Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR760267
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR760267/1
Verordening op de raadscommissie van de gemeente Hoeksche Waard 2026
Geldend van 10-04-2026 t/m heden
Intitulé
Verordening op de raadscommissie van de gemeente Hoeksche Waard 2026De raad van de gemeente Hoeksche Waard;
gelezen het voorstel van het presidium d.d. 23 februari 2026;
gelet op de artikelen 82 en 84 van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de raadscommissie van de gemeente Hoeksche Waard 2026
HOOFDSTUK 1. Algemene bepalingen
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
- 1.
Commissiegriffier: griffier van een raadscommissie.
- 2.
Commissievoorzitter: voorzitter van een raadscommissie.
- 3.
Griffier: griffier van de raad.
- 4.
Raadsleden: de leden van de gemeenteraad.
- 5.
Burgerleden; door de raad benoemde leden van een commissie niet zijnde raadsleden.
- 6.
Fractieleden: de raads- en burgerleden die deel uitmaken van dezelfde fractie.
- 7.
Wet: Gemeentewet
Artikel 2. Raadscommissie
-
1. De raad stelt conform artikel 82 van de Gemeentewet een raadscommissie in die in raadssessies kan vergaderen in de voorbereidende fases tot aan de besluitvorming.
-
2. De raadscommissie wordt bij aanvang van een nieuwe raadsperiode of tussentijds ingesteld.
-
3. Elk onderwerp (raadsvoorstel, agenderingsverzoek en/of inspreker) op de vergaderdag is een afzonderlijk onderdeel van de commissievergadering, ingedeeld als beeld- of oordeelsvormend vergadertype. De agenda vermeldt op welke wijze het onderwerp wordt behandeld.
-
4. Van elke vergadering is na afloop een audiovisueel verslag beschikbaar via het openbare raadsinformatiesysteem, tenzij dit in verband met de locatie, werkvorm of beslotenheid niet mogelijk is.
Artikel 3. Kenmerken beeldvormende behandeling
-
1. Beeldvormende behandeling van een onderwerp dient om de raads- en burgerleden te informeren en een beeld te laten vormen over een bepaald onderwerp.
-
2. Tijdens de beeldvormende bijeenkomst vindt geen politiek debat plaats.
-
3. Voor de beeldvormende vergaderingen wordt gekozen voor een werkvorm, op advies van de Agendacommissie.
-
4. De agenda vermeldt de werkvorm.
Artikel 4. Kenmerken oordeelsvormende behandeling
-
1. De oordeelsvormende behandeling is bedoeld voor politiek gesprek en debat.
-
2. Bij de oordeelsvormende behandeling brengt de raadscommissie gevraagd en ongevraagd advies uit aan de raad over die onderwerpen waarop haar werkzaamheden betrekking hebben.
-
3. De oordeelsvormende behandeling wordt voor meerdere doeleinden ingezet:
- a.
Oordeelsvorming over raadsvoorstellen.
- b.
Oordeelsvorming naar aanleiding van agenderingsverzoeken van raads- en burgerleden.
- c.
Oordeelsvorming op verzoek van het college als voorbereiding op uitwerking van een concreet raadsvoorstel door middel van een discussienota.
- d.
Oordeelsvorming als onderdeel van een wensen- en bedenkingenprocedure.
- a.
-
4. De oordeelsvormende behandeling vindt plaats in een formele vergadersetting met 2 termijnen, tenzij de agendacommissie anders bepaalt.
-
5. De commissie brengt een behandeladvies uit aan de raad betreffende de voorstellen die op haar agenda staan. Een behandeladvies bestaat uit een van de volgende adviezen:
- a.
Niet rijp voor besluitvorming;
- b.
Hamerstuk;
- c.
Bespreekstuk.
- a.
-
6. Van de oordeelsvormende raadscommissie is na afloop een audiovisueel verslag beschikbaar via het openbare Raadsinformatiesysteem, tenzij dit in verband met beslotenheid niet mogelijk is.
Artikel 6. Samenstelling raadscommissie
-
1. Alle raads- en burgerleden zijn lid van de door de raad ingestelde raadscommissie.
-
2. De artikelen 10, 11, 12, 13, eerste lid, en 15 van de wet zijn van overeenkomstige toepassing op burgerleden. Elke fractie die heeft deelgenomen aan de laatstgehouden verkiezingen van de raad mag maximaal drie burgerleden voordragen om door de raad te worden benoemd tot lid van de raadscommissies.
-
3. Per te behandelen onderwerp treedt van elke fractie één lid van de raadscommissie op als woordvoerder en per vergadering mogen maximaal 2 woordvoerders tegelijkertijd aan de vergadertafel plaatsnemen.
Artikel 7. De commissievoorzitters
-
1. De commissievoorzitters worden door de raad uit zijn midden benoemd en zijn lid van de agendacommissie.
-
2. De voorzitter fungeert als technisch voorzitter.
-
3. De voorzitter is belast met:
- a.
het leiden van de vergadering.
- b.
het handhaven van de orde.
- c.
het verlenen van het woord, het samenvatten van de conclusies, het bevestigen van de gedane toezeggingen en het formuleren van de adviezen aan de raad.
- d.
het doen naleven van dit verordening en hetgeen dit verordening hem verder opdraagt.
- a.
-
4. De raad kan een commissievoorzitter ontslaan, maar niet dan nadat de commissievoorzitter in de gelegenheid is gesteld om zijn zienswijze over het voornemen tot ontslag kenbaar te maken en de raad bij het ontslag deze zienswijze betrekt.
-
5. Een commissievoorzitter kan te allen tijde ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk of elektronisch mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de mededeling in of zoveel eerder als de opvolger is benoemd en diegene de benoeming heeft aangenomen.
-
6. De raad voorziet zo spoedig mogelijk in een vacature van een commissievoorzitter.
Artikel 8. De commissiegriffier
-
1. De griffier regelt de ondersteuning en het secretariaat van de raadscommissies.
-
2. In iedere commissievergadering is een commissiegriffier aanwezig.
Artikel 9. Zittingsduur en vacatures burgerleden
-
1. De zittingsperiode van een burgerlid eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad.
-
2. Het lidmaatschap van een burgerlid eindigt als niet meer wordt voldaan aan de in de artikelen 10 en 13 van de wet gestelde eisen.
-
3. De raad kan een burgerlid ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voor benoeming heeft voorgedragen.
-
4. Een burgerlid en een commissievoorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk of elektronisch mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.
-
5. Indien een fractie niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die fractie is benoemd, van rechtswege.
-
6. Indien een burgerlid verklaart geen deel meer uit te maken van een fractie, vervalt het lidmaatschap van rechtswege.
HOOFDSTUK 2. Algemene bepalingen inzake commissievergaderingen
Artikel 10. Vergaderdag, -plaats en tijdstippen
-
1. De agendacommissie adviseert over de duur van vergaderingen bij het vaststellen van de concept vergaderagenda's.
-
2. De commissievergaderingen van de raad vinden in de regel plaats op dinsdag en worden gehouden in het gemeentehuis in Oud-Beijerland.
-
3. De vergaderingen eindigen niet later dan 23.00 uur, tenzij de raadscommissie anders beslist.
Artikel 11. Oproep en voorlopige agenda
-
1. De commissievoorzitter zendt ten minste 7 dagen voor een vergadering de leden een elektronische oproep. De voorlopige agenda met alle daarbij behorende stukken, met uitzondering van het in hoofdstuk Va van de wet bedoelde informatie waarop geheimhouding rust, worden beschikbaar gesteld in het raadsinformatiesysteem op de internetsite van de gemeente.
-
2. In spoedeisende gevallen kan de commissievoorzitter na het verzenden van de elektronische oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor de aanvang van de vergadering wordt deze met de daarbij behorende stukken ter beschikking gesteld aan de leden in het raadsinformatiesysteem op de internetsite van de gemeente.
-
3. Op de stukken, bedoeld in het eerste en tweede lid, is artikel 12, derde lid van toepassing.
-
4. De agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de raadscommissie vastgesteld.
Artikel 12. Beschikbaar stellen van stukken
-
1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep digitaal gepubliceerd in het raadsinformatiesysteem. Als na het publiceren van de commissieagenda andere stukken worden toegevoegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad.
-
2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst.
-
3. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier. De raad kan een protocol vaststellen voor de wijze waarop raadsleden kennis kunnen nemen van deze informatie
Artikel 13. Openbare kennisgeving
-
1. Vergaderingen worden ter openbare kennis gebracht op de gebruikelijke wijze en door plaatsing in het raadsinformatiesysteem van de gemeente.
-
2. In spoedeisende gevallen kan de openbare kennisgeving uitsluitend langs elektronische weg plaatsvinden.
Artikel 14. Presentielijst
-
1. De commissiegriffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van de commissievergaderingen.
-
2. Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen de leden de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de voorzitter en de commissiegriffier door ondertekening vastgesteld.
Artikel 15. Advies; geen stemmingen
-
1. Wanneer de commissievoorzitter in de vergadering vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is besproken, sluit hij de beraadslaging, tenzij de commissie anders oordeelt.
-
2. Nadat de beraadslaging is gesloten concludeert de commissievoorzitter, gehoord de commissie, of een advies wordt uitgebracht aan de raad of anderszins.
-
3. Indien de raadscommissie een advies uitbrengt aan de raad worden in dat advies de standpunten vermeld zoals door de woordvoerders naar voren zijn gebracht.
-
4. In een vergadering vinden geen stemmingen plaats, met uitzondering van stemmingen over de orde of voor die gevallen waar de raadscommissie anderszins bevoegd is om over te beslissen.
Artikel 16. Aantal spreektermijnen
-
1. Beraadslaging geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie op voorstel van de voorzitter anders beslist.
-
2. Spreektermijnen worden door de commissievoorzitter afgesloten.
-
3. Commissieleden voeren in een termijn niet meer dan éénmaal het woord over hetzelfde onderwerp of voorstel.
-
4. Bij de bepaling hoeveel malen een commissielid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde.
Artikel 17. Spreektijden
-
1. In de commissievergaderingen wordt gewerkt met spreektijden.
-
2. De agendacommissie adviseert vooraf over de spreektijden per onderwerp, rekening houdend met de volgende voorwaarden:
- a.
Er is een totale tijd per onderwerp per fractie;
- b.
Interrupties vallen binnen de spreektijd van degene die interrumpeert. De spreektijd van de geïnterrumpeerde wordt tijdens de interruptie stilgezet.
- a.
-
3. De voorzitter ziet toe op handhaving van de spreektijden en kan extra spreektijd toekennen indien hier aanleiding voor is.
Artikel 18. Deelname aan beraadslaging door anderen
-
1. Onverminderd artikel 21, eerste en tweede lid, van de wet kan de raadscommissie op advies van de agendacommissie op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging.
-
2. Het college of de burgemeester wordt uitgenodigd de vergadering bij te wonen met als doel:
- a.
De commissie te informeren over de geagendeerde onderwerpen.
- b.
Informatie te veschaffen in het kader van de actieve informatieplicht.
- a.
-
3. Het college of de burgemeester kan zich laten bijstaan en in dat kader ook namens hen het woord laten voeren.
-
4. Inwoners en vertegenwoordigers van bedrijven en instellingen kunnen deelnemen aan de beraadslagingen over agendapunten, waarvan de agendacommissie heeft aangegeven dat deze geschikt zijn voor een interactief debat. Een beslissing daartoe wordt genomen door de woordvoerders alvorens met de beraadslaging over het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt gemaakt.
-
5. Op degene die op grond van dit artikel toegelaten is deel te nemen aan de beraadslaging, zijn de bepalingen van deze verordening van toepassing.
Artikel 19. Voorstellen van orde
Commissieleden of de voorzitter kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raadscommissie beslist hier terstond over. Bij het staken van de stemming wordt een voorstel van orde geacht niet te zijn aangenomen.
Artikel 20. Vragen over raadsvoorstellen in de voorbereidende fase
-
1. Raads- en burgerleden kunnen over raadsvoorstellen voorafgaande aan de commissievergadering technische vragen stellen.
-
2. Technische vragen kunnen worden ingediend bij de griffier na publicatie van de agenda van de commissievergadering tot uiterlijk 9.00 uur op de dag voorafgaande aan de vergadering. De beantwoording daarvan vindt zo spoedig mogelijk plaats, maar in ieder geval in de week van deze commissievergadering.
-
3. Technische vragen na afloop van de commissievergadering kunnen worden ingediend bij de griffier tot uiterlijk 12.00 uur op de dag na deze vergadering. De beantwoording daarvan vindt plaats uiterlijk om 12.00 uur op de dag vóór de besluitvormende raadsvergadering.
-
4. Raads- en burgerleden kunnen technische vragen over raadsvoorstellen ook mondeling stellen in de commissievergadering bij beeldvormende behandeling. Indien een technische vraag niet in de vergadering mondeling kan worden beantwoord, vindt ook deze beantwoording plaats uiterlijk om 12.00 uur op de dag vóór de besluitvormende vergadering.
Artikel 21. Actualiteitenronde in de commissievergadering
-
1. Tijdens elke oordeelsvormende vergadering is er een actualiteitenronde, tenzij er bij de voorzitter van de themavergadering geen vragen zijn ingediend. De voorzitter hiervoor genoemd bepaalt op welk tijdstip de actualiteitenronde eindigt.
-
2. De actualiteitenronde is uitsluitend bedoeld voor vragen over actuele onderwerpen aan het college of de burgemeester, waarvoor geldt dat de beantwoording geen uitstel duldt en het aangeduide onderwerp niet in dezelfde themavergadering aan de orde komt.
-
3. Het raads- of burgerlid dat tijdens de actualiteitenronde vragen wil stellen, meldt dit onder aanduiding van het onderwerp en het spoedeisende karakter - bij voorkeur door het vooraf aanleveren van de te stellen vragen -, uiterlijk 9.00 uur op de dag van de vergadering bij de griffie ter attentie van de voorzitter.
-
4. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens de actualiteitenronde aan de orde worden gesteld alsmede de spreektijd voor de vragensteller, het college of de burgemeester.
-
5. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om kort en bondig zijn vragen aan het college of de burgemeester te stellen. Na de eveneens kort en bondige beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de vragensteller desgewenst het woord om een korte aanvullende vraag te stellen.
Artikel 22. Agenderingsrecht in de commissievergadering
-
1. Elk raads- en burgerlid kan verzoeken om agendering van een ingekomen stuk, raadsinformatiebrief of de beantwoording van schriftelijke vragen in de van toepassing zijnde commissievergadering.
-
2. Elk verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover een debat wordt verzocht en dient te worden gesteund door ten minste 8 raadsleden of 3 fracties.
-
3. Daarnaast kan elk raads- en burgerlid verzoeken om agendering van een specifiek onderwerp in de van toepassing zijnde commissievergadering; een dergelijk verzoek gaat vergezeld van een discussienotitie ter voorbereiding op het gewenste debat.
-
4. Het in de vorige leden van dit artikel bedoelde agenderingsverzoek wordt gericht aan de agendacommissie, onder gebruikmaking van het hiervoor door deze commissie vastgestelde format.
-
5. Andere raads- en burgerleden kunnen zich voegen in het agenderingsverzoek. Hiervan wordt melding gemaakt bij de agendering van het onderwerp op de voorlopige agenda van de oordeelsvormende vergadering.
-
6. De agendacommissie honoreert in beginsel de gedane agenderingsverzoeken, tenzij er naar het oordeel van de agendacommissie dringende redenen zijn het agenderingsverzoek af te wijzen.
Artikel 23. Inspreekmogelijkheden belanghebbenden
-
1. Bij aanvang van een commissievergadering kunnen anderen dan deelnemers aan de vergadering zoals bedoeld in artikel 18 inspreken over onderwerpen die geagendeerd of niet geagendeerd zijn. Op de agenda is op advies van de agendacommissie aangegeven hoeveel tijd hiervoor maximaal ter beschikking staat.
-
2. Belanghebbenden die willen inspreken dienen dit uiterlijk de maandagmiddag om 12.00 uur voorafgaand aan de commissievergadering bij de griffie aan te geven onder vermelding van het onderwerp.
-
3. Elke inspreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. Er is maximaal 30 minuten voor alle insprekers tezamen. De voorzitter verdeelt de tijd evenredig over de sprekers als de totaal beschikbare spreektijd daar aanleiding toe geeft. De voorzitter kan in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd.
-
4. Het woord kan niet gevoerd worden:
- a.
Over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan;
- b.
Over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen;
- c.
Over personen;
- d.
Over een onderwerp waarover door dezelfde persoon, dezelfde organisatie of vertegenwoordiger daarvan reeds ingesproken is en sindsdien geen gewijzigde omstandigheden zijn ontstaan;
- e.
Indien een klacht op grond van artikel 9:1 van de Algemeen wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend;
- f.
Ter promotie van een dienst of product vanuit een commercieel belang en/of partijpolitiek belang.
- a.
-
5. Als in een commissie meerdere onderwerpen geagendeerd zijn, kan de voorzitter besluiten de volgorde van behandeling te wijzigen om eerst die onderwerpen te behandelen waarover is ingesproken.
-
6. De voorzitter kan de tijd voor het stellen van vragen door commissieleden aan de inspreker en de beantwoording daarvan door de inspreker beperken tot maximaal 15 minuten waarbij elke fractie maximaal 2 korte verhelderende vragen mag stellen.
Artikel 24. Handhaving orde en schorsing door commissievoorzitter
-
1. De commissievoorzitter is op grond van artikel 7, derde lid van deze verordening belast met het handhaven van de orde in de vergadering.
-
2. De voorzitter kan de raadscommissie voorstellen aan een commissielid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het commissielid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de commissievoorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan de voorzitter het commissielid voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd.
-
3. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een zelf te bepalen tijd schorsen en, als na heropening de orde opnieuw wordt verstoord, de vergadering sluiten.
-
4. De voorzitter roept sprekers tot de orde als deze zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere sprekers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. Sprekers die hieraan geen gevolg geven kunnen door de voorzitter het woord worden ontnomen over het aanhangige onderwerp.
Artikel 25. Verslag van de commissievergadering
-
1. De commissiegriffier draagt zorg voor het bijhouden van videoverslagen en de besluitenlijsten van de commissievergaderingen.
-
2. Het videoverslag omvat de volledige vergadering, wordt geïndexeerd naar de onderwerpen die besproken zijn en de sprekers die het woord hebben gevoerd.
-
3. Het videoverslag wordt uiterlijk binnen een week via de internetsite van de gemeente toegankelijk gemaakt.
-
4. De besluitenlijst van de vergadering bevat in ieder geval:
- a.
de namen van de commissievoorzitter, de commissiegriffier, de burgemeester, de wethouders, de raads- en commissieleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben.
- b.
een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest.
- c.
korte samenvattingen van het advies aan de raad, van de wensen en bedenkingen aan het college en de burgemeester en de toezeggingen van het college of de burgemeester.
- d.
bij het desbetreffende agendapunt, de naam van die personen aan wie op grond van het bepaalde in de artikel 18 door de vergadering is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen.
- a.
Artikel 26. Toepassing verordening op besloten vergaderingen
Op besloten vergaderingen is deze verordening van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering.
Artikel 27. Geheimhouding in de raadscommissies
Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de wet of op de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding wordt opgelegd. De raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen.
Artikel 28. Verslag besloten vergadering
-
1. Conceptbesluitenlijsten en audiovisuele weergave van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar berusten bij de commissiegriffier.
-
2. Deze besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de commissie een besluit over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op het vastgestelde verslag en de besluitenlijst.
-
3. Als de besluitenlijsten zonder opmerkingen, wijzigingen en of toevoegingen kunnen worden vastgesteld, worden deze in een openbare vergadering vastgesteld.
-
4. De vastgestelde besluitenlijsten worden door de voorzitter en de commissiegriffier ondertekend.
Artikel 29. Opheffing geheimhouding
Geheimhouding die door de commissie is opgelegd kan overeenkomstig artikel 89, derde en vierde lid, van de wet worden opgeheven.
Artikel 30. Toehoorders en pers
-
1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare vergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen.
-
2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.
-
3. De commissievoorzitter is bevoegd, wanneer de orde in de vergadering op enigerlei wijze door toehoorders wordt verstoord, deze en zo nodig andere toehoorders te doen vertrekken. De voorzitter is bevoegd toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering vestoren voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering te ontzeggen.
Artikel 31. Geluid- en beeldregistraties
Degenen die van een openbare vergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
HOOFDSTUK 3. Slotbepalingen
Artikel 32. Uitleg reglement
In gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van de verordening, beslist de commissie op voorstel van de voorzitter.
Artikel 33. Inwerkingtreding en citeertitel
-
1. Deze verordening treedt in werking op 1 april 2026.
-
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening op de raadscommissie van de gemeente Hoeksche Waard 2026
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 10 maart 2026,
M.J.E.M. van Dam
Griffier a.i.
M. Witte
Voorzitter
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl