Regeling vervalt per 01-01-2028

Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal

Geldend van 01-04-2026 t/m 31-12-2027

Intitulé

Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal

Het college van burgemeester en wethouders van Oldenzaal;

gelet op titel 4.2 subsidies van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 2 van de Algemene Subsidieverordening Oldenzaal 2025;

b e s l u i t :

vast te stellen de Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal;

Artikel 1 Doelstelling

Uit beleidskader sociaal domein:

We willen zelfredzaamheid, verbondenheid, veiligheid en gezondheid voor onze inwoners bereiken in Oldenzaal. Een vitaal verenigingsleven draagt hieraan bij.

Doel van deze subsidieregeling is verenigingen (sport en sociaal-cultureel) in Oldenzaal te versterken in hun (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid.

Deze eenmalige subsidie is bedoeld als een gerichte, eenmalige impuls om ruimte te bieden aan professionalisering, maatwerk en vernieuwende initiatieven zonder structurele lasten voor de begroting. Het is een subsidie om een bewust gekozen verandering te realiseren die de kosten van de vereniging verlaagt en/of de opbrengsten verhoogt. De subsidie is niet bedoeld ter compensatie van structurele exploitatietekorten.

Artikel 2 Begripsomschrijving

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • 1.

    College: het college van burgemeester en wethouders;

  • 2.

    Awb: De algemene wet bestuursrecht;

  • 3.

    Asv: Algemene subsidieverordening gemeente Oldenzaal 2025;

  • 4.

    Vereniging: een organisatie met leden die samen een maatschappelijk doel, zonder winstoogmerk willen bereiken. Het is een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid en statutair gevestigd in Oldenzaal. Diens activiteiten spelen zich af op het grondgebied van de gemeente Oldenzaal. Stichtingen met een verenigingskarakter, waarbij sprake is van leden en vrijwilligersstructuur, vallen ook onder deze definitie.

  • 5.

    Aanvraagtijdvak: een specifieke periode waarin een aanvraag voor subsidie kan worden ingediend. Buiten deze periode is het niet mogelijk om een aanvraag in te dienen;

  • 6.

    Subsidieplafond: het bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies.

Artikel 3 Reikwijdte

Tenzij in deze subsidieregeling anders is bepaald, gelden met betrekking tot subsidies de in de wet en in andere wettelijke voorschriften opgenomen bevoegdheden en verplichtingen.

Artikel 4 Subsidieplafond

Het subsidieplafond is in het totaal € 200.000 voor de jaren 2026 en 2027. Het subsidieplafond per tijdvak is € 100.000. Dit plafond geldt gezamenlijk voor categorie A en B. Subsidieaanvragen die het subsidieplafond overschrijden worden geweigerd. Eventuele niet gebruikte subsidie voor het eerste tijdvak schuift door naar het tweede tijdvak.

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

Met deze subsidie kunnen verenigingen een bijdrage aanvragen voor:

  • A.

    Investeringen met meerjarige afschrijving voor de lange termijn;

  • B.

    Kleinschalige projecten en activiteiten die gericht zijn op duurzame versterking van de vereniging.

De volgende voorbeelden zijn behulpzaam, maar niet limitatief. Er kunnen dus ook andere activiteiten onder de categorieën vallen. Hierna volgen enkele voorbeelden per categorie:

Ad A:

  • Energiebesparende maatregelen.

  • Investeringen die de efficiëntie verhogen (bijvoorbeeld aanschaf financieel systeem).

Ad B:

  • Nieuwe vormen van samenwerking met andere verenigingen ontwikkelen waardoor de kosten per vereniging omlaaggaan (bijvoorbeeld gezamenlijke aanschaf materialen).

  • (Gezamenlijk) activiteiten ontwikkelen om de zichtbaarheid van het verenigingsleven te vergroten en daarmee de doelgroep te bereiken.

  • Activiteiten ontwikkelen om sponsoren, leden en vrijwilligers te werven en te behouden.

  • De bestuurlijke kwaliteiten van de vereniging versterken en/of een strategie voor de vereniging ontwikkelen.

  • De behoeften van de huidige leden inventariseren en/of een positief verenigingsklimaat realiseren (om daarmee leden te behouden).

  • Multi inzetbaarheid van de accommodatie verbeteren.

Daarnaast wordt gelet op:

  • Samenwerking met lokale partners, een aanvraag kan ook vanuit meerdere verenigingen worden gedaan; en

  • Of het initiatief een kostenverlagend effect heeft voor meerdere verenigingen; en

  • Het beoogde effect aannemelijk en onderbouwd wordt.

Let op dat het een subsidie voor een eenmalige investering/activiteit is, dus het mag geen kosten in volgende jaren veroorzaken die de vereniging niet kan betalen.

U kunt voorafgaand aan de aanvraag contact opnemen met accountmanager sport of cultuur om te bespreken of uw idee onder deze regeling valt.

Artikel 6 Grondslagen

  • 1. De subsidie wordt verleend exclusief btw, voor zover deze door de aanvrager kan worden verrekend of teruggevraagd.

  • 2. Subsidiabele kosten zijn kosten die direct betrekking hebben op de totstandkoming van het project, de activiteit of uitvoering, hieronder vallen personele kosten, kosten van derden, aanschaf materialen en investeringen.

  • 3. Niet-subsidiabele kosten zijn onder andere reis- en verblijfkosten, geschenken, prijzen, representatiekosten en consumpties.

Artikel 7 Verdeling

  • 1. De hoogte van de subsidie wordt per aanvraag bepaald op basis van de activiteit en bijbehorende begroting. De subsidie betreft een aanvullende bijdrage in de kosten.

    • Categorie A

      Voor aanvragen die vallen onder categorie A is de subsidie 2/3 deel van de subsidiabele kosten met een maximum bedrag van € 15.000

    • Categorie B

      Voor aanvragen die vallen onder categorie B is de subsidie 2/3 deel van de subsidiabele kosten met een maximum bedrag van € 3.000;

    • Gezamenlijke aanvragen

      In afwijking van de maximale subsidiebedragen genoemd onder categorie A en B gelden bij een gezamenlijke aanvraag van twee of meer verenigingen de volgende maximale subsidiebedragen tot ten hoogste 2/3 deel van de subsidiabele kosten:

      • -

        Bij een gezamenlijke aanvraag van twee verenigingen: maximaal € 20.000 voor categorie A en maximaal € 7.000 voor categorie B;

      • -

        Bij een gezamenlijke aanvraag van drie of meer verenigingen: maximaal € 25.000 voor categorie A en maximaal € 10.000 voor categorie B.

  • 2. De binnengekomen aanvragen die voldoen aan de vereisten zoals beschreven in deze regeling en de algemene voorwaarden uit de ASV, worden inhoudelijk beoordeeld op basis van een puntensystematiek die is weergegeven in onderstaand overzicht.

  • 3. De beoordeling vindt plaats door of namens het college van B en W.

  • 4. Voor alle aanvragen geldt dat een minimumscore van 2 punten vereist is om voor subsidie in aanmerking te komen. Aanvragen die deze minimumscore niet behalen, worden afgewezen.

  • 5. De aanvragen die de minimumscore behalen, worden gerangschikt op basis van het totaal aantal punten. Subsidie wordt verleend in volgorde van deze rangschikking, totdat het subsidieplafond is bereikt.

  • 6. Als meerdere aanvragen een gelijk aantal punten behalen en toekenning van subsidie aan alle aanvragen niet mogelijk is vanwege het subsidieplafond, vindt rangschikking plaats op basis van het aantal punten dat behaald is bij de beoordelingscriteria met de hoogste wegingsfactor. Als ook daar een gelijk aantal punten wordt behaald, wordt gekeken naar het beoordelingscriterium met de op één na hoogste wegingsfactor.

Criterium

Per criterium kunnen maximaal 3 punten worden behaald.

Weging

Beoordeling

Punten

Omschrijving

Effect

De aanvrager onderbouwt helder hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan de doelstelling van de regeling.

40%

3

De aanvraag onderbouwt overtuigend hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid.

1

De aanvraag beschrijft hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt, aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid, maar de onderbouwing is beperkt.

0

De aanvraag onderbouwt onvoldoende of niet hoe de investering c.q. activiteit bijdraagt aan het versterken van de (financiële) veerkracht, vitaliteit en toekomstbestendigheid.

Samenwerking

Er wordt actief samengewerkt met andere organisaties en de investering c.q. activiteit heeft een kostenverlagend effect voor meerdere verenigingen.

20%

3

Uit de gezamenlijke aanvraag blijkt dat er sprake is van samenwerking en de inhoud ervan. En het is duidelijk dat er een kostenverlagend effect voor de verenigingen is.

1

Uit de gezamenlijke aanvraag blijkt dat er sprake is van samenwerking. Maar het is niet duidelijk dat er een kostenverlagend effect voor de verenigingen is.

0

Er wordt geen samenwerking opgezocht met andere verenigingen.

Begroting

De begroting (kosten inclusief dekking) is realistisch, het is duidelijk dat de aanvraag een bijdrage in de kosten betreft en niet-subsidiabele kosten zijn niet meegenomen in de begroting.

40%

3

De begroting is realistisch, het is duidelijk dat de aanvraag een bijdrage in de kosten betreft en niet-subsidiabele kosten zijn niet meegenomen in de begroting.

1

Uit de begroting blijkt deels dat het realistisch is, en/of het is niet duidelijk dat de aanvraag een bijdrage in de kosten betreft en/of niet-subsidiabele kosten zijn al dan niet zijn meegenomen in de begroting.

0

De begroting is niet realistisch, het is niet duidelijk dat de aanvraag een bijdrage in de kosten betreft en het is niet duidelijk of er al dan niet niet-subsidiabele kosten zijn meegenomen in de begroting.

Artikel 8 Weigeringsgronden

Een aanvraag kan door het college worden geweigerd als:

  • De aanvrager geen vereniging of stichting met verenigingskarakter (zie definitie) is;

  • De aanvragende vereniging niet financieel gezond. Dit blijkt uit een negatief eigen vermogen of structureel exploitatietekort, tenzij aannemelijk is gemaakt dat dit tijdelijk is;

  • De aanvrager al subsidie heeft ontvangen van de gemeente voor dezelfde activiteit en/of project;

  • De aanvrager al subsidie heeft ontvangen vanuit deze regeling. Per vereniging kan maximaal éénmaal subsidie op grond van deze regeling worden verleend;

  • De activiteiten ten tijde van de indiening van de aanvraag al geheel of gedeeltelijk zijn uitgevoerd;

  • De aanvraag in strijd is met vastgestelde gemeentelijke beleidskaders en doelen van de vereniging zelf;

  • De aanvraag onvolledig is;

  • De activiteiten die uitsluitend zien op reguliere exploitatie of achterstallig onderhoud zijn niet subsidiabel;

  • De aanvraag niet aansluit op artikel 1 en 5 van deze regeling.

Artikel 9 Aanvraag

  • Er zijn twee tijdvakken: het eerste tijdvak loopt van 1 april t/m 31 december 2026 en het tweede tijdvak van 1 januari t/m 31 december 2027.

  • De aanvraag voor het eerste tijdvak wordt ingediend tussen 1 april en 31 mei 2026 en voor het tweede tijdvak tussen 1 november 2026 en 31 december 2026.

  • Een aanvraag bestaat uit tenminste een volledig en correct ingevuld aanvraagformulier, een project- of activiteitenplan waarvoor de subsidie wordt aangevraagd en een begroting inclusief dekkingsplan.

  • Voor de aanvraag investeringen (categorie A) geldt dat:

    • o

      In de aanvraag de duurzaamheid van fysieke aanpassingen wordt beschreven;

    • o

      De afschrijving termijn in de begroting minimaal 10 jaar is;

    • o

      Bij de aanvraag moet minimaal 1 offerte worden overlegd.

    • o

      Bij de aanvraag een toestemmingsverklaring van (grond)eigenaar wordt gevoegd.

    • o

      Bij de aanvraag een jaarrekening van de vereniging van het laatste boekjaar wordt gevoegd.

  • Indien de aanvrager voor de eerste keer een subsidieaanvraag bij de gemeente indient, dan wordt een kopie van de statuten / inschrijving KvK bijgevoegd.

  • De aanvragen worden per tijdvak gelijktijdig behandeld, zodat een inhoudelijke afweging kan worden gemaakt tussen deze subsidieverzoeken. Hierbij wordt gelet in hoeverre de aanvraag compleet is en aansluit op artikel 1 en 5 van deze regeling.

  • Het subsidiebesluit wordt binnen 8 weken genomen.

Artikel 10 De subsidieverleningen en -vaststelling

Voor de verlening en vaststelling van de subsidiegelden gelden de regels van de ASV Oldenzaal 2025.

Artikel 11 Verplichtingen

  • De aanvrager moet voldoen aan de uitvoeringstermijn en prestatieafspraken zoals vastgelegd in de toekenningsbeschikking.

  • Start van het project is in principe binnen 3 maanden na subsidietoekenning. Bij gegronde redenen kan de aanvrager uitstel van deze termijn aanvragen.

  • Het project is voor 31 december 2027 afgerond. Bij gegronde redenen kan de aanvrager uitstel aanvragen.

  • Bij de uitvoering van de activiteit of project wordt vermeld dat het mede mogelijk is gemaakt door een bijdrage van de gemeente Oldenzaal.

Artikel 12 Afwijkingsmogelijkheid

  • Het college kan afwijken van een of meerdere bepalingen in deze subsidieregeling als deze voor de aanvrager gevolgen heeft die onevenredig zijn in verhouding tot diens belangen;

  • In gevallen waarin deze subsidieregeling niet voorziet, beslist het college.

Artikel 13 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking een dag na bekendmaking in het gemeenteblad 2026 en eindigt automatisch per 31 december 2027.

Artikel 14 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Innovatiefonds verenigingen Oldenzaal.

Ondertekening

Vastgesteld op 3 maart 2026.

Het college van burgemeester en wethouders

de secretaris

de burgemeester