Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR760119
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR760119/1
Spelregels invoering betaald parkeren 2026
Dit is een toekomstige tekst! Geldend vanaf 09-04-2026
Intitulé
Spelregels invoering betaald parkeren 2026Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijmegen,
Gelet op artikel 3.1.2 van het besluit ruimtelijke ordening en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht
Besluit vast te stellen de:
Spelregels invoering betaald parkeren 2026
Hoofdstuk 1 – Inleiding
Met de Spelregels invoering betaald parkeren maken we duidelijk hoe de gemeente omgaat met de invoering van betaald parkeren. Hierdoor wordt inzichtelijk voor burgers wat er moet gebeuren om betaald parkeren ingevoerd te krijgen. De invoering van een nieuw parkeergebied leidt regelmatig tot vragen bij bewoners. Bewoners willen graag duidelijkheid over de uitkomsten van parkeeronderzoeken en over de manier waarop deze uitkomsten worden geïnterpreteerd. Met deze geactualiseerde beleidsregels hebben we de werkwijze van de gemeente in één document voor bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden vastgelegd. In deze beleidsregels worden de processtappen en voorwaarden beschreven waaraan moet worden voldaan om betaald parkeren in te voeren in een gebied.
Artikel 1: Doel en doelgroep invoering betaald parkeren
-
1. In wijken die grenzen aan gebieden waar (particulier) betaald parkeren van kracht is, wordt vaak geparkeerd door forenzen. Hierdoor kan een tekort aan parkeerruimte voor de bewoners en de zakelijk belanghebbende ontstaan. Ook elders in de stad kunnen parkeerproblemen ontstaan door nieuwe functies en/of toegenomen autobezit onder bewoners/ondernemers, waardoor de parkeerdruk op de openbare ruimte toeneemt.
-
2. De invoering van betaald parkeren (in combinatie met het tegen een relatief laag tarief verstrekken van parkeervergunningen aan bewoners) kan een oplossing bieden voor de leefbaarheidsproblemen die het tekort aan parkeerruimte met zich meebrengt. Door de verdeling wordt de parkeersituatie ook duidelijker en kan hier efficiënt worden gehandhaafd.
-
3. In de vigerende regelgeving met betrekking tot betaald parkeren wordt bepaald wie in aanmerking komt voor een vergunning, onder welke voorwaarden en hoe de vergunning uitgifte voorts wordt bepaald.
Artikel 2: Bepalen parkeerdruk per gebied
-
1. De procedure tot invoering betaald parkeren start met het vaststellen van gebiedsgrenzen. Om de grenzen van een gebied te bepalen is uitgegaan van logische fysieke grenzen, zoals doorgaande wegen, water of logische verkeerscirculatie. Als een grens midden over een doorgaande weg loopt, dan is de weg aan beide zijden opgenomen in één gebied, tenzij de weg door een brede middenberm wordt gescheiden. De gebieden zijn opgenomen in bijlage 1.
-
2. Een parkeerdrukonderzoek wordt uitgevoerd als uit een gebied door minimaal 20% van het aantal adressen in het logisch afgebakende gebied een verzoek bij de gemeente wordt ingediend om betaald parkeren in te voeren. Hiervoor is een digitaal meldsysteem beschikbaar. We kiezen voor dit percentage, omdat het recht doet aan de grootte van het parkeerprobleem.
-
3. Het parkeerdrukonderzoek wordt gedurende 14 dagen in een representatieve periode uitgevoerd in het betreffende onderzoeksgebied. Het parkeerdrukonderzoek wordt uitgevoerd op minimaal twee werkdagen (dinsdag en donderdag) op de volgende 4 meet-momenten:
- a.
tussen 08.00 uur en 12.00 uur,
- b.
tussen 12.00 uur en 18.00 uur (basisblok),
- c.
tussen 18.00 uur en 21.00 uur,
- d.
tussen 21.00 uur en 23.00 uur.
En op twee zaterdagen tussen 08.00 uur en 12.00 uur en tussen 12.00 uur en 18.00 uur.
Indien er gedurende het onderzoek grootschalige infrastructurele werkzaamheden of evenementen zijn in het te onderzoeken gebied, of sprake is van een vakantieperiode dan kan geen representatief onderzoek worden uitgevoerd. Het aantal openbare parkeerplaatsen wordt geïnventariseerd op basis van het gemeentelijk telprotocol. De parkeerdruk wordt bepaald door het aantal bezette parkeerplaatsen te delen door het aantal reguliere openbare parkeerplaatsen in een gebied.
- a.
-
4. Indien in een onderzoeksgebied bij 3 of meer meetmomenten de parkeerdruk tussen 75% en 85% ligt en deze momenten kritisch zijn voor het invoeren van betaald parkeren wordt binnen twee weken een controletelling uitgevoerd.
Artikel 3: invoering betaald parkeren
-
1. Het College van burgemeester en wethouders wordt geadviseerd om tot invoering van betaald parkeren over te gaan als:
- •
de parkeerdruk in een van stap 1 gedefinieerd gebied op minimaal drie representatieve meetmomenten gemiddeld 80% of hoger is.
- •
-
2. De procedure voor de invoering van betaald zoals beschreven in artikel 2 geldt niet voor gebieden waar de komende jaren ruimtelijke ontwikkelingen plaats vinden (met parkeren op eigen terrein). Het college van B&W wil de planontwikkeling op deze locaties combineren met de invoering van betaald parkeren in het desbetreffende gebied. Dit omdat:
- •
ontwikkelingen makkelijker van de grond komen in gereguleerd gebied, doordat het gebruik van de bij de ontwikkeling gerealiseerde parkeervoorziening wordt gewaarborgd en hiermee financierbaar is;
- •
er lagere parkeernormen kunnen worden gehanteerd, waardoor ontwikkelaars minder parkeerplaatsen hoeven te realiseren (betaalbaar bouwen);
- •
de gebruikers van het betreffende complex niet in aanmerking komen voor een parkeervergunning om op straat te parkeren en we met betaald parkeren dus voorkomen dat de gevolgen van een ontwikkeling niet worden afgewenteld op de buurt.
- •
-
3. Het college van B&W gaat bij realisatie van een woningcomplex van 50 of meer woningen én parkeergelegenheid op eigen terrein, over tot invoering van betaald parkeren in de directe omgeving. Dit geldt voor Waalfront (westzijde spoor), Waterkwartier, Wolfskuil, Stationsgebied, Hof van Holland, binnenstad, Spoorstraat (Lent), Winkelsteeg, ROC Zwanenveld en winkelcentrum Dukenburg.
-
4. In de rest van Nijmegen wordt niet automatisch betaald parkeren ingevoerd bij ruimtelijke ontwikkelingen, maar legt het college bij de planvorming met 50 of meer wooneenheden met parkeren op eigen terrein per project een raadsvoorstel ter besluitvorming, zodat bij de realisatie betaald parkeren ingevoerd kan worden.
-
5. Bij het bepalen van de grenzen van het betaald parkeergebied wordt uitgegaan van logische fysieke grenzen, een loopafstand van 300 meter vanaf de grens van het ontwikkelgebied en de gebieden die zijn opgenomen in bijlage 1.
- •
Deze mogelijkheid geldt eveneens voor gebieden waar samen met bedrijven / instellingen actief wordt ingezet op een mobiliteitstransitie. Invoering van betaald parkeren is nodig is om te voorkomen dat automobilisten uitwijken naar de omgeving waardoor de gewenste mobiliteitstransitie niet wordt gehaald.
- •
-
6. De procedure voor de invoering van betaald parkeren zoals beschreven in artikel 2 geldt eveneens niet voor gebieden die grenzen aan het betaald parkeergebied. Er wordt 1 keer per jaar een parkeerdrukonderzoek uitgevoerd in de gebieden die grenzen aan betaald parkeren. De zogenaamde schilgebieden. Dit parkeerdrukonderzoek wordt 1 keer per jaar uitgevoerd in het voorjaar.
Hiermee kan het college van B&W -ten behoeve van de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid van het betreffende gebied- bij een gemiddelde parkeerdruk van minimaal 80% in een aan het betaald parkeren grenzende deelgebied, overgaan tot invoering van betaald parkeren zonder dat 20% van de adressen hiervoor een verzoek heeft ingediend. De grens van 80% moet hiervoor op drie verschillende onderzoeksdagen, op één of meerdere momenten middels een parkeeronderzoek worden aangetoond.
Bedrijven en organisaties met parkeren op eigen terrein worden na het besluit om betaald parkeren in te voeren hier uiteraard over geïnformeerd. Dit zodat het betreffend bedrijf/organisatie tijdig maatregelen kan nemen om parkeerdruk op het parkeerterrein na invoering van betaald parkeren te voorkomen. Ook kan men met een regeling de gemeente vragen om betaald parkeren op het eigen terrein in te voeren. Denk hierbij aan woningcorporaties die eigen terrein bezitten. Als het terrein dan wordt toegevoegd aan de openbare ruimte biedt dat voor bewoners meer ruimte om te parkeren. Zij komen in aanmerking voor het aanvragen van een parkeervergunning.
Artikel 4: Tijden betaald parkeren
-
1. Bij betaald parkeren in nieuwe gebieden geldt de maandag t/m zaterdag van 12.00 tot 18.00 uur als basisblok. Het basisblok is zo ingericht dat het ongunstig is voor forenzen om hier te parkeren.
-
2. Het basisblok is uit te breiden met een of meerdere van de volgende blokken:
- •
maandag tot en met zaterdag van 09.00 tot 12.00 uur,
- •
maandag tot en met zaterdag van 18.00 tot 21.00 of 23.00 uur,
- •
de zondag van 9.00 of 12.00 uur tot 18.00 / 21.00 of 23.00 uur.
- •
-
3. Bij de invoering van betaald parkeren in nieuwe gebieden wordt op basis van de gemeten parkeerdruk (zie artikel 2, lid 3) of op basis van goede aansluiting bij aangrenzend gebied bekeken of direct één of meerdere blokken moet worden toegevoegd aan het basisblok. Hiervoor zijn mogelijk aanvullende parkeertellingen nodig ter onderbouwing.
-
4. Bij gebieden waar reeds betaald parkeren is ingevoerd kan worden gevraagd om een uitbreiding van de betaaltijden. Daarvoor hanteren we de aanpak zoals hieronder beschreven:
- •
De onderzoeksgebieden blijven beheersmatig in stand in de parkeerzones
- •
Als binnen één onderzoeksgebied 20% van de adressen een klacht indient, wordt in de gehele zone een parkeeronderzoek gedaan,
- •
Er wordt alleen gemeten in tijdsblokken waar nog geen betaald parkeren geldt en die grenzen aan bestaande blokken (voorbeeld: als in een zone betaald parkeren geldt van 12.00 tot 18.00 dan wordt een parkeerdrukmeting uitgevoerd in de tijdzones 9.00 tot 12.00 en 18.00 tot 21.00).
- •
Elk tijdsblok wordt 2 keer gemeten (één keer aan het begin en één keer aan het eind van het tijdsblok),
- •
Metingen vinden plaats op dinsdag, donderdag en zaterdag (dus elk tijdsblok wordt zes keer gemeten).
- •
Betaald parkeren wordt voor een bepaald tijdsblok ingevoerd in de gehele zone als:
- a.
In één of meerdere onderzoeksgebieden op 2 (of meer) van de 6 momenten in dat tijdsblok de parkeerdruk 80% of hoger is
- a.
- •
Bij metingen waarbij de parkeerdruk tussen de 75% en 85% ligt wordt binnen twee weken een controlemeting gedaan.
- •
Artikel 5: besluitvorming
-
1. Het college van B&W stelt invoering betaald parkeren vast door het nemen van een collegebesluit. Aanvullend daarop wordt twee keer per jaar het Besluit tot aanwijzing en uitwerking betaald parkeren aangepast. Dit is ook een collegebevoegdheid. Met dit besluit worden de grenzen van het nieuwe betaald parkeergebied officieel vastgelegd en wordt de heffing van parkeerbelasting in het nieuwe gebied wettelijk mogelijk gemaakt.
-
2. Het nemen van dit besluit wordt tweemaal per jaar gedaan. Dit gebeurt in april en september, zodat de gebieden formeel ingevoerd worden op 1 mei en 1 november.
Artikel 6: Uitzondering
-
1. De standaardprocedure voor de invoering van betaald parkeren geldt niet voor gebieden waar ruimtelijke ontwikkelingen plaats vinden. Het college van B&W wil de planontwikkeling op deze locaties combineren met de invoering van betaald parkeren in het desbetreffende gebied. Ontwikkelingen komen namelijk makkelijker van de grond in gereguleerd gebied, doordat het gebruik van de bij de ontwikkeling gerealiseerde parkeervoorziening wordt gewaarborgd en hiermee financierbaar is. Daarvoor geldt artikel 3 lid 2.
Artikel 7. Citeertitel
Deze beleidsregels worden aangehaald als: ‘Spelregels invoering betaald parkeren 2026’.
Artikel 8. Inwerkingtreding
-
1. De “Spelregels invoering betaald parkeren 2026” treden in werking op de dag na publicatie onder gelijktijdige intrekking van Spelregels invoering betaald parkeren 2024.
Ondertekening
Aldus vastgesteld in de collegevergadering van: 31 maart 2026
de gemeentesecretaris
A.P.W. van de Klift
de burgemeester
H.M.F. Bruls
Bijlage 1 – overzicht onderzoeksgebieden
Bijlage 2 – overzicht vergunninggebieden
De zones worden genummerd naar de op straat te hanteren nummering van betaalautomaten.
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl