Beleidsregels individuele inkomenstoeslag gemeente Vlissingen 2025

Geldend van 10-04-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 12-12-2025

Intitulé

Beleidsregels individuele inkomenstoeslag gemeente Vlissingen 2025

Intitule

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Vlissingen;

Overwegende dat het noodzakelijk is regels vast te stellen ten aanzien van de krachten en bekwaamheden van een persoon alsmede de door hem geleverde inspanningen om tot inkomensverbetering te komen in relatie tot het recht op individuele inkomenstoeslag;

Gelet op artikel 1:3 lid 4 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 36 van de Participatiewet en artikel 2 van de Verordening individuele inkomenstoeslag gemeente Vlissingen 2025.

De Beleidsregels individuele inkomenstoeslag gemeente Vlissingen 2025 vast te stellen.

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1.

    In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

    • a.

      het college: het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Vlissingen;

    • b.

      de wet: de Participatiewet en de daarop gebaseerde gemeentelijke verordeningen;

    • c.

      inkomen: totaal van het inkomen, bedoeld in artikel 32 van de Participatiewet, en de algemene bijstand;

    • d.

      langdurig laag inkomen: Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet als gedurende de referteperiode het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm;

    • e.

      peildatum: datum waarop een persoon individuele inkomenstoeslag aanvraagt;

    • f.

      referteperiode: periode van 36 maanden voorafgaand aan de peildatum.

  • 2.

    De begripsbepalingen van de wet zijn onverkort op deze beleidsregels van toepassing.

Artikel 2 Geen uitzicht op inkomensverbetering

Een persoon heeft een langdurig laag inkomen als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de Participatiewet als gedurende de referteperiode van 36 maanden het in aanmerking te nemen inkomen niet hoger is dan 120% van de toepasselijke bijstandsnorm.

Artikel 3 Uitzicht op inkomensverbetering

De volgende personen worden geacht uitzicht te hebben op inkomensverbetering, waardoor zij niet in aanmerking komen voor een individuele inkomenstoeslag:

  • a.

    personen die op de peildatum uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgen (BBL), studiefinanciering ontvangen op grond van de Wet Studiefinanciering 2000 (WSF) of een tegemoetkoming ontvangen op grond van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten (WTOS);

  • b.

    personen die tijdens de referteperiode een opleiding als bedoeld in het vorige lid hebben gevolgd;

  • c.

    inmiddels een hoger inkomen hebben dan bijstandsniveau maar gedurende drie jaar op bijstandsniveau leven wegens een minnelijke schuldregeling of WSNP traject. Na dit traject is er uitzicht op inkomensverbetering.

Artikel 4 Geen inkomenstoeslag

Het college verleent in beginsel geen individuele inkomenstoeslag als er gedurende de referteperiode sprake is geweest van het verwijtbaar niet nakomen van arbeids- en/of re-integratieverplichtingen, waarvoor een maatregel van 30% of meer is opgelegd.

Artikel 5 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 12-12-2025.

Artikel 6 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere omstandigheden afwijken van de bepalingen in deze beleidsregels, indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

Artikel 7 Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels individuele inkomenstoeslag 2025 gemeente Vlissingen

Ondertekening

Vlissingen, 10 maart 2026

Burgemeester en wethouders,

de secretaris,

drs. R.D.A. Wiskerke

de burgemeester,

drs. A.R.B. van den Tillaar