Regeling vervalt per 01-01-2031

Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland

Geldend van 01-05-2026 t/m 31-12-2030

Intitulé

Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lansingerland;

gelet op:

  • -

    artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Lansingerland 2018;

  • -

    titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht;

gelezen het voorstel BW2600048 van team Strategie en Samenleving, domein Samenleving;

gezien de Samenlevingsvisie zoals is vastgesteld door de gemeenteraad van Lansingerland op 23 februari 2023;

overwegende dat:

  • -

    het college het wenselijk vindt om bij nadere regeling vast te stellen welke activiteiten in aanmerking komen voor subsidie in het kader van de thema’s Bestaanszekerheid, Gezondheid, Kansengelijkheid en Leefbaarheid en veilige wijken;

besluit:

Vast te stellen de Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland.

Besloten is:

  • 1.

    De Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland (T26.00271) vast te stellen en per 1 mei 2026 in werking te laten treden.

  • 2.

    De Subsidieregeling Sociaal Domein en Cultuur 2024 (T23.01205) per direct in te trekken.

  • 3.

    De Subsidieregeling Samenleving 2025 (T24.01804) per 1 januari 2027 in te trekken.

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1. Doel van de subsidieregeling

De Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland is een nadere regeling op de Algemene subsidieverordening Lansingerland 2018 (ASV). Organisaties kunnen op basis van deze regeling subsidie aanvragen voor het uitvoeren van activiteiten die bijdragen aan de doelen die in de Samenlevingsvisie zijn opgenomen. Op basis van de Samenlevingsvisie draagt de gemeente bij aan vier thema’s in de samenleving: bestaanszekerheid, gezondheid, kansengelijkheid en leefbare & veilige wijken.

Artikel 2. Subsidiabele activiteiten

  • 1. Er kan subsidie worden aangevraagd voor activiteiten die bijdragen aan de vier thema’s uit de Samenlevingsvisie. Het college heeft dit vertaald naar de volgende hoofddoelen:

    • 1.

      Krachtige en Vitale Samenleving

    • 2.

      Kansrijk Opgroeien

    • 3.

      Grip op het leven

    • 4.

      Vitaal en waardig ouder worden

  • 2. Elk hoofddoel kent een aantal prioriteiten. In de hoofdstukken 2 tot en met 5 staan welke prioriteiten dit zijn, voor welke activiteiten subsidie kan worden aangevraagd en welke voorwaarden het college daaraan stelt.

  • 3. Het college vindt het belangrijk dat een aanvrager:

    • -

      de activiteiten - zeker voor jongeren - laat plaatsvinden in een rookvrije omgeving; en

    • -

      bij activiteiten zoveel mogelijk gezonde keuzes voor voeding en beweging stimuleert; en

    • -

      de zichtbaarheid en sociale acceptatie van groepen inwoners verhoogt en bijdraagt aan een inclusieve deelname aan de activiteiten.

Artikel 3. Voorwaarden voor meerjarensubsidie

  • 1. Het college kan een meerjarensubsidie verlenen voor:

    • -

      voortdurende activiteiten waarvoor het college twee of meer achtereenvolgende jaren subsidie heeft verleend; en

    • -

      waarbij bij de uitvoering van deze activiteiten minimaal 80% van de prestatieafspraken is behaald.

  • 2. Uit de aanvraag voor een meerjarensubsidie moet blijken dat deze is voor:

    • -

      activiteiten die zich richten op een wettelijke taak; en/of

    • -

      activiteiten die gekoppeld zijn aan één of meerdere prioriteiten uit de beleidsplannen; en/of

    • -

      activiteiten die gekoppeld zijn aan een ambitie/doel uit de Cultuurhuizennota.

  • 3. Een meerjarige subsidie wordt niet verleend indien:

    • -

      de subsidie voor een activiteit direct wordt vastgesteld;

    • -

      de organisatorische en/of financiële continuïteit van de aanvrager en/of de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd onvoldoende is gewaarborgd;

    • -

      indien niet wordt voldaan aan de voorwaarden uit lid 1 en 2.

  • 4. Het college verleent een meerjarensubsidie onder de voorwaarde dat de gemeenteraad voldoende subsidiebudget ter beschikking stelt. Indien dit budget tussentijds dwingt tot (onvoorziene) bezuinigingen, kan het college bij voortzetting van de subsidie een korting toepassen.

Artikel 4. Beoordelingskader

Op deze subsidieregeling zijn de volgende kaders van toepassing:

  • a.

    het juridisch kader: de Algemene subsidieverordening Lansingerland 2018 (ASV) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb);

  • b.

    het inhoudelijk kader: de Samenlevingsvisie met de daarbij behorende beleidsplannen Kansrijk opgroeien, Vitaal en Waardig ouder worden, Grip op het Leven, het Integraal Veiligheidsbeleid, het werkprogramma Vitaliteit, het werkprogramma tegen Huiselijk Geweld & Kindermishandeling en de Cultuurnota ‘Bruisen-binden-boeien’.

  • c.

    het financiële kader: de begroting van de jaren 2027 t/m 2030. De gemeenteraad stelt elk najaar het maximaal beschikbare subsidiebudget voor het daaropvolgende jaar vast.

Artikel 5. Algemene en specifieke voorwaarden

  • 1. Doelmatigheid en rechtmatigheid zijn twee belangrijke uitgangspunten die het college hanteert in het subsidieproces. Een subsidie is doelmatig én rechtmatig als de aanvrager én de aanvraag voldoen aan zowel de algemene, specifieke als aanvullende voorwaarden die het college stelt. Wanneer niet of onvoldoende aan de voorwaarden is voldaan, vormt dit een grond om de subsidieaanvraag (gedeeltelijk) af te wijzen.

  • 2. De algemene voorwaarden zijn:

    • -

      de aanvrager is een organisatie die rechtspersoonlijkheid bezit; en

    • -

      het doel van de organisatie is om zonder winstoogmerk producten of prestaties te leveren of activiteiten te verrichten; en

    • -

      de producten, prestaties en activiteiten zijn ten behoeve van de inwoners van de gemeente Lansingerland.

  • 3. De specifieke voorwaarden zijn:

    • -

      het moeten kunnen overleggen van een VOG: dit geldt voor zowel professionals als vrijwilligers die activiteiten uitvoeren voor (en/of betrokken zijn bij) kinderen tot 18 jaar of volwassenen met een verstandelijke beperking;

    • -

      organisaties die werken met beroepskrachten hebben de Meldcode HGKM (Huiselijk Geweld en Kindermishandeling) ingevoerd voor hun organisatie. Organisaties die werken met vrijwilligers zijn op de hoogte van deze meldcode. Zij weten hoe zij moeten handelen bij signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling;

    • -

      indien er zorgen zijn omtrent een ongezonde en/of onveilige ontwikkeling bij kinderen tot 18 jaar, maken professionals die activiteiten uitvoeren gebruik van de verwijsindex SISA (Samenwerkings- instrument Sluitende Aanpak);

    • -

      de activiteiten van een professionele organisatie voldoen aan wet- en regelgeving die passend is bij de betreffende branche;

    • -

      de activiteiten betreffen bij voorkeur evidence-based of goed onderbouwde activiteiten;

    • -

      alle professionals en vrijwilligers beschikken over deskundigheid die gebruikelijk is in het vakgebied, met eventueel aanvullende scholingen;

    • -

      de organisatie voldoet aan de Wet normering topinkomens;

    • -

      de organisatie voldoet aan de eisen van de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) en zet zich in voor een veilige uitwisseling en verwerking van persoonsgegevens (zie bijlage 1 Dataprotocol);

    • -

      organisaties die een subsidie ontvangen melden calamiteiten bij de betreffende toezichthouder (zie bijlage 2 Calamiteitenprotocol).

  • 4. De aanvullende voorwaarden zijn gekoppeld aan de activiteiten waarvoor subsidie kan worden aangevraagd. Zie hiervoor hoofdstuk 2 t/m 5.

Artikel 6. Aanvraagtermijn

  • 1. Een aanvraag voor subsidie wordt uiterlijk 1 juli voorafgaand aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft ingediend via de website van de gemeente Lansingerland.

  • 2. Aanvragen die na 1 juli worden ingediend kan het college buiten behandeling stellen.

  • 3. Het college kan in uitzonderlijke gevallen uitstel verlenen voor het indienen van de aanvraag, nadat een aanvrager hier vóór 1 juli schriftelijk om heeft verzocht.

Artikel 7. Vereisten aan de subsidieaanvraag

In aanvulling op de ASV moet de aanvraag voldoen aan de volgende vereisten:

  • 1. Een volledig ingevuld aanvraagformulier.

  • 2. Een activiteitenplan waarin de volgende onderdelen aan bod komen:

    • a.

      Aanleiding

      • -

        Aan welke vraag vanuit de samenleving komt de activiteit tegemoet.

    • b.

      Doelgroep

      • -

        Kwalitatieve omschrijving van de beoogde doelgroep.

      • -

        Kwantitatieve omschrijving van de beoogde doelgroep.

      • -

        De wijze waarop u de beoogde doelgroep bereikt.

    • c.

      Impact

      • -

        Het beoogde resultaat van de activiteit.

      • -

        Toelichting waarom deze activiteit een effectieve wijze is om het resultaat te bereiken.

      • -

        Toelichting waarom deze activiteit een efficiënte wijze is om het resultaat te bereiken.

      • -

        De impact op de samenleving die u met uw activiteit beoogt te bereiken.

    • d.

      Toelichting hoe u invulling geeft aan de aanvullende voorwaarden behorende bij de activiteit.

    • e.

      Beschrijving van de samenwerking met andere partijen in de gemeente.

    • f.

      Beschrijving van de wijze waarop uw organisatie omgaat met klachten.

    • g.

      Beschrijving van de wijze waarop u de mate van tevredenheid meet.

  • 3. Een begroting die voldoet aan onderstaande vereisten:

    • -

      Uit de begroting is op te maken uit welke componenten de kostprijs per activiteit bestaat en hoe de verdeling van deze elementen over de kostenprijs is (personele kosten, training/scholing, PR, huisvesting, etc.);

    • -

      Organisaties die meer dan € 7.500 subsidie per jaar aanvragen, voegen daarnaast een kosten- en dekkingsoverzicht van de organisatie toe.

  • 4. Voor een aanvraag voor een meerjarensubsidie ontvangt het college aanvullende documenten:

    • -

      Een meerjarenvisie met bijbehorend meerjarenplan (opgedeeld in jaren) welke aansluiten bij de doelen vanuit het gemeentelijk beleid; en

    • -

      Een sluitende meerjarenbegroting; en

    • -

      Een onderbouwing van wat de toegevoegde waarde is van een meerjarensubsidie, gekoppeld aan de te behalen impact en de doelen van het gemeentelijk beleid.

Artikel 8. Beoordeling van de subsidieaanvraag

  • 1. Het college beoordeelt de subsidieaanvraag als volgt:

    • a.

      Toets op compleetheid en juistheid

      Het college toetst eerst of de subsidieaanvraag compleet en juist is ingediend. Mochten er stukken ontbreken, dan stelt het college eenmaal een termijn om de ontbrekende of juiste stukken alsnog aan te leveren. Indien het college na afloop van de termijn de gevraagde stukken niet heeft ontvangen, beoordeelt hij de aanvraag op basis van de ingeleverde stukken.

    • b.

      Inhoudelijke toets

      Het college beoordeelt daarna of de aangevraagde subsidie bijdraagt aan de vier thema’s uit de Samenlevingsvisie aan de hand van de aanvraag, het ingediende activiteitenplan en het afwegingskader zoals opgenomen in artikel 10. Daarbij beoordeelt het college ook of uw aanvraag voldoet aan de algemene en specifieke voorwaarden uit artikel 5 en de aanvullende voorwaarden die horen bij de activiteit.

    • c.

      Financiële beoordeling

      Voldoet de aanvraag aan de inhoudelijke toets, dan bepaalt het college de hoogte van het subsidiebedrag. Dit is mede afhankelijk van de mate waarin de aanvraag aan de gestelde voorwaarden voldoet, de uitkomst van het afwegingskader en het beschikbare subsidiebudget.

  • 2. Bij de beoordeling van de aanvragen houdt het college rekening met de diversiteit in vraag en aanbod.

Artikel 9. Beschikbaar subsidiebudget

  • 1. De gemeenteraad stelt elk jaar het beschikbare subsidiebudget per beleidsveld vast.

  • 2. Voor meerjarensubsidies geldt dat deze jaarlijks maximaal geïndexeerd kunnen worden met het door de gemeenteraad vastgestelde indexatiepercentage.

Artikel 10. Verdeling van de subsidiemiddelen

  • 1. De activiteiten uit hoofdstuk 2 tot en met 5 waarvoor subsidie is aangevraagd, worden beoordeeld op maatschappelijke en/of culturele impact en efficiëntie. Deze beoordeling gebeurt per activiteit aan de hand van een afwegingskader.

  • 2. Het afwegingskader kent de volgende functies:

    • -

      het kader bepaalt in welke mate de aanvraag bijdraagt aan het gemeentelijk beleid zoals bedoeld in artikel 4, onder b, en het realiseren van de bijbehorende doelen. Dit kan invloed hebben op de hoogte van de subsidie;

    • -

      het kader wordt gebruikt als afweging wanneer meerdere partijen een aanvraag doen voor dezelfde activiteit, maar waarvoor slechts één partij voor subsidie in aanmerking komt;

    • -

      als afweging indien er bij een bepaald hoofddoel te weinig financiële middelen beschikbaar zijn om alle aangevraagde subsidies toe te kennen.

  • 3. Het afwegingskader bestaat uit de volgende elementen:

    • a.

      De mate waarin de activiteit een bijdrage levert aan minimaal één van de maatschappelijke en/of culturele doelen uit het gemeentelijk beleid en de resultaten hiervan ook zichtbaar worden gemaakt.

    • b.

      De mate van samenwerking met lokale organisaties, inwoners en andere maatschappelijke en/of culturele partners in Lansingerland waarbij er gestreefd wordt naar een samenhangende aanpak.

    • c.

      De mate waarin de activiteiten een duurzame preventieve werking hebben en/of inzet van maatwerk voorkomen.

    • d.

      De mate van bereik van de activiteit (verschillende doelgroepen, spreiding over kernen en aantal deelnemers, nieuwe deelnemers etc.).

    • e.

      De mate waarin rekening wordt gehouden met diversiteit, inclusie en cultuursensitiviteit.

  • 4. Op elk element kan maximaal 10 punten gescoord worden, in totaal maximaal 50 punten.

    De verdeling van punten is als volgt:

    Maatschappelijke en/of culturele impact en efficiëntie van de activiteit

    Score in punten

    Voldoet uitstekend aan het beschreven element, heeft verrassend veel meerwaarde voor de gemeente en is onderscheidend

    10

    Voldoet goed aan het beschreven element en heeft veel meerwaarde voor de gemeente

    7

    De activiteit voldoet voldoende aan het beschreven element en heeft voldoende meerwaarde voor de gemeente

    5

    De activiteit voldoet matig aan het beschreven element en heeft beperkte meerwaarde voor de gemeente

    3

    De activiteit voldoet niet aan het beschreven element en heeft geen meerwaarde

    0

  • 5. Bij activiteiten waarvoor slechts één organisatie in aanmerking kan komen voor subsidie, kent het college de subsidie toe aan de aanvrager met de hoogste score.

  • 6. Wanneer de puntenverdeling tot gevolg heeft dat meerdere aanvragers voor eenzelfde activiteit een gelijk aantal punten scoren, past het college deze volgorde toe om te bepalen welke aanvrager voor subsidie in aanmerking komt:

    • -

      De hoogste score op element c telt het zwaarst;

    • -

      Vervolgens telt de hoogste score op element a het zwaarst;

    • -

      Dan telt de hoogste score op element d het zwaarst;

    • -

      Daarna telt de hoogste score op element b het zwaarst;

    • -

      Tot slot telt de hoogste score op element e het zwaarst.

  • 7. Indien na toepassing van het vorige lid nog steeds een gelijke rangschikking bestaat, dan wordt door loting bepaald welke aanvrager voor de subsidie in aanmerking komt.

Artikel 11. Weigering van de (meerjaren)subsidie

In aanvulling op artikel 11 van de ASV kan het college de subsidie (deels) weigeren als:

  • a.

    de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn om de aanvraag te kunnen beoordelen;

  • b.

    deze wordt aangevraagd voor een activiteit die op grond van deze regeling niet subsidiabel is;

  • c.

    de activiteit onder een andere specifieke subsidieregeling van de gemeente Lansingerland hoort;

  • d.

    naar het oordeel van het college sprake is van een activiteit waarin al op andere financiële wijze is of wordt voorzien;

  • e.

    de activiteit in totaal nul punten scoort op maatschappelijke en/of culturele impact en efficiëntie, zoals bedoeld in artikel 10 lid 4;

  • f.

    er naar oordeel van het college in de gemeente Lansingerland al voldoende aanbod is dat in de vraag voorziet;

  • g.

    er sprake is van belangenverstrengeling en/of commercieel belang;

  • h.

    uit de financiële beoordeling van de aanvraag blijkt dat de aangevraagde subsidie hoger is dan hetgeen noodzakelijk is voor de uitvoering van de activiteit;

  • i.

    er naar oordeel van het college onvoldoende aangetoond is dat het verlenen van een meerjarensubsidie van toegevoegde waarde is;

  • j.

    voor dezelfde activiteit al een meerjarensubsidie is verleend;

  • k.

    het door de gemeenteraad beschikbaar gestelde subsidiebudget volledig benut is.

Artikel 12. Beslistermijn

  • 1. Het college neemt binnen 13 weken nadat de gemeenteraad de begroting heeft vastgesteld een besluit op de aanvraag.

  • 2. Het college kan deze termijn met maximaal acht weken verlengen en stelt de aanvrager hiervan op de hoogte.

  • 3. Het college neemt op een aanvraag voor subsidie tot en met € 7.500 direct een besluit tot vaststelling van de subsidie.

Artikel 13. Betaling

De betaling van de subsidie is als volgt ingedeeld:

  • -

    een subsidie tot en met € 7.500: in één keer;

  • -

    een subsidie van € 7.501 tot en met € 50.000: in twee termijnen per jaar;

  • -

    een subsidie van meer dan € 50.000: in vier termijnen per jaar.

Artikel 14. Inlichtingenplicht en tussentijds verantwoorden

  • 1. De subsidieontvanger informeert het college gedurende het subsidiejaar over relevante ontwikkelingen die invloed (kunnen) hebben op de uitvoering van de activiteit(en).

  • 2. Subsidieontvangers die een subsidie tussen € 7.500 en € 50.000 dienen twee keer per jaar een tussentijdse verantwoording in.

  • 3. Subsidieontvangers die meer dan € 50.000 ontvangen dienen maximaal vier keer per jaar een tussentijdse verantwoording in. Bij de verleningsbeschikking wordt bepaald welke frequentie van toepassing is.

Artikel 15. Aanvraag tot vaststelling

  • 1. Een aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt uiterlijk 1 juni van het jaar na het jaar waarin de gesubsidieerde activiteiten zijn verricht ingediend via de website van de gemeente Lansingerland.

  • 2. In aanvulling op artikel 17 van de ASV, bestaat de aanvraag tot vaststelling ook uit:

    • -

      een rapportage over de uitvoering, resultaten, effecten en impact van de activiteit(en); en

    • -

      een verslag waaruit blijkt hoe de subsidieontvanger terugkijkt op de uitvoering van de activiteit(en) en (eventueel) aanleiding ziet om verbeteringen door te voeren.

  • 3. In afwijking van artikel 18, lid 3, van de ASV dient de subsidieontvanger een controleverklaring in over de besteding van de subsidie.

  • 4. Subsidieontvangers die een subsidie tot en met € 7.500 hebben ontvangen, hoeven geen aanvraag in te dienen. Die subsidie is met de verlening direct vastgesteld conform artikel 12, lid 3. De subsidieontvangers dienen vóór 1 juni van het jaar na het jaar waarin de gesubsidieerde activiteit is verricht wel een verslag in te dienen. Uit dit verslag blijkt in ieder geval dat de activiteit is verricht en of de beoogde doelgroep (zowel kwantitatief als kwalitatief) aanwezig was.

  • 5. In afwijking van artikel 19, lid 1 van de ASV, stelt het college de subsidie binnen 20 weken na 1 juni vast.

Artikel 16. Toepassing van de Wet Bibob

  • 1. Het college kan bij de behandeling van een aanvraag of bij een reeds genomen besluit een onderzoek starten in het kader van de Wet Bibob, wanneer sprake is van een omstandigheid als bedoeld in die wet en de Beleidsregels Bibob 2025 Lansingerland.

  • 2. Het onderzoek vindt plaats op de wijze zoals beschreven in de Beleidsregel Bibob 2025 Lansingerland en kan een opschortende werking hebben op de beslistermijnen genoemd in deze subsidieregeling.

  • 3. Het onderzoek kan leiden tot (gedeeltelijke) weigering van de aanvraag en/of de intrekking of wijziging van het reeds genomen subsidiebesluit.

Artikel 17. Hardheidsclausule

  • 1. Het college kan van de bepalingen uit deze subsidieregeling afwijken als daaraan vasthouden voor een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te dienen belangen.

  • 2. In de gevallen waarin deze regeling niet voorziet besluit het college.

Artikel 18. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Deze subsidieregeling treedt in werking op 1 mei 2026 en vervalt op 1 januari 2031.

  • 2. Deze subsidieregeling wordt aangehaald als de Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland.

Hoofdstuk 2 Krachtige en vitale samenleving

Doel van de subsidiabele activiteiten

Met de activiteiten uit dit hoofddoel dragen we bij aan de samenleving als geheel. Het hoofddoel ‘krachtige en vitale samenleving’ bestaat uit vijf thema’s. Om hieraan bij te dragen kan het college een subsidie verstrekken voor de hieronder genoemde activiteiten.

Let op! Naast de voorwaarden die benoemd staan bij de activiteiten dient aanvrager ook te voldoen aan de voorwaarden die gesteld zijn in artikel 5 (Algemene en specifieke voorwaarden) van deze subsidie-regeling.

Overzicht van de thema’s en alle subsidiabele activiteiten

Hoofddoel 1 Krachtige en vitale samenleving

Thema

Activiteit

A. Een veerkrachtige samenleving

A1. Advisering door inwoners

 

A2. Bijeenkomsten en trainingen om de samenleving te versterken

 

A3. Informatiepunt voor vrijwilligers

 

A4. Hulp door vrijwilligers

 

A5. Informatiepunt voor mantelzorgers en verzorgers van kinderen met een handicap of beperking

 B. Een leefbare en veilige samenleving

B1. Slachtofferhulp

 

B2. Buurttoezicht en buurtpreventie

 

B3. Buurtbemiddeling

 

B4. Hartveilige gemeente

C. Een inclusieve samenleving

C1. Antidiscriminatievoorziening

D. Een gezonde samenleving

D1. Verslavingspreventie

 

D2. Ondersteuning voor mantelzorgers door vrijwilligers of professionals

E. Een passend aanbod van culturele en sportieve voorzieningen en activiteiten

E1. Bibliotheekwerk

 

E2. Informatiepunt Digitale Overheid

E3. Cultuuronderwijs

 

E4. Cultuurparticipatie en cultuureducatie

 

E5. Cultuurhistorie, erfgoed en archeologie

 

E6. Lokale media

 

E7. Versterken van cultuurhuizen

E8. Versterken samenwerking sportverenigingen

Thema A. Een veerkrachtige samenleving

A1: Advisering door inwoners

Omschrijving

Activiteiten gericht op het vanuit georganiseerd verband verstrekken van advies aan het college van B&W aangaande beleidsontwikkeling met een relatie tot het Sociaal Domein.

Voorwaarden

  • Zie Hoofdstuk 3 van de Verordening Sociaal Domein 2023.

Overig

  • Naast het kostendekkende budget financieren wij ook vacatiegelden van de leden.

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het betreft hier het door de gemeente Lansingerland ingestelde adviesorgaan zoals benoemd in de Verordening Sociaal Domein 2023.

A2: Bijeenkomsten en trainingen om de samenleving te versterken

Omschrijving

  • a.

    EHBO- en reanimatiescholing

    Cursussen en/of scholing die zich richt op het inzetten van eerste hulp bij een ongeluk of een hartstilstand.

  • b.

    Informatieve bijeenkomsten (cafés)

    Reguliere thematische bijeenkomsten die betrekking hebben op specifieke gezondheidsproblemen, ziektes of stoornissen. De bijeenkomsten zijn gericht op het geven van informatie, lotgenoten contact en/of respijtzorg.

  • c.

    Informatieve trainingen

    Trainingen voor vrijwilligers, mantelzorgers en professionals in de omgeving van de inwoner. De trainingen richten zich op het vergroten van deskundigheid op het gebied van signaleren en terugdringen van onder andere mentale problemen, sociaal isolement en overgewicht. Ook betreffen het trainingen voor mantelzorgers gericht op het omgaan met de problematiek van naasten.

Voorwaarden

  • De activiteiten zijn gericht op het verstrekken van informatie over onderwerpen die onder de verantwoordelijkheid van de Wmo, Jeugdwet en Wet publieke gezondheid vallen.

  • a.

    EHBO- en reanimatiescholing

    • De organisatie is actief betrokken bij de samenleving, wat zich uit in voorlichting op scholen en aanwezigheid bij evenementen.

  • b.

    en c. Informatieve bijeenkomsten en trainingen

    • De informatieve trainingen en lotgenotencafés richten zich zowel op het aantrekken van nieuwe deelnemers als op ondersteuning van bekende deelnemers;

    • Bijeenkomsten worden georganiseerd door vrijwilligers, waar nodig met behulp van professionals;

    • Voor de informatieve bijeenkomsten dient één organisatie namens de andere samenwerkende organisaties een aanvraag in.

A3. Informatiepunt voor vrijwilligers

Omschrijving

Een informatiepunt voor vrijwilligers richt zich op het ondersteunen van vrijwilligerswerk in Lansingerland door de volgende twee activiteiten:

  • -

    Het werven van vrijwilligers en ondersteunen in het matchen van organisaties en vrijwilligers;

  • -

    Het toegankelijk en zichtbaar maken van vrijwilligerswerk in Lansingerland.

Het informatiepunt richt zich op alle inwoners van Lansingerland maar dient extra aandacht te hebben voor de volgende doelgroepen:

  • -

    Net gepensioneerde inwoners: de actieve 67’ers;

  • -

    Mensen die werkervaring willen opdoen als opstap naar werk. Denk hierbij aan inwoners met een migratieachtergrond;

  • -

    Nieuwe inwoners die zich vestigen in Lansingerland.

Voorwaarden

  • Het aanbod van diensten en cursussen sluit aantoonbaar aan op de ondersteuningsbehoefte van vrijwilligers (organisaties);

  • Het aanbod leidt tot een toename van het aantal vrijwilligers uit verschillende doelgroepen;

  • Er is aantoonbare samenwerking met vertegenwoordigers uit verschillende aandachtgebieden en met het informatiepunt voor mantelzorgers;

  • De organisatie heeft een aantoonbare nauwe binding met de Lansingerlandse samenleving;

  • Bij de uitvoering van taken worden zoveel mogelijk vrijwilligers ingezet;

  • De organisatie biedt de ruimte om het aanbod nader af te stemmen op de speerpunten van de gemeente op het gebied van vrijwilligers.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling.

A4. Hulp door vrijwilligers

Omschrijving

De activiteiten worden verricht in en om het huis en zijn gericht op het voorkomen van overbelasting, zoals hulp bij praktische zaken, oppashulp, palliatieve zorg of respijtzorg.

Voorwaarden

  • Voor deze activiteiten betaalt de inwoner een passende bijdrage;

  • Bij voorkeur vinden de activiteiten op regelmatige basis plaats;

  • De organisatie werkt met vrijwilligers die onder aansturing staan van een coördinator.

A5. Informatiepunt voor mantelzorgers en verzorgers van kinderen met een handicap of beperking

Omschrijving

Een informatiepunt mantelzorgers en verzorgers voor moet zich in ieder geval richten op:

  • a.

    Coördinatie en afstemming van

    • Het ondersteuningsaanbod voor mantelzorgers en verzorgers in Lansingerland;

    • Het onderhouden en verbreden van het netwerk van aanbieders van mantelzorgondersteuning.

  • b.

    Bekendheid en promotie

    • Vergroten van de zichtbaarheid en de bekendheid van ondersteuningsmogelijkheden voor mantelzorgers en verzorgers;

    • Het organiseren van de jaarlijkse mantelzorgdag.

  • c.

    Informatie, advies en ondersteuning

    • Het aanbieden van informatie, advies en ondersteuning aan mantelzorgers en verzorgers, onder andere gericht op het voorkomen van overbelasting.

  • d.

    Deskundigheidsbevordering

    • Het bieden van deskundigheidsbevordering voor mantelzorgers en verzorgers.

  • e.

    Innovatie en ontwikkeling

    • Inzet op een vernieuwend ondersteuningsaanbod, mede voor de nieuwe doelgroepen waar de gemeente voor verantwoordelijk is.

Voorwaarden

  • Het steunpunt is laagdrempelig bereikbaar, afgestemd op de behoefte van de doelgroep;

  • Het steunpunt is bezet door ten minste één professional.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling.

Thema B. Een leefbare en veilige samenleving

B1. Slachtofferhulp

Omschrijving

Aanbod van kosteloze en toegankelijke professionele hulp voor slachtoffers, getuigen en nabestaanden.

Voorwaarden

  • De organisatie biedt hulp aan slachtoffers, getuigen en nabestaanden van (mogelijk) strafbare feiten, verkeersongevallen, rampen en calamiteiten en bevordert de sociale weerbaarheid;

  • De organisatie is het hele jaar door bereikbaar en biedt laagdrempelige, kosteloze hulp;

  • De organisatie biedt op maat gemaakte (na)zorg, afhankelijk van de specifieke behoeften van de betrokkenen, met aandacht voor zowel emotionele behoeften als praktische en juridische hulp;

  • De organisatie biedt 24/7 psychosociale hulp en opvang ter plaatse bij rampen en crisissituaties,

  • De organisatie biedt duidelijke, toegankelijke informatie en advies over rechten, beschikbare hulp en herstelstappen, afgestemd op de situatie van het slachtoffer;

  • De organisatie werkt actief samen met (lokale) zorgprofessionals, veiligheidsinstanties en andere relevante partners.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling.

B2. Buurttoezicht en buurtpreventie

Omschrijving

Deze activiteit richt zich op het versterken van de sociale cohesie en het verhogen van de veiligheid en leefbaarheid in onze buurten.

Voorwaarden

  • De organisatie biedt actief buurttoezicht, waarbij buurtbewoners en vrijwilligers alert zijn op verdachte situaties en preventief optreden om criminaliteit en overlast te voorkomen;​

  • De organisatie maakt afspraken met de gemeente over de frequentie en de hoogte van de inzet van buurtpreventie;

  • De organisatie werkt samen met gemeente, politie en andere lokale partners om de veiligheid en leefbaarheid in de buurt te verbeteren;

  • De organisatie organiseert preventieve activiteiten, zoals buurt-wandelingen, voorlichting en het bevorderen van sociale cohesie, om risico’s op criminaliteit en overlast te terug te dringen;

  • De organisatie zorgt voor open communicatiekanalen met buurtbewoners, zodat meldingen snel en effectief opgevolgd kunnen worden.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling;

  • Richtinggevend budget is € 5.000.

B3. Buurtbemiddeling

Omschrijving

Het bieden van buurtbemiddeling bij problemen tussen buren.

Voorwaarden

  • De organisatie zet burgers in hun kracht bij het oplossen van problemen in de wijk;

  • De organisatie richt zich met name op de vrije sector en koopwoningen;

  • De organisatie werkt samen met onder andere Buurttoezicht, wijkagenten en maatschappelijk werk;

  • De organisatie houdt evaluatiegesprekken met de burger en vrijwilliger. De input hieruit gebruikt de organisatie om de kwaliteit en het aanbod te verbeteren en/of uit te breiden;

  • De organisatie biedt in 25-50 zaken per jaar buurtbemiddeling.

B4. Hartveilige gemeente

Omschrijving

Het aanbod richt zich op het versterken van de hartveiligheid in de gemeente Lansingerland.

Voorwaarden

  • De activiteit richt zich op het trainen van inwoners van Lansingerland in reanimatie en AED-gebruik;

  • De activiteit is toegankelijk voor alle inwoners van Lansingerland.

Thema C. Een inclusieve samenleving

C1. Antidiscriminatievoorziening

Omschrijving

Toegang tot een laagdrempelige voorziening ter behandeling van klachten over discriminatie.

Het gaat om de volgende taken:

  • Het verlenen van onafhankelijke bijstand aan personen bij de afwikkeling van hun klachten door:

    • -

      Het bieden van eerste ondersteuning bij klachten;

    • -

      Het verstrekken van informatie en – waar nodig – van advies over mogelijk door de klager te ondernemen stappen.

  • Het registreren van de klachten;

  • Het opstellen van de rapportage aan de minister;

  • Het beantwoorden van vragen van inwoners over discriminatie.

Voorwaarden

  • Inwoners kunnen hun klacht per post, elektronisch, telefonisch en persoonlijk indienen.

Thema D. Een gezonde samenleving

D1. Verslavingspreventie

Omschrijving

Activiteiten gericht op voorkomen van problemen op het gebied van middelengebruik, gokken/gamen of een andere vorm van verslaving. Dit bevat in ieder geval de volgende activiteiten:

  • De organisatie zet in op het opleiden/bijscholen van professionals in het signaleren en ondersteunen van inwoners met problematiek op het gebied van middelengebruik, gokken/gamen en verslaving;

  • De organisatie biedt ondersteuning en/of begeleiding aan inwoners met problematiek op het gebied van middelengebruik, gokken/gamen of verslaving.

Voorwaarden

  • Alle activiteiten, zowel preventief als repressief, zijn gebaseerd op het informatie-instrument ‘Lokaal samenwerken aan verslavingspreventie’ van Verslavingskunde Nederland;

  • De organisatie werkt samen met de afdeling Veiligheid van de gemeente Lansingerland en de overige professionals die raakvlak hebben met de activiteiten.

D2. Ondersteuning voor mantelzorgers door vrijwilligers of professionals

Omschrijving

Workshops waarin mantelzorgers ondersteund worden in de zorg voor hun naaste(n) en waar aandacht is voor het welbevinden van de mantelzorger. Het doel is om de mantelzorgers handvatten te geven om overbelasting te voorkomen.

Voorwaarden

  • De organisatie werkt samen met het steunpunt mantelzorg;

  • Het betreft kortdurende ondersteuning.

Thema E. Een passend aanbod van culturele en sportieve voorzieningen en activiteiten

E1. Bibliotheekwerk

Omschrijving

Het vervullen van een bibliotheekfunctie gericht op de vijf wettelijke taken:

  • Ter beschikking stellen van kennis en informatie;

  • Bieden van mogelijkheden voor ontwikkeling en educatie;

  • Bevorderen van het lezen en het laten kennismaken met literatuur;

  • Organiseren van ontmoeting en debat;

  • Laten kennismaken met kunst en cultuur.

Voorwaarden

  • Ten aanzien van het bibliotheekwerk gelden de bepalingen van de Bibliotheekwet. De inhoudelijke voorwaarden zijn nader uitgewerkt in de Beleidsnota Bibliotheek Lansingerland;

  • De activiteiten kunnen gericht zijn op alle doelgroepen;

  • Jaarlijks wordt een uitvoeringsovereenkomst in de vorm van een resultaatgerichte, beleidsgestuurde contractfinanciering aangegaan tussen drie partijen (gemeente Lansingerland, gemeente Pijnacker-Nootdorp en de organisatie die het Bibliotheekwerk in Lansingerland uitvoert). Deze overeenkomst wordt uiterlijk vastgesteld op 31 december van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar en ondertekend door de drie genoemde partijen;

  • De uitvoeringsovereenkomst bevat een nadere uitwerking van de inhoudelijke voorwaarden die door de betrokken gemeenten zijn vastgelegd in hun beleidskader.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling;

  • Het betreft hier een lokaal gewortelde organisatie met bestaande samenwerkingsrelaties, een groot bereik binnen de doelgroep en een lokale infrastructuur.

E2. Informatiepunt Digitale Overheid

Omschrijving

Informatiepunten Digitale Overheid zijn fysieke, laagdrempelige hulppunten waar burgers terecht kunnen voor:

  • Hulp bij het digitale verkeer met publieke en private dienstverleners;

  • Het volgen van en begeleiding naar cursussen digitale vaardigheden;

  • Informatie over de digitale samenleving;

  • Algemene inhoudelijke informatie over publieke en private dienstverleners;

  • Doorverwijzing naar de bevoegde publieke dienstverlener of professionele hulpverlener.

Voorwaarden

  • Ten aanzien van de Informatiepunten Digitale Overheid blijven de bepalingen zoals vastgelegd in de, intussen ingetrokken, Rijksregeling specifieke uitkering Informatiepunten Digitale Overheid gelden.

  • Het activiteitenplan biedt inzicht in de verdeling van verantwoordelijkheden tussen gemeente en subsidieontvanger op het gebied van:

    • de promotie van de Informatiepunten Digitale Overheid bij inwoners van Lansingerland;

    • het voeren van de regie over het netwerk van organisaties rond de Informatiepunten Digitale Overheid die voor de inwoners van de gemeente relevant zijn.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling.

E3. Cultuuronderwijs

Omschrijving

De organisatie draagt bij aan de ondersteuning en ontwikkeling van scholen en culturele instellingen middels kwalitatief binnen schools cultuuronderwijs. Specifiek richt de organisatie zich op het ondersteunen van het primair onderwijs op het gebied van kunst en cultuur. Dit doet de organisatie middels het bieden van workshops op school door lokale culturele aanbieders, deskundigheidsbevordering van leerkrachten (via vraaggerichte trainingen), co-teaching, inspiratie en het bevorderen van de samenwerking tussen scholen en culturele aanbieders.

Door middel van de stimulering van goed cultuuronderwijs voor ieder kind draagt de organisatie bij aan de ontwikkeling van jonge mensen tot kritische volwassenen met creatieve vaardigheden, een brede blik op de wereld en kennis van 21-eeuwse vaardigheden zoals verbeeldingskracht, waarnemingsvermogen en communicatieve vaardigheden.

Voorwaarden

  • De activiteiten zijn gericht op implementatie, verdieping en borging van cultuureducatie in het primair onderwijs middels culturele leerlijnen.

  • De organisatie richt zich op de doelstellingen van het programma Cultuureducatie met Kwaliteit en heeft als doel goed cultuuronderwijs op elke school en voor ieder kind te borgen. Dat doel wordt bereikt door activiteiten uit te voeren die:

    • o

      een inhoudelijke basis te bieden met lesontwikkeling en doorlopende leerlijnen;

    • o

      deskundigheid van leraren en educatief medewerkers van cultuurinstellingen te verbeteren;

    • o

      duurzame samenwerking tussen scholen en culturele instellingen te stimuleren.

Overig

  • Slechts één organisatie komt voor subsidie van deze activiteit in aanmerking, namelijk de uitvoerende organisatie benoemd in de Samenwerkingsovereenkomst CmK-4 (2025-2028);

  • De subsidiering omvat de directe matching van Rijksregeling Cultuureducatie met Kwaliteit.

E4. Cultuurparticipatie en cultuureducatie

Omschrijving

Laagdrempelige recreatieve culturele en kunstactiviteiten (o.a. lesprogramma’s, presentaties en programmering) die toegankelijk zijn voor alle inwoners en waar inwoners in groepsverband in hun vrije tijd aan kunnen deelnemen om cultuur te ervaren en beleven. Inwoners zijn in de gelegenheid om kunst en cultuur te ervaren, elkaar te ontmoeten en hun sociale netwerk duurzaam op te bouwen en uit te breiden. Activiteiten kunnen voor alle doelgroepen worden georganiseerd.

Voorwaarden

  • De activiteiten dragen bij aan het vergroten van de betrokkenheid, samenwerking, verbinding en inspiratie van inwoners.

  • De activiteiten verrijken de kennis van de deelnemers, dragen bij aan behoud en ontwikkeling van creativiteit en inspiratie en dragen middels ontmoeting bij aan het vergroten van de sociale cohesie in de gemeente.

  • De activiteiten vinden plaats in een accommodatie of in de buitenruimte (wanneer nodig regelt de organisatie de vergunning).

  • De activiteiten worden georganiseerd door vrijwilligersorganisaties zoals verenigingen, professionele organisaties, maar kunnen ook in samenwerking tussen organisaties worden georganiseerd.

Organisaties die zich bezighouden met activiteiten op het gebied van cultuurparticipatie:

  • zijn laagdrempelig;

  • richten zich op de ontplooiing en talentenontwikkeling van hun leden/deelnemers;

  • zetten waar mogelijk vrijwilligers in;

  • heffen een contributie of deelnemersbijdrage of zorgen voor externe sponsoring;

  • organiseren en begeleiden presentaties op een gedegen manier;

  • worden in de gemeente Lansingerland georganiseerd.

De culturele en kunst activiteiten gericht op cultuurparticipatie en talentontwikkeling:

  • hebben de vorm van een lesprogramma of een aanvulling hierop.

De presentaties van kunst en cultuur van lokale organisaties:

  • stellen het werk tentoon en/of presenteren het werk van meerdere participanten uit Lansingerland;

  • zijn bij voorkeur aanvullend op of afsluitend aan een lesprogramma.

De programmering en vertoning van (professionele) voorstellingen op het gebied van o.a. kunst, theater en film:

  • bieden een podium aan Lansingerlandse kunstbeoefenaars en daarbuiten;

  • worden afgestemd op basis van de behoefte van inwoners.

Voor professionele organisaties geldt dat:

  • lessen worden verzorgd door professionele vakkrachten;

  • het uitgangspunt is dat het honorarium van de professionele vakkrachten in lijn is met de Fair Practice Code.

E5. Cultuurhistorie, erfgoed en archeologie

Omschrijving

Laagdrempelige activiteiten waarmee de cultuurhistorie en erfgoed van Lansingerland onder de aandacht worden gebracht van de inwoners. Activiteiten kunnen voor alle doelgroepen worden georganiseerd.

De activiteiten verrijken de kennis van de deelnemers, dragen bij aan het doorgeven van kennis over en behoud van het materieel en immaterieel erfgoed, ontwikkeling van de eigen identiteit en dragen middels ontmoeting bij aan het vergroten van de sociale cohesie. Identiteit, betrokkenheid, samenwerking en inspiratie staan centraal.

Voorwaarden

  • De activiteiten richten zich op het ervaren van cultuurhistorie en erfgoed;

  • De activiteiten kunnen plaatsvinden in een accommodatie of in de buitenruimte (wanneer nodig regelt de organisatie de vergunning);

  • De activiteiten worden georganiseerd door vrijwilligersorganisaties zoals verenigingen, professionele organisaties, maar kunnen ook in samenwerking tussen organisaties worden georganiseerd.

Organisaties die erfgoed- en cultuurhistorische activiteiten organiseren:

  • zijn laagdrempelig toegankelijk;

  • richten zich op de kennisoverdracht aan en ontplooiing van hun leden en bezoekers;

  • zetten waar mogelijk vrijwilligers in;

  • heffen een contributie of deelnemersbijdrage of zorgen voor externe sponsoring;

  • zijn in Lansingerland gevestigd en organiseren binnen de gemeente hun activiteiten;

  • werken waar mogelijk samen met andere lokale en landelijke historische organisaties.

Overig

  • Investeringen in gemeentelijke, rijks- of archeologische monumenten komen niet voor subsidie in aanmerking.

E6. Lokale media

Omschrijving

Media-activiteiten die bijdragen aan de brede verspreiding van onafhankelijk nieuws en informatie binnen de gemeente en regio. Binnen deze activiteiten vallen in ieder geval de verspreiding van onafhankelijk nieuws en informatie, het bijdragen aan toegankelijkheid van media voor alle inwoners en het stimuleren van betrokkenheid bij actuele onderwerpen.

Voorwaarden

Volgens de Mediawet 2008 geldt er een instandhoudingsverplichting voor gemeenten voor de lokale media. Indien de Mediawet wordt herzien, past de gemeente de subsidiering hierop aan. De organisatie dient zich te houden aan de vereisten binnen de Mediawet. Doel van de activiteiten is om inwoners goed te informeren, hun betrokkenheid bij actuele ontwikkelingen te vergroten en toegang te bieden tot toegankelijke media.

Conform de Mediawet 2008 moet de aanvrager:

  • een rechtspersoon zijn met volledige rechtsbevoegdheid;

  • zich volgens de statuten uitsluitend of hoofdzakelijk ten doel stellen op lokaal niveau de publieke mediaopdracht uit te voeren;

  • volgens de statuten een orgaan hebben dat het beleid voor het media-aanbod bepaalt en de leden van dat orgaan moeten representatief zijn voor de inwoners van de gemeente(n).

Overig

  • Slechts één organisatie komt voor subsidie van deze activiteit in aanmerking, namelijk de lokale organisatie die de aanwijzing voor de zendmachtiging heeft ontvangen van het Commissariaat van de Media.

E7. Versterken van cultuurhuizen

Omschrijving

Laagdrempelige recreatieve culturele presentaties, kunstactiviteiten, filmvertoningen, (professionele) voorstellingen en activiteiten in samenwerking met culturele partijen. Deze activiteiten zijn toegankelijk voor alle inwoners en gericht op alle doelgroepen. Inwoners kunnen in groepsverband of individueel in hun vrije tijd aan activiteiten deelnemen om cultuur te ervaren en beleven. Inwoners zijn in de gelegenheid om kunst en cultuur te ervaren, elkaar te ontmoeten en hun sociale netwerk duurzaam uit te breiden. Betrokkenheid, samenwerking, verbinding en inspiratie staan centraal.

Deze subsidie draagt bij aan de sluitende exploitatie van Cultuurhuis Casa Cadanza. De totaalexploitatie van Cultuurhuis Casa Cadanza omvat naast gesubsidieerde culturele activiteiten verder ook (commerciële) verhuur en horeca, waarmee de totaalexploitatie rondkomt.

Organisatie voorwaarden

  • De organisatie is een btw-plichtige organisatie die economische prestaties levert volgens het 90% criterium voor btw-belaste prestaties.

  • De organisatie heft voor activiteiten een deelnemersbijdrage waarbij de niet economische (gratis) activiteiten een nauwe samenhang hebben met de economische prestaties (betalend).

  • De organisatie zorgt voor externe sponsoring, fondsen en verhuurt volgens de norm van meeromvattende prestaties.

Inhoudelijke voorwaarden

  • De organisatie zet waar mogelijk vrijwilligers in.

  • De activiteiten zijn gericht op het opbouwen en onderhouden van het sociale netwerk middels kunst en cultuur.

  • De activiteiten verrijken de kennis van de deelnemers op het gebied van kunst en cultuur, dragen bij aan behoud en ontwikkeling van creativiteit en inspiratie en dragen middels ontmoeting bij aan het vergroten van de sociale cohesie in de gemeente.

  • De activiteiten vinden plaats in de accommodatie Cultuurhuis Casa Cadanza of in de buitenruimte (wanneer nodig regelt de organisatie de vergunning).

  • De activiteiten kunnen in samenwerking met andere organisaties worden georganiseerd.

  • De organisatie heeft een gedragscode integriteit en een bestuursreglement en voldoet aan de drie culturele codes (Code Cultural Governance, Code Diversiteit & Inclusie en de Fair Practice Code). De organisatie levert hiertoe een uitvoeringsovereenkomst waarin de resultaten voor het jaar worden beschreven. Daarbij geeft de organisatie inzicht in de meerjarige financiën. Deze overeenkomst wordt uiterlijk vastgesteld op 31 december van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar.

De activiteiten op het gebied van cultuurparticipatie en –educatie, amateur- en professionele kunst, film en theater en de verbinding van cultuur:

  • worden georganiseerd in groepsverband;

  • lessen worden verzorgd door professionele vakkrachten;

  • worden in de gemeente Lansingerland georganiseerd.

De presentaties van kunst en cultuur:

  • worden op een gedegen en professionele manier georganiseerd en begeleid;

  • stellen het werk tentoon en/of presenteren het werk van meerdere participanten uit Lansingerland;

  • zijn bij voorkeur aanvullend op of afsluitend aan een lesprogramma;

  • worden in de gemeente Lansingerland georganiseerd.

De programmering en vertoning van (professionele) voorstellingen op het gebied van o.a. kunst, theater en film:

  • worden professioneel geselecteerd;

  • worden afgestemd op basis van de behoefte van inwoners van Lansingerland.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling.

E8. Versterken samenwerking sportverenigingen

Omschrijving

Het versterken van samenwerking tussen minimaal twee sportverenigingen op één sportpark of in één sporthal. De aanvrager organiseert samen activiteiten, voorzieningen of gezamenlijke inkoop.

Voorbeelden zijn: een rookvrije sportaccommodatie, activiteiten tijdens de Nationale Sportweek, een open sportpark en het delen van kennis en ervaringen.

Voorwaarden

  • De aanvrager benut kansen die verder gaan dan de eigen sportclubs. De aanvrager legt bijvoorbeeld contact met externe partijen, zoals de gemeente, het onderwijs, welzijnsorganisaties en sportbonden.

  • De aanvragende vereniging is gevestigd in de gemeente Lansingerland.

  • De activiteiten vinden plaats op een gemeentelijk sportpark, in een gemeentelijke binnensport-accommodatie of op een sportveld in de openbare ruimte.

  • De vereniging werkt niet alleen samen met andere sportverenigingen, maar ook met partners uit het sociaal domein, zoals onderwijs, zorg en welzijn.

  • De aanvrager heeft contact met de combinatiefunctionarissen en de vrijwilligersondersteuner.

  • De aanvrager voldoet aan de minimale normen voor sociaal veilige sport van NOC*NSF (de 4 V’s):

    • o

      een vastgestelde gedragscode;

    • o

      een vertrouwenscontactpersoon op de club;

    • o

      een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor vrijwilligers;

    • o

      deskundige trainer-coaches.

  • De aanvraag komt niet in aanmerking voor budget vanuit het lokaal Sportakkoord.

Overig

  • Sportverenigingen doen gezamenlijk een aanvraag, maar één sportvereniging is penvoerder;

  • Per sportaanbieder is één aanvraag mogelijk. Richtbedrag is maximaal € 3.000,- per aanvraag.

Hoofdstuk 3 Kansrijk opgroeien

Doel van de subsidiabele activiteiten

Met de activiteiten uit dit hoofddoel dragen we bij aan het kansrijk opgroeien van onze jonge inwoners. Het hoofddoel ‘kansrijk opgroeien’ bestaat in deze regeling uit vier prioriteiten, welke overeenkomen met de prioriteiten uit het beleidsplan Kansrijk Opgroeien. Om hieraan bij te dragen kan het college een subsidie verstrekken voor de hieronder genoemde activiteiten.

Let op! Naast de voorwaarden die benoemd staan bij de activiteiten dient aanvrager ook te voldoen aan de voorwaarden die gesteld zijn in artikel 5 (Algemene en specifieke voorwaarden) van deze subsidie-regeling.

Overzicht van de thema’s en alle subsidiabele activiteiten

Hoofddoel 2: Kansrijk opgroeien in Lansingerland

Prioriteit

Activiteit

A. Activiteiten die bijdragen aan Kansrijk opgroeien

A1. Ontwikkeling van een gezonde leefstijl

 

A2. Jeugdgezondheidszorg

 

A3. Financiële ondersteuning sport en cultuur jeugd

 

A4. Vrijetijdsactiviteiten

A5. Activiteiten voor specifieke doelgroepen die ertoe leiden dat jeugdigen gelijke kansen krijgen en zich op hun niveau kunnen ontplooien en ontwikkelen

A6. Ondersteuning in schoolmateriaal

B. Activiteiten die bijdragen aan een gezond opvoedklimaat

B1. Ontwikkelen van opvoedvaardigheden

B2. Thema-/voorlichtingsbijeenkomsten/workshops die bijdragen aan discussies/gesprekken over opvoeden in de huidige tijd

C. Activiteiten die bijdragen aan het stimuleren van een sociaal netwerk

C1. Cliëntondersteuning: Advies, begeleiding of ondersteuning door professionals

D. Activiteiten die bijdragen aan het versterken van de sociale basis

D1. Toegang sociaal domein

D2. Begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers

D3. Advies, begeleiding of ondersteuning door professionals

D4. Bestrijden onderwijsachterstanden inclusief Voor- en Vroegschoolse Educatie

D5. Peuteropvang

D6. Preventieve activiteiten voor jeugdigen met problematisch of (dreigend) crimineel gedrag

D7. Trainings- en begeleidingsaanbod voor ouders met relatieproblemen, ouders die in scheiding liggen en/of ouders met communicatieproblemen

Prioriteit A. Activiteiten die bijdragen aan kansrijk opgroeien

A1. Ontwikkeling van een gezonde leefstijl

Omschrijving

Activiteiten gericht op de ontwikkeling en stimulering van een gezonde leefstijl, zoals voeding en beweging voor Lansingerlandse kinderen van 0-18 jaar.

Voorwaarden

  • De activiteit is in groepsverband;

  • De activiteit kunnen worden georganiseerd en uitgevoerd door vrijwilligers of professionals, afhankelijk van de doelgroep en de precieze activiteit.

A2. Jeugdgezondheidszorg

Omschrijving

De jeugdgezondheidszorg (JGZ) ondersteunt het gezond en veilig opgroeien van kinderen en jongeren tot 18 jaar door hun lichamelijke, psychosociale en cognitieve ontwikkeling systematisch te volgen. Daarbij wordt de ontwikkeling beoordeeld in samenhang met de sociale, pedagogische en fysieke omgeving en worden problemen en stoornissen tijdig gesignaleerd. De JGZ biedt preventieve voorlichting, advies en begeleiding aan ouders en jongeren, met als doel hun eigen kracht te versterken. Daarnaast ontzorgt de JGZ gezinnen, beoordeelt zij of extra hulp nodig is en schakelt zo nodig passende zorg in. Tot slot werkt de JGZ samen met diverse professionals en adviseert zij gemeenten en scholen over collectieve maatregelen op basis van verzamelde gegevens.

Voorwaarden

  • De organisatie voldoet aan de kwaliteitseisen HKZ;

  • Het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg voldoet aan de eisen van de Wet publieke gezondheid;

  • De organisatie werkt met een ernsttaxatie-zoals Kijk Mij!;

  • De organisatie voert het Rijksvaccinatieprogramma uit.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. De keuze voor de uitvoeringsorganisatie gaat in overleg met de regiogemeenten Rijnmond, welke onderdeel zijn van de Raad voor het Publiek Belang (RvhBP).

A3. Financiële ondersteuning sport en cultuur jeugd

Omschrijving

Jeugdigen uit een financieel minder draagkrachtig gezin de gelegenheid bieden om te kunnen sporten en/of aan cultuurbeoefening te doen.

Voorwaarden

  • De organisatie verleent enkel financiële ondersteuning aan jeugdigen uit gezinnen met een laag besteedbaar inkomen(tot 130% van de bijstandsnorm);

  • Jeugdigen worden onder meer bereikt via een professioneel netwerk van toeleiders;

  • De organisatie draagt zorg voor de werving en het behoud van toeleiders;

  • De beoordeling, toetsing en de administratieve verwerking van aanvragen voor een financiële bijdrage voor sport en/of cultuur ligt bij de organisatie.

A4. Vrijetijdsactiviteiten

Omschrijving

Recreatieve en educatieve buitenschoolse activiteiten gericht op ontmoeting en recreatie waar kinderen en jongeren uit Lansingerland zich kunnen ontplooien en ontwikkelen, hun sociale netwerk kunnen uitbreiden en sociale vaardigheden opdoen. De activiteiten kunnen op locatie of in de buitenruimte plaatsvinden.

Het betreft:

  • a.

    Scouting georganiseerd door scoutingorganisaties;

  • b.

    Vakantieactiviteiten die in de schoolvakanties vallen.

Voorwaarden

  • a.

    Scouting

    • De activiteiten worden georganiseerd en uitgevoerd door vrijwilligers;

    • De activiteiten worden georganiseerd voor (en door) kinderen en jongeren tot 18 jaar;

    • De activiteiten vinden minimaal één keer per week plaats gedurende minimaal 39 weken per kalenderjaar;

    • De wekelijkse bijeenkomsten worden verricht in de gemeente Lansingerland, een scouting kamp mag in een andere gemeente plaatsvinden.

  • b.

    Vakantieactiviteiten

    • De activiteiten worden georganiseerd en uitgevoerd door vrijwilligers;

    • De activiteiten worden georganiseerd voor (en door) kinderen en jongeren tot 18 jaar;

    • De activiteiten worden in de gemeente Lansingerland georganiseerd;

    • De organisatie maakt aannemelijk hoe hij het opgegeven aantal deelnemers gaat bereiken.

Reguliere sportactiviteiten uitgevoerd door bij het NOC*NSF aangesloten sportorganisaties komen niet voor subsidie in aanmerking.

Overig

  • De organisatie zorgt ervoor dat jeugdigen tijdens de activiteiten voor een gezond aanbod kunnen kiezen;

  • Een organisatie kan voor het onderdeel vrijetijdsactiviteiten maximaal € 5.000 subsidie ontvangen, ook als de organisatie meerdere activiteiten uitvoert:

    • o

      Scouting: maximaal € 5.000 per organisatie;

    • o

      Vakantieactiviteiten:

      • 50 – 250 jongeren: maximaal € 500 per dag per activiteit;

      • 250+ jongeren: maximaal € 1.000 per activiteit per dag.

A5. Activiteiten voor specifieke doelgroepen die ertoe leiden dat jeugdigen gelijke kansen krijgen en zich op hun niveau kunnen ontplooien en ontwikkelen

Omschrijving

Activiteiten voor specifieke doelgroepen om zo ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren. Het gaat hier om bijvoorbeeld jeugdigen met hoogbegaafdheid of jeugdigen met een verstandelijke of lichamelijke beperking.

Voorwaarden

  • De activiteit is in groepsverband;

  • Er wordt gestuurd op normaliseren;

  • De activiteit veroorzaakt geen extra instroom richting jeugdhulp;

  • De activiteit is geen vervanging van activiteiten die op school horen plaats te vinden;

  • Bij de activiteiten wordt gebruik gemaakt van ervaringsdeskundigen;

  • De activiteit draagt bij aan ouderbetrokkenheid en het opbouwen van een social netwerk.

A6. Ondersteuning in schoolmateriaal

Omschrijving

Kinderen uit een financieel minder draagkrachtig gezin de gelegenheid bieden om volwaardig mee te doen op school, door de benodigde schoolspullen te verschaffen.

Voorwaarden:

  • Jeugdigen uit gezinnen met een laag besteedbaar inkomen (tot 130% van de bijstandsnorm) komen in aanmerking voor een financiële bijdrage voor benodigde schoolspullen en kindpakket;

  • De kinderen en jongeren worden onder meer bereikt via een professioneel netwerk van toeleiders;

  • De organisatie draagt zorg voor de werving en het behoud van toeleiders;

  • De beoordeling, toetsing en de administratieve verwerking van aanvragen voor een financiële bijdrage voor schoolmateriaal ligt bij de organisatie.

Prioriteit B. Activiteiten die bijdragen aan een gezond opvoedklimaat

B1. Ontwikkelen van opvoedvaardigheden

Omschrijving

Activiteiten die gericht zijn op ouders/verzorgers van Lansingerlandse kinderen en het verstevigen van hun opvoedvaardigheden en ouderschap. De activiteiten zijn preventief van aard. Doel van de activiteit is dat ouders/verzorgers meer kennis hebben over de ontwikkeling van hun kind(eren) en ouders/verzorgers hun kind(eren) van 0-18 jaar beter leren ondersteunen.

Voorwaarden:

  • De activiteit is toegankelijk voor alle ouders/verzorgers uit Lansingerland met opvoedvragen;

  • De activiteit is gericht op gezinnen met (beginnende) problematiek;

  • De activiteit vindt bij voorkeur in groepsverband plaats;

  • De activiteit is geen vorm van ondersteuning die valt onder geïndiceerde jeugdhulp of gecontracteerd aanbod.

B2. Thema-/voorlichtingsbijeenkomsten/workshops die bijdragen aan discussies/gesprekken over opvoeden in de huidige tijd

Omschrijving

Laagdrempelige activiteiten die bijdragen aan de discussie/het gesprek over opvoeden in de huidige tijd met als doel het ontwikkelen van veerkracht bij ouders en jeugdigen.

Actuele thema’s uit de samenleving:

  • Normaliseren

  • Prestatiedruk

  • Accepteren van risico’s die horen bij opvoeden

  • Verdriet hebben en fouten maken hoort bij het leven

  • Iedereen is uniek

Het betreft hier bijvoorbeeld:

  • Theatervoorstelling over opvoeden

  • Workshop met het thema social media en prestatiedruk

  • Thematische voorlichtings- en/of groepsbijeenkomst

Voorwaarden

  • De activiteiten zijn toegankelijk voor alle ouders/verzorgers uit Lansingerland, aanbieder werkt cultuursensitief;

  • Bij een activiteit zijn minimaal tien ouders/verzorgers aanwezig;

  • De organisatie draagt zorg voor de bekendheid van de bijeenkomsten;

  • De activiteit behandelt één of meerdere actuele thema’s uit de samenleving;

  • Met de activiteit draagt de organisatie er zorg voor dat ouders met elkaar in contact komen om zo hun netwerk op te bouwen en/of uit te breiden;

  • De activiteit zet ouders/verzorgers aan tot nadenken over opvoeden in de huidige tijd.

Prioriteit C. Activiteiten die bijdragen aan het stimuleren van een sociaal netwerk

C1. Cliëntondersteuning: Advies, begeleiding of ondersteuning door professionals

Omschrijving

Onafhankelijke cliëntondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid, participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen.

Voorwaarden

  • De organisatie profileert zich met onafhankelijke cliëntondersteuning voor een brede doelgroep;

  • De organisatie doet een brede uitvraag zodat duidelijk wordt welke ondersteuningsbehoefte er bij de jeugdige en/of ouders is;

  • De organisatie geeft uitvoering aan de Wet maatschappelijke ondersteuning;

  • De organisatie levert geen maatwerkbegeleiding;

  • De organisatie werkt samen met het Lokaal Team van de gemeente Lansingerland.

Prioriteit D. Activiteiten die bijdragen aan het versterken van de basis

D1. Toegang sociaal domein

Omschrijving

De organisatie zorgt voor een laagdrempelige, integrale toegang waarin vraagverheldering plaatsvindt en toeleiding naar passende interventie. De organisatie voert de volgende taken uit binnen deze activiteit:

  • Coördinatie;

  • Uitvoering toegang: brede uitvraag en ondersteuningsplan;

  • Informatie- en adviesfunctie;

  • Communicatie.

In 2027 werkt het college toe naar het ‘Lokaal Team’. Toegangspartners denken actief mee over hun rol binnen het ’Lokaal Team’ en nemen in overleg deel aan pilots.

Voorwaarden

  • Toegang van inwoners in de leeftijd t/m 18 jaar voert de aanbieder uit op basis van de met de gemeente overeengekomen werkwijze en afspraken;

  • Er kan alleen subsidie voor 2027 aangevraagd worden; 2027 is daarmee een transitiejaar. Het college maakt nadere afspraken met de aanbieder over de invulling van deze activiteit voor 2027.

D2. Begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers

Omschrijving

Het bieden van lichte en/of kortdurende begeleiding of ondersteuning door geschoolde vrijwilligers aan jeugdigen of gezinnen met een ondersteuningsbehoefte.

Voorwaarden

  • De organisatie doet vooraf een lichte toets om na te gaan of dit passende ondersteuning is voor de inwoner;

  • De individuele, door ouders ingevulde voortgang, wordt frequent gemonitord en geëvalueerd en de meeste evaluaties laten een positief effect zien;

  • De organisatie zorgt voor een goede samenwerking met het Lokaal Team of ander preventief aanbod;

  • Uitgangspunt is dat de ondersteuning tijdelijk is, daarbij is het zo kort als mogelijk en zo lang als nodig, met een maximum van 1 jaar;

  • Er wordt gewerkt met sleutelfiguren onder andere wanneer het gaat om cultuursensitief werken.

D3. Advies, begeleiding of ondersteuning door professionals

Omschrijving

Advies, ondersteuning of begeleiding op het gebied van opgroeien en opvoeden voor ouders/verzorgers.

Voorwaarden

  • Na het advies, de ondersteuning/begeleiding is het gezin voldoende uitgerust om zonder ondersteuning verder te gaan;

  • Als blijkt dat het advies, de ondersteuning of begeleiding onvoldoende resultaat meebrengt dan wordt er, waar nodig, samen met ouders contact opgenomen met het Lokale Team;

  • De organisatie werkt actief samen met het Lokaal Team;

  • De individuele, door ouders ingevulde voortgang, wordt frequent gemonitord en geëvalueerd en de meeste evaluaties laten een positief effect zien;

  • Uitgangspunt is dat de ondersteuning/begeleiding tijdelijk is, daarbij is het zo kort als mogelijk en zo lang als nodig, met een maximum van 1 jaar;

  • Er wordt gewerkt met sleutelfiguren onder andere wanneer het gaat om cultuursensitief werken.

D4. Bestrijden van onderwijsachterstanden inclusief Voor- en Vroegschoolse Educatie

Omschrijving

Om onderwijsachterstanden te bestrijden stimuleert gemeente Lansingerland deelname aan Voor- en Vroegschoolse educatie (VVE). Het doel van deze activiteit is om ieder kind uit Lansingerland met zo min mogelijk achterstand te laten instromen in het basisonderwijs en de peuter de kans te geven om zich op jonge leeftijd te ontwikkelen en ontplooien.

Voorwaarden:

De volgende onderdelen komen in aanmerking voor subsidie:

  • Het aanbieden van voorschoolse educatie (VE), aangeboden op een peuteropvang (kortdurende opvang ter voorbereiding op het basisonderwijs) aan geïndiceerde VVE-doelgroep peuters;

  • De inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker in de voorschoolse educatie (VE);

  • Overige activiteiten die gericht zijn op het bestrijden van onderwijsachterstanden en het stimuleren van de ouderbetrokkenheid van de doelgroep.

Locatie peuteropvang met VVE

  • De opvanglocatie is gevestigd in Lansingerland;

  • De opvanglocatie is geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang.

Aanbod VVE in de peuteropvang

  • Het VVE-aanbod in de peuteropvang wordt voor maximaal 40 weken per jaar aangeboden;

  • Subsidie wordt verleend voor het verlagen van de ouderbijdrage, waarbij de opvanglocatie een VVE-aanbod heeft van 4 of 5 dagdelen VVE:

    • o

      Aanbod 4 dagen per week: Voor VVE-doelgroeppeuters die 4 dagen per week een VVE-aanbod volgen van in totaal minimaal 16 uur, wordt de kostprijs van 2 dagdelen VVE (totaal maximaal 8 uur) gesubsidieerd;

    • o

      Aanbod 5 dagen per week: Voor VVE-doelgroeppeuters die 5 dagen per week een VVE-aanbod volgen van maximaal 17,5 uur, wordt de kostprijs van 3 dagdelen VVE (maximaal 10,5 uur) gesubsidieerd.

  • Dit wordt als volgt berekend: aantal doelgroeppeuters x aantal uur per week x kostprijs.

Overige voorwaarden

  • De activiteiten moeten voldoen aan alle eisen die vastgelegd zijn in de relevante wet- en regelgeving voor onderwijsachterstanden / VVE;

  • De activiteiten zijn gericht op de peuters die binnen de VVE-doelgroep vallen;

  • De organisatie neemt actief deel aan de werkgroep Jonge Kind en op bestuurlijk niveau aan het LEA;

  • De kinderopvangorganisatie zorgt voor een warme overdracht naar het basisonderwijs;

  • De kinderopvangorganisatie heeft een ouderbeleid waarin zij beschrijven welke activiteiten worden ondernomen om de ouderbetrokkenheid te bevorderen;

  • De organisaties hebben beleid ten aanzien van de kwaliteitsbewaking van de aangeboden VVE activiteiten;

  • De organisaties werken proactief samen met de bibliotheek en voorleesexpress om (voor)lezen en taalontwikkeling te bevorderen. Hierin worden ook ouders gestimuleerd.

Overig

  • De Rijksbijdrage voor onderwijsachterstanden is taakstellend voor de subsidieverlening voor onderwijsachterstanden;

  • De aangevraagde subsidies worden naar evenredigheid verminderd indien het totale aangevraagde bedrag aan subsidie hoger is dan het maximaal beschikbare budget.

  • Organisaties die voor deze subsidie in aanmerking komen zijn kinderopvangorganisaties die met een bewezen aanpak bijdragen aan de genoemde doelstellingen.

  • Een peuter valt binnen de gemeentelijke VVE-doelgroep als hij of zij een indicatie voor voor- en vroegschoolse educatie heeft gekregen van het Centrum voor Jeugd en Gezin;

  • Het VVE-aanbod is alleen toegankelijk voor in Lansingerland wonende peuters uit de doelgroep in de leeftijd van 2 tot 4 jaar.

D5. Peuteropvang

Omschrijving

Het bieden van gesubsidieerde peuteropvang aan peuters van 2 tot 4 jaar die binnen de gemeentelijke doelgroep vallen.

Voorwaarden

Doelgroep peuteropvang

  • In Lansingerland wonende peuters van 2 – 4 jaar van wie zijn of haar ouders/verzorgers geen recht hebben op kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst.

Aanbod peuteropvang

  • Gesubsidieerde peuteropvang wordt voor 2 dagdelen per week, in totaal niet meer dan 8 uur per week aangeboden;

  • Gesubsidieerde peuteropvang wordt voor maximaal 40 weken per jaar aangeboden.

Locatie peuteropvang

  • De opvanglocatie is gevestigd in Lansingerland;

  • De opvanglocatie is geregistreerd in het Landelijk Register Kinderopvang.

  • De opvanglocatie voldoet aan relevante wet- en regelgeving voor peuteropvang.

Tarieven

  • De subsidie geldt tot het maximale uurtarief voor dagopvang zoals jaarlijks vastgesteld door het Rijk.

  • Ouders/verzorgers betalen een inkomensafhankelijke bijdrage aan de peuteropvangorganisatie. De VNG-adviestabel ouderbijdrage peuteropvang is bepalend voor de hoogte van de ouderbijdrage. De peuteropvangorganisatie berekent de ouderbijdrage op basis van een inkomensverklaring van de Belastingdienst of een vergelijkbaar alternatief.

D6. Preventieve activiteiten voor jeugdigen met problematisch of (dreigend) crimineel gedrag

Omschrijving

Preventief aanbod voor jongeren met problematisch of (dreigend) delinquent gedrag. Denk hierbij aan jongeren die diefstal plegen, vandalisme of dader (of slachtoffer) van sextortion.

Voorwaarden:

  • De activiteit richt zich op kinderen die dreigen op het verkeerde (delinquent) pad terecht te komen;

  • De doelgroep is 8-18 jaar;

  • Er is sprake van trajecten van maximaal 6 maanden;

  • De ouders worden betrokken gedurende het hele traject;

  • Inzetten op het aanpakken van onderliggende oorzaken;

  • De organisatie werkt samen met de politie, Stichting Halt, het jongerenwerk en andere ketenpartners.

D7. Trainings- en begeleidingsaanbod voor ouders met relatieproblemen, ouders die in scheiding liggen en/of ouders met communicatieproblemen

Omschrijving

Groeps- en individueel trainings- en begeleidingsaanbod, uitgevoerd door professionals op het gebied van relaties en (complexe) scheidingen.

Doel van de trainingen:

  • Ouders leren om beter met elkaar te communiceren;

  • Ouders voelen een gezamenlijke verantwoordelijkheid in het opvoeden van de kinderen;

  • Ouders zetten het kind centraal.

Voorwaarden

  • Voorafgaand aan de training/begeleiding maakt de organisatie duidelijk aan ouders dat er een inspanningsverplichting is en worden er samen met ouders concrete doelen bepaald;

  • Team Jeugd kan minder bereidwillige ouders verwijzen naar deze training ter voorkoming van de inzet van jeugdhulp indien aannemelijk is dat dit de situatie van jeugdige ten goede komt;

  • De organisatie maakt inzichtelijk wat het effect is van de inzet van de training of begeleiding.

Hoofdstuk 4 Grip op het leven

Doel van de subsidiabele activiteiten

Met de activiteiten uit dit hoofddoel dragen we bij aan de bestaanszekerheid van onze inwoners. Het hoofddoel ‘grip op het leven’ bestaat in deze regeling uit vier prioriteiten, welke overeenkomen met de prioriteiten uit het beleidsplan Grip op het Leven. Om hieraan bij te dragen kan het college een subsidie verstrekken voor de hieronder genoemde activiteiten.

Let op! Naast de voorwaarden die benoemd staan bij de activiteiten dient aanvrager ook te voldoen aan de voorwaarden die gesteld zijn in artikel 5 (Algemene en specifieke voorwaarden) van deze subsidie-regeling.

Overzicht van de prioriteiten en alle subsidiabele activiteiten

Hoofddoel 3: Grip op het leven in Lansingerland

Prioriteit

Activiteit

A. Activiteiten die bijdragen aan inclusie, ontplooiing en ontwikkeling

A1. Financiële ondersteuning sport en cultuur volwassenen

 

A2. Trainingen en bijeenkomsten

 

A3. Maatschappelijke begeleiding statushouders

A4. Groepsactiviteiten voor inwoners met een (licht) verstandelijke beperkingen, autisme of niet aangeboren hersenletsel

B. Activiteiten die bijdragen aan het doen-vermogen en regiebehoud

B1. Voedselbank

 

B2. Kledingbank

 

B3. Noodhulp

 

B4. Begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers

 

B5. Administratieve ondersteuning door vrijwilligers

 

B6. Vroegsignalering van betalingsachterstanden

 

B7. Spreekuur Samen doen

 

B8. Sociale raadslieden

C. Activiteiten die bijdragen aan een sterke sociale basis gericht op gezondheid

C1. Algemeen maatschappelijk werk door professionals

 

C2. Laagdrempelige inloop/opvang voor kwetsbare doelgroepen

C3. Begeleiding en ondersteuning door professionals bij huiselijk geweld

D. Brede, integrale toegang

D1. Toegang sociaal domein

 

D2. Cliëntondersteuning: Advies, begeleiding of ondersteuning door professionals

Prioriteit A. Activiteiten die bijdragen aan inclusie, ontplooiing en ontwikkeling

A1. Financiële ondersteuning sport en cultuur volwassenen

Omschrijving

Inwoners vanaf 18 jaar met weinig financiële draagkracht de gelegenheid bieden om te sporten of aan cultuurbeoefening te doen.

Voorwaarden

  • De organisatie hanteert een inkomensgrens van 130% van de bijstandsnorm bij het beoordelen van aanvragen;

  • De organisatie laat de inkomensbeoordeling uitvoeren door een professionele toeleider, die hierover afspraken maakt met de gemeente;

  • De organisatie draagt zorg voor de werving en het behoud van toeleiders;

  • De organisatie draagt zorg voor de beoordeling, toetsing en de administratieve verwerking van aanvragen voor een financiële bijdrage voor sport en/of cultuur;

  • De organisatie werkt samen met het lokale professionele veld en waarborgt daarmee de kwaliteit van de inkomensbeoordeling van de toeleiders.

A2. Trainingen en bijeenkomsten

Omschrijving

  • Bijeenkomsten gericht op laagdrempelige informatie en advies over een gezonde leefstijl voor een brede doelgroep;

  • Trainingen die uitval door depressie en sociaal isolement terugdringen.

De trainingen/bijeenkomsten hebben als doel:

  • Het bevorderen van zelf- en samenredzaamheid;

  • Het voorkomen van ongewenste leefsituaties van de deelnemer of van personen voor wie de deelnemer de zorg heeft.

Voorwaarden

  • De activiteit geeft informatie over onderwerpen die onder de verantwoordelijkheid van de Wmo, Jeugdwet en Wet publieke gezondheid vallen.

A3. Maatschappelijke begeleiding statushouders

Omschrijving

  • De organisatie biedt de inburgeringsplichtige statushouders deskundige maatschappelijke begeleiding die hij nodig heeft om zijn integratie, zelfredzaamheid en eigen regie te bevorderen;

  • De organisatie biedt de inburgeringsplichtige statushouders gedurende het begeleidingstraject ondersteuning bij het wegwijs maken in Nederland (Nederlandse cultuur) en bij het in staat zijn om met zijn eigen fysieke, psychische en intellectuele mogelijkheden zijn eigen zaken te regelen of hiervoor hulp te kunnen vragen bij de juiste instanties;

De begeleiding of ondersteuning bestaat uit:

  • Ondersteuning bij het regelen van praktische zaken van voorzieningen zoals wonen, zorg, werk, inkomen, verzekeringen en onderwijs;

  • Het ondersteunen met en het toewerken naar het zelfstandig kunnen voeren van een elementaire financiële administratie;

De ondersteuning is gericht op:

  • Het wegwijs maken in de Nederlandse samenleving;

  • Het ontwikkelen en onderhouden van een sociaal netwerk in Lansingerland;

  • Het ondernemen van activiteiten op recreatief en sportief gebied;

  • De organisatie zorgt voor afstemming met de andere partijen die bij de statushouder betrokken zijn en zorgt voor regelmatige afstemming met de betrokken inburgeringsconsulent;

  • De organisatie is bekend met de taak en functie van de diverse toegangspartijen, zodat de statushouder weet wie/welke partijen bij zijn ondersteuning betrokken zijn.

Voorwaarden

  • De organisatie maakt inzichtelijk hoe de zelfredzaamheid van de statushouder zich ontwikkelt;

  • De organisatie pakt hulpvragen adequaat en integraal op en werkt op basis van het uitgangspunt één huishouden één plan.

  • De organisatie is in staat maatschappelijke begeleiding te bieden aan alle nieuwe statushouders die gedurende de overeengekomen periode onder de taakstelling vallen en in de gemeente Lansingerland komen wonen;

  • De organisatie dient aantoonbare ervaring te hebben met de ondersteuning en begeleiding van statushouders;

  • De werkzaamheden binnen de organisatie worden verricht door vrijwilligers (zoveel mogelijk woonachtig in Lansingerland) die ondersteund worden door professionele beroepskrachten;

  • De organisatie dient een fysieke locatie te hebben in de gemeente Lansingerland m.b.t. onder andere het houden van spreekuur;

  • De organisatie dient een bestaande samenwerking te hebben met andere aanbieders in het Sociaal Domein, en specifiek met de toegangspartijen in Lansingerland.

Overig

  • Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 10 van deze regeling.

A4. Groepsactiviteiten voor inwoners met een (licht) verstandelijke beperking, autisme of niet aangeboren hersenletsel

Omschrijving

Het bieden van activiteiten aan (jong) volwassenen in een veilige en gestructureerde omgeving waarin nieuwe sociale contacten kunnen ontstaan, met ondersteuning van vrijwilligers.

Voorwaarden

  • De deelnemers hebben een (licht) verstandelijke beperking, autisme of niet aangeboren hersenletsel;

  • De activiteiten sluiten aan bij de behoefte en wensen van de deelnemers;

  • De activiteiten zorgen ervoor dat deelnemers leren te participeren in de samenleving.

Prioriteit B. Activiteiten die bijdragen aan het doen-vermogen en regie-behoud

B1. Voedselbank

Omschrijving

Het verstrekken van voedselpakketten aan inwoners met een laag inkomen.

Voorwaarden

  • De organisatie hanteert een inkomensgrens van 130% van de bijstandsnorm;

  • De organisatie is verantwoordelijk voor het uitvoeren van een inkomensbeoordeling, waarvoor wordt samengewerkt met professionele toeleiders;

  • De organisatie vraagt deelnemers jaarlijks een verwijzing voor deelname aan de voorziening;

  • De organisatie werkt voornamelijk met vrijwilligers.

B2. Kledingbank

Omschrijving

Het verstrekken van kleding aan inwoners met een laag inkomen.

Voorwaarden

  • De organisatie hanteert een inkomensgrens van 130% van de bijstandsnorm;

  • De organisatie laat de verwijzing uitvoeren door één van de professionele toegangspartijen;

  • De organisatie vraagt deelnemers jaarlijks een verwijzing voor deelname aan de voorziening;

  • De organisatie stelt kaders voor gebruik van de kledingbank waarbij ze kijkt naar onder andere het maximaal aantal keer per jaar dat de inwoner gebruik kan maken van de kledingbank en het maximaal aantal kledingstukken dat per jaar kan worden verstrekt. Dit specificeren ze naar doelgroep (jeugd, volwassenen, ouderen);

  • De deelnemer betaalt een passende eigen bijdrage;

  • De organisatie registreert het aantal deelnemers, uitgesplitst naar doelgroep.

B3. Noodhulp

Omschrijving

Bieden van ondersteuning bij acute financiële probleemsituaties.

Voorwaarden

  • De organisatie biedt acute financiële ondersteuning, wanneer wettelijke regelingen en voorzieningen niet of niet in afdoende mate voorzien in de noodzakelijke hulp;

  • De organisatie handelt in opdracht van team Sluitende Aanpak van de gemeente.

B4. Begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers

Omschrijving

Het bieden van begeleiding of ondersteuning aan minder zelfredzame inwoners door vrijwilligers, met als doel de sociale en mentale zelfredzaamheid bevorderen.

Voorwaarden

  • De organisatie doet vooraf een lichte toets om na te gaan of de ondersteuning passend is voor de inwoner;

  • De organisatie draagt zorg voor de monitoring van de individuele voortgang en zorgt indien nodig voor tijdige doorverwijzing of toeleiding.

B5. Administratieve ondersteuning door vrijwilligers

Omschrijving

De activiteit omvat begeleiding of ondersteuning door geschoolde vrijwilligers aan minder zelfredzame inwoners met geldzorgen. Het doel van de activiteit is dat deze inwoners weer zelf keuzes kunnen maken en hun eigen geldzaken kunnen beheren. Denk hierbij onder andere aan:

  • Begeleiding of ondersteuning bij het ordenen van de (financiële) administratie;

  • Begeleiding of ondersteuning van inwoners met beginnende schuldenproblematiek;

  • Begeleiding of ondersteuning van inwoners in een formeel schuldhulptraject.

Voorwaarden

  • De organisatie doet vooraf een lichte toets om na te gaan of dit passende ondersteuning is voor de inwoner;

  • Uitgangspunt is dat de ondersteuning tijdelijk is, daarbij is het zo kort als mogelijk en zo lang als nodig;

  • De organisatie werkt samen met de Ketenregisseur Schuldhulpverlening en de overige ketenpartners op het gebied van schulden;

  • De individuele voortgang wordt frequent gemonitord/geëvalueerd. Indien nodig verwijst de organisatie tijdig door naar de ketenregisseur van de gemeente voor meer passende of aanvullende ondersteuning.

B6. Vroegsignalering van betalingsachterstanden

Omschrijving

De organisatie neemt in opdracht van de gemeente contact op met huishoudens met betalingsachterstanden van de vaste lasten leveranciers, met een aanbod voor ondersteuning. Het contact is gericht op laagdrempelige informatie en advies of warme overdracht naar andere ondersteuning of de ketenregisseur van de gemeente. Het betreft een wettelijke verplichting conform de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.

Voorwaarden

  • De organisatie werkt nauw samen met de Ketenregisseur schuldhulpverlening van de gemeente en de lokale partners;

  • Voor de activiteit registreert de organisatie volgens het format in RIS Matching;

  • De gemeente en organisatie stellen werkafspraken op over de toeleiding en ondersteuning.

B7. Samen Doen Spreekuur

Omschrijving

De organisatie biedt de maatschappelijke begeleiding die nodig is om de integratie, zelfredzaamheid en eigen regie van de inburgeringsplichtige te bevorderen. De begeleiding of ondersteuning bestaat uit:

  • Ondersteuning bij het regelen van praktische zaken van voorzieningen zoals wonen, zorg, werk, inkomen, verzekeringen en onderwijs;

  • Het ondersteunen met en het toewerken naar het zelfstandig kunnen voeren van een elementaire financiële administratie.

De ondersteuning is gericht op:

  • Het op orde brengen en stabiliseren van een huishouding volgens Nederlandse begrippen, normen en waarden;

  • Het ontwikkelen en onderhouden van een sociaal netwerk in Lansingerland;

  • Het ondernemen van activiteiten op recreatief en sportief gebied.

Voorwaarden

  • De organisatie hanteert de zelfredzaamheidsmatrix (ZRM) als methode om de voortgang in de zelfredzaamheid van statushouder te monitoren. De ZRM is onderdeel van het Lansingerlands model;

    • -

      Het adequaat en integraal oppakken van elke hulpvraag op basis van het uitgangspunt één huishouden één plan;

    • -

      Het uitvoeren van de brede vraagverheldering voor de doelgroep 18-, 18 - 67 en 67+ volgens een vast format;

    • -

      Het registreren van de uitkomst van de brede uitvraag en het ondersteuningsplan volgens een vast format;

    • -

      Het uitvoeren van de rol van casushouder in een groot deel van de casussen.

  • De organisatie is in staat op een resultaatgerichte, methodische manier te werken;

  • De organisatie kan inzichtelijk maken hoe de zelfredzaamheid van de statushouder zich ontwikkelt;

  • De organisatie heeft aantoonbare ervaring met het ondersteunen en begeleiding van inburgeringsplichtigen;

  • De werkzaamheden binnen de organisatie worden verricht door professionele krachten die daarbij worden ondersteund door vrijwilligers;

  • De organisatie dient een fysieke locatie te hebben in de gemeente Lansingerland m.b.t. o.a. het houden van spreekuur;

  • De organisatie dient een bestaande samenwerking te hebben met andere aanbieders in het Sociaal Domein, en specifiek met de toegangspartijen in Lansingerland;

  • De organisatie zorgt voor afstemming met de andere partijen die bij de inburgeringsplichtige betrokken is en zorgt voor regelmatige afstemming met de betrokken consulent.

B8. Sociale raadslieden

Omschrijving

Het bieden van sociaaljuridische en financieel-juridische hulp, met name aan kwetsbare doelgroepen, om zelfredzaamheid te bevorderen. Het moet gaan om concrete hulp, zoals formulieren invullen, brieven schrijven, bezwaarschriften opstellen, en bemiddeling bij (overheids)instanties.

Voorwaarden

  • De dienstverlening is kosteloos toegankelijk voor inwoners.

Prioriteit C. Activiteiten die bijdragen aan een sterke sociale basis gericht op gezondheid

C1. Algemeen maatschappelijk werk door professionals

Omschrijving

Onder deze activiteit valt advies en cliënt-begeleiding aan volwassenen. Het betreft laagdrempelige ondersteuning voor volwassenen die problemen ervaren op diverse leefgebieden, met als doel om zelfredzaamheid te bevorderen en zwaardere zorg te voorkomen.

Voorwaarden

  • De professional staat naast de inwoner, zoekt uit wat nodig is en moedigt de inwoner aan om zelf de teugels in handen te nemen en te zoeken naar een oplossing;

  • De ondersteuning richt zich op inwoners met een combinatie van materiële en psychosociale problemen. In afstemming met de coördinator Sluitende Aanpak kan de ondersteuning zich richten op juridische vraagstukken;

  • Het activiteitenplan geeft een indicatie van:

    • -

      Aantallen korte trajecten (tot 10 uur);

    • -

      Aantallen middellange trajecten (tot 10 tot 25 uur);

    • -

      Aantallen trajecten van meer 25 uur.

  • De organisatie geeft bij de verantwoording inzicht in de leefgebieden waar inwoners een hulpvraag op hebben en op de resultaten van de inzet.

C2. Laagdrempelige inloop/opvang voor kwetsbare doelgroepen

Omschrijving

Een ontmoetingsmogelijkheid voor inwoners met (langdurige) psychische, psychiatrische en psychosociale problemen. De inloop/opvang is gericht op het structureren van dagelijkse bezigheden.

Voorwaarden

  • Tijdens de inloop is een GGZ-professional aanwezig. Ter ondersteuning zijn vrijwilligers betrokken;

  • De inloop vindt tenminste 32 uur per week plaats gedurende het hele jaar;

  • De organisatie monitort en evalueert frequent de individuele voortgang en zorgt indien nodig voor tijdige doorverwijzing of toeleiding;

  • Bij signalering wordt gewerkt met methodieken die aantoonbaar tot resultaten leiden.

C3. Begeleiding en ondersteuning door professionals bij huiselijk geweld

Omschrijving

Hulpverleningstrajecten voor volwassenen en kinderen die met huiselijk geweld en/of kindermishandeling te maken hebben. De organisatie biedt ondersteuning en begeleiding aan slachtoffers en daders en zorgt waar nodig voor toeleiding naar andere hulp. De activiteit is gericht op het doorbereken van de cirkel van huiselijk geweld en/of kindermishandeling.

Voorwaarden

  • De ondersteuning wordt ingezet met instemming van de coördinator Lokaal Team Huiselijk Geweld;

  • De ondersteuning is gericht op het gehele systeem (systeemgerichte aanpak);

  • De organisatie werkt intensief samen met het Lokaal Team Huiselijk Geweld en/of het Lokaal Team Sluitende Aanpak;

  • De organisatie van begeleidingstrajecten Huiselijk Geweld is een vaste deelnemer in het Lokaal Team Huiselijk Geweld;

  • De organisatie werkt samen met Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond;

  • In de verantwoording wordt onderscheid gemaakt in trajectduur.

Prioriteit D. Brede, integrale toegang

D1. Toegang Sociaal Domein

Omschrijving

De organisatie zorgt voor een laagdrempelige, integrale toegang waarin vraagverheldering plaatsvindt en toeleiding naar passende interventie. De organisatie voert de volgende taken uit binnen deze activiteit:

  • Coördinatie;

  • Uitvoering toegang: brede uitvraag en ondersteuningsplan;

  • Informatie- en adviesfunctie;

  • Communicatie.

In 2027 werkt het college toe naar het ‘Lokaal Team’. Toegangspartners denken actief mee over hun rol binnen het ’Lokaal Team’ en nemen in overleg deel aan pilots.

Voorwaarden

  • Toegang van inwoners in de leeftijd van 67 jaar en ouder voert de aanbieder uit op basis van de met de gemeente overeengekomen werkwijze en afspraken;

  • Er kan alleen subsidie voor 2027 aangevraagd worden; 2027 is daarmee een transitiejaar. Het college nadere afspraken met de aanbieder over de invulling van deze activiteit voor 2027.

D2. Cliëntondersteuning: Advies, begeleiding of ondersteuning door professionals

Omschrijving

Onafhankelijke cliëntondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen.

Voorwaarden

  • De organisatie levert geen maatwerkbegeleiding.

Overig

Slechts één organisatie kan voor subsidie van deze activiteit in aanmerking komen. Het college gebruikt hiervoor het afwegingskader uit artikel 9 van deze regeling.

Hoofdstuk 5 Vitaal en waardig ouder worden

Doel van de subsidiabele activiteiten

Met de activiteiten uit dit hoofddoel dragen we bij aan het vitaal en waardig ouder worden van de inwoners. Het hoofddoel ‘vitaal en waardig ouder worden’ bestaat in deze regeling uit drie prioriteiten, welke overeenkomen met de prioriteiten uit het beleidsplan Vitaal en waardig ouder worden. Om hieraan bij te dragen kan het college een subsidie verstrekken voor de hieronder genoemde activiteiten.

Let op! Naast de voorwaarden die benoemd staan bij de activiteiten dient aanvrager ook te voldoen aan de voorwaarden die gesteld zijn in artikel 5 (Algemene en specifieke voorwaarden) van deze subsidie-regeling.

Overzicht van de prioriteiten en alle subsidiabele activiteiten

Hoofddoel 4: Vitaal en waardig ouder worden

Prioriteit

Activiteit

A. Activiteiten die bijdragen aan een actieve deelname aan de samenleving

A1. Beweegactiviteiten buiten verenigingsverband

 

A2. Ontmoeting

B. Activiteiten die bijdragen aan regiebehoud en doen-vermogen

B1. Cursussen en trainingen

 

B2. Coördinatie van de aanpak eenzaamheid

 

B3. Coördinatie van de dementieketen

 

B4. Begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers

B5. Toegankelijk maken van vrijetijdsactiviteiten

C. Activiteiten die bijdragen aan de sociale basis

C1. Vrij toegankelijke dagbesteding

 

C2. Ouderenadvies

 

C3. Bemoeizorg aan ouderen

C4. Begeleiding huiselijk geweld/ouderenmishandeling

C5. Toegang sociaal domein

Prioriteit A. Activiteiten die bijdragen aan een actieve deelname aan de samenleving

A1. Beweegactiviteiten buiten verenigingsverband

Omschrijving

Het bieden van laagdrempelige beweegactiviteiten met een gevarieerd aanbod voor senioren. Hierin is een aanbod voor zowel vitale als kwetsbare ouderen. De activiteiten richten zich op het vergroten van de fysieke en mentale gezondheid van ouderen en stimuleren deelname aan de samenleving.

Voorwaarden

  • De activiteit wordt opgezet en uitgevoerd in samenwerking met één of meer niet-sport specifieke organisaties, zoals Sport MEE, Welzijn Lansingerland, huisartsen, fysiotherapeuten of gezondheidscentra;

  • De activiteit vindt plaats onder begeleiding van een professional;

  • Het betreft beweegactiviteiten in groepsverband voor inwoners die geen aansluiting vinden binnen het verenigingsleven;

  • Het betreft een cofinanciering waarbij de deelnemers een passende bijdrage betalen;

  • De activiteiten vinden minimaal één keer per week plaats.

A2. Ontmoeting

Omschrijving

Groepsactiviteiten gericht op het vergroten van het sociale netwerk en het actief deelnemen aan de samenleving.

Voorwaarden

  • De activiteit richt zich specifiek op ouderen met een klein netwerk, die moeite hebben om aansluiting te vinden met leeftijdgenoten;

  • Het aanbod wordt verzorgd door een deskundige of professional.

Prioriteit B. Activiteiten die bijdragen aan regiebehoud en doen-vermogen

B1. Cursussen en trainingen

Omschrijving

De activiteit omvat cursussen en trainingen die zich richten op:

  • Bewustwording over eigen regie;

  • Fysieke en mentale fitheid;

  • Gezonde leefstijl;

  • Functiebehoud;

  • Financiële fitheid;

  • Digitale fitheid, waaronder ook de mogelijkheden van inzet van e-health en/of domotica.

Voorwaarden

  • De deelnemer betaalt een passende eigen bijdrage;

  • Het aanbod wordt verzorgd door een deskundige of professional.

B2. Coördinatie van de aanpak eenzaamheid

Omschrijving

De organisatie geeft invulling aan de volgende activiteiten:

  • Voortzetting van de Werkgroep Samen aan zet;

  • Het onderhouden van de contacten met partners in de aanpak van eenzaamheid;

  • Het initiëren/aanjagen van nieuwe initiatieven;

  • Het bijhouden van ontwikkelingen op het gebied van de aanpak eenzaamheid;

  • Coördinatie van de invulling van de Week van de Eenzaamheid in Lansingerland.

Voorwaarden

  • Bij het initiëren/aanjagen van nieuwe initiatieven betreft het initiatieven waarbij meerdere partners uit de gemeente Lansingerland betrokken zijn;

  • De coördinator eenzaamheid deelt actief zijn/haar kennis en ervaringen binnen het netwerk.

B3. Coördinatie van de dementieketen

Omschrijving

De organisatie geeft invulling aan de volgende activiteiten:

  • Het coördineren en afstemmen van de activiteiten van de partners uit de Dementieketen Lansingerland;

  • Voortzetting van de Stuurgroep en de projectgroep van de Dementieketen Lansingerland;

  • Het onderhouden van contacten met partners in de keten, waaronder het organiseren van de jaarlijkse netwerkbijeenkomst;

  • Het bijhouden van de ontwikkelingen op het gebied van dementie;

  • Het coördineren van een jaarlijkse activiteit waarbij extra aandacht wordt gevraagd bij inwoners voor Alzheimer, bv. in het kader van Wereld Alzheimerdag.

Voorwaarden

  • De inzet van de coördinatie van de Dementieketen Lansingerland draagt bij aan de cursussen ‘Dementie, wat nu?’ en ‘Betekenis leven met dementie’.

B4. Begeleiding of ondersteuning door vrijwilligers

Omschrijving

Het bieden van begeleiding of ondersteuning aan minder zelfredzame inwoners door vrijwilligers, met als doel de sociale en mentale zelfredzaamheid bevorderen.

Voorwaarden

  • De organisatie doet vooraf een lichte toets om na te gaan of de ondersteuning passend is voor de inwoner;

  • De organisatie draagt zorg voor de monitoring van de individuele voortgang en zorgt indien nodig voor tijdige doorverwijzing of toeleiding.

B5.Toegankelijk maken van vrijetijdsactiviteiten

Omschrijving

Activiteiten gericht op het bekendmaken of uitnodigen tot deelname aan vrijetijdsactiviteiten voor inwoners van 67 of ouder. We zetten hiermee in op een sterke sociale basis. De activiteit vergroot en behoudt de sociale toegankelijkheid van vrijetijdsactiviteiten voor ouderen.

Voorwaarden

  • Reguliere sportactiviteiten vallen hier niet onder en komen niet voor subsidie in aanmerking.

Prioriteit C. Activiteiten die bijdragen aan de sociale basis

C1. Vrij toegankelijke dagbesteding

Omschrijving

Het bieden van dagbesteding voor minder zelfredzame ouderen, waarbij men ondersteund wordt bij activiteiten en het maken van sociale contacten. De dagbesteding geeft structuur aan de dag voor de inwoner.

Voorwaarden

  • De organisatie doet vooraf een lichte toets om na te gaan of de ondersteuning passend is voor de inwoner;

  • Het aanbod wordt verzorgd door een deskundige of professional;

  • De professionele inzet is aanvullend op vrijwillige inzet, bijvoorbeeld ten behoeve van coördinatie;

  • Er is specifiek aandacht voor het onderwerp geheugenproblematiek;

  • De organisatie monitort frequent de individuele voortgang van de deelnemers en draagt zorg voor tijdige doorverwijzing of toeleiding.

C2. Ouderenadvies

Omschrijving

Het bieden van ouderenadvies en cliëntbegeleiding aan ouderen. Deze activiteiten dragen bij aan het versterken van de eigen kracht van de inwoner en het voorkómen van een zwaardere zorgvraag door middel van vroegtijdige advisering en toeleiding naar passende ondersteuning.

Voorwaarden

  • De professional staat naast de inwoner, zoekt uit wat nodig is en moedigt de inwoner aan om zelf de regie in handen te nemen en te zoeken naar een oplossing;

  • De inzet moet aantoonbaar bijdragen aan het verminderen van sociaal isolement onder ouderen;

  • De advisering moet gericht zijn op het ondersteunen van ouderen om veilig en prettig in de eigen woonomgeving te blijven;

  • De aanvraag geeft een indicatie van:

    • -

      Aantallen korte trajecten (tot 10 uur);

    • -

      Aantallen middellange trajecten (tot 10 tot 20 uur);

    • -

      Aantallen trajecten van meer 20 uur.

C3. Bemoeizorg aan ouderen

Omschrijving

De activiteit is gericht het inzetten van bemoeizorg bij ouderen die benodigde zorg mijden. De inspanningen ten behoeve van de zorgmijder richten zich op:

  • Het verbeteren van de woon- en leefsituatie;

  • Het voorkomen van maatschappelijke achteruitgang;

  • Het versterken van de signalering en het toeleiden naar passende ondersteuning.

Voorwaarden

  • De ondersteuning wordt ingezet met instemming van de coördinator Sluitende Aanpak/Lokaal Team Huiselijk Geweld;

  • De ondersteuning is gericht op het gehele systeem (systeemgerichte aanpak);

  • De organisatie intensief samenwerkt met het lokaal team Sluitende Aanpak en/of het lokaal team Huiselijk Geweld;

  • De organisatie van begeleidingstrajecten Huiselijk Geweld is deelnemer in het lokaal team Huiselijk Geweld wanneer er sprake is van ouderenmishandeling;

  • In de verantwoording wordt een onderscheid gemaakt in trajectduur.

C4. Begeleiding huiselijk geweld/ouderenmishandeling

Omschrijving

Hulpverleningstrajecten door professionals voor ouderen die met huiselijk geweld en/of ouderenmishandeling te maken hebben. Men biedt ondersteuning en begeleiding aan slachtoffers en daders en zorgt waar nodig voor toeleiding naar andere hulp.

Voorwaarden

  • De ondersteuning wordt ingezet met instemming van de coördinator Sluitende Aanpak/Lokaal Team Huiselijk Geweld;

  • De ondersteuning is gericht op het gehele systeem (systeemgerichte aanpak);

  • De organisatie intensief samenwerkt met het lokaal team Sluitende Aanpak en/of het lokaal team Huiselijk Geweld;

  • De aanbieder van begeleidingstrajecten Huiselijk Geweld is deelnemer in het lokaal team Huiselijk Geweld wanneer er sprake is van ouderenmishandeling;

  • In de verantwoording wordt een onderscheid gemaakt in trajectduur.

C5. Toegang Sociaal Domein

Omschrijving

De organisatie zorgt voor een laagdrempelige, integrale toegang waarin vraagverheldering plaatsvindt en toeleiding naar passende interventie. De organisatie voert de volgende taken uit binnen deze activiteit:

  • Coördinatie;

  • Uitvoering toegang: brede uitvraag en ondersteuningsplan;

  • Informatie- en adviesfunctie;

  • Communicatie.

In 2027 werkt het college toe naar het ‘Lokaal Team’. Toegangspartners denken actief mee over hun rol binnen het ’Lokaal Team’ en nemen in overleg deel aan pilots.

Voorwaarden

  • Toegang van inwoners in de leeftijd van 67 jaar en ouder voert de aanbieder uit op basis van de met de gemeente overeengekomen werkwijze en afspraken;

  • Er kan alleen subsidie voor 2027 aangevraagd worden; 2027 is daarmee een transitiejaar. Het college maakt nadere afspraken met de aanbieder over de invulling van deze activiteit voor 2027.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering college en wethouders van Lansingerland van 7 april 2026.

Mickel Beckers

Gemeentesecretaris

Rik van der Linden

Burgemeester

Bijlage 1 Dataprotocol

Overwegingen

  • a.

    De gemeente Lansingerland verstrekt aan maatschappelijke en culturele organisaties een subsidie op grond van de Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland;

  • b.

    Deze subsidie zal door deze organisaties besteed worden aan het uitvoeren van de activiteit(en) waarvoor het college aan hun subsidie verleend heeft.

Afspraken

  • 1.

    Indien organisaties bij de uitvoering van de activiteit(en) persoonsgegevens verwerken doen zij dit in overeenstemming met de geldende privacyregelgeving, waaronder de AVG en de Uitvoeringswet AVG (UAVG).

  • 2.

    De organisatie is verantwoordelijk voor alle eigen verwerkingen van de persoonsgegevens tot en met de verstrekking van de persoonsgegevens aan de gemeente, indien dat nodig is in het kader van de uitvoering van de Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht. De organisatie is tevens verantwoordelijk ten aanzien van de verwerkingen die in zijn opdracht worden verricht.

  • 3.

    De organisatie houdt de persoonsgegevens geheim en zal alle nodige maatregelen treffen om geheimhouding van de persoonsgegevens te verzekeren. De organisatie zal de verplichting tot het voldoen aan de geldende privacyregelgeving en de geheimhouding tevens opleggen aan alle door haar ingeschakelde Derden en de personen die voor haar werkzaam zijn en toegang krijgen tot de persoonsgegevens.

  • 4.

    De organisatie zal de persoonsgegevens uitsluitend verwerken in het kader van de uitvoering van de Subsidieregeling Samenleving 2027-2030 gemeente Lansingerland en titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht. De organisatie zal de persoonsgegevens in geen geval en op geen enkele wijze, verwerken of verstrekken aan Derden voor commerciële doeleinden.

  • 5.

    De organisatie draagt er zorg voor dat de persoonsgegevens op geen enkele wijze buiten de EER worden verwerkt, zoals via opslag in de cloud, of door verwerking door ingeschakelde Derden vanuit een locatie buiten de EER, tenzij de gemeente daar vooraf schriftelijke toestemming voor heeft gegeven. Aan deze toestemming kan de gemeente aanvullende eisen stellen.

  • 6.

    De organisatie zal de persoonsgegevens passend beveiligen in overeenstemming met de geldende privacyregelgeving, waaronder artikel 32 AVG en alle toepasselijke regels en normen met betrekking tot informatiebeveiliging.

  • 7.

    In geval van een Beveiligingsincident waarbij persoonsgegevens zijn getroffen, informeert de organisatie de gemeente zo spoedig mogelijk en in ieder geval binnen 24 uur na ontdekking daarvan. De organisatie zal alle maatregelen treffen om de gevolgen van het Beveiligingsincident te beperken en/of een nieuw incident te voorkomen. De organisatie zal het Beveiligingsincident conform de geldende privacyregelgeving, waaronder artikel 33 en 34 AVG in overleg met de gemeente afhandelen.

  • 8.

    Indien de organisatie niet in overeenstemming handelt met de geldende privacyregelgeving, waaronder de AVG en UAVG of met deze bepaling, vrijwaart de organisatie de gemeente voor alle schade en kosten, inclusief mogelijke boetes, door aanspraken van Derden of handhaving door de Autoriteit Persoonsgegevens of een andere bevoegde toezichthouder.

Bijlage 2 Calamiteitenprotocol

Alle organisaties die taken uitvoeren die onder de Wmo 2015 en Jeugdwet vallen hebben de wettelijke plicht om calamiteiten te melden. De hoogte van de verstrekte subsidie en de locatie van de activiteiten spelen geen rol.

Organisaties die een subsidie ontvangen, melden de calamiteiten bij de betreffende toezichthouder

  • Calamiteiten die betrekking hebben op de kwaliteit van jeugdhulp worden gemeld aan de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd via het Meldformulier Meldingen Jeugd op de website van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.

  • Calamiteiten die betrekking hebben op de kwaliteit van overige algemene voorzieningen worden gemeld aan de GGD Haaglanden via het Meldingsformulier Wmo Toezicht op de website van de GGD Haaglanden.

Wanneer er sprake is van een verhoogd risico op agressie worden er voldoende maatregelen genomen om de risico’s zo objectief mogelijk in te schatten en de veiligheid van andere jeugdigen, personeel en de maatschappij zo goed mogelijk te waarborgen.

Calamiteiten die betrekking hebben op de kwaliteit van jeugdhulp

  • 1.

    Het vermoeden dat er een onnatuurlijke dood heeft plaatsgevonden.

  • 2.

    Ernstige mishandeling of zwaar (blijvend) letsel van een kind of jongere in de gezinssituatie waardoor acuut ingrijpen van buiten nodig is.

  • 3.

    Ernstige mishandeling of zwaar (blijvend) letsel van een jeugdige in een instelling door een medewerker van de instelling of een andere jeugdige.

  • 4.

    Ernstig geweld (zwaar letsel) tegen medewerkers van een instelling, die met jeugdigen en hun ouders/verzorgers werken, door de jeugdige of ouder/verzorger.

  • 5.

    Overige situaties met mogelijk grote maatschappelijke impact of onrust tot gevolg: ernstig grensoverschrijdend gedrag: fysiek, psychisch en/of seksueel grensoverschrijdend gedrag door jeugdigen, ouders, professionals of verzorgers.

  • 6.

    Overige situaties rond een jeugdige tot 23 jaar die (kunnen) leiden tot (landelijke/ regionale/ stedelijke) media-aandacht.

  • 7.

    Vermissing:

    • a.

      Jeugdige is niet binnen 24 uur teruggekeerd in de gesloten instelling en een gevaar voor zichzelf en zijn omgeving.

    • b.

      Er heeft zich een incident voorgedaan tijdens de vermissing (jeugdige is betrokken bij of slachtoffer van een (seksueel) misdrijf.

    • c.

      De jeugdige is jonger dan 13 jaar.

Calamiteiten die betrekking hebben op de kwaliteit van overige algemene voorzieningen

  • 1.

    Het overlijden van een cliënt.

  • 2.

    Het overlijden van een ander als gevolg van het handelen van een cliënt.

  • 3.

    Ernstig en/of blijvend lichamelijk en psychisch letsel van een cliënt of van een ander als gevolg van het handelen van een cliënt.

  • 4.

    Ernstig grensoverschrijdend gedrag: fysiek, psychisch en/of seksueel door en jegens cliënten, door hulpverleners, ouders of verzorgers.

  • 5.

    Vermissing van een cliënt:

    • a.

      Volwassene is niet binnen 24 uur teruggekeerd in een instelling en een gevaar voor zichzelf en zijn omgeving.

    • b.

      Volwassene is onverwacht verdwenen en het is onbekend waar hij/zij nu is, waarbij de afwezigheid afwijkend is ten opzichte van het normale gedrag en het in het belang van de vermiste persoon is dat deze wordt gevonden.

Fysiek, psychisch en/of seksueel grensoverschrijdend gedrag bij verstrekking van een voorziening (jegens een cliënt door een beroepskracht of een andere cliënt).