Beleidsregel hergebruik PFOA houdende grond en baggerspecie gemeente Molenlanden 2025

Geldend van 31-03-2026 t/m heden

Intitulé

Beleidsregel hergebruik PFOA houdende grond en baggerspecie gemeente Molenlanden 2025

Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente MOLENLANDEN;

gezien het voorstel inzake beleidsregel ‘hergebruik PFOA houdende grond en baggerspecie gemeente Molenlanden 2025’;

gelet op

  • artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

  • de artikelen 4.1273, 4.1275 en 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving;

  • artikel 5.11 [Afwijkende kwaliteitseisen toepassen grond of baggerspecie PFAS], artikel 8.2 [Toepassingsbereik graven in de bodem met een kwaliteit onder of gelijk aan de interventiewaarde bodemkwaliteit], 8.5 [Toepassingsbereik graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit], 9.5 [Maatwerkregel saneringsaanpak: terugsaneerwaarden lood en PFOA bij verwijdering van verontreiniging], 12.4 [Waarde toelaatbare kwaliteit van een bodemgevoelige locatie] van het omgevingsplan Molenlanden;

overwegende dat

  • in de regio Zuid-Holland Zuid een omvangrijke diffuse bodemverontreiniging met PFOA (PerFluorOctaanZuur) voorkomt met concentraties die aanzienlijk hoger zijn dan de landelijke achtergrondwaarde;

  • de grond en baggerspecie in deze regio vanwege deze hoge concentraties PFOA in relatie tot het Handelingskader PFAS 2021 voor een groot deel bij vrijkomen niet zou kunnen worden hergebruikt. Deze grond en baggerspecie moet vervolgens worden gestort of gereinigd, terwijl het doel van hergebruiken het zuinig gebruik van energie en grondstoffen en het doelmatig beheer van afvalstoffen is;

  • de wet een mogelijkheid biedt tot maatwerk om te voorkomen dat alle grond en baggerspecie met een hogere achtergrondwaarde dan de landelijke waarde moet worden gestort of worden gereinigd;

  • het daarom gewenst is beleidsregels vast te stellen die gebiedsspecifieke hergebruiksnormen (Lokale Maximale Waarden) bevatten voor het op de landbodem toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie;

  • de hergebruiksnormen in deze beleidsregels gebruikt zullen worden bij de beoordeling van (verzoeken tot) maatwerkvoorschriften van initiatiefnemers of geïnitieerd vanuit het bevoegd gezag;

  • gemeente Molenlanden te maken heeft met bodemdaling en daardoor grond importeert;

  • Molenlanden voor zowel lokaal als uit de regio toegepaste PFOA-houdende grond en baggerspecie maatwerk wil toepassen ten aanzien van landbouwgrond;

  • het maatwerk erop is gericht te voorkomen, dat bedoelde grond en baggerspecie, die vrijkomen in de gemeente afgevoerd of opgeslagen moeten worden en er voor zorgt, dat door het uit de regio op landbouwgrond toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie de ontvangende bodemkwaliteit verbetert;

  • Molenlanden wenst dat bij het toepassen van PFOA houdende grond of baggersspecie afkomstig uit haar gemeente is aangetoond, dat de gehalten op landbouwgrond toe te passen PFOA houdende grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangen bodem;

  • Molenlanden wenst dat bij de toepassing van grond of baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten en binnen zone B is aangetoond, dat de gehalten van de op landbouwgrond toe te passen grond of baggerspecie maximaal 50% is van de kwaliteitseis voor PFOA-houdende grond en baggerspecie afkomstig uit eigen gemeente, die geldt voor het gebruik landbouw/natuur.

B E S L U I T :

vast te stellen de navolgende Beleidsregels hergebruik PFOA houdende grond en baggerspecie gemeente Molenlanden 2025.

Hoofdstuk 1. Maatwerk bij toepassen PFOA-houdende grond en baggerspecie

Artikel 1. Begripsbepalingen

  • 1.

    Handelingskader PFAS 2021: "Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie (versie december 2021)" (https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/12/13/2021335279-1-geactualiseerde-versie-handelingskader-pfas)

  • 2.

    Achtergrondwaarde: Achtergrondwaarde zoals bedoelt in het Handelingskader PFAS 2021

  • 3.

    bovengrond: grond van 0 tot 50 cm onder het maaiveld

  • 4.

    zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie:

    afbeelding binnen de regeling

Artikel 2. Toepassingsbereik

  • 1.

    Dit hoofdstuk is een uitleg van de omgang met maatwerkvoorschriften in het kader van het toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie. De beleidsregels bevatten gebiedsspecifieke hergebruiksnormen (Lokale Maximale Waarden) voor het op de landbodem toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie. Deze hergebruiksnormen gelden alleen voor grond en baggerspecie afkomstig vanuit de regio Zuid-Holland Zuid. Voor grond en baggerspecie van buiten de regio Zuid-Holland Zuid gelden de normwaarden uit het landelijke "Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie" van december 2021.

  • 2.

    De regels in dit hoofdstuk gelden alleen voor zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond Zuid-Holland Zuid. De meest actuele versie van deze kaart is te vinden via de website [https://geo.ozhz.nl/?@Bodeminformatie].

  • 3.

    De regels in dit hoofdstuk gaan over het toepassen van grond en baggerspecie (paragraaf 4.124 van het Besluit activiteiten leefomgeving) waaronder naast toepassen van grond of baggerspecie ook valt het grootschalig toepassen en verspreiden van baggerspecie op een aangrenzend perceel, op landbouwgronden (tot 10 km afstand) of in een weilanddepot (artikel 4.1269, derde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving). De regels in dit hoofdstuk gaan over toepassingen op de landbodem en gaan niet over toepassing in oppervlaktewater of diepe plassen.

  • 4.

    De regels in dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op een locatie met een puntbron, zijnde grond of baggerspecie die wordt toegepast op een locatie waar de bodem al voor het toepassen diffuus sterk met de stof is verontreinigd, als bedoeld in de artikelen 4.1273, 4.1275 en 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

Artikel 3. Maatwerkvoorschrift voor milieubelastende activiteit toepassen PFOA-houdende grond en baggerspecie

Op basis van artikel 4.1273, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld voor een andere kwaliteitseis dan bedoeld in artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

  • a.

    de toe te passen grond of baggerspecie voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseis bedoeld in artikel 4.1272 van het Besluit activiteiten leefomgeving;

  • b.

    de toe te passen grond of baggerspecie afkomstig is uit en toegepast wordt binnen zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie;

  • c.

    de grond of baggerspecie niet wordt toegepast in een grondwaterbeschermingsgebied, moestuin, volkstuin, siertuin bij een woning, kinderspeelplaats, groenvoorziening nabij een school of andere vergelijkbare gevoelige locaties;

  • d.

    de toe te passen grond of baggerspecie is onderzocht met een partijkeuring, conform BRL 1000, SIKB protocol 1001;

  • e.

    bij toepassing van grond of baggerspecie afkomstig uit gemeente Molenlanden in de zones landbouw/natuur, wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Als definitie van 'gelijk of lagere gehalten’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • f.

    bij toepassing van grond of baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid in de zones landbouw/natuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie maximaal 0,005 mg/kg droge stof (standaardbodem)) bedraagt en gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • g.

    bij toepassing van grond of baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid in de zones wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Als definitie van 'gelijk of lagere gehalten’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • h.

    bij toepassing wordt voldaan aan de randvoorwaarden, bedoeld in artikel 4.22 van de Omgevingswet; en

  • i.

    de stof PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 3.1 die gelden voor de zone of locatie met een bepaald gebruik waar de grond of baggerspecie wordt toegepast.

Tabel 3.1: Maximale waarden (kwaliteitseisen) maatwerkvoorschrift zone B

Zone of gebruik

Stof

Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in mg/kg droge stof)

Landbouw/ natuur (grond/bagger afkomstig van buiten gemeente Molenlanden)

PFOA

0,005

Landbouw/ natuur (grond/bagger afkomstig uit gemeente Molenlanden)

PFOA

0,010

Woonwijken (overige groen in woonwijken, parken, sportcomplexen en vergelijkbare locaties)

PFOA

0,030

Industrie en infrastructuur

PFOA

0,060

Grondwaterbeschermingsgebieden, moestuinen, volkstuinen, siertuinen bij woningen, kinderspeelplaatsen, groen bij scholen en andere vergelijkbare gevoelige locaties

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Artikel 4. Maatwerkvoorschrift voor milieubelastende activiteit verspreiden van PFOA-houdende baggerspecie

Op basis van artikel 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld voor een andere kwaliteitseis dan bedoeld in artikel 4.1278 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het verspreiden van PFOA-houdende baggerspecie als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

  • a.

    de toe te passen baggerspecie voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseis bedoeld in artikel 4.1278 van het Besluit activiteiten leefomgeving;

  • b.

    de toe te passen baggerspecie afkomstig is uit en toegepast wordt binnen zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie;

  • c.

    de baggerspecie niet wordt toegepast in een grondwaterbeschermingsgebied, moestuin, volkstuin, siertuin bij een woning, kinderspeelplaats, groenvoorziening nabij een school of andere vergelijkbare gevoelige locaties;

  • d.

    de baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid niet wordt toegepast in de zones landbouw/natuur;

  • e.

    de toe te passen baggerspecie is onderzocht met een waterbodemonderzoek conform NEN5720, inclusief een vooronderzoek conform NEN5717;

  • f.

    bij toepassing van baggerspecie afkomstig uit gemeente Molenlanden in de zones landbouw/natuur, wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Als definitie van 'gelijk of lagere gehalten’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • g.

    bij toepassing van baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid in de zones wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Als definitie van 'gelijk of lagere gehalten’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan de concentraties in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • h.

    bij toepassing wordt voldaan aan de randvoorwaarden, bedoeld in artikel 4.22 van de Omgevingswet; en

  • i.

    voor de stof PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 4.1 die gelden voor de zone of locatie met een bepaald gebruik waar de grond of baggerspecie wordt toegepast.

Tabel 4.1: Maximale waarden (kwaliteitseisen) maatwerkvoorschrift zone B

Zones

Stof

Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in mg/kg droge stof)

Landbouw/ natuur (bagger afkomstig uit gemeente Molenlanden)

PFOA

0,010

Landbouw/ natuur (bagger afkomstig van buiten gemeente Molenlanden)

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Woonwijken (overige groen in woonwijken, parken, sportcomplexen en vergelijkbare locaties)

PFOA

0,030

Industrie en infrastructuur

PFOA

0,060

Grondwaterbeschermingsgebieden, moestuinen, volkstuinen, siertuinen bij woningen, kinderspeelplaatsen, groen bij scholen en andere vergelijkbare gevoelige locaties

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Artikel 5. Maatwerkvoorschrift voor milieubelastende activiteit grootschalig toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie

Op basis van artikel 4.1275 van het Besluit activiteiten leefomgeving kan een maatwerkvoorschrift worden gesteld voor een andere kwaliteitseis dan bedoeld in artikel 4.1274 van het Besluit activiteiten leefomgeving voor het grootschalig toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

  • a.

    de toe te passen grond of baggerspecie voor de andere stoffen voldoet aan de kwaliteitseis bedoeld in artikel 4.1274 van het Besluit activiteiten leefomgeving;

  • b.

    de toe te passen grond of baggerspecie afkomstig is uit en toegepast wordt binnen zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond en baggerspecie;

  • c.

    de grond of baggerspecie niet wordt toegepast in een grondwaterbeschermingsgebied, moestuin, volkstuin, siertuin bij een woning, kinderspeelplaats, groenvoorziening nabij een school of andere vergelijkbare gevoelige locaties;

  • d.

    de grond of baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid niet wordt toegepast in de zones landbouw/natuur;

  • e.

    de toe te passen grond of baggerspecie is onderzocht met een partijkeuring, conform BRL 1000, SIKB protocol 1001;

  • f.

    bij toepassing van grond of baggerspecie afkomstig uit gemeente Molenlanden in de zones landbouw/natuur, wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Als definitie van 'gelijk of lagere gehalten’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • g.

    bij toepassing van grond of baggerspecie afkomstig uit andere gemeenten in de regio Zuid-Holland Zuid in de zones wonen of industrie of bij toepassing in infrastructuur voor de stof PFOA in gehalten boven de maximale waarden behorende bij die functieklasse is aangetoond dat de gehalten van de toe te passen grond of baggerspecie gelijk of lager zijn dan van de ontvangende bodem. Als definitie van 'gelijk of lagere gehalten’ wordt gehanteerd dat de stof PFOA in de toe te passen grond niet mag voorkomen in concentraties hoger dan de concentraties in de ontvangende bodem. Hierbij is de laagste concentratie in de bovengrond van de ontvangende bodem maatgevend en hierbij wordt geen overschrijdingsmarge geaccepteerd. Hierbij dient de ontvangende bodem tenminste te zijn onderzocht met een verkennend bodemonderzoek (NEN5740);

  • h.

    het is toegestaan om de grootschalige toepassing te splitsen in twee of meer delen, waarvoor afzonderlijk aan lid e en f worden voldaan;

  • i.

    bij toepassing wordt voldaan aan de randvoorwaarden, bedoeld in artikel 4.22 van de Omgevingswet; en

  • j.

    voor de stof PFOA voldoet aan de kwaliteitseisen in tabel 5.1 die gelden voor de zone of locatie met een bepaald gebruik waar de grond of baggerspecie wordt toegepast.

Tabel 5.1: Maximale waarden (kwaliteitseisen) maatwerkvoorschrift zone B

Zones

Stof

Kwaliteitseisen (voor standaardbodem, uitgedrukt in mg/kg droge stof)

Landbouw/ natuur (grond/ bagger afkomstig uit gemeente Molenlanden)

PFOA

0,010

Landbouw/ natuur (grond/ bagger afkomstig van buiten gemeente Molenlanden)

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Woonwijken (overige groen in woonwijken, parken, sportcomplexen en vergelijkbare locaties)

PFOA

0,030

industrie

PFOA

0,060

Grondwaterbeschermingsgebieden, moestuinen, volkstuinen, siertuinen bij woningen, kinderspeelplaatsen, groen bij scholen en andere vergelijkbare gevoelige locaties

PFOA

Geen maatwerk mogelijk (landelijke en lokale normen gelden)

Hoofstuk 2. Slotbepaling

Artikel 5. Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking in het elektronisch publicatieblad van de gemeente.

Artikel 6. Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel hergebruik PFOA houdende grond en baggerspecie gemeente Molenlanden 2025.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de vergadering van 24 februari 2026.

Het college van Burgemeester en Wethouders

De loco-secretaris,

Arie Koppelaar

De burgemeester,

Theo Segers