Aanwijzingsbesluit accommodaties, (gesloten) accommodaties, voorzieningen en instellingen Rotterdam 2025

Geldend van 15-04-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 05-07-2025

Intitulé

Aanwijzingsbesluit accommodaties, (gesloten) accommodaties, voorzieningen en instellingen Rotterdam 2025

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,

gelezen het voorstel van de concerndirecteur Maatschappelijke Ontwikkeling van 7 april 2026, kenmerk: M2506-3566;

gelet op artikel 3.4.3, vijfde lid, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025;

overwegende, dat op basis van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 het college een aanwijzingsbesluit neemt over aan te wijzen accommodaties, gesloten accommodaties, voorzieningen en instellingen van waaruit een woningzoekende in aanmerking kan komen voor de indeling in de urgentiecategorie ‘uitstroom naar zelfstandig wonen’;

besluit:

Artikel 1 Aanwijzing instellingen opvang Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Als instellingen voor opvang als bedoeld in artikel 3.4.3, tweede lid, onderdeel a, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 worden aangewezen:

  • a.

    CoachEmUp B.V.

  • b.

    Jan Arends B.V.

  • c.

    Nico Adriaans Stichting

  • d.

    Parnassia Groep B.V.

  • e.

    Stichting Corridor Dienstverlening

  • f.

    Stichting CVD

  • g.

    Stichting Enver

  • h.

    Stichting Humanitas

  • i.

    Stichting Leger des Heils

  • j.

    Stichting Maaszicht

  • k.

    Stichting Ontmoeting

  • l.

    Stichting Pameijer

  • m.

    Stichting EEV.

  • n.

    Stichting Timon

Artikel 2 Aanwijzing voorzieningen beschermd wonen Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Als voorzieningen voor beschermd wonen beschermd wonen als bedoeld in artikel 3.4.3, tweede lid, onderdeel c, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 worden aangewezen:

  • a.

    De Heeren van Zorg B.V.;

  • b.

    Eddee Zorggroep B.V.;

  • c.

    Humane Zorg B.V.;

  • d.

    Medboxing B.V. in combinatie CZorg B.V.;

  • e.

    Nico Adriaans Stichting;

  • f.

    Parnassia Groep B.V.;

  • g.

    Stichting ASVZ;

  • h.

    Stichting Ayudo;

  • i.

    Stichting CVD;

  • j.

    Stichting Enver;

  • k.

    Stichting GGZ Delfland;

  • l.

    Stichting Humanitas;

  • m.

    Stichting Jados;

  • n.

    Stichting KesslerPerspectief;

  • o.

    Stichting Leger des Heils;

  • p.

    Stichting Maaszicht;

  • q.

    Stichting Middin;

  • r.

    Stichting Pameijer;

  • s.

    Stichting EEV.;

  • t.

    Stichting Zeeuwse Gronden, samenleving en participatie;

  • u.

    Stichting Timon;

  • v.

    Stichting Yulius;

  • w.

    Stichting Zuidwester;

  • x.

    Sula Zorg;

  • y.

    Zero & Sano B.V.;

  • z.

    Zorg Hub 24/7 B.V.;

  • aa.

    Zorgfamilie B.V. in combinatie met Alfa & Zorg B.V.

Artikel 3 Aanwijzing GGZ-instellingen

Als instellingen als bedoeld in artikel 3.4.3, tweede lid, onderdeel d, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 worden aangewezen:

  • a.

    Parnassia Groep B.V.;

  • b.

    Stichting GGZ Delfland.

Artikel 4 Aanwijzing accommodaties of gesloten accommodaties jeugdhulp

Als accommodaties of gesloten accommodaties als bedoeld in artikel 3.4.3, tweede lid, onderdeel e, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 worden aangewezen:

  • a.

    Cara Care B.V.;

  • b.

    Cosmo Zorg B.V.;

  • c.

    iHub Zorg B.V.;

  • d.

    Novaa B.V.;

  • e.

    Parnassia Groep B.V.;

  • f.

    Stichting Enver;

  • g.

    Stichting Pameijer;

  • h.

    Stichting EEV.;

  • i.

    Stichting Timon;

  • j.

    Stichting Yulius;

  • k.

    Zorg Hoop Liefde B.V.

Artikel 5 Aanwijzing instellingen forensische zorg

Als instellingen voor forensische zorg als bedoeld in artikel 3.4.3, tweede lid, onderdeel f, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 worden aangewezen:

  • a.

    Fid Zorg B.V.;

  • b.

    Fivoor B.V.;

  • c.

    Humane Zorg B.V.;

  • d.

    Mutatio Zorg Nederland B.V.;

  • e.

    Stichting Exodus;

  • f.

    Stichting GGZ Delfland;

  • g.

    Stichting Maaszicht;

  • h.

    Stichting Middin;

  • i.

    Stichting Pameijer;

  • j.

    Stichting Profilia Zorggroep.

Artikel 6 Aanwijzing opvangwoningen Expertisecentrum seksualiteit, sekswerk en mensenhandel

Als opvangwoningen als bedoeld in artikel 3.4.3, tweede lid, onderdeel g, van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 wordt aangewezen de opvangwoningen Stichting Humanitas.

Artikel 7 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 5 juli 2025.

Artikel 8 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Aanwijzingsbesluit accommodaties, gesloten accommodaties, voorzieningen en instellingen Rotterdam 2025.

Ondertekening

Aldus vastgesteld op 7 april 2026,

De secretaris,

G.J.D. Wigmans

De burgemeester,

C.J. Schouten

Toelichting op het Aanwijzingsbesluit accommodaties, gesloten accommodaties, voorzieningen en instellingen Rotterdam 2025

De Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam geldt voor de woningmarktregio Rotterdam, zijnde 13 gemeenten.

Artikel 3.4.3. van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025, zoals deze geldt per 5 juli 2025, gaat over de urgentiecategorie ‘uitstroom naar zelfstandig wonen’.

Een woningzoekende komt in aanmerking voor indeling in de urgentiecategorie ‘uitstroom naar zelfstandig wonen’ indien hij zich in één van de categorieën bevindt waarvoor in dit aanwijzingsbesluit de zorgaanbieders en instellingen zijn aangewezen. De verschillende categorieën betreffen allen situaties waarin de woningzoekende geen eigen zelfstandige woning heeft. De woningzoekende bevindt zich, op basis van een beschikking van het college van de gemeente Rotterdam (of het college van een van de regiogemeenten bij regionale ondersteuning of hulp) of een zorgindicatiebesluit derhalve in de regio in een maatschappelijke opvang, in beschermd wonen, langdurig in een GGZ-kliniek, in een jeugdhulpaccommodatie, een forensische zorginstelling of in een opvangwoning vanwege mensenhandel. Ook voor slachtoffers van huiselijk geweld die zich in de betreffende opvang bevinden, geldt dat zij onder artikel 3.4.3 vallen. Deze instellingen zijn echter niet in dit besluit aangewezen gelet op de noodzaak deze zorginstellingen niet publiekelijk bekend te maken.

Op een aanvraag om indeling in de urgentiecategorie ‘uitstroom naar zelfstandig wonen’ zijn de weigeringsgronden uit artikel 3.1.3 van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 van toepassing. Dit betreft de inkomensgrens, de indeling in de categorie zelf en omstandigheden als samenstelling huishouden, economische binding, schuldenproblematiek of woonverleden. Ook wanneer de voorziening of instelling niet is aangewezen door het college van burgemeester en wethouders, kan de urgentieverklaring worden geweigerd.

In het derde lid van artikel 3.4.3 van de Verordening woonruimtebemiddeling regio Rotterdam 2025 is geregeld dat het college van burgemeester en wethouders één of meer voorwaarden en beperkingen kan opleggen ten aanzien van de woningzoekenden in de urgentiecategorie ‘uitstroom naar zelfstandig wonen’. Deze voorwaarden kunnen zien op voor de woningzoekende noodzakelijke begeleiding, op voor de woningzoekende noodzakelijke woonruimte van een zorginstelling of op het woongebied. Wanneer deze individuele voorwaarden of beperkingen gelden, wordt dat in de urgentieverklaring vermeld.

Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl