Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR760227
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR760227/1
Regeling vervalt per 01-01-2028
Nadere regels experiment Wonen Eerst Dordrecht
Geldend van 09-04-2026 t/m 31-12-2027
Intitulé
Nadere regels experiment Wonen Eerst DordrechtIntitulé
Nadere regels experiment Wonen Eerst Dordrecht
Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente Dordrecht,
gezien het voorstel inzake Vaststellen Nadere regels Wonen Eerst;
gelet op artikel 5.6 van de Huisvestingsverordening gemeente Dordrecht;
overwegende, dat het gewenst is om nadere regels vast te stellen voor een experiment Wonen Eerst Dordrecht, omdat:
- -
de dakloosheid in Nederland en in Dordrecht blijft toenemen;
- -
het huidige beleid met betrekking tot het toewijzen van woningen aan dakloze mensen in Dordrecht enkel gericht is op mensen die in een opvanginstelling verblijven;
- -
het experiment Wonen Eerst Dordrecht als doel heeft om dakloosheid te bestrijden en daarmee de instroom in de maatschappelijke opvang zoveel mogelijk te beperken;
- -
opvangvoorzieningen geen duurzame oplossing bieden voor dak- en thuisloosheid, en in veel gevallen leiden tot verdere ontregeling van de leefsituatie;
- -
inzet op directe toegang tot een stabiele en zelfstandige woonplek, gecombineerd met passende ondersteuning herstel bevordert, verdere achteruitgang voorkomt en inwoners een fundament biedt voor het opbouwen van perspectief en maatschappelijke participatie;
B E S L U I T :
vast te stellen de navolgende:
Nadere regels experiment Wonen Eerst Dordrecht:
Artikel 1 Definities
In deze nadere regels wordt verstaan onder:
- 1.
ETHOS-Light doelgroep:
- a.
Personen die op straat leven;
- b.
Personen in noodopvang voor daklozen;
- c.
Personen in tijdelijke opvang voor daklozen;
- d.
Personen die een instelling verlaten, zonder vervolghuisvesting en mensen die langer in een instelling verblijven door gebrek aan passende huisvesting;
- e.
Personen in niet-conventionele woonplekken: zoals een auto, boot, stacaravan, schuur of woning zonder basisvoorzieningen;
- f.
Personen die tijdelijk verblijven bij familie, vrienden of kennissen;
- g.
Personen met een dreigende huisuitzetting zonder passende vervolghuisvesting, die op het punt staan dakloos te worden.
- a.
- 2.
Ondersteuning: Alle professionele en informele activiteiten die gericht zijn op het bevorderen van zelfstandig wonen, herstel en maatschappelijke participatie.
Artikel 2 Uitgangspunten
Het college onderschrijft de uitgangspunten zoals geformuleerd in het Nationaal Actieplan Dakloosheid: Een (t)huis voor iedereen. Deze basisprincipes vormen tevens het fundament voor de uitvoering van het experiment Wonen Eerst Dordrecht:
- 1.
Huisvesting is een mensenrecht;
- -
Huisvesting wordt erkend als een fundamenteel mensenrecht. Een eigen, stabiele woonplek vormt de basis voor herstel, veiligheid en maatschappelijke participatie. Dakloosheid wordt niet gezien als een individueel falen, maar als een maatschappelijke opgave die vraagt om structurele oplossingen.
- -
- 2.
Voorkomen is beter dan genezen;
- -
Het beleid is gericht op het voorkomen van dakloosheid. Tijdelijke opvang wordt slechts ingezet als uiterste middel. Wonen in een eigen woning is niet alleen effectiever voor herstel, maar ook kostenefficiënter dan langdurige opvangvoorzieningen.
- -
- 3.
Scheiden van wonen en zorg;
- -
Wonen en ondersteuning worden van elkaar gescheiden. Het uitgangspunt is een regulier huurcontract, waarbij de ondersteuning niet gekoppeld is aan het recht op huisvesting. Dit bevordert stabiliteit en rechtszekerheid voor de bewoner.
- -
- 4.
Ondersteuning is op maat;
- -
De ondersteuning wordt afgestemd op de individuele behoeften van de bewoner. Deze kan variëren in intensiteit en duur, en wordt geboden zolang dat nodig is. De ondersteuning is flexibel en gericht op het versterken van de eigen kracht.
- -
- 5.
Vergroten van eigen keuze, regie en autonomie;
- -
Het beleid is gericht op het vergroten van eigen regie, keuzevrijheid en autonomie van de bewoner. De ondersteuning stimuleert zelfbeschikking en voorkomt afhankelijkheid, met als doel het duurzaam voorkomen van hernieuwde dakloosheid.
- -
- 6.
De ondersteuning richt zich op herstel;
- -
De ondersteuning richt zich op mogelijkheden en ambities van mensen, niet op hun beperkingen. Er wordt gewerkt vanuit vertrouwen in het herstelvermogen van de bewoner, met aandacht voor persoonlijke doelen en perspectief.
- -
- 7.
Inzet van ervaringskennis;
- -
Waar mogelijk wordt gebruik gemaakt van ervaringskennis. Mensen die zelf dakloosheid hebben ervaren, worden actief betrokken bij de ontwikkeling en uitvoering van beleid en ondersteuning.
- -
Artikel 3 Doelgroep experiment
- 1.
Het experiment Wonen Eerst Dordrecht richt zich op personen die vallen binnen de ETHOS-Light definitie van dakloosheid, zoals omschreven in artikel 1. Uitzondering hierop vormen personen die op grond van artikel 2.1.11 van de Huisvestingsverordening gemeente Dordrecht voor een voorrangsverklaring in aanmerking komen en personen van wie de dakloosheid aantoonbaar het gevolg is van eigen toedoen.
- 2.
Binnen de doelgroep zoals bedoeld in het eerste lid, worden de navolgende groepen met prioriteit behandeld:
- a.
gezinnen met ten minste één minderjarig kind;
- b.
jongvolwassenen in de leeftijd van 18 tot en met 28 jaar.
- a.
Artikel 4 Afwijking van reguliere regels
- 1.
Gedurende de looptijd van het experiment Wonen Eerst Dordrecht wijkt de gemeente af van de volgende bepalingen uit de Huisvestingsverordening:
- a.
Artikel 2.1.1 t/m 2.1.5: regels met betrekking tot wachttijd, urgentiecriteria en inschrijfduur;
- b.
Artikel 2.1.11: voorrangsgrond ‘verlaten instelling’.
- a.
- 2.
De in het eerste lid bedoelde afwijking betekent dat de toewijzing van woningen binnen het experiment niet verloopt via de reguliere procedure van Woonkeus Drechtsteden. In plaats daarvan vindt toewijzing plaats op basis van een besluit van het college, in overleg met de betrokken woningcorporatie(s) en indien van toepassing, een betrokken zorg- of ondersteuningsorganisatie.
Artikel 5 Woningtoewijzing en beschikbaarheid
- 1.
Jaarlijks stellen de woningcorporaties in Dordrecht ten behoeve van het experiment Wonen Eerst Dordrecht maximaal 50 sociale huurwoningen beschikbaar.
- 2.
De selectie van deelnemers voor woningtoewijzing vindt plaats in gezamenlijk overleg tussen:
het college, de betrokken woningcorporatie(s), en indien van toepassing, een betrokken zorg- of ondersteuningsorganisatie.
- 3.
Na selectie van de deelnemer wordt de woning aan hem zo spoedig mogelijk toegewezen. De beoogde termijn voor toewijzing bedraagt zes weken na het moment van selectie.
- 4.
Inwoners kunnen zich niet zelfstandig aanmelden voor deelname aan het experiment. Woningtoewijzing vindt uitsluitend plaats op basis van geaccordeerde casuïstiek, via een nader, in overleg met de betrokken samenwerkingspartners, te bepalen proces.
Artikel 6 Toelatingscriteria en voorwaarden
- 1.
Voor deelname aan het experiment Wonen Eerst Dordrecht komen uitsluitend personen in aanmerking die:
- a.
behoren tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 3;
- b.
beschikken over een inkomen of inkomensvoorziening, waaronder begrepen een uitkering op grond van de Participatiewet, waarmee zij zelfstandig kunnen wonen en voldoen aan de landelijke inkomensnormen voor sociale huur;
- c.
aantoonbare binding hebben met de gemeente Dordrecht, overeenkomstig het woonplaatsbeginsel.
- a.
- 2.
Indien de ervaringen binnen het experiment daartoe aanleiding geven, kan het college de toelatingscriteria tussentijds aanpassen.
Artikel 7 Ondersteuning en nazorg
- 1.
Voorafgaand aan de toewijzing van een woning wordt in overleg met de deelnemer de ondersteuningsbehoefte vastgesteld. Daarbij wordt gekeken naar de aard, intensiteit en verwachte duur van de benodigde ondersteuning.
- 2.
Op basis van deze inventarisatie worden afspraken vastgelegd in een driepartijenovereenkomst tussen de huurder, de woningcorporatie en de betrokken ondersteuningsorganisatie.
- 3.
De deelnemer ontvangt ondersteuning die aansluit bij zijn of haar situatie. Deze ondersteuning wordt geboden zo lang als nodig en zo kort als verantwoord, met als doel het bevorderen van zelfstandigheid en stabiliteit.
- 4.
De deelnemer houdt zich aan de gemaakte afspraken zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel. Beëindiging van de ondersteuning vindt uitsluitend plaats conform de ondersteuningsbehoefte, zoals vastgesteld in lid 1, of eerder in gezamenlijk overleg.
- 5.
Indien beëindiging van de ondersteuning aan de orde is, wordt – indien nodig – zorggedragen voor een zorgvuldige overdracht naar andere betrokken instanties of hulpverleners.
Artikel 8 Monitoring en evaluatie
- 1.
Het college stelt in samenwerking met betrokken partners een monitoringskader op voor het experiment Wonen Eerst Dordrecht
- 2.
Minimaal tweemaal per jaar rapporteert het college aan de gemeenteraad over de voortgang van het experiment. De rapportage bevat in ieder geval informatie over:
- a.
het aantal woningtoewijzingen;
- b.
het aantal deelnemers dat voortijdig uitstroomt, inclusief reden van uitval;
- c.
de aard, intensiteit en effectiviteit van de geboden ondersteuning;
- d.
de effecten op de woonruimteverdeling.
- a.
- 3.
De in lid 2 genoemde rapportages worden gedeeld met de relevante samenwerkingspartners.
- 4.
Het experiment loopt van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2027.
Artikel 9 Communicatie en verantwoording
- 1.
Het college is verantwoordelijk voor de coördinatie van de communicatie rondom het experiment Wonen Eerst Dordrecht. Dit betreft communicatie richting:
- a.
de gemeenteraad,
- b.
woningcorporaties,
- c.
de betrokken zorg- en ondersteuningsorganisaties,
- d.
Inwoners.
- a.
Artikel 10 Citeertitel Deze nadere regels worden aangehaald als: “Nadere regels experiment Wonen Eerst Dordrecht”. Artikel 11 Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026 en geldt tot en met 31 december 2027.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de vergadering van dinsdag 11 november 2025.
Het college van Burgemeester en Wethouders
C.H.W.M. Post, N. Mol
secretaris, burgemeester
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl