor is nieuwe infrastructuur nodig, zoals warmtenetten, oplaadpunten en een sterker elektriciteitsnetwerk. Deze nieuwe voorzieningen worden op een zorgvuldige manier onder de grond geplaatst.

Wat is het dilemma over duurzaam?

Er waren geen tegenstrijdige belangen voor de opgave duurzaam.

4.4.2 De Gildenwijk

In de Gildenwijk is al een grote stap gemaakt met het verduurzamen van de wijk. Het warmtenet wordt aangelegd en huizen worden gerenoveerd en geïsoleerd. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom: 

Waar:

Zo veel mogelijk nieuwe ontwikkelingen in de wijk worden aangesloten op het warmtenet. 

Het is logisch om nieuwe ontwikkelingen te benutten voor het toepassen van alle duurzaamheidsmaatregelen. Bij het ontwerpen en plannen van nieuwe projecten kan direct rekening worden gehouden met duurzame oplossingen.

We zien hier warmtenet als primaire energiebron in deze wijk.

De hele wijk.

Zo veel mogelijk vastgoed (particuliere woningen, commerciële & maatschappelijke bedrijven en Poort6) wordt in stapjes aangesloten op het warmtenet. De gemeente stimuleert eigenaren zoveel mogelijk. Dit wordt gedaan door het geven van informatie, gratis hulp, advies en het helpen van inwoners door te kijken of zij in aanmerking kunnen komen voor subsidies.

Welke maatregelen we nemen om dit te bereiken gaan we opnemen in het warmteprogramma (wat een verdere uitwerking is van de transitievisie warmte). 

We willen schone energie gebruiken en CO2 besparen door een gezamenlijk warmtenet in te zetten. Met een warmtenet kunnen we gebruikmaken van duurzame energiebronnen, zoals dit in deze wijk uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie in Schelluinen komt. Dit is een belangrijke stap in de energietransitie en helpt om de doelen voor een duurzamere toekomst te bereiken.  

De hele wijk.

Woningen verbeteren met isolatie en duurzame energie, zodat ze beter voor het milieu zijn. 

Veel woningen in de wijk zijn matig geïsoleerd. Een geïsoleerde woning geeft meer comfort en levert energiebesparing op.

 
4.4.3 De Haarwijk

In de Haarwijk staan veel woningen van na de oorlog, maar ook een deel jaren ’30 woningen. Vaak zijn deze woningen slecht geïsoleerd en niet erg duurzaam. Na de Gildenwijk en Stalkaarsen gaan we aan de slag in de Haarwijk om dit deel van Gorinchem te verduurzamen. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Een onderzoek samen met Poort6 en HVC om een warmtenet in deze wijk aan te leggen.  

We willen schone energie gebruiken en CO2 besparen door een gezamenlijk warmtenet in te zetten. Met een warmtenet kunnen we gebruikmaken van duurzame energiebronnen, zoals restwarmte van industrie of aardwarmte. Dit is een belangrijke stap in de energietransitie en helpt om de doelen voor een duurzamere toekomst te bereiken.

De hele wijk. 

Zo veel mogelijk vastgoed (particuliere woningen, commerciële & maatschappelijke bedrijven en Poort6) wordt in stapjes aangesloten op het warmtenet. De gemeente stimuleert eigenaren zoveel mogelijk. Dit wordt gedaan door het geven van informatie, gratis hulp, advies en het helpen van inwoners door te kijken of zij in aanmerking kunnen komen voor subsidies.

Welke maatregelen we nemen om dit te bereiken gaan we opnemen in het warmteprogramma (wat een verdere uitwerking is van de transitievisie warmte).

We willen schone energie gebruiken en CO2 besparen door een gezamenlijk warmtenet in te zetten. Met een warmtenet kunnen we gebruikmaken van duurzame energiebronnen. Dit is een belangrijke stap in de energietransitie en helpt om de doelen voor een duurzamere toekomst te bereiken.

De hele wijk.

Woningen verbeteren met isolatie en duurzame energie, zodat ze beter voor het milieu zijn. 

Veel woningen in de wijk zijn matig geïsoleerd. Een geïsoleerde woning geeft meer comfort en levert energiebesparing op.

 
4.4.4 Stalkaarsen

In Stalkaarsen staan veel woningen uit de jaren ’70. Veel woningen matig geïsoleerd en niet erg duurzaam. Na de Gildenwijk gaan we in Stalkaarsen aan de slag om dit deel van Gorinchem te verduurzamen. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Zo veel mogelijk vastgoed (particuliere woningen, commerciële & maatschappelijke bedrijven en Poort6) wordt in stapjes aangesloten op het warmtenet. De gemeente stimuleert eigenaren zoveel mogelijk. Dit wordt gedaan door het geven van informatie, gratis hulp, advies en het helpen van inwoners door te kijken of zij in aanmerking kunnen komen voor subsidies.

Welke maatregelen we nemen om dit te bereiken gaan we opnemen in het warmteprogramma (wat een verdere uitwerking is van de transitievisie warmte) 

We willen schone energie gebruiken en CO2 besparen door een gezamenlijk warmtenet in te zetten. 

Met een warmtenet kunnen we gebruikmaken van duurzame energiebronnen. Dit is een belangrijke stap in de energietransitie en helpt om de doelen voor een duurzamere toekomst te bereiken.  

 

Woningen verbeteren met isolatie en duurzame energie, zodat ze beter voor het milieu zijn. Veel woningen in de wijk zijn matig geïsoleerd. 

Een geïsoleerde woning geeft meer comfort en levert energiebesparing op.

 
4.4.5 Molenvliet

De sportaccommodaties in de wijk zijn al goed bezig met verduurzaming. Zo hebben ze bijvoorbeeld LED-verlichting en liggen er zonnepanelen op veel clubgebouwen.

Met de bouw van een nieuw, duurzaam Caribabad willen we een belangrijke stap zetten in het verduurzamen van de wijk en het gemeentelijk maatschappelijk vastgoed.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom: 

Waar:

All-electric maken van het Caribabad en aansluiting op het warmtenet.   

We willen schone energie gebruiken en CO2 besparen. 

Met een warmtenet kunnen we gebruikmaken van duurzame energiebronnen, zoals restwarmte van industrie of aardwarmte. Dit is een belangrijke stap in de energietransitie en helpt om de doelen voor een duurzamere toekomst te bereiken.  

 

Het verder verduurzamen van (club)gebouwen. De gemeente stimuleert eigenaren/verenigingen zoveel mogelijk. Dit wordt gedaan door het geven van informatie, gratis hulp, advies en het helpen van inwoners door te kijken of zij in aanmerking kunnen komen voor subsidies. 

We willen schone energie gebruiken en CO2 besparen (of verlagen).Dit is een belangrijke stap in de energietransitie en helpt om de doelen voor een duurzamere toekomst te bereiken.

 
4.4.6 Conlusie op de opgave duurzaam

In Woonwijken West, vooral in de Gildenwijk, worden belangrijke stappen gezet om woningen duurzamer te maken. Hoewel we al goed bezig zijn, is het nodig om deze trend verder te versterken en door te trekken in de rest van het gebied. 

Dit betekent dat het elektriciteitsnetwerk moet worden uitgebreid en versterkt. Ook moeten er transformatiehuisjes worden geplaatst. De aanleg van een warmtenet kan daarbij oplossingen geven en het gebruik van het elektriciteitsnet verlichten.

De vraag naar laadpalen op straat groeit omdat er meer elektrische auto's komen en het aantal opritten afneemt. 

We werken aan energiebesparing, bijvoorbeeld door betere isolatie. Daarnaast zetten we stappen richting een wijk zonder aardgas. De gemeente neemt hierin een aanjagende rol. Het programma Energietransitie woningen wordt nog uitgewerkt. 

In 2025 wordt het Warmteprogramma vastgesteld. Dit programma bevat specifieke maatregelen op het gebied van duurzaamheid die voor elke wijk worden uitgewerkt.

4.5 Bereikbaarheid en toegankelijkheid, beter bereikbare stad

4.5.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem over bereikbaarheid en toegankelijkheid?

In Woonwijken West ervaren inwoners verschillende problemen. Vooral de verkeersveiligheid in de wijk en (auto)verbindingen met het stadscentrum worden als probleem ervaren.

Verder wordt volgens inwoners vaak te hard gereden. Het openbaar vervoer is ook niet goed: de bus rijdt maar één keer per uur en bushaltes hebben geen zitplekken.

Voor voetgangers en fietsers is er ruimte voor verbetering. Trottoirs zijn soms smal en niet altijd vrij van obstakels. Fietspaden worden onveilig gevonden door snelle fietsen, zoals fatbikes. De fietspaden zijn smal en in slechte staat. Inwoners willen een betere scheiding tussen fiets- en autoverkeer, waarbij fietsers belangrijker worden. 

Specifieke problemen:

  • Rond het ziekenhuis is parkeren moeilijk.

  • De Gildenweg voelt onveilig, vooral bij het oversteken. Dit is een 30 km/u weg, maar er wordt vaak harder gereden. 

  • Op de Nieuwe Hoven is fietsen lastig. Parkeren blijft daar belangrijk, maar een andere oplossing zou kunnen helpen.

  • De Mollenburgseweg en Haarsekaden worden als onveilig ervaren. De reconstructie van deze wegen kan verbetering geven.

Wat zegt de omgevingsvisie over bereikbaarheid en toegankelijkheid? 

Gorinchem ligt gunstig en is een aantrekkelijke woonplaats, ook voor mensen uit de Randstad. Dit zorgt voor meer verkeer en vraagt om betere bereikbaarheid. 

Om niet nog meer autoverkeer in de stad te krijgen, zet Gorinchem in op meer wandelen, fietsen en gebruik van openbaar vervoer. Er wordt gewerkt aan veilige en comfortabele fietspaden (snelfietsverbindingen), een OV-hub bij de A27 en een nieuw OV-station in Noord voor langere reizen. Ook deelauto’s worden gestimuleerd om minder auto’s op de weg te hebben.

De Gildenweg is een 30 km/u weg die midden in de Gildenwijk ligt. De weg blijft een aandachtspunt vanwege de snelheid en de veiligheid bij het oversteken.

Wat zijn de dilemma's over bereikbaarheid en toegankelijkheid?

De balans tussen fiets, auto en groen op de Nieuwe Hoven
De Nieuwe Hoven is een belangrijke verkeersroute met veel functies in een beperkte/smalle ruimte. Fietsers, voetgangers, auto's, parkeerplaatsen en bomen moeten hier samen de ruimte delen. De weg staat in de top 10 van fietsknelpunten en is van groot belang voor scholieren en hulpdiensten. Aanpassingen aan deze weg zijn best ingewikkeld, omdat er bomen staan die het beeld van de straat bepalen (beeldbepalende bomen) en er is niet veel ruimte. Er zijn ook problemen doordat de wortels van de bomen het fietspad beschadigen. Het fietspad is daardoor erg hobbelig. 

De mogelijke scenario’s voor verbetering van De Nieuwe Hoven op basis van de drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie zijn:

  • 1.

    De auto krijgt prioriteit (‘we geven maximale ruimte aan de auto’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 2.

    Behoud van de bomen (‘de bestaande bomen zijn het belangrijkst en willen we koste wat kost behouden’), vanuit de ambitie van het vergroenen van de stad; 

  • 3.

    Ruim baan voor de fiets (‘een goede fietsverbinding over de Nieuwe Hoven is het allerbelangrijkste’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner; 

  • 4.

    Het blijft zoals het is, we zetten hier niet in op het verwezenlijken van onze ambities. 

Gildenweg als barrière of verbinding
De Gildenweg is een brede en drukke weg en voelt onveilig door en voor het verkeer. De huidige indeling wordt gezien als een probleem, vooral omdat er vaak te hard wordt gereden. Daarnaast liggen er veel woningen in de omgeving, wat het belang van verkeersveiligheid verhoogt. De bestaande situatie staat haaks op de ambities vergroenen en gezonde groei.

De mogelijke scenario’s voor verbetering van de Gildenweg op basis van de drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie zijn:

  • 1.

    Herinrichting met focus op voetgangers en fietsers (‘we realiseren een woonkwaliteit en beperken (doorgaand) (auto)verkeer zo veel mogelijk’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en de ambitie van het vergroenen van de stad; 

  • 2.

    Herinrichting met focus op doorstroming (‘we zorgen ervoor dat de auto sneller en makkelijker kan doorrijden over de Gildenweg’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 3.

    Beperkte maatregelen (‘we gaan niet actief herinrichten, maar zoeken naar wat maatregelen voor verkeersveiligheid en groen’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en de ambitie van het vergroenen van de stad.

Toegang Sportcomplex Molenvliet verbeteren voor fiets en/of auto

Het sportcomplex trekt veel bezoekers, zowel met de auto als op de fiets, en ook veel scholieren. De overgang van de woonwijk naar het sportcomplex kan verbeterd worden. Er is behoefte aan meer aandacht voor de veiligheid van fietsers en een betere toegang naar Molenvliet. Ook is er een snelfietsroute gepland over de Schelluinsekade, die aansluit op de fietsroute Merwedebrug – Scholencampus.

De mogelijke scenario’s voor verbetering van de toegang tot Molenvliet op basis van de drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie zijn:

  • 1.

    Nieuwe autoroute vanaf Banneweg (‘er komt een andere autoroute vanaf de Banneweg naar Molenvliet, de Bataafsekade kan worden gebruikt voor fietsers’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 2.

    Bataafsekade als fietsstraat en auto te gast (‘de Bataafsekade wordt heringericht waarbij de fietser meer ruimte krijgt’) vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 3.

    Fietsers via de Kleine Schelluinsekade, auto’s via Bataafsekade (‘auto’s worden gescheiden van fietsers, door voor fietsers een nieuwe route aan te leggen’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad. 

Verbeteren verbinding tussen woonwijken en scholencampus

De fietsinfrastructuur (goede fietspaden) is niet overal van goede kwaliteit. Dit maakt het moeilijker om de scholencampus verder te ontwikkelen, omdat scholieren voornamelijk gebruik maken van de fiets als vervoermiddel.

Direct ten noorden van de A15 ligt de scholencampus. Veel scholieren fietsen door Woonwijken West om er te komen. Daarom is het van grote waarde dat de fietsvoorzieningen van goede kwaliteit zijn. Dit is ook een belangrijk aandachtspunt voor een mogelijke groei van de scholencampus in de toekomst.

De mogelijke scenario’s voor verbetering van de fietsinfrastructuur op basis van de drie doelen (ambities) zijn:

  • 1.

    Nieuwe vrijliggende fietspaden (‘we leggen nieuwe losse/aparte fietspaden aan’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad en vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner; 

  • 2.

    Bestaande fietsroutes verbeteren (‘bestaande fietspaden worden verbeter en veiliger’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad en vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner; 

  • 3.

    Verbeteren openbaar vervoer (‘de scholencampus (en de rest van de wijk) maken we beter bereikbaar met het openbaar vervoer’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad.

4.5.2 De Gildenwijk

De wijk is groot, met een groot 30 km/u gebied. Het verkeer kan maar op een paar plekken de wijk in en uit. Die wegen zijn daardoor drukker dan een standaard woonstraat. Ook zijn de wegen hierdoor belangrijk voor openbaar vervoer en hulpdiensten. 

Daarnaast is sportcomplex Molenvliet alleen via de woonstraten van de Gildenwijk bereikbaar, wat voor nog meer verkeer in de wijk zorgt. Verder zijn er winkels in de wijk, waardoor er vrachtwagens door de wijk rijden. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Het inrichten van de Gildenweg op een manier dat fietsen en wandelen gestimuleerd wordt. We gaan ook groen toevoegen. Het wordt een échte 30 km/u weg. 

Door de Gildenweg anders in te richten en groen toe te voegen, wordt het wandelen en fietsen aantrekkelijk en veilig én wordt de weg meer onderdeel van de wijk.

 

Het verbeteren van de fietsroutes en het maken van zoveel mogelijk vrijliggende fietspaden. 

Er gaan steeds meer scholieren richting de scholencampus. Door het verbeteren van de fietsroutes kunnen zij daar veilig naartoe blijven fietsen.  

Als een nieuwe brug over het Kanaal van Stenenhoek wordt gebouwd, dan ook de fietsroute van de Merwedebrug naar de scholencampus realiseren.

Het behouden van een goede busverbinding over de Banneweg

Het Beatrixziekenhuis ligt aan de Banneweg en het is een belangrijke weg die middenin de Woonwijken West lig. Er zijn vanuit de wijk goede wandelpaden naar de bushalte.

 

Het verbeteren van wandelpaden en fietspaden. 

Fietsers rijden altijd tussen de auto’s of direct ernaast. Het is beter als er fietspaden komen die naast de weg liggen. Ook is het belangrijk dat een fietser door kan rijden. Voetgangers moeten goed en veilig op de stoep kunnen lopen.

 

We zorgen voor goede en korte fiets- en wandelpaden naar de Schelluinsestraat

Nu moet je te ver omrijden naar plaatsen die soms binnen het zicht liggen.

 

We verbeteren de fietsroute naar Beatrixziekenhuis

De route naar het Beatrixziekenhuis voelt niet als een veilige fietsroute.

 

We onderzoeken wat er mogelijk is om de overlast van geparkeerde auto’s rond het Piazza Center en het Beatrixziekenhuis op te lossen. 

Personeel en bezoekers van het Piazza Center en het Beatrixziekenhuis parkeren vaak hun auto in de woonwijken. 

Rond het Beatrixziekenhuis.

Rond Piazza Center.

Gemeente, ontwikkelaars, Poort6 en maatschappelijke partners nemen maatregelen om inwoners minder afhankelijk te maken van de auto. 

We willen transformeren van autostad naar fietsstad. Het wegennet wordt hierdoor minder zwaar belast. Dit verbetert de bereikbaarheid van de stad en zorgt voor vitalere inwoners.

 

We zetten in op meer openbaar vervoer op maat/afroep.  

Het OV moet voor iedereen aantrekkelijk, bruikbaar, bereikbaar en vooral ook betaalbaar zijn.

 

Het in de toekomst mogelijk maken van een HUB rond het kruispunt van de A27 en de MerwedeLingeLijn (--> daarom moet bij iedere ontwikkeling in het gebied gecheckt worden bij de provincie hoe het staat met de plannen).

Op de lange termijn heeft de provincie daar een OV overstappunt voor ogen. 

Rond het kruispunt van de A27 (bus) en de MerwedeLingeLijn.

4.5.3 De Haarwijk

Deze wijk kenmerkt zich door twee noord-zuidverbindingen, de Mollenburgseweg en de Haarsekaden. Al het verkeer moet over die twee wegen de wijk in en uit rijden en dit geeft overlast voor de mensen die aan deze wegen wonen. Over de Nieuwe Hoven rijdt veel verkeer van oost naar west. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Het verbeteren van de Nieuwe Hoven. Fietsen en groen vinden we daarbij het belangrijkste.  

Het is een belangrijke weg voor fietsers en de bomen die er staan bepalen het beeld van deze straat.

 

Het verbeteren van de fietsroutes en het maken van zoveel mogelijk vrijliggende fietspaden.  

Er gaan steeds meer scholieren richting de scholencampus. Door het verbeteren van de fietsroutes kunnen zij daar veilig naartoe blijven fietsen.

 

Het zoeken naar andere parkeervoorzieningen voor de Nieuwe Hoven. 

Het is een belangrijke weg voor fietsers en de bomen die er staan bepalen het beeld van deze straat. Met het zoeken van andere parkeervoorzieningen komt er meer ruimte in de straat.  

Zijstraten Nieuwe Hoven.

Het verbeteren van wandelpaden en fietspaden.   

Fietsers rijden altijd tussen de auto’s of direct ernaast. Het is beter als er fietspaden komen die naast de weg liggen. Ook is het belangrijk dat een fietser door kan rijden. Voetgangers moeten goed en veilig op de stoep kunnen lopen. 

 Richting de scholencampus.

We zorgen ervoor dat vrachtverkeer dat niet in de wijk hoeft te zijn, niet meer door de woonwijken gaat rijden om naar een ander deel van de stad te gaan. (m.u.v. bestemmingsverkeer) 

In de wijken zijn vooral 30 km/u wegen die zijn bedoeld voor de inwoners of bezoekers in de wijk.  

De hele wijk en met name de Mollenburgseweg, Haarsekaden.

Bij herontwikkeling richten we (gemeente, Poort6 en ontwikkelaars) de openbare ruimte beter in. 

De straten zijn krap. Weg, parkeerplaatsen, voetpad, fietspad en groen zijn gerealiseerd binnen een kleine ruimte. Voetpaden zijn smal, soms staat er een boom of lantaarnpaal in het midden. We moeten keuzes maken. 

Ook hebben de hulpdiensten moeite om op locatie te komen.

 

Gemeente, ontwikkelaars, Poort6 en maatschappelijke partners nemen maatregelen om inwoners minder afhankelijk te maken van de auto. 

We willen transformeren van autostad naar fietsstad. Het wegennet wordt hierdoor minder zwaar belast. Dit verbetert de bereikbaarheid van de stad en zorgt voor vitalere inwoners.

 

We zetten in op meer openbaar vervoer op maat/afroep. 

Het OV moet voor iedereen aantrekkelijk/bruikbaar/bereikbaar en vooral ook betaalbaar zijn.

 
4.5.4 Stalkaarsen

Stalkaarsen is een rustige woonwijk met goede straten. Scholen zorgen voor extra verkeer op sommige momenten. Er rijdt wel wat sluipverkeer door de wijk vanuit de Haarwijk naar de Banneweg. Er fietsen ook veel scholieren door de wijk. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Het verbeteren van de fietsroutes en het maken van zoveel mogelijk vrijliggende fietspaden.  

Er gaan steeds meer scholieren richting de Scholencampus. Door het verbeteren van de fietsroutes kunnen zij daar veilig naartoe blijven fietsen.

 

Het verbeteren van wandelpaden en fietspaden. 

Fietsers rijden altijd tussen de auto’s of direct ernaast. Het is beter als er fietspaden komen die naast de weg liggen. Ook is het belangrijk dat een fietser door kan rijden. Voetgangers moeten goed en veilig op de stoep kunnen lopen.

 

We onderzoeken wat er mogelijk is om de overlast van geparkeerde auto’s rond het Piazza Center en het Beatrixziekenhuis op te lossen. 

Personeel en bezoekers van het Piazza Center en het Beatrixziekenhuis parkeren vaak hun auto in de woonwijken. 

Rond het ziekenhuis en de Colvenier.

We zorgen ervoor dat vrachtverkeer dat niet in de wijk hoeft te zijn, niet meer door de woonwijken gaat rijden om naar een ander deel van de stad te gaan.  

In de wijken zijn vooral 30 km/u wegen die zijn bedoeld voor de inwoners of bezoekers in de wijk.  

De hele wijk, maar met name de Mollenburgseweg.

We gaan de Mollenburgseweg inrichten als een 30 km/u weg. 

De weg is niet ingericht als een 30 km/u weg. Daardoor rijden auto’s en ander verkeer vaak harder. Dit geeft hinder bij de omwonenden.

 

Gemeente, ontwikkelaars, Poort6 en maatschappelijke partners nemen maatregelen om inwoners minder afhankelijk te maken van de auto. 

We willen transformeren van autostad naar fietsstad. Het wegennet wordt hierdoor minder zwaar belast. Dit verbetert de bereikbaarheid van de stad en zorgt voor vitalere inwoners.

 

We zetten in op meer openbaar vervoer op maat/afroep. 

Het OV moet voor iedereen aantrekkelijk/bruikbaar/bereikbaar en vooral ook betaalbaar zijn.

 
4.5.5 Molenvliet

Molenvliet heeft maar één smalle toegangsweg vanuit de Gildenwijk over de Bataafsekade. Vanuit de richting van Schelluinen kunnen fietsers gebruik maken van de Schelluinsekaden. Het meeste verkeer komt echter over de Bataafsekade, waardoor dit gebied slecht bereikbaar is en ook nog eens onveilig voor fietsverkeer.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Het verbeteren van de fietsroutes en het maken van zoveel mogelijk vrijliggende fietspaden.  

Er gaan steeds meer scholieren richting de scholencampus. Door het verbeteren van de fietsroutes kunnen zij daar veilig naartoe blijven fietsen.

 

Het maken van een nieuwe toegangsweg vanaf de Banneweg richting Molenvliet. Maar hiervoor is geld en medewerking van de Provincie noodzakelijk. 

We halen het autoverkeer en het fietsverkeer uit elkaar. Hierdoor wordt het veiliger voor de fietser op de Bataafsekade en komen er ook meer bezoekers op de fiets.

 

Gemeente, ontwikkelaars, Poort6 en maatschappelijke partners nemen maatregelen om inwoners minder afhankelijk te maken van de auto. 

We willen transformeren van autostad naar fietsstad. Het wegennet wordt hierdoor minder zwaar belast. Dit verbetert de bereikbaarheid van de stad en zorgt voor vitalere inwoners.

 

We zetten in op meer openbaar vervoer op maat/afroep.  

Het OV moet voor iedereen aantrekkelijk/bruikbaar/bereikbaar en vooral ook betaalbaar zijn.

 

Het in de toekomst mogelijk maken van een HUB rond het kruispunt van de A27 en de MerwedeLingeLijn (--> daarom moet bij iedere ontwikkeling in het gebied gecheckt worden bij de provincie hoe het staat met de plannen).

Op de lange termijn heeft de provincie daar een OV overstappunt voor ogen.  

Rond het kruispunt van de A27 (bus) en de MerwedeLingeLijn.

4.5.6 Conclusie op de opgave bereikbaarheid en toegankelijkheid

Conclusie op de dilemma’s over bereikbaarheid en toegankelijkheid:

  • 1.

    Op de Nieuwe Hoven geven we prioriteit aan de fiets en het groen. Fietsers krijgen meer ruimte, maar dit mag niet zorgen voor meer verkeersproblemen met auto's. Er wordt gezocht naar andere oplossingen voor parkeren. De bomenlaan blijft zoveel mogelijk zoals die is. Als nodig worden (de soort) bomen aangepast of vervangen.

  • 2.

    Op de Gildenweg gaan we fietsen en wandelen stimuleren. De Gildenweg wordt zo ingericht dat fietsen en wandelen makkelijker en leuker wordt. Auto's moeten zich aan de maximumsnelheid van 30 km/u houden. Kansen om de straat groener en veiliger te maken worden zoveel mogelijk gebruikt.

  • 3.

    Molenvliet wordt beter bereikbaar voor auto's. Er komt een nieuwe weg vanaf de Banneweg, zodat auto's Molenvliet beter kunnen bereiken zonder door de woonwijk te rijden. De Bataafsekade wordt een fietsstraat om het voor de fietser veiliger en aantrekkelijker te maken. Voor deze plannen is er samenwerking nodig met de provincie en extra geld.

  • 4.

    We gaan voor veilige fietsroute en gebruiken de kansen uit twee scenario’s. Fietsroutes die er al zijn worden verbeterd. We zoeken naar kansen voor nieuwe vrijliggende fietspaden. Zo zorgen we ervoor dat de steeds groter wordende groep scholieren die naar de scholencampus fietsen, daar veilig en makkelijk kunnen komen. 

Eindconclusie

Verkeer en mobiliteit zijn belangrijk in Woonwijken West en moeten goed worden aangepakt. De stad groeit, zowel in inwoners als banen, waardoor de druk op de wegen groter wordt. Er is meer ruimte nodig voor verkeer en genoeg parkeerplaatsen. Het overstappen naar andere manieren van vervoer kan helpen om de druk te verminderen. De fiets is een belangrijk alternatief voor de auto en het is belangrijk om hier meer ruimte voor te maken. Voor veel van de wegen is nu al weinig ruimte. De benodigde, extra, ruimte voor fietsers en voetgangers is lastig te realiseren binnen de bestaande wegopbouw, omdat die vaak al relatief krap is. Toch blijft het lastig om in onze stad uiteindelijk minder verkeer te krijgen, want we hebben ook de ambitie om verder te groeien. Dit zorgt weer voor extra druk op de openbare ruimte.

Een HUB is duur en lastig in te passen, maar toch erg belangrijk voor Gorinchem. De wens voor een HUB is een wens voor de langere termijn.

4.6 Gezondheid, een gezonde levensstijl voorop

4.6.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem over gezondheid? 

Inwoners willen elkaar graag op straat kunnen ontmoeten en fijn door de wijk kunnen wandelen. Het groen in de wijk moet beter verbonden worden, en trottoirs en wandelpaden moeten voor iedereen goed toegankelijk zijn.

Er is behoefte aan meer contact en betrokkenheid tussen inwoners. Ook missen inwoners voorzieningen zoals een huisarts of een gezondheidscentrum in de Gildenwijk. Daarnaast is er te weinig aandacht voor plekken om fietsen te parkeren.

Het wonen langs de snelwegen wordt meestal niet als een probleem gezien.

Wat zegt de omgevingsvisie over gezondheid?

Gorinchem wil een stad zijn waar iedereen gezond, sociaal en fijn kan leven. Inwoners worden geholpen om gezondere keuzes te maken met voldoende voorzieningen en plekken die voor iedereen toegankelijk zijn.

We moeten zuiniger zijn op het groen in de wijk. Problemen zoals vervuiling en geluidsoverlast hebben een slechte invloed op de gezondheid van mensen, dieren en de natuur. De omgeving moet mensen uitnodigen om te bewegen.

Nu beweegt 60% van de inwoners te weinig volgens de landelijke norm. Overgewicht komt vaak voor. Een beweegvriendelijke omgeving kan helpen om overgewicht tegen te gaan of te verminderen. Denk hierbij aan veilige wandel- en fietspaden, genoeg openbare sport- en beweegplekken, en groen dat goed wordt onderhouden. Dit zorgt voor een gezondere stad.

Wat zegt de Integrale Samenlevingsvisie over gezondheid? 

Naast de omgevingsvisie is ook de Integrale Samenlevingsvisie vastgesteld. Hierin staat dat we vinden dat iedereen in Gorinchem ertoe doet en dat we een stad willen zijn waar inwoners naar elkaar omkijken. Samen maken we het verschil. De gemeente en haar partners werken samen met inwoners aan een gezonde leefstijl, een betrokken stad en een samenleving waarin iedereen kan meedoen en de juiste ondersteuning en zorg krijgt. De visie richt zich op vier opgaven: 1. een gezonde leefstijl, 2. betrokken inwoners, 3. toegankelijkheid en 4. passende ondersteuning en zorg. 

Wat is het dilemma over gezondheid? 

Toekomstige invulling Piratenland op Molenvliet

De locatie van Piratenland wordt op dit moment gebruikt voor de opvang van vluchtelingen. Zodra deze functie niet meer nodig is, zijn er verschillende mogelijkheden om deze plek een nieuwe bestemming te geven. De locatie kan gebruikt worden voor de toekomstige HUB. Of de oorspronkelijke sportfunctie kan worden hersteld. Dit kan ook gecombineerd worden met een uitbreiding van sportpark Molenvliet, wat extra ruimte biedt voor sportactiviteiten.

De mogelijke scenario’s voor verbetering van de locatie Piratenland op basis van de drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie zijn:

  • 1.

    Piratenland als kantorenlocatie (‘in combinatie met een HUB creëren een nieuwe kantorenlocatie’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 2.

    We blijven sporten op Piratenland (‘we brengen sportvoorzieningen terug en breiden die hier uit’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 3.

    Transferium en energiehub (‘in aansluiting op een HUB (bus en trein) creëren we een energiehub en transferium’), vanuit de ambitie van een gezonde groei van de stad.

Gezonde wijken in de oksel van de snelweg

Toen de woningen in de Gildenwijk werden gebouwd, was het nog niet zo druk op de snelwegen als nu. De toename van het verkeer heeft invloed op de woonkwaliteit. Het zorgt voor een slechtere luchtkwaliteit en meer geluidsoverlast, wat een negatieve invloed heeft op het dagelijks leven van inwoners. De omgevingsvisie stelt hoge ambities voor verbetering. Dit vraagt om duidelijke keuzes om het woonplezier te vergroten. Het aanpakken van deze uitdagingen kan bijdragen aan een gezondere en prettigere leefomgeving.

De mogelijke scenario’s voor verbetering van het wonen langs de snelwegen, op basis van de drie doelen (ambities) uit de omgevingsvisie:

  • 1.

    Stevige maatregelen voor gezondheid (gezonde maatregelen) (‘we zetten zwaar in op het trekken van maatregelen en onderzoeken welke maatregelen het meest doeltreffend zijn voor het afvangen van fijnstof en weren van geluid’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner en de ambitie van een gezonde groei van de stad; 

  • 2.

    Verminderen woningen langs de snelweg (‘het aantal mensen dat daarmee in deze zone woont neemt daarmee af’), vanuit de ambitie van het bevorderen van de gezonde inwoner; 

  • 3.

    Bestaande situatie accepteren en zorgen voor meer groen (‘we voldoen aan de wettelijke vereisten, we zetten daarom in op andere kwaliteiten zoals een ‘groene long’’), vanuit de ambitie van het vergroenen van de stad.

4.6.2 De Gildenwijk

De Gildenwijk heeft veel inwoners met zorg vanuit de WMO (Wet maatschappelijke ondersteuning), ook vanwege het hoge aantal ouderen. Ouderen hebben zorg nodig in een instelling (intramuraal) of thuis (extramuraal). Er zijn voorzieningen nodig die daarbij passen. Ook is het een kwetsbare wijk met o.a. veel overgewicht en zijn er veel sociale huurwoningen. Dit laat zien dat er weinig wordt gesport en minder gezond gegeten.

Het grote aantal ouderen, de zorg (Wmo) en de kwetsbaarheid, vergroten de kans op eenzaamheid. Daarnaast wonen er veel mensen met dementie in de wijk. Maar de wijk heeft op de lange termijn ook een kans op meer jonge aanwas (in de Gildenwijk wonen veel jongeren die een hogere kans hebben om in de criminaliteit te komen).

Er zijn veel zorgvoorzieningen in de Gildenwijk, zoals GGZ en ouderenzorg. Hierdoor voldoet de wijk aan de zorgbehoefte van de inwoners.

De Gildenwijk is een levendige wijk waar iedereen fijn kan wonen. De woonomgeving is betaalbaar en door de betrokkenheid en begrip van inwoners onderling, is het prettig wonen. Er wonen mensen met verschillende achtergronden en leeftijden. Om dit verder te versterken, kunnen er meer soorten woningen worden gebouwd, met extra aandacht voor kwaliteit en duurzaamheid. Ook wordt er ingezet op meer zelf- en samenredzaamheid en sociale samenhang om de wijk aantrekkelijk te houden voor iedereen.

In deze wijk zetten we, samen met onze maatschappelijke partners, in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom: 

Waar:

Het toevoegen van plekken in de wijk waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten.  

Deze wijk heeft grote uitdagingen en een sterke behoefte aan een ontmoetingsplek. Zo'n plek helpt bewoners om elkaar te ontmoeten, samen activiteiten te organiseren en zorgt voor meer verbinding in de wijk.

Het is belangrijk dat er voldoende voorzieningen zijn, zodat iedereen toegang heeft tot wat nodig is. Waar mogelijk kunnen voorzieningen worden samengevoegd. Dit maakt het efficiënter en zorgt voor een beter gebruik van de beschikbare ruimte. 

Samen onderweg Van Goudoeverstraat, de Brede School Gildenplein en het Natuurcentrum in het Gijsbert van Andelpark.

We willen dat er voldoende gezondheidscentra (artsen, fysiotherapeuten) en maatschappelijke functies in deze wijk aanwezig zijn.  

In deze wijk is er vraag naar een huisarts en/of een gezondheidscentrum. Het is belangrijk voor de inwoners om alles wat ze nodig hebben dichtbij huis te kunnen vinden. Gezondheidscentra en plekken voor maatschappelijke ondersteuning zijn belangrijk in deze wijk.  

 Ontwikkelingen.

We zetten er op in dat alle scholen ‘Thuis-nabij-scholen/onderwijs’ en ‘inclusieve scholen’ worden.  

Schoolgebouwen kunnen beter worden benut door ze multifunctioneel/efficiënter in te zetten. Ze moeten toegankelijk zijn voor iedereen, zodat ze meer kunnen betekenen voor de wijk.

De gebouwen zouden een belangrijke basis in de wijk moeten vormen. Ze kunnen dienen als plekken voor onderwijs, maar ook voor sociale, culturele of sportieve activiteiten. Het is belangrijk dat deze gebouwen energieneutraal zijn en dat er voorzieningen dichtbij huis zijn voor bewoners. Dit draagt bij aan een duurzame en toegankelijke leefomgeving.

 

We maken alle speeltuinen natuurvriendelijk en groener. 

Speeltuinen worden zo uitdagender om in te spelen en ze zijn ook beter voor planten en dieren.

 

We accepteren dat er dicht bij de snelweg wordt gewoond. We onderzoeken welke maatregelen (om de gezondheid te verbeteren) we kunnen nemen bij bestaande bouw én nieuwe ontwikkelingen.

We voldoen aan de wettelijke normen. Om aan de WHO normen te voldoen, zijn er grote maatregelen nodig. 

In Gorinchem is de bouwgrond schaars en hebben we de ambitie (gezond) te groeien, we moeten onze gronden goed benutten.

 

De financiële gezondheid van de inwoners (3). 

In deze wijk wonen veel mensen in een sociale huurwoning. Vaak staat dit gelijk aan een laag opleidingsniveau en een laag inkomen. Ook leven veel mensen in armoede en hebben veel mensen schulden.

 

Een zinvolle daginvulling voor alle inwoners (3). 

Relatief veel mensen hebben geen zinvolle daginvulling. Een goede daginvulling bevordert de mentale gezondheid en vermindert eenzaamheid. Het is belangrijk dat inwoners zich nuttig kunnen vermaken op de juiste plek. Dit zorgt voor “gelukkigere” burgers en een betere arbeidsmarkt.

 

Een leven lang leren (3). 

In de Gildenwijk is de kansenongelijkheid hoog. Er zijn veel inwoners die minder kansen krijgen in het leven. Ook zijn er veel inwoners met lage basisvaardigheden, dit willen we beter maken.

 

Het eten van gezonde voeding en het hebben van een gezond gewicht (1). 

Omdat er veel overgewicht is in de wijk en de inwoners in deze wijk weinig sporten (onder de landelijke richtlijn). Dat is niet goed voor de gezondheid. 

Beweegrondjes aan elkaar verbinden.

Het verminderen van middelengebruik (1). 

Er wordt in deze wijk veel gerookt en er wordt veel alcohol gedronken. Ook zijn er signalen van drugsgebruik. Dat is niet goed voor de gezondheid.

 

Het begeleiden van jonge aanwas (1). 

In deze wijk is de kans voor jongeren om in de criminaliteit te komen het hoogste. Daarom is het belangrijk dat jongeren goed begeleid worden, zodat dit voorkomen kan worden.

 

Het zijn van een tolerante stad (2). 

In deze wijk wonen veel verschillende mensen. Er zijn veel vooroordelen (stigma’s) en verschillende doelgroepen staat tegenover elkaar (polarisatie). Dit willen we veranderen.

 

Het omzien naar elkaar (2). 

Er is veel vereenzaming. Inwoners willen weinig hulp aan hun buren geven en doen weinig vrijwilligerswerk. Dit is echter wel nodig om de zorg beschikbaar en betaalbaar te houden.

 
4.6.3 De Haarwijk

De Haarwijk is een drukke en multiculturele stadswijk met een eigen, trots karakter. In de levendige wijk wonen mensen van verschillende leeftijden, achtergronden en economische situaties. Binnen de kleine buurtjes in de wijk zijn buren vaak betrokken bij elkaar, maar tussen de buurtjes is die betrokkenheid veel minder. De verschillen tussen de buurten zijn opvallend groot. Deze wijk is een kwetsbare wijk. Er is o.a. veel overgewicht en zijn er veel sociale huurwoningen. Dit laat zien dat er minder wordt gesport en minder gezond wordt gegeten.

De Haarwijk heeft veel verschillende soorten woningen in buurten met een eigen stijl. We gaan ons richten op meer betrokkenheid binnen de buurt, waarbij het unieke karakter van de wijk behouden blijft. Dit geldt ook voor het multiculturele winkelgebied.

Er is een wens om houtstook installaties te verbieden. Dit is een goed idee, maar het is de vraag of dit juridisch en later ook bestuurlijk mogelijk is.

In deze wijk zetten we, samen met onze maatschappelijke partners, in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom: 

Waar:

We zetten er op in dat alle scholen ‘Thuis-nabij-scholen/onderwijs’ en ‘inclusieve scholen’ worden.  

Schoolgebouwen kunnen beter worden benut door ze, multifunctioneel/efficiënter in te zetten. Ze moeten toegankelijk zijn voor iedereen, zodat ze meer kunnen betekenen voor de wijk.

De gebouwen zouden een belangrijke basis in de wijk moeten vormen. Ze kunnen dienen als plekken voor onderwijs, maar ook voor sociale, culturele of sportieve activiteiten. Het is belangrijk dat deze gebouwen energieneutraal zijn en dat er voorzieningen dichtbij huis zijn voor bewoners. Dit draagt bij aan een duurzame en toegankelijke leefomgeving.

Samen onderweg Van Goudoeverstraat en de Brede School Gildenplein. 

We maken alle speeltuinen natuurvriendelijk en groener. 

Speeltuinen worden zo uitdagender om in te spelen en ze zijn ook beter voor planten en dieren.

 

We accepteren dat er dicht bij de snelweg wordt gewoond. We onderzoeken welke maatregelen (om de gezondheid te verbeteren) we kunnen nemen bij bestaande bouw én nieuwe ontwikkelingen.

We voldoen aan de wettelijke normen. Om aan de WHO normen te voldoen, zijn er grote maatregelen nodig. 

In Gorinchem is de bouwgrond schaars en hebben we de ambitie (gezond) te groeien, we moeten onze gronden goed benutten.   

 

Een zinvolle daginvulling voor alle inwoners (3). 

Relatief veel mensen hebben geen zinvolle daginvulling. Een goede daginvulling bevordert de mentale gezondheid en vermindert eenzaamheid. Het is belangrijk dat inwoners zich nuttig kunnen vermaken op de juiste plek. Dit zorgt voor “gelukkigere” burgers en een betere arbeidsmarkt.

 

Een leven lang leren (3). 

In de Haarwijk is de kansenongelijkheid hoog. Er zijn veel inwoners die minder kansen krijgen in het leven. 

Ook zijn er veel inwoners met lage basisvaardigheden, dit willen we beter maken.

 

Het eten van gezonde voeding en het hebben van een gezond gewicht (1). 

Omdat er veel overgewicht is in de wijk en de inwoners in deze wijk weinig sporten (onder de landelijke richtlijn). Dat is niet goed voor de gezondheid. 

Beweegrondjes aan elkaar verbinden.

Het verminderen van middelengebruik (1). 

Er wordt in deze wijk veel gerookt en er wordt veel alcohol gedronken. Ook zijn er signalen van drugsgebruik. Dat is niet goed voor de gezondheid.

 

Het zijn van een tolerante stad (2). 

In deze wijk wonen veel verschillende mensen. Er zijn veel vooroordelen (stigma’s) en verschillende doelgroepen staat tegenover elkaar (polarisatie). Dit willen we anders.

 

Het omzien naar elkaar (2). 

Er is veel vereenzaming. Inwoners willen weinig hulp aan hun buren geven en doen weinig vrijwilligerswerk. Dit is echter wel nodig om de zorg beschikbaar en betaalbaar te houden.

 
4.6.4 Stalkaarsen

De wijk Stalkaarsen is nog best nieuw. Het is er rustig, ondanks dat het in een stedelijke omgeving ligt. De wijk is goed bereikbaar en heeft veel verschillende soorten woningen, geschikt voor jong en oud. De voorzieningen die bewoners willen, zijn redelijk dichtbij. Het doel is om de kwaliteit van het openbaar gebied en de woningen te verbeteren. Ook willen we dat de wijk meer een eigen karakter en identiteit krijgt.

In deze wijk zetten we, samen met onze maatschappelijke partners, in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Het is belangrijk voor de wijk om een plek te behouden waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten.  

Zo'n plek helpt inwoners om elkaar te ontmoeten en samen activiteiten te organiseren. Het zorgt ook voor meer verbinding in de wijk.

Het is belangrijk dat er voldoende voorzieningen zijn, zodat iedereen toegang heeft tot wat nodig is. Waar mogelijk kunnen voorzieningen worden samengevoegd. Dit maakt het efficiënter en zorgt voor een beter gebruik van de beschikbare ruimte. 

Buurtkamer stalkaarsen en het beter benutten Brede School Schuttersplein. 

We zetten er op in dat alle scholen ‘Thuis-nabij-scholen/onderwijs’ en ‘inclusieve scholen’ worden.  

Schoolgebouwen kunnen beter worden benut door ze multifunctioneel/efficiënter in te zetten. Ze moeten toegankelijk zijn voor iedereen, zodat ze meer kunnen betekenen voor de wijk.

De gebouwen zouden een belangrijke basis in de wijk moeten vormen. Ze kunnen dienen als plekken voor onderwijs, maar ook voor sociale, culturele of sportieve activiteiten. Het is belangrijk dat deze gebouwen energieneutraal zijn en dat er voorzieningen dichtbij huis zijn voor bewoners. Dit draagt bij aan een duurzame en toegankelijke leefomgeving. 

 

We maken alle speeltuinen natuurvriendelijk en groener. 

Speeltuinen worden zo uitdagender om in te spelen en ze zijn ook beter voor planten en dieren.  

 

We accepteren dat er dicht bij de snelweg wordt gewoond. We onderzoeken welke maatregelen (om de gezondheid te verbeteren) we kunnen nemen bij bestaande bouw én nieuwe ontwikkelingen.

We voldoen aan de wettelijke normen. Om aan de WHO normen te voldoen, zijn er grote maatregelen nodig. 

In Gorinchem is de bouwgrond schaars en hebben we de ambitie (gezond) te groeien, we moeten onze gronden goed benutten.

 

Een leven lang leren (3). 

In Stalkaarsen is de kansenongelijkheid hoog. Er zijn veel inwoners die minder kansen krijgen in het leven. 

Ook zijn er veel inwoners met lage basisvaardigheden, dit willen we beter maken. 

 

Het eten van gezonde voeding en het hebben van een gezond gewicht (1). 

Omdat er veel overgewicht is in de wijk en de inwoners in deze wijk weinig sporten (onder de landelijke richtlijn). Dat is niet goed voor de gezondheid. 

Beweegrondjes aan elkaar verbinden.

Het stimuleren om meer te bewegen (1). 

In deze wijk voldoen de inwoners niet aan de landelijke beweegrichtlijnen en ook sporten onze inwoners weinig in clubverband. 

Beweegrondjes toevoegen in de wijk.

Het verminderen van middelengebruik (1).   

Er wordt in deze wijk veel gerookt en er wordt veel alcohol gedronken. Ook zijn er signalen van drugsgebruik. Dat is niet goed voor de gezondheid.

 

Het omzien naar elkaar (2). 

Er is veel vereenzaming. Inwoners willen weinig hulp aan hun buren geven en doen weinig vrijwilligerswerk. Dit is echter wel nodig om de zorg beschikbaar en betaalbaar te houden.

 
4.6.5 Molenvliet

Molenvliet is een gebied dat gericht is op sport. Er zijn verschillende sportclubs en faciliteiten zoals voetbal, hockey, korfbal, atletiek, padel en een zwembad. Door de groei van de stad en meer vraag naar sporten, komt de capaciteit van deze voorzieningen onder druk te staan.

We willen Molenvliet veranderen in een groene sportomgeving, met natuurlijke sportvelden waar dat kan. Om genoeg plekken te kunnen bieden voor sport, is meer ruimte nodig.

In Gorinchem beweegt maar een klein deel van de inwoners genoeg (volgens de landelijke norm). Overgewicht komt steeds vaker voor. Meer sportvoorzieningen op Molenvliet kunnen helpen om mensen gezonder te maken en zorgen voor meer sociale verbinding in de wijk. Er wordt veel gesport en het is een plek waar veel mensen wandelen en fietsen. Ook is de volkstuinvereniging er actief.

In deze wijk zetten we, samen met onze maatschappelijke partners, in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Een sportplek, met een nieuwe groene aantrekkelijke invulling, op Piratenland. 

We zien Molenvliet als een gebied dat gericht is op sport. 

 

We onderzoeken of er meer samenwerking mogelijk is tussen verenigingen en omni verenigingen. 

Er is weinig ruimte meer binnen de gemeente. Daarom willen we ruimte zo goed mogelijk benutten. 

 

We maken alle speeltuinen natuurvriendelijk en groener. 

Speeltuinen worden zo uitdagender om in te spelen en ze zijn ook beter voor planten en dieren.

 
4.6.6 Conclusie op de opgave gezondheid

Conclusie op de dilemma’s over gezondheid:

  • 1.

    De oude locatie van Piratenland blijft in de toekomst een sportplek met een nieuwe groene, aantrekkelijke invulling. Wel blijft de luchtkwaliteit iets om goed in de gaten te houden. In de toekomst wil de provincie rond deze locatie een mobiliteits-HUB maken. Dit kan invloed hebben op deze keuze. 

  • 2.

    We moeten een woonomgeving dicht bij de snelweg accepteren. De gemeente kan dit probleem niet alleen oplossen. Op de lange termijn zijn wel sterke maatregelen nodig. Voor de gezondheid van de inwoners, maar ook om nieuwe woningen of meer woningen te kunnen bouwen in de wijken. Daarom onderzoeken we welke maatregelen we kunnen nemen én accepteren we de situatie zoals die nu is. 

Eindconclusie

In de Woonwijken West gebeurt veel als het gaat om een gezonde leefstijl. Niet alle inwoners doen hier al aan mee, maar hiervoor is de Integrale Samenlevingsvisie gemaakt. Deze is nu in uitvoering. 

We maken alle speeltuinen natuurvriendelijker en groener. Beter voor mens, plant en dier. Ook gaan we ervoor zorgen dat in de wijken genoeg plekken zijn waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten. Dit kan zijn in een park, een (brede) school, buurthuis, maar ook doordat we meer wandelpaden gaan maken.

(zie ook 'uitwerking opgaven')

4.7 Erfgoed als drijvende kracht, cultureel historisch erfgoed beschermen, versterken en benutten

4.7.1 De opgave

Wat vindt Gorinchem over erfgoed?

Tijdens gesprekken met de inwoners is duidelijk geworden dat mensen er bewust voor kiezen om in de Woonwijken West te wonen. Ze wonen hier omdat deze wijken een eigen identiteit hebben. Dat is onderdeel van het cultureel erfgoed van onze stad. 

Dit zien we vooral terug in de Gildenwijk, met plekken zoals Kremlin II, Gebouw de Toekomst en de Verborgen speeltuin. Ook in de Haarwijk is dit te zien, bijvoorbeeld bij Nieuwe Hoven, Ready 1882, de Wederopbouw, de structuur van de straten en de oude waterstructuren. Elk van deze plekken heeft zijn eigen verhaal over het erfgoed. Aan het einde van Molenvliet waren en zijn er volkstuinen voor arbeiders. De Schelluinsevliet werd vroeger gebruikt als open riool. In Stalkaarsen is Kremlin II belangrijk, en in de Haarwijk valt vooral de grote Turkse gemeenschap op.

Wat zegt de omgevingsvisie over erfgoed? 

Bij het maken van plannen voor de wijken is het belangrijk om het cultureel erfgoed te beschermen, sterker te maken en goed te gebruiken.

In Woonwijken West is veel erfgoed te vinden. Dit gaat om oude structuren, gebouwen uit de wederopbouw en erfgoed van na 1965 (post 65 erfgoed). Ook ligt een groot deel van deze wijken in de beschermde zone (bufferzone) van het Unesco Werelderfgoed Hollandse Waterlinies.

De sterke punten van het erfgoed worden gebruikt bij het maken van plannen voor herontwikkeling. Het verhaal van vroeger en wat daarvan over is, laten zien wie wij zijn als stad. Dit verleden maakt de wijken mooier en fijner om te wonen. Mooie wijken trekken nieuwe inwoners en bedrijven aan.

Het belangrijkste doel is om het erfgoed te behouden en te verbeteren. Als dat niet lukt, kan het erfgoed een inspiratiebron zijn voor nieuwe plannen.

Wat is het dilemma over erfgoed?

Er waren geen tegenstrijdige belangen voor de opgave erfgoed en drijvende kracht.

4.7.2 De Gildenwijk

De Gildenwijk is een wijk die na de Tweede Wereldoorlog is gebouwd. Er staan bijzondere gebouwen uit de wederopbouw, zoals het Kremlin, het oude gebouw van vakcollege 't Gilde School en het voormalige belastingkantoor. De wijk ligt naast het Beatrixziekenhuis en daarnaast het Gijsbert van Andelpark. Dit park is belangrijk voor de wijk en voor heel Gorinchem. Ook is het Piazza Center een belangrijk winkelgebied. Dit is van waarde voor de wijk, de inwoners van Gorinchem en zelfs voor de regio.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat: 

Waarom: 

Waar:

Het benoemen en beschrijven van belangrijke post65 gebouwen en hoe we hiermee om willen gaan.  

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont.  

Bij alle herontwikkelingprojecten, o.a. voormalig belastingkantoor en oude gebouw van vakcollege 't Gilde.

We zorgen ervoor dat panden met een monumentale waarde en hun omgevinghun eigen identiteit houden en sterker worden. Als het mogelijk is behouden we bijzondere gebouwen of delen van bijzondere gebouwen, zolang dit het woonplezier niet in de weg staat.  

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont. 

Bij alle herontwikkelingprojecten, o.a. voormalige belastingkantoor en oude gebouw van vakcollege ‘t Gilde.

4.7.3 De Haarwijk

De Haarwijk is een woonwijk die deels na de Tweede Wereldoorlog is gebouwd, tijdens de wederopbouw. In de wijk staan veel monumenten. Er zijn al enkele veranderingen geweest, maar de oorspronkelijke opzet van de wijk is nog goed te zien. De Mollenburgseweg en de Haarsekaden zijn belangrijke straten, met buurten daartussen. Ook de Torenflat, de Windroos en de Johanneskerk bepalen de structuur van de wijk.

Het zuidelijke deel van de wijk is ouder en komt uit de tijd tussen de twee wereldoorlogen. In die tijd woonden hier officieren, omdat Gorinchem toen een garnizoensstad was met een kazerne. De opzet van de wijk is nog herkenbaar en heeft waarde voor het straatbeeld. Het meest zuidelijke deel van de Haarwijk heeft een parkachtige uitstraling. Een opvallend gebouw is het wooncomplex Evia, dat ligt bij de Banneweg en het spoor.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom:  

Waar:

Het benoemen en beschrijven van belangrijke post65 gebouwen en hoe we hiermee om willen gaan. 

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont.

 

Het behouden van de identiteit van de wijken en het sterker maken van deze identiteit door aandacht te geven aan oude straten, waterstructuren en gebouwen met een monumentale waarde en hun omgeving

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont. 

Bij alle herontwikkelingprojecten, o.a. de Haarsekaden en Mollenburgseweg.

4.7.4 Stalkaarsen

Stalkaarsen is een wijk die na 1965 is gebouwd (post65). In de wijk staan bijzondere gebouwen zoals Kremlin I, de Exoduskerk en de Annasr Moskee. Het Waterpark, waar mensen kunnen ontspannen en recreëren, is een mooie toevoeging aan de wijk. 

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom: 

Waar:

Het benoemen en beschrijven van belangrijke post65 gebouwen en hoe we hiermee om willen gaan. 

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont.  

Onder andere de Moskee en omgeving. 

We zorgen ervoor dat panden met een monumentale waarde en hun omgeving hun eigen identiteit houden en sterker worden. Als het mogelijk is behouden we bijzondere gebouwen of delen van bijzondere gebouwen, zolang dit het woonplezier niet in de weg staat.  

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont. 

 

Het behouden van de identiteit van de wijken en het sterker maken van deze identiteit door aandacht te geven aan oude straten, waterstructuren en gebouwen met een monumentale waarde en hun omgeving. 

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont. 

Bij alle herontwikkelingprojecten, o.a. Mollenburgseweg.

4.7.5 Molenvliet

Molenvliet is nu een wijk waar mensen kunnen sporten en recreëren. Er zijn veel sportverenigingen actief. Vroeger was dit gebied een polder, en daarom staan er nog twee oude wipmolens. Deze molens staan bij de Schelluinse Vliet, die vroeger werd gebruikt als riool van de stad. In de wijk zijn ook volkstuinen en een woonwagenlocatie.

In deze wijk zetten we in op de volgende punten:

Wat:  

Waarom: 

Waar:

We zorgen ervoor dat de volkstuinen en de wipmolens en hun omgeving hun eigen identiteit houden en sterker worden.  

Het is belangrijk dat inwoners zich thuis voelen in de wijk. De identiteit van de wijk helpt hierbij. Zo voel je je meer verbonden met de mensen in de buurt en met de plek waar je woont. De molens hebben een groen/blauwe omgeving, die hieraan bijdragen.  

De twee wipmolens en hun omgeving (Schelluinsevliet) en de Volkstuinen.

4.7.6 Conclusie op de opgave erfgoed als drijvende kracht

In Woonwijken West is veel cultureel erfgoed. Dit is vooral uit de tijd na de Tweede Wereldoorlog. Het belangrijkste is om dit erfgoed te bewaren. Bij nieuwe plannen of veranderingen wordt eerst gekeken óf en hoe het erfgoed kan blijven. Als dat niet lukt, kan het erfgoed ideeën geven voor nieuwe plannen. Erfgoed helpt ook om de wijken een eigen karakter te geven.

Bij plannen wordt gezorgd dat de bijzondere gebouwen en structuren van de wijken blijven bestaan. Zo blijft de identiteit van de wijken bewaard. Als de identiteit verdwenen is, kan het erfgoed sterker worden gemaakt. Bijzondere gebouwen van na 1965 worden mogelijk ook als erfgoed aangewezen. De Haarsekaden en de Mollenburgseweg zijn belangrijke historische patronen. 

We gaan onderzoeken hoe monumenten en de omgeving daarvan beter beschermd kunnen worden. Dit heet een monumentbiotoop. Voor plannen in de buurt van een monument moet worden aangetoond dat het monument niet beschadigd of ontsiert wordt. 

Deze punten staan ook in het Erfgoedbeleid en het programma Erfgoed en Ruimtelijke Kwaliteit.

4.8 Kansenkaart

4.8.1 Kansenkaart

De kansenkaart is toegevoegd om aan te geven waar we in het gebied van de Woonwijken West tot 2050 kansen zien om de ruimte beter te benutten of aantrekkelijker te maken. Deze kansen zijn niet opgenomen in de uitwerking van de opgaven omdat op dit moment nog niet bekend is of er ook daadwerkelijk ontwikkelingen komen. 

We zien met name kansen voor het beter benutten van de ruimte op het gebied van wonen, mobiliteit, groen, erfgoed, duurzaamheid, maar ook een combinatie van functies. Bijv het meervoudig gebruik van scholen bij herontwikkeling. 

Daarnaast zien we kansen, zeker met een ontwikkeling van de Schelluinsestraat, om het gebied nadrukkelijker te verbinden met het gebied van de Schelluinsestraat, maar ook met het station. 

De Haarsekaden en de Mollenburgseweg zijn belangrijke historische patronen. De patronen bieden kansen voor het oplossen van problemen in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld waterberging en hittestress kunnen gecombineerd worden met het versterken van de historische patronen.

Bij ontwikkelingen dienen alle opgaven tegen elkaar te worden afgewogen en dient gemotiveerd te worden aangegeven waarom een bepaalde keuze wordt gemaakt. 

Voor ontwikkelingen in de toekomst die niet zijn opgenomen op de kansenkaart, maar wel bijdragen aan de beoogde doelen uit dit gebiedspaspoort staan we uiteraard altijd open.

4.8.2 Stedebouwkundige aanbevelingen

In de Gildenwijk en Stalkaarsen zou in de buurt van de hinderzones hoger gebouwd kunnen worden. In de Haarwijk is hoogbouw minder gewenst, omdat dit kan botsen met belangrijke kenmerkende gebouwen. Bij plannen voor hoogbouw moet altijd gekeken worden of dit goed past bij deze belangrijke gebouwen (ook wel ankerpunten genoemd). Dit zijn de Torenflat, de Exoduskerk, de Piazzaflat en de Johanneskerk. Het is belangrijk om verbindingen te maken tussen deze ankerpunten.

Het toevoegen van extra lagen aan gebouwen (optoppen) kan een optie zijn, maar dit moet zorgvuldig worden ontworpen, zodat het past in de omgeving. Gebouwen met 4 lagen passen in beginsel goed bij laagbouw. Op de kansenkaart is een zone aangegeven (indicatief) waarbinnen hoogbouw passend zou kunnen zijn. Bij iedere ontwikkeling zal op zichzelf worden bekeken of dit ook daadwerkelijk passend is. 

In Woonwijken West zijn verschillende monumenten. Dit heeft invloed op plannen in de buurt van deze monumenten. Volgens de monumentenbiotoop mag een nieuw plan het beeld van een monument niet beschadigen of lelijk maken. Ook moet er aandacht zijn om het monument sterker of mooier te maken.

Belangrijk: wat nodig is, verschilt per wijk en hangt af van de behoefte op dat moment. Dit kan dus steeds anders zijn.

5 Plan voor monitoring en evaluatie

Binnen de Omgevingswet spelen monitoring en evaluatie een cruciale rol in de beleidscyclus. De Omgevingswet, die helpt bij het goed regelen van onze leefomgeving, vereist dat gevolgd wordt of beleid effectief is en of doelen worden gehaald. Dit proces bestaat uit monitoring (het verzamelen en analyseren van gegevens) en evaluatie (het beoordelen van de effectiviteit en bijsturen van beleid).  

Monitoring 

De monitoring binnen de Woonwijken West vindt plaats binnen het reguliere werk, waarin al veel gedaan wordt aan onderzoek en vergelijking. (Bv. Wonen, houdt jaarlijks al bij hoe de woningvoorraad; verdeling, koop, huur, huis, appartement, etc. zich ontwikkelt.) Ook worden er nog diverse thematische programma’s opgesteld waarbinnen monitoring op inhoud plaats gaat vinden. Daarnaast wordt datagedreven werken nog verder opgepakt.

Evaluatie 

De evaluatie binnen de Woonwijken West vindt plaats voor de het opnieuw opstellen of actualiseren van de omgevingsvisie en richt zich op het beste werken van de inhoud van het gebiedspaspoort. 

Bij de evalutie wordt de monitoring (vanuit de bestaande onderzoeken) als uitgangspunt genomen. Als bepaalde doelen niet worden gehaald, kan dit betekenen dat er een aanscherping van maatregelen en regels of introductie van nieuwe maatregelen nodig is. 

Evaluatie vindt intern plaats vanuit de vakdisciplines en extern met input van burgers, bedrijven en andere belanghebbenden. Ook ervaringen met het omgevingsloket worden meegenomen in de evaluatie.  

Terugkoppeling in de beleidscyclus 

Monitoring en evaluatie leiden tot inzichten die worden gebruikt om beleid te herzien en effectiever te maken. Dit kan resulteren in:

  • Wijzigingen in het gebiedspaspoort.

  • Wijzigingen in de omgevingsvisie.

  • Aanpassingen bepaalde normen of regels in het omgevingsplan.

  • Betere implementatie en handhaving door bijsturing van instrumenten zoals vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH).

Begrippen

Begrippen

(Maak)industrie:

Bedrijven die producten maken, zoals fabrieken.

3/30/300 regel:

Het vanuit de woning kunnen kijken naar drie bomen, 30% schaduw in een woonwijk en een koelteplek binnen 300 meter van de woning, bijv. een park.

Aardwarmte:

Warmte die diep uit de aarde komt en gebruikt kan worden om huizen te verwarmen.

All-electric:

Woningen die geen gas gebruiken, maar alleen elektriciteit.

Ambitie:

Een doel dat je in de toekomst wilt bereiken.

Ankerpunten:

Kenmerkende gebouwen in een wijk, zoals scholen, flats, of kerken.

Archeologisch onderzoek:

Onderzoek naar oude spullen en gebouwen uit het verleden.

Archeologische vondsten:

Dingen die opgegraven worden, zoals oude munten of resten van gebouwen.

Beeldbepalende bomen:

Grote of bijzondere bomen die een plek herkenbaar maken.

Biodiversiteit:

De verschillende planten en dieren in een gebied.

Bodemdaling:

Het langzaam zakken van de grond, bijvoorbeeld door waterwinning.

Bouwhoogten vergroten:

Gebouwen hoger maken, bijvoorbeeld door extra verdiepingen toe te voegen.

Circulaire economie:

Een systeem waarbij opnieuw gebruiken en recyclen van materialen belangrijk is. Hierbij ontstaat tijdens het maken van spullen en na het gebruik ervan geen tot weinig afval.

Creëren van meer groen / vergroenen:

Het extra toevoegen van groene ruimtes, zoals grasvelden, bloemen, struiken, bomen en bosschages, groene daken, etc.

Cultureel erfgoed:

Belangrijke oude gebouwen, tradities en kunst die de stad uniek maken en die we willen bewaren.

Dilemma:

Een moeilijke keuze tussen twee opties.

Doorstroming:

Hoe makkelijk mensen en verkeer zich kunnen verplaatsen.

Duurzaamheid:

Zorgen dat wat we doen goed is voor de natuur en toekomstige generaties.

Duurzaamheidsmaatregelen:

Acties om beter om te gaan met energie, water en afval.

Duurzame energie (bron):

Energie die niet opraakt, zoals zonne-energie en windenergie.

Duurzame leefomgeving:

Een fijne plek om te wonen die goed is voor het milieu.

Eengezinswoning:

Een huis dat bedoeld is voor een gezin.

Efficiënt:

Iets slim en zonder verspilling doen.

Eigen karakter en identiteit:

Wat een wijk uniek maakt.

Energiebron:

Waar energie vandaan komt, zoals zon, wind of aardgas.

Energiehub:

Een plek waar energie verzameld en verdeeld wordt.

Energieneutraal:

Een huis of gebouw dat net zoveel energie opwekt als het verbruikt.

Energietransitie:

De overstap naar duurzame energiebronnen.

Evaluatie:

Achteraf kijken hoe iets gegaan is en wat beter kan.

Expliciet:

Heel duidelijk iets zeggen of tonen.

Extramuraal:

Zorg die je thuis krijgt, in plaats van in een instelling.

Factoren:

Dingen die invloed hebben op een situatie.

Fietsinfrastructuur:

De wegen en voorzieningen voor fietsers.

Fietsknelpunten top10:

De tien meest verkeersonveilige locaties voor fietsers in Gorinchem.

Functies:

Waar een gebouw of plek voor gebruikt wordt.

Fysieke leefomgeving:

Alles wat je kunt zien, horen, ruiken, aanraken en ervaren buiten.

Garnizoensstad:

Een stad die vroeger een legerbasis had.

Geclusterd wonen:

Woningen waar (meestal) ouderen (55+) permanent en zelfstandig bij elkaar wonen. Er is een gemeenschappelijke ruimte voor bewoners die gericht is op ontmoeting.

Gestapeld wonen:

Wonen in appartementen.

Gezondheidscentrum/-centra:

Een plek waar meerdere zorgverleners zoals huisartsen en fysiotherapeuten werken.

Groen versterken en verbinden:

Groen beter maken en verschillende groene gebieden aan elkaar koppelen.

Groen:

Planten, gras, bomen en bloemen in een gebied.

Grondgebonden woning:

Een huis met een tuin en een eigen ingang.

Herontwikkeling:

Een gebied opnieuw inrichten en verbeteren.

HIS/Hoofdinfrastructuur:

De belangrijkste wegen en verbindingen in een gebied.

Hitte:

Hoge (gevoels)temperaturen.

Hittestress:

Gezondheidsproblemen door te veel warmte, zoals in steden zonder voldoende schaduwplekken.

Hoogstedelijk woonmilieu:

Wonen in een drukke stad met veel voorzieningen dichtbij.

Houtstook installaties:

Apparaten die hout verbranden om warmte te maken.

HUB:

Een plek waar mensen of goederen samenkomen en van richting of vervoermiddel veranderen.

Identiteit van de wijk:

Wat een wijk uniek maakt.

Inclusieve scholen:

Onderwijs waarbij alle kinderen en jongeren naar een school dichtbij huis kunnen. Een school waar iedereen meetelt, meedoet en gelijkwaardig is en waar samen geleerd wordt.

Infrastructuur:

Wegen, bruggen en andere verbindingen in een gebied.

Innovatief:

Iets nieuws en slims bedenken.

Instrumenten van de Omgevingswet:

Middelen om regels voor de leefomgeving te bepalen.

Integrale aanpak:

Samenwerking tussen verschillende afdelingen.

Intramuraal:

Zorg die je in een instelling krijgt.

Kansenongelijkheid:

De situatie waarbij mensen niet dezelfde kansen krijgen om te slagen, ongeacht hun achtergrond, talenten of capaciteiten.

Klimaatadaptatie:

Een gebied aanpassen aan veranderingen in het klimaat.

Klimaatneutraal:

Geen negatieve invloed hebben op het klimaat.

Klimaatverandering:

Veranderingen in het weer door menselijk gedrag.

Koelteplekken:

Plekken waar mensen kunnen afkoelen bij warm weer.

Lage basisvaardigheden:

Moeite hebben met lezen, schrijven of rekenen.

Locatiekenmerken:

Eigenschappen van een plek, zoals natuur, gebouwen of wegen.

Luchtkwaliteit:

Hoe schoon of vervuild de lucht is.

Maatschappelijk gebied:

Een deel van een stad waar sociale voorzieningen belangrijk zijn.

Maatschappelijke dienstverlening:

Hulp en ondersteuning voor mensen, zoals zorg of welzijnswerk.

Maatschappelijke functies:

Gebouwen en plekken die een sociale rol hebben, zoals scholen of buurthuizen.

Maatschappelijke ondersteuning (plekken):

Plekken waar mensen hulp kunnen krijgen, zoals zorgcentra.

Maatschappelijke partijen:

Organisaties die zich bezighouden met zorg, welzijn en andere sociale thema’s.

Maatschappelijke partners:

Maatschappelijke partijen waar we (gemeente) mee samenwerken aan maatschappelijke doelen.

Medische dienstverlening:

Zorg die mensen krijgen van bijvoorbeeld artsen en ziekenhuizen.

Milieueffecten:

De invloed die iets heeft op de natuur en het klimaat.

Milieuimpactbeoordeling:

Onderzoek naar hoe een project het milieu beïnvloedt.

Monitoring:

Het volgen en controleren van een situatie of ontwikkeling.

Monumentenbiotoop:

De omgeving van een monument die we willen beschermen om het monument zo goed mogelijk te laten zien (tot zijn recht te laten komen)

Multicultureel:

Een plek waar mensen met verschillende culturele achtergronden samenleven.

Multifunctioneel:

Iets dat op meerdere manieren gebruikt kan worden.

Natuurinclusief bouwen:

zodanig bouwen dat een bouwwerk bijdraagt aan de lokale biodiversiteit en natuurwaarden.

Natuurinclusief:

Rekening houden met de natuur bij het bouwen en plannen.

Nultredenwoning:

Een woning zonder trappen, makkelijk voor ouderen en mensen met een beperking.

Omgevingsdienst Zuid Holland Zuid (OZHZ):

Organisatie die toezicht houdt op milieu en leefomgeving in Zuid-Holland.

Omgevingsplan:

Plannen voor hoe een gebied wordt ingericht en gebruikt.

Omgevingsvisie:

Een langetermijnplan voor de leefomgeving.

Omgevingswet:

Wet die regels geeft voor hoe we ruimte en natuur kunnen gebruiken.

Omni-verenigingen:

Clubs waar verschillende sporten of activiteiten worden aangeboden.

Ontmoetingsplekken:

Plekken waar mensen samen kunnen komen.

Ontwikkelaar:

Een persoon of bedrijf dat nieuwe gebouwen of wijken ontwikkelt.

Opgave:

Een uitdaging of taak die moet worden opgelost.

Optoppen:

Een extra woonlaag op een gebouw plaatsen.

Parkeerdruk:

Hoeveel parkeerplaatsen er beschikbaar zijn en of het druk is.

Parkeervoorzieningen:

Plekken waar auto's kunnen parkeren.

Participatie:

Mensen betrekken bij het maken van plannen en beslissingen.

Partners:

Organisaties of groepen die samenwerken.

Plannen:

Ideeën en ontwerpen voor de toekomst van een gebied.

Polarisatie:

Wanneer groepen mensen sterk van mening verschillen en tegenover elkaar staan.

Post 65:

Gebouwen die na 1965 zijn gebouwd.

Ready 1882:

Een tennisclub.

Restwarmte van industrie:

Warmte die overblijft bij het maken van producten en opnieuw gebruikt kan worden.

Rioolwaterzuiveringsinstallatie:

Een plek waar afvalwater wordt schoongemaakt.

Ruimtelijke effecten:

Hoe iets invloed heeft op een gebied, zoals een nieuw gebouw of park.

Ruimtelijke en programmatische basisstructuur:

De manier waarop een gebied wordt ingericht en gebruikt.

Scenario:

Een mogelijke toekomst die is bedacht op basis van een plan.

Schone energie:

Energie die goed is voor het milieu, zoals zonne-energie.

Seniorenwoningen:

Woningen speciaal gemaakt voor senioren met extra faciliteiten

Sierheesters:

Lage houtige struiken, om de ruimte mooi te maken.

Sociale samenhang:

Hoe goed mensen in een buurt met elkaar verbonden zijn.

Stakeholders:

Mensen of groepen die betrokken zijn bij een project of besluit.

Stedebouwkundige analyse:

Onderzoek naar hoe een gebied is ingedeeld en hoe deze wordt gebruikt.

Steunpunt (de Banne):

Opslag van (technisch) materieel van Rijkswaterstaat.

Stigma:

Een negatief beeld dat mensen over een groep kunnen hebben/Een sterk negatief label dat mensen 'opgeplakt' krijgen.

Stimuleren biodiversiteit:

Maatregelen uitvoeren die goed zijn voor verschillende planten en dieren, bijvoorbeeld door het toevoegen van meer bloemen, door minder te maaien en door meer natuurlijke beplanting te gebruiken.

Thuis-nabij scholen:

Een school dichtbij huis, maar ook de ondersteuning die eventueel extra nodig is bij het onderwijs, is dicht bij huis, of op een locatie die voor hem/haar dichtbij en toegankelijk is.

Toegankelijke leefomgeving:

Een omgeving die iedereen makkelijk kan gebruiken, zoals mensen met een beperking.

Transferium:

Een plek waar mensen makkelijk kunnen overstappen op ander vervoer.

Transformatie:

Een gebied of gebouw veranderen.

Transformeren:

Iets een nieuwe functie geven of aanpassen.

Transitievisie:

Een plan voor hoe iets verandert, zoals energiegebruik.

Uitplinten:

Een gebouw uitbreiden aan de onderkant.

Vereenzaming:

Wanneer mensen zich eenzaam voelen en weinig sociale contacten hebben.

Verkeersveiligheid:

Hoe veilig wegen zijn voor voetgangers, fietsers en automobilisten.

Visie:

Een idee voor de toekomst.

Vitale inwoners:

Inwoners die een gezonde en actieve levensstijl hebben, met een sterke focus op zowel fysieke als mentale gezondheid.

Voorzieningen:

Plekken en diensten die nodig zijn in een wijk, zoals winkels en scholen.

Vrijliggende fietspaden:

Fietspaden die apart liggen van wegen.

Warmtenet:

Een systeem dat warmte naar huizen brengt.

Warmteprogramma:

In het warmteprogramma beschrijft de gemeente de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken per wijk en buurt. Ook wordt er aangegeven waar we als gemeente actief aan de slag gaan in de komende 5 jaar.

Waterschappen:

Organisaties die zorgen voor waterbeheer in Nederland.

Waterstructuren:

Kanalen, rivieren en andere waterwegen in een gebied.

Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO):

In deze wet staat dat gemeenten hun inwoners ondersteunen om zelfstandig te blijven wonen en om mee te doen in de samenleving.

Wettelijke vereisten:

Regels die verplicht zijn volgens de wet.

Wijkidentiteit:

Wat een wijk uniek en herkenbaar maakt.

Wipmolen:

Oud-Hollandse molen.

Woonkwaliteit:

Hoe prettig een woning is om in te wonen.

Woonmilieu:

De sfeer en leefbaarheid van een woongebied.

Woonplezier:

Hoe fijn mensen hun woning en buurt vinden, ook wel leefbaarheid genoemd.

Woonstraat:

Een straat waar vooral huizen staan en weinig verkeer is.

Zelf- en samenredzaamheid:

Hoe goed mensen zelfstandig kunnen leven en dingen samen kunnen doen zonder dat er professionele hulp nodig is.

Zorgcentra:

Plekken waar zorg wordt aangeboden, zoals verpleegtehuizen.

Zorginstellingen:

Organisaties die zorg bieden aan mensen.

Zorgvoorzieningen:

Alle plekken en diensten die zorg bieden aan bewoners.

Overzicht van informatieobjecten

PDF bijlagen

A15 via de Banneweg

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_48d6dc227b234517a37e9533187153ef/nld@2026‑04‑16;1

aangegeven (indicatief) waarbinnen hoogbouw

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_94ed0700d7834a668c737d6d584222a9/nld@2026‑04‑16;1

appartementengebouwen

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_51c167fc276c4194a0b088653470e328/nld@2026‑04‑16;1

Bannepoort

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_6bc14c9b9d8f4fbf9425607ac765ea91/nld@2026‑04‑16;1

behouden van een goede busverbinding over de Banneweg

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_eb041f3531c34e60a3e978a602dd4889/nld@2026‑04‑16;1

bereikbaarheid ziekenhuis verbeteren

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_42b1df5f1804434ca96f512a84b15c52/nld@2026‑04‑16;1

bomen vervangen door struiken

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_aa76698a55254fdda8ca7b2a28290338/nld@2026‑04‑16;1

bouwstructuur_in_rechthoekig_grid_erfgoed_en_ruimtelijke_kwaliteit_woonwijken_west__shapefile_ #1 (losse locatie)

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_9ba9dd16d95641c582d345318717ce8b/nld@2026‑04‑16;1

De Gildenwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_4bde6af9895f42918c4658fbe334d123/nld@2026‑04‑16;1

De Haarwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_22fd8bb951f24efbac77f4c8a8453f31/nld@2026‑04‑16;1

eerste_woningen_van_woonwijken_west_ruimtelijke_kwaliteit_erfgoed_en_ruimtelijke_kwaliteit_woonwijken_west__shapefile_ #1 (losse locatie)

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_7dc3957d9723419885ff88705cfa388e/nld@2026‑04‑16;1

Gebied De Gildenwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/gebiedsaanwijzing_6337b21a1dc84848a41eaf90cc684eac/nld@2026‑04‑16;1

Gebied De Haarwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/gebiedsaanwijzing_ed79cee00e9e47328fe6a7209c39fe49/nld@2026‑04‑16;1

Gebied Molenvliet

/join/id/regdata/gm0512/2026/gebiedsaanwijzing_ff980a99ac174dd292a6194822231f68/nld@2026‑04‑16;1

Gebied Stalkaarsen

/join/id/regdata/gm0512/2026/gebiedsaanwijzing_3342e47f9cb0412b89c547573e222b54/nld@2026‑04‑16;1

gebouwen met monumentale waarde en hun omgeving ls

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_90c02c4a829d45b9b930638f1be42a9f/nld@2026‑04‑16;1

gezondheidscentra - Beatrix

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_d2a729c28dca4697842c87192120befc/nld@2026‑04‑16;1

Gezondheidscentra en plekken voor maatscheppelijke ondersteuning

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_59564c1ab3134ef5a7ac9d9e38fc74f7/nld@2026‑04‑16;1

Gildenweg

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_4b8f85b9e02e4bc6973f3ab23230df2b/nld@2026‑04‑16;1

Groen en blauw in de wijk willen we aan elkaar verbinden.

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_133b3b91375b449588d6d1632360a37d/nld@2026‑04‑16;1

groen wordt toegevoegd - Andelpark

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_2b1ef00b7c8540f1ba3c9e488c61dd51/nld@2026‑04‑16;1

groen wordt toegevoegd Gildenwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_030abf72a4814006bbe3503c993403e9/nld@2026‑04‑16;1

groen wordt toegevoegd Haarwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_e85655bde6d347c8b14631ddb027541f/nld@2026‑04‑16;1

groen wordt toegevoegd Stalkaarsen

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_c130a040c3714451bd598c6286a7b011/nld@2026‑04‑16;1

groenblauwe structuren kaart

/join/id/regdata/gm0512/2026/Bijlage6groenblauwestructurenkaart/nld@2026‑04‑16;1

groene buffer langs de A15

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_6bbf2661c7154bdc8a787050bc1ccd48/nld@2026‑04‑16;1

Haarsekaden

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_1c924eff7d81415bad08ffc23d1bde3e/nld@2026‑04‑16;1

HUB

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_9226deceb18f45f88703cb8e06e56340/nld@2026‑04‑16;1

kansen voor het beter benutten van de ruimte

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_a3fe66371be540ff830f28d616f1854e/nld@2026‑04‑16;1

Koningin Wilhelminalaan

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_5c470d460e2942b28fc6acce35870545/nld@2026‑04‑16;1

Marinus Spronklaan

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_f2053e50419b429a8b5ccc26d2d06c4b/nld@2026‑04‑16;1

meer schaduw

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_b13e76c269e9489fa39bb7f481db1163/nld@2026‑04‑16;1

meer schaduw - Molenvliet

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_e099270aa6694bbf9a8f72edf9137a57/nld@2026‑04‑16;1

Molenvliet

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_afdd07beae844a298e32a49025ef39f2/nld@2026‑04‑16;1

Mollenburgseweg

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_70eb994c46fd4364bad469d2bc59065c/nld@2026‑04‑16;1

nieuwe fietsroutes

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatiegroep_561ce80c35f1457b831fe7796824be73/nld@2026‑04‑16;1

Nieuwe Hoven

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_331390c61115441c8a841d810d16872e/nld@2026‑04‑16;1

nieuwe toegangsweg vanaf de Banneweg

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_4cc75f9139fa4ab99d2d88270e8c2946/nld@2026‑04‑16;1

OERrapportage

/join/id/regdata/gm0512/2026/Bijlage7OERrapportage/nld@2026‑04‑16;1

oude vakcollege 't Gilde

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_64f106263f974968bbb4f5019cfb3e7f/nld@2026‑04‑16;1

panden met een monumtentale waarde en hun omgeving

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_5d0158bb079440988af0cf7205567c54/nld@2026‑04‑16;1

parkeerdruk verlagen

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_20da4055e3164f30a5d21de06e5d2668/nld@2026‑04‑16;1

Piazza Center

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_747c913dadcf4052952fec1e3740fbec/nld@2026‑04‑16;1

Piazza Center en Beatrixziekenhuis

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_962c8dfc67904879aa08ad9a435cb588/nld@2026‑04‑16;1

Schelluinsevliet

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_80471b7d7ef24abeae925aed87bb5743/nld@2026‑04‑16;1

Stalkaarsen

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_7437156a0fa14e5eb42c77b0d4071a76/nld@2026‑04‑16;1

Steunpunt De Banne

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_ecc0ad9a43d6412fa2dabb34192bcead/nld@2026‑04‑16;1

toelichting op de dilemma's

/join/id/regdata/gm0512/2026/Bijlage3toelichtingdilemmas/nld@2026‑04‑16;1

twee wipmolens

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_5b6b6622cbf64ae98033e302aa9c4ad9/nld@2026‑04‑16;1

Twijnderstraat

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_3cc1222ef7ce408d9d691745a75082e8/nld@2026‑04‑16;1

uitwerking opgaven

/join/id/regdata/gm0512/2026/Bijlage5opgavengebiedspaspoort/nld@2026‑04‑16;1

verbeteren fietsroute Molenvliet

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_244a791ac1ac44b69c9afb0561f1131f/nld@2026‑04‑16;1

verbeteren fietsroutes Gildenwijk en Stalkaarsen

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_476d30e956de4252be829e3bdbd4b44b/nld@2026‑04‑16;1

verbeteren fietsroutes Haarwijk

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_41c2fa5c4b2e463f936f285efa2ce8f9/nld@2026‑04‑16;1

verbinden met het gebied van de Schelluinsestraat

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_9d344c8f98144a51bbb3ca919ad59afb/nld@2026‑04‑16;1

verslag participatie

/join/id/regdata/gm0512/2026/Bijlage4verslagparticipatieWWW/nld@2026‑04‑16;1

Volkstuinen

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_3fea9c79baf74767be9d05de82ec302c/nld@2026‑04‑16;1

voormalige belastingkantoor

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_23bacbbd5e334adab9a758fde40e9b24/nld@2026‑04‑16;1

wanneer verwachten we te gaan inzetten op

/join/id/regdata/gm0512/2026/Bijlage2wanneerverwachtenwetegaaninzettenop/nld@2026‑04‑16;1

Wilhelminalaan erfgoed

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_f975b996a1384a33bddacea1875499fb/nld@2026‑04‑16;1

winkelstrip Kwakernaat

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_a0e45bb79d374f75a3cac74c09f883be/nld@2026‑04‑16;1

Woonwijken West

/join/id/regdata/gm0512/2026/locatie_27b3017b287142febe5acf65412214af/nld@2026‑04‑16;1