Beleidsregels bijtincidenten gemeente Wageningen 2026

Geldend van 08-04-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregels bijtincidenten gemeente Wageningen 2026

De burgemeester van de gemeente Wageningen;

gelet op:

  • -

    de Algemene wet bestuursrecht (Awb), artikelen 1:3, vierde lid, 4:81, eerste lid, 4:83;

  • -

    de Gemeentewet (Gemw), artikelen 125, derde lid, en 172, derde lid;

  • -

    de Algemene plaatselijke verordening Wageningen 2024 (APV) artikel 2.59;

overwegende dat:

  • -

    de burgemeester een aanlijn- en muilkorfgebod kan opleggen aan de eigenaar of houder van een hond die in verband met zijn gedrag gevaarlijk of hinderlijk wordt geacht;

  • -

    de burgemeester over kan gaan tot inbeslagname van een gevaarlijke hond;

  • -

    het wenselijk is om in dit beleid vast te stellen in welke gevallen de burgemeester overgaat tot het opleggen van een aanlijn- en muilkorfgebod of inbeslagname van de hond;

Besluit vast te stellen de ‘Beleidsregels bijtincidenten gemeente Wageningen 2026’:

Artikel 1 Definities

In deze beleidsregels wordt verstaan dan wel mede verstaan onder:

  • a.

    Licht bijtincident: de situatie dat een hond een persoon, ander dier of voorwerp bijt, maar daarbij geen sprake is van ernstig letsel of ernstige gevolgen.

  • b.

    Van een ernstig bijtincident is sprake als:

    • I.

      een persoon of ander dier overlijdt als direct gevolg van het bijtincident;

    • II.

      een hond ernstig letsel toebrengt aan een persoon of ander dier;

    • III.

      meer dan één keer binnen een periode van twee jaar een licht bijtincident plaatsvindt;

    • IV.

      een bijtincident door een hond dat vermeld staat op de lijst van hoog-risico honden (gebaseerd op de RDA lijst) van het ministerie; of,

    • V.

      het bijtincident door de burgemeester anderszins als ernstig wordt aangemerkt.

  • c.

    Ernstig letsel: een persoon of ander dier noodzakelijke medische behandeling moet ondergaan als gevolg van een bijtincident. Het enkel toegediend krijgen van een tetanusprik wordt voor deze beleidsregels niet beschouwd als ‘noodzakelijke medische behandeling’.

  • d.

    Hinderlijke hond: een hond die een licht bijtincident heeft veroorzaakt.

  • e.

    Gevaarlijke hond: een hond die een ernstig bijtincident heeft veroorzaakt.

  • f.

    Kort aanlijnen: aanlijnen van een hond met een deugdelijke lijn met een lengte, die gemeten van hand tot halsband, niet langer is dan 1,50 meter.

  • g.

    Muilkorf: een muilkorf vervaardigd van stevige kunststof, stevig leer of van beide stoffen, die door middel van een stevige leren riem rond de hals zodanig is aangebracht dat verwijdering zonder toedoen van een mens niet mogelijk is en die zodanig is ingericht dat de drager geen persoon of ander dier kan bijten, dat de afgesloten ruimte binnen de korf een geringe opening van de bek van de hond toelaat en dat geen scherpe delen binnen de korf aanwezig zijn.

Artikel 2 Licht bijtincident

De burgemeester acht een hond hinderlijk als sprake is van een licht bijtincident. Indien sprake is van een licht bijtincident, hanteert de burgemeester het uitgangspunt dat een schriftelijke waarschuwing wordt gegeven. Met deze waarschuwing wordt de houder en/of eigenaar gewezen op verantwoordelijkheid, mogelijke gevolgen, en op mogelijkheden om met een hondengedragstherapeut het ongewenst gedrag van de hond bij te sturen.

Artikel 3 Ernstig bijtincident

  • 1. De burgemeester acht een hond gevaarlijk als sprake is van een ernstig bijtincident. Indien deze kwalificatie aan de hond wordt gegeven, hanteert de burgemeester het uitgangspunt dat een aanlijn- en muilkorfgebod wordt opgelegd.

  • 2. Aan het aanlijn- en muilkorfgebod wordt een dwangsom verbonden van € 1.000,- per overtreding met een maximum van € 5.000,- aan te verbeuren dwangsommen.

Artikel 4 Duur opgelegde maatregel

  • 1. Het aanlijn- en/of muilkorfgebod geldt zolang de hond in leven is.

  • 2. Op schriftelijk verzoek van de eigenaar of houder van de hond kan de opgelegde sanctie worden opgeheven, wanneer de eigenaar of houder van de hond door middel van een gedragstest als bedoeld in artikel 5 lid 3 aannemelijk heeft gemaakt dat de hond niet hinderlijk of gevaarlijk is.

Artikel 5 Overtreding aanlijn- en/of muilkorfgebod c.q. opleggen gedragstest

  • 1. Indien de eigenaar of houder van de hond het maximumbedrag aan dwangsommen heeft verbeurd, kan de burgemeester besluiten om de hond in beslag te nemen.

  • 2. Indien de eigenaar of houder van de hond de opgelegde maatregel overtreedt en de hond als gevolg hiervan een nieuw bijtincident veroorzaakt, kan de burgemeester ook besluiten om de hond in beslag te nemen.

  • 3. Indien de burgemeester over gaat tot inbeslagname van de hond als bedoeld in het eerste of tweede lid, wordt de hond onderworpen aan een gedragstest (risico-assessment). Dit risico-assessment dient altijd te worden afgenomen door het riskassessmentteam van de Universiteit Utrecht, dan wel een andere door de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied benoemde gedragskeurmeester, dan wel een andere erkende en door de gemeente goedgekeurde onderzoeker of faculteit.

  • 4. Indien uit het risico-assessment blijkt dat de hond enkel verantwoord kan worden teruggegeven onder bepaalde voorwaarden, dan kunnen voorwaarden aan de teruggave worden verbonden. De voorwaarden kunnen onder meer inhouden, het volgen van trainingen, castratie, aanlijnen en/of muilkorven en/of maatregelen op het erf om uitbreken van de hond te voorkomen. Indien de voorwaarden niet worden nageleefd, dan kan de burgemeester de hond wederom in beslag nemen.

  • 5. Indien uit het risico-assessment blijkt dat het niet verantwoord is om de hond terug te geven aan de houder en/of eigenaar, dan kan besloten worden de hond over te dragen aan een andere eigenaar.

  • 6. Indien uit het risico-assessment blijkt dat het niet verantwoord is om de hond terug te geven aan de houder en/of eigenaar, noch aan een andere eigenaar, dan kan besloten worden om de hond te laten euthanaseren door een daartoe bevoegde dierenarts.

  • 7. De kosten van vervoer, opvang/verblijf, (medische) verzorging, gedragstest, eventuele overige noodzakelijke kosten na inbeslagname en eventueel de kosten voor het laten inslapen komen volledig voor rekening van de eigenaar of houder van de hond en worden op hem/haar verhaald.

Artikel 6 Hardheidsclausule

De burgemeester kan, in gevallen waarbij toepassing van deze beleidsregels gelet op het te beschermen belang leidt tot onevenredige gevolgen voor belanghebbenden, afwijken van hetgeen in deze beleidsregels is bepaald.

Artikel 7 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. Dit besluit treedt in werking op de dag van bekendmaking op overheid.nl.

  • 2. Dit besluit wordt aangehaald als: ‘Beleidsregels bijtincidenten gemeente Wageningen 2026’.

Ondertekening