Permanente link
Naar de actuele versie van de regeling
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759529
Naar de door u bekeken versie
https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR759529/1
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Ermelo 2026
Geldend van 27-03-2026 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2026
Intitulé
Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Ermelo 2026De raad van de gemeente Ermelo;
gelezen het voorstel van het Fractievoorzittersoverleg van 10 december 2025, nr. e250074395;
gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 98, 99 van de Gemeentewet en de artikelen 3.1.1, vijfde lid, 3.1.3, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, artikel 3.1.4a, eerste lid, 3.1.8, eerste lid 3.1.9, eerste lid, 3.3.2, 3.3.3, tweede lid, 3.4.1, eerste lid, en 3.4.2 en 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;
b e s l u i t :
besluit vast te stellen de volgende verordening: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Ermelo 2026.
Paragraaf 1. Algemene Bepalingen
Artikel 1 Definitiebepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
- a.
commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd.
- b.
commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet.
Paragraaf 2. Voorzieningen voor raads- en commissieleden
Artikel 2. Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie
-
1. Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van € 153,33 per maand.
-
2. Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers ontvangt een maandelijkse toelage van maximaal 100 procent van het bedrag genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid zolang de commissie actief is.
Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden voor reizen buiten de gemeente
-
1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raadslid of commissielid vergoed:
- a.
de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;
- b.
bij gebruik van een eigen auto het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten.
- a.
-
2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
-
3. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld.
-
4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
Artikel 4. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden
-
1. Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
-
2. Bij dit verzoek worden documenten (papier of digitaal) met de benodigde inhoudelijke informatie meegestuurd. Ook wordt een kostenspecificatie meegestuurd waaruit blijkt dat de prijs-kwaliteitverhouding van de desbetreffende scholing redelijk is, en dat de kosten ervan niet al op een andere basis kunnen worden betaald.
-
3. De maximale vergoeding van de scholing bedraagt:
- a.
€ 1.000,- per jaar per raadslid;
- b.
€ 1.000,- per jaar per commissielid.
- a.
-
4. De griffier beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden
-
1. Een raads- of commissielid krijgt ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen.
-
2. Voor de in bruikleen gegeven apparatuur gelden de gebruikersvoorwaarden van het gemeentepersoneel.
-
3. Een raads- of commissielid levert binnen twee weken na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van deze informatie- en communicatievoorzieningen is niet mogelijk.
Artikel 6. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
-
1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
-
2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Paragraaf 3. De procedure van betaling en declaratie
Artikel 7. Betaling vaste vergoedingen
De betaling van de vergoeding voor werkzaamheden en de onkostenvergoedingen geschiedt maandelijks, tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen.
Artikel 8. Betaling en declaratie van onkosten
-
1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
- a.
betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,
- b.
betaling vooruit uit eigen middelen of
- c.
betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard.
- a.
-
2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
-
3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier.
Paragraaf 4. Slotbepalingen
Artikel 9. Titel en inwerkingtreding
-
1. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden Ermelo 2026 en treedt in werking met terugwerkende kracht per 1 januari 2026.
-
2. De verordening rechtspositie raads- en commissieleden Ermelo 2024 wordt ingetrokken.
|
Besluit raad: Zonder stemming wordt het voorstel aangenomen. |
Ondertekening
Vastgesteld in de openbare vergadering
van 12 maart 2026
J.L. Vissers,
griffier,
P.J.T. van Daalen,
voorzitter,
Ziet u een fout in deze regeling?
Bent u van mening dat de inhoud niet juist is? Neem dan contact op met de organisatie die de regelgeving heeft gepubliceerd. Deze organisatie is namelijk zelf verantwoordelijk voor de inhoud van de regelgeving. De naam van de organisatie ziet u bovenaan de regelgeving. De contactgegevens van de organisatie kunt u hier opzoeken: organisaties.overheid.nl.
Werkt de website of een link niet goed? Stuur dan een e-mail naar regelgeving@overheid.nl